KamerkringInloggen
Kamerbrief

Stand van zaken voorstellen Plastictafel en plasticafdracht aan EU

19 dec 2025 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie 99a4e2015bf555c7 · officiële bron

Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2025–202632 852GrondstoffenvoorzieningszekerheidNr. 397 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN INFRASTRUCTUUR ENWATERSTAAT Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 19 december 2025Met deze brief informeer ik u, mede namens de Staatssecretaris Fiscaliteit,Belastingdienst en Douane, en de Minister voor Klimaat en Groene Groei,over de uitvoering van de voorstellen van de Plastictafel.1 Deze brief is inaanvulling op de eerste uitgebreide appreciatie die het kabinet gegevenheeft in de brief van 26 september jongstleden over circulair plastic.2 Ookdeel ik het joint statement, dat ik met steun van vijf Europese collega’s aanMilieu Eurocommissaris Jessika Roswall heb verstuurd. In dit statementroepen we de Commissie op om nú in actie te komen om de Europeseplasticrecyclingindustrie te ondersteunen met een concreet pakket vanmaatregelen. In dat kader ben ik ook verheugd dat er begin december eenpolitiek akkoord is bereikt over de tekst van de Circulaire Voertuigenveror-dening. Hierin zijn bepalingen opgenomen die de recyclingsector zullenondersteunen, zoals twee doelen voor het verplicht toepassen vanplasticrecyclaat: 15% na 6 jaar en 25% na 10 jaar van inwerkingtreding.Daarnaast moet 5 jaar na inwerkingtreding 30 gewichtsprocent vanplastics uit autowrakken worden gerecycled. Dit akkoord moet nogworden bekrachtigd in het Europees parlement en door de lidstaten. Totslot ontvangt de Kamer bij deze brief ook de jaarlijkse RapportageMonitoring Chemische Recycling Projecten.Met deze brief geeft het kabinet ook aan hoe uitvoering wordt gegevenaan de door uw Kamer aangenomen motie Wingelaar c.s. die de regeringverzoekt om zich te committeren aan een beleidstraject dat moet leidentot een wettelijke borging van de circulaire hefboom (Kamerstuk 32 852,nr. 387). Ook geeft deze brief uitvoering aan de motie Boutkan die deregering verzoekt om te onderzoeken of de jaarlijkse afdracht van deplastictaks op niet-gerecycled plastic kan worden afgedragen doorproducenten in plaats van uit de algemene middelen.1https://www.rijksoverheid.nl/documenten/rapporten/2025/08/20/bijlage-2-eindrapportage-plastictafel-1-juli-20252Kamerstuk 32 852, nr. 380 kst-32852-397ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2025Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 852, nr. 3971 PlastictafelOp 4 december heeft onder voorzitterschap van de Speciaal Regeringsver-tegenwoordiger Circulaire Economie (SRCE) Steven van Eijck op verzoekvan de sector en de Kamer een volgende vergadering plaatsgevonden vande Plastictafel. Tijdens deze sessie hebben deelnemers elkaar op dehoogte gebracht over de vorderingen van implementatie van devoorstellen van de Plastictafel – hierover later in deze brief meer. Verdergaven tafelleden uit de plasticsector aan meerwaarde te zien in het latenvoortbestaan van de Tafel, mits er telkens gewerkt wordt aan concreteonderwerpen, die afgebakend zijn in de tijd. De volgende sessie vindtplaats in maart.Plastictafelvoorstel: Bovenwettelijke inzet van circulair plastic inverpakkingenEr zijn inmiddels bij 24 merkartikelfabrikanten bovenwettelijke commit-ments opgehaald om zich langjarig (minimaal tot en met 2030) tecommitteren aan de inkoop van Nederlands en Europees recyclaat tervervanging van primair fossiel plastic in verpakkingen voor de Neder-landse en Europese markt. De merkartikelfabrikanten geven hierbij aandat niet goed vast