Ontwerp-Nota Ruimte
Bron, video en gesprek →Uitspraken in het geselecteerde debat
Open het volledige debat en de tijdlijn →Mevrouw Steen (CDA): Voorzitter, dank u wel. Ook namens het CDA felicitaties aan deze minister met het eerste debat en met de mooie portefeuille, waar ze zeker van betekenis kan zijn de komende jaren. Voorzitter. In weinig landen is de ruimtelijke ordening zo zichtbaar als bij ons. Als je Nederland van boven bekijkt, dan zie je dat elke vierkante meter een bestemming heeft gekregen. De Nota Ruimte is daarom geen technisch document, maar vooral een verhaal: een verhaal over hoe wij samen willen leven in een land waar ruimte schaars is. Schaarste dwingt tot keuzes. We hebben gezien wat er gebeurt als die keuzes te veel op hun beloop worden gelaten: dan loopt de woningbouw vast, ontstaat er netcongestie en schuurt landbouw met natuur. Het is goed dat het Rijk met deze Nota Ruimte weer richting probeert te geven. Dat is ook nodig. Richting geven betekent echter ook duidelijk zijn over prioriteiten, over wat we willen versterken en over wat misschien niet meer overal kan. Voor het CDA gaat het daarbij steeds om dezelfde vraag: hoe zorgen we dat Nederland economisch sterk blijft, dat regio's vitaal zijn, dat gemeenschappen kunnen groeien en dat we tegelijkertijd zorgvuldig omgaan met landschap, landbouw en water? De VISTA-strategie is daar bijvoorbeeld een goede aanzet voor. Ook het aanwijzen van nieuwe verstedelijkingsgebieden is daar een mooi voorbeeld van. Het CDA vindt dat er naast die ambities nog wel wat meer richting nodig is om ook echt de regie op de ruimte te kunnen nemen. Voorzitter. U kent het CDA als de partij van het wijkje erbij. Dat is realistisch, het levert concreet woningen op en het versterkt gemeenschappen. We moeten dan wel inzicht hebben in de stand van zaken, en niet alleen in de grootste steden. Juist in kleinere en middelgrote gemeenten is het namelijk belangrijk dat die gemeenschappen versterkt worden met wijkjes erbij. Een wijkje erbij zorgt er namelijk vaak ook voor dat voorzieningen worden behouden. Is de minister bereid om samen met gemeenten, en per gemeente, in kaart te brengen wat de stand van zaken is van het wijkje erbij? En kan zij daarbij gelijk inventariseren welke knelpunten en obstakels er in elke gemeente spelen? Procedures verstikken daarnaast projecten. Het Didam-arrest beoogde gelijke kansen, maar leidt in de praktijk tot vertraging en juridische complexiteit. Los daarvan ervaren veel gemeenten dat zij door het Didam-arrest kansen mislopen voor het versterken van hun gemeenschap. Dat kan niet zo bedoeld zijn. Mijn vraag aan de minister is daarom of zij bereid is om binnen de geest van het coalitieakkoord fundamenteel te kijken hoe blokkades en knelpunten, die maatschappelijke initiatieven blokkeren, kunnen worden weggenomen.
Bron, video en gesprek →Mevrouw Steen (CDA): Zeker. De obstakels zijn niet altijd alleen juridisch; die kunnen ook zeker bestuurlijk zijn. Regie pakken gaat er soms ook over dat je als Rijk door durft te pakken wanneer het niet gaat zoals het moet. Meneer Grinwis vindt het CDA dus aan zijn zijde.
Bron, video en gesprek →Mevrouw Steen (CDA): Jazeker. Eigenlijk is dit hetzelfde antwoord als wat ik net aan de heer Grinwis gaf. Er zijn niet alleen juridische obstakels, maar soms ook bestuurlijke. Ik ben ervoor om, daar waar dat kan, vooral ruimte te geven aan de lagere overheden. Ik denk namelijk echt dat lagere overheden beter weten wat er speelt en wat er moet gebeuren. Als het echter niet gebeurt en we daarmee zo'n groot belang als volkshuisvesting uit het oog verliezen, dan is daar ander instrumentarium voor nodig. Volgens mij gaat het gesprek over samenwerken op dat punt. Het gaat over het feit dat dat kan, maar ook over de vraag waar het Rijk zelf regie moet nemen. Dat zijn we volgens mij met elkaar aan het doen.
