Ontwikkelingen rondom het praktijkonderwijs
Brontekst
Versie 5d8d8e539203f002 · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2025–202631 497Passend onderwijsNr. 511 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN ONDERWIJS, CULTUUREN WETENSCHAP Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 17 april 2026Onderwijs geeft vooruitgang aan de samenleving en voor ieder kind. Hetis van belang dat kinderen daarbij onderwijs kunnen volgen dat past bijhun capaciteiten en talenten. Daarbij zijn basisvaardigheden altijd vanbelang en de aanvullende vakken worden op verschillende niveausaangeboden, waaronder het praktijkonderwijs.Met deze brief informeer ik u over de lopende ontwikkelingen envoorgenomen besluiten met betrekking tot het praktijkonderwijs inaanloop naar het debat met uw Kamer op 22 april aanstaande. Daarbijwordt specifiek ingegaan op de mogelijkheid van een zelfstandigtoetsadvies voor praktijkonderwijs bij de doorstroomtoets en eenverkenning naar het afschaffen van de toelaatbaarheidsverklaring (tlv),inclusief financiële gevolgen.1 De bijbehorende onderzoeksrapporten zijnals bijlage bij deze brief meegestuurd.Wat is praktijkonderwijs? (pro)Praktijkonderwijs is regulier voortgezet onderwijs voor leerlingenvan 12 tot 18 jaar die beter leren in de praktijk dan via theorie.Leerlingen krijgen er de (extra) ondersteuning die ze nodig hebben.Gemiddeld zitten leerlingen vijf jaar op een pro-school. Ze volgendaar een eigen ontwikkelplan met vakken als Nederlands, rekenen/wiskunde, Engels, maar ook praktijkvakken. Bijvoorbeeld op hetgebied van techniek, horeca en voeding of groen- en dierverzorging.Tijdens hun opleiding behalen leerlingen vaak praktijkverklaringen,branche-certificaten, een getuigschrift en een schooldiploma.Er zitten landelijk circa 30.000 leerlingen in het pro, verdeeld over175 scholen. Een aanzienlijk deel van de leerlingenpopulatie – zo’n40 tot 45 procent – gaat door naar het mbo. Jaarlijks zijn dat zo’n1Kamerstukken II, 2024–2025, 31 293, nr. 752. kst-31497-511ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2026Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 31 497, nr. 5111 2.500 leerlingen. Circa een derde van deze groep heeft op het proeen entreediploma (mbo niveau-1 diploma) behaald.Om naar het pro te kunnen moet een leerling een IQ hebben binnende bandbreedte van 55–80 en een leerachterstand van minstensdrie jaar. Het samenwerkingsverband passend onderwijs bepaalt ofeen leerling aan de criteria voldoet en geeft vervolgens eentoelaatbaarheidsverklaring (tlv) af. Daardoor krijgt een leerling eenvrijstelling van de kwalificatieplicht.Algemene ontwikkelingenSamen met de Sectorraad Praktijkonderwijs, de vertegenwoordiger vande pro-scholen in Nederland, zet mijn ministerie zich in om de positie vandeze schoolsoort binnen ons stelsel te versterken. Daarom is er vanaf2018 elke regeerperiode een werkagenda opgesteld. Deze is tijdens mijnwerkbezoek bij het Kranenbrug weer vastgesteld. Twee concrete uitwer-kingen in de werkagenda bevinden zich op de overgang en samenwerkingtussen pro en andere schoolsoorten:Uitwerking van de Motie Rooderkerk (D66) om de pilot met gecombi-neerde pro/vmbo-klassen voor meer scholen open te stellen.2De in 2019 gestarte pilot pro/vbo maakte het mogelijk dat scholen voorpraktijkonderwijs en vmbo-scholen gezamenlijk onderwijs verzorgen voorkinderen voor wie het nog niet direct duidelijk is welke van detwee schoolsoorten het beste bij ze past. Zoals in 2024 aan uw Kamergecommuniceerd, was