KamerkringInloggen
Kamerbrief

Voortgang doorstroomtoetsen en schooladvisering

24 apr 2026 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie 83cb5b218cf0fd0b · officiële bron

Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2025–202631 293Primair OnderwijsNr. 872 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN ONDERWIJS, CULTUUREN WETENSCHAP Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 24 april 2026Het is belangrijk dat alle leerlingen op een school in het voortgezetonderwijs terecht komen die goed bij hen past. De doorstroomtoets is eenbelangrijk hulpmiddel bij het definitief schooladvies in de overgang vangroep 8 naar de eerste klas van het voortgezet onderwijs. Met dedoorstroomtoets kunnen leerlingen in het primair onderwijs laten zien watze in hun mars hebben op het gebied van de basisvaardigheden taal enrekenen en biedt dit leerkrachten een extra instrument om een passendschooladvies te geven. Daarnaast is de doorstroomtoets een van deweinige manieren om objectief en kwalitatief scholen te kunnen beoor-delen op de bereikte niveaus van de basisvaardigheden taal en rekenenvan de leerlingen. Met deze brief wordt u geïnformeerd over enkele zakenmet betrekking tot de doorstroomtoets en schooladvisering:–de afname van de doorstroomtoets in schooljaar 2025–2026 en hetvoorlopige beeld van de landelijke toetsresultaten door het Collegevoor Toetsen en Examens (hierna: CvTE);–de belangrijkste inzichten uit de Monitor schooladvies en doorstroom-toets 2024–2025 van de Dienst Uitvoering Onderwijs (hierna: DUO);–de stand van zaken van de doorontwikkeling van de doorstroomtoetsen een vooruitblik naar de geplande Kamerbrief die u vóór de zomerontvangt.Terugblik afname doorstroomtoets schooljaar 2025–2026Sinds schooljaar 2023–2024 maken alle leerlingen in groep 8 dedoorstroomtoets (voorheen: «eindtoets»). In januari en februari van ditjaar is de doorstroomtoets voor het derde jaar afgenomen. In totaalhebben dit jaar circa 177.000 leerlingen een doorstroomtoets gemaakt.Scholen konden, net als in de twee voorgaande jaren, kiezen uit één vande zes erkende aanbieders van de doorstroomtoets. Over de afname vandit jaar zijn door de aanbieders geen grote onregelmatigheden gerappor-teerd. Hoewel het noorden van Nederland in de afnameperiode te makenhad met uitzonderlijke weersomstandigheden (code rood), is hier door kst-31293-872ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2026Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 31 293, nr. 8721 scholen en de aanbieders flexibel en adequaat mee omgegaan. Zo is in debetreffende regio de papieren doorstroomtoets een paar dagen laterafgenomen.In januari jl. is uw Kamer reeds geïnformeerd over het feit dat deoverheidsdoorstroomtoets, de DOE-toets, vanwege het beperkte aantalinschrijvingen dit jaar niet werd afgenomen voor de reguliere doelgroep.1Wel is de braille- en slechtziende versie afgenomen. De resultaten hiervanzijn vanwege de zeer kleine aantallen niet meegenomen in het voorlopigebeeld van het CvTE.Voorlopig beeld toetsresultaten doorstroomtoets 2026Een voorlopig beeld van de resultaten van de doorstroomtoets 2026, doorhet CvTE opgesteld, vindt u als bijlage bij deze brief2. Dit beeld isgebaseerd op voorlopige gegevens en kan nog wijzigen.Het voorlopig landelijk beeld van 2026 is vergelijkbaar met dat van 2024en 2025. De verdeling van de toetsadviezen over de verschillendeschoolsoorten is stabiel gebleven. Ook de behaalde referentieniveausvoor lezen, rekenen en taalverzorging blijven stabiel. Het overgrote deel(97,9% voor lezen, 93,8% voor taalverzorging en 89,7% voor rekenen) vande leerlingen behaalt het fundamentele niveau (1F) en een kleiner deel(72,1% voor lezen, 52,7% voor taalverzorging en 40,7% voor rekenen)behaalt het streefniveau (2F/1S).Het CvTE publiceert vóór de zomer de «Terugblik normering doorstroom-toetsen» met de definitieve resultaten. In de brief