KamerkringInloggen
Kamerbrief

PAS-melders

26 jun 2026 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie 9ae716dca1fa10b2 · officiële bron

Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2025–202635 334Problematiek rondom stikstof en PFASNr. 448 BRIEF VAN DE MINISTER VAN LANDBOUW, VISSERIJ, VOEDSEL-ZEKERHEID EN NATUUR Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 26 juni 2026Het kabinet voelt zich verantwoordelijk om alle PAS-melders weer in eenlegale situatie te krijgen. Dit zijn ondernemers die, buiten hun schuld om,in problemen zijn gekomen. Het Kabinet zal zich ervoor inzetten om dezeondernemers te helpen. Deze inzet wordt hernieuwd en aangevuld met deopvolger voor het programma PAS-melders, onder de naam: ProgrammaMaatwerk PAS-melders (PMP). Deze heeft in internetconsultatie gelegentussen 17 april en 29 mei. Hieruit zijn 81 zienswijzen binnenkomen. Ik benblij met de binnengekomen reacties en denk dat de verwerking hiervanheeft geleid tot een sterker, duidelijker en doelgerichter programma. Hetlegaliseren van activiteiten van PAS-melders blijft een prioriteit, waarbijRijk en provincies zich inzetten voor maatwerkoplossingen binnen dewettelijke kaders. Daarnaast zal ook blijvend worden gekeken naarmogelijke alternatieve of generieke oplossingen voor de PAS-melders.Het kabinet heeft binnen de Taskforce Landbouw, Natuur en Stikstofbesloten om € 350 miljoen vrij te maken om het maatwerkprogrammaextra slagkracht te geven. Over de definitieve inzet van dit geld zal uwkamer bij de augustusbesluitvorming verder worden geïnformeerd.Hieronder licht ik toe welke stappen zijn gezet, en hoe we de komendeperiode verder werken aan structurele oplossingen voor dezeondernemers.Terugkoppeling internetconsultatie programmaPer 18 februari 2026 is de wijziging van de Omgevingswet in werkinggetreden waarin de wettelijke termijn voor het legaliseren vanPAS-melders is verlengd. Met dit programma geef ik uitwerking aan dezewettelijk taak, en stel ik voor hoe PAS-melders geholpen kunnen wordenom in een legale situatie te komen. Dit kan ik niet alleen. Provincies speleneen belangrijke rol. Ik ben dan ook dankbaar voor de inbreng vanuit hetInterprovinciaal Overleg en van afzonderlijke provincies. kst-35334-448ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2026Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 35 334, nr. 4481 De persoonlijke reacties van de PAS-melders uit de internetconsultatieraken mij zeer. Deze ondernemers zitten al sinds 2019 in onduidelijkheid.Veel van hen hebben aangegeven behoefte te hebben aan een overheiddie hen actief, betrokken en oplossingsgericht helpt. En dat ze dat ernstigmissen en hebben gemist. Dat trek ik me aan. Ik geloof dat hetPAS-programma, en zeker ook de zaakbegeleiders, een rol kunnen spelenom dit vertrouwen weer te herstellen. Om dit programma succesvol telaten zijn, is samenwerking met de PAS-melder en maatwerk peronderneming noodzakelijk. In gesprekken met zaakbegeleiders wordt ersamen met de ondernemers verkend welke mogelijkheden er zijn om hetbedrijf weer in een legale situatie te krijgen, hierbij wordt zo veel mogelijkuitgegaan van de wensen van de ondernemer. Ik wil hier nogmaalsbenadrukken dat dit niet betekent dat de verantwoordelijkheid daardoorverschuift.De reactie van de provincies heb ik zo goed mogelijk proberen teverwerken in het definitieve programma. Daarnaast zal ik tijdens delooptijd van dit programma in gesprek