Stand-van-zakenbrief hybride werken
Brontekst
Versie ef3693b1dc3c4d4b · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2023–202425 883ArbeidsomstandighedenNr. 484 BRIEF VAN DE MINISTER VAN SOCIALE ZAKEN ENWERKGELEGENHEID Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 28 maart 2024InleidingHybride werken is «here to stay»: het heeft de manier waarop we werkeningrijpend veranderd en biedt voordelen voor werknemers en werkgevers.Grote transities in onze maatschappij zoals digitalisering, globalisering enverduurzaming hebben impact op hoe we (samen)werken en onszelforganiseren, nu en in de toekomst. Deze transities bepalen in hoge matede Future of Work. Hybride werken is hier een onlosmakelijk onderdeelvan. Het kabinet ondersteunt werkgevers en werknemers bij dezetransities. Via de «Agenda voor de toekomst van hybride werken»(hierna: Agenda) werkt het kabinet aan de randvoorwaarden voor hybridewerken. Met mijn brief van 20 juni 20221 informeerde ik uw Kamer over deinhoud van de Agenda.In deze brief geef ik eerst de trends van het hybride werken in Nederlandweer. Dan ga ik in op de stand van zaken van de Agenda. Ten slotte geef ikaan hoe ik de motie van het lid Kröger2 en de motie van de ledenVan Weyenberg en Smeulders3 afdoe.Trends hybride werken in NederlandOmvang van hybride werkenHybride werken heeft een vlucht genomen tijdens de coronapandemie engeleid tot een duurzame verandering: ook in 2022 werkte bijna de helftvan de werknemers (45%) soms of meestal thuis.4 Niet alle werkendenkunnen thuiswerken. Uit onderzoek van het Kennisinstituut voor Mobili-1Kamerstuk II, 2021–2022, 25 883, nr. 443.2Kamerstuk II 2021–2022, 35 714, nr. 17.3Kamerstuk II 2021–2022, 35 669, nr. 36.4TNO, Nationale Enquête Arbeidsomstandigheden 2022, (april 2023). kst-25883-484ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2024Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 25 883, nr. 4841 teitsbeleid blijkt dat de helft van de werkenden niet kan thuiswerken,omdat het werk zich daar niet voor leent.5Tussen 2014 en 2019 werkten thuiswerkers gemiddeld 6 uur per weekthuis. In 2020, tijdens de coronapandemie, nam dit toe naar gemiddeld19,4 uur. Na de pandemie nam dit af tot gemiddeld 17 uur in 2021 engemiddeld 11 uur in 2022.Er zijn aanzienlijke verschillen in de mate waarin wordt thuisgewerkttussen groepen werkenden, sectoren en beroepen. Van de werknemerstussen 25 en 55 jaar geeft meer dan de helft (54%) aan soms of meestalthuis te werken. Jongeren tussen 15 en 25 jaar werken het minste thuis(15%). Daartussenin zitten werknemers tussen de 55 en 64 jaar (43,5%) entussen de 65 en 75 jaar (36,1%).6Werknemers met een hbo- of wo-opleiding geven vaker aan soms ofmeestal thuis te werken (73%) dan werkenden met een mbo- ofhavo-opleiding (33,5%) of met een vbo-opleiding (13,1%). Ook tussensectoren zijn duidelijke verschillen te zien in het aantal werknemers dataangeeft soms of meestal thuis te werken. In het vervoer en opslag(24,1%), de landbouw en visserij (21,1%) en de horeca (10,5%) gevenwerkenden dit het minste aan. In de financiële dienstverlening (91,2%),ICT (87,3%) en het openbaar bestuur (79,1%) gebeurt dat het meest.7Gezondheid en welzijn van hybride werkersIn een recent onderzoek heeft TNO werk(omstandigheden) en gezondheidvan werknemers van medio 2023 vergeleken met de situatie voor depandemie (eind 2019).8 De belangrijkste bevindingen zijn:−Het aantal werknemers dat minimaal 6 uur per dag beeldschermwerkdoet is toegenomen van 45% naar 54% en het aantal uren datwerknemers gemiddeld per dag zitten is toegenomen van 4,9 naar5,3 uur per dag. Thuiswerkers zaten meer dan locatiewerkers.−Driekwart van de werknemers had medio 2023 een (zeer) goedegezondheid. De burn-outklachten namen met een stijging van 16%naar 18% licht toe. De KANS-klachten9 bij werknemers bleven met 42%vergelijkbaar met 2019.10 Dit patroon was vergelijkbaar tussen deverschillende groepen werknemers.