KamerkringInloggen
Kamerbrief

Derde voortgangsrapportage Toekomstagenda ‘zorg en ondersteuning voor mensen met een beperking’

8 apr 2026 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie a22107e1c52c1985 · officiële bron

Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2025–202624 170GehandicaptenbeleidNr. 398 BRIEF VAN DE MINISTER VAN LANGDURIGE ZORG, JEUGD ENSPORT Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 8 april 2026Sinds januari 2023 is de Toekomstagenda: «zorg en ondersteuning voormensen met een beperking» (hierna: Toekomstagenda) in uitvoering.Samen met (zorg)organisaties, cliëntorganisaties, ervaringsdeskundigen,zorgkantoren en branchepartijen werk ik aan een toekomstbestendigegehandicaptenzorg. Met deze brief bied ik u de derde voortgangsrap-portage van de Toekomstagenda aan.LeeswijzerDeze voortgangsrapportage van de Toekomstagenda bestaat uit zeveninformatiebladen en zes video’s. De informatiebladen laten per onderwerpde behaalde resultaten in 2025 zien en geven zo een doorkijkje naar de tebereiken mijlpalen in 2026. De video’s belichten aanvullend telkens éénvoorbeeld uit de praktijk. Met deze toegankelijke manier van rapporterenwil ik zoveel mogelijk aansluiten bij de sector en de doelgroep.In deze aanbiedingsbrief reflecteer ik kort op de voortgang van deToekomstagenda. Daarnaast bied ik u een aantal rapporten aan die ik aanhet eind van deze brief toelicht: de evaluatie van gespecialiseerdecliëntondersteuning, het rapport «Langdurend en levensbreed», eennotitie van de Beroepsvereniging van professionals in sociaal werk(BPSW) over toekomstige beroepen en functies in de gehandicaptenzorgen de eerste monitor van de Toekomstagenda van het Rijksinstituut voorVolksgezondheid en Milieu (hierna: RIVM).Ten slotte sta ik stil bij de uitvoering van de moties Westerveld c.s. die zienop toezicht op misstanden en grensoverschrijdend gedrag in degehandicaptenzorg.Informatiebladen ToekomstagendaDe Toekomstagenda is ingedeeld in zes thema’s: (1) Complexe zorg,(2) Licht Verstandelijke Beperking, (3) Cliëntondersteuning, (4) Zorgtech- kst-24170-398ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2026Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 24 170, nr. 3981 nologie en Innovatie, (5) Vakmanschap en Arbeidsmarkt en(6) Levenslang, levensbreed Wmo.Er zijn in totaal zeven informatiebladen: één per thema en eenoverkoepelend informatieblad dat onderlinge verbanden toelicht. Deinformatiebladen treft u als bijlage aan bij deze brief. Hieronder treftu ook de link naar de informatiebladen aan:Informatiebladen ToekomstagendaVideo’s per thema van de ToekomstagendaPer thema uit de Toekomstagenda is een goed voorbeeld in beeldgebracht. Een voorbeeld dat laat zien hoe anders werken en organiserener in de praktijk uitziet. Hieronder vindt u een link naar alle zes de video’sen de titels van de video’s1. Daarnaast zijn deze video’s ook te vinden opde website van de Rijksoverheid onderwerp «Leven met een beperking»:videoserie over zorg voor mensen met een beperking.Video’sComplexe zorg – Zorg voor houvastLicht Verstandelijke Beperking – Licht verstandelijke beperking in dehuisartsenzorgCliëntondersteuning – Eén vaste cliëntondersteunerTechnologie en Innovatie – Meer eigen regie door technologieVakmanschap en Arbeidsmarkt – De kracht van samenLevenslang, levensbrede Wmo – Passende ondersteuning bij eenlevenslange beperkingVoortgang van de ToekomstagendaDe Toekomstagenda wil de sinds 2018 ingezette beweging naar vernieu-wende, persoonsgerichte zorg verstevigen, opschalen en borgen. Centraalstaat het leren van innovaties in de praktijk. Bij zorgorganisaties,gemeenten