Beleidsreactie op Staat van het Onderwijs 2026
Brontekst
Versie 7ae51500e8cf951c · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2025–202636 800VIIIVaststelling van de begrotingsstaten van hetMinisterie van Onderwijs, Cultuur enWetenschap (VIII) voor het jaar 2026Nr. 146 BRIEF VAN DE MINISTER EN STAATSSECRETARIS VANONDERWIJS, CULTUUR EN WETENSCHAP Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 15 april 2026Het onderwijs geeft jongeren kennis, vaardigheden, zelfvertrouwen enkansen om volwaardig mee te kunnen doen in de maatschappij. Daarzetten leraren, onderwijsassistenten, schoolleiders en schoolbesturen zichiedere dag voor in. Dat verdient onze waardering en steun én gaatgepaard met verwachtingen. Goed onderwijs vraagt om vakmanschap enteamwerk.De Inspectie van het Onderwijs (hierna: inspectie) brengt ieder jaar via deStaat van het Onderwijs (hierna: de Staat) de ontwikkelingen in hetonderwijsstelsel in beeld. In de Staat 2026 markeert de inspectie eenaantal positieve trends. Bijvoorbeeld de stap die scholen maken naar deintegratie van taal in andere vakken. Dit versterkt aantoonbaar debasisvaardigheden van leerlingen. Ook het breed gedeelde urgentiebesefonder besturen en scholen dat onderwijs in basisvaardigheden prioriteitmoet krijgen, is een positieve ontwikkeling.De inspectie constateert ook dat de uitdagingen in het onderwijs nogonverminderd groot zijn. De urgentie om verbeteringen te realiseren ishoog. Duurzame verbeteringen vragen om een stevige, langjarige aanpak,structurele financiering en duidelijke kaders. Dat vraagt wat van deprofessionals in het onderwijs, maar zeker ook van beleidsmakers en depolitiek. Het kabinet erkent deze knelpunten en kiest er daarom ook voorom 1,5 miljard euro te investeren in onderwijs en onderzoek.In deze beleidsreactie gaan wij in op de vier belangrijkste uitdagingen diede inspectie signaleert. Zo constateert de inspectie dat het duurzaamverbeteren van de basisvaardigheden lastig is. Schoolleiders zijn vaakoverladen, en nog niet overal worden de uitdagingen voldoende als teamaangepakt. Daarnaast vraagt de professionalisering van leraren om eenimpuls. Ten slotte ziet de inspectie dat de schoolloopbaan van leerlingen kst-36800-VIII-146ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2026Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 VIII, nr. 1461 en studenten wordt beïnvloed door de regio waarin zij opgroeien,waardoor talent niet altijd ten volle benut wordt. Hieronder lichten wij toewat wij doen en gaan doen om de leerprestaties van leerlingen enstudenten te verbeteren.Versterking van de basisvaardigheden is noodzakelijk én urgentDe inspectie stelt vast dat er in de onderbouw van het vo en in het mbonog altijd sprake is van een daling van de prestaties op de basisvaardig-heden. Dat is zorgelijk want een sterke beheersing van basisvaardighedenis onmisbaar om volwaardig mee te kunnen doen op de arbeidsmarkt, inhet vervolgonderwijs en in de samenleving. Op veel scholen die desubsidie Verbetering basisvaardigheden ontvangen, is al wel eentrendbreuk zichtbaar in de aanpak van basisvaardigheden.1 Deze scholengeven basisvaardigheden prioriteit en werken op een bewezen effectievewijze aan verbetering. Dat moet zich nu gaan vertalen in concreteverbetering van leerprestaties. We vinden het belangrijk om voort tezetten wat in de afgelopen jaren door scholen is opgebouwd. Het kostimmers tijd voordat de inspanningen van scholen en de uitwerkingen vanbeleid zich vertalen naar een structurele verbetering van de leerprestaties.Dit kabinet gaat daarom door met gericht investeren in lezen, schrijven enrekenen. Daarbij kiest het kabinet voor versterking van de aanpak doorextra te investeren in vakmanschap voor de klas, zodat leraren debasisvaardigheden van hun leerlingen en studenten duurzaam kunnenverbeteren. Dit betekent meer tijd en aandacht voor de professioneleontwikkeling van leraren zodat zij op een bewezen effectieve manierwerken aan de basisvaardigheden, met duidelijke doelen voorleerprestaties.Met het vernieuwde kennisrijke curriculum dat wij de komende