KamerkringInloggen
Kamerbrief

Rapportage Landelijke Kwaliteitsmonitor Kinderopvang: metingen 2017-2025

22 jun 2026 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie 0aa9bdead588f05e · officiële bron

Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2025–202631 322KinderopvangNr. 587 BRIEF VAN DE MINISTER VAN WERK EN PARTICIPATIE Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 22 juni 2026Inmiddels gaan meer dan een miljoen kinderen in Nederland naar dekinderopvang. Alleen kinderopvang van goede kwaliteit draagt bij aan hunwelzijn en ontwikkeling. Om de kwaliteit goed te kunnen volgen, laat hetMinisterie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid de kwaliteit van deNederlandse kinderopvang in kaart brengen met de Landelijke Kwaliteits-monitor Kinderopvang (LKK). De Universiteit van Utrecht en Sardeshebben het onderzoek de afgelopen jaren uitgevoerd.Met deze brief bied ik uw Kamer twee LKK-rapporten aan. De rapportenbevatten de resultaten van de meting van 2025. Ook bevatten derapporten trends op basis van eerdere en gecombineerde metingen overde periode 2017–2025. Het eerste rapport kijkt naar de ontwikkelingen inde kindercentra (kinderdagverblijven, peuteropvang en buitenschoolseopvang). Het tweede rapport gaat in op de gastouderopvang. Deonderzoekers bezochten in 2025 131 kinderopvanglocaties, waarvan 34kinderdagopvang, 31 peuteropvang, 33 buitenschoolse opvang en 33gastouders. De steekproeven voor dagopvang, peuteropvang enbuitenschoolse opvang kunnen als representatief worden gezien. Voorgastouderopvang is het net als in eerdere metingen niet duidelijk hoerepresentatief de resultaten zijn voor de sector als geheel en moeten wede conclusies met voorzichtigheid behandelen vanwege de lagererespons.Resultaten onderzoekGoede proceskwaliteit, te weinig aandacht voor groepssocialisatie eninteracties tussen kinderenEen belangrijk onderdeel van de kwaliteit in de kinderopvang vormt deproceskwaliteit. Het gaat daarbij om de kwaliteit van de ervaringen diekinderen opdoen in hun interacties met de sociale omgeving, zoals metandere kinderen, met de pedagogisch professionals en met de materiële kst-31322-587ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2026Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 31 322, nr. 5871 omgeving. Proceskwaliteit valt uiteen in emotionele en educatieveproceskwaliteit.Bij emotionele proceskwaliteit gaat het om de wijze waarop pedagogischprofessionals kindvolgend en responsief naar de kinderen zijn en de matewaarin zij een positieve sfeer op de groep creëren. Ook het bieden vaneen duidelijke structuur en het stellen van grenzen ter bevordering van deautonomie van kinderen horen hierbij. De emotionele proceskwaliteit is in2025 in alle opvangsoorten gemiddeld goed, ook in internationaalperspectief. De spreiding is bovendien relatief klein.Bij de educatieve proceskwaliteit staat de ondersteuning van de bredeontwikkeling van kinderen centraal. Zoals het stimuleren van spel, hetgeven van ondersteunende feedback of het bieden van een rijktaalaanbod. De educatieve proceskwaliteit is voor alle opvangtypen en inalle meetjaren lager dan de emotionele proceskwaliteit, maar scoortgemiddeld wel voldoende. Internationaal gezien is de educatieveproceskwaliteit in Nederland relatief hoog. Er zijn wel grotere verschillenbinnen en tussen opvangsoorten. Zo is de educatieve proceskwaliteit inde kinderdagopvang en peuteropvang hoger dan in de buitenschoolseopvang.Zowel in de emotionele als educatieve proceskwaliteit is sinds 2017 een(licht) stijgende trend zichtbaar en in de afgelopen jaren een stabilisatie.Echter, de emotionele en educatieve kwaliteit van de opvang voor peuters(zowel in de kinderdagopvang als in de peuteropvang) laat na een eerderejarenlange stijging, nu een dalende trend zien.Ondanks de hoge proceskwaliteit geeft het onderzoek voor alle opvangs-oorten enkele duidelijke aandachtspunten. Zo is de aandacht voorgroepssocialisatie nog onvoldoende. Kinderopvang is een unieke setting,waar jonge kinderen leren onderdeel te zijn van een groep. De matewaarin pedagogisch professionals sensitief zijn naar de groep als geheelen momenten benutten om de verbondenheid en gezamenlijkheid teversterken, is op veel plekken nog beperkt. Voor alle verschillendeopvangsoorten geldt dat hier gemiddeld laag op wordt gescoord. Wel isde spreiding van hoge en lage scores groot, zowel tussen locaties