of op scholen bijvoorbeeld. We doen kennis op over wat er bijdeze innovaties wel en niet werkt, ook bij het implementeren enopschalen. Daarbij bouwen we voort op succesvolle resultaten uitvoorgaande programma’s.In diverse onderdelen van de Toekomstagenda dragen we bij aan devervolgstap: inzichtelijk maken wat er werkt en meer organisaties hierervaring mee te laten opdoen. Zoals het Ontwikkelprogramma ComplexeZorg, de Innovatie-impuls gehandicaptenzorg 2 en InnovatieRoute enBegeleiding a la carte. Meer dan 100 zorgaanbieders doen mee aan dezeprogramma’s, leren van elkaar en vergroten de beweging naar toekomst-bestendige zorg. Net als in 2025 worden in 2026 de inzichten hierovergedeeld met de sector. Maar er is meer nodig. Organisaties zijn somsgeneigd vast te houden aan hun eigen bekende werkwijzen. Het is dusnoodzakelijk verder op te schalen en de inzichten en methodieken diewerken een plek te geven in het zorgsysteem. Bijvoorbeeld in de1https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/leven-met-een-beperking/videoserie-over-zorg-voor-mensen-met-een-beperkingTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 24 170, nr. 3982 zorginkoop, de werkwijze van gemeenten of door effectieve interventies tebeschrijven.De ervaring van de Toekomstagenda leert dat het soms taaie processenzijn, waarvoor een lange adem nodig is. De stap van borgen zal niet aanhet einde van de looptijd van de Toekomstagenda volledig zijn afgerond.Vooruitlopend op de evaluatie over de Toekomstagenda beschrijf ik hiernaper hoofdstuk van de Toekomstagenda waar we staan en wat nog nodigis.Bij complexe zorg hebben we fors geïnvesteerd in kennis over oorzakenvan bepaalde ontwikkelingen en over wat werkt. Ook hebben weaanbieders ondersteund om duurzame veranderingen toe te passen inhun werkwijze. Tegelijkertijd kan juist op dit thema nog meer wordeningezet op methodisch en systematisch werken, en het beschrijven vanmethodieken zodat ze onderzocht en erkend kunnen worden als effectief.Een mooie beweging die daaraan zal bijdragen is de nieuwe kennisinfra-structuur EVB+ en LVB+, die in oprichting is door het veld. Ook zijn deeerste stappen gezet in bewustwording en agendering van samenwerkingtussen de gehandicaptenzorg en de ggz. In 2026 wordt een plan vanaanpak ontwikkeld.Bij het onderwerp licht verstandelijke beperking zien we dat de bewust-wording toeneemt, maar dat dat nog onvoldoende in alle leefdomeinenplaatsvindt om deze groep altijd goed te herkennen en tijdig passendezorg en ondersteuning te bieden. De branche-opleidingen zijn voor demiddellange termijn geborgd tot 2029, maar dit vraagt nog aandacht voorde langere termijn. Er is steeds meer bekend over hoe je ervaringsdeskun-digheid in kunt zetten bij beleidsvorming, maar aandacht om dit ookstructureel te borgen binnen organisaties is nodig.De vindbaarheid van cliëntondersteuning is licht gestegen2 en meer dande helft van de gemeenten heeft een project uitgevoerd om cliëntonder-steuning te verbeteren. De pilots gespecialiseerde cliëntondersteuning zijngeborgd. Ondanks dat in gemeenten die aan de slag zijn gegaan metcliëntondersteuning verbetering te zien is op het vlak waar zij in geïnves-teerd hebben, vraagt het onderwerp blijvende aandacht om dezeverbetering te behouden en verder te brengen. Daarnaast verloopt deovergang van Wmo-cliëntondersteuning naar Wlz-cliëntondersteuningnog niet altijd soepel. De komende periode blijven we daarom met hetveld werken aan het verbeteren van de organisatie van cliëntonder-steuning. Medio 2026 informeer ik uw Kamer hierover.Op het terrein van zorgtechnologie en innovatie zijn de inzichten uitwetenschappelijk