−Het aandeel verzuimers onder volledige locatiewerkers11 is, met eenstijging van 47% naar 51%, het hoogst van alle groepen. Het aantaldagen dat men gemiddeld verzuimde onder alle werknemers nam toevan 7 in 2019 naar 9 in 2023, met het hoogste aantal onder volledigelocatiewerkers (10 dagen). Het verzuimpercentage is in alle groepenthuiswerkers juist iets afgenomen. De meeste genoemde verzuimrede-nen waren griep of verkoudheid (45%), psychische klachten (9%) enklachten aan buik, maag of darmen (7%).5Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid, 2022, Heeft Covid geleid tot structureel anderreisgedrag?6TNO, Nationale Enquête Arbeidsomstandigheden 2022, (april 2023).7Zie NEA Benchmarktool (tno.nl).8TNO (oktober 2023), «Hoe werken werknemers uit 2019 na de pandemie?». TNO maaktonderscheid naar vier groepen werknemers: werknemers die volledig op locatie werkten,werknemers die gedeeltelijk thuis werkten, werknemers die hoofdzakelijk thuis werkten enwerknemers die volledig thuis werkten.9KANS staat voor klachten aan arm, nek en schouder.1018% van de werknemers rapporteerde burn-outklachten, 42% van de werknemers hadKANS-klachten en 8% van de werknemers voelde zich sterk eenzaam.11volledige locatiewerkers zijn werknemers die zelf hebben aangegeven dat zij minder dan 10%van hun werktijd thuis werken.Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 25 883, nr. 4842 De Nederlandse Arbeidsinspectie heeft na de coronapandemie onderzoekgedaan naar de ervaringen van werkgevers en werknemers met hybridewerken.12De belangrijkste bevindingen uit het onderzoek zijn:−Thuiswerkers ervaren in het algemeen weinig fysieke en mentalegezondheidsklachten specifiek door het thuiswerken. Thuiswerkersrapporteren bijvoorbeeld niet meer KANS-klachten dan de gemiddeldeNederlandse werknemer.−Thuiswerkers geven aan niet meer werkdruk te ervaren bij thuiswerkendan wanneer zij op kantoor werken. Ze maken niet meer overuren dangemiddeld. Thuiswerkers waarmee duidelijke afspraken zijn gemaaktover werktijden rapporteren zelfs minder werkdruk. Leidinggevendendie het moeilijk vinden om leiding te geven op afstand lopen wel eenverhoogd risico op het ervaren van werkdruk.−Thuiswerkers in dit onderzoek rapporteren niet of nauwelijks gevoe-lens van isolatie. Er is geen duidelijk verband tussen de mate waarinmen thuiswerkt en de mate van isolatie die men ervaart. Ook is er geenverband tussen alleen of met anderen samenwonen en de mate vanisolatie die je ervaart. Wel ervaren thuiswerkers minder gevoelens vanisolatie bij bedrijven die momenten inplannen om sociale contactenaan te moedigen of die vaak gesprekken voeren met de thuiswerkerover wat er leeft.13Op basis van deze onderzoeken kan geconcludeerd worden dat quagezondheid voor thuiswerkers in de periode na de pandemie geen grotereof andere arbeidsrisico’s bestaan dan daarvoor. Het verzuimpercentage isin alle groepen thuiswerkers zelfs ietwat afgenomen. Wel blijft hetbeweeg- en zitgedrag van thuiswerkers en hybride werkers eenaandachtspunt, evenals de tijd die zij achter een beeldschermdoorbrengen. De factsheet «zitten tijdens werk 2023»14 bevat hiervoorpraktische tips, zowel voor de inrichting van de werkplek als voor hetonderbreken en verminderen van het zitten tijdens werk op kantoor enthuis. Verder komt naar voren dat het belangrijk blijft voor bedrijven om teinvesteren in sociale contacten tussen collega’s en met de leidinggevendeom gevoelens van isolatie tegen te gaan. Werkgevers en werknemershebben een gezamenlijke verantwoordelijkheid bij het aanpakken vannegatieve effecten die hybride werken voor de sociale cohesie heeft. Zoalssociale partners aangeven is het van belang om daarbij goed oog tehouden voor jongeren en nieuwe medewerkers die extra behoefte hebbenaan sociaal contact en het opdoen van werkvaardigheden.Uit het onderzoek van de Arbeidsinspectie komt verder naar voren dat demeeste thuiswerkers veel voordelen van thuiswerken ervaren.Werknemers waarderen vooral de flexibiliteit, de vermindering vanafleiding en het hebben van minder reistijd. 