Raad Buitenlandse Zaken d.d. 17 maart 2025
Bron, video en gesprek →Bijdragen bij de geselecteerde bron
Open de volledige bron →De heer Olger van Dijk (NSC): Ik heb collega Dobbe zo begrepen dat het haar vooral ging om de discussie over de afschrikking en het risico op een nucleaire wapenwedloop. Nou hadden wij hier gisteren een interessant rondetafelgesprek. Daar is ook aan de orde geweest wat het zou kunnen betekenen voor de nucleaire afschrikking als Europa meer op eigen benen zou moeten staan. Het ging onder andere over wel of geen tactische wapens, maar er werd ook een alternatief geschetst. Als wij niet bereid zijn om voor de nucleaire afschrikking te kiezen en die op te bouwen als Europa, dan zou je afschrikking moeten realiseren met conventionele wapens. Is de SP wel bereid om daar goed naar te kijken?
Bron, video en gesprek →De heer Olger van Dijk (NSC): Oké, maar als de balans duidelijk uit het lood is — en dat is het geval als je kijkt naar het nucleaire arsenaal van Europa versus dat van Rusland — dan zou je toch op zijn minst wel die balans moeten herstellen om als Europa een geloofwaardige afschrikking te kunnen bieden.
Bron, video en gesprek →De heer Olger van Dijk (NSC): En de buurman.
Bron, video en gesprek →De heer Olger van Dijk (NSC): Voorzitter, dank u wel. Ik vervang vandaag collega Kahraman, omdat hij in Rome zit om met parlementariërs uit heel Europa over de toekomst van Wit-Rusland te spreken. Ik voel me hier eigenlijk best wel thuis, ook door uw goede voorzitterschap, voorzitter, maar ook door mijn beide buren met verschillende inzichten. Het is een boeiende commissie. Vanuit NSC hebben we het gisteravond natuurlijk ook uitgebreid gehad over onze positie in het Oekraïnedebat. Dat ga ik niet herhalen. Ik beperk mij vandaag tot de situatie in Syrië en Israël-Gaza.
Bron, video en gesprek →De heer Olger van Dijk (NSC): Met alle liefde zet ik de positie van NSC nog een keer uiteen. Wij zijn voor het onverminderd steunen van Oekraïne — dat weet u — ook militair en financieel. Daarom hebben we het voorstel van mevrouw Yeşilgöz voor die 3,5 miljard ook van harte gesteund. Wat betreft het voorstel van Von der Leyen — dat hebben we vanochtend in een stemverklaring ook duidelijk naar voren gebracht — hebben wij grote moeite met het aangaan van schulden, ook gezamenlijk op basis van de begroting van Europa. Dat is een nieuwe stap. Dat is echt iets nieuws. Daar zijn wij niet voor. Dat is een belangrijk element van dit plan van Von der Leyen. Dat wil niet zeggen dat wij dat hele plan niet nuttig vinden. Wij vinden de mogelijkheid om geld van bijvoorbeeld cohesiefondsen richting defensie, richting veiligheid te schuiven best een goede stap. In die zin biedt dat wel degelijk ruimte om elementen van dat plan in bespreking te brengen. Maar een kern van dit plan is toch die stap die wordt gezet, die brug die wordt overgegaan. Dat ondersteunen wij als NSC niet. Daarom hebben we ook tegen dat plan gestemd.
Bron, video en gesprek →De heer Olger van Dijk (NSC): Dat doen wij niet. Volgens mij is het door de Kamer ook goed ontvangen dat die stap is gezet. Gelukkig is dat ook breed gesteund in de Kamer bij de stemming vanochtend. Door dit te doen is er de mogelijkheid op de begroting om eventueel geld naar voren te halen. Volgens mij biedt het, nu we dit besluit hebben genomen, alle ruimte — dat heeft de minister-president gisteravond ook toegelicht — om als dat nodig is wel degelijk eerder met extra middelen over de brug te komen. NSC heeft er alle vertrouwen in dat we hierin de stap kunnen zetten en dat we kunnen doen wat nodig is om Oekraïne te steunen.