onderzoek en ondersteuning in de praktijk van meer dan50 zorgaanbieders uit de Innovatie-impuls vertaald naar de Innovatie-Route. Het gebruik van de route neemt toe. Eind 2026 wordt de Innovatie-Route duurzaam geborgd in het veld. Daarnaast neemt de kennis overdata-ondersteund werken in de gehandicaptenzorg toe. Toch zien we dathet gebruik van data-ondersteund werken om de zorg en ondersteuning teverbeteren nog te weinig wordt toegepast.3 Tot slot nemen steeds meermbo- en hbo-scholen het lesprogramma «techno ... logisch, toch?!» op inhet curriculum van hun zorgopleiding. Zo leren toekomstige zorgprofessi-2Het percentage mensen met een beperking en professionals dat bekend is met cliëntonder-steuning is gemeten met indicator CO1 en CO2 in de eerste RIVM Monitor Toekomstbestendigezorg en ondersteuning.3Inzet door zorgaanbieders is gemeten in indicator ZT4 uit de eerste RIVM Monitor Toekomstbe-stendige zorg en ondersteuning.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 24 170, nr. 3983 onals over de meerwaarde van technologie in het leven van mensen meteen beperking.De energie die door beroepsorganisaties is gezet op vakbekwaamheid enprofessionalisering van het beroep – onder het thema vakmanschap enarbeidsmarkt – is zichtbaar. Tegelijkertijd nemen de tekorten op dearbeidsmarkt toe en moeten we nóg meer gaan investeren in anderswerken, anders organiseren en goed werkgeverschap. Dit onderwerpneem ik nadrukkelijk mee in mijn gesprekken over bestuurlijke afsprakenover de opgaven voor de gehandicaptenzorg voor de komende jaren.Er is in de Toekomstagenda geïnvesteerd om de behoeften van mensenmet een levenslange en levensbrede beperking meer onder de aandachtte brengen bij gemeenten en professionals. In 2026 wordt inzichtelijkgemaakt of en hoe gemeenten al werken met een langere beschik-kingsduur in de Wmo2015 en de Jeugdwet. Zodat er daarna gerichtevervolgstappen gezet kunnen worden onder de werkagenda van deNationale Strategie VN-verdrag Handicap om gemeenten te stimuleren totlangdurige indicaties.Ik illustreer de in 2025 gezette stappen van de Toekomstagenda hierondermet enkele voorbeelden rondom technologie, complexe zorg en de inzetvan ervaringsdeskundigheid. Ook sta ik stil bij de inzet van de klankbord-groep van de Toekomstagenda.ZorgtechnologieDe Toekomstagenda heeft de ambitie om de inzet van zorgtechnologie enhet gebruik van data vanzelfsprekend te maken. Met het programmaInnovatie-impuls Gehandicaptenzorg 2 is de jarenlange ervaring vanuit demaatwerkondersteuning aan zorgaanbieders omgezet in de Innovatie-Route: een stappenplan voor zorgorganisaties dat helpt de juistetechnologie te kiezen en succesvol te implementeren. De InnovatieRoutezit vol praktische kennisproducten. De InnovatieRoute4 is in 2025 verderdoorontwikkeld met praktijkinzichten, waardoor deze nog beter tegebruiken is op de werkvloer. Er is een gids voor bestuurders en hetmanagement over opschaling en borging van technologie in de organi-satie ontwikkeld.Een recent onderzoek onder informatiemanagers laat zien dat bijna alleondervraagde gehandicaptenzorgorganisaties data op systematischewijze gebruiken voor managementstuurinformatie, maar dat slechtsenkele dat doen om de zorg en ondersteuning voor cliënten te verbeteren.Het programma Leren Werken met Data in de gehandicaptenzorg draagtjuist daaraan bij. Het programma heeft door middel van de praktijkin-zichten van zes pilots het «Model voor data-ondersteund werken»doorontwikkeld en praktische checklists gemaakt.5 Deze en anderekennisproducten, webinars en artikelen zijn te vinden op www.lerenwer-kenmetdata.nl.Complexe zorgDe toegang en kwaliteit