Bron, video en gesprek →Mevrouw Steen (CDA): Ik ga verder met wonen en bereikbaarheid. Die thema's moeten hand in hand gaan. Als we woningbouw willen versnellen, dan moeten zeker de grote woningbouwlocaties bereikbaar zijn. Kan de minister toezeggen dat bij de ontwikkeling ook de financiën voor infra en bereikbaarheid worden samengenomen, zodat we voorkomen dat steden dichtslibben en we wel woningbouw faciliteren, maar niet de bereikbaarheid? Voorzitter. Als we onderdak bouwen op plekken waar we over 30 jaar structurele problemen krijgen door bodemdaling, wateroverlast of verzilting, dan versnellen we misschien wel vandaag de woningbouw, maar creëren we een nieuwe crisis voor morgen. Water en bodem zijn dus cruciaal en het CDA verwacht daarin toekomstgericht beleid. Eind dit jaar komt er een nieuw deltaplan. Hoe sluiten de keuzes in de Nota Ruimte daar eigenlijk op aan? Wat betekent dit voor de verstedelijking, voor de landbouw en voor de economische clusters? Voorzitter, over economie gesproken. Ik mis eigenlijk de economische onderlegger onder deze Nota Ruimte. Als we in lijn met het Draghirapport en de analyse van Wennink inzetten op vier strategische sterktes, dan hoort daar een ruimtelijke strategie bij waarin we ook kiezen voor economische clusters, dicht bij onderwijsinstellingen en bij research and development. Als we dat doen, kunnen we doelgericht innoveren waar dat nodig is. Dan kunnen regio's ontwikkelen waar ze goed in zijn en doen we recht aan "elke regio telt". Zo voorkomen we ook dat andere sectoren ruimte opslokken en dat onze strategische industrie op een onlogische plek komt te zitten of zelfs helemaal geen plek heeft. Kan de minister aangeven hoe die economische visie concreet wordt verankerd in de Nota Ruimte? Voorzitter. Een gemeenschap bestaat niet alleen maar uit woningen. In veel dorpen en middelgrote steden loopt ook het lokale mkb vast. Familiebedrijven willen uitbreiden maar kunnen nergens terecht, plattelandsgemeenten, onder andere in Zuid-Holland, trokken er al eerder over aan de bel. Koester lokaal gewortelde bedrijven en geef ze ruimte. Moeten we naast een straatje of een wijkje erbij ook niet eens nadenken over een ondernemerspleintje erbij? Hoe krijgt dat plek in de Nota Ruimte? Is de minister bereid om samen met de minister van Economische Zaken de Kamer te informeren hoe we via ruimtelijke ordening meer regie kunnen voeren op het behoud en de versterking van het lokale mkb? Voorzitter. Ik maak me …
Bron, video en gesprek →Mevrouw Steen (CDA): Ik ga daar een misschien heel politiek antwoord op geven. Volgens mij zijn we al te lang bezig met aantallen, terwijl het er juist om gaat de economie te centreren daar waar dat nodig is. Als dat betekent dat we er netto niet op achteruitgaan of erop vooruit moeten gaan, dan is dat zo, maar het gaat mij erom dat we een slimme visie bedenken op wat we waar moeten hebben. Daar begint het mee. Vervolgens komen daar vierkante meters bij. Het kan dus zomaar zijn dat de heer De Groot gelijk heeft, maar ik weet niet of we het op voorhand al zouden moeten zeggen.
Bron, video en gesprek →Mevrouw Steen (CDA): Dit betoog van de heer De Groot onderstreept precies waarom er in deze Nota Ruimte een brede afweging gemaakt moet worden tussen alle belangen die in die ruimte spelen. Economie is daar een heel belangrijk belang van, maar dat geldt ook voor woningbouw en dat geldt ook voor landbouw. Juist deze Nota Ruimte is de plek waar we deze brede afweging moeten maken.
Bron, video en gesprek →Mevrouw Steen (CDA): Voorzitter. Ik maak me zorgen over wat er in deze Nota Ruimte over landbouw staat, of eigenlijk over wat er niet in staat. Het CDA mist concrete keuzes en daarin staan we niet alleen, zo hebben we al gehoord. Het CDA ziet landbouw als een cruciaal onderdeel van de fysieke leefomgeving. Er moet aandacht zijn voor de ontwikkeling van een toekomstbestendige landbouw met een taak in natuurbehoud, de leefbaarheid van het platteland en het economisch klimaat van het landelijk gebied. Anders hebben we onvoldoende ruimte om die meerwaarde te benutten en wordt landbouw een sluitpost. Dat moeten we voorkomen. Kan de minister concreet aangeven hoe landbouw in de Nota Ruimte juridisch en planologisch wordt verankerd, zodat landbouwgrond niet alleen bestuurlijk maar ook normerend wordt meegenomen bij de keuzes over woningbouw, infrastructuur en economie? Welke ruimtelijke ontwikkelrichting ziet de minister voor 2050 en hoe vertaalt zij die concreet in de Nota Ruimte? Kan de minister toezeggen dat in de Nota Ruimte wordt beschreven waar de landbouw de ruimte krijgt om zich door te ontwikkelen in plaats van dat de landbouw moet inleveren voor andere ruimtelijke opgaven? Voorzitter. Ik mis ook de integrale strategie voor hoe landbouw en natuur kunnen samenwerken en elkaar kunnen laten groeien. Het CDA ziet kansen, bijvoorbeeld in de vorm van agrarisch natuurbeheer waar ze eigenlijk hartstikke goed in zijn. Kan de minister aangeven hoe de Nota Ruimte concreet bijdraagt aan een structurele samenwerking tussen landbouw en natuur, in plaats van deze functies ruimtelijk te scheiden? Daarnaast mist er ook een concretiseringsslag in het instrumentarium. Is de minister bereid om in de uitvoeringsagenda concrete instrumenten op te nemen voor de gemeente, de provincie én het Rijk, zodat samenwerking niet vrijblijvend blijft? Voorzitter. Medeoverheden geven terecht aan dat zij betrokken moeten worden bij de uitvoering. We hoorden ook dat ze liever beter betrokken hadden willen zijn bij het concept dat nu voorligt. Hoe gaat de minister borgen dat de nota ook een goede uitvoeringsagenda gaat krijgen en hoe betrekt zij medeoverheden daarbij? Ik doe hier ook een oproep aan de provincies en de regio's zelf om te vertellen wat hun propositie is, hun bijdrage aan de grote uitdagingen waar Nederland voor staat. Want op die manier wordt het ook iets wederkerigs en komt elke regio tot haar recht. Voorzitter. Deze Nota Ruimte is een noodzakelijke stap. Ruimte is schaars en juist daarom moeten keuzes helder, eerlijk en toekomstgericht zijn. Ik wens deze minister veel wijsheid bij het doorontwikkelen van deze Nota Ruimte.
