de verkiezingsuitslag
Bron, video en gesprek →Officieel Kamerprofiel
Wouter Koolmees
Uitspraken in het geselecteerde debat
Open het volledige debat en de tijdlijn →De heer Koolmees: Dank u wel, voorzitter. Dat vind ik overigens wel jammer, hoor. Interrupties vind ik eigenlijk altijd wel leuk, maar ...
Bron, video en gesprek →De heer Koolmees: Niet hier? Oké. Ik heb heel de middag gereserveerd voor u, voorzitter. Daar komt de heer Eerdmans al. Nee? Oké.
Bron, video en gesprek →De heer Koolmees: In de eerste plaats gefeliciteerd aan alle nieuwe Kamerleden en de Kamerleden die gisteren herbenoemd zijn. Voor mij is het al heel lang geleden. Dat was in 2010. Het is een hele mooie dag. Maak er wat van, zeg ik tegen de nieuwe Kamerleden. Meneer Struijs, van harte gefeliciteerd met uw maidenspeech. Een prachtig en persoonlijk verhaal; heel leuk om te horen. Het is een eer en genoegen om hier weer een keer terug te zijn. Ik zei net tegen de voorzitter: ik moet wel zeggen dat de vorige plenaire zaal lekkerder was qua licht en lucht. Maar toch vind ik het heel leuk om bij u aanwezig te zijn. Ook heel veel dank aan alle fractievoorzitters voor de mooie gesprekken die ik vorige week met hen heb gevoerd. Ik wil ze ook bedanken voor de open houding, voor de goede sfeer, voor de mooie gesprekken. Eigenlijk kun je concluderen dat u allemaal hele aardige mensen bent; een-op-een, hè. Ik heb genoten van deze opdracht. Het is echt een puzzel, een ingewikkelde puzzel maar wel ook een mooie puzzel, vooral door uiteenlopende wensen, beloftes en door inhoudelijke verschillen tussen de partijen. Trouwens, ik zie hier ook dít liggen, voorzitter.
Bron, video en gesprek →De heer Koolmees: Het is een soort beoordelingskader voor moties.
Bron, video en gesprek →De heer Koolmees: Die hadden we niet in onze tijd, vroeger. Alle gekheid op een stokje: ik hoor heel veel overeenstemming tussen de fractievoorzitters van de partijen. Bijna alle fractievoorzitters hebben aangegeven dat er behoefte is aan een stabiel kabinet, dat ook in staat is om de problemen van deze tijd op te lossen en de zaak vooruit te helpen. Ook opvallend vind ik dat er grote overlap is tussen de problemen die als eerste worden genoemd door heel veel partijen in uw Kamer. Denk aan asiel en migratie, stikstof, defensie, internationale veiligheid, het tekort aan woningen, de energietransitie, en ook het klimaatvraagstuk en het industrievraagstuk wat daarachter vandaan komt, maar ook het belang van gezonde overheidsfinanciën. Dat zijn eigenlijk onderwerpen die bijna in alle gesprekken terugkwamen als zijnde problemen die snel moeten worden opgelost. Dat zijn ook problemen en onderwerpen die de politiek en de maatschappij al enige tijd bezighouden, waar veel meningen en inzichten over bestaan, waar veel rapporten en wetsvoorstellen over zijn geschreven en die nu vragen om keuzes en oplossingen. Dat zeg ik niet; dat vertelt u aan mij. Tot slot heb ik heel vaak gehoord dat er tempo moet worden gemaakt. Het huidige kabinet rust nog maar op 26 zetels in deze Kamer en dus is het belangrijk dat er snel zicht is op een nieuw kabinet. Dit waren de overeenstemmingen, nu de verschillen. Die zijn er namelijk ook. Ik heb van mijn voorganger geleerd: formeren is faseren maar formeren is ook elimineren. Dat is ook onderdeel van mijn verkenningsronde geweest. Ik heb een vragenlijst gehanteerd bij alle fractievoorzitters. Ik wil u eigenlijk uitnodigen: loop even mee met wat ik de afgelopen woensdag en donderdag heb gedaan. Ik ben natuurlijk eerst op zoek gegaan naar de blokkades. Er zijn door verschillende partijen blokkades opgeworpen wat betreft de samenwerking met PVV en FVD. Door verschillende partijen is ook aangegeven dat die