Vaststelling van de begrotingsstaten van het Ministerie van Justitie en Veiligheid (VI) voor het jaar 2025 (36600-VI)
Bron, video en gesprek →
Uitspraken in het geselecteerde debat
Open het volledige debat en de tijdlijn →De heer Emiel van Dijk (PVV): Voorzitter, dank u wel. De PVV is blij met deze begroting en met de middelen die zijn vrijgemaakt om de criminaliteit aan te pakken, om de veiligheid van Nederlanders te verbeteren en om het vertrouwen van burgers in de overheid terug te winnen. We lezen in de begroting dat het kabinet drie prioriteiten heeft waarop het zich middels deze begroting wil gaan focussen, onder andere het verbeteren van de weerbaarheid tegen allerhande dreigingen, geopolitiek, militair et cetera, het verbeteren van de aanpak van ondermijning en het vergroten van het vertrouwen in de rechtsstaat. Dit is een flinke opgave en zal geen sinecure blijken. Het is echter wel belangrijk dat hier snel werk van wordt gemaakt. De PVV is dan ook ongeduldig, want belangrijke voorstellen, zoals het verzwaren van de straffen voor ernstige misdrijven, waaronder terreur, laten wat ons betreft lang op zich wachten. Kan de minister aangeven wat de stand van zaken is op dit dossier? Het is erg belangrijk dat hier snel voortgang op wordt gemaakt. Het gezag staat de afgelopen tijd zwaar onder druk. Er is meer dan ooit de noodzaak om de orde in dit land te herstellen Voorstellen die laten zien dat het menens is, zijn dan ook hard nodig. Want het kan toch niet zo zijn dat je iemand tijdens het uitgaan de tanden uit de mond schopt en dat je er vervolgens met een taakstrafje vanaf komt, in plaats van met een stevige celstraf voor zware mishandeling? Dit is wat er momenteel wel in Nederland gebeurt. Dit heeft niet alleen te maken met een OM dat met te lage strafeisen komt, maar ook met rechters die vervolgens nog lagere straffen opleggen dan de eis van het OM. Om terug te komen op mijn vraag aan de minister: wanneer kunnen wij het wetsvoorstel voor zwaardere straffen tegemoetzien? In het verlengde daarvan zou ik graag een punt willen maken van de onwil en de weigering van het Openbaar Ministerie om zwaardere straffen te eisen bij geweld tegen hulpverleners, ondanks wat wij met elkaar in Nederland hebben afgesproken. Dit kan wat de PVV betreft echt niet. Ik hoor dan ook graag wat de minister hieraan gaat doen. Tot slot wat betreft de wetsvoorstellen is er nog een ander belangrijk punt waar de PVV graag snel voortgang op zou willen zien, namelijk het verhogen van maximumstraffen voor 14- tot 16-jarigen in het jeugdstrafrecht. Het moet van jongs af aan duidelijk zijn dat criminaliteit niet loont en dat je acties consequenties hebben — lik-op-stukbeleid in plaats van pappen en nathouden. Wanneer stuurt de minister dit voorstel naar de Kamer? Graag een antwoord. Buiten deze wetsvoorstellen is het ook belangrijk dat de uitvoering van opgelegde straffen niet meer verjaart. Het is niet alleen voor de geloofwaardigheid van ons strafrecht enorm belangrijk dat opgelegde straffen ook daadwerkelijk tot uitvoer wordt gebracht; ook voor de slachtoffers is het enorm belangrijk dat marginalen niet wegkomen met hun misdaden. Alle zojuist genoemde wetsvoorstellen sluiten perfect aan bij de prioriteit van het kabinet om het vertrouwen in de rechtsstaat te vergroten. Ik zou dan ook graag een uitgebreide reactie van de minister krijgen over hoe hij hier opvolging aan gaat geven. Dan de andere prioriteit van het kabinet: het verbeteren van de aanpak van ondermijning en daarmee ook de georganiseerde criminaliteit. Het is de PVV een doorn in het oog dat er momenteel nog steeds op grote schaal mensen worden gesmokkeld. Nederland is tegenwoordig het walhalla voor mensensmokkelaars. Het is zelfs zo erg dat het OM naar een nautische beurs gaat om daar ondernemers te vragen om niet honderden plastic bootjes zomaar aan