Voortgang aanpak netcongestie
Brontekst
Versie 17d27d7ee6dbd55f · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2024–202529 023Voorzienings- en leveringszekerheid energieNr. 559 BRIEF VAN DE MINISTER VAN KLIMAAT EN GROENE GROEI Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 24 maart 2025De drukte op het elektriciteitsnet, netcongestie, is een urgente uitdagingvoor de ambities van het kabinet voor economische groei en werkgele-genheid, de verduurzaming van bedrijven, organisaties en mobiliteit, ende bouw van woningen. Het is een knelpunt op weg naar eenbetrouwbare, veilige en betaalbare energievoorziening, waarbij weminder afhankelijk zijn van andere landen en die duurzaam en schoon is.Uit de Klimaat- en Energieverkenning 2024 (KEV)1 blijkt dat de aanpak vannetcongestie één van de essentiële randvoorwaarden is om de reductie-doelen voor klimaatemissies binnen bereik te houden. De vraag naartransportcapaciteit van elektriciteit groeit nog altijd sneller dan hetaanbod. In nagenoeg het hele land komen grootverbruikers (bedrijven eninstellingen) die een nieuwe of zwaardere stroomaansluiting willen op eenwachtlijst. Ook op de laagspanningsnetten dreigt in de komende jarenoverbelasting, met mogelijke gevolgen voor kleinverbruikers zoalshuishoudens. Het kabinet neemt daarom regie op de aanpak vannetcongestie en werkt aan handelingsperspectief voor bedrijven enorganisaties die hierdoor moeite hebben om uitbreiding en verduur-zaming te realiseren. Hiervoor is (cijfermatig) inzicht in de situatie envoortgang van groot belang. Dit inzicht groeit, zoals blijkt uit bijgevoegdetweede voortgangsrapportage van het Landelijk ActieprogrammaNetcongestie (LAN). Hieruit blijkt onder meer dat het aantal nieuweaansluitingen daalt en de wachtrij voor grootverbruikers groeit, maar ookdat de bouw wordt versneld, met name aan de middenspanningsruimtes(«trafohuisjes»). Verder is zichtbaar dat het aantal gesloten flexibelecontracten is toegenomen.Aanpak netcongestieHet kabinet pakt netcongestie aan in verschillende programma’s. Hetzwaartepunt ligt bij het LAN waarin het kabinet samenwerkt met netbe-heerders, ACM, medeoverheden en marktpartijen. Daarnaast wordt met1Kamerstuk 32 813, nr. 1416 kst-29023-559ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2025Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 023, nr. 5591 aanpalende samenwerkingsprogramma’s bijgedragen aan de aanpak vannetcongestie, zoals het Meerjarenprogramma Infrastructuur Energie enKlimaat (MIEK), het Samenwerkingsprogramma Integraal ProgrammerenEnergiesysteem, Programma EnergieHoofdstructuur (PEH) en hetNationaal Programma Verduurzaming Industrie (NPVI). Deze programma’srapporteren separaat over hun planning en voortgang. Oplossingsrich-tingen met ruimtelijke implicaties worden meegenomen in de nieuweNota Ruimte en programma NOVEX. Binnen het kabinet worden deonderlinge samenhang en afhankelijkheden van de verschillendeprogramma’s geborgd. Verder was netcongestie een belangrijk gespreks-onderwerp op de Woontop en de OndernemersTop van december 2024.Op de Woontop zijn door de Minister van VRO onder meer afsprakengemaakt over netbewust bouwen, waarmee wordt gestart in de congestie-regio Flevopolder-Gelderland-Utrecht2. De input die op de Onderne-mersTop is opgehaald neemt de Minister van EZ mee bij de uitwerkingvan het Pact Ondernemingsklimaat3.Op 7 maart jl. is het rapport van het IBO (Interdepartementaal Beleidson-derzoek) Bekostiging Elektriciteitsinfrastructuur opgeleverd, dat in gaat opde financiering en verdeling van de kosten van de noodzakelijkeuitbreiding van het net, en betere benutting van het net4. Het kabinet zalgelijktijdig met de Voorjaarsnota inhoudelijk op dit rapport reageren.In het LAN zijn op dit moment ruim honderd concrete acties opgenomen.Deze brief en de bijgevoegde voortgangsrapportage van het LAN vormensamen de tweede brede rapportage aan het parlement over de voortgangvan de aanpak van netcongestie5. Op onderdelen is de Kamer in detussentijd separaat geïnformeerd6. Dit najaar verschijnt een update van denetbeheerders van de ontwikkeling van flexibiliteit en wachtrijen. In hetvoorjaar van 2026 ontvangt de Kamer weer een rapportage over