te stellen is om hoeveel extra recyclaat het gaat tenopzicht van wat nu al wordt ingezet, omdat dit niet wordt bijgehouden.Daarom bekijken de bedrijven hoe dit vanaf begin volgend jaar wel kanworden geregistreerd en gemonitord, zodat de extra inzet van recyclaataantoonbaar, controleerbaar en structureel kan worden onderbouwd,mede op basis van de daadwerkelijke matches en de prikkels binnen detariefdifferentiatie.Verder heeft Verpact de eerste matches van vraag en aanbod gemaakt eniemand aangetrokken om de matchmaking tussen aanbod en afname vanrecyclaat verder te stimuleren. Ook werkt Verpact aan de bekendheid vande tariefdifferentiatie en liggen er plannen om die verder uit te breiden,onder andere door ook biogebasseerde plastics die eenzelfde chemischestructuur hebben als hun fossiele tegenhanger, bijvoorbeeldbio-polyetheen, tariefvoordeel te geven.Producenten zetten hiermee een stap vooruit door in hun inkooppro-cessen recyclaat te stimuleren. Om die verschuiving te ondersteunenoverbrugt Verpact tijdelijk het prijsverschil bij matches die wordengemaakt.Tegelijkertijd vragen merkartikelfabrikanten en Verpact bij de uitvoeringvan deze bovenwettelijke inzet om passende randvoorwaarden, te weten:een markt waarin recyclaat kan concurreren met virgin materiaal, ruimtevoor innovatie en investeringen in recyclingcapaciteit, en een (fiscale)regelgeving, die het gebruik van circulair plastic stimuleert in plaats vanbelast.Plastictafelvoorstel: Circulaire hefboomIn aanvulling op de recente eerste appreciatie van het voorstel in deKamerbrief over circulair plastic van 26 september jongstleden wordt deKamer met deze brief geïnformeerd over de laatste stand van zaken, wantzoals eerder aangegeven: tussen een goed idee en wetgeving zit nog eenhoop uitzoekwerk.3Het voorstel voor een circulaire hefboom bestaat uit twee delen, eenheffingsdeel en een stimuleringsdeel. De (private of publieke) heffing3Kamerstuk 32 852, nr. 380Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 852, nr. 3972 vindt in beginsel plaats op basis van het aandeel fossiel plastic inproducten. Afhankelijk van de productcategorie kunnen hier ook andereproducteigenschappen aan worden toegevoegd, wanneer dit gewenst isvanuit de circulaire transitie. Bijvoorbeeld bij de productgroep textiel hetaantal gebruikte materialen, als de combinatie van die materialen derecycling belemmert. De heffing wordt betaald door importeurs enproducenten die (deels) plasticproducten op de Nederlandse marktbrengen. Het aandeel fossiel plastic in producten, en eventueel andererelevante producteigenschappen, zouden in (toekomstige) digitaleproductpaspoorten (DPP) vermeld moeten staan. De heffingen komen, inhet voorstel van de Plastictafel, terecht in een transitiefonds ter bevor-dering van investeringen in de vervanging van fossiel door gerecycledplastic. Hieronder wordt de laatste stand van zaken toegelicht.Verkenning juridische haalbaarheidIenW heeft in samenwerking met de Rijksdienst voor OndernemendNederland (RVO) allereerst de juridische haalbaarheid van de circulairehefboom zoals voorgesteld door de Plastictafel, verkend, met alsbelangrijke centrale vraag: is er wetgeving die implementatie van decirculaire hefboom blokkeert? Daarbij is gekeken naar beide elementenvan de circulaire hefboom: de wettelijke heffing als rijksbelasting en hetstimuleringsdeel, bijvoorbeeld via een transitiefonds zoals voorgestelddoor de Plastictafel, ter bevordering van de circulaire transitie.De wettelijke heffing in de vorm van een Rijksbelasting: EU-lidstaten zijnin beginsel vrij om aan de hand van objectieve criteria (zoals de aard vande gebruikte grondstoffen of de toegepaste