Jan en alleman te verkopen. Dat initiatief is te prijzen, maar het is tegelijkertijd dweilen met de kraan open. We moeten mensensmokkel en mensenhandel bij de bron aanpakken. Die bron begint op de Middellandse Zee. Het kabinet stelt in de begroting dat ondermijnende criminaliteit een gevaar is voor onze samenleving en democratische rechtsstaat, en stelt daarbij letterlijk dat onze nationale veiligheid op het spel staat. De PVV onderschrijft deze constatering. We zijn dan ook tevreden om te lezen dat de regering in haar brede aanpak van ondermijnende criminaliteit ook internationale samenwerking tot speerpunt heeft verheven. In dat kader wil ik de minister graag vragen naar zijn voorgenomen reis naar Italië, waar hij ook het onderwerp mensensmokkel zal behandelen in het kader van ondermijnende criminaliteit. Er zijn namelijk verbanden tussen georganiseerde criminaliteit en mensenhandel en mensensmokkel. In dat kader zou de PVV graag van de minister horen hoe hij de internationale samenwerking met Italië voor de bestrijding van mensenhandel meent vorm te geven. Wat de PVV betreft moet de minister daarbij geen enkel middel schuwen en zou hij moeten beginnen met het aanpakken van de netwerken die mensensmokkel en mensenhandel faciliteren. Herkent de minister het beeld dat ngo's die proactief en vaak naar aanleiding van communicatie met mensenhandelaars, illegale migranten van mensensmokkelaars op de Middellandse Zee overnemen? Erkent de minister de constatering van de PVV dat deze ngo's hiermee fungeren als de laatste schakel in de mensensmokkelketen en zich daardoor schuldig maken aan mensenrechtenschendingen en wellicht zelfs indirect deelnemen aan de ondermijnende misdaad die dit kabinet zo graag wil aanpakken? Welke mogelijkheid ziet de minister om de smokkelboten van deze ngo's aan de ketting te leggen, de handlangers van de ngo's te vervolgen en de organisaties waar mogelijk te verbieden? Het kan toch niet zo zijn dat dergelijke organisaties onder de vlag van filantropie de belangrijkste schakel zijn in netwerken van georganiseerde mensenhandel en mensensmokkel? Dit zijn netwerken die zich vaak ook nog eens bezighouden met drugssmokkel, de financiering van terrorisme en de financiering van gewapende groeperingen die de meest verschrikkelijke mensenrechtenschendingen begaan. Kan de minister toezeggen dat hij de organisaties die zich schuldig maken aan het faciliteren van mensenhandel en mensensmokkel gaat vervolgen en waar mogelijk verbieden? De PVV overweegt een motie op dit punt. Wij zijn ook bereid om actief met de minister mee te denken. Zo zouden deze ngo's wat de PVV betreft kunnen worden bestempeld als 1%-ngo's, of outlaw non-governmental organisations, zodat er eenzelfde aanpak kan worden gevoerd als tegen de outlaw motorcycle gangs. Verschillende van deze motorbendes zijn inmiddels verboden. Het beleid heeft daarmee zijn vruchten afgeworpen. Het verbieden van deze ngo's, in samenwerking met Italiaanse partners, zou de netwerken van de internationaal georganiseerde misdaad een gigantische slag toebrengen. Daarnaast zou het de stroom van migranten die richting de EU komt zonder meer beperken. Twee vliegen in één klap. Is de minister bereid om deze route te verkennen? Voorzitter. Dan iets heel anders. Dit hangt samen met de prioriteit van de regering om het vertrouwen in de rechtsstaat te vergroten. Het kabinet schrijft in de begroting dat het van plan is om dit vertrouwen terug te winnen door eerlijk te zijn over haar eigen tekortkomingen en fouten en die te corrigeren. De PVV heeft dan ook met verbazing gekeken naar de Kamerbrief die de minister heeft gestuurd over een vrijwel niet-voorkomend fenomeen genaamd "intimidatie middels wettelijke middelen". De brief begint met de constatering dat agressie en intimidatie van lokale politieke ambtsdragers een probleem is volgens een