90% van de onderzochtewerkgevers wil thuiswerken (minstens 20% van de tijd) structureelbehouden. Werkgevers weten niet altijd hoe ze het thuiswerkbeleid goedvorm kunnen geven. Het thuiswerkbeleid van de werkgevers is ook nietaltijd bekend bij de werknemers.Uit recent onderzoek van AWVN volgt dat werkgevers graag ruimte gevenaan werknemers om zelf te bepalen op welke dagen en tijden zij thuis en12Nederlandse Arbeidsinspectie, Arbo in bedrijf special: thuiswerken, juni 2023. In dit onderzoekis bewust alleen gekeken naar de thuiswerksituatie.13In rapporten die gebaseerd zijn op data die tijdens de Covid-19 crisis zijn verzameld, bijvoor-beeld het RIVM-rapport, «Thuiswerkers hebben meer kans op gezondheidsklachten» (februari2023), was er nog veel aandacht voor eenzaamheid onder thuiswerkers.14https://www.tno.nl/nl/newsroom/2024/02/nederland-europees-kampioen-zitten/.Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 25 883, nr. 4843 op locatie werken.15 Wel vinden ze het belangrijk dat werknemersregelmatig op de werklocatie zijn voor de binding met de organisatie envoor de sociale cohesie.Veel werkgevers hebben geen spreidingsbeleid. Hierdoor is het opbepaalde dagen drukker en op andere dagen vrijwel leeg. Werkgevers ziendaar de nadelen van – zoals verloren werktijd door drukte in de spits engebrek aan kantoorruimte op drukke dagen – maar vinden dat nietopwegen tegen de voordelen. Een kwart van de werkgevers schat in datde bereidheid van werknemers om op andere dagen of tijden te reizenbeperkt is.Werktijden kunnen door werknemers vanwege hun thuissituatie,bijvoorbeeld door kinderopvang, niet altijd worden verschoven. Ook kanhet werk niet altijd op andere werktijden worden georganiseerd.Stand van zaken «Agenda voor de toekomst van Hybride werken»Hieronder ga ik in op de stand van zaken van de uitvoering van deAgenda. De Agenda is opgesteld langs de zeven thema’s van hetSER-advies «Hybride werken».16 Per thema geef ik aan welke acties hetkabinet heeft ingezet.Thema 1 Zeggenschap, tijd en plaatsOm te komen tot meer evenwicht in de zeggenschap van werkgever enwerknemer over de keuze van de arbeidsplaats hebben de ledenVan Weyenberg (PvdA) en Maatoug (GroenLinks) het initiatiefwetsvoorstelWerken Waar je Wilt ingediend. Op 26 september 2023 heeft de EersteKamer het initiatiewetsvoorstel verworpen. Dit liet onverlet dat mijnambtsvoorganger u, bij de aanbieding van het evaluatierapport van deWet flexibel werken op 12 februari 2021, had toegezegd om meerbekendheid te geven aan de mogelijkheden tot wijziging van dearbeidsduur, de arbeidstijden en de arbeidsplaats.17 In verband met demaatregelen vanwege de COVID-pandemie zou daarmee gewacht wordentot de economische en maatschappelijke situatie weer zou zijn genormali-seerd, omdat verzoeken om flexibel werken dan weer in «gewoneomstandigheden» konden worden gedaan en beoordeeld. Tijdens deplenaire behandeling in uw Kamer van het Initiatiefwetsvoorstel Wetwerken waar je wilt op 28 juni 2022 (Kamerstuk 35 714) heb ik dezetoezegging herhaald en aangegeven de toezegging te koppelen aan deinwerkingtreding van genoemd Initiatiefwetsvoorstel. Hoewel de EersteKamer het wetsvoorstel niet heeft aanvaard, kan ik u meedelen dat detoegezegde publiekscampagne heeft plaatsgevonden in december 2023via onlineplatforms van DPG-media (onder andere Algemeen Dagblad).De campagne heeft 1,7 miljoen mensen van de doelgroep bereikt.Thema 2 Gezondheid, welzijn en werktevredenheidDe werkgever moet volgens de Arbowet zorgen voor een gezonde enveilige