Bron, video en gesprek →De heer Olger van Dijk (NSC): Volgens mij is er al een belangrijke stap gezet en is dat gisteren ook naar buiten gebracht. Vorig jaar was daarmee begonnen door ook extra te investeren in drones. Er is naar buiten gebracht dat daar extra middelen voor beschikbaar worden gesteld. Er staan middelen op de begroting. Het is aan dit kabinet om te zien wat nodig is en datgene daar ook voor aan te wenden. Er is nu extra ruimte gecreëerd op de begroting. Wij hebben er alle vertrouwen in dat het kabinet die daar waar het nodig is op een goede manier weet aan te wenden.
Bron, video en gesprek →De heer Olger van Dijk (NSC): Ik constateer dat het kabinet wel degelijk een stap heeft kunnen zetten. Eind vorig jaar is er gezegd dat er voor 400 miljoen wordt geïnvesteerd in die drones en gisteren was het bericht dat het over 700 miljoen gaat. Dat is echt wel een substantieel forser bedrag dat van belang is voor die drones, want die doen echt wat in Oekraïne. Dat hebben de collega's ook uit eigen ervaringen mooi naar voren gebracht. Daar waar het de houding van andere partijen betreft, zou u hen daarop moeten bevragen. Helaas zijn ze er vandaag niet. Ik deel met u dat het lastig is om ze daarop te bevragen, maar daar gaan zij over. Ik zie dat het kabinet de ruimte heeft, en vanochtend ook meer ruimte heeft gekregen bij de stemmingen, om te doen wat nu nodig is voor Oekraïne. Daar zijn wij als NSC erg blij mee.
Bron, video en gesprek →De heer Olger van Dijk (NSC): Wij hebben er als NSC alle vertrouwen in dat de handtekeningen onder het hoofdlijnenakkoord, ook die van de collega's van BBB en PVV, gewoon staan. Daarin is gewoon ontzettend duidelijk afgesproken dat we Oekraïne onverminderd financieel, politiek, moreel en humanitair blijven steunen. Daar zullen we ze aan houden. Dat betekent dat we een stap gaan zetten. Ik constateer dat er een breed draagvlak is, ook voor die extra investeringen — dat constateerde ik ook bij de stemming vanochtend — en dat het kabinet de ruimte heeft om te doen wat nodig is. Die ruimte is nu wel degelijk uitgebreid door het kabinet doordat het dat geld in 2026 ook ter beschikking stelt.
Bron, video en gesprek →De heer Olger van Dijk (NSC): Voorzitter, dan ga ik snel verder. En marge van de RBZ gaat het over Syrië. Als NSC blijven wij sceptisch tegenover HTS. We krijgen nog altijd signalen over incidenten met etnische en religieuze minderheden. Vrije verkiezingen staan pas over vier jaar gepland. De overgangsregering die 1 maart zou beginnen, is er nog niet. Deelt de minister onze zorgen en ziet hij ook een risico dat HTS met zijn behoorlijk conservatieve islamitische agenda zijn macht ondertussen misschien wil verstevigen? Welke signalen heeft hij inmiddels over de tijdelijke grondwet en de positie van minderheden daarin? Voorzitter. Syrië is economisch zwaar getroffen en veel infra is vernietigd. Nieuw Sociaal Contract begrijpt dat opheffing van sancties kan helpen, maar wil dat wel zorgvuldig doen. Is de minister het met ons eens dat het opheffen van sancties gepaard moet gaan met eisen rond de toekomstige inrichting van Syrië? Welke volgende stappen qua sanctieversoepeling worden tijdens de RBZ besproken? Aan welke waarborgen moet Syrië voldoen om de versoepeling te behouden of volgende stappen te zetten? Voorzitter. Er lijkt nog weinig Europese gezamenlijkheid te zijn in de benadering van Syrië. Ziet de minister mogelijkheden voor de ontwikkeling van een gezamenlijke Syrië-strategie van de EU wat betreft de omgang met het nieuwe bewind? Voorzitter. Uit het verslag van de vorige RBZ blijkt dat circa 25 Nederlandse uitreizigers bij verschillende jihadistische groeperingen in noordwest-Syrië verblijven. Dat zouden ook voormalige IS-strijders kunnen zijn. Als NSC vinden we het belangrijk dat er verantwoording wordt afgelegd over de misdaden die