blijven met de verschillendeprovincies om invulling te geven aan onze gezamenlijke opgave en omervoor te zorgen dat de uitvoering goed verloopt en het instrumentariumvoldoende aansluit bij de praktijk. Het zijn uiteindelijk de provincies alsbevoegd gezag die dagelijks te maken hebben met PAS-melders die eenoplossing willen. Tegelijkertijd zijn het ook de provincies die zichgeconfronteerd voelen met handhavingsverzoeken. Rijk en provinciesdelen het belang van dit programma om met duidelijke routes naarlegalisatie een onderbouwing te bieden om gemotiveerd te kunnen blijvenafzien van handhaving. Het maatregelpakket heeft deze functie. Het is eenprioriteit om ervoor te zorgen dat PAS-melders tijd hebben om de voorhun gewenste route naar een oplossing te verkennen.Een aantal reacties ingediend door PAS-melders ging over het opnieuwmoeten aanmelden voor het PAS-programma. Dat is niet het geval en ditheb ik verduidelijkt in het programma. Ook is nog duidelijker toegevoegdwelke instrumenten beschikbaar zijn om PAS-melders in een legalesituatie te brengen. Binnen de huidige jurisprudentie is het legaliseren vande PAS-melding met stikstofruimte uit andere regelingen een hele groteuitdaging. Met dit programma wil ik juist mogelijkheden aan PAS-meldersbieden om in een legale vergunde situatie te komen via maatwerk. Dat isintensief maar noodzakelijk om tot een oplossing te komen.De reacties van LTO en NAJK bevatten terechte punten. Ik herken hetbelang van het lostrekken van vergunningverlening in den brede. Dit iseen van de prioriteiten van de Taskforce Landbouw, Natuur en Stikstof.Het maatregelpakket dat de taskforce presenteert en verder zal gaanuitwerken heeft als doel om de randvoorwaarden voor een succesvolleaanpak voor PAS-melders de komende tijd in te vullen.Een aantal reacties, zoals die van Stichting Stikstof Claim en Agractie,hangen samen met de huidige systematiek van natuurvergunningver-lening. In de reacties worden suggesties gedaan om de stikstofproble-matiek op te lossen. Die suggesties nemen we mee in het algemenebeleid. Ik deel, samen met de indieners, de wens om tot juridischhoudbare oplossingen te komen.De komende tijd ga ik aan de slag om ervoor te zorgen dat alle zienswijzeneen individuele reactie ontvangen. Ik wil nogmaals iedereen bedanken diede moeite heeft genomen om te reageren.Met dit programma geef ik mijn blijvende commitment aan dePAS-melders aan om hun situatie met prioriteit op te lossen.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 35 334, nr. 4482 Voortgang Programma Maatwerk PAS-meldersHet Programma Maatwerk PAS-melders biedt ondernemers die door hetvervallen van het Programma Aanpak Stikstof (PAS) buiten hun schuld ineen illegale situatie zijn beland, een structurele oplossing. Rijk enprovincies werken samen aan een maatwerkaanpak, waarbij per bedrijfwordt bekeken welke van de vier oplossingsrichtingen het beste past:intern salderen (reductie binnen de eigen bedrijfsvoering), extern salderen(mitigatie via andere locaties), (gedeeltelijke) beëindiging van de activiteit,of verplaatsing naar een locatie waar vergunningverlening mogelijk is.Voor de PAS-meldingen die op dit moment nog niet geverifieerd zijnhebben we een deadline gesteld voor het aanleveren van informatie. Zijzullen vervolgens meelopen in het programma en er zijn afsprakengemaakt met het bevoegd gezag om deze groep voor 15 januari 2027zekerheid te bieden of ze in het programma horen. Het doel