KamerkringInloggen
Kamerbrief

Voortgang ten aanzien van wijziging de definitie van Onderneming in Moeilijkheden

1 sep 2026 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie 32e6f605973135a0 · officiële bron

32 637 Bedrijfslevenbeleid Nr. 775 Brief van de minister van Economische Zaken en Klimaat Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Den Haag, 1 september 2026 Middels deze brief wil ik u op de hoogte brengen van de voortgang van de wijziging van de definitie van Onderneming in Moeilijkheden (OIM). Zoals ik meermaals aan u heb aangegeven, vind ik dit een groot probleem en blijf me daarom inzetten voor aanpassing van deze definitie. In de brief Reactie op vragen ten aanzien van de definitie van Onderneming in Moeilijkheden van 24 april jl. (Kamerstuk 32637, nr. 758) heb ik aangegeven dat ik de opdracht heb gegeven te starten met voorbereidende werkzaamheden voor anticiperend handelen. Op deze manier kan ik snel overgaan tot anticiperend handelen wanneer de Europese Commissie (EC) een definitief voorstel van de Algemene Groepsvrijstellingsverordening (AGVV) presenteert. Op 17 juli jl. heeft de EC een tweede conceptversie van de AGVV met de lidstaten (LS) gedeeld. Daarnaast heeft de EC 24 juli jl. een publieke consultatie geopend over de herziening van de Richtsnoeren Reddings- en Herstructureringssteun (RRH). In beide stukken heeft de EC gepoogd tegemoet te komen aan de oproep voor het verruimen van het begrip eigen vermogen in de OIM-definitie. Dit sluit aan bij de oproep in het gezamenlijke paper van Nederland samen met Duitsland, Letland, Luxemburg, Polen, Slowakije, Spanje en Tsjechië[voetnoot 1]. De Commissie erkent in de preambule van de AGVV dat innovatieve startups een bedrijfsmodel hanteren dat resulteert in een kapitaalstructuur waardoor ze, onder de huidige definitie, mogelijk als OIM worden aangemerkt, terwijl zij in werkelijkheid geen risico lopen om op korte of middellange termijn failliet te gaan. In de nieuwe conceptversie van de OIM-definitie “verruimt” de EC het eigen vermogen door toe te voegen ‘the equity of the company, including financial instruments absorbing losses on a going concern basis, as recorded in the financial statements in compliance with the applicable accounting standards’[voetnoot 2]. In de praktijk zal dit echter niet leiden tot een verruiming van de instrumenten die onder het eigen vermogen vallen. Start- en scale-ups maken veelal gebruik van financiële instrumenten die volgens de richtlijnen voor de jaarverslaglegging niet onder het eigen vermogen vallen. Hierdoor biedt de voorgestelde aanpassing geen mogelijkheid deze financiële instrumenten mee te nemen in het bepalen of een onderneming in moeilijkheden is. Daarnaast heeft de EC ook wijzigingen aangebracht in de uitzondering op OIM voor innovatieve ondernemingen. Die uitzondering is te beperkt om de knelpunten voor innovatieve start-ups en scale-ups op te lossen. In mijn reactie op de consultatie van dit voorstel zal ik daarom blijven pleiten voor aanpassing van de definitie en een bredere uitzondering voor innovatieve start ups en scale ups. Het bovenstaande betekent ook dat anticiperend handelen op dit moment niet meer ruimte biedt ten opzichte van de huidige OIM-definitie en dus niet zinvol is. U kunt begrijpen dat ik teleurgesteld ben dat deze wijzigingen nog geen oplossing bieden voor ons innovatieve bedrijfsleven. Om die reden ben ik al in gesprek met de EC en andere LS ten gunste van verdere verruiming van de definitie en de uitzondering. Zo zal ik hier aandacht voor vragen in de Nederlandse reactie op de consultaties van zowel de AGVV als de RRH. Nadat de consultaties van de AGVV en de RRH richtsnoeren zijn afgerond zal de EC haar voorstellen voor de steunkaders finaliseren en deze kaders naar verwachting eind 2026 publiceren zodat deze 1 januari 2027 in werking kunnen treden. Mijn inzet tot het eind van het jaar is er op gericht om, zo mogelijk met andere LS, het probleem actief onder de aandacht te blijven brengen van de EC om zo tot een werkbare oplossing voor innovatieve ondernemingen te komen. Ook zal ik blijven optrekken met diverse stakeholders (waaronder TechLeap, Tech Champions, Invest-NL en de Regionale Ontwikkelingsmaatschappijen) en met bedrijven zelf. Mede dankzij hun inzet wordt er vanuit Nederland veelvuldig gereageerd op Europese consultaties, wat bijdraagt aan de onderbouwing van de urgentie en concrete verbetervoorstellen richting de EC. De minister van Economische Zaken en Klimaat, H.G. Herbert Joint statement Undertaking in Difficulty 24-04-2026 Vertaald: “het eigen vermogen van de onderneming, waaronder financiële instrumenten die verliezen absorberen op basis van continuïteit, zoals opgenomen in de jaarrekening in overeenstemming met de toepasselijke boekhoudkundige standaarden”

Eerdere bronversies

17 okt 2026 · 3a2c595eb98afb27

14 okt 2026 · 59b7f4f458e7ccf1

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.