IS-strijders hebben begaan. Hoe groot schat de minister de kans in dat het HTS-regime medewerking zou willen verlenen bij toekomstige pogingen tot vervolgingen van IS-strijders? Voorzitter. Ik zeg kort iets over de werkzaamheden van de OPCW in Syrië. Het is goed dat Nederland als gastland de OPCW ondersteunt, ook bij de beveiliging van bezoeken. We begrijpen dat vooraf informeren over een vertrouwelijke missie lastig is, maar kan de minister ons wel toezeggen dat hij de Kamer achteraf informeert over de inzet van beveiligingsteams van de Koninklijke Marechaussee? De minister noemt in zijn brief ook nog mogelijke andere bijdragen aan OPCW-missies. Kan hij dat nader duiden? Voorzitter. Dan kom ik op Israël en Gaza. Zoals zovelen hadden wij onze hoop gevestigd op een duurzaam bestand tussen Israël en Gaza. Maar inmiddels is er sprake van een schimmige tussenfase van het bestand. Het Rode Kruis luidt de noodklok over de humanitaire situatie die is ontstaan vanwege de blokkade van hulpgoederen door Israël sinds afgelopen weekend; collega's refereerden daar al aan. Ook wij vragen de minister naar deze ontwikkelingen. Dringt hij er bij Israël op aan om deze blokkade zo snel mogelijk te beëindigen? Op 4 maart hebben Egypte en andere Arabische landen hun voorstel voor de toekomst van Gaza gepresenteerd; ook daar werd al aan gerefereerd. Hoe schat de minister dit plan in? Kan dit binnen de EU op instemming rekenen? Hoe realistisch zal dit plan zijn? Laat Hamas zich zomaar uit Gaza verdrijven? Wie is in staat om de uitvoering van dit plan af te dwingen? Ziet de minister ook mogelijkheden voor Nederland of de EU om een actievere rol te spelen, zoals ook de collega van D66 bepleitte? Tot slot was er nog de bijeenkomst van de EU-Associatieraad. Welke conclusies zijn daar nou getrokken? Wat is precies besproken over de Westbank? Zijn daarbij ook de zorgen over met name het noordelijke deel aan de orde gekomen? Hoe staat het met de sancties tegen gewelddadige kolonisten, alsook tegen Hamas? Dank u wel.
Bron, video en gesprek →De heer Olger van Dijk (NSC): Ik denk dat het stap voor stap moet. Het is allemaal nog vrij vers, een paar maanden geleden. Nu worden de eerste stappen gezet door dit nieuwe regime. De eerste relaties worden daarmee aangegaan. We zien dat er wordt gekeken naar die sancties; daarom refereerde ik daaraan. Volgens mij is het goed om dat stap voor stap te doen en te wijzen op de positie van minderheden. Het lijkt me ook heel verstandig dat we dat met elkaar verbinden. Dat betekent dus sancties niet zomaar opheffen, maar ook kijken wat dat betekent voor de toekomstige inrichting: kunnen de minderheden daar allemaal een plek in hebben? Op die manier moeten we er ook voor zorgen dat de positie van minderheden echt aan de orde kan worden gesteld.
Bron, video en gesprek →De heer Olger van Dijk (NSC): Uiteindelijk is het belangrijk wat de mensen die het betreft zelf willen. Er is natuurlijk heel veel gebeurd. Uiteindelijk hopen wij natuurlijk dat wat er nu ontstaat — dat is volgens mij het plan dat nu gepresenteerd is, maar ik hoor dat ook graag van de minister — voorziet in een interim-regering, maar dat de Palestijnse Autoriteit op termijn ook weer zeggenschap zou krijgen in Gaza. Zoals u weet, staat NSC voor de tweestatenoplossing. Ik heb van mevrouw Kaag begrepen dat zij dit echt ziet als een laatste poging om daar serieus werk van te maken. Ik ben erg benieuwd of dat zo is. Laten we dat met z'n allen hopen. Bij NSC hopen we dat ook. Ik ben heel benieuwd of de minister het met mevrouw Kaag eens is en of dat het geval is. Ik denk dat we vandaaruit zouden moeten kijken. Als die tweestatenoplossing er uiteindelijk zou zijn en die Palestijnse Staat er zou komen, hopen wij natuurlijk ook dat die op democratische leest kan worden geschoeid en dat mensen daar echt inspraak krijgen in hun regering.
