Scenarioverkenning daling AOW-gerechtigde leeftijd als antwoord op de motie van de leden Flach en Stultiens over zich voorbereiden op een scenario waarin wetgeving tot stand moet komen om daling van de AOW-leeftijd mogelijk te maken (Kamerstuk 32043-679)
Brontekst
Versie d5811d5e2065e461 · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2025–202632 043Toekomst pensioenstelselNr. 693 BRIEF VAN DE MINISTER VAN SOCIALE ZAKEN ENWERKGELEGENHEID Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 14 januari 2026De afgelopen vijftig jaar is de levensverwachting in Nederland flinktoegenomen. Om de houdbaarheid van de AOW te waarborgen isafgesproken de AOW-gerechtigde leeftijd geleidelijk te laten stijgen envanaf 2026 voor 2/3e te koppelen aan de levensverwachting. Afgelopenjaren heeft uw Kamer gevraagd wat er gebeurt als die levensverwachtingniet stijgt – of zelfs daalt. Deze vraag ligt ook ten grondslag aan de motievan de leden Flach (SGP) en Stultiens (GL-PvdA)1. De motie is ingediendna een periode van hogere sterftecijfers door de coronapandemie ennoemt een eventuele stagnatie van de levensverwachting op termijn. Demotie verzoekt de regering voorbereidingen te treffen voor een scenariovan een dalende levensverwachting en een daling van de AOW-leeftijd inde wetsystematiek mogelijk te maken.Als opvolging van de motie heb ik verschillende scenario’s verkend, en dewaarschijnlijkheid daarvan, waarin de levensverwachting daalt. In debijlage vindt u twee scenario’s: allereerst die van een korte tijdelijke dalingvan de levensverwachting, zoals bij de coronapandemie. Het tweedescenario gaat over een structurele stagnatie of een daling van delevensverwachting op lange termijn. Voor deze scenario’s zijn recenteCBS-cijfers en de laatste (langetermijn)-prognoses gebruikt.Deze verkenning en de CBS-prognoses leiden tot de conclusie dataanpassingen van de huidige koppelingssystematiek op dit moment nietnoodzakelijk of zinvol zijn. De huidige systematiek is welbeschouwdrobuust en toekomstbestendig. Er is met de aankondigingstermijn van vijfjaar voldoende ruimte om in te spelen op bijzondere omstandigheden alseen crisis. Het CBS voorziet daarnaast voorlopig geen structureleveranderingen in de langetermijnprognose van de levensverwachting.1Kamerstuk 2024/25, 32 043, nr. 679 kst-32043-693ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2026Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 043, nr. 6931 Bij het vaststellen van de AOW-gerechtigde leeftijd staan duidelijkheid,voorspelbaarheid en voldoende voorbereidingstijd voorop. Pensioneringis een wezenlijke levensgebeurtenis waarbij zekerheid en een langjarigperspectief belangrijk zijn. Daarom is terughoudendheid geboden metvoorstellen die onzekerheid toevoegen zonder dat daar op dit momenteen concrete noodzaak voor is.Het is tegelijkertijd wel voorstelbaar dat de levensverwachting in detoekomst niet verder stijgt. Mocht deze ontwikkeling zich op termijnvoordoen – en daar zijn op dit moment geen aanwijzingen voor – zal ditgeleidelijk zichtbaar worden. In dat geval ga ik graag met uw Kamer ingesprek over eventuele aanpassingen in de systematiek.De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,M.L.J. PaulTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 043, nr. 6932
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.