productieprocessen) overproducten belastingen te heffen mits er geen sprake is directe of indirectediscriminatie van producten uit andere lidstaten en er geen strijdigheid ismet andere Europese regelgeving die ziet op hetzelfde product. Uit eeneerste analyse van deze uitgangspunten zijn geen aanknopingspuntengevonden die een wettelijke heffing zouden kunnen blokkeren. Gelet ophet doel lijkt opname in de Wet belastingen op milieugrondslag voor dehand te liggen.Stimuleringsdeel: Een eerste verkenning van hoe het stimuleringsdeel,bijvoorbeeld via een transitiefonds, zou kunnen werken is nog nietuitgevoerd en zal de komende periode plaatsvinden. Wat wel al gezegdkan worden, is dat binnen het kabinet is afgesproken dat het oormerkenvan inkomsten aan uitgaven (koppeling) zeer onwenselijk is en nietconform de huidige begrotingsregels.4 Daarom dienen ook anderemanieren om het stimuleringsdeel vorm te geven te worden verkend. Erzou bijvoorbeeld ook gekozen kunnen worden om begrotingsmiddelen vrijte maken voor de transitie van de circulaire economie, waarbij deinkomsten en uitgaven wel van elkaar gescheiden worden. Vanzelf-sprekend dienen daarbij de geldende staatssteunkaders in acht te wordengenomen. IenW zal dit in samenwerking met het Ministerie van Financiënverder verkennen. Besluitvorming over zowel de heffing als de stimule-ringsmaatregel en de wenselijkheid van de koppeling daartussen is aaneen volgend kabinet.Verdere aanpak tot voorjaar 2026De komende periode gaat IenW met RVO en het Ministerie van Financiënverder werken aan de vormgeving van de circulaire hefboom. Hiervoorwordt onderzocht welke wetgeving aangepast zou moeten worden, hoede uitvoering er uit kan zien en wat de verwachte ecologische en4Kamerstuk 36 600, nr. 2Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 852, nr. 3973 economische effecten van de circulaire hefboom zijn. Daarbij kijken weook naar de uitvoeringsaspecten, zoals opties voor de wijze van inning,bijvoorbeeld door een publieke organisatie of een zelfstandig bestuurs-orgaan. De Kamer wordt in het voorjaar van 2026 geïnformeerd over deresultaten en de conclusies die het kabinet hieruit trekt.Plastictafelvoorstel: OverheidsinkoopIn vervolg op de toezegging van de overheid aan de Plastictafel om extrakansen voor marktcreatie voor recyclaat te verkennen en te benutten,heeft IenW op basis van een quickscan een verdere inventarisatie uitgezet.Hierbij wordt aan de hand van ontwikkelde toetsingscriteria onderzochtwelke productgroepen binnen overheidsinkoop het meest impact makenen kansrijk zijn. In 2026, zal via onder meer de KrachtenbundelingRijk-Regio voor Circulaire Economie, met verschillende overheidslagenopgetrokken worden om zo veel mogelijk in te zetten op circulair plasticbinnen de geselecteerde productgroepen.Plastictafelvoorstel: Beroep op (klimaatfonds)middelen«CAPEX/OPEX subsidie»Momenteel wordt een regeling gericht op het subsidiëren van zowel deCAPEX- als de OPEX-kosten voor bedrijven die duurzaam plasticproduceren verder uitgewerkt. Het voorstel hiervoor loopt mee in deklimaatfondsbesluitvorming voor het Meerjarenprogramma 2027.Hierover wordt bij voorjaarsbesluitvorming 2026 een besluit genomen. Bijtoekenning van middelen uit het Klimaatfonds kan een dergelijke regelingverder vorm krijgen.«(ASB) Vrijstelling van recyclingresidu in de afvalstoffenbelasting»Deze maatregel is één van de opties die op dit moment nader bekekenworden door de Werkgroep Afvalsector. Besluitvorming over mogelijkealternatieve fiscale maatregelen is voorzien bij de Voorjaarsnota 2026.