is dat allepositief geverifieerde PAS-melders uiterlijk 1 maart 2028 zicht hebben opeen legale situatie, zodat de wettelijke termijn niet verlengd hoeft teworden.Om een oplossing voor alle PAS-melders te bereiken, worden onder-nemers persoonlijk begeleid en kunnen zij gebruikmaken van subsidiere-gelingen, zoals de Regeling Provinciale Maatregelen PAS-melders (RPMP).VerificatieprocesAlle PAS-melders die zich hebben gemeld bij het bevoegd gezag zijnbekend. Het is niet nodig om een nieuwe aanmelding te doen.Om het verificatieproces af te ronden en alle PAS-melders duidelijkheidover verificatie te geven zijn verschillende termijnen geformuleerd:–1 oktober 2026: uiterste datum waarop ondernemers de benodigdegegevens voor verificatie moeten aanleveren. Zonder deze informatiekan niet worden vastgesteld of zij in aanmerking komen voor onder-steuning. Als u nog niet alle gegevens hebt aangeleverd, moet u datvoor deze datum doen.–15 januari 2027: deadline waarop provincies de ondernemersschriftelijk informeren over het resultaat van de verificatie. Dezetermijnen zijn cruciaal om tijdig maatwerkoplossingen te kunnenbieden en de voortgang van het programma te monitoren. Deprovincies zullen u voor 15 januari 2027 informeren over uw verificatie.–1 maart 2028: uiterste datum waarop PAS-melders een plan moetenindienen bij het bevoegd gezag om hun bedrijfsvoering naar eenlegale situatie te brengen. Dit plan hoeft op dat moment nog nietvolledig geïmplementeerd te zijn, maar biedt wel duidelijkheid over dete volgen route.Afzien HandhavingPAS-melders worden veelvuldig geconfronteerd met handhavingsver-zoeken. Ik vind het onbestaanbaar dat ondernemers die te allen tijde metgoede trouw hebben gehandeld de dupe worden van uitblijvendnatuurbeleid van de overheid. Met het pakket van de Taskforce geeft hetkabinet invulling aan de ambitie om te kunnen afzien van handhaving. HetProgramma Maatwerk PAS-melders biedt de wettelijke en beleidsmatigegrondslag om handhavingsverzoeken tegen PAS-melders gemotiveerd afte wijzen. Dit volgt uit de Wet natuurbescherming en de Omgevingswet1,waarin is vastgelegd dat Rijk en provincies verantwoordelijk zijn voor hetlegaliseren van activiteiten die door het wegvallen van het PAS in een1Artikel 22.21 omgevingswetTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 35 334, nr. 4483 illegale situatie zijn beland. Daarnaast heeft de Afdeling bestuursrecht-spraak van de Raad van State in eerdere jurisprudentie bevestigd dathandhaving onevenredig kan zijn als er sprake is van een concreetlegalisatieperspectief en de ondernemer te goeder trouw heeft gehandeld.Het programma voorziet in een gestructureerde aanpak met duidelijketermijnen en maatwerkoplossingen, waardoor provincies kunnenonderbouwen dat handhaving niet in verhouding staat tot het natuur-belang – zeker nu er actief wordt gewerkt aan stikstofreductie en natuur-herstel. Bovendien dragen bronmaatregelen zoals de sanering vanvarkenshouderijen (Srv) en gerichte aankopen (MGA-1) bij aan een dalingvan de stikstofdepositie, wat de proportionaliteit van handhaving verderondergraaft. Hierdoor kunnen handhavingsverzoeken tijdelijk wordenafgewezen, mits de PAS-melder actief meewerkt aan een structureleoplossing.Programma en de Taskforce Landbouw, Natuur en StikstofTegelijk met dit nieuwe programma presenteert het kabinet ook eenpakket aan maatregelen waar de Taskforce Landbouw, Natuur en Stikstofaan heeft gewerkt. Het doel van