Bron, video en gesprek →De heer Olger van Dijk (NSC): Dat begint inderdaad met het uitspreken van de zorgen, wat hij gedaan heeft, maar er is meer nodig. Ik denk dat het goed is dat de minister zijn positie benut om bij de Israëlische regering daadwerkelijk aan te dringen op het opheffen van die blokkade. Ik denk dat het daar begint. Ik denk dat er nog altijd goede relaties zijn en dat deze minister die ook zeker weet te benutten, in de hoop dat dit effect heeft. Dat lijkt me de eerste aangelegen route. De RBZ is op 17 maart. Dat is wat verder weg, maar ik kan me voorstellen dat de minister daar kijkt hoe de andere collega's daarin staan. Mocht het dan nog nodig zijn en mocht de blokkade er dan nog altijd zijn, kun je dat gremium gebruiken om daar een uitspraak over te doen en misschien ook in EU-verband daarin op te treden.
Bron, video en gesprek →De heer Olger van Dijk (NSC): Op als-danvragen geef ik meestal geen antwoord, helaas. Dat gaan we dan zien. Dit zijn volgens mij belangrijke stappen die te zetten zijn.
Bron, video en gesprek →De heer Olger van Dijk (NSC): Ik herhaal mijzelf. Het begint met deze minister zelf, vanuit zijn eigen verantwoordelijkheid. Er is een RBZ. Wij denken en hopen dat de EU meer een rol kan pakken in dit conflict en dat er vanuit de RBZ een belangrijk signaal kan worden gegeven richting Israël. Dan hebben wij goede hoop dat dat ook effect zal hebben.
Bron, video en gesprek →De heer Olger van Dijk (NSC): NSC gelooft wel dat het via de band van dit overleg mogelijk is om Israël binnen goede verhoudingen aan te spreken op zaken. Wij zijn in die zin ook heel benieuwd wat het overleg dat heeft plaatsgevonden heeft opgeleverd. Daar hebben we de minister ook op bevraagd. Daarbij ben ik ook wel benieuwd naar de visie van de minister op de vraag op welke termijn dat overleg misschien weer plaats kan vinden, wat daarbij aan de orde kan komen en of het wel degelijk meer kan zijn dan een club waar standpunten worden uitgewisseld, of er inderdaad ook echt invloed kan worden uitgeoefend.
Bron, video en gesprek →De heer Olger van Dijk (NSC): Volgens mij heeft het plannen van dit overleg even geduurd. Het lijkt mij verstandig om dat periodiek te doen. Ik weet niet in welke verhoudingen dat kan, maar ik kan me goed voorstellen dat onze minister zorgt dat het niet al te lang gaat duren voordat het volgende overleg plaatsvindt, zodat dit overleg ook daadwerkelijk wat kan voorstellen.
Bron, video en gesprek →De heer Olger van Dijk (NSC): Nog even over het Egyptische plan. Ik denk dat de minister terecht een paar punten noemt die ook een paar interessante aanknopingspunten bieden. Hoe beziet deze minister nou de betrokkenheid van Nederland, maar ook die van de hele EU, bij dat plan en de uitwerking daarvan? Egypte heeft namelijk vanwege het enorme bedrag dat er mee gemoeid is ook al een beetje gehint op de betrokkenheid van de Europese Unie. Hoe ziet de minister dat precies? En hoe gaat hij dat bespreken tijdens de RBZ?
Bron, video en gesprek →De heer Olger van Dijk (NSC): Eén punt nog. Kan de inzet van Nederland dan ook zijn dat we proberen als EU daar de handen voor op elkaar te krijgen en misschien wel een grotere rol te spelen dan nu het geval is?
Bron, video en gesprek →De heer Olger van Dijk (NSC): Ik ben blij dat de minister zegt dat naast de mogelijkheid om de sancties verder te verminderen, er ook een mogelijkheid is om ze juist weer verder op te voeren als het tegen gaat vallen, bijvoorbeeld ten aanzien van minderheden. Dat is ook mijn concrete vraag. Er wordt nu gewerkt aan een tijdelijke grondwet. Ik hoor signalen over een inclusieve transitie, maar ik wil het toch graag wat concreter hebben. Als de positie van minderheden daarin niet aan de orde komt, kan dat dan voor deze minister een reden zijn om de sancties die nu zijn verminderd, opnieuw in te voeren?
Bron, video en gesprek →De heer Olger van Dijk (NSC): Heel kort nog. Is ook algemeen aanvaard dat de positie van minderheden geborgd moet zijn, dat het gebrek aan die borging een reden kan zijn om sancties weer in te stellen?
Bron, video en gesprek →