blokkades weggenomen zouden moeten worden. Dat heb ik feitelijk opgeschreven in het verslag; dat zeg ik ook richting de heer Stoffer. Dat is de eerste stap geweest. Na de eerste stap bleven er eigenlijk drie meerderheidsvarianten over. Ik ga ze even allemaal langslopen met u. De eerste is D66, VVD, GroenLinks-PvdA en CDA, met 86 zetels in uw Kamer. De tweede is D66, VVD, CDA en JA21, met 75 zetels in uw Kamer. De derde die genoemd is: D66, CDA, GroenLinks-PvdA, JA21, ChristenUnie, met 76 zetels in uw Kamer. Voor alle drie heb ik geconstateerd dat er op wat voor manier dan ook ergens een blokkade is of grote inhoudelijke verschillen zijn. In de eerste variant, de brede middencoalitie, ligt een blokkade van de VVD op samenwerking met GroenLinks-Partij van de Arbeid, zo heb ik geconstateerd in mijn gesprekken. De tweede heeft niet de voorkeur van D66. Over de derde heeft de ChristenUnie in mijn gesprekken aangegeven nu geen regeringsverantwoordelijkheid te willen nemen. Waar zit de ChristenUnie tegenwoordig in de zaal? Ah, daar zit u, mevrouw Bikker, sorry. U zat altijd daar. Maar ook JA21 heeft aangegeven daar grote inhoudelijke verschillen in te zien. Dat betekent dus eigenlijk dat die drie meerderheidsvarianten op wat voor manier dan ook ergens op een blokkade of een groot inhoudelijk verschil van mening stuiten. Om die inhoudelijke verschillen van mening te toetsen, heb ik afgelopen vrijdag gesprekken gevoerd, eerst met de heer Jetten en de heer Eerdmans en daarna met mevrouw Yeşilgöz en de heer Klaver. In die gesprekken heb ik geconcludeerd dat er inderdaad grote inhoudelijke verschillen bestaan tussen de partijen. Dat heeft mij tot de conclusie gebracht dat op dit moment beginnen met een meerderheidskabinet met vier partijen een heel groot risico heeft om direct vast te lopen. Mijn ervaring als zowel onderhandelaar als verkenner als informateur is: als je zo kort na de verkiezingen al vastloopt in een variant, dan heeft dat consequenties voor de onderlinge verhoudingen; dat zet de onderlinge verhoudingen dan zwaar onder druk. Dat betekent vaak ook dat je heel veel vertraging gaat oplopen, omdat je daarna toch weer de onderlinge verhoudingen moet gaan herstellen. Daarom leek het mij niet verstandig om daarmee te beginnen. Ik heb natuurlijk wel getoetst bij alle partijen, ook bij mevrouw Yeşilgöz, wat er gebeurt als nou de vier partijen uit het brede midden samen gaan starten. Mevrouw Yeşilgöz gaf aan: dan houdt het voor mij snel op, want ik ben daar voor de verkiezingen en na de verkiezingen heel helder in geweest. Als je dan toch met elkaar in een hok gaat zitten, bij wijze van spreken, heeft dat niet zo heel veel zin. Omgekeerd geldt het ook voor die andere variant. Daarbij zijn de inhoudelijke verschillen echt heel groot. Het risico is dan echt dat het gaat ontsporen. Tegelijkertijd ligt het wel voor de hand, zo blijkt ook uit wat de fracties in de gesprekken aan mij hebben meegegeven, dat een volgend kabinet in ieder geval bestaat uit D66, VVD, GroenLinks-Partij van de Arbeid, CDA of JA21, in wat voor vorm dan ook, van een meerderheidskabinet of een minderheidskabinet, en met welke soorten afspraken dan ook over steun of gedoogsteun. Zo ver zijn we nog niet, maar het ligt wel voor de hand dat uit uw midden uit deze partijen het volgende kabinet gevormd gaat worden. Dan kom ik bij de vraag "hoe dan wel?" Dat was de volgende stap in mijn afpelmethode. Toen heb ik gedacht: laten we het eens proberen vanuit de inhoud, gewoon langs de lijnen van de inhoud. Er is heel veel overeenstemming in uw Kamer over belangrijke onderwerpen die opgelost moeten worden. Juist omdat er zo veel overlap ligt, is de vraag: hoe kun je dan vanuit de inhoud en de onderwerpen