dit pakket is om natuur te herstellen,vergunningverlening weer los te trekken en ontwikkelingen weer mogelijkte maken. De maatregelen die dit mogelijk maken vragen van allesectoren in Nederland een bijdrage om stikstofemissies te reduceren.Specifiek voor PAS-melders kunnen de zaakbegeleiders meedenken hoede opgave vanuit de taskforce kan worden ingevuld, naast de opgave omhet bedrijf weer in een legale situatie te krijgen. Hierbij zet het Rijk vol inop de mogelijkheden die de maatwerkaanpak biedt via innovatie,verplaatsing, extensivering en in uiterste gevallen (gedeeltelijke)beëindiging wanneer de PAS-melder dit zelf wenst. PAS-melders hebbende afgelopen jaren te lang in onzekerheid verkeerd. Ik ben ervan overtuigddat met de ambities en met het pakket van de Taskforce die onzekerheidkan worden weggenomen. Parallel aan het programma blijven wij zoekennaar een generieke oplossing voor alle PAS-melders die juridischhoudbaar is. Daarbij maken we ook gebruik van ideeën uit het veld. Ookzullen we samen met de provincies, enkele auteurs van het WUR-rapporten de agrarische partijen (o.a. LTO en NAJK) verkennen voor welkegebieden de aanpak vanuit het WUR-rapport praktisch uitvoerbaar zoukunnen zijn (inclusief het idee van een nieuwe referentiesituatie).Onderzocht wordt of, en zo ja hoe, door aanpassing van beleidsregelsvoor vergunningverlening een permanente vergunningsoplossing voorPAS-melders en interimmers zou kunnen worden geboden. Uiterlijk einddit jaar zal het kabinet de resultaten van deze verkenning aan de Kamerpresenteren, hiermee wordt de motie Grinwis beschouwd als afgedaan.2VerificatieDe bevoegd gezagen beoordelen welke PAS-melders in aanmerkingkomen voor het Programma Maatwerk PAS-melders, voor PAS-melderszijn dit vaak de provincies. Van de oorspronkelijke 3.637 PAS-melders zijn2.624 legalisatieverzoeken ingediend. Hiervan zijn er 146 dubbelingediend, waardoor er 2.478 unieke verzoeken zijn.Van de 2.478 unieke legalisatieverzoeken zijn inmiddels 2.062 verzoekenvolledig beoordeeld. Het merendeel van de betrokken PAS-melders ishierover door het bevoegd gezag, vaak de provincie, geïnformeerd. 171verzoeken zijn inmiddels ingetrokken. Van de 2.478 unieke legalisatiever-zoeken zijn 416 dossiers (nog) niet volledig beoordeeld. Provincies werkenhier nog aan antwoord op de vraag of de aanvragen aan de criteria2Kamerstukken II, 2025/26, 35 334, nr. 436.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 35 334, nr. 4484 voldoen. Ik heb de provincies verzocht hier prioriteit aan te geven en hetverificatieproces zo snel mogelijk af te ronden.Uit de cijfers rond de geverifieerde PAS-melders blijkt het volgende:–Bij 407 gevallen is het verzoek beoordeeld en vastgesteld dat deze nietvoldoen aan de criteria van het legalisatieprogramma omdat er geenPAS-melding is gedaan of omdat de melding niet de criteria voldeed.•Aan de negatieve verificatie liggen verschillende oorzaken tengrondslag. De initiatiefnemers zijn per brief geïnformeerd over denegatieve verificatie en welke vervolgstappen er genomen kunnenworden. Indien deze initiatiefnemers een vergunning nodig hebbenkunnen zij zich melden bij het bevoegd gezag.–1.448 dossiers voldoen aan de criteria van het legalisatieprogrammaen wachten op een oplossing.