jareninvoeren, worden de randvoorwaarden voor kwalitatief hoogstaandonderwijs verbeterd. Het werken met het vernieuwde curriculum is eencollectieve verantwoordelijkheid waarbij scholen de komende jarenondersteund worden door OCW en andere onderwijspartijen. Wijverwachten van scholen dat zij het nieuwe curriculum aangrijpen om hunkwaliteit van onderwijs te versterken door integraal te kijken naar hunonderwijsaanbod: van leermiddelen tot toetsen en professionalisering vanhet personeel. Bij de herziening van de kerndoelen voor het funderendonderwijs is expliciet aandacht voor het vergroten van de samenhangtussen leergebieden. In de nieuwe kerndoelen zien we daarom in vrijwelalle leergebieden elementen terug van Nederlandse taal, rekenen enwiskunde, burgerschap en digitale geletterdheid. Dit sluit aan op debevindingen van de inspectie in de Staat: samenhang in het curriculum isvan belang voor een breed en rijk onderwijsaanbod en biedt meer kansenvoor het versterken van de basisvaardigheden.Ook in het mbo is er een blijvende urgentie om het onderwijs in debasisvaardigheden te verstevigen. Binnen de begroting voor het vervolg-onderwijs maakt dit kabinet geld vrij om op korte termijn achterstanden tekunnen wegwerken van studenten die met onvoldoende beheersing vande basisvaardigheden het mbo binnenstromen. Voor de langere termijnwordt vanuit de aanpak basisvaardigheden mbo gewerkt aan de kwaliteitvan onderwijs en examinering. Uw Kamer ontvangt voor het einde vanhet jaar een brief over het taalonderwijs in het mbo, waarin we aandachtbesteden aan de vernieuwde taaleisen, passende examinering en depositie van de Engelse taal in het mbo. Daarnaast starten we in de tweedehelft van dit jaar met de evaluatie van de nieuwe rekeneisen en de digitaleexaminering van rekenen.1Kamerstukken II, 2025–2026, 31 293, nr. 855.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 VIII, nr. 1462 Schoolleider cruciaal voor onderwijskwaliteitDe inspectie constateert dat schoolleiders in het funderend onderwijs eensleutelrol hebben in het sturen op verbetering van huidige knelpunten inhet onderwijs. Zo ziet de inspectie dat wanneer schoolleiders inzetten opde versterking van schoolteams, er een cultuur van samenwerking,gedeelde overtuigingen en expertisedeling ontstaat. Teams waarin goedwordt samengewerkt, presteren beter. Tegelijkertijd ziet de inspectie datveel schoolleiders momenteel onvoldoende toekomen aan onderwijs-kundig leiderschap, vanwege de toegenomen zwaarte en complexiteit vanhun takenpakket.Het kabinet herkent dit beeld en werkt daarom aan de professionaliseringvan schoolleiders en aan de versterking van hun positie en zeggenschap,via het wetsvoorstel Versterken inspraak leraren en schoolleiders.2 In deuitwerking daarvan nemen we tevens de resultaten mee van hetonderzoek van Regioplan naar het managementstatuut over de verant-woordelijkheden en bevoegdheden van schoolleiders.3 Zo kunnenschoolleiders gericht met hun team en hun bestuur in gesprek over detaakverdeling en ondersteuning, zodat zij prioriteit kunnen geven aan deverbetering van de onderwijskwaliteit. Extra inzet vanuit dit kabinet isgericht op het versterken van het onderwijskundig leiderschap vanschoolleiders via bekwaamheidseisen. Goed opgeleide schoolleiders meteen stevige stem in het onderwijskundig beleid van de school kunnennamelijk ook in een complexe omgeving de focus houden op de ontwik-keling van het schoolteam en zo de kwaliteit verhogen.Vakmanschap voor de klasLeraren zijn het kapitaal van een school of instelling: zonder vakbekwameleraren kan het onderwijs zijn belofte niet waarmaken. Een stevige extraimpuls is nodig. Daarom investeren we structureel extra in vakmanschapvoor de klas, door leraren meer tijd te geven voor professionele ontwik-keling en voor het benutten van kennis uit een breed palet van onderzoek.Ook zetten we in op betere loopbaanpaden, doorgroeimogelijkheden enspecialisaties. Op termijn ziet het kabinet een belangrijke rol weggelegdvoor de beroepsgroep bij verplichte continue professionalisering. Zo heeftde Beroepsvereniging mbo (BVMBO) al een rol