artikel van RTV Utrecht. Vervolgens snijdt de brief een ander kopje aan, met de titel Nieuwe vorm van agressie en intimidatie. Dit is volgens de ministers een nieuw fenomeen waarbij politieke ambtsdragers en ambtenaren zouden worden geïntimideerd door misbruik te maken van wettelijke procedures. Hierbij valt te denken aan bijvoorbeeld het civielrechtelijk aansprakelijk stellen van een ambtenaar voor vermeende schade als gevolg van zijn of haar handelen, maar bijvoorbeeld ook het indienen van een uitgebreid Woo-verzoek. Vragen om transparantie of iemand aansprakelijk houden voor geleden schade wordt hiermee gewoon tot intimidatie bestempeld, om vervolgens, zonder gekheid, het volgende te concluderen. Ik citeer: "Want hoewel intimidatie door middel van het gebruik van wettelijke middelen vooralsnog weinig lijkt voor te komen, is er wel een reëel risico dat de ondermijnende impact hiervan op onze rechtsstaat groot zal zijn." Wat is dit voor een brief? Burgers die zich middels wettelijke middelen proberen te verweren tegen een steeds maar machtiger wordende overheid met steeds meer regels, en continu van het kastje naar de muur worden gestuurd, worden afgeschilderd als intimiderende criminelen en, aan het begin van de brief, zelfs gelijkgesteld aan personen die daadwerkelijk fysiek politici of ambtenaren aanvallen of bedreigen. Dit kan toch niet de bedoeling zijn? Voorzitter. Laat ik een aantal voorbeelden noemen om te illustreren dat dit een zeer onzalig plan is. Denk aan al die burgers in Groningen die tegen de Staat moeten procederen om hun gelijk te krijgen. Denk aan die burgers die gigantische schade hebben opgelopen in het toeslagenschandaal. Denk aan burgers die in de clinch liggen met gemeenten die weigeren verantwoordelijkheid te nemen door hen gemaakte fouten. Denk aan gemeenten die aanvragen tot bouwvergunningen eindeloos traineren en daarmee de woningcrisis onnodig lang in stand houden. En zo kan ik nog wel even doorgaan. Wat ik hiermee wil illustreren, door een aantal grote en bekende voorbeelden maar ook een aantal ogenschijnlijk kleinere voorbeelden, is dat burgers bijna geen poot hebben om op te staan, behalve een juridische verdediging van hun zaak. En dan nog staan ze tegenover een almachtige overheid met vaak anonieme ambtenaren die weigeren eigen fouten en/of onkunde toe te geven en als gevolg daarvan burgers duperen. Al die mensen die hiertegen juridisch in verweer komen, worden met deze brief afgeschilderd als criminelen die de ambtenarij bedreigen en intimideren. Dit kan echt niet. Kan de minister garanderen dat hij geen opvolging geeft aan dit proefballonnetje? De PVV denkt dat het hoog tijd wordt dat gemeenten en andere lokale overheden zich eens heel goed achter de oren krabben en zich de vraag stellen welk belang ze nu eigenlijk dienen. Het moet maar eens doordringen dat de overheid ervoor de burgers dient te zijn en niet andersom. Als het kabinet het echt menens is om vertrouwen in de rechtsstaat te herstellen, dan maakt het hier werk van en zorgt het dat gemeenten en andere lokale overheden de belangen van de burgers weer centraal stellen.
Bron, video en gesprek →De heer Emiel van Dijk (PVV): In principe zijn wij natuurlijk altijd bereid om overal goed naar te kijken, maar ik kan nu niet toezeggen dat wij met de financiële consequenties in gaan stemmen. Ik denk eerder dat je een oplossing moet vinden aan de andere kant van het probleem, namelijk bij de juridisering van het contact dat de overheid heeft met de burger. Als je ervoor zorgt dat de overheid weer wat dichter bij de burger komt te staan, door begrijpelijke taal, en zich niet vastklemt aan betuttelende regelgeving waar dat niet nodig is maar de menselijke maat terugbrengt in het contact van de burger, dan kun je heel veel zaken voorkomen en dan zal de sociaal advocatuur ook een stuk minder nodig zijn.