•Voor 19 PAS-melders geldt dat er een onherroepelijke vergunningis verleend. Voor hen is de situatie opgelost.In navolging van de motie De Groot, Van Campen, Boswijk en Grinwis ende aanvullende motie van Grinwis wordt uw kamer elk kwartaal geïnfor-meerd over de stand van zaken met betrekking tot het verificatieprocesvan de PAS-melders en de voortgang van het legalisatieprogramma. Ervindt regelmatig informeel bestuurlijk overleg met de provincies plaatswaardoor ik vaak spreek over de stand van zaken rondom verificatie. Deprovincies blijven hier mee bezig maar geven ook aan dat verificatie somsniet kan worden afgerond door het uitblijven van gegevens vanuit deaanmelder. Wij blijven gezamenlijk aan de slag om de verificatie zospoedig mogelijk samen af te ronden. Over de voortgang hiervan zal deKamer zoals afgesproken elk kwartaal worden geïnformeerd. Hiermeegeef ik invulling aan de moties.3, 4Verkenning voor artikel 22.21a ow en interimmersDit programma betekent niet alleen iets voor PAS-melders. Ook voorandere ondernemers die door onrechtmatig overheidshandelen nietbeschikken over een toereikende Natura 2000-activiteit toestemming staathet Rijk aan de lat. Ik vind het van belang om voor deze ondernemers meteen passende en geschikte aanpak te komen die er de komende jaren voorkan zorgen dat ook deze ondernemers kunnen verduurzamen, investeren,hun bedrijf kunnen overdragen en zich kunnen blijven inzetten voor deNederlandse economie. Daarom start ik een verkenning om deze opgavein beeld te krijgen en om te onderzoeken met wat voor soort aanpak dezeondernemers het best geholpen zijn. Bij deze verkenning wordt ook deopdracht vanuit het coalitieakkoord voor interimmers betrokken. Ik hebBart Krol bereid gevonden deze verkenning op zich te nemen.Ik geef hem de opdracht mee om te verkennen welke definities en beeldenvan interimmers er zijn, voor welke ondernemers het Rijk, op basis vanhet amendement, aan de lat staat en wat het Rijk voor deze ondernemersmoet doen, kan doen en welke maatregelen effectief kunnen zijn. Ik zal uwkamer informeren over de voortgang van deze verkenning en deuitkomsten met u delen. Hiermee beschouw ik de motie van Grinwis,Vedder, Flach en Holman als afgedaan.5Moties over PAS-meldersSamen met uw Kamer werk ik aan het oplossen van dePAS-meldersproblematiek. Uw Kamer denkt gelukkig ook mee inmogelijke oplossingen voor PAS-melders.3Kamerstuk 34 682, nr. 1364Kamerstuk 35 334, nr. 3465Kamerstuk 36 755, nr. 22Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 35 334, nr. 4485 Zo is er een motie ingediend waar in de regering wordt verzocht om, inoverleg met provincies, een voorstel te doen voor het aanbieden van eenvergunning en omschakelvergoeding. Dit voorstel gericht op PAS-meldersen interimmers die stoppen met het gebruik van kunstmest en inkoop vankrachtvoer. Dergelijke oplossingen kunnen provincies en PAS-melders,indien gewenst met ondersteuning van een zaakbegeleider, samenverkennen als onderdeel van de maatwerkaanpak. Hiermee beschouw ikde motie van de leden Bromet en Grinwis als afgedaan.6Op dit moment kunnen belangrijke maatschappelijke en economischeontwikkelingen niet of slechts met grote moeite vergund worden. Ditvinden wij, net als uw Kamer, zeer frustrerend. Uw Kamer heeft verschil-lende moties aangenomen die vragen om meer sturing op de beschikbarestikstofruimte, in het bijzonder ten behoeve van PAS-melders.De overheid kan uitsluitend sturen op de inzet van «stikstofruimte» die zijzelf beheert, bijvoorbeeld via een stikstofbank. Dat betreft maatregelen diedoor de overheid zijn getroffen en die, project specifiek of via stikstof-banken, kunnen