werkomgeving. Deze zorgplicht van de werkgever geldt ookwanneer er sprake is van hybride werken. De werkgever moet bijvoor-beeld zorgdragen voor een ergonomisch ingerichte thuisplek. Datbetekent dat de werkgever hiervoor de juiste arbeidsmiddelen moetverzorgen. In de praktijk gaat het om maatwerk en moet de werkgeverdoen wat redelijkerwijs van hem gevraagd kan worden. Veel werkgeversmaken al cao-afspraken over thuiswerken, bijvoorbeeld over thuiswerkver-15Zie AWVN-ledenonderzoek «Hybride werken en mobiliteit» Augustus 2023.16SER, Hybride werken, Advies 22/04, maart 2022.17Kamerstukken II, 2020/21, 29 544, nr. 1041.Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 25 883, nr. 4844 goedingen18 en over (budgetten voor) de inrichting van de werkplek. Ophet Arboportaal kunnen werkgevers en werknemers informatie envoorbeelden vinden over hoe samen te zorgen voor een gezonde enveilige thuiswerkplek.19Om werkgevers en werkenden bij het gezond en veilig inrichten vanhybride werken te ondersteunen, heeft het kabinet het afgelopen jaar devolgende activiteiten verricht:−Het instrument «Route naar RI&E» is uitgebreid met informatie overarbeidsrisico’s bij het hybride werken, zoals de fysieke en mentalebelasting.−Een door TNO in opdracht van SZW ontwikkelde toolbox hybridewerken biedt werkgevers en werkenden handvatten om effectiever,gezonder en fijner hybride te werken.20 Het gaat bijvoorbeeld om tipsover hoe je als team succesvol hybride kunt samenwerken en tips vooren door leidinggevenden in een hybride setting.−Met het door VWS en SZW gesubsidieerde programma Vitaal Bedrijfzijn bedrijven het afgelopen jaar ondersteund bij het vitaal houden vanhun medewerkers, zoals met vitaliteitsscans en kennis over passendeinterventies die de vitaliteit bevorderen. Deze subsidie loopt in 2024door.21−Met de vanuit het programma de «Brede Maatschappelijke Samenwer-king Burn-outklachten (BMS)»22 ontwikkelde subsidieregeling«Mentale vitaliteit van werkenden» zijn het afgelopen jaar 16 projectengefinancierd. In deze projecten zijn op organisatieniveau innovatieveinterventies, gericht op het verbeteren van de mentale vitaliteit vanwerkenden, ingezet en geëvalueerd.23 Het gaat bijvoorbeeld ominterventies die bijdragen een goede balans rondom het hybridewerken, zoals bij het project «Healty Working Habits» dat werkendenhielp hun werk- en privérollen op elkaar af te stemmen.Rechten en plichten onbereikbaarheidDe Europese Commissie werkt momenteel aan een Richtlijnvoorstel over«Telewerk en het Recht op onbereikbaarheid». Vanaf oktober 2022 hebbende Europese sociale partners hierover met elkaar onderhandeld. Opmaandag 27 november jl. hebben zij de Commissie laten weten dat dezeonderhandelingen niet tot een akkoord hebben geleid. Naar verwachtingzal de Commissie in 2024 via de gewone wetgevingsprocedure eenvoorstel bij de Raad en het Europees Parlement indienen. Na publicatievan het voorstel zal het kabinet haar inzet bepalen middels een BNC-fiche.Tegelijkertijd is een initiatiefwetsvoorstel van het lid Kathmann (PvdA)over dezelfde materie in behandeling bij uw Kamer. Het wetsvoorstelverplicht werkgevers tot het voeren van een gesprek met hun werknemersover bereikbaarheid buiten werktijd. De werkgever dient van dit gesprekeen verslag te maken. De eerste termijn van de behandeling van initiatief-wetsvoorstel door de Tweede Kamer heeft plaatsgevonden op 9 februari2023 (Kamerstuk 35 536).18Uit het AWVN-ledenonderzoek «Hybride werken en mobiliteit», augustus 2023, volgt dat 84%hierover afspraken maakt.19Zie Arboportaal.20Zie Toolbox hybride werken | Arboportaal.21Vitaal Bedrijf | Werken aan vitaliteit.22Kamerstuk II 2022–2023 25 883, nr. 454.23Projecten voor het versterken van de mentale vitaliteit van werknemers ZonMw DigitalePublicaties.Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 25 883, nr. 4845 Verder wordt in de Europese Unie gewerkt aan een revisie van de richtlijnover gezond en veilig beeldschermwerk.24 Deze revisie zal naarverwachting ook gaan over hybride werken. Het is nog niet bekendwanneer de revisie wordt voltooid.Handhaving en nalevingDe SER adviseerde dat de Nederlandse Arbeidsinspectie richtlijnen enwerkinstructies deelt waaraan de naleving van een hybride werkplekwordt getoetst.De Arbeidsinspectie werkt risicogericht en programmatisch. In hetMeerjarenplan 2023–2026 zijn de risico’s binnen de arbeidsmarkt gewogenen de programma’s bepaald. Hybride werken kan leiden tot werkstress enis daarom opgenomen in de door de Arbeidsinspectie gepubliceerdewerkinstructie over werkstress.25 De Arbeidsinspectie kijkt bij inspectiesvooral naar het beleid van de werkgever en hoe de werkgever in depraktijk daar uitvoering aan geeft. Zo toetsen inspecteurs in sectorenwaarin veel wordt thuisgewerkt of de RI&E aandacht besteedt aanthuiswerken. De Arbeidsinspectie zal de arbeidsrisico’s rond hybridewerken blijven monitoren.Arbodeskundigen en hybride werkenDe Nederlandse Vereniging voor Arbeids- en Bedrijfsgeneeskunde (NVAB)heeft in opdracht van mijn ministerie de richtlijn over werk-privébalansuitgebreid met een module over thuiswerken.26 De uitbreiding is insamenwerking met werkgevers en werknemers en verenigingen van deandere kerndisciplines27 gedaan. In de module zijn opgenomen: preven-tieve maatregelen, een overzicht van risicofactoren die een professionalkan inventariseren en een overzicht van interventies voor thuiswerkersmet een (dreigende) verstoring van werk-privébalans. De richtlijn isgepubliceerd op het Arbokennisnet.Aanpak van geweld in de privésfeerTijdens de coronapandemie bestond de indruk dat volledig thuiswerkenkon leiden tot een toename van geweld in de privésfeer. De SERadviseerde hieraan aandacht te besteden, waaronder het ondersteunenvan werkgevers, werkenden en arbodeskundigen met kennis bij hetherkennen van geweld in de privésfeer.De landelijke campagne tegen huiselijk geweld van de Ministeries vanVWS en JenV richtte zich op het in actie laten komen van slachtoffers enomstanders (inclusief de werkgever of collega’s) bij signalen van huiselijkgeweld. Een belangrijk onderdeel van de campagne is de website «Ikvermoed huiselijk geweld»28, waar uitgebreide informatie te vinden isover hoe je signalen kunt herkennen, wat je met de signalen kunt doen enwaar je voor advies en hulp terecht kunt.Sociale partners hebben aangegeven dat er geen signalen bekend zijn dieaanleiding geven tot het nemen van nieuwe maatregelen die gericht zijnop hybride werken.24Zie https://www.europarl.europa.eu/doceo/document/E-9-2022-003482_EN.html.25Zie https://www.nlarbeidsinspectie.nl/publicaties/richtlijnen/2023/02/14/werkinstructie-werkstress-door-werkdruk-voorkomen-en-beperken.26Zie www.nvab-online.nl/content/werk-privé-balans.27Het betreft de Beroepsvereniging Arbeids- & organisatiedeskundigen, de NederlandseVereniging voor Arbeidshygiëne en de Nederlandse Vereniging voor Veiligheidskunde.28Zie https://www.ikvermoedhuiselijkgeweld.nl/.Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 25 883, nr. 4846 Thema 3: Arbeidsmarkt en de positie van groepen werkendenSpecifieke groepen werkenden kunnen extra positieve of negatieveeffecten ondervinden door hybride werken. Mede op basis van het adviesvan de SER heeft het kabinet gekeken naar de gevolgen van hybridewerken voor grenswerkers en voor werkenden met een beperking.GrenswerkersZoals beschreven in de brief van 20 juni 202229, onderschrijf ik deaanbevelingen van de SER die beogen hybride werken voor grenswerkerste faciliteren. Het kabinet vindt het daarbij belangrijk om oog te hebbenvoor de samenhang tussen de fiscaliteit en de sociale zekerheid. Op 1 juli2023 is de kaderovereenkomst voor grensoverschrijdend