Toezegging balans woon-werkverkeer en recreatievaart
Brontekst
Versie 7c098a66ab285201 · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2024–202536 600 AVaststelling van de begrotingsstaat van hetMobiliteitsfonds voor het jaar 2025Nr. 69 BRIEF VAN DE MINISTER VAN INFRASTRUCTUUR ENWATERSTAAT Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 15 september 2025In het MIRT-debat van 2 juli jl. heb ik aan het lid Pierik (BBB) toegezegd uwKamer te informeren over hoe de balans wordt gezocht tussen hetwoon-werkverkeer en de recreatievaart bij het openen van bruggen inbeheer bij Rijkswaterstaat (RWS), gelet op de situatie bij onder andere deKetelbrug en de Haringvlietbrug1. Deze brief schetst eerst de huidigepraktijk van de bedientijden van bruggen en wat RWS doet om een goedebalans tussen wegverkeer en scheepvaart te vinden en de wachttijdenvoor beide verkeersstromen zoveel mogelijk te beperken. Ten slotte ga ikspecifiek in op de situatie van de Ketelbrug en de Haringvlietbrug.Bedientijden bruggen en het beperken van wachttijdenHet wachten voor een openstaande brug kan vervelend zijn. Hetzelfdegeldt voor een schipper die moet wachten tot de brug opengaat. Daaromwordt zoveel mogelijk gezocht naar een balans tussen beide belangen bijhet vaststellen van de bedientijden van een brug. Conform de richtlijnvaarwegen2 staat «veilig en vlot» daarin centraal. De richtlijn maakt eenonderscheid tussen hoofdtransportassen (bijvoorbeeld Rotterdam-Antwerpen), hoofdvaarwegen (bijvoorbeeld Hoofdvaarweg Lemmer-Delfzijl) en overige vaarwegen. Enkele daarvan zijn in beheer bij RWS enhet merendeel bij andere vaarwegbeheerders. Op basis van het totalelaadvermogen dat op een vaarweg passeert zijn er in de richtlijn vijfbedienregimes met bijbehorende bedientijden vastgelegd per vaarweg.Hier geldt: hoe meer passerend laadvermogen, hoe ruimer de bedien-tijden. RWS maakt geen principieel onderscheid tussen beroepsvaart enrecreatievaart en houdt statistisch ook niet bij of een brug open staat voorde recreatievaart of de beroepsvaart. Op grond van de huidige wetgeving1TZ202507-0902Richtlijn Vaarwegen 2020, 2e gewijzigde druk kst-36600-A-69ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2025Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 A, nr. 691 mag dat onderscheid ook niet gemaakt worden. In algemene zin kan dusalleen over scheepvaart worden gesproken in relatie tot het wegverkeer.Vanuit het algemene uitgangspunt «veilig en vlot» doet RWS zoveelmogelijk om de wachttijden voor zowel het wegverkeer als de scheepvaartte beperken. In de praktijk komt dat neer op:a)werken met vaste bedientijden van bruggen om zo voorspelbaarmogelijk te zijn. Schepen die te laat zijn moeten wachten op hetvolgende bedienvenster;b)brugopeningen zoveel mogelijk buiten de spitsuren. Dat voorkomtwachttijden voor de weggebruiker tijdens de drukke spitsuren;c)via konvooivaart een zo groot mogelijke hoeveelheid schepen in éénkeer door laten.Dit zijn algemene uitgangspunten. Per locatie kijkt RWS naar de aard,omvang en dynamiek van het wegverkeer en waterverkeer om op basisdaarvan een zorgvuldige afweging te maken voor de bedientijden van debrug. Uiteraard spelen per individuele brug steeds verschillendeomgevingsfactoren mee die de bedientijden beïnvloeden, zoals de fysiekeligging in het landschap en de wegverkeerskundige situatie ter plekke. Debedientijden komen tot stand na een afweging van veiligheid,doorstroming, de specifieke omstandigheden, beschikbare budgettairemiddelen en de wensen van lokale stakeholders. Deze gelden in principevoor onbepaalde tijd. Voor de scheepvaart zijn de bedientijden te vindenop