worden ingezet als mitigerende maatregel bij nieuwe ofgewijzigde activiteiten. Voor de SSRS-bank is een prioritering vastgesteldbinnen de categorieën van projecten waarvoor ruimte mag wordeningezet. Ruimte uit de SSRS-bank wordt met voorrang ingezet voor hetfaciliteren van concrete woningbouwprojecten en het legaliseren vanPAS-melders. Daarnaast kan ruimte uit de SSRS-bank worden ingezetvoor renovatie- en veiligheidsprojecten van rijkswegen.7 Met de afwegingvoor de projectcategorieën prioritering binnen de SSRS-bank beschouwenwij de motie Bromet/Thijssen en de motie Boucke c.s. als afgedaan.8, 9Uw Kamer heeft een aantal moties aangenomen die vragen omaanscherping van de beleidsregels rond extern salderen. In juni 2024 is deevaluatie extern salderen met uw Kamer gedeeld; hierin is onderzocht hoeextern salderen in de praktijk werkt.10 Uit de evaluatie blijkt het volgende:–Er is geen sprake van «handel in stikstofruimte» of «stikstofjacht». Datidee berust op onjuiste aannames.–Extern salderen komt relatief weinig voorkomt en de meeste externsaldeertransacties verlopen via de SSRS-bank.–Bij extern salderen buiten de SSRS-bank om, vindt extern salderen hetmeeste plaats tussen agrarische bedrijven onderling.–Het bevoegd gezag kan er zelf voor kiezen de regels rond externsalderen aan te scherpen.Wij zien op dit moment vanuit het Rijk geen directe aanleiding om debeleidsregels extern salderen verder aan te scherpen en daarmeemogelijkheden van agrariërs om extern te salderen verder te beperken.Daarmee beschouwen we de moties Grinwis/Boswijk11 en Flach12 alsafgedaan en zal ik de motie De Hoop c.s.13, die de regering verzoekt eenhalt toe te roepen aan de stikstofjacht op boeren, niet uitvoeren. Ook demotie van Grinwis en Vedder om de beleidsregels aan te passen zodatdier- en fosfaatrechten niet meer los verkocht worden is niet meeropportuun. Ik kies voor een KPI voor fosfaatrechten als onderdeel van hetmaatregelpakket. Daarmee beschouw ik deze motie als afgedaan.146Kamerstuk 35 334, nr. 3807De prioritering is te vinden in de Omgevingsregeling en is destijds door de politiek bepaald.8Kamerstuk 36 200 XIV, nr. 549Kamerstuk 31 936, nr. 110010Kamerstuk 35 334, nr. 30011Kamerstuk 34 682, nr. 14312Kamerstuk 29 665, nr. 50313Kamerstuk 31 936, nr. 116014Kamerstuk 36 410 A, nr. 41Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 35 334, nr. 4486 Ook het voorstel uit de motie Grinwis c.s. perkt de toestemmingverleningin alle sectoren nog verder in. Op dit moment zijn er in totaal 17 stikstof-banken met stikstofdepositieruimte:–1 Rijksbank (de SSRS-bank),–15 provinciale banken (van 9 provincies)–1 landsdekkende microdepositiebank.15Deze banken bevatten weinig tot geen inzetbare ruimte vanwege hetadditionaliteitsvereiste. Een eerste stap om de vergunningverlening weervlot te trekken wordt door de Taskforce Landbouw, Natuur en Stikstofgepresenteerd. Hiermee beschouwen we de motie Grinwis c.s. alsafgedaan.16De motie Van Campen/Grinwis, die tracht de hoeveelheid stikstofruimtedie beschikbaar is voor PAS-melders te vergroten, vraagt om het instellenvan een PAS-meldersnorm en vraagt daarnaast ook om het mogelijk temaken dat restruimte en onbenutte ruimte na extern salderen kan wordeningezet voor het legaliseren van PAS-melders.17Zoals ook mijn voorganger in de Kamerbrief van 29 januari 2026 heeftaangegeven dat het legaliseren van PAS-melders met «stikstofruimte»verkregen uit bronmaatregelen slechts voor