Onderwegpas geen onderdeel Sociaal Klimaatplan
Brontekst
Versie 9117fc6a2f19ee67 · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2025–202623 645Openbaar vervoer31 305Mobiliteitsbeleid32 813Kabinetsaanpak KlimaatbeleidNr. 874 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN INFRASTRUCTUUR ENWATERSTAAT Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 21 november 2025In de brief van 26 september1 is de Kamer geïnformeerd over de standvan zaken van de Onderwegpas in het Nederlandse Sociaal Klimaatplan.In het Bestuurlijk Overleg van het NOVB was geen overeenstemmingbereikt om door te gaan met de ontwikkeling van een landelijk geldigreisabonnement voor minima (de «Onderwegpas»). Zoals vermeld in debrief achtten de streekvervoerders, verenigd in de Federatie Mobiliteitsbe-drijven Nederland (FMN), de risico’s te groot om de stap naar zo’n pasdaadwerkelijk te gaan zetten. Niet alleen vanwege de impact op deintroductie van OVpay, maar ook op de eventuele derving zonder eeninkomstengarantie vanuit overheidszijde.De Kamer heeft tijdens de Algemene Politieke beschouwingen eenvoorkeur uitgesproken voor een abonnement voor NS-reizigers2 binnende doelgroepen jongeren en minima. Het kabinet vindt net als de Kamerhet ondersteunen van deze doelgroepen belangrijk. Om die reden issamen met de Staatssecretaris van Sociale Zaken gekeken of het mogelijkwas om de Onderwegpas zo vorm te geven dat, na introductie van hetabonnement door de NS, ook andere OV-bedrijven zich op een latermoment aan zouden kunnen sluiten. Op deze manier zou er uiteindelijkeen landelijk dekkend abonnement kunnen ontstaan waarmee reizigersmet een minimuminkomen met trein, bus, tram en metro zouden kunnenreizen in heel Nederland.Het kabinet heeft echter helaas moeten constateren dat het opnemen vande Onderwegpas in deze veranderde vormgeving niet mogelijk is binnenhet tijdspad van het Sociaal Klimaatplan. Daarom heeft het kabinetbesloten het voorstel voor de Onderwegpas uit het Sociaal Klimaatplan te1Kamerstuk 23 645, nr. 868.2Kamerstuk 36 800, nr. 58 d.d. 18 september 2025, motie van de leden Bikker en Van Hijum overde geoormerkte middelen uit het Klimaatfonds en het Social Climate Fund als eerste in tezetten voor een kortingsproduct voor reizen van jongeren en minima met NS. kst-23645-874ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2025Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 23 645, nr. 8741 halen. Dat betekent dat er niet voldoende budgettaire dekking beschikbaaris voor de Onderwegpas.In de gesprekken die zijn gevoerd met de Europese Commissie over devormgeving van de Onderwegpas is door de Europese Commissieaangegeven dat er een staatssteunmelding (op basis van artikel 107 vanhet Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie) moest wordeningediend en beoordeeld om goedkeuring te krijgen voor deze maatregel.Het doorlopen van dat proces neemt meerdere maanden in beslag en ookde uitkomst ervan is onzeker. Dat, in combinatie met het feit dat hetSociaal Klimaatplan alleen in volledigheid kan worden beoordeeld en inzijn geheel kan worden goedgekeurd of afgekeurd door de EuropeseCommissie, levert volgens het kabinet voor de overige maatregelen een tegroot risico op dat Nederland de middelen uit het Klimaatplan niet of veellater ontvangt. Met name voor de start van het Warmtefonds en Energie-fonds zijn de consequenties te groot, omdat deze fondsen de basisvormen aan de steun voor huishoudens die het hardst geraakt wordendoor hoge energiekosten. Dit gegeven, en de planning van de anderemaatregelen in het Sociaal Klimaatplan, hebben helaas geleid tot hetbesluit om de Onderwegpas niet op te nemen in het Sociaal Klimaatplan.Het kabinet kan door dit besluit ook geen uitvoering geven aan de motievan de leden Bikker en Van Hijum.Dit besluit heeft als gevolg dat de gereserveerde middelen in hetEuropese Social Climate Fund weer vrijvallen. De Staatssecretaris vanSociale Zaken zal de Kamer informeren over de nieuwe verdeling vandeze middelen. De beoogde cofinanciering uit het Nederlandse Klimaat-fonds zal, in lijn met de afspraak in het Meerjarenprogramma 2026,gereserveerd blijven voor verduurzaming van de mobiliteit. De Kamerwordt hierover op een later moment geïnformeerd.De Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat,A.A. AartsenTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 23 645, nr. 8742
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.