KamerkringInloggen
Kamerbrief

Reactie op rapporten Primos prognose 2026, Landelijke Monitor Voortgang Woningbouw en Toelichting op de herijkingsopgave

1 jul 2026 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie f2e64ab5c045ed4a · officiële bron

Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2025–202632 847Integrale visie op de woningmarktNr. 1493 BRIEF VAN DE MINISTER VAN VOLKSHUISVESTING EN RUIMTE-LIJKE ORDENING Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 1 juli 2026Iedereen verdient een eigen thuis. Het kabinet wil daarom meer, sneller enbetaalbaar bouwen. Het is daarbij van belang te monitoren hoe dewoningmarkt in Nederland zich ontwikkelt. Daartoe deel ik met uw Kamerde uitkomsten van de jaarlijkse regionale bevolkings- huishoudens-prognose Primos (ABF Research), de «Landelijke Monitor VoortgangWoningbouw» (LMVW, voorjaar 2026) en de «Toelichting op de herijkings-opgave woondeals tot en met 2036».Uit de prognose van ABF Research blijkt dat het woningtekort voor hettweede jaar op rij is gedaald: dit jaar van 4,8 procent in 2025 naar 4,6procent in 2026. ABF Research verwacht dat het tekort gestaag blijftafnemen. Daarnaast verwacht ABF Research dat er in 2027 100.000woningen gerealiseerd kunnen worden. Dat zou voor het eerst sinds 19901zijn. Een doorbraak. Om deze prognose om te zetten in resultaten, moetende komende tijd alle krachten gebundeld worden.Naast het Primos-rapport bied ik u de «Landelijke Monitor VoortgangWoningbouw» (LMVW, voorjaar 2026) aan, met inzicht in de beschikbareplancapaciteit. Daaruit blijkt dat er genoeg plancapaciteit is om jaarlijks100.000 woningen te bouwen. Voor een deel van deze bouwplannenmoeten gemeenteraden de wijziging van het omgevingsplan nogvaststellen. Vanuit het kabinet ondersteunen wij gemeenten om dit zospoedig mogelijk te realiseren.Tot slot ontvangt u de «Toelichting op de herijkingsopgave woondeals toten met 2036» waarin de woningbouwopgave regionaal is vertaald. Ditrapport dient als het startpunt voor de gesprekken met provincies engemeenten over de actualisatie van de woondeals tot en met 2036.Hieronder licht ik alle bovenstaande punten en uitdagingen nader toe, ookga ik kort in op enkele demografische ontwikkelingen.1Bron: CBS StatLine - Voorraad woningen; standen en mutaties vanaf 1921 kst-32847-1493ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2026Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 847, nr. 14931 Gezamenlijk inzetten op woningbouwABF Research verwacht dat – op basis van verschillende indicatoren zoalsde in het recente verleden afgegeven bouwvergunningen – er in 2027bijna 100.000 (99.700) woningen gerealiseerd kunnen worden. Eenbelangrijke mijlpaal en goed nieuws voor alle woningzoekenden. Al mijninspanningen zijn erop gericht om de jaarlijkse bouw van 100.000woningen te halen en vervolgens langdurig vast te houden. Het is daaromnodig dat we voortvarend knelpunten zoals netcongestie, stikstof en langeprocedures aanpakken en alles op alles zetten om in Nederland meer,sneller en beter te bouwen.In haar prognose verwacht ABF Research dat na 2027 de productie weerwat terug kan vallen. Ik wil met alle betrokken partijen nauw en intensiefsamenwerken om de productie op peil te houden. Dit vraagt omverenigde krachten binnen het kabinet en een gezamenlijke inzet metmedeoverheden, corporaties en marktpartijen. In april (TK 32.847 nr. 1448)heb ik u geïnformeerd over de Ministeriële Taskforce VersnellingWoningbouw en de eerste resultaten die zijn geboekt. In september stuurik uw Kamer het Actieplan Versnelling Woningbouw, met daarin de koersrichting de realisatie van langdurig 100.000 woningen per jaar en devertaling