Bron, video en gesprek →De heer Emiel van Dijk (PVV): Ik vind het heel sympathiek, maar ik kan zoals gezegd geen toezeggingen doen over financiële consequenties of wat dan ook. Ik vind dat we in principe het probleem van de verjuridisering van het contact met de overheid moeten aanpakken om zo tot minder bezwaarprocedures, minder schrijnende gevallen en dergelijke te komen. Dan hebben we ook minder nood aan sociale advocatuur. Ik zou eerder daar de focus op leggen.
Bron, video en gesprek →De heer Emiel van Dijk (PVV): Ik was dus gebleven bij de brief van de minister over het fenomeen intimidatie middels wettelijke middelen, maar ik wil nu overgaan op de echte intimidatie van de lokale ambtenarij. Afgelopen weekend was op vele plekken in Nederland weer de intocht van Sinterklaas. Iets dat ooit een leuk kinderfeest was, is door grote groepen extremistische activisten op veel plaatsen verworden tot activistisch geschreeuw en het verheerlijken van geweld door losers van Kick Out Zwarte Piet. Intimidatie van gemeenten vindt als volgt plaats. Gemeenten geven een vergunning af voor de organisatie van een leuke sinterklaasintocht. Vervolgens krijgen ze van de boeven van Kick Out Zwarte Piet een brief met een verzoek om informatie over de goedgekeurde intocht en de vraag of daar zwarte pieten of roetveegpieten bij betrokken zullen zijn. Gemeenten dienen hierop te reageren en mochten er zwarte pieten of wat voor pieten dan ook bij zijn die Kick Out Zwarte Piet niet aanstaan, dan wordt er een demonstratie aangekondigd. Aangezien dit tuig geweld en de oproep hiertoe niet schuwt, worden veel gemeenten geïntimideerd, met als gevolg dat zij geen vergunningen meer durven afgeven voor het vieren van het authentieke Nederlandse sinterklaasfeest met Zwarte Piet. Dat is nu intimidatie via wettelijke middelen, maar daar las ik in de brief van zojuist dan weer niets over. Graag hoor ik van de minister wat hij eraan gaat doen om te voorkomen dat gewelddadige en intimiderende demonstraties tegen onze cultuur en samenleving niet worden toegestaan, helemaal niet daar waar ouders met kleine kinderen in een veilige uiting willen geven aan een gezellig Nederlands volksfeest. Afgelopen week zag ik een video van een journalist die van de politie op 5 meter afstand van de demonstranten moest blijven onder het mom van de-escalatie. Kan de minister aangeven wat in Nederland prevaleert: de vrije nieuwsgaring of het recht op demonstratie? En wat als die demonstranten agressief zijn en geweld gebruiken? Zou een demonstratie dan niet ontbonden moeten worden, in plaats van de agressie te belonen door andere personen en zelfs de pers weg te sturen? Want wie is er nu de baas in dit land, de politie of de agressievelingen van Kick Out Zwarte Piet? Dit is een mooi moment voor een interruptie, voorzitter.
Bron, video en gesprek →De heer Emiel van Dijk (PVV): Ik weet dat we de NPO niet moeten vertrouwen op alles wat ze de ether in slingeren — dat is een feit — maar ik heb gezien dat een journalist van NPO-kanaal 3 op afstand werd gehouden door politieagenten en vervolgens van een agent met een hogere rang toestemming kreeg om toch wat vragen te stellen aan de demonstranten, zo van: waarom staan jullie hier? In niet mis te verstane woorden werd hem op een agressieve toon in het Engels duidelijk gemaakt — ik ga hem hier niet quoten — dat hij hier niet welkom was. Daarbij is duw- en trekwerk aan te pas gekomen. Ik vind dat absoluut niet kunnen. Ik wil dan ook graag een reactie van de minister op dit punt.