telewerk inwerking getreden30 De overeenkomst geldt tussen de 20 ondertekenendelidstaten en regelt dat werknemers in de woonstaat tot 50% van de totalearbeidstijd telewerken, zonder dat dit leidt tot een wijziging van detoepasselijke socialezekerheidswetgeving. Ik ben zeer verheugd over ditresultaat. De Staatssecretaris van Financiën heeft uw Kamer geïnformeerdover de inzet en behaalde resultaten op fiscaal terrein in de brief van11 december 2023.Hybride werken voor werkenden met een beperkingTijdens de coronapandemie is ervoor gekozen de verstrekking vanmeeneembare werkvoorzieningen voor werknemers met een beperkingdoor het UWV te verbreden en deze ook te verstrekken voor de thuis-werkplek. Om dit toekomstbestendig te organiseren heeft het UWV inafstemming met het Ministerie van SZW een beleidsrichtlijn opgesteld. Derichtlijn wordt opgenomen in het protocol voorzieningen 2024 welke inQ1 2024 door UWV wordt gepubliceerd. Tot de richtlijn van kracht is, gaatUWV flexibel om met aanvragen en hanteert de werkwijze zoals tijdens decoronaperiode.Thema 4: DigitaliseringDe invloed van technologie en digitalisering op de samenleving en op hetwerk brengt aandachtspunten met zich mee. Bijvoorbeeld het toene-mende belang van digitale vaardigheden en digitaal bewustzijn, hetprivacy-beleid van organisaties en de digitale weerbaarheid vanNederland. Het Ministerie van BZK neemt deze aandachtpunten mee in de«Werkagenda waardegedreven digitaliseren».31Thema 5: Fiscale en faciliterende regelingenDe SER heeft een aantal aanbevelingen gedaan om hybride werken beterte faciliteren. Hieronder volgt de stand van zaken per aanbeveling.Onderzoek verruiming vrije ruimte werkkostenregelingDe SER adviseerde te onderzoeken om de eerste schijf van de vrije ruimtete verruimen tot 3%, zodat werkenden en werkgevers meer ruimte wordtgeboden om hun bedrijfsregelingen rond hybride werken en de vergoe-dingen daarbij te organiseren. In 2023 is de vrije ruimte – evenalsgedurende de coronacrisis in 2020 en 2021 – incidenteel verruimd naar 3%over de eerste € 400.000,– fiscale loonsom. In 2024 is de vrije ruimte29Kamerstuk II, 2021–2022, 25 883, nr. 443.30Kamerstuk II, 2022–2023, 26 834 en 25 883, nr. 57.31Zie Werkagenda Waardegedreven Digitaliseren.Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 25 883, nr. 4847 1,92% over de eerste € 400.000 fiscale loonsom en 1,18% over deresterende fiscale loonsom.Hieronder een overzicht van de omvang van de vrije ruimte over deafgelopen jaren:JaarOver de eerste € 400.000 fiscaleloonsom (eerste schijf)Over de fiscale loonsom boven€ 400.000 (tweede schijf)20241,92%1,18%20233,00%1,18%20221,70%1,18%20213,00%1,18%20203,00%1,20%20191,20%1,20% De werkkostenregeling (WKR), waaronder de vrije ruimte, wordt in 2024geëvalueerd. Ook de uitvoerbaarheid van de WKR en de onderlingesamenhang van de verschillende regelingen vormen onderdeel hiervan.Sociale partners worden doorgaans betrokken bij een voorgenomenwijziging van de WKR.Evalueer de fiscale vrijstelling voor arbovoorzieningenDe SER adviseerde te onderzoeken welke maatregelen werkenden enwerkgevers noodzakelijk vinden om gezond en veilig hybride te werken.Op basis van de uitkomsten van dit onderzoek zou de arbovrijstellingvolgens de SER verruimd moeten worden. Het kabinet zal laten onder-zoeken of er arbovoorzieningen voor hybride werken nodig zijn waarvoormomenteel nog geen vrijstelling bestaat binnen de WKR. Dit wordtmeegenomen in voornoemde evaluatie.Evalueer de thuiswerkvergoedingDe SER adviseerde de thuiswerkkostenvrijstelling te evalueren en daarbijte kijken of deze vrijstelling voldoende rekening houdt met de feitelijkepraktijk van hybride werken. De hoogte van de onbelaste thuiswerkkosten-vergoeding is gebaseerd op een onderzoek van het Nibud32 naardaadwerkelijke kosten. Dit bedrag wordt jaarlijks geïndexeerd