van zorg voor mensen met een verstandelijkebeperking en een complexe zorgvraag staan steeds meer onder druk.Daarom hebben we in de Toekomstagenda ingezet op betere samen-werking tussen zorgorganisaties en op vernieuwende oplossingen. Ook desamenwerking tussen de gehandicaptenzorg en de ggz krijgt veel4www.innovatieroute.nu5https://www.lerenwerkenmetdata.nl/assets/uploads/Checklist-model-data-ondersteund-werken.pdfTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 24 170, nr. 3984 aandacht. Een belangrijke stap richting toekomst-bestendigheid was deaanpassing van de bekostiging: de NZa heeft per 1 januari 2026 dezorgprestatie VG7-plus geïntroduceerd.Het Ontwikkelprogramma Complexe Zorg6 (OPCZ) is één van devoorbeelden waarin steeds meer inzichtelijk wordt wat wel en niet werktin de organisatie van de complexe zorg. Als bijlage bij deze brief treft u dejaarrapportage aan. In totaal worden 47 zorgorganisaties begeleid. Hetprogramma biedt deze organisaties individuele ondersteuning in hunpraktijk om duurzame veranderingen te realiseren om de zorg voormensen met een complexe zorgvraag en onbegrepen gedrag te verbe-teren.Het Centrum voor Consultatie en Expertise (CCE) en andere inhoudsdes-kundigen uit de praktijk werken mee aan dit programma. Aankomend jaarstaat in het teken van de geleerde lessen in kennisproducten vatten en hetlaten landen in het werk van CCE en de kennisinfrastructuur.Eén van de deelnemers aan het Ontwikkelprogramma Complexe Zorg isSlowCare in Oss. SlowCare laat zien dat juist voor mensen met een (zeer)ernstige meervoudige beperking rust, nabijheid en oprechte aandachtgeen luxe zijn, maar een voorwaarde voor goede zorg. Zij creërenkleinschalige woon- en dagbestedingsplekken waar mensen zich gekenden gedragen weten, en waar professionals de ruimte krijgen om te werkenvanuit verbinding in plaats van beheersing. SlowCare is zichtbaar enbetrokken in de wijk en zoekt actief de ontmoeting met buren en desamenleving. Binnen het OPCZ wordt samen met SlowCare onderzochthoe deze mensgerichte en relationele manier van werken duurzaam kanworden geborgd, ook wanneer de zorgzwaarte toeneemt en externe drukgroeit. Teams en professionals reflecteren gezamenlijk op hoe de cultuurvan SlowCare van aandacht, vertrouwen en samendragen levend kanblijven – nu en in de toekomst.De inzet van ervaringsdeskundigheid en mensen met Licht VerstandelijkBeperking (LVB)De branche-erkende opleiding Ervaringsdeskundige VerstandelijkeBeperking is in 2025 doorontwikkeld en de herziene opleiding is aan alleSTERKplaatsen in Nederland aangeboden en uitgevoerd. Ervaringsdes-kundigen van de Landelijke Federatie Belangenverenigingen OnderlingSterk (LFB) lieten tijdens gastlessen op mbo en hbo-scholen en bijzorgaanbieders zien hoe technologie bijdraagt aan hun zelfredzaamheid.Dit zijn concrete acties om ervoor te zorgen dat er meer kansen enmogelijkheden komen voor mensen met een beperking om zichzelf teontplooien. In 2025 is gewerkt aan meer bewustwording en kennis overmensen met een LVB bij professionals, met name bij huisartsen doormiddel van het ontwikkelen van een kennisproduct. Om de inzet vanervaringsdeskundigen bij (zorg)organisaties te stimuleren, zijn onder meerpraktijkvoorbeelden gedeeld door LFB. In het informatieblad over mensenmet een LVB zijn diverse producten opgenomen.De Vereniging Gehandicaptenzorg Nederland (VGN) heeft samen met deLFB een verkenning gedaan onder hun leden over ervaringsdeskun-digheid. Deze verkenning is uitgevoerd om te onderzoeken in welke mateervaringsdeskundigen met een LVB al worden ingezet, op welke activi-teiten binnen en buiten de eigen organisatie, en