dealgehele voortgang van de aanpak van netcongestie, waaronder het LAN.Deze brief bevat een toelichting op de voortgang en vooruitzichten van deaanpak van netcongestie langs de drie actielijnen van het LAN: SnellerBouwen, Beter Benutten en Slimmer Inzicht.1. Sneller Bouwen De noodzakelijke uitbreiding en verzwaring van het elektriciteitsnet is eenimmense bouwopgave. Daar gaat iedereen wat van merken inwoonwijken en het landschap. Tot 2040 moeten er ruim 50.000 transfor-matorhuisjes, meer dan 100.000 kilometer kabel en honderden hoogspan-ningsstations bij komen. Deze uitdaging vereist een vernieuwendewerkwijze van alle betrokken partijen. De uitstoot van stikstof en dekrappe arbeidsmarkt vormen daarbij aanvullende knelpunten.Het kabinet werkt in het LAN samen met netbeheerders en medeover-heden aan het wegnemen van barrières en het versnellen van deuitbreiding van de elektriciteitsinfrastructuur.2Kamerstuk 32 847, nr. 12373Kamerstuk 32 637, nr. 6624Kamerstuk 29 023, nr. 5535Zie voor de eerste editie van juni: Kamerstuk 29 023, nr. 5156brief «netcongestie» van 21 november 2024, Kamerstuk 29 023, nr. 525 en brief «Appreciatierapport onafhankelijk bestuurlijk aanjager slim met stroom», Kamerstuk 29 023, nr. 527Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 023, nr. 5592 Lopende acties Sneller BouwenDe realisatie van aanvullende transportcapaciteit wordt versneld met o.a.:–Kortere procedures:Het kabinet optimaliseert procedures met aanpassingen in wet- enregelgeving, zoals de versnelde procedure vanwege zwaarwegendmaatschappelijk belang en wijziging van de gedoogplicht in deontwerpfase, die beide een tijdwinst tot 1,5 jaar kunnen opleveren.Voor meer informatie over deze en andere versnellingsmaatregelenverwijst het kabinet naar de laatste MIEK-voortgangsbrief7. Hetwetsvoorstel Wet versterking regie volkshuisvesting vormt degrondslag voor de versnelde procedure vanwege zwaarwegendmaatschappelijk belang. Recent is de tweede nota van wijziging bij ditwetsvoorstel aan de Kamer aangeboden. Daarbij heeft het kabinet dewenselijkheid van een spoedige behandeling van het wetsvoorsteldoor het parlement onderstreept8.–Voldoende capaciteit medeoverheden:Bij provincies en gemeenten is voor projecten vaak slechts beperktpersoneel beschikbaar met expertise op het gebied van ruimtelijkeordening, wat de voortgang kan hinderen. Om hen tijdelijk te onder-steunen wordt een »vliegende brigade» opgericht, een expertpoolenergie-infrastructuur. Daarbij wordt voortgebouwd op de bestaandeexpertpool MIEK-PEH. De komende maanden wordt de preciezeinrichting van de expertpool bepaald.–Standaard werkwijzen en methodes mbt grondBegin januari is een onderzoek gestart naar de mogelijkheden om hetproces voor het vaststellen van grondprijzen te vereenvoudigen enstandaardiseren. Dit kan de ruimte voor discussie in het onderhandel-proces over de aankoop van grond voor hoog- en middenspanningselektriciteitsinfrastructuur verkleinen. Dit scheelt per project enkelemaanden. De resultaten worden in de zomer verwacht. Daarnaastwerkt de onafhankelijk coördinator Actieagenda netcongestielaagspanningsnetten, Stephan Brandligt, aan standaardisering vanafspraken over de grond voor het plaatsen van transformatorhuisjes,de zogenoemde «zekerheidsstelling», om vertraging te voorkomen.Binnenkort wordt een modelovereenkomst gepubliceerd waarin debelangen van zowel netbeheerder als gemeenten juridisch zijngeborgd.–StikstofDe uitstoot van stikstof is een doorlopende uitdaging voor bouwpro-jecten, zo ook voor energie-infrastructuurprojecten. Zoals in de laatsteMIEK-brief9 is toegelicht, onderzoekt het kabinet als voorkeursoptie detoepassing van een zogenoemde adc-toets. Het doel is om zowelzekerheid te bieden aan initiatiefnemers (houdbare vergunningen) alsbij te dragen aan de nationale doelen voor vermindering van stikstof-en CO2-uitstoot. Daartoe is met netbeheerders een actualisatie gestartvan het OSES (Onderzoek samenhang Energietransitie en stikstof in deindustrie) van februari 2024. Het kabinet verwacht de resultaten in hettweede kwartaal van 2025. De recente rechterlijke uitspraken rondomAmercentrale/Rendac en Greenpeace hebben niet direct invloed opdeze voorkeursoptie van