aan de handvan de tabelcorrectiefactor, waarbij rekening wordt gehouden met deinflatie. Per 2024 wordt de maximaal gericht vrijgestelde thuiswerkkosten-vergoeding verhoogd naar € 2,35 per thuisgewerkte dag. De evaluatie vande thuiswerkkostenvrijstelling loopt mee in voornoemde evaluatie.Fiscale vrijstelling gebruik werkhubsDe SER stelt dat werkhubs meer ingebed kunnen worden door in de WKReen fiscale vrijstelling op te nemen voor kosten van het gebruik vanwerkhubs.Voor huurkosten van een werkhub is geen vrijstelling nodig in de WKRomdat deze kosten niet kwalificeren als loon. Dit geldt ook als eenwerknemer de huurkosten voorschiet voor diens werkgever. In het32Zie Rapport Thuiswerkkosten (2021) – Nibud en Wat kost thuiswerken? Kijk waar je recht ophebt | Nibud.Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 25 883, nr. 4848 Handboek Loonheffingen33 is, in lijn met het advies van de SER, eenpassage opgenomen over werkhubs. Dit handboek informeert ook over demogelijkheden van de WKR om kosten in het kader van hybride werkenvrij van loonheffingen aan werknemers te vergoeden.Thema 6: mobiliteit, milieu en ruimtelijke ordeningDe SER adviseerde om via regionale mobiliteitsnetwerken werkgevers tehelpen bij het maken van keuzen die het spreiden van het verkeer bijhybride werken ondersteunen.Ondersteuning werkgevers om maatschappelijke meerwaarde tevergrotenHet kabinet wil de positieve effecten en kansen van hybride werken op debereikbaarheid van Nederland benutten. Op het «Bestuurlijk overlegMeerjarenprogramma Infrastructuur, ruimte en transport 2023» maakte deMinister van IenW afspraken met regionale overheden om samen definanciering van werkgeversnetwerken te continueren. De regionalewerkgeversnetwerken informeren werkgevers over opties om debereikbaarheid te verbeteren en om de CO2 uitstoot door mobiliteit teverminderen door hybride te werken. Het platform «Zo Werkt Het!»verspreidt kennis onder de regionale werkgeversnetwerken.Landelijk netwerk van rijkshubsHet Ministerie van BZK heeft inmiddels zeven rijkshubs geopend. Derijkshubs zijn kantoren waar medewerkers, naast hun standplaats,eenvoudig toegang hebben tot een werkplek en zij met collega’s ofpartners kunnen samenwerken. De locaties spelen in op de behoefte vanmedewerkers om in de buurt van hun woonplaats te kunnen werken encollega’s vanuit het hele land op een centrale plaats te ontmoeten. In dekomende jaren worden ook op andere locaties hubs gerealiseerd. Zodragen de rijkshubs bij aan mogelijkheden om spreiding van de rijkswerk-gelegenheid te stimuleren.Thema 7: Kennis en adviesDe SER adviseerde om periodiek onderzoek te blijven doen naar degevolgen van hybride werken.34Om de gevolgen van het hybride werken doorlopend te onderzoeken is deNationale Enquête Arbeidsomstandigheden uitgebreid met vragenhierover. Ook heeft de Arbeidsinspectie de eerdergenoemde Arbo inBedrijf special over thuiswerken uitgebracht.35Op het moment dat deze monitors aanleiding geven voor aanvullendonderzoek, zal het kabinet hierin voorzien.33Zie Handboek Loonheffingen 2023 – Versie februari, 2e uitgave (belastingdienst.nl).34Ook adviseerde de SER om kennis en ervaringen rondom hybride werken te verzamelen enactief te ontsluiten aan werkenden en werkgevers. In lijn hiermee is begin 2023 de eerderge-noemde «Toolbox hybride werken» verschenen.35Nederlandse Arbeidsinspectie (2023), Arbo in bedrijf special: thuiswerken.Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 25 883, nr. 4849 Moties Kröger en Van Weyenberg/SmeuldersMotie KrögerDe motie van het lid Kröger36 verzoekt de regering om te onderzoeken ofen hoe thuiswerken financieel nog aantrekkelijker gemaakt kan worden,met concrete maatregelen zoals effectieve premies, fiscale kortingen ofheffingen. Naar aanleiding van deze motie heb ik, met de ministeries vanFinanciën en Infrastructuur en Waterstaat, een overzicht gemaakt van debestaande financiële prikkels en regelingen voor thuiswerkers. In debijlage is dit overzicht opgenomen.Via deze financiële regelingen ondersteunt het kabinet werkgevers enwerknemers bij het hybride werken. Deze regelingen zijn naar het oordeelvan het kabinet toereikend. De werkgevers- en werknemersorganisatieszien ook geen noodzaak voor aanvullende financiële regelingen omhybride werken te faciliteren. De huidige regelingen voorzien in debehoefte.De sociale partners hebben wel aangegeven dat financiële regelingenanders vormgegeven kunnen worden, zoals bijvoorbeeld een ophogingvan de vrije ruimte. De werking van een aantal financiële regelingen wordtin 2024 geëvalueerd via de eerder genoemde evaluatie van de werkkos-tenregeling (WKR). Het betreft de vrije ruimte, de gerichte vrijstelling voorarbovoorzieningen, de gerichte vrijstelling voor noodzakelijkeICT-voorzieningen en de thuiswerkkostenvergoeding. De onbelastereiskostenvergoeding is recent geëvalueerd op doelmatigheid endoeltreffendheid. Hiermee beschouwt het kabinet de motie als afgedaan.Motie Van Weyenberg/SmeuldersVia de motie van de leden Van Weyenberg en Smeulders37 heeft uwKamer het kabinet verzocht om initiatieven om vitaal thuis te werken inoverleg met de sociale partners te stimuleren en te ondersteunen enhiervoor € 5 miljoen vrij te maken.38 In 2021 heeft het Ministerie van SZWhiervoor € 5 miljoen vrijgemaakt39. Hiermee zijn de volgende initiatievenin gang gezet:−De eerdergenoemde subsidieregeling mentale vitaliteit van (hybride)werkenden, waarmee 16 projecten ter verbetering van de mentalevitaliteit van werkenden zijn gefinancierd.40−Een mediacampagne over gezond thuiswerken tijdens de coronapan-demie. De focus van de campagne lag op het belang van thuiswerkenen op het delen van tips en instrumenten om thuiswerken vol tehouden.−Aandacht voor thuiswerken via de websites hoewerktnederland.nl enArboportaal.nl, waaronder tips voor werkgevers en werknemers.−De eerdergenoemde opdracht aan de Nederlandse Vereniging voorArbeids- en Bedrijfsgeneeskunde (NVAB), inhoudende een uitbreidingvan de richtlijn over werkdruk/werkprivé-balans met een module overthuiswerken.−De eerdergenoemde door TNO ontwikkelde «Toolbox hybridewerken».4136Kamerstuk II, 2021–2022, 35 714, nr. 17.37Kamerstuk II, 2020–2021, 35 669, nr. 36.38Kamerstuk II 2021–2022, 35 669, nr. 36.39Zie o.a. de brieven van 21 december 2021 (Kamerstuk II 2021–2022, 25 295, nr. 1705), en21 maart 2022 (Kamerstuk II 2021–2022, 25 883, nr. 425).40Zie Projecten voor het versterken van de mentale vitaliteit van werknemers – ZonMw DigitalePublicaties.41Zie Toolbox hybride werken | Arboportaal.Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 25 883, nr. 48410 Met de realisatie van deze initiatieven beschouwt het kabinet deze motieals afgedaan.AfsluitendMet de «Agenda voor de toekomst van hybride werken» heeft het kabinetgestalte gegeven aan het SER-advies hybride werken. Met de getroffenmaatregelen zijn belangrijke randvoorwaarden voor hybride werkengerealiseerd en worden werkgevers en werknemers ondersteund bij hetzelf invulling geven aan hybride werken.Voor veel werkgevers en werkenden biedt hybride werken uitkomst.Hybride werken is «here to stay» en is een onlosmakelijk onderdeel vande Future of work. Hybride werken heeft de manier waarop wij (samen-)werken in hoog tempo veranderd. Het geeft werkgevers en werknemersmogelijkheden, maar ook uitdagingen.Het kabinet zal samen met de sociale partners de vinger aan de polshouden. Op het moment dat ontwikkelingen daartoe aanleiding geven, zalhet kabinet zien of en zo ja welke aanvullende beleidsinzet nodig is.De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,C.E.G. van GennipTweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 25 883, nr. 48411 TABEL 1 