Werkwijzer MKBA bij MIRT
Brontekst
Versie 97764b69ddb3208d · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2024–202536 600 AVaststelling van de begrotingsstaat van hetMobiliteitsfonds voor het jaar 2025Nr. 50 BRIEF VAN DE MINISTER EN DE STAATSSECRETARIS VANINFRASTRUCTUUR EN WATERSTAAT Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 19 februari 2025Met deze brief wordt de nieuwe Werkwijzer MKBA bij MIRT aan deTweede Kamer aangeboden. Hiermee wordt de toezegging nagekomen uitde verzamelbrief MIRT voorjaar 20241. De nu aangeboden werkwijzervervangt de werkwijzer MKBA bij MIRT-verkenningen uit 2018 en hetaddendum Brede welvaart uit 2022. De werkwijzer wordt vanaf hedenverplicht voor gebruik bij maatschappelijke kosten-batenanalyses(MKBA’s) die als onderdeel van de verkenningsfase in het Meerjarenpro-gramma Infrastructuur Ruimte en Transport (MIRT) worden opgestart.In de werkwijzer MKBA bij MIRT is de Algemene MKBA-leidraad van hetCentraal Planbureau (CPB) en het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL)voor MKBA’s bij MIRT-projecten uitgewerkt. De werkwijzer bevat vasteregels voor het doen van een MKBA bij MIRT-projecten, waardoor voorprojecten steeds op soortgelijke wijze belangrijke informatie voor hetmaken van beslissingen inzichtelijk wordt. Dit draagt bij aan hetwaarborgen van de kwaliteit en de transparantie van de MKBA’s. Ookgeeft de nieuwe werkwijzer praktische adviezen voor opdrachtgevers enuitvoerders van MKBA’s op het gebied van infrastructuur, mobiliteit enwatermanagement bij het Rijk of bij medeoverheden.De voornaamste reden om de werkwijzer uit 2018 te vernieuwen was debehoefte om brede welvaart beter in de werkwijzer te integreren. Dit wasook het advies van CPB en PBL in de aanvulling op de AlgemeneMKBA-leidraad uit 20222. Daarnaast is ook een aantal nieuwe onder-werpen in de werkwijzer meegenomen, zoals gebiedsontwikkeling enklimaat. Dit zorgt ervoor dat de richtlijnen en adviezen weer de nieuwste1Kamerstuk 36 410 A, nr. 612CPB en PBL (2022) Maatschappelijke kosten-batenanalyse en brede welvaart; een aanvulling opde Algemene MKBA-leidraad. Maatschappelijke kosten-batenanalyse en brede welvaart |Planbureau voor de Leefomgeving (pbl.nl) kst-36600-A-50ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2025Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 A, nr. 501 inzichten en methodieken bevatten en passen bij het soort projecten datbinnen het MIRT wordt gedaan. In dit licht is het kabinet ook voornemensom dit jaar, in aanvulling op de aanpassing van de werkwijzer MKBA,mogelijkheden en beperkingen in beeld te brengen om grote structuurver-sterkende infraprojecten van de grond te krijgen die systeemsprongen tenbehoeve van economie, mobiliteit en woningbouw mogelijk maken.Bij nieuwe versies van MKBA-werkwijzers wordt altijd door het CPB en hetPBL gecontroleerd of deze in lijn zijn met de algemene MKBA-leidraad.Het CPB en het PBL concluderen dat de nieuwe Werkwijzer MKBA bij MIRTin grote lijnen aansluit bij de voorschriften en richtlijnen van de algemeneMKBA-leidraad en daarbij voldoende aandacht voor brede welvaart heeft.Het toetsingsadvies voor de Werkwijzer MKBA bij MIRT is toegevoegd alsbijlage bij deze brief.Het vervolg van deze brief beschrijft hoe de MKBA kan worden gebruiktom de besluitvorming te ondersteunen. Daarna wordt toegelicht hoebrede welvaart in de werkwijzer terugkomt en welke andere nieuweonderwerpen zijn toegevoegd. Als laatste wordt ingegaan op hettoetsingsadvies van het CPB en PBL. Met deze brief worden vier motiesafgedaan3.Hoe helpt een MKBA de besluitvorming over mogelijkeMIRT-investeringenEen MKBA biedt een overzicht van de te verwachten effecten van eenproject of maatregel. Deze effecten worden bepaald door verschillendebeleidsalternatieven te vergelijken met de situatie waarin hiertoe nietbesloten zou worden, het zogenaamde nulalternatief. Daarbij worden deeffecten van deze beleidsalternatieven bepaald en zoveel als mogelijk naareuro’s omgerekend. Het resultaat is een overzicht van de voor- en nadelenen de financiële kosten van de beleidsalternatieven, ten opzichte van hetnulalternatief. De MKBA laat zien in hoeverre verschillende beleidsalterna-tieven binnen