het kabinet, omdat deze niet uitgaat vanintern salderen.7Kamerstuk 29 826, nr. 2178Kamerstuk 36 512, nr. 119Kamerstuk 29 826, nr. 201Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 023, nr. 5593 Belangrijkste ontwikkelingen en vervolgactiesHet kabinet werkt samen met de LAN-partners aan aanvullende maatre-gelen om de bouwopgave tijdig te behalen. Dit is een zoektocht naar debalans tussen enerzijds maximale impact op de realisatie van netwerkca-paciteit en anderzijds het belang van inspraak- en beroepsmogelijkheden,en andere maatschappelijke ambities en uitdagingen zoals woningbouwen defensie die ook in de schaarse ruimte moeten worden ingepast.Op dit moment worden onder meer de volgende mogelijkheden verkend:–KoepelvergunningenBegin januari is aanvullend onderzoek gestart naar de mogelijkhedenom vergunningsprocedures te versnellen met een methodiek zoalskoepelvergunningen, waarbij meerdere vergunningen voor energie-infrastructuur gelijktijdig worden verleend. De resultaten worden in dezomer verwacht.–Sneller trechteren locatiesMinder locatie-alternatieven vermindert de onderzoekslast voornetbeheerders en kan kortere procedures mogelijk maken. Dezeversnelling kan echter schuren met de wens om meerdere locatie-alternatieven die zijn aangedragen door bewoners zo lang mogelijkmee te nemen in de procedure. Het kabinet verkent met de provincieswat op dit punt met bestuurlijke afspraken kan worden versneld. Ditzou bij grote projecten enkele maanden of meer tijdwinst kunnenopleveren.Onderinvesteringen netbeheerdersIn het commissiedebat netcongestie en energie-infrastructuur van19 februari jl. is nadere informatie toegezegd over de onderinvesteringenvan de netbeheerders10. De ACM heeft begin 2024 een melding vanonderinvesteringen gedaan. De ACM concludeerde op basis van haartoets op de investeringsplannen (IP’s) dat netbeheerders niet in voldoendemate kunnen voorzien in de huidige en/of toekomstige behoefte aantransportcapaciteit. De Kamer is hierover bij brief van 21 mei 2024geïnformeerd11. De groei van de vraag naar capaciteit op het elektrici-teitsnet overstijgt de mogelijk-heden om hier tijdig infrastructuur voor aante leggen. Dit wordt het «maakbaarheidsgat» genoemd. Dit wordtveroorzaakt door diverse knelpunten, zoals het gebrek aan arbeidscapa-citeit, de lange doorlooptijden voor de vereiste vergunningen, deruimtelijke inpassing van grotere uitbreidingsprojecten en de beschik-baarheid van kritische materialen en componenten. In opdracht vanNetbeheer Nederland is begin 2024 berekend dat tot 2030 ongeveer€ 65 mld. aan investeringen in netuitbreiding nodig is, waarvan€ 46,5 mld. geldt als «maakbaar», wat betekent dat er een maakbaar-heidsgat is van 28% tot 2030. Het gehele onderzoeksrapport is te vindenop de website van Netbeheer Nederland12. De melding van onderinveste-ringen van de ACM betekent niet dat netbeheerders geld op de plank latenliggen, maar dat ze niet voldoende transportcapaciteit tijdig kunnenrealiseren, met netcongestie en wachtrijen tot gevolg. Dit gat moet dus zosnel mogelijk worden gedicht. Begin 2026 publiceren de netbeheerderseen nieuwe versie van de IP’s. Hierbij zullen zij nader ingaan op de huidigeomvang van het maakbaarheids-probleem en hoe dit zo veel mogelijkwordt ingelopen. In de eerste helft van 2026 zal het kabinet de Kamer perbrief informeren over de toets van de ACM en het Ministerie van KGG op10TZ202502-19411Kamerstuk 29 023, nr. 51412https://www.netbeheernederland.nl/publicatie/maakbaarheidsgatTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 023, nr. 5594 de IP’s van 2026 en daarbij ook ingaan op de stand van zaken rond hetmaakbaarheidsgat.2. Beter Benutten Naast uitbreiding van de fysieke capaciteit van het elektriciteitsnet isbetere benutting van het net van cruciaal belang voor de aanpak vannetcongestie. Het realiseren van meer flexibiliteit is bovendien essentieelvoor het energiesysteem van de toekomst13. Het net is slechts een deelvan de tijd «vol». Door het elektriciteitsgebruik beter te spreiden wordende gevolgen van netcongestie verminderd en kunnen meer gebruikersworden aangesloten. Hierover heeft de bestuurlijk aanjager, GerardSchouw, in november een aantal adviezen uitgebracht