tegen welke mogelijkeknelpunten zorgorganisaties wel/niet aanlopen bij het inzetten vanervaringsdeskundigen. De uitkomsten van de verkenning laten zien dat ereen stijgende mate aan erkenning wordt ervaren voor de inzet van6Home | Ontwikkelprogramma complexe zorgTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 24 170, nr. 3985 ervaringsdeskundigen. Ook andere type organisaties benutten ervarings-deskundigheid, zoals gemeenten Nijmegen en Losser die via het project«LVB in de gemeente» ervaringsdeskundigheid benutten in het verbeterenvan hun toegankelijkheid en beleidsvorming. Tegelijkertijd is de praktijknog versnipperd en afhankelijk van, gelukkig steeds meer, lokaleinitiatieven. Ik blijf de inzet van ervaringsdeskundigheid daaromstimuleren.Klankbordgroep ToekomstagendaIn 2024 startte de Klankbordgroep van de Toekomstagenda, bestaande uit18 ervaringsdeskundigen, professionals en naasten. Het doel van dezeKlankbordgroep is meedenken, dwarskijken en reflecteren op deuitvoering en voortgang van de Toekomstagenda. Inmiddels hebben zij opalle zes thema’s van de Toekomstagenda meegedacht. Een deel van deklankbordgroep en medewerkers van het Ministerie van VWS bereiddeniedere bijeenkomst van de klankbordgroep voor. Ik wil de klankbordgroep-leden bedanken voor hun waardevolle inzet. Eind mei van dit jaar vindt deafsluitende bijeenkomst van de klankbordgroep plaats, waarin wordtstilgestaan bij de ervaringen van deelnemers en een evaluatie van dewerkwijze. Deze zomer wordt een rapport met de lessen rondom dewerkwijze van de klankbordgroep verwacht. Op basis van die uitkomstenen de andere ervaringen met inzet van ervaringsdeskundigheid in deToekomstagenda bekijk ik op welke manier ik inzet van ervaringsdeskun-digheid bij vormen van beleid rondom mensen met een beperkingstructureel een plek geef.OverigBij deze brief treft u een aantal bijlagen aan. Een aantal daarvan licht ikhieronder kort toe.(Gespecialiseerde) cliëntondersteuningGespecialiseerde cliëntondersteuning (GCO) wordt uitgevoerd door dealliantie Metgezel. GCO wordt ingezet als er sprake is van zeer complexesituaties. In de bijlage is een rapportage over de uitvoering van GCOopgenomen. Aan de Tweede Kamer is toegezegd7 dat de uitvoerder zourapporteren over de kosten van GCO en de ontwikkeling daarvangedurende de ondersteuningsperiode. Deze informatie is opgenomen inde rapportage van Metgezel.Significant heeft evaluatieonderzoek uitgevoerd naar de (maatschappe-lijke) meerwaarde van GCO voor cliënten en naasten en de verwachtetoekomstige (financiële) omvang van GCO. Uit de rapportage blijkt datGCO van grote meerwaarde is voor cliënten en naasten met langdurige,meervoudige en complexe problematiek. GCO zorgt voor meer stabiliteiten veerkracht in gezinnen, wat zich vertaalt in betere participatie, minderuitval op werk en school en meer regie. Naasten geven aan dat ze door deinzet van GCO weer ruimte ervaren om te werken, vrijwilligerswerk tedoen of sociale contacten te onderhouden. Dit draagt bij aan een beterewerk-zorgbalans en vermindert de kans op overbelasting of psychischeklachten.Momenteel worden twee onderzoeken uitgevoerd op het terrein vancliëntondersteuning: een verkenning naar de toekomstige organisatie vancliëntondersteuning – waaronder GCO – en een maatschappelijkekosten-batenanalyse (MKBA) naar onafhankelijke cliëntondersteuning.7Kamerstukken II, 2024/2025, 24 170, nr. 360Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 24 170, nr. 3986 Deze rapportages worden medio 2026 aan de Tweede Kamer aangebodenmet een beleidsreactie.Toegang en uitvoering ondersteuning voor mensen met een levenslangelevensbrede