oplossingen aandragen waar een breed draagvlak voor is in uw Kamer? Er zijn verschillende varianten, zeg ik ook richting mevrouw Yeşilgöz en meneer Eerdmans, die er vragen over hebben gesteld. Je kan zeggen: D66 als verkiezingsoverwinnaar alleen. Dat is, zal ik maar zeggen, de Wim Kokvariant uit 1994. Het verschil is wel dat de Wim Kokvariant plaatsvond na 100 dagen. Toen waren er al verschillende formatierondes geklapt en was het al vastgelopen. In deze fase van de formatie is het niet logisch om dat te doen. De tweede variant die ik langs heb gehad, is een combinatie van D66 en VVD, vanuit de gedachte dat het de twee grootste partijen in deze coalities zijn, of de variant van D66, VVD en CDA, die vanuit dezelfde gedachte "het motorblok" vormen, dat heel vaak werd genoemd. Daarvan is mijn analyse dat je vanwege de blokkade van de VVD richting GroenLinks-Partij van de Arbeid daarmee direct een optie uitsluit, omdat die ook direct leidt tot verwijdering in deze Kamer en ook direct leidt tot het lastiger maken van het brede draagvlak, in welke vorm dan ook, zeg ik nogmaals; dat wil ik onderstrepen. Dat bracht mij bij de gedachte om D66 en CDA vanuit drie argumenten de opdracht te geven die ik als advies heb meegegeven aan uw Kamer. Dat zijn de volgende. Beide zijn winnaars van de verkiezingen; ze hebben in totaal 30 zetels gewonnen. Met uitzondering van PVV en FVD zijn het partijen die geen andere partijen uitsluiten uit het gezelschap dat ik net heb genoemd. De derde overweging is dat vanuit het politieke midden kan worden gezocht naar verbreding van het draagvlak. De heer Eerdmans vroeg: had u ook kunnen kiezen voor D66 en JA21 in deze eerste fase? Ja, dan was het bijna logischer geweest om toch met vier partijen te beginnen, is mijn analyse. Dan had je namelijk in één keer de centrumrechtse variant met 75 zetels kunnen starten, zal ik maar zeggen. Maar nogmaals, in deze fase acht ik de verschillen zo groot, nog zo kort na de verkiezingen, dat ik dat geen verstandige route vind. Afpellend heeft dat mij gebracht tot deze combinatie van partijen, die ook bij mij hebben aangegeven gezamenlijk een positieve agenda te willen ontwikkelen en daarmee voorstellen te willen doen om de problemen van deze tijd op te lossen. Ik heb in mijn persconferentie gezegd dat ik dat te prijzen vind, want het is niet zonder risico dat twee partijen hun nek uitsteken en zo keuzes moeten gaan maken. Want keuzes zullen moeten worden gemaakt de komende periode. Dat vind ik dus getuigen van politieke moed. Het derde element dat ik heb genoemd, is het brede draagvlak. Het zijn grote thema's: asiel en migratie, stikstof. Dat zijn eigenlijk thema's die voortkomen uit de tijd dat ik nog in het kabinet zat. Toen de Raad van State-uitspraak kwam in 2019, zat ik in het kabinet. Die thema's liggen er al heel erg lang en leiden ook tot politieke en maatschappelijke tegenstellingen, frustratie en demonstraties. Ik denk dat het verstandig is om als het ware een soort pacificatie te vinden voor deze grote thema's, want op het moment dat deze thema's niet opgelost zijn en er ook niet een stap vooruit gezet kan worden, om het zo maar te zeggen, dan blijven deze thema's polariserend boven politiek en samenleving hangen. Plus: bij al deze thema's, of het nou asiel en migratie, stikstof, woningbouw, energie en klimaat of defensie en internationale veiligheid is, is mijn ervaring dat er breed draagvlak voor nodig is, niet alleen in uw Kamer, maar ook in de Eerste Kamer en de maatschappij, dus sociale partners, uitvoeringsorganisaties, het bedrijfsleven. Daarom is het belangrijk, denk ik, om vanuit de inhoud te zoeken naar dat brede draagvlak. Dat brengt mij op de situatie in de Eerste Kamer. D66, CDA