over het vervolg van deverkenning naar de vorm van de doorstroomtoets die uw Kamer voor dezomer ontvangt, gaan wij hier nader op in.Uitkomsten DUO Monitor schooladvies en doorstroomtoets2024–2025Jaarlijks monitort DUO de ontwikkelingen op het gebied van schooladvi-sering en de schoolloopbanen in de onderbouw van het voortgezetonderwijs. Bijgevoegd bij deze brief ontvangt u de monitor overschooljaar 2024–2025.3 Dit jaar heeft DUO ook verschillende kruispuntenvan leerlingkenmerken onderzocht, zoals sociaaleconomische status (SES)in relatie tot herkomst.4 De monitor bevat daarnaast ook een analyse vanscholen die (bijna) geen enkel schooladvies bijstellen, wanneer de toetsdaar aanleiding toe geeft.5Net als afgelopen jaren krijgt iets meer dan de helft van de leerlingen eenpro tot en met vmbo-t/havo-advies en iets minder dan de helft een havotot en met vwo-advies. Leerlingen die risico lopen op onderpresteren doorfactoren zoals een lage sociaaleconomische status (SES) blijken vaker dangemiddeld onder- of overgeadviseerd te worden. Voor deze groep sluit hetvoorlopig schooladvies daardoor minder vaak aan bij wat zij op dedoorstroomtoets laten zien.1Kamerstukken II 2025/26, 31 293, nr. 8662Zie bijlage 13Zie bijlage 24De monitor spreekt sinds dit jaar niet meer van «migratieachtergrond», maar van «herkomst».Ook met deze monitoring van herkomst geef ik uitvoering aan de motie van het lid Van Baarle:Kamerstukken II 2022/23, 36 200 VIII, nr. 117.5Hiermee geef ik uitvoering aan de motie van het lid Ergin, die de regering verzoekt om demonitor doorstroomtoets uit te breiden met een verdiepende analyse van zogenoemdenulbijstellers, waarin mogelijke oorzaken, ontwikkelingen over meerdere jaren en regionaleverschillen inzichtelijk worden gemaakt: Kamerstukken II 2025/26, 31 293, nr. 863. Naast dezekwantitatieve analyse van DUO ben ik in gesprek met de inspectie van het Onderwijs, om teverkennen of hiernaast een kwalitatief onderzoek wenselijk en haalbaar is.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 31 293, nr. 8722 Circa 28 procent van de leerlingen kan op grond van de toets meeruitdaging aan dan uit het voorlopig schooladvies blijkt.6 De doorstroom-toets maakt het mogelijk het schooladvies bij te stellen, waardoor meerleerlingen een definitief schooladvies krijgen dat past bij hun vaardig-heden.Het aandeel bijgestelde adviezen is gestegen van minder dan 30 procentvóór invoering van de maatregel naar 71 procent in 2024–2025. Ook is hetaantal scholen dat niet of beperkt bijstelt afgenomen (circa 29 scholen).Voor sommige groepen is dit extra van belang, omdat zij vaker te makenkrijgen met onderschatting van hun capaciteiten.7DUO laat zien dat de doorstroomtoets en de mogelijkheid een bijgesteldadvies te krijgen voor sommige groepen meer van belang zijn, omdat zijvaker te maken krijgen met onderschatting van hun capaciteiten.Iets meer dan 70 procent van de leerlingen die nu in leerjaar 3 van hetvoortgezet onderwijs zitten, volgt (zonder te blijven zitten) de route diegelijk is aan het schooladvies dat zij in groep 8 kregen. Meiden komen inleerjaar 3 vaker «boven» en minder vaak «onder» hun advies uit danjongens. Leerlingen met een lage SES zitten zowel het vaakst «boven» als«onder» hun advies en doubleren meer dan twee keer zo vaak. Ookkomen zij bij een dubbel schooladvies vaker aan de «onderkant» van hetadvies uit, terwijl leerlingen met een hoge SES vaker aan de «bovenkant»van een dubbel advies uitkomen.Met de inzichten uit de DUO-monitor krijgen wij een goed beeld van hetaandeel leerlingen dat doorstroomt conform het eerder gegevenschooladvies. Dit jaar wordt vervolgonderzoek gedaan naar onderadvi-sering, in lijn met het verkennend onderzoek van het Verwey-JonkerInstituut.8 De uitkomsten van de meest recente DUO-Monitor wordenmeegenomen in deze opdracht.Vooruitblik doorontwikkeling van de doorstroomtoetsDeze resultaten, tezamen met