ondersteuningsvraagHet rapport «Langdurend en levensbreed», bijgevoegd als bijlage, geeftinzicht in de knelpunten en succesfactoren bij de toegang en uitvoeringvan ondersteuning bij jeugdigen en volwassenen met een levenslange enlevensbrede ondersteunings-behoefte. Het laat zien welke werkzameelementen rond toegang en passende ondersteuning van belang zijn voormensen met een levenslange en levensbrede ondersteuningsbehoefte enhoe dit in de praktijk uitwerkt bij enkele gemeenten. Bijvoorbeeld op hetgebied van een integraal plan, langdurig ondersteuning waar nodig, vastecontactpersoon, basishouding en snelle inzet van specifieke kennis endeskundigheid.Ik herken de geschetste knelpunten uit het rapport en de onderdelen dievan belang zijn voor deze diverse groep mensen. Het is mooi om te zienwaar het al goed werkt in de praktijk en waar andere gemeenten vankunnen leren. Vanuit de Hervormingsagenda Jeugd en de werkagendavan de Nationale strategie VN-verdrag Handicap ben ik aan de slag om deaanbevelingen op te volgen. Er worden sessies georganiseerd voorgemeenten om de bewustwording en handelingsperspectief te vergroten.Ook ben ik in gesprek met de werkorganisatie Kwaliteit en Blijvend Lerenom te kijken op welke manier professionals ondersteund kunnen wordenom de zorg en ondersteuning voor jeugdigen en volwassenen met eenlevenslange en levensbrede beperking te verbeteren.Toekomstige beroepen en functies in de gehandicaptenzorgOp 4 november 2024 heeft de BPSW, in samenwerking met VGN en hetMinisterie van VWS, een Invitational Conference georganiseerd voortoekomstige beroepen en functies in de gehandicaptenzorg. Naaraanleiding hiervan heeft de BPSW een notitie geschreven, opgenomen alsbijlage, over toekomstige beroepen en functies in de gehandicaptenzorg,met focus op vakbekwaamheid. Het is goed dat de BPSW de handschoenheeft opgepakt voor het schrijven van deze notitie en oproept totgezamenlijke actie in de gehandicaptenzorg. Zij bevelen aan om devakbekwaamheid te bevorderen in tijden van personeelstekorten,bijvoorbeeld door te onderzoeken hoe opleidingen en het werkveld devakbekwaamheid van medewerkers vanuit verschillende instroomrich-tingen kunnen versterken. De notitie wordt de komende periodebesproken op de sectortafel Arbeidsmarkt en vakmanschap, waarzorgaanbieders en beroepsgroepen vertegenwoordigd zijn.Monitor Toekomstbestendige zorg en ondersteuningHet RIVM maakte in 2025 een plan van aanpak voor de monitoring enevaluatie van de Toekomstagenda: zorg en ondersteuning voor mensenmet een beperking8. De eerste monitor van maart 2025 is bijgevoegd alsbijlage. In het voorjaar van 2027 wordt de tweede monitor afgerond. In2026 brengt het RIVM, door middel van kwalitatief onderzoek, debeweging naar toekomstbestendige zorg en ondersteuning in beeld.Deze eerste monitor geeft volgens het RIVM nog geen volledig beeld vantoekomstbestendige zorg en ondersteuning voor mensen met eenbeperking, bijvoorbeeld omdat voor diverse indicatoren er sprake is van8Kamerstukken II, 2023/2024, 24 170, nr. 354Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 24 170, nr. 3987 een eerste meting. Mensen met een beperking zijn als doelgroep,bijvoorbeeld ten opzichte van bijvoorbeeld ouderen, ondervertegen-woordigd in dataverzameling. Ik vind het een positieve ontwikkeling omdeze data beschikbaar te hebben en daar de komende jaren op voort tebouwen.Moties Westerveld c.s.In de voortgangsrapportage van de Toekomstagenda in 20249 istoegezegd uw Kamer jaarlijks te informeren over de voortgang van demoties van het lid Westerveld c.s.10, die zien op toezicht op misstanden engrensoverschrijdend gedrag in de gehandicaptenzorg. Eerder11 hebbenmijn ambtsvoorgangers duiding gegeven aan de opvolging van demoties. De focus lag daarbij op:•De ontwikkeling van een transparantieregister dat inzicht geeft inpgb-gefinancierde wooninitiatieven (pgb = persoonsgebondenbudget).