de pilot succesvol en is het kabinet van plan omdeze onderbouwklas structureel te borgen in wet- en regelgeving.3 UwKamer heeft aangegeven het onwenselijk te vinden om te wachten tot hetmoment dat deze wet in werking treedt. Om deze reden is de motieRooderkerk c.s. (D66) aangenomen die vraagt om de regeling open testellen voor meer scholen, vooruitlopend op het structureel borgen vandeze mogelijkheid in het stelsel.4 Op 12 februari 2026 is een nieuwebeleidsregel in werking getreden die het mogelijk maakt dat alle scholenvoor praktijkonderwijs die dat willen, gezamenlijk met een vbo-school,een onderbouwklas vorm kunnen geven. De regeling gaat daarmee verderdan de motie vraagt (van «meer» naar «alle scholen»), omdat hetvoornemen is om via de voorgenomen wetswijziging het mogelijk temaken dat alle pro-scholen deze onderbouwklas aan kunnen bieden.Scholen konden tot en met 31 maart een aanvraag doen om vanafschooljaar 2026/2027 een onderbouwklas vorm te geven. 31 scholenhebben hiervoor een aanvraag gedaan.Samenwerking pro/mboMomenteel is er een wetsvoorstel in voorbereiding, waarmee mogelijkwordt gemaakt dat leerlingen in het praktijkonderwijs binnen het pro ookde entreeopleiding kunnen volgen en afronden, zoals dat ook op het vmboen bij het voortgezet speciaal onderwijs al mogelijk is. Dit past bij deplannen van dit kabinet5 om de samenwerking tussen beroepsonderwijsen bedrijfsleven te versterken. In dit wetsvoorstel wordt de motieWesterveld6 ook meegenomen, die verzoekt om de samenwerking tussenpro-scholen en niet-bekostigde mbo-instellingen onder voorwaarden en in2Kamerstukken II, 2024–2025, 31 293, nr. 753.3Kamerstukken II, 2024–2025, 31 293, nr. 743.4Kamerstukken II 2024/2025, 31 293, nr. 753.52026D04554.6Kamerstukken II, 2023–2024, 31 524, nr. 598.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 31 497, nr. 5112 uitzonderingsgevallen mogelijk te maken. Deze uitzondering wordt ookmogelijk voor vso-scholen. Via dit wetsvoorstel wordt ook de tegemoet-koming van reiskosten voor leerlingen die een entreeopleiding volgen inhet praktijkonderwijs structureel geborgd. Dit wetsvoorstel wordthalverwege 2027 in internetconsultatie gebracht.De mogelijkheid van een zelfstandig toetsadvies praktijkon-derwijsStichting Cito heeft onderzocht of het mogelijk is om een zelfstandigtoetsadvies voor het praktijkonderwijs uit de doorstroomtoets te latenkomen. En geeft aan dat het introduceren van een zelfstandige toetsad-viescategorie toetstechnisch mogelijk is. Ze adviseert om dit onderzoek inschooljaar 2026/2027 te herhalen, omdat met behulp van extra, recentedata de effecten van de bijstellingsmaatregel zichtbaar gemaakt kunnenworden. Zo kan onderzocht worden hoe het toetsadvies betervoorspellend gemaakt kan worden en is er een beter beeld van dedoelmatigheid van een zelfstandige toetscategorie. Ik volg dit advies op.Hieronder licht ik dit toe.Achtergrond schooladviesEr is op dit moment geen apart toetsadvies pro, alleen een dubbeltoetsadvies pro/vmbo-bb (basisberoepsgerichte leerweg). Ook leerlingendie geen enkele vraag goed beantwoorden, krijgen dit dubbele toets-advies pro/vmbo-bb. Daarom gelden voor leerlingen van wie gedachtwordt dat zij het best tot hun recht komen in het praktijkonderwijsspecifieke regels in de schooladviesprocedure:•Alleen met een schooladvies pro én een toelaatbaarheidsverklaring(tlv) kan een leerling zich inschrijven bij het praktijkonderwijs.