gekregen bij het vergrotenvan de professionele autonomie van leraren in het mbo. De inspectiebelicht in de Staat dat de ontwikkelbehoefte van leraren contextafhankelijkis. Deze constatering sluit aan bij de bestaande inzet van ons ministerie,waaronder de Nationale Aanpak Professionalisering van Leraren. Metdeze aanpak werken we aan een doorlopende professionalisering vanleraren, zonder daarbij de specifieke ontwikkelbehoefte van leraren enontwikkelingen in de regionale context uit het oog te verliezen.Het is verder noodzakelijk zicht te krijgen op de curricula van de initiëlelerarenopleidingen. De inspectie constateert dat er verschillen zijn in hoeleraren worden opgeleid en dat de wijzen waarop de wettelijke bekwaam-heidseisen zijn vertaald naar curricula uiteenlopen. De ambitie van ditkabinet is dat er één stevig fundament voor de lerarenopleiding komt, meteen vastgestelde kern waarbij er in ieder geval voldoende aandacht isvoor lezen, schrijven en rekenen. Wij zijn hierover ook in gesprek met deopleidingen. De lerarenopleidingen herijken momenteel de inhoud van delandelijke kennisbases voor de pabo en hun onderlinge afspraken over deimplementatie daarvan in de curricula. De lerarenopleidingen hebbenaangegeven daarbij een expliciete verbinding te maken met de wettelijke2Kamerstukken II, 2025–2026, 27 923, nr. 518.3Eindrapport Onderzoek Managementstatuut Regioplan | Aanpak LerarentekortTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 VIII, nr. 1463 bekwaamheidseisen en de kerndoelen voor het basisonderwijs. Dat is eenontwikkeling die wij van harte ondersteunen.In het mbo werken we momenteel aan aanvullende opleidingstrajectenvoor mbo-leraren die onderwijs verzorgen in de basisvaardigheden, omde kwaliteit van leraren op dit gebied te versterken. De opleidingstrajectenzijn bedoeld voor leraren met een Pedagogisch Didactisch Getuigschrift(PDG) of een getuigschrift van een niet-aanverwante lerarenopleiding. Indeze trajecten verdiepen leraren zich in de vakinhoud en vakdidactiek vanéén van de basisvaardigheden.Verschillen in onderwijsloopbanenDe inspectie wijst op regionale verschillen in de onderwijsloopbanen ende toegankelijkheid van onderwijs. Verschillen in onderwijsconceptentussen scholen zullen er altijd zijn. Dat geeft ruimte om aan te sluiten bijregionale behoeftes en behoeftes van ouders. Maar de kwaliteit van hetonderwijs moet op alle scholen op orde zijn en leerlingen moeten overalgelijke kansen hebben op een bij hen passende onderwijsloopbaan. Deafstand tot een school, het aanbod en de kwaliteit van een school mogendaarvoor geen belemmering zijn. De verschillen zijn nu te groot. Zeker inhet beroepsgerichte vmbo is een groeiende verschraling van het regionaleonderwijsaanbod zichtbaar.4 Daarom onderzoeken we of er aanpassingenin het stelsel nodig zijn om de talenten van leerlingen optimaal totontplooiing te laten komen, waar zij ook wonen en naar welke school zijook gaan. De Onderwijsraad brengt volgend jaar een advies uit over welkeinrichting van het onderwijsstelsel goed onderwijs voor alle leerlingen enstudenten waarborgt. Daarbij is het belangrijk dat leerlingen onderwijskrijgen dat recht doet aan hun capaciteiten, ontwikkeling en wensen. Ookhet schooladvies moet dat ondersteunen. Op dit moment wordt, conformde breed aangenomen motie van het lid Rooderkerk, een verkenninguitgevoerd naar een breder schooladvies.5Tot slotDe uitdagingen in het onderwijs vragen om een voortvarende aanpak.Voor het meireces ontvangt uw Kamer een brede beleidsbrief waarin wijnader ingaan op deze en de andere ambities voor onderwijs, wetenschap,emancipatie, media en cultuur. Waarmee we gaan realiseren waar het onsallemaal om gaat: het beste onderwijs voor onze leerlingen en studenten.De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,R.M. LetschertDe Staatssecretaris van Onderwijs en Emancipatie,J.Z.C.M. Tielen4Kamerstukken II, 2025–2026, 30 079, nr. 125.5Kamerstukken II, 2024–2025, 31 293, nr. 817.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 VIII, nr. 1464
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.