en VVD hebben in combinatie in de Eerste Kamer nu 21 zetels. JA21 heeft twee zetels. Er zijn nu in de Eerste Kamer ook twee grote blokken, namelijk BBB met dertien zetels en GroenLinks-PvdA met veertien zetels. Dat is de situatie tot minimaal medio 2027, want dan zijn er pas nieuwe Provinciale Statenverkiezingen. Dit is de situatie. Voor alle wetten, alle begrotingen, alle belastingplannen die het nieuwe kabinet gaat indienen en die een oplossing moeten bieden voor de grote vraagstukken die er nu liggen, is ook een meerderheid in de Eerste Kamer nodig. Dat betekent dus dat het ook vanuit die optiek belangrijk is dat er wordt gezocht naar breder draagvlak in beide Kamers der Staten-Generaal. Dat is een extra argument voor mij om te zeggen: begin nu vanuit het politieke midden en bouw het dan breder op. Mevrouw Yeşilgöz heeft terecht gezegd dat sinds 2010, toen ik in de Tweede Kamer kwam, er geen enkel kabinet is geweest met een meerderheid in de Eerste Kamer. Dat klopt, maar loop het lijstje even langs. Rutte I was bijvoorbeeld afhankelijk van de steun van senator Robesin uit Zeeland, waar de heer Rutte regelmatig naartoe moest om iets te regelen om vervolgens weer steun te krijgen in de Eerste Kamer. Ik heb hem daar daarna ook nog weleens mee gepest. Dat mag u best weten. In het kabinet-Rutte II was ik onderdeel van de constructieve oppositie. Dat kan ik me zelf nog heel levendig herinneren. D66, ChristenUnie en SGP hebben toen gezamenlijk dat kabinet-Rutte II, bestaande uit VVD en Partij van de Arbeid, gesteund in eigenlijk alle begrotingswetten. Dat was niet vanwege een minderheid in deze Kamer, want in deze Kamer had die coalitie 78 zetels, maar vanwege een tekort van acht senatoren in de Eerste Kamer. En ook in Rutte III, waar ik zelf in heb gezeten, heb ik gezien dat het belangrijk is om breed draagvlak te hebben. Ik had een coalitie met een meerderheid in deze Kamer, maar op mijn eigen dossier, pensioenen, was het wel belangrijk om GroenLinks en Partij van de Arbeid — dat waren toen nog twee aparte partijen — maar ook de SGP aan deze kant, mee te nemen om er zeker van te zijn dat er ook voldoende draagvlak zou zijn in de Eerste Kamer. Waarom zeg ik dit allemaal? Omdat het klopt dat er sinds 2010 geen automatische meerderheid is in de Eerste Kamer, maar het wel altijd zo is geweest dat je moet zoeken naar breder draagvlak en dat je moet samenwerken met andere partijen om dingen voor elkaar te krijgen. Daar komt bij — dat is een persoonlijke inschatting, zeg ik er eerlijk bij — dat er sinds corona geen grote wetten meer in de Eerste Kamer hebben voorgelegen. Sinds corona is er ook een expansief begrotingsbeleid gevoerd. Er zijn dus sinds corona geen grote bezuinigingen, geen grote financiële uitdagingen geweest in de Eerste Kamer. We zijn het dus ook wel een beetje ontwend geraakt om de Eerste Kamer op het netvlies te hebben, denk ik. Dat kwam ook naar voren in mijn gesprek met mevrouw Vos, de Voorzitter van de Eerste Kamer, die ik afgelopen maandag heb gesproken. Voor de toekomst geven alle partijen of heel veel partijen aan dat er veel wetgeving nodig is, dat er veel begrotingswijzigingen zijn, dat de wens er is om meer geld te investeren in de defensie of de asielketen of om andere bezuinigingen voor elkaar te krijgen. Dat betekent ook dat de begroting en belastingplannen moeten worden aangepast. Dat vind ik een belangrijk zijlicht, om het zo maar eens te noemen, ook voor de formatie in de komende periode. Ik denk dat ik daarmee impliciet ook ben ingegaan op de vragen van mevrouw Yeşilgöz en de heer Eerdmans over de combinatie van partijen. Ik heb zelf in het verslag opgeschreven dat mijn ervaring is dat er wel degelijk verschillen bestaan