•Alleen leerlingen met een voorlopig schooladvies pro zonder vrijstel-ling voor de doorstroomtoets én leerlingen bij wie er (in overleg metde school) voor gekozen is van de vrijstelling af te wijken, maken dedoorstroomtoets.7•Als een leerling met een voorlopig schooladvies pro een toetsadviespro/vmbo-bb krijgt, dan hoeft het schooladvies niet bijgesteld teworden en hoeft de school daar ook geen motivatie voor te geven.8Verwarring over het dubbele toetsadvies pro/vmbo-bb en verhoogdewerkdrukDe Sectorraad Praktijkonderwijs geeft aan dat een toetsadviespro/vmbo-bb bij leerlingen met een voorlopig schooladvies pro (en hunouders) onterecht de verwachting kan wekken dat een bijstelling van hetschooladvies naar het vmbo-bb verplicht is, of dat ze een keuze hebbentussen beide schoolsoorten. Ze pleit daarom al jaren voor een zelfstandigetoetsadviescategorie pro. De Sectorraad Praktijkonderwijs en StichtingPlatforms vmbo hebben recentelijk een peiling gedaan onder hunachterban.9 Daaruit komt het signaal van scholen dat de werkdruk binnenzowel pro als vmbo zou zijn toegenomen door de maatregel om in7Ongeveer 50% van de leerlingen met een voorlopig schooladvies pro in het BO heeft eenontheffing voor de toets, bijvoorbeeld omdat zij zeer moeilijk lerend zijn (een IQ lager dan 75)of nog niet lang genoeg in Nederland wonen. Van de moeilijk lerende leerlingen in het BO meteen ontheffing, maakt zo’n 40% de toets: dat gaat om zo’n 330 leerlingen. In het SBO en SO zijndat ca. 17% en minder dan 5% van de moeilijk lerende leerlingen, samen zo’n 140 leerlingen.8Omdat deze uitzonderingsregel niet altijd bekend was bij scholen is hier specifiek extracommunicatie op ingezet, o.a. in de Handreiking schooladvisering: Handreiking schooladvi-sering (versie december 2025) | Brochure | Rijksoverheid.nl9https://www.platformsvmbo.nl/actueel/hoge-werkdruk-leraren-praktijkonderwijs-en-vmbo-door-zij-instroom-en-toenemende-zorgvraag-van-leerlingen/Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 31 497, nr. 5113 principe bij te stellen bij een hoger toetsadvies. Leerlingen met een (extra)faalervaring vanuit vmbo komen pro binnen en dat heeft effecten ophenzelf, de klas en de school.Cijfers over bijstellingen en doorstroom van leerlingen met een school-advies proUit cijfers van DUO over de doorstroomtoets blijkt:•40 procent van de leerlingen met een voorlopig schooladvies pro diedeelnemen aan de doorstroomtoets krijgen het toetsadvies vmbo-bb/kb.10•Van de leerlingen met een voorlopig schooladvies pro die eenbijstelling kregen na de doorstroomtoets, had bijna 9 op de 10 eentoetsadvies vmbo bb-kb.11 Voor hen geldt dat het schooladvies inprincipe moet worden bijgesteld, tenzij dat niet in het belang van deleerling is.•In totaal kregen ongeveer 110 leerlingen een bijstelling naar vmbo. Datis 12 procent van het totaal 900 leerlingen met een voorlopig schoolad-vies pro die de doorstroomtoets.Tegelijkertijd laten cijfers van DUO ook zien dat de instroom in het pro vanleerlingen die eerst op het vmbo hebben gezeten al een aantal jaartoeneemt. Hierover blijf ik de komende periode in goed overleg metbetrokken veldpartijen.Advies en besluitIk geef Stichting Cito een vervolgopdracht om het onderzoek met denieuwe gegevens in voorjaar 2027 te herhalen. Door dit onderzoek teherhalen kan met nieuwe doorstroomgegevens onderzocht worden ofleerlingen met een bijstelling op het voorlopig schooladvies pro op eenpassende plek in het vo terecht zijn gekomen, voordat er nu een apartetoetsadviescategorie praktijkonderwijs geïntroduceerd wordt. Deze gaatnamelijk mogelijk tot juist méér