een project doeltreffend en doelmatig zijn. In de MKBAwordt gekeken naar de effecten voor de hele maatschappij. In het gevalvan MIRT-projecten betreft het veel soorten effecten, zoals effecten op debereikbaarheid, maar ook op de veiligheid en de leefomgeving. Een MKBAgeeft volgens vaste regels een overzicht van de voor- en nadelen vanverschillende mogelijke oplossingen binnen een project of maatregel,zodat deze met elkaar vergeleken kunnen worden.In het MIRT-proces wordt onderbouwd wat het effect is van een mogelijkeinvestering in een MIRT-project. In de verkenningsfase van het MIRT is eenMKBA verplicht. In de MKBA worden de kosten, effecten en batenvoorafgaand aan de uitvoering van een project of maatregel ingeschat. Bijvoorspellingen zijn er altijd onzekerheden. De uitkomsten van een MKBAkennen dus een bandbreedte. In de MKBA-rapportage wordt hierbij stilgestaan.De MKBA is niet het enige hulpmiddel dat bij IenW wordt gebruikt om tekijken welke effecten een investering heeft. Een voorbeeld van een anderhulpmiddel is de Participatieve waarde evaluatie (PWE). De werkwijzerbeschrijft andere hulpmiddelen kort, zodat de lezer kan kiezen welkeaanvullende hulpmiddelen bij het vraagstuk passen. Informatie uit andereonderzoeken kunnen ook onderdeel zijn van het besluit voor eenvoorkeursmaatregel in het MIRT.3Het gaat om de Kamerstukken 36 410 A, nr. 56; 36 200 A, nr. 28; 29 398, nr. 1047; en 36 200 A,nr. 37.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 A, nr. 502 Het kabinet vindt de MKBA een waardevol en belangrijk hulpmiddel bij debesluitvorming over MIRT-projecten. Dit betekent echter niet dat devoorkeursmaatregel altijd de maatregel met de beste MKBA-score hoeft tezijn. Een MKBA is niet meer en niet minder dan een instrument dat voorafgaat aan politieke weging. De politieke prioriteiten, zoals deze bijvoor-beeld in een regeerprogramma vastgelegd zijn, geven richting aan debesluitvorming door het kabinet over de voorkeursbeslissing. Zo zal hetkabinet met name kijken naar de effecten van investeringsbeslissingen opde Nederlandse samenleving. De Kamer vormt zich, onder meer via denotaoverleg MIRT en het begrotingsproces, een eigenstandig oordeel overde voorkeursbeslissing.Brede welvaart in de nieuwe werkwijzerBrede welvaart gaat over de kwaliteit van leven hier en nu. Het gaat ookover wat deze kwaliteit van leven latere generaties en mensen elders in dewereld aan kwaliteit van leven kost. Brede welvaart is niet in eeneenduidige meetbare norm te vatten. Bij het Ministerie van Infrastructuuren Waterstaat wordt Brede Welvaart ingevuld langs de vier thema’s diePBL onderscheidt: veiligheid, bereikbaarheid, gezondheid en leefom-geving4. Daarnaast is een belangrijk onderdeel van brede welvaart ook deaandacht voor de verdeling van welvaart, in het heden maar ook tussengeneraties. Het verzamelen van informatie over brede welvaart, maakt hetmogelijk om dit mee te nemen in een politieke weging.In 2022 hebben het CPB en het PBL de algemene MKBA-leidraadaangevuld met adviezen om brede welvaart beter in de MKBA mee tenemen. In de werkwijzer MKBA bij MIRT zijn deze adviezen meegenomen.De werkwijzer legt uit hoe je onder andere effecten op de bereikbaarheid,veiligheid, leefomgeving en gezondheid goed meeneemt in een MKBA.Ook beschrijft de werkwijzer dat er binnen het MKBA-onderzoek naar deverdeling van de effecten moet worden gekeken. Dit onderzoek kanbijvoorbeeld gaan over hoe de effecten verschillen voor buurtbewonersrond een nieuw spoor of voor mensen die met de trein over het spoorgaan. Ook de gevolgen voor mensen met verschillende inkomens ofinwoners uit andere regio’s horen hierbij. De werkwijzer omschrijft ookhoe de brede welvaartseffecten en verdelingseffecten in hetMKBA-rapport kunnen worden laten zien.De werkwijzer geeft ook aan hoe om te gaan met effecten die moeilijk incijfers uit te drukken zijn (kwantificeren) en/of te vertalen naar geld(monetariseren) zijn. Zo neemt een MKBA niet alleen financiële effectenmee, maar ook een bredere set van effecten. De werkwijzer schrijft voordat de niet te kwantificeren en/of monetariseren effecten duidelijkgepresenteerd moeten worden. Verder wordt het opnemen van verde-lingseffecten