← OnderzoekenBrontekst
De heer Flach (SGP): Voorzitter. Een samenleving is gebaat bij eerlijkheid en vertrouwen. Daarbij heeft iedereen recht op een eerlijke behandeling door de overheid, met oog voor de mensen. "Rechtvaardigheid en barmhartigheid", zeggen we dan, met voluit bijbelse begrippen. De SGP neemt dat als uitgangspunt voor de Wet handhaving sociale zekerheid.
Maar hoe ga je daar dan mee om? We weten immers ook dat niet iedereen te vertrouwen is. Sterker nog, we voelen allemaal soms de neiging om zaken naar onszelf toe te rekenen. Dat vraagt dus om een realistisch handhavingsbeleid.
Fraude met toeslagen door veelal Bulgaarse personen vormde in 2013 de opmaat voor de toeslagenaffaire. We hebben gezien waar dat uiteindelijk toe heeft geleid: vele gedupeerden en in honderden gevallen raakten ouders zelfs hun kinderen kwijt. Vreselijk! Een keihard, restrictief beleid, zonder oog voor de menselijke maat, brengt mensen in doffe ellende.
Tegelijk hebben we in de nasleep van deze affaire ook gezien dat je kunt doorslaan naar de andere kant. Iedereen die zich slachtoffer noemde, kreeg €30.000. Dat was zeer terecht voor mensen die echt slachtoffer waren van de harde overheidsaanpak, maar niet eerlijk in het geval van mensen die maar zeer beperkt schade hadden geleden.
Dat doorslaan ligt ook op de loer als het gaat over de bredere handhaving op uitkeringen. Traumatische vrees voor herhaling van de toeslagenaffaire mag ons er niet van weerhouden om een rechtvaardig en barmhartig handhavingsbeleid te voeren. Zo informeerde het kabinet de Kamer recent opnieuw over vermoedens van grootschalige fraude door Bulgaren.
Voorzitter. De beoordelend ambtenaar heeft de belangrijke taak om af te wegen of er sprake is van fraude of vergissing. Op dit moment maakt onze wet geen onderscheid tussen fout of fraude. Dat is echt onwenselijk. Het is goed dat het wetsvoorstel daar iets aan wil doen. Vertrouwen vormt daarbij de kern. De handhavers krijgen meer mogelijkheden en ruimte om een eigen afweging te maken en de menselijke maat vorm te geven. Die insteek waardeert de SGP. Het is dan ook niet meer dan logisch dat bestuursorganen de mogelijkheid krijgen om af te zien van invordering of sancties als de overheid zelf fouten heeft gemaakt.
Wel hebben we nog een aantal vragen bij het wetsvoorstel.
Bij de voorbereiding van dit debat ben ook ik teruggegaan naar het rapport van de parlementaire enquêtecommissie Fraudebeleid en Dienstverlening. De minister heeft zo'n beetje over elk woord in dat rapport zelf meegedacht. Terecht werd er toen op gewezen dat een eenduidige definitie van fraude ontbreekt en dat de begrippen binnen het socialezekerheidsstelsel moeten worden geharmoniseerd. Vindt het toenmalige commissielid dat nog steeds een goed idee? Waarom is daar nu dan niet voor gekozen? Wil hij daarmee alsnog aan de slag gaan? Laat ik meteen een bredere vraag stellen: hoe zou commissielid Aartsen hebben gekeken naar dit wetsvoorstel van minister Aartsen?
Voorzitter. Deze wet staat of valt met de daadwerkelijke verandering in de handhavingspraktijk. Een wet aanpassen is één ding, maar daarmee is de uitvoeringspraktijk nog niet meteen anders. We hebben eerder bij de Belastingdienst gezien dat een bepaalde manier van handhaving ook in de cultuur van een overheidsorganisatie kan zitten. Welke uitdagingen en belemmeringen ziet het kabinet op dit punt? Alle gemeenten en andere overheidsorganisaties moeten hier invulling en uitvoering aan gaan geven. Hoe wil de minister de uniformiteit in de uitvoering gaan bevorderen? Graag een reflectie hierop.
Er komt een vergisrecht, maar ook dat wordt niet nader gedefinieerd en geconcretiseerd. Daarmee wordt het dus een open norm waardoor gemeenten en andere instanties daar zelf invulling aan moeten en zullen geven. Ziet de minister het risico hiervan en hoe wordt dat risico tegengegaan?
Voorzitter. Het maken van een foutje maakt je nog geen fraudeur met torenhoge boetes tot gevolg. Omgekeerd geldt ook dat wie bewust fraudeert, zich niet achter het excuus van een foutje kan verschuilen. We leven in de weerbarstige werkelijkheid dat fraude aan de orde van de dag is. Gisteren nog kwam naar buiten dat de SVB nabestaandenuitkeringen heeft betaald aan weduwen uit polygame huwelijken in Marokko en Tunesië. Het recht staat dat op dit moment kennelijk toe. Polygamie is in Nederland verboden, maar ondertussen keren we wel pensioenen uit aan weduwen van een polygaam huwelijk in het buitenland. Dat is de wereld op zijn kop. Hoe gaat de minister dit gat in de wet met spoed dichten?
Om de sociale zekerheid houdbaar en betaalbaar te houden, zullen we ook moeten kijken naar het weglekken van belastinggeld naar types waarvoor het niet bedoeld is. Naast een versoepeling zijn er dus aanscherpingen op onderdelen nodig. Dan denk ik ook aan de ongewenste export van allerlei uitkeringen en toeslagen naar andere EU-landen. Zo mag Nederland nog altijd niet het woonlandbeginsel toepassen op de kinderbijslag en het kindgebonden budget, terwijl dit voor andere uitkeringen wel geldt. Nederland zette jarenlang in op de aanpassing van deze situatie, zodat we op z'n minst de uitkeringen kunnen verlagen naar het niveau van het woonland. Tot op heden is dat zonder resultaat. Wat de SGP betreft zetten we dit opnieuw op de EU-agenda. Wil de minister zich hier sterk voor maken?
Daarnaast heb ik al herhaaldelijk een punt gemaakt van Oost-Europese arbeidsmigranten die hier seizoensarbeid doen en voor een bepaalde periode van het jaar terugkeren naar Polen, Roemenië of Bulgarije, om daar in de zomer van de zon en van WW te genieten. Ik kan dat niet uitleggen. Er loopt al een tijdlang een onderzoek, maar dat duurt wel erg lang. Tegen dit soort praktijken moet echt veel steviger en gerichter worden opgetreden, juist om draagvlak te houden voor ons sociale stelsel.
Dank u wel.
Versie 9af76e6e14ab5aaed4d3a34fc8902bb4c8b85477a833bb3d54fb37ea26da5347 · Officiële bron.
Eerdere bronversies
12 okt 2026 · 637cfd9e615a0ce4
12 okt 2026 · 633af82b321558ce
Context en discussie
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.