Bron, video en gesprek →Mevrouw Steen (CDA): Eens met collega De Groot.
Bron, video en gesprek →Mevrouw Steen (CDA): Ik spaar 'm even op, want hij lag wel heel dicht bij de vraag van collega Zalinyan.
Bron, video en gesprek →Mevrouw Steen (CDA): Ik wil hier toch even op doorgaan. Ik heb inderdaad de vraag gesteld hoe we er nou voor kunnen zorgen dat woningbouw en bereikbaarheid hand in hand kunnen gaan, nog los van de nieuwe woningbouwlocaties. Inderdaad, die 7 miljard ligt er natuurlijk ook. De achtergrond van mijn vraag was eigenlijk het feit dat we hebben gezien dat er bijvoorbeeld rondom de nieuwe woningbouw- en verstedelijkingslocaties op een gegeven moment wel een gebiedsbudget was, maar dat vanuit het Mobiliteitsfonds in één keer het geld voor bereikbaarheid was verdwenen. Dat potje was gewoon leeg. Dan zie je dus dat er aan de ene kant wel huizen kunnen worden gebouwd, maar aan de andere kant de bereikbaarheid daaronder leed. Ik hoorde u zeggen: ik ga het samen met de minister van IenW concretiseren. Mijn zorg ligt daar nu juist. Als dat bij twee verschillende ministeries ligt, dan blijven we natuurlijk uiteindelijk de kans houden dat het ene budget wel wordt toegekend en het andere niet.
Bron, video en gesprek →Mevrouw Steen (CDA): Mijn vraag is: kunt u daar als coördinerend minister een sterke regisserende rol in pakken, zodat we ervoor kunnen zorgen dat die budgetten, die eigenlijk bedoeld zijn om in dat brede pakket samen te bundelen, op elkaar blijven worden afgestemd?
Bron, video en gesprek →Mevrouw Steen (CDA): Ik denk dat niemand dat nu wil en dat ook niemand in het verleden dat heeft gewild, maar het is toch gebeurd op drie verschillende plekken in het land, nog niet eens zo heel erg lang geleden; laat ik het zo maar zeggen. Ik dring er dus wel echt op aan ervoor te zorgen dat die budgetten op een goede manier worden samengebundeld en dat jullie samen optrekken. Misschien kunt u er ook over rapporteren aan de Kamer hoe u dat gaat doen.
Bron, video en gesprek →Mevrouw Steen (CDA): Ik wil nog even door op het straatje en het wijkje erbij. Ik heb daar een vraag over gesteld en ik hoor de minister daar dan over zeggen: "We hebben de woondeals en daar hebben we het met elkaar daarover. Als er obstakels zijn, leggen we dat op de versnellingstafel." De aard van mijn vraag was … Kijk, het is belangrijk, hè. Die grootschalige woonlocaties moeten we doen, want die zijn superbelangrijk. Maar ik hoorde de minister ook zeggen: "Maar het is ook belangrijk dat we het kleinschalige bekijken." En juist daar ligt, denk ik, ook een belangrijk sturingsinstrument als het gaat over voorzieningen, leefbaarheid en dat "thuis", waar de minister zelf ook zo aan hecht. Het CDA hecht daar ook aan en daarom heeft het CDA ook nood aan inzicht daarin. Hoe staat het daarmee? Wat is de impact op de voorzieningen? Kan de minister toezeggen dat zij daarover aan de Kamer zal rapporteren, zodat we niet alleen maar die grootschalige en de aantallen krijgen, maar ook inzicht in de hoeveelheid straatjes en wijkjes erbij? Welke obstakels zijn er? Ik vraag dat, want in antwoord op de heer Grinwis zei de minister …
Bron, video en gesprek →Mevrouw Steen (CDA): ... dat de ene kern de andere kern niet is. Bij de ene kern is een extra stap nodig en bij de andere niet. Ik heb behoefte aan inzicht daarin, zodat we ook kunnen helpen sturen aan de voorkant. Kan de minister toezeggen dat zij dat de Kamer zal doen toekomen?
Bron, video en gesprek →