duidelijker voorgeschreven, die naast de kosten en batenook relevante beslisinformatie opleveren. In de nieuwe werkwijzer staatuitgelegd hoe de MKBA helpt bij het in beeld brengen van de informatieom beslissingen te maken.Overige nieuwe onderwerpenNaast het beter meenemen van brede welvaartseffecten laat de nieuwewerkwijzer ook zien hoe je een MKBA maakt bij gebiedsontwikkelingspro-jecten. Bij steeds meer projecten wordt een heel gebied aangepast,daarom is het belangrijk dat de werkwijzer hier aandacht voor heeft enook de baten van ruimtelijke ontwikkeling meeneemt. Verder geeft de4PBL (2021) Brede welvaart en Mobiliteit Brede welvaart en mobiliteit | Planbureau voor deLeefomgeving (pbl.nl)Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 A, nr. 503 nieuwe werkwijzer meer informatie over het meenemen van verschillendeeffecten, zoals effecten op natuur, water en klimaatadaptatie, in de MKBA.Toetsingsadvies van het CPB en PBLUit de toets van het CPB en PBL blijkt dat de nieuwe Werkwijzer MKBA bijMIRT in grote lijnen aansluit bij de voorschriften en richtlijnen van dealgemene MKBA-leidraad en daarbij voldoende aandacht voor bredewelvaart heeft.Verder worden er door CPB en PBL twee adviezen meegegeven:1.De afgelopen tijd is niet beoordeeld hoe de MKBA in de praktijk wordtgebruikt bij MIRT-projecten. Hierbij gaat het om het beantwoorden vanvragen zoals: in hoeverre worden de richtlijnen gevolgd? Welkevraagstukken liggen voor met betrekking tot de methodiek? En welkemisverstanden zijn er bij het gebruik van de MKBA? Het CPB en PBLvragen ook specifiek aandacht voor het vergelijken van de werkelijkekosten van aanlegprojecten met de kosteninschattingen die vooraf ineen MKBA worden gemaakt. Door dit te onderzoeken kan het gebruikvan de MKBA worden verbeterd.2.Het is belangrijk dat mensen die MKBA’s gebruiken bij het nemen vanbeslissingen goed weten wat een MKBA is en hoe een MKBA daarbijhelpt. Dit kan bijvoorbeeld door een cursus te ontwikkelen metvoorbeelden die aansluiten bij het werk van de deelnemers.Deze twee adviezen maken duidelijk dat het belangrijk is dat de werkwijzerMKBA bij MIRT in de praktijk goed wordt gebruikt en dat dit beter wordtonderzocht. Aan het tweede advies wordt al gewerkt. Er wordt binnen hetministerie verder onder de aandacht gebracht wat een MKBA is, wat ernieuw is aan de nieuwe werkwijzer en hoe een MKBA helpt om besluitente nemen.Om te onderzoeken of het goed lukt om de nieuwe werkwijzer in depraktijk toe te passen, zijn we voornemens om bij een lopend project tekijken welke nieuwe inzichten het gebruik van de geactualiseerdewerkwijzer verschaft en te kijken wat er nog beter zou kunnen. In lijn methet eerste advies van het CPB en het PBL hoort dit bij een grotereinventarisatie over hoe de MKBA in de praktijk wordt toegepast in hetMIRT. Hieruit komen mogelijk nieuwe acties voort om het gebruik van dewerkwijzer te verbeteren, zoals het ontwikkelen of vernieuwen vankengetallen.Tot slotDe nieuwe werkwijzer MKBA bij MIRT zorgt ervoor dat de vaste regelsvoor MKBA’s die bij MIRT-projecten worden gemaakt actueel zijn. In dewerkwijzer staat hoe brede welvaartseffecten in een MKBA binnen hetMIRT kunnen en moeten worden meegenomen. Verder geeft dewerkwijzer ook informatie over hoe MKBA-opstellers een MKBA kunnenmaken bij gebiedsontwikkeling en hoe klimaatadaptie kan wordenmeegenomen. De bedoeling van de werkwijzer is dat deze het proces vanhet opstellen van een MKBA verduidelijkt en dat het makkelijker wordt omde nieuwste inzichten mee te nemen. Met de oplevering van deze nieuwewerkwijzer zijn ook vier moties vanuit de Tweede Kamer afgedaan.Het is vanaf nu de bedoeling dat iedereen die binnen het MIRT met eenMKBA begint, de nieuwe werkwijzer volgt. MKBA’s die eerder zijnTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 A, nr. 504 geïnitieerd, kunnen gebruik blijven maken van de vorige werkwijzer(MKBA bij MIRT-verkenningen, 2018) en het addendum brede welvaartdaarbij.De Minister van Infrastructuur en Waterstaat,B. MadlenerDe Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat,C.A. JansenTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 600 A, nr. 505
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.