naar een operationeel plan.Een woningtekort van 4,6 procent in 2026 betekent dat er nog veel werk tedoen is om op een woningtekort van twee procent te komen. Tweeprocent wordt gezien als een situatie waarbij er sprake is van een normalespanning op de woningmarkt2. Om dit te bereiken zouden per direct 213duizend extra woningen nodig zijn. Rekening houdend met de huishou-densgroei en de sloop van woningen wordt bij een realisatie van 100.000woningen per jaar in de loop van 2034 het evenwichtige niveau van tweeprocent bereikt, zo blijkt uit Primos 2026. Dit benadrukt de urgentie om opnationaal niveau vast te houden aan de koers om 100.000 woningen perjaar te realiseren.Voldoende woningbouwplannenDe bijgevoegde LMVW (voorjaar 2026, ABF Research), laat zien dat ervoor de middellange termijn op nationaal niveau voldoende plancapaciteitbeschikbaar is om 100.000 woningen per jaar te realiseren. Omdatwoningbouwplannen vertraging op kunnen lopen of niet doorgaan, moeter 30 procent meer plancapaciteit beschikbaar zijn dan de bouwopgave.Voor de periode 2026 tot en met 2030 (resterende looptijd van de huidigewoondeals) is de geraamde plancapaciteit 823.400 woningen (126procent). Een punt van zorg is dat een groot deel van deze plannen nogniet bestuurlijk hard is (grafiek 1). De totale harde plancapaciteit tot enmet 2030 bedraagt 386.200 woningen. Dat is 59 procent van derestopgave in de woondeals en dit aandeel varieert sterk tussenprovincies. Om de afspraken t/m 2030 te kunnen nakomen, moet ergewerkt worden aan het hard maken van de woningbouwplannen en hetvervolgens vergunnen ervan.Een ander aandachtspunt is dat na 2031 de beschikbare plancapaciteitflink daalt. Omdat het gemiddeld 10 jaar duurt voordat een woning-bouwplan het hele proces tot oplevering heeft doorlopen, moet er tijdigduidelijkheid komen over de opgave na 2031 en de daarvoor benodigde2Het statistische woningtekort is een maat voor de spanning op de woningmarkt. Bij eenwoningtekort lager dan 2% ontstaan en risico’s op leegstand, waardedaling en leefbaarheids-problematiek.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 847, nr. 14932 plancapaciteit. Mede daarom ben ik met provincies en gemeenten gestartmet de actualisatie van de woondeals voor de periode t/m 2036.Naast het realiseren van voldoende woningen is het noodzakelijk dat degerealiseerde woningen ook betaalbaar zijn. Op basis van de inventari-satie is van de woningen waarvan de eigendomsvorm bekend is, 69procent betaalbaar. Voor zover het woningtype bekend is, bestaat deplancapaciteit voor 30 procent uit eengezinswoningen en 70 procent uitappartementen.Actualisatie woondealafsprakenIn het kader van de actualisatie van de woondeals worden afsprakengemaakt tussen gemeenten, provincies en rijk over de woningbouwpro-grammering voor de periode tot en met 2036. Concreet betreft het:–Het aantal te realiseren woningen per woondealregio voor de periode2027–2036.–Afspraken over de programmering van betaalbare woningen conformde kaders van de Wet versterking regie volkshuisvesting, zodat deze debasis bieden voor de volkshuisvestelijke programma’s.–Afspraken over het aantal te realiseren woningen voor ouderen enstudenten in de woningbouw en in de bestaande woningvoorraad.