tussen D66 en het CDA; ik heb nogal wat onderhandelingsrondes daarover meegemaakt. Beide partijen komen ook uit een heel verschillende politieke traditie en hebben heel verschillende maatschappijopvattingen en beelden over individu, gezin en samenleving. Er is dus ook nog een brug, een gat dat overbrugd moet worden tussen de partijen om echt vooruit te kunnen, maar zij opereren wel beide vanuit het centrum van de politiek. Ik denk dat dat belangrijk is om straks ook te komen tot het bredere draagvlak. Wat ik ook positief vind, is dat beide partijen hebben aangegeven een positieve agenda te willen schrijven waarin overeenkomsten worden gezocht in plaats van verschillen en waarin natuurlijk ook een uitgestoken hand moet zitten naar andere partijen in uw Kamer om te komen tot dat bredere draagvlak. Dat betekent dat er keuzes moeten worden gemaakt; dat betekent ook dat er keuzes zullen moeten worden gemaakt die niet per se door iedereen juichend zullen worden ontvangen, maar dat is wel het startpunt om te zoeken naar dat brede draagvlak in de Tweede Kamer, met ook zicht op draagvlak in de Eerste Kamer. Mevrouw Yeşilgöz en ook de heer Dijk hebben iets gevraagd over de samenstelling of de vorm die een volgend kabinet moet hebben. Ik heb in mijn introductie al gezegd dat ik geen enkel voorschot neem op de vorm van het volgende kabinet. Het kan een meerderheidskabinet zijn, het kan een minderheidskabinet zijn en het kan een minderheidskabinet zijn met gedoogsteun of een ander soort steunafspraken. Het is nu echt nog te vroeg om daar iets over te zeggen. Gegeven de uitslag van de verkiezingen en de stand van de inhoudelijke verschillen en blokkades die er zijn, moet je daar nu nog geen keuze voor willen maken, zou mijn advies zijn. Daarom is het ook mijn advies om vanuit de inhoud na te denken over hoe je dit breed kunt opbouwen, zodat er ook in beide Kamers voldoende steun is. Mevrouw Yeşilgöz en ook de heer Dijk hebben gevraagd waarom zorg en sociale zekerheid ontbreken in de opdracht. Dit zit wel in mijn advies, zij het impliciet. Dat klopt. Maar naar mijn idee is het onvermijdelijk dat daar ook keuzes in worden gemaakt. Ik heb in mijn advies ook opgeschreven dat er hoofdlijnen van een financieel kader in moeten worden opgenomen. Ik heb geconstateerd dat er veel wensen zijn voor investeringen in bijvoorbeeld defensie, de energienetten of de asielketen. Dat betekent dus ook dat er ergens binnen de begroting geld gevonden moet worden. Mijn suggestie zou zijn om keuzes in kaart te brengen voor toekomstige hervormingen die nodig zijn om het financiële kader te sluiten. Ik weet, ook vanuit mijn gesprekken met alle fracties, dat daar heel verschillend over wordt gedacht. Er wordt echt fundamenteel verschillend over gedacht. Daarom is het wel belangrijk om daar in de eerste fase over na te denken en er ook keuzes in te maken, misschien nog niet op detailniveau, nog niet in de vorm van een hele financiële tabel, maar wel in de vorm van richtinggevende keuzes die ook bepalend zijn voor hoe je het bredere draagvlak tot stand gaat brengen. Ook de heer Dassen had deze vraag over de gezondheidszorg trouwens gesteld. Waar zit de heer Dassen tegenwoordig? O, daar. Sorry, wat zei u, meneer Eerdmans? Ja, de heer Dassen zat eerst ergens anders. Mevrouw Bikker en de heer Dassen hebben gevraagd hoe het vervolg eruitziet en wat de status is van het einddocument. Hoe voorkom je dat het een algemeen stuk wordt? De stap vooruit van D66 en CDA is bedoeld om een ambitieuze agenda op te stellen waar andere partijen voldoende aanknopingspunten in zien om tot een gezamenlijke agenda te komen en zo tot voldoende steun te komen in de Tweede en in de Eerste Kamer. Ik heb het bewust beperkt