«Impuls GFE +T in Stedelijke Wijken»Het kabinet wil het voorstel van de Plastictafel voor een regeling om degescheiden inzameling van GFE+T (hierna: bioafval) in stedelijke wijkeneen impuls te geven, verder uitwerken. Richting de voorjaarsbesluit-vorming wil ik een stimulerend impulspakket verkennen voor: het creërenvan een expertpool om gemeenten te ondersteunen in het maken vanbeleids- en projectplannen voor bioafvalinzameling, een tegemoetkomingaan gemeenten voor de aanschaf en plaatsing van inzamelmiddelen voorbioafval, en middelen voor gemeenten voor het uitvoeren van ondersteu-nende beleidsmaatregelen zoals bewustwordingscampagnes. Bijtoekenning van middelen uit het Klimaatfonds kan een dergelijke regelingverder vorm krijgen. Ook voor dit voorstel geldt dat besluitvorminghierover plaatsvindt bij de voorjaarsbesluitvorming 2026. Er is ookbekeken of een dergelijk pakket van stimulerende financiële middelenafdoende is. Daaruit is gebleken dat er ook sturende maatregelen nodigzijn ter ondersteuning. Daarom zal het verwijderen van de uitzonderings-gronden voor bioafval in het Besluit Gescheiden Inzameling HuishoudelijkAfvalstoffen worden verkend als aanvullende maatregel.Een dergelijk breed pakket moet ertoe leiden dat in elke gemeente eendekkend inzamelsysteem voor bioafval wordt gerealiseerd. Door bioafvalaan de bron te scheiden kunnen belangrijke nutriënten als fosfor enkalium worden teruggewonnen en kan biogas worden verkregen dat kanTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 852, nr. 3974 worden opgewerkt tot groen gas. Daarnaast kan betere bronscheiding vanbioafval de rendementen van nascheiding voor plastic verpakkingsafvalverbeteren.Motie Boutkan over de plasticafdracht aan de EUZoals vermeld in de Kamerbrief over circulair plastic van 26 septemberjongstleden vloeit de afdracht op basis van de hoeveelheidniet-gerecycled plastic verpakkingsafval, de zogenaamde plasticafdracht,voort uit het huidige eigenmiddelenbesluit (EMB) dat op 1 januari 2021 inwerking is getreden.5 De EU-begroting wordt, onverminderd andereontvangsten, volledig gefinancierd uit de invoerrechten (ook wel detraditionele eigen middelen genoemd) en drie typen nationale afdrachten.De plasticafdracht is daar één van, samen met de btw-afdracht en debni-afdracht. Het gaat hierbij om een nationale afdracht aan deEU-begroting, waarbij de hoogte van deze plasticafdracht afhankelijk isvan de hoeveelheid niet-gerecycled plastic verpakkingsafval. Er is dusgeen sprake van een Europese belasting. Ook is deze afdracht nietgekoppeld aan nationale belastingen en/of heffingen. De reden daarvooris dat in Nederland de inkomsten en uitgaven van elkaar gescheiden zijn.Conform de motie Boutkan over de plasticafdracht heeft IenW onderzochtwelke mogelijkheden er bestaan om deze afdracht door te belasten aanproducenten van plasticverpakkingen in plaats van deze te betalen uit dealgemene middelen (zonder doorbelasting).6 Een zuivere vorm vandoorbelasten, waarbij een individuele producent wordt aangeslagen voorde hoeveelheid niet-gerecyclede verpakkingen die door hem op de marktis gebracht, is technisch niet uitvoerbaar. Het is namelijk onmogelijk om inde afvalfase individuele verpakkingen toe te wijzen aan individueleproducenten. Dit geldt voor alle EU-lidstaten.Een eventuele doorbelasting van de plasticafdracht kan daardoor alleende vorm krijgen van een generieke heffing (belasting) op plastic verpak-kingen. Hiervan zijn wel voorbeelden te vinden onder EU-lidstaten. Zobestaan er fiscale maatregelen in Portugal, Spanje en Denemarken enwerkt Italië ook aan dergelijke maatregelen. Het grootste gedeelte van deEU-lidstaten kent echter geen specifieke fiscale maatregelen ten aanzienvan (eenmalige) plastic verpakkingen of producten.Mede