alstussen verschillende momenten op een dag. Ook vinden pedagogischprofessionals het moeilijk om interacties tussen kinderen onderling goedte begeleiden. In de kinderdagopvang en peuteropvang laat de kwaliteithiervan een dalende trend zien. In de buitenschoolse opvang lijkt dit naeen eerdere daling nu te stabiliseren.De omgevingskwaliteit is op orde, maar contact met ouders blijft achterDe omgevingskwaliteit verwijst naar kwaliteitsaspecten van de fysieke ensociale omgeving waarin de dagelijkse opvang plaatsvindt. Zoals deinrichting van de ruimte, de beschikbaarheid en toegankelijkheid vanmateriaal voor kinderen, de structuur van het dagprogramma en deomgang met ouders. De omgevingskwaliteit is voor alle opvangsoortenop orde, variërend van voldoende (zoals beschikbaar materiaal) tot goed(zoals de inrichting van de ruimte). Opvallend is de daling van kwaliteitten aanzien van het contact met ouders tijdens haal- en brengmomenten.Dit aspect liet een duidelijke en verklaarbare dip zien tijdens de corona-periode. Deze herstelde daarna gestaag, maar buigt nu weer af. Dit geldthet sterkst voor de peuteropvang, waar meer dan een kwart van dedeelnemende locaties een onvoldoende op dit punt scoort. Ook anderevormen van oudercontact zoals het voeren van 10-minutengesprekken enhet organiseren van thema-avonden, lijken achter te blijven. Dit roept deTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 31 322, nr. 5872 vraag op of er momenteel voldoende aandacht is voor het opbouwen enonderhouden van de relatie met ouders, aldus de onderzoekers.Grote verschillen in aanbod tussen activiteitencategorieën, opvangsoortenen opvanglocatiesDe afgelopen jaren laten een vrij stabiel beeld zien van het aanbod aanactiviteiten in de dagopvang, gastouderopvang en peuteropvang. In debuitenschoolse opvang blijven de frequentie en de diversiteit in activi-teiten achter, al is het beeld enigszins gestabiliseerd sinds 2024. Ook ditjaar vinden de onderzoekers hierin grote verschillen tussen opvanglo-caties. Net als voorgaande jaren komen activiteiten gericht op samenspel,exploratie en motorische ontwikkeling het vaakst voor in alle opvang-typen. Ook talige, creatieve en musische activiteiten evenals buitenspel enuitstapjes komen regelmatig voor. Er is minder aandacht voor ontluikendegecijferdheid, wetenschap, techniek en burgerschapsvorming.Pedagogisch professionals zien meer kinderen met een zorgbehoefte in depeuteropvangPedagogisch professionals vullen als onderdeel van het onderzoek ookeen vragenlijst in over structurele kwaliteitskenmerken, zoals de groeps-grootte, de beroepskracht-kind ratio, het opleidingsniveau en de werker-varing. Deze kenmerken zijn grotendeels stabiel gebleven. Daarnaastgeven pedagogisch professionals aan dat zij over het algemeen tevredenzijn over hun werk. In de peuteropvang rapporteren professionals vanaf2017 een toename in het aandeel kinderen met aanvullende zorgbe-hoeften, met name op het gebied van extra taalondersteuning. Het gaathierbij om een subjectieve beleving van professionals, daarmee is hetlastig te duiden of peuteropvanglocaties daadwerkelijk meer kinderen metaanvullende zorgbehoeften opvangen of dat er een stijging is in de matewaarin professionals gedrag als zorgelijk ervaren.Voorspellers van kwaliteitEr zijn verklarende analyses uitgevoerd om verschillen binnen deopvangsoorten te duiden. Uit de analyses komen dan mogelijkevoorspellers van kwaliteit, die aangeven welke aspecten van de kinder-opvang samenhangen met de kwaliteit.In het onderzoek is bij de kinderdagopvang bijvoorbeeld te zien datkleinere leeftijdsverschillen in een groep kinderen samenhangen met eenhogere kwaliteit. Ook is er een positief verband met de kwaliteit en hetactiviteitenaanbod wanneer professionals meer uren werken per week.Ook in de peuteropvang geldt dat wanneer professionals meer urenwerken en een vast contract hebben hogere educatieve kwaliteit wordtgeboden én er meer aandacht is voor groepssocialisatie. Ook is geconsta-teerd dat op locaties waar er meer oudercontact is de kwaliteit van depeuteropvang (op alle aspecten) hoger is.In de buitenschoolse opvang hangen grotere groepen en meerderegroepen per locatie samen met betere kwaliteit van het activiteitenaanboden met meer aandacht voor groepssocialisatie.In de gastouderopvang blijkt dat wanneer gastouders en gastouderbu-reaus zich meer profileren op kleinschaligheid, dit een positief