eerdere onderzoeken en wensen van uwKamer met betrekking tot de doorstroomtoets, gebruik ik voor dedoorontwikkeling van de vorm, functie en inhoud van de doorstroom-toets. Vóór de zomer stuur ik de bouwstenen aan uw Kamer ten behoevevan besluitvorming over de vorm van de doorstroomtoets. Dit gaat onderandere over het aantal aanbieders van de doorstroomtoets en deverschillende afnamemodi van de toets. Een wijziging van de vorm van dedoorstroomtoets zal logischerwijs resulteren in een wijziging van hettoetsstelsel. Een aanpassing in het stelsel van de doorstroomtoets moet6Bepaalde leerlingengroepen krijgen nog altijd vaker te maken met een onderschatting van huncapaciteiten in hun voorlopig schooladvies: leerlingen met een voorlopig schooladvies vmbo,leerlingen met een lage SES, leerlingen op scholen in niet tot weinig stedelijk gebied,leerlingen met een herkomst van buiten Europa en meiden. De kruispuntanalyse van DUO laatzien dat de hogere onderschatting van leerlingen met een herkomst van buiten Europa, metname te maken heeft met het feit dat zij disproportioneel vaak ook een lagere SES hebben.Binnen de verschillende SES-categorieën worden leerlingen met een herkomst van buitenEuropa namelijk niet vaker dan andere leerlingen onderschat in het voorlopig advies. Bij hetpercentage bijstellingen is er wél een verschil te zien dat gebaseerd is op herkomst: leerlingenmet een herkomst van buiten Europa die in aanmerking komen voor een bijstelling krijgenvaker een bijgesteld advies dan andere leerlingen die daarvoor in aanmerking komen. Deonderadvisering van meiden is eind 2025 door DUO specifieker onderzocht in:Verschil in schooladvies tussen jongens en meiden: Meiden op achterstand.7Het gaat om scholen waar geen adviezen zijn bijgesteld, ondanks dat er 5 of meer leerlingenvoor een bijstelling in aanmerking kwamen. OCW neemt deze resultaten mee in gesprekkenmet de Inspectie van het Onderwijs over een eventueel kwalitatief onderzoek naarniet-bijstellen.8Kamerstukken II 2024/25, 31 293, nr. 798Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 31 293, nr. 8723 daarbij wat mij betreft toekomstbestendig zijn om het onderwijsveld nietkeer op keer te confronteren met (grote) veranderingen Zorgvuldigheid enbetrouwbaarheid staan hierin voor mij centraal. Zoals reeds in december2025 met uw Kamer gedeeld, geldt dat het invoeren van een stelsel metdaarin één centrale aanbieder van doorstroomtoets op zijn vroegsthaalbaar is in 2029.De doorstroomtoets wordt ook gebruikt door de Inspectie van hetOnderwijs om toezicht te houden op de kwaliteit van het onderwijs op eenschool. Ten aanzien van die functie van de doorstroomtoets werk ik metde PO-Raad en de Inspectie van het Onderwijs (hierna: Inspectie) aan eenpilot om de rol van de doorstroomtoets in het toezicht te onderzoeken.Daarnaast lopen er verschillende onderzoeken die bijdragen aan deinhoudelijke doorontwikkeling van de doorstroomtoets. Onderdeelhiervan is een pilot om te onderzoeken op welke manier schrijfvaar-digheid getoetst kan worden binnen de doorstroomtoets. Deze pilot wordtuitgevoerd bij de deelnemende scholen van de DOE-toets in schooljaar2026–2027. Hiermee wordt ook uitvoering gegeven aan de motie Bisschop(SGP).9Tot slotEen passende plek in het voortgezet onderwijs is voor alle leerlingenbelangrijk. De doorontwikkeling van de doorstroomtoets moet er nogbeter voor zorgen dat leerlingen van een goed en passend advies wordenvoorzien. Ik informeer uw Kamer voor de zomer over de definitieveresultaten van de doorstroomtoets en de toekomst van het stelsel van dedoorstroomtoets.De Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,J.Z.C.M. Tielen9Kamerstukken II 2021/22 31 293, nr. 629Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 31 293, nr. 8724

Eerdere bronversies

17 okt 2026 · 3359269c5d29b60a

14 okt 2026 · c66b2aed84fd08c5

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.