Toetsen en examens (CD d.d. 09/09)
Bron, video en gesprek →Officieel Kamerprofiel
Judith Tielen
Partijen door de tijd: VVD (2017-10-31–2025-06-18) ·
Uitspraken in het geselecteerde debat
Open het volledige debat en de tijdlijn →Staatssecretaris Tielen: Voorzitter. Toetsen en examens is ook weer echt … We hebben een avond vol mooie onderwerpen. Maar laat ik er niet meer woorden aan wijden dan nodig. De motie op stuk nr. 887 van mevrouw Rooderkerk, meneer Boomsma en mevrouw Armut gaat over de wettelijke minimumdoelen en de wettelijke kerndoelen. Daarbij wil ik wel zeggen dat dat met name over taal en rekenen en wiskunde gaat, twee van de belangrijke basisvaardigheden. We zijn nu bezig met het herijken van de referentieniveaus daaromtrent. Dat is nog best wel een ingewikkelde puzzel, maar het is belangrijk genoeg. Ik neem de motie van de drie leden daar graag in mee, dus die geef ik oordeel Kamer.
Bron, video en gesprek →Staatssecretaris Tielen: Tenminste, als de Kamer dat ook vindt natuurlijk. Daar moeten we dan nog op wachten. Dan de motie op stuk nr. 888 van mevrouw Raijer. Daarin staat, ik denk terecht, dat elke school dezelfde waarde aan het diploma moet kunnen geven. Daarom is deze motie ook eigenlijk overbodig, want we doen dat al. We hebben natuurlijk een PTA, zoals het zo mooi heet. De nieuwe examenprogramma's worden nu opgeleverd op basis van de hernieuwde kerndoelen. Ik ga nog dit jaar, dus niet aan het einde van het schooljaar maar aan het einde van het kalenderjaar, dat ook uiteenzetten in onze visie op toetsen en examens, als reactie op het rapport van de Onderwijsraad daarover. Hopelijk kan mevrouw Raijer daar dus in terugvinden wat ze ook graag wil. De motie is dus overbodig.
Bron, video en gesprek →Staatssecretaris Tielen: Dan de motie op stuk nr. 889 van mevrouw Beckerman en mevrouw Moorman. Het lijkt mij heel erg goed om de harde eis die daarin staat mee te nemen. Het staat er ook stevig in, maar ik denk dat het heel belangrijk is. Ik geef de motie dus oordeel Kamer.
Bron, video en gesprek →Staatssecretaris Tielen: Dan de motie op stuk nr. 890 van mevrouw Armut, meneer Boomsma en mevrouw Rooderkerk over de doorstroomtoets en het voorstel van het Cito met betrekking tot het brede overgangsdossier. Wij zijn nu aan het kijken naar de mogelijkheden om een breder profiel in het schooladvies mee te nemen — dat kunnen docenten natuurlijk al doen — maar het lijkt me een goed idee om te kijken wat het overgangsdossier voor waarde zou kunnen hebben, dus ik neem dat graag mee in de verkenning daarnaar die we nu aan het uitvoeren zijn. Dat lijkt me dus ondersteuning van beleid, of eigenlijk — dat is nog mooier — een aanmoediging. In het eerste kwartaal van 2027 zullen we daar ook schriftelijk op terugkomen.
Bron, video en gesprek →Staatssecretaris Tielen: Oordeel Kamer, ja. Dan de motie op stuk nr. 891 van mevrouw Moorman over de prognoses. Met name dat geautomatiseerde … Ik denk te weten wat mevrouw Moorman daarbij voelt. Ik geef de motie oordeel Kamer.
Bron, video en gesprek →Staatssecretaris Tielen: De motie op stuk nr. 892 heeft drie verzoeken. Dat is natuurlijk wel veel. Laat ik even kijken wat ik lees in die drie verzoeken. Even kijken of ik het goed begrijp. Ik ben met de leveranciers van leerlingvolgsystemen of leerlingadministratiesystemen aan het verkennen of we ervoor kunnen zorgen dat de resultaten die gepresenteerd worden, ook aansluiten bij wat het onderwijsveld, dus de docenten, nodig heeft, zonder dat er nadelige effecten voor de leerling zijn. Dat is waar we nu naar zoeken. Mevrouw Moorman en ook de andere leden hebben daar een aantal aanscherpingen op aangebracht. Volgens mij kunnen we die meenemen in die verkenning, samen met de leveranciers daarvan. Dus als mevrouw Moorman dat ook zo ziet, dan geef ik die motie graag oordeel Kamer.
Bron, video en gesprek →Staatssecretaris Tielen: Volgens mij ook. Wat het ingewikkeld maakt, is dat we er natuurlijk allemaal wel voor willen zorgen dat in ieder geval dat minimumniveau, dat we ook met die referentieniveaus aan het herijken zijn, ook het streefdoel moet zijn voor de leerlingen. Dat is waarom ik die verkenning echt ook wel nodig heb om zelf goed te kunnen internaliseren hoe het zit. Maar volgens mij begrijpen mevrouw Moorman en ik elkaar. Daar vertrouw ik ook op; anders roept mevrouw Moorman mij wel weer terug.