een klein aantal PAS-melderseen oplossing.18 Het extra afromen van stikstofruimte bij extern salderenten behoeve van PAS-melders zal naar verwachting weinig bijdragen,omdat:–De beschikbare ruimte zeer beperkt en verspreid is–Deze ruimte vaak niet voldoet aan het additionaliteitsvereiste.Daarnaast is er voor het introduceren van deze zogeheten«PAS-meldersnorm» geen wettelijke grondslag Een dergelijke norm zoubovendien gevolgen hebben voor alle sectoren, waaronder PAS-meldersdie extern willen salderen.19 Provincies hebben afgesproken om vrijge-vallen stikstofruimte na transacties te registreren in de microdeposi-tiebank. Bevoegde gezagen kunnen deze ruimte inzetten voor hetlegaliseren van PAS-melders. Veel provincies hebben de vergunningver-lening op basis van salderen echter voorlopig opgeschort. Zij wachtenhierbij op een pakket aan aanvullende bron- en natuurmaatregelen voorhet behoud van de en verbetering van de Natura 2000-gebieden. Hiermeebeschouwen wij de motie als afgedaan.De motie Flach c.s. verzoekt om in kansrijke gebieden op de korte termijnwerk te maken van extern salderen ten behoeve van het legaliseren vanPAS-knelgevallen. De motie Grinwis/Flach vraagt om provincies metprioriteit bij te staan om via extern salderen PAS-melders te helpen.20, 21Met de maatwerkaanpak wordt op bedrijfsniveau gekeken naar demogelijkheden om de PAS-melder in een legale situatie te brengen. Hetlegaliseren van de melding met vrijgemaakte ruimte wordt als een van deoplossingen betrokken. Hiermee beschouwen we de moties als afgedaan.De leden Van der Plas en Wiersma roepen mij op om met dezelfde ambitieen voortvarendheid als bij Lelystad Airport inzichtelijk te maken welkestikstofruimte nodig en beschikbaar is om PAS-melders te legaliseren en15Eerste Kamer, Kamerstuk 35 334, BX16Kamerstuk 29 665, nr. 51317Kamerstuk 29 665, nr. 50818Kamerstuk 35 334, nr. 42619Met een afroompercentage t.b.v. PAS-melders is er (ook voor PAS-melders) minder ruimtebeschikbaar om mee te salderen. Hierdoor is het mogelijk dat er meerdere saldogeversgevonden moeten worden wat kan leiden tot hogere kosten.20Kamerstuk 29 665, nr. 50221Kamerstuk 36 600 XIV, nr. 57Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 35 334, nr. 4487 uw Kamer hier voor de zomer over te berichten. Het kabinet heeft eenduidelijk beeld van de ruimte die nodig is om PAS-melders te legaliseren.Echter, is de hoeveelheid ruimte voor elke casus anders en is het over hetalgemeen op dit moment niet mogelijk om deze ruimte in te zettenvanwege additionaliteit. Daarbij wil ik benadrukken dat mijn inzet voorPAS-melders juist intensiever is dan voor andere initiatiefnemers.Daarmee beschouw ik deze motie dan ook als afgedaan.22Tot slot wil ik benadrukken dat het Kabinet in de Taskforce Landbouw,Natuur en Stikstof zich blijft inzet voor het faciliteren van economische enmaatschappelijke ontwikkelen in balans met de natuur. De welwillendheiden creativiteit in het vinden van oplossingen zijn een onderdeel van alleoplossingsrichtingen die worden verkend. Hiermee beschouw ik ook demotie van het lid Kostic´ als afgedaan.23De Minister van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur,J. van Essen22Kamerstuk 31 936, nr. 127623Kamerstuk 29 665, nr. 510Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 35 334, nr. 4488

Eerdere bronversies

17 okt 2026 · a7a4d97dc91f555f

14 okt 2026 · c472427752b5b23f

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.