verbandhoudt met de kwaliteit. Wanneer zij zich daarentegen profileren opflexibiliteit voor ouders (flexibele of afwijkende opvangtijden) hangt ditjuist samen met een lagere kwaliteit. Daarnaast laat het onderzoek eenpositief verband zien tussen het opleidingsniveau van gastouders en dekwaliteit.De uitkomsten van de analyses geven dus aan welke relaties er lijken tebestaan tussen bepaalde aspecten en de kwaliteit van kinderopvang. EnTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 31 322, nr. 5873 hoewel deze niet direct verklaren waaróm bepaalde verbanden optreden,bieden zij mogelijk wel aanknopingspunten voor vervolgonderzoek ofvoor gesprek in de praktijk van de kinderopvang.ConclusiesConclusie en reactieOver het algemeen is de kwaliteit van de Nederlandse kinderopvang goeden voelen kinderen er zich op hun gemak. Zowel de emotionele alseducatieve proceskwaliteit is gemiddeld tot goed en scoort in internati-onaal opzicht hoog. Uit de meting van 2025 blijkt op sommige onderdeleneen stabilisatie of lichte daling van de kwaliteit. Een aandachtspunt is dekwaliteit van de peuteropvang. Zowel de emotionele als educatievekwaliteit van de opvang voor peuters laat, na een eerdere jarenlangestijging, nu een dalende trend zien. Ook voor andere kwaliteitsaspectenlijkt de kwaliteit voor de peuters onder druk te staan. Ik blijf de kwaliteitvan de opvang van peuters daarom goed volgen. Volgende metingenmoeten duidelijk maken of deze trend zich doorzet. Een tweedeaandachtspunt betreft het contact met ouders. Goede afstemming tussende kinderopvang en ouders of verzorgers is belangrijk voor het welbe-vinden en de ontwikkeling van kinderen. Ik roep de sector en ouders opom aandacht te blijven houden voor de samenwerking met en betrok-kenheid van ouders bij de opvang van hun kinderen, en te kijken hoe dezeverstevigd kan worden. Een derde aandachtspunt is gerelateerd aan desociale functie van kinderopvang. In de kinderopvang leren kinderen alvroeg onderdeel uit te maken van een groep en ontwikkelen zij socialecompetenties zoals samenwerken of conflicten oplossen. Dat vraagt omaandacht voor dit groepsproces en voor de begeleiding van de onderlingeinteracties tussen kinderen. De resultaten laten zien dat pedagogischprofessionals dit lastig vinden. In gesprekken met de sector zal ik hetbelang benadrukken van deze belangrijke pedagogische vaardigheid.Nieuwe metingDe beide rapportages die ik hierbij met uw Kamer deel vormen eenafsluiting van een periode van negen jaar waarin het huidigeLKK-consortium de kwaliteit van de kinderopvang in opdracht van hetMinisterie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid in beeld bracht. Deafgelopen jaren leverde dit vele inzichten op en maakte het ontwikke-lingen door de jaren zichtbaar. Ook in de komende jaren blijf ik dekwaliteit van de kinderopvang monitoren. Het nieuwe LKK consortiumbestaat uit de Universiteit van Utrecht, Hogeschool van Amsterdam enSardes. Met een deels nieuwe onderzoeksaanpak waarin breedte- endieptestudies elkaar afwisselen kan beter ingezoomd worden op belang-rijke vraagstukken in de sector. De continuïteit met vorige metingen blijftbehouden én er wordt ingezet op een grotere response van alle opvangs-oorten. Ook de kwaliteit van de voorschoolse educatie wordt in beeldgebracht. Daarnaast gaat het consortium nog meer voor en met depraktijk werken. Bijvoorbeeld door in dialoogtafels met de sector ingesprek te gaan over de resultaten.De Nederlandse kinderopvang telt momenteel meer dan honderdduizendprofessionals. Dankzij hun dagelijkse inzet zijn we in staat de kwaliteit vande Nederlandse kinderopvang hoog te houden. Daar ben ik trots op, wantalleen als de kwaliteit van de kinderopvang goed is kunnen kinderen zichontwikkelen en gaan ouders met een gerust hart naar hun werk. In mijngesprekken met de kinderopvangsector zal ik aandacht schenken aan deTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 31 322, nr. 5874 bevindingen en verbeterpunten die de LKK rapporten opleveren. Mijninzet is om de kwaliteit van de kinderopvang vast te houden en waarmogelijk te verbeteren. Hierover blijf ik graag in gesprek met uw Kamer.De Minister van Werk en Participatie,A.A. AartsenTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 31 322, nr. 5875

Eerdere bronversies

17 okt 2026 · 3334f7af57ac50e9

14 okt 2026 · c7a34ddb3ca6d365

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.