Bron, video en gesprek →De heer Emiel van Dijk (PVV): Dat is vragen naar de bekende weg. Je mag niet met eieren naar andere mensen gooien. Dat moet je gewoon niet doen, klaar. Dat is heel simpel.
Bron, video en gesprek →De heer Emiel van Dijk (PVV): Tot slot heb ik nog een heel belangrijke vraag aan staatssecretaris Coenradie naar aanleiding van mijn aangenomen motie over meer speurhonden bij de gevangenissen. Kan de staatssecretaris aangeven hoe zij uitvoering aan de motie geeft en wanneer wij hierover een eerste brief kunnen verwachten? Dank u wel, voorzitter.
Bron, video en gesprek →De heer Emiel van Dijk (PVV): Ik zou u graag een antwoord willen geven, maar dat valt echt binnen de portefeuille van de heer Claassen en niet bij mij, helaas.
Bron, video en gesprek →De heer Emiel van Dijk (PVV): Nee, dat is de heer Aardema.
Bron, video en gesprek →De heer Emiel van Dijk (PVV): Ik moet u dat antwoord verschuldigd blijven.
Bron, video en gesprek →De heer Emiel van Dijk (PVV): Dat is een keuze die ik heb gemaakt. Ik ben hier niet te beroerd om te zeggen wat wij vinden van het gooien met eieren. Dat moet je gewoon niet doen. Dat is heel simpel. Dat behoeft eigenlijk ook geen uitleg. Ik snap dus ook niet waarom je dat expliciet zou moeten aangeven. Wij zijn tegen geweld bij demonstraties en wij zijn tegen het gooien van dingen naar mensen, naar demonstranten. Of het nou feestvierders of demonstranten zijn, je moet gewoon respect voor elkaar hebben en dus niet met dingen gaan gooien. Het spreekt dus voor zich dat wij daartegen zijn. Dat hoef ik hier niet te expliciteren.
Bron, video en gesprek →De heer Emiel van Dijk (PVV): Ik weet niet of kinderen met Zwarte Piet gepest worden. Volgens mij is Zwarte Piet een hele leuke kindervriend en staan alle kleine kinderen juist weer te popelen op het moment dat hij weer in het land is met cadeautjes. Ik zie hier het probleem dus niet van in.
Bron, video en gesprek →De heer Emiel van Dijk (PVV): Ik ga over mijn eigen antwoorden. Of ik u wel of niet beantwoord en of ik wel of niet met mijn fractie overleg, bepaal ik lekker zelf. In principe zijn wij tegen softdrugs. Maar voor het experiment van de gesloten coffeeshopketen moet u echt bij de heer Claassen zijn en niet bij mij.
Bron, video en gesprek →De heer Emiel van Dijk (PVV): Nee, helemaal niet. Ik denk dat er een reden is waarom mijn collega nog geen antwoord heeft gegeven aan de heer Sneller. Dat standpunt is er misschien nog niet; dat weet ik niet. Ja, u kunt wel heel gek lopen gebaren, maar het ligt niet bij mij als woordvoerder Justitie. Het ligt bij mijn collega. Ik ben er niet van op de hoogte wat de laatste ontwikkelingen zijn met betrekking tot het voorstel, maar als dat amendement van de heer Van Dijk van de SGP er ligt en dat wordt ingediend, gaan we daar serieus naar kijken, net als bij elk ander voorstel. Daar zult u het mee moeten doen. Dan komt dat vanzelf langs de fractie en dan gaan wij bepalen wat ons standpunt daarover is. Zo simpel is het. Dank u wel, voorzitter.
Bron, video en gesprek →De heer Emiel van Dijk (PVV): Voorzitter, zou u erop kunnen toezien dat er niet een debat gevoerd wordt dat gisteren aangevraagd is en dat vandaag niet als onderwerp op de agenda staat? Dit zijn allemaal zaken die niet aan de orde van de dag zijn. Ik vind het allemaal prima dat er over allerlei zaken gesproken wordt, maar laten we ons wel beperken tot de inhoud van de agenda. Ik zou ook willen dat er niet allemaal sneren worden gegeven, terwijl ik niet achter het spreekgestoelte sta en me dus niet kan verdedigen.
Bron, video en gesprek →