dat het kabinetgrotendeels opvolgt als aanvulling op de netcongestie-aanpak14.Het LAN bevordert betere benutting langs drie lijnen:1.Beter benutten mogelijk maken: het scheppen van (juridische)randvoorwaarden door de ontwikkeling van alternatieve contractvor-men en mogelijkheden voor congestiemanagement uit te breiden.2.Beter benutten bedrijven en instellingen: ondersteuning voorgrootverbruikers om meer flexibel worden in hun elektriciteitsgebruik.3.Beter benutten kleinverbruikers: het bieden van handvatten aanhuishoudens en andere kleine verbruikers om efficiënt gebruik temaken van het laagspanningsnet. Ook de thema’s wonen en mobiliteitvallen binnen dit onderdeel.2.1 Beter Benutten Mogelijk Maken Binnen de LAN-actielijn Beter Benutten Mogelijk Maken werken het Rijk,de ACM, netbeheerders en andere belanghebbenden aan het creëren enuitrollen van instrumenten die betere benutting van het elektriciteitsnetmogelijk maken. Een volledig overzicht van afgeronde en lopende acties isopgenomen in de bijgevoegde voortgangsrapportage.Belangrijkste ontwikkelingen–Inwerkingtreding tijdsafhankelijke tarieven hoogspanningsnetOp het Tennet-net gelden per 1 januari jl. tijdstipafhankelijke nettarie-ven. Hiermee worden grootverbruikers op het landelijk hoogspan-ningsnet met een financiële prikkel gestimuleerd (een deel van) hunverbruik naar momenten buiten de piek te verplaatsen.–Nieuwe contractvormenNieuw ontwikkelde contractvormen voor congestiemanagement enalternatieve transportrechten zijn juridisch gereed. Deze worden doorde netbeheerders verder geïmplementeerd en uitgerold.•Tijdsblokgebonden contract: Uiterlijk eind 2025 kunnen alleregionale netbeheerders het nieuwe tijdsblokgebonden contractaanbieden. Hiermee kunnen grootverbruikers een contract krijgenwaarmee ze een vast deel van de dag of een vaste periode van hetjaar transportcapaciteit krijgen in ruil voor een korting op hunnettarieven. Tot die tijd worden door de netbeheerders oppilotbasis al contracten afgesloten. Op dit moment lopen er 42 vandit soort pilots.•Tijdsduurgebonden contract: Vanaf 1 oktober zal landelijknetbeheerder Tennet het tijdsduurgebonden contract breed gaanaanbieden waar daar ruimte voor is op het net. Hiermee kan denetbeheerder een bepaald percentage van de tijd de transportcapa-13Zie Nationaal Programma Energiesysteem, Kamerstuk 32 813 nr. 131914Kamerstuk 29 023, nr. 527Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 023, nr. 5595 citeit beperken (minimaal 24 uur vooraf aangekondigd) in ruil voorkorting op de nettarieven. Het tijdsduurgebonden contract wordt nuin de vorm van de ATR85 aangeboden, waarbij partijen tenminste85% van de tijd beschikken over de volledige transportcapaciteit.Afgelopen jaar is het eerste contract met een grootschalige batterijafgesloten. Met deze en andere alternatieve contractvormenkunnen in congestiegebieden alsnog netgebruikers wordenaangesloten.–Uitrol nieuwe contractenAls nieuwe actie van het LAN zet het kabinet zich met netbeheerdersen marktpartijen in om uitrol van nieuwe contractvormen bij bedrijvenen organisaties sneller te realiseren. Hierbij zal het kabinet aandachthebben voor het identificeren van verbeterkansen van de nieuweinstrumenten. Om hen te helpen bij het vinden van een passendeoplossing voor hun netcongestieproblematiek heeft Rijksdienst voorOndernemend Nederland (RVO) een wegwijzer gepubliceerd waarin deverschillende contractvormen verwerkt zijn15.–Zwaarder belasten elektriciteitsnetHet Ministerie van KGG en de ACM onderzoeken in samenwerking metde netbeheerders de mogelijkheden om het elektriciteitsnet op eenverantwoorde manier zwaarder te belasten, zoals ook geadviseerddoor de bestuurlijk aanjager slim met stroom, Gerard Schouw. Strevenis meer partijen aan te sluiten, zonder dat daar investeringen inuitbreiding van het net voor nodig zijn. De netbeheerders passen ditwaar mogelijk al toe. Zo wordt bij netbelasting al rekening gehoudenmet temperatuurverschillen tussen zomer en winter, die effect hebbenop de maximale transportcapaciteit. Zwaarder belasten van hetelektriciteitsnet is niet zonder risico, bijvoorbeeld omdat de kans opeen storing toeneemt. Het onderzoek moet inzicht geven in hoe delimieten van het elektriciteitsnet worden bepaald, welke verschillendemanieren er zijn om het net zwaarder te belasten, wat de consequen-ties daarvan kunnen zijn en met welke beleidsopties het kabinet of deACM desgewenst hierop kan sturen. De resultaten van dit onderzoekzullen in de loop van dit jaar gefaseerd bekend worden en zo mogelijkgeïmplementeerd.