–Een samenwerkingsagenda op de woningbouwvoorwaarden.Hierbij houden we vast aan het doel van het realiseren van 100.000woningen per jaar om zo het woningtekort zo snel mogelijk terug tedringen.Als startpunt voor het maken van afspraken is de regionale woningbouw-opgave voor de periode 2027–2036 in beeld gebracht, met alsuitgangspunt het terugdringen van het woningtekort naar 2 procent inelke woondealregio (bijlage: Toelichting op de herijkingsopgavewoondeals tot en met 2036, ABF Research).Vergrijzing en latente vraag thuiswonende (jong) volwassenenDemografische ontwikkelingen en verwachtingen vormen de basis voorde inschatting van de woningbehoefte. In de nationaleCBS-bevolkingsprognose van december 2025 is de verwachte bevolkings-groei beperkt lager dan in de vorige. De bevolking groeit van 2026 t/m2040 met ruim 1 miljoen naar 19,2 miljoen personen. De Primos-prognosevertaalt de nationale CBS-bevolkingsprognose naar een regionaleGrafiek 1. Realisaties en bruto plancapaciteit, verwacht opleverjaar en planstatusBron: BAG en Landelijke Monitor Voortgang Woningbouw Voorjaar 2026, bewerking ABFResearchTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 847, nr. 14933 bevolkings- en huishoudensprognose. De verwachte bevolkingsgroei iszowel relatief als absoluut het grootst in de regio’s in de Randstad en in deflanken daarvan. In de andere gebieden zal de bevolking naar verwachtingminder sterk toenemen. Het groeiverschil tussen de Randstad en deandere delen is de afgelopen jaren echter wel iets kleiner geworden.De huishoudensgroei is de belangrijkste drijver achter de woningbouw-opgave. Het aantal huishoudens neemt naar verwachting met 795 duizendtoe van 8,5 miljoen naar bijna 9,3 miljoen door bevolkingsgroei endoordat huishoudens kleiner worden. 44 procent van de woningbouw isnodig om de verwachte bevolkingsgroei te accommoderen, 25 procentvanwege het kleiner worden van huishoudens, 17 procent om het huidigetekort in te lopen en 14 procent is nodig voor de vervanging vangesloopte woningen.Een belangrijke trend die aandacht van ons vraagt is de vergrijzing. Dekomende vijftien jaar neemt het aantal 75-plussers met 43 procent toe. Hetgaat om een toename van 788 duizend personen: van 1,82 miljoen in 2026tot 2,60 miljoen in 2041. Het aantal 75-plus huishoudens neemt in dekomende 15 jaar toe met 614 duizend, waarvan 383 duizend eenpersoons-huishoudens. Er zal dus veel moeten gebeuren om de woningvoorraadgeschikt te maken voor oudere huishoudens. De opgave voor hetrealiseren van 290.000 voor ouderen geschikte woningen zal deels viawoningbouw gebeuren en deels via aanpassing van woningen in debestaande voorraad. Bij de actualisatie van de woondeals wordenafspraken gemaakt over deze opgave voor de komende 10 jaar.Sinds 2010 is het aandeel thuiswonende (jong)volwassenen sterktoegenomen. Volgens het Woononderzoek Nederland (WoON 2024) heeft60 procent van de thuiswonende (jong)volwassenen de wens om eeneigen woning te betrekken. ABF Research geeft aan dat het denkbaar isdat de inschatting van het aantal (jong)volwassenen dat het ouderlijk huisverlaat in de prognose wat onderschat is. Bij een verruiming van dewoningmarkt kan deze latente vraag zich alsnog manifesteren. Hierdoorkan de vraag naar woningen dan mogelijk groter worden.Tot slotIk informeer u jaarlijks over de uitkomsten van de Primos-prognose omdaarmee te kwantificeren hoe omvangrijk de opgave is. Omdat prognosesonzekerheden kennen is het belangrijk om dit regelmatig in beeld tebrengen. Ontwikkelingen zoals migratie, economische veranderingen enveranderende woonwensen kunnen invloed hebben op de vraag naarwoningen. Het is noodzakelijk om de vinger aan de pols te houden, zodatwe tijdig kunnen inspelen op veranderingen en zodat de juiste woningenop de juiste plekken worden gebouwd.De Minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening,E. Boekholt-O’SullivanTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 32 847, nr. 14934

Eerdere bronversies

17 okt 2026 · dd7d6a4ba25aafb2

14 okt 2026 · a59022d10261456e

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.