tot een aantal cruciale onderwerpen die door veel partijen worden genoemd. Het is nog geen conceptregeerakkoord, het is echt een agenda waar overeenstemming in moet worden gezocht. Maar, zoals ik net al zei, er zullen keuzes in moeten worden gemaakt. Als er geen keuzes worden gemaakt, is het ook niet richtinggevend. Dan kun je ook geen keuzes maken voor het vervolg. Dat heb ik niet heel expliciet opgeschreven in mijn verslag, maar het ligt naar mijn idee wel voor de hand dat partijen er wel keuzes in moeten maken. Ik zie beide heren hier knikken. Mevrouw Yeşilgöz heeft gevraagd of de periode korter kan zijn dan drie weken. Daar heb ik wel over nagedacht. Maar juist vanwege het punt waar mevrouw Bikker om heeft gevraagd, vergt het denk ik wel enige tijd om serieuze keuzes te kunnen maken. Als je bij wijze van spreken de twee verkiezingsprogramma's door ChatGPT zou gooien en daar een tabel uit zou halen, ben je volgens mij geen stap opgeschoten. Ik denk, ook vanuit mijn ervaring, dat je die drie weken echt nodig hebt om ook … Proef ik teleurstelling? Naar mijn ervaring is die stap nodig en heb je ook die tijd nodig om elkaars nieren te proeven en die keuzes te maken. De heer Stoffer van de SGP vroeg expliciet: er zit toch wel een blokkade van het CDA en D66 tegen de PVV en Forum? Dat klopt. Dat heb ik ook opgeschreven in mijn verslag. In het begin, in mijn allereerste ronde, heb ik opgesomd welke partijen een blokkade hebben liggen. Ook in mijn persconferentie van afgelopen dinsdag of woensdag … Wanneer was het? Woensdag of dinsdag? Het was dinsdag. Toen heb ik gezegd: daarom is mijn advies om D66 en het CDA samen een positieve agenda te laten opstellen. Deze partijen zijn de enige partijen die geen blokkades, buiten de PVV en FVD, voor samenwerking hebben. Deze nuancering heb ik ook afgelopen dinsdagavond meegegeven. Dus het klopt. Ergens in de tekst staat ook dat er geen blokkades zijn "binnen dit gezelschap". Dat vergt hele nauwe lezing van het verslag, dus ik begrijp ook dat u daaroverheen heeft gekeken. Voorzitter. Volgens waren dit de vragen die aan mij zijn gesteld. Ik hoop dat ik hiermee de vragen heb beantwoord. Nogmaals dank aan alle fractievoorzitters voor de prettige gesprekken en het mooie weekje dat ik heb gehad. Heel veel dank aan de medewerkers van de Tweede Kamer, en in het bijzonder aan de medewerkers van Bureau Woordvoering Kabinetsformatie, die mij ontzettend goed hebben ondersteund in de afgelopen week. Mijn week zit erop. Ik wil uw Kamer, en in het bijzonder de heer Jetten en de heer Bontenbal, heel veel succes wensen de komende weken om tot die mooie agenda te komen. Ik wil de heer Wijers en de heer Van Haersma Buma vanaf deze plek veel succes wensen met het vervolg. Ik hoop en verwacht dat vanuit uw Kamer met spoed zal worden gewerkt aan een stabiel kabinet dat problemen in ons land kan oplossen. U draagt allen een grote verantwoordelijkheid om daartoe een bijdrage te leveren. Daarmee wens ik u veel succes en wijsheid. Tot slot zeg ik richting de heer Klaver: ik ga vanaf maandag weer aan de slag bij NS. Morgen ben ik nog even vrij. Het is een prachtig bedrijf, meneer Klaver, met prachtige collega's. We zeggen altijd: we zijn onderdeel van de oplossing als het gaat over de woningbouw, het klimaat, het samenbrengen van mensen, ...
Bron, video en gesprek →De heer Koolmees: … mobiliteit en het voorkomen van files. Meer dan negen van de tien treinen komen op tijd, meneer Klaver. Voor de nieuwe Kamerleden: we hebben vanuit het hele land geweldige verbindingen met Den Haag Centraal. U heeft allemaal een abonnement, weet ik uit het verleden, dus ik hoop u binnenkort allemaal te zien in onze treinen. Dank u wel.
Bron, video en gesprek →