bijstellingen leiden. Het herhalen van ditonderzoek over één jaar kan het toetsadvies passender maken. Een beterevoorspelling vergroot de waarde van de doorstroomtoets met positieveeffecten voor zowel leerlingen, leraren en de dynamiek binnen school-klassen. Daar neem ik graag een jaar extra voor, want de impact van eendergelijk besluit is groot.Verkenning van het afschaffen van de toelaatbaarheidsverklaring(tlv), inclusief financiële gevolgen12Scholieren moeten aan bepaalde criteria voldoen om toegelaten teworden tot het praktijkonderwijs. Zo zorgen we ervoor dat zij op de juisteplek in het onderwijs terechtkomen. De samenwerkingsverbandenpassend onderwijs vo toetsen of een leerling hieraan voldoet en gevenvervolgens een toelaatbaarheidsverklaring (tlv) af. Uw Kamer is eerdergeïnformeerd over de voornemens van rechtstreekse bekostiging van hetpro, dus zonder tussenkomst van het samenwerkingsverband.13 Met demotie Westerveld c.s. (GroenLinks/PvdA)14 heeft Uw Kamer gevraagd omvoorafgaand aan dit aangekondigde wetsvoorstel een verkenning te doen10Ca. 60 procent haalt een toetsadvies pro/vmbo-bb, ca. 40 procent vmbo-bb/kb (of meertheoretisch). Het gaat hier om leerlingen van het bo, so en sbo samen.11Ca. 900 leerlingen (vanuit het BO, SBO en SO samen) kregen na een voorlopig schooladviespro een bijgesteld advies, waarbij de hogere aantallen komen uit het BO en SBO. Van dezeleerlingen met een bijstelling, scoorde ca. 12 procent pro/vmbo-bb op de doorstroomtoets enca. 88 procent vmbo-bb/kb of meer theoretisch.12Kamerstukken II, 2024–2025, 31 293, nr. 752.13Kamerstukken II, 2024–2025, 31 497, nr. 494.14Kamerstukken II, 2024–2025, 31 293, nr. 752.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 31 497, nr. 5114 naar het afschaffen van de tlv-systematiek, inclusief financiële gevolgen,omdat een tlv-pro leerlingen in een uitzonderingspositie plaatst en dehuidige systematiek tot bureaucratie en administratieve lasten zou leidenbij de pro-scholen.KBA Nijmegen heeft een verkenning uitgevoerd naar het afschaffen vande tlv voor praktijkonderwijs. In deze verkenning is gekeken tot welknieuw model het afschaffen van de huidige systematiek leidt en welkeandere gevolgen het loslaten van de systematiek met zich mee brengt. Hetrapport vindt u als bijlage bij deze brief. De verkenning laat zien datalhoewel de huidige tlv-systematiek wettelijk strak is vormgegeven, deinvulling in de praktijk sterk regionaal verschilt. Administratieve belastingwordt breed ervaren, vooral vanwege dubbel werk in de aanvraag, hettijdpad en formele toetsvereisten.KBA Nijmegen concludeert dat er twee opties zijn met betrekking tot detlv-systematiek:1.Handhaven van de huidige tlv-systematiek, maar deze waar mogelijkmoderniseren. Hieronder wordt verstaan: inzetten op het verminde-ren van de administratieve lasten, geen onnodige dubbeling insystemen en verdere vereenvoudiging.2.Afschaffen van de huidige tlv-systematiek. Hieronder wordt verstaan:een toekomstige situatie waarbij er geen tlv of landelijke criteriabestaan. Het principe van (landelijke) toelaatbaarheid wordtlosgelaten en de automatische, generieke, vrijstelling van dekwalificatieplicht voor pro-leerlingen die nu samenhangt met detoekenning van een tlv komt hiermee ook te vervallen. De preciezerandvoorwaarden binnen deze systematiek moeten nog verderuitgewerkt worden.Een tussenliggende optie, waarbij de vorm van toetsing en toelating blijftbestaan maar deze naar de pro-school gaat, is volgens KBA niet mogelijk.Dit komt omdat de tlv