–Analyse bestaand instrumentariumHet kabinet identificeert de komende maanden de kansen en impactvoor netcongestie van het huidige subsidie-instrumentarium,eveneens een advies van de heer Schouw. De aanbevelingen kunnenleiden tot aanpassingen binnen dit instrumentarium om eventuelenegatieve effecten op netcongestie te verkleinen of juist een positieveimpact te realiseren.–Flexibele opwekBestaande gascentrales en wkk’s spelen op plekken al een belangrijkerol in het verlichten van netcongestie op piekmomenten. De vraag naarinzet van lokale flexibele opwek zal door netcongestie tijdelijk verdertoenemen, totdat structurele netverzwaring is voltooid. Gasgestookteinstallaties worden ondertussen in toenemende mate vervangen doorhernieuwbare energiebronnen, waardoor het aanbod van flexibeleopwek daalt. Binnen het LAN is een actie gestart met de netbeheer-ders, in nauwe samenwerking met de ACM, om het overzicht van hetbestaande vermogen te verbeteren en te verbinden aan de gewensteinzet voor het verminderen of voorkomen van netcongestie inspecifieke netdelen. Het doel is om deze verkenning in het tweedekwartaal van 2025 af te ronden.15https://www.rvo.nl/onderwerpen/netcongestie-en-opslag-van-energie/wegwijzer-netcongestie-ondernemersTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 023, nr. 5596 Maatschappelijk prioriteringskader ACMIn het commissiedebat netcongestie en energie-infrastructuur van19 februari jl. is een update toegezegd van de stand van zaken van hetprioriteringskader van de ACM16. Netbeheerders zijn sinds 1 oktober 2024verplicht om in congestiegebieden het maatschappelijk prioriterings-kader17 toe te passen. Met het kader kunnen partijen die vallen binnen decategorieën congestieverzachter, veiligheid of basisbehoefte, voorrangaanvragen bij de netbeheerder. Het College van Beroep voor het bedrijfs-leven (CBb) heeft op 11 maart jl. uitspraak gedaan in meerdere zaken overhet prioriteringskader. Hieruit blijkt dat de ACM zelfstandig bevoegd is hetkader vast te stellen, maar dat het huidige kader onvoldoende is onder-bouwd. De drinkwatervoorziening is verplaatst van de categorie basisbe-hoeften naar de categorie veiligheid. De ACM bestudeert de uitspraak methet oog op te zetten vervolgstappen. Tot 1 januari 2026 zal het huidigeprioriteringskader van kracht blijven. De ACM acht het van belang datpartijen met een groot maatschappelijk belang ook volgend jaar voorrangkunnen krijgen.2.2 Beter Benutten Bedrijven & Instellingen Met de actielijn Beter Benutten Bedrijven en Instellingen werkt het LANaan het bieden van handelingsperspectief bij belemmeringen doornetcongestie. Hoewel er aanzienlijke potentie is voor flexibiliteit inNederland, ziet het LAN nog belemmeringen voor de opschaling, metname:–Gebrek aan inzicht in benodigde flexibiliteit in een gebied;–Onzekerheid over kosten, baten en de businesscase;–Versnipperde kennis en technische complexiteit;–Capaciteitsgebrek bij netbeheerders, wat leidt tot lange doorlooptijdenvoor totstandkoming van nieuwe contracten.Aan de hand van deze knelpunten is met de betrokken branchevereni-gingen18 de rapportage «Flexibilisering van Elektriciteitsverbruik doorbedrijven en instellingen» opgeleverd. Deze rapportage met beleidsacties,knelpunten en status is beschikbaar op de RVO-website19 en gaat alsbijlage bij deze brief. De volgende acties zijn toegevoegd aan hetactieprogramma:–Sectorale aanpak om bedrijven en instellingen gericht te ondersteu-nen.–Kennisfunctie netcongestie voor beter inzicht in uitdagingen enoplossingen.–Verbetering van inzicht in toekomstige flexibiliteitsbehoeften.–Harmonisatie van processen en werkwijzen tussen regionale enlandelijke netbeheerders.–Monitoring van flexibiliteitsontwikkelingen.–Evaluatie van bestaande regelingen en waar nodig verbetering.–Versterkte samenwerking tussen RVO en netbeheerders.Als concrete maatregel gaat per 1 april a.s. de subsidieregeling Flexibelelektriciteitsverbruik (Flex-e) van start om grootverbruikers te onder-steunen bij het flexibiliseren van hun elektriciteitsverbruik. De Tweede16TZ202502-19717https://www.acm.nl/nl/publicaties/codebesluit-prioriteringsruimte-bij-transportverzoeken18Energie Nederland, VEMW, NBNL, VNO-NCW, MKB Nederland, NVDE, Holland Solar enEnergy Storage NL.19https://www.rvo.nl/sites/default/files/2025-03/Rapportage%20Flexibilisering%20Bedrijven%20en%20Instellingen%20Definitief%202.pdfTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 023, nr. 5597 Kamer is bij brief van 19 februari geïnformeerd over deze regeling20.Daarnaast is uit het stimuleringsprogramma energiehubs in 2024 en 2025€ 17,5 mln. per jaar beschikbaar gesteld voor ondersteuning vaninitiatieven voor energiehubs voor bijvoorbeeld haalbaarheidsonder-zoeken of het verkrijgen van de juiste vergunningen.Sectorale aanpakIn lijn met het advies van de heer Schouw zet het kabinet in op eensectorale aanpak om bedrijven en instellingen te helpen met het flexibili-seren van hun elektriciteitsverbruik. In november 2024 hebben deWaterschappen als eerste een sectorovereenkomst netcongestie geslotenmet Netbeheer Nederland en het Ministerie van KGG. Het Ministerie vanInfrastructuur en Waterstaat (IenW) en KGG zijn op dit moment in overlegmet partijen uit de OV sector en netbeheerders. Doel van deze gesprekkenis te komen tot een gezamenlijke aanpak van netcongestie in het openbaarvervoer.Uit een studie naar de mogelijkheden in de bedrijfsvoering van verschil-lende economische sectoren en gesprekken van VNO-NCW enMKB-Nederland met hun leden zijn drie aanvullende sectoren naar vorengekomen waarmee verkennende gesprekken worden gestart:glastuinbouw, levensmiddelenindustrie en metaal & metaalbewerking.KennisfunctieBij de RVO wordt de kennisfunctie netcongestie ingericht om bestaandeoplossingen en mogelijkheden breed beschikbaar te stellen aan bedrijven,maatschappelijke organisaties en overheden. De RVO heeft brede kennisvan regelingen en subsidies omtrent de verduurzaming van de energie-voorziening die tevens bijdragen aan het verlichten van congestie. Uitonderzoek van MKB-Nederland is gebleken dat ondernemers van allekanalen die zij raadplegen het meest tevreden zijn over RVO. Bij veelondernemers leven vragen over het delen van energie met bijvoorbeeldcable pooling of een energiehub. Ook de informatie over de kansen enmogelijkheden die daarvoor zijn komt binnen de kennisfunctiebeschikbaar. Hiermee geeft het kabinet uitvoering aan de toezegging aanhet Eerste Kamerlid Crone (GL-PvdA) in het debat over de Energiewet op3 december.2.3 Beter Benutten Kleinverbruikers Ook de belasting van de laagspanningsnetten, waar kleinverbruikers zoalshuishoudens, scholen, winkels, horeca en andere mkb bedrijven op zijnaangesloten, neemt toe. In de actielijn Beter Benutten Kleinverbruikerswerkt het LAN aan een toekomstbestendig systeem waarin kleinver-bruikers slim en efficiënt gebruik maken van het laagspanningsnet. Defocus ligt daarbij op:1.Het stimuleren van de uitrol van «slimme apparaten» op het gebiedvan wonen en mobiliteit.2.Communicatie en draagvlak zodat kleinverbruikers handvatten krijgenom hun piekverbruik af te vlakken.3.Inrichten van de juiste financiële prikkels met de invoering van eennieuw systeem van nettarieven zodat beter benutten van het net loont.4.Implementatie van netbescherming, om de effecten van onverwachtepieken zoveel mogelijk te beperken.20Kamerstuk 29 023, nr. 535Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 023, nr. 5598 De gezamenlijke netbeheerders zullen in de zomer van 2025 een ontwerpcodevoorstel gereed hebben voor alternatieve nettarieven voor kleinver-bruikers, op basis van het onderzoek van Berenschot van oktober 202421.Het ontwerp wordt vervolgens door de gezamenlijke netbeheerdersomgezet in een concept codevoorstel, dat bij ACM ingediend zal worden.De ACM zal het concept consulteren en uiteindelijk een codewijzigingvaststellen. Bij opstellen van dit codevoorstel besteden netbeheerders ende ACM bijzondere aandacht aan de uitvoerbaarheid en begrijpelijkheidvoor burgers, zoals de Tweede Kamer met de motie-Postma/Flach22 heeftbenadrukt. De invoering van dit nieuwe systeem op alle onderdelen kosttijd en zal op zijn vroegst in 2028 kunnen worden voltooid. Daarom wordtdoorlopend gezocht naar maatregelen die verlichting kunnen bieden opde korte termijn.StroomnettcheckerDe regionale netbeheerders Enexis, Liander en Stedin hebben onlangseen «stroomnetchecker» gepubliceerd op hun websites. Hiermee kunnenhuishoudens en andere partijen met een kleinverbruik-aansluiting opbasis van hun postcode en huisnummer een indicatie krijgen van delokale situatie op het stroomnet en de kans dat zij langer moeten wachten,in het geval dat het stroomnet in de buurt eerst moet worden uitgebreid.Dit helpt hen om vooraf beter te plannen welke verduurzamendemaatregelen ze kunnen nemen.Inpassing van thuisbatterijenHet afgelopen jaar is het aantal kleinschalige batterijen sterk gegroeid.Thuisbatterijen hebben de potentie om netcongestie te verminderen,maar kunnen de belasting op het net ook juist vergroten. Om deze redensluiten netbeheerders, marktpartijen en KGG binnenkort een convenantwaarin wordt voorkomen dat kleinschalige batterijen laden of ontladen opmomenten dat dit netcongestie verergert. Batterijen die voldoen aan deafspraken kunnen worden voorzien van een keurmerk. Daarmee wordteen eerste stap gezet voor de congestiepositieve inzet van deze batterijen.Slim laden elektrische voertuigenHet slim laden van elektrische voertuigen maakt vraagsturing en tijdelijkeopslag van elektriciteit via de batterijen van elektrische voertuigenmogelijk. Elektrische voertuigen leiden tot extra elektriciteitsvraag, maarkunnen ook bijdragen aan het voorkomen en dempen van piekbelas-tingen. Dit kan voordelen opleveren voor zowel eigenaren van elektrischeauto’s als voor het elektriciteitsnetwerk. De Nationale Agenda Laadinfra-structuur (NAL) heeft een nationaal opschalingsprogramma «Slim LadenVoor Iedereen» (SLVI) vormgegeven om in samenwerking met betrok-kenen uit de laadketen, de landelijke opschaling van slim laden terealiseren. Het SLVI-kader is verwerkt in de handreiking «conditiesnetbewust laden» voor publieke laadpalen. De landelijke implementatievan netbewust laden via deze handreiking is een van de acties uit hetlandelijk SLVI-actieplan en onderdeel van het LAN. De implementatie looptop schema en is naar verwachting eind dit jaar gereed.Daarnaast heeft onderzoek plaatsgevonden naar de mogelijkheid voorregionaal maatwerk in netcongestiegebieden. Binnenkort ondertekenennetbeheerder Stedin en de laadpaalexploitanten (Charge Point Operators,21https://www.netbeheernederland.nl/publicatie/berenschot-verkenning-alternatief-nettariefstelsel-kleinverbruik22Kamerstuk 29 023, nr. 541Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 023, nr. 5599 CPO’s) in de provincie Utrecht hierover een intentieverklaring. Hetterugschakelen van publieke laadpalen tijdens piekmomenten is een vande maatregelen waarmee ruimte ontstaat op het elektriciteitsnet in ditgebied. Het streven is dat netbeheerder Stedin vóór de zomer van 2025capaciteitgebonden contracten sluit met de laadpaalexploitanten inUtrecht en voor dit congestiemanagement een passende compensatiever-goeding overeenkomt. Het Ministerie van IenW voert de regie en werktsamen met de NAL-regio’s, het Ministerie van KGG en de ACM om ditproces te bewaken en waar nodig bij te sturen.Tevens heeft de afgelopen winter in het verzorgingsgebied van Enexis enLiander met tussenkomst van marktpartijen Eneco eMobility, Vattenfall enANWB een succesvolle proef met netbewust thuisladen bij zo’n 400huishoudens plaatsgevonden. Hierbij is een significante reductie in hetlaadvermogen tijdens piekmomenten gerealiseerd. Op basis van depositieve leerervaringen hebben de netbeheerders Enexis, Liander enStedin met energieleveranciers Eneco, Essent en Vattenfall de intentieuitgesproken om dit concept voor het einde van 2025 op grotere schaal tetoetsen.Flevopolder-Gelderland-Utrecht (FGU)Begin 2024 bleek dat de congestiesituatie in de regio Flevopolder,Gelderland en Utrecht (FGU-gebied) bijzonder urgent is en ook kleinver-bruikers kan raken. Om dit te voorkomen zijn aanvullende regionalemaatregelen afgesproken tussen de betrokken netbeheerders, provincies,en de Ministeries van IenW, VRO en KGG23. Een deel van de maatregelenis erop gericht om de piekvraag op de laagspanningsnetten te reduceren.In deze regio wordt gestart met netbewust bouwen, waarin mettechnische oplossingen de netbelasting wordt beperkt. Zoals hiervoortoegelicht worden daarnaast maatwerkafspraken gemaakt met aanbiedersvan publieke laadpalen. Zoals besproken in het TweeminutendebatNetcongestie van 6 maart jl. wordt ook specifiek gekeken naar demogelijkheden van lokale opwek. In Flevoland worden bijvoorbeeld demogelijkheden van wind, zon en batterijen in kaart gebracht. Dezeregionale maatregelen zijn als nieuwe acties opgenomen in het LAN,zodat de acties aansluiten bij de overkoepelende aanpak voor kleinver-bruikers en de lessen en ervaringen met het FGU-gebied meegenomenworden bij de mogelijke toepassing van deze maatregelen in andereregio’s of nationaal.3. Slimmer Inzicht Met het bieden van inzicht in de netsituatie wordt bijgedragen aan deandere actielijnen en wordt de duidelijkheid gegeven die nodig is omonderbouwde beslissingen te kunnen nemen over bijvoorbeeld woning-bouwprojecten of investeringen door bedrijven of organisaties. Detransportcapaciteitskaart24 wordt met regelmaat aangevuld met nieuweinzichten en functionaliteiten, in samenwerking met stakeholders binnenhet LAN. Dit zijn meer dan 25 organisaties waaronder VNO-NCW/MKB,VNG, IPO en VEMW. Onlangs zijn de geplande netuitbreidingen perzogenoemd «voedingsgebied» op hoog- en middenspanningsniveautoegevoegd; in het 2e kwartaal 2025 volgt een meerjarige vooruitblik;vanaf het 3e kwartaal 2025 wordt in stappen informatie toegevoegd overde fasering van netuitbreidingen per voedingsgebied en wordt er meerinzicht gegeven in de belasting van het net in de tijd; in de eerste helft van2026 volgt meer inzicht in de plannings (on)zekerheden van de netuit-23Kamerstuk 29 023, nr. 51024https://capaciteitskaart.netbeheernederland.nl/Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 023, nr. 55910 breiding. Dit alles geeft steeds betere indicatie van het moment dat er ineen voedingsgebied extra transportcapaciteit aangeboden kan wordenaan klanten op de wachtlijst. Op deze wijze wordt meer transparantiegeboden aan grootverbruikers zodat zij tijdige investeringsbeslissingenkunnen nemen over verduurzaming en uitbreiding. Hiermee is uitvoeringgegeven aan de toezegging in het commissiedebat netcongestie enenergie-infrastructuur van 19 februari jl. om nadere informatie te gevenover transparantie en informatievoorziening voor ondernemers rondnetcongestie25.Tot slotAlle samenwerkingspartners en het kabinet werken op uiteenlopendegebieden hard aan de aanpak van netcongestie en het beperken van degevolgen. Alle grote en kleinere acties op het gebied van sneller bouwen,beter benutten en slimmer inzicht zijn nodig om deze uitdaging het hoofdte bieden. Ondanks dat zal netcongestie in de komende jaren nog totbeperkingen blijven leiden.Het kabinet blijft zoeken naar manieren om extra stappen te zetten enverlichting te bieden waar dat kan. Het kabinet doet dit in constructiefoverleg met het parlement, medeoverheden en maatschappelijkeorganisaties.De Minister van Klimaat en Groene Groei,S.T.M. Hermans25TZ202502-196Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 023, nr. 55911
Gerelateerde bronnen
- De minister geeft in de voortgangsrapportage netcongestie de stand van zaken rond het prioriteringskader.
De minister geeft in de voortgangsrapportage netcongestie de stand van zaken rond het prioriteringskader.
- De minister gaat in de volgende voortgangsrapportage netcongestie in op de mogelijkheden om de informatievoorziening en transparantie voor ondernemers rond neta
De minister gaat in de volgende voortgangsrapportage netcongestie in op de mogelijkheden om de informatievoorziening en transparantie voor ondernemers rond netaansluitingen en netcongestie te verbeteren.
- De minister informeert de Kamer voor de zomer over de onderinvesteringen op de investeringsplannen van de netbeheerders.
De minister informeert de Kamer voor de zomer over de onderinvesteringen op de investeringsplannen van de netbeheerders.
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.