www.vaarweginformatie.nl. Daarnaast tracht RWS door het implemen-teren van nieuwe technologieën efficiënter en doelgerichter de verkeers-stromen te managen.In het zomerseizoen en op feestdagen wordt bij druk, kruisend spoor- ofwegverkeer soms afgeweken van de geldende bedientijden. Dit gebeurt insamenspraak met de recreatievaartsector. Uit de gegevens vanaf 2022 totheden blijkt dat er gemiddeld genomen geen verschil is tussen hetrecreatieseizoen en de rest van het jaar wat betreft de wachttijdenveroorzaakt door brugopeningen. De wachttijden zijn afhankelijk vanmeerdere factoren, zoals bijvoorbeeld een toename van het wegverkeer.Bovendien worden de bruggen vanzelfsprekend niet bediend als er geenaanloop van schepen is.Ten slotte geldt dat de bovenstaande praktijk los staat van werkzaam-heden aan de infrastructuur waardoor er specifieke situaties van hinderkunnen ontstaan. In het kader van de Hinderaanpak3 zoekt RWS daarvoornaar specifieke en tijdelijke oplossingen per situatie.De Haringvlietburg en de KetelbrugBij de Ketelbrug en de Haringvlietbrug gaan de bruggen hoofdzakelijkopen voor de recreatievaart. De Ketelbrug gaat ook open voor de BruineVloot (de professionele passagiersvaart op traditionele zeilschepen) ennauwelijks voor de beroepsvaart. Dat komt omdat de bruggen dusdanighoog zijn dat de beroepsvaart in vrijwel alle gevallen onder de geslotenbruggen kan doorvaren. Voor de Ketelbrug en de Haringvlietbrug ligt depiek van de brugopeningen daardoor voornamelijk in het zomerseizoen(vanaf juni tot half september). Op beide bruggen zijn de eerdergenoemde algemene uitgangspunten van toepassing. Om veilige envlotte doorvaart en doorstroom van verkeer te bevorderen, worden dezebruggen daarom uitsluitend buiten de spitsuren bediend. Er gelden vasteopeningstijden, die worden gepubliceerd op www.vaarweginformatie.nl.De vaarweggebruiker weet dus van tevoren wanneer de brug wordtgeopend. Dat is ook voor de weggebruiker dat transparant. Bij deze vaste3Hinderaanpak: Slim plannen, slim bouwen en slim reizen, documentnummer VWM0821ZB001Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 A, nr. 692 momenten wordt ook rekening gehouden met de passage van de brugdoor hulpdiensten.Zowel de Ketelbrug als de Haringvlietbrug liggen in een open landschapwaardoor (zeil)schepen eerder te maken kunnen krijgen met plotselingeweersveranderingen (onweersbuien en windvlagen) en hinderlijkegolfslag. Daardoor kan het lang laten wachten van schepen voor de brugtot potentieel onveilige situaties leiden. Dergelijke overwegingen wordenmeegenomen bij het vaststellen van de bedientijden. Daarnaast is het bijHaringvlietbrug met de komst van de A4 «corridor» op de A29 drukkergeworden. In de eerste twee jaar na openstelling van de A4 in 2014 is hetverkeer met 27 procent toegenomen en is daarna gestabiliseerd. Op basisvan een verkeerskundig onderzoek zijn in juni 2024 de bedientijden bij deHaringvlietbrug aangepast om doorstroming van verkeer te bevorderen.Ik hoop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd.De Minister van Infrastructuur en Waterstaat,R. TiemanTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 A, nr. 693
Gerelateerde bronnen
- De Kamer wordt in de zomer door de minister van Infrastructuur en Waterstaat geïnformeerd over hoe de balans wordt gezocht tussen woon-werkverkeer en de recreat
De Kamer wordt in de zomer door de minister van Infrastructuur en Waterstaat geïnformeerd over hoe de balans wordt gezocht tussen woon-werkverkeer en de recreatievaart, waardoor onder andere de Ketelbrug en de Haringvlietbrug vaak open moeten.
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.