naar aanleiding van bovengenoemde motie en discussies van dePlastictafel over mogelijke alternatieven voor de door het kabinet per 2028voorgestelde verhoging van de lasten voor de afvalsector, heeft IenW eenbeknopte verkenning laten doen naar een mogelijke heffing op specifieketypen eenmalige plastic verpakkingen. De resultaten van die verkenningzijn als bijlage toegevoegd aan de Kamerbrief van 26 september jongst-leden over fiscale prikkels om de circulaire transitie te versnellen.7 Hetkabinet heeft de Werkgroep Afvalsector gevraagd voor eind decembermet een advies over alternatieven te komen, waarbij onder andere deoptie van heffingen op (plastic) verpakkingen wordt verkend. De besluit-vorming over een mogelijke heffing als invulling van de taakstelling vindtkomend voorjaar plaats.Kennisagenda microplasticsOnlangs is de Kennisagenda «Microplastics in ons lichaam» doorkennisorganisatie ZonMw aangeboden aan de Ministeries van VWS en5Kamerstuk 32 852, nr. 3806Kamerstuk 32 852, nr. 3487Kamerstuk 32 140, nr. 278Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 852, nr. 3975 IenW. De kennisagenda is gefinancierd door VWS en IenW en bevat dehuidige inzichten over de gezondheidseffecten van microplastics, maarvooral ook wat er nog aan kennis ontbreekt. De belangrijkste conclusiesvan de nieuwe kennisagenda zijn:•Mensen worden met name via de lucht blootgesteld aan de plastic-deeltjes, vooral binnenshuis, maar ook via voeding en drinkwaterkomen de kleine deeltjes in ons lichaam.•Overal in het lichaam kunnen micro- en nanoplastics wordenaangetoond.•Micro- en nanoplastics hebben hoogstwaarschijnlijk effect op onzecellen, weefsels en organen.•Laboratoriumproeven wijzen op een verhoogde ontstekingsneiging indiverse weefsels, mogelijke effecten tijdens de embryonale ontwikke-ling, een mogelijk verhoogde kans op kanker en op ontregeling in dehersenen. Bij de vertaalslag van laboratoriumresultaten naar de mensis voorzichtigheid geboden.De belangrijkste nog ontbrekende kennis is wetenschappelijk bewijs voorde gezondheidseffecten van (langdurige) blootstelling op mensen, derelatie tussen menselijk gedrag, blootstelling en risico’s en onderzoek naarmogelijkheden om de risico’s te beperken. Deze kennis is belangrijk omspecifiek beleid te kunnen maken om mens en leefomgeving tebeschermen. Daarom heeft VWS in samenwerking met IenW aan ZonMween opdracht gegeven om onderzoek naar voorgenoemde onderwerpente laten doen. In december 2025 begint een nieuw vierjarig programmaonder de naam MOMENTUM 3.0, waarin door een consortium onderandere gekeken zal worden naar blootstelling van microplasticsbinnenshuis.Rapportage Monitoring Chemische Recycling ProjectenBij deze brief is de Rapportage Monitoring Chemische Recycling Projectenover 2025 gevoegd. Deze rapportage is een inventarisatie gemaakt opbasis van een jaarlijkse enquête onder chemische recyclingprojecten inNederland. Belangrijkste conclusie is dat er voor het eerst sinds jarenopschaling plaatsvindt, maar dat die opschaling fragiel is, gezien het feitdat ook meerdere chemische recyclers failliet zijn gegaan of productiehebben afgeschaald.Tot slotOver de circulaire hefboom zal ik u, mede namens de StaatssecretarisFiscaliteit, Belastingdienst en Douane, en de Minister voor Klimaat enGroene Groei, nader informeren in het voorjaar van 2026.De Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat,A.A. AartsenTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 852, nr. 3976

Eerdere bronversies

17 okt 2026 · fc5cfd6e7e4e623f

14 okt 2026 · 3e1c89792db09fc7

13 okt 2026 · 41dcfb726409993f

Gerelateerde bronnen

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.