•Pgb-eisen voor het inschakelen van een behandelaar bij zorg metintensieve begeleiding en onbegrepen gedrag.•Het vergroten van de bewustwording over dit onderwerp in de sector.Daarnaast rapporteer ik over mijn inzet om het toezicht van de InspectieGezondheidszorg en Jeugd (IGJ) op kleinschalige zorg te versterken.TransparantieregisterSamen met de IGJ, Zorgverzekeraars Nederland (ZN) en het CIBG werk ikaan de ontwikkeling van een transparantieregister voor pgb-gefinancierdewooninitiatieven. Het is de bedoeling dat het register automatisch wordtsamengesteld door gebruik te maken van de vragenlijsten van Meldplicht,Vergunningplicht en Openbare Jaarverantwoording. Hiervoor moetendeze vragenlijsten worden aangepast, zodat hieruit eenduidig kan wordenafgeleid wanneer er bij een zorgaanbieder sprake is van een wooniniti-atief. Deze informatie wordt verder aangevuld met gegevens vanzorgkantoren.Om dit alles te realiseren zijn zowel technische als juridische aanpas-singen nodig. Met name het aanpassen van regelingen en het creëren vaneen vereiste grondslag voor gegevensuitwisseling kost tijd. Ik streefernaar het register zo spoedig als mogelijk operationeel te hebben.Daarbij wordt verkend of het een optie is het register in fasen te vullen enbeschikbaar te stellen, waarbij een steeds completer beeld ontstaat. Alsblijkt dat dit mogelijk is, kan een eerste versie wellicht eind dit jaarbeschikbaar zijn.Inschakelen van een behandelaar bij pgbIn de voortgangsrapportage van de Toekomstagenda in 2025 heeft mijnambtsvoorganger gerapporteerd dat het niet mogelijk is om bij een pgbeisen te stellen aan het inschakelen van een behandelaar, indien sprake isvan zorg met intensieve begeleiding vanwege onbegrepen gedrag.Destijds werd wel onderzocht hoe gewaarborgd kan worden dat er voorpgb-initiatieven specialisten ouderengeneeskunde en artsen verstandelijkgehandicapten beschikbaar zijn. Ik merk op dat het waarborgen van debeschikbaarheid van specialisten ouderengeneeskunde en artsen voorverstandelijk gehandicapten voor pgb-initiatieven onverminderd mijnaandacht heeft. In de Kamerbrief over de voortgang van het Hoofdlijnen-9Kamerstukken II, 2023/2024, 24 170, nr. 31010Kamerstukken II, 2023/2024, 24 170, nr. 304 en Kamerstukken II, 2022/2023, 34 843, nr. 8211Kamerstukken II, 2024/2025, 24 170, nr. 354Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 24 170, nr. 3988 akkoord Ouderenzorg «Samen voor kwaliteit van bestaan»12 van januari jl.is hier eveneens aandacht aan besteed. In de bijbehorende voortgangs-rapportage van Vilans wordt toegelicht dat er intensief wordt gewerkt aanhet versterken van de medisch generalistische zorg, ook voor klein-schalige instellingen. Vilans voert het project medisch generalistische zorgin de regio uit in opdracht van het Ministerie van VWS.Het vergroten van bewustwordingBewustwording over grensoverschrijdend gedrag is essentieel omsignalen te leren herkennen, zodat daarop effectief kan worden geacteerd,door bijvoorbeeld te melden of te handelen. Ter bevordering vanbewustwording en deskundigheid zijn er binnen de sector verscheidene(kennis)producten en informatiebronnen beschikbaar. Concretevoorbeelden hiervan zijn onder andere een informatiepagina opRegelhulp13 en de Zelfscan voor zorgprofessionals van de IGJ14. Deregeringscommissaris Seksueel grensoverschrijdend gedrag en seksueelgeweld heeft een handreiking15 ontwikkeld