voor het pro samenhangt met vrijstelling van dekwalificatieplicht. Daardoor is het toekennen van een tlv-pro een publiek-rechtelijk besluit. Dit kan alleen door een derde en onafhankelijke partijgenomen worden. Een situatie waarbij de pro-school zelf de toetsingverzorgt, is daardoor niet haalbaar.KBA concludeert dat de ingezette beweging rondom het praktijkonderwijs– de rechtstreekse bekostiging van het praktijkonderwijs, de principes vanpassend onderwijs en de veranderende praktijk van toepassing van decriteria – aansluit op de afschaffing van de tlv-systematiek. KBA adviseertom de tlv en de rol van het samenwerkingsverband te handhaven en waarmogelijk de procedure te vereenvoudigen en tegelijkertijd toe te werkennaar afschaffing van de tlv op termijn. KBA adviseert om de toelaat-baarheid pas af te schaffen op het moment dat de inkadering en de plaatsvoor de doelgroep voldoende zeker gesteld zijn. Zo kan het pro verderworden ingericht als het overige voortgezet onderwijs, met behoud vande capaciteiten van het praktijkonderwijs om onderwijs en ondersteuningop maat te bieden voor de beoogde doelgroep.In overleg met de Sectorraad Praktijkonderwijs en ONSwv is besloten omhet advies van KBA gedeeltelijk over te nemen. Het advies van KBA biedtgoede handvatten om in gesprek met het veld de huidige tlv-systematiekvoor het praktijkonderwijs te verbeteren, zodat de lasten voor scholen ensamenwerkingsverbanden verminderd worden. Hoe deze verbeterdesystematiek er concreet uit gaat zien laat ik in het voorjaar van 2027weten. Over het afschaffen van de tlv-pro wordt nu nog geen besluitgenomen.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 31 497, nr. 5115 Uitstroom naar beschut werk of dagbestedingVoor een deel van de leerlingen in het pro en voortgezet speciaalonderwijs is dagbesteding de best passende plek na het onderwijs. Er zijnsignalen dat pro- en vso-scholen moeite hebben met het vinden vanstage- of wenplekken voor leerlingen die uitstromen richting dagbe-steding. Dit komt onder andere doordat er onduidelijkheid bestaat over definanciering. Dit is congruent met het beeld afkomstig van een enquêteonder pro- en vso-scholen door de Sectorraad Praktijkonderwijs en deSectorraad Gespecialiseerd Onderwijs. De betrokken Ministeries vanSociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) en Volksgezondheid, Welzijn enSport (VWS), – stelselverantwoordelijk voor respectievelijk beschut werken dagbesteding – herkennen de behoefte aan meer duidelijkheid.De komende periode gaat mijn ministerie met de Ministeries van SZW enVWS, het onderwijs en gemeenten in gesprek over de rol van eenwenperiode in het pro en vso, bijbehorende verantwoordelijkheden enover de daarmee samenhangende uitstroom naar beschutte werkplekkenen dagbesteding, in lijn met de twee aangenomen moties van lidOostenbrink.15, 16 Uw Kamer wordt voor het einde van dit kalenderjaarover de uitkomst van deze gesprekken geïnformeerd.Tot slotIn en om het praktijkonderwijs liggen veel kansen voor verbetering waarwe de komende periode samen met de betrokken partijen mee aan deslag gaan. Zo versterken we de verdere ontwikkeling van de talenten vanjongeren en dragen we bij aan vooruitgang voor henzelf en onzesamenleving.De Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,J.Z.C.M. Tielen15Kamerstukken II, 2024–2025, 31 293, nr. 82216Kamerstukken II, 2024–2025, 31 293, nr. 821Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 31 497, nr. 5116
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.