Bron, video en gesprek →Staatssecretaris Tielen: De motie op stuk nr. 893 gaat over het winstoogmerk van de doorstroomtoets. Dan ben ik altijd geneigd om te zeggen: ik vind dat heel sympathiek, want ik snap het goed. Maar op dit moment kan ik dat nog niet oordeel Kamer geven, omdat we nu aan het kijken zijn hoe we die governance gaan inrichten. Ik lees in de motie dat we het liefst een publieke aanbieder van die doorstroomtoets hebben, maar ik vind het te vroeg om daar nu al zo hard ja of nee op te kunnen zeggen — terwijl ik het echt wel begrijp. Ik zou het dus eigenlijk fijn vinden als mevrouw Moorman en de andere leden de motie willen aanhouden, want ik kom natuurlijk nog terug op hoe we omgaan met — het is een ingewikkeld woord — de governance, dus hoe we dat nou helemaal in gaan regelen.
Bron, video en gesprek →Staatssecretaris Tielen: Maar ik heb goed gehoord wat de leden willen.
Bron, video en gesprek →Staatssecretaris Tielen: Ik denk dat we elkaar daar echt wel in kunnen vinden.
Bron, video en gesprek →Staatssecretaris Tielen: Uiteindelijk wil ik nu gewoon niet allerlei wegen afsluiten, want de kwaliteit en de toegankelijkheid — daar hebben we het eerder over gehad bij een aantal moties — blijven natuurlijk cruciale randvoorwaarden.
Bron, video en gesprek →Staatssecretaris Tielen: Dat is het mooie van debat, hè, voorzitter. We gebruiken met elkaar de taal om … Enzovoort.
Bron, video en gesprek →Staatssecretaris Tielen: Meneer Boomsma had een motie over disproportionele onderbouwing en dossiervorming en de bijstelling van het schooladvies. Eigenlijk is die overbodig, maar gezien het debat snap ik ook wel dat meneer Boomsma samen met meneer Flach deze motie indient, omdat we het daar natuurlijk best lang over gehad hebben. Scholen kunnen er immers al voor kiezen om het advies al dan niet bij te stellen, afhankelijk van het belang van de leerling, maar dat moet wel goed worden gemotiveerd. Is dat disproportioneel? Ik denk het niet. Overigens is het zo dat onbewust discrimineren niet kan worden bewezen; dat schrijft meneer Boomsma ook in de motie. Dat is zo, en tegelijkertijd zien we ook echt wel groepen met onderadvisering, waarvan we ons echt afvragen hoe dat nou kan. Maar goed, de motie is dus eigenlijk overbodig.
Bron, video en gesprek →Staatssecretaris Tielen: Sorry, meneer de voorzitter.
Bron, video en gesprek →Staatssecretaris Tielen: De motie op stuk nr. 895 van de heer Flach had ik nog niet op papier gekregen, zie ik trouwens. Ik had het oordeel wel opgeschreven. Die gaat onder andere over de invoering van een centrale doorstroomtoets en de wettelijke functies van die doorstroomtoets gezamenlijk in een wetsvoorstel uit te werken. Ik heb in een brief aangegeven dat ik inderdaad toe wil naar één doorstroomtoets. Daar hebben we het dus in het debat ook over gehad. Daar is een wetsvoorstel voor nodig. De Kamer heeft daar ook van gezegd: zo snel mogelijk, liever sneller dan wat ik wenselijk en mogelijk acht. Daar nu nog een ander vraagstuk in meenemen gaat dat wetsvoorstel sowieso vertragen en ook, denk ik, vertroebelen. Ik snap dus goed waar meneer Flach en meneer Stoffer vandaan komen, maar die motie ga ik echt ontraden.
Bron, video en gesprek →Staatssecretaris Tielen: Dan de laatste motie, als ik tenminste goed heb meegeteld.
Bron, video en gesprek →Staatssecretaris Tielen: Dat is de motie op stuk nr. 896 van de heer Flach en mevrouw Rooderkerk over de studielasturen. We zijn nu bezig met de ontwerpruimte. Dat is het officiële jargonwoord voor die studielasturen. We gaan dus niet over de inhoud, maar over de manier waarop een school om kan gaan met die verschillende uren. Ik twijfel een beetje over die 1 december; u hoort mijn aarzeling. Ik wil daar echt wel snel … We zijn er nu mee bezig en ik snap ook dat het op korte termijn moet. Maar 1 december vind ik lastig. Het nadeel is dat meneer Flach er nu niet is; anders kon ik met hem onderhandelen over de terminologie. Als die blijft zoals die is, dan moet ik 'm ontraden. Tegelijkertijd snap ik ook wel wat we willen doen. We zijn bezig om dat te regelen, maar dat wordt echt het volgende kalenderjaar. Dus ontraden.
Bron, video en gesprek →Staatssecretaris Tielen: Ja.
Bron, video en gesprek →