om organisaties te onder-steunen na een melding van seksueel grensoverschrijdend gedrag.Naast deze voorbeelden zijn er nog veel andere (kennis)productenbeschikbaar. Ik concludeer dan ook dat het niet noodzakelijk is om eennieuw product te ontwikkelen. In plaats daarvan richt ik mij op hetverbeteren van de zichtbaarheid en toegankelijkheid van de bestaandekennis. Ik ga hierover in gesprek met de sector om deze producten zobreed mogelijk te verspreiden.IGJMet middelen uit de Toekomstagenda is de capaciteit van de IGJ deafgelopen jaren uitgebreid met zes fte. De Toekomstagenda loopt eind2026 af. Ik ben met de IGJ in gesprek om na te gaan hoe we na afloop vande Toekomstagenda ervoor kunnen zorgen dat de IGJ voldoende aandachtkan blijven geven aan het toezicht in de gehandicaptenzorg. Daarbij is hetonderwerp grensoverschrijdend gedrag een van de onderwerpenwaarvoor blijvend aandacht nodig is.Het is essentieel dat alle partijen er alles aan doen om te voorkomen datmensen met een (verstandelijke) beperking te maken krijgen metongewenst en grensoverschrijdend gedrag. In het licht van de moties zetik in op de bovengenoemde acties. Ik vertrouw erop dat de partijen in hetveld voldoende kennis en kunde tot hun beschikking hebben om ditonderwerp blijvend aandacht te geven. Ik beschouw de moties hiermeeals afgedaan.SlotwoordDoor gebruik te maken van alle kennis die er al is en die te verrijken, lukthet om op meer plekken in de gehandicaptenzorg anders te gaan werkenen anders te organiseren. Ik heb bewondering voor zorgaanbieders enzorgprofessionals, die ondanks de uitdagingen op de arbeidsmarkt, en deveranderende context stappen blijven zetten richting toekomstbesten-12Kamerstukken II, 2025/2026, 29 389, nr. 16213Seksualiteit en een beperking | Regelhulp14Zelfscan voor zorgprofessionals: beschermen wij onze cliënten tegen seksueel grensover-schrijdend gedrag? | Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd15Regeringscommissaris Hamer komt met handreiking voor organisaties om meldingen vanseksueel grensoverschrijdend gedrag op te pakken | RCGOGTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 24 170, nr. 3989 digheid. Het is geen gemakkelijke opgave en het kost veel tijd en energieom deze stappen te blijven zetten.De uitdagingen op de arbeidsmarkt onderstrepen des te meer het belangom in gezamenlijkheid, met mensen met een beperking, hun naasten,zorgprofessionals, zorgaanbieders en systeempartijen te blijven werkenaan houdbare en persoonsgerichte zorg voor mensen met een beperking.De uitvoering van de Toekomstagenda gaat het laatste jaar in. In hetvoorjaar van 2027 ontvangt u de eindrapportage van de Toekomstagendazorg en ondersteuning.Voor de periode daarna blijft het kabinet zich onverminderd inzetten vooruitvoering van het VN-verdrag Handicap, zoals ook aangekondigd in hetcoalitieakkoord «Aan de slag». Ik ben daarnaast het gesprek gestart metcliëntorganisaties, beroepsorganisaties, ZN en VGN om te komen totbestuurlijke afspraken over de opgaven voor de gehandicaptenzorg voorde komende jaren. Daarbij wil ik nadrukkelijk niet alleen kijken naaronderwerpen die in het hier en nu knelpunten veroorzaken, zoals decomplexe zorg en de arbeidsmarkt, maar ook naar de opgaven op langeretermijn. De resultaten en lessen van de Toekomstagenda zijn daarbijbehulpzaam.De Minister van Langdurige Zorg, Jeugd en Sport,W.R.C. SterkTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 24 170, nr. 39810

Eerdere bronversies

17 okt 2026 · e807c13438ad91a2

14 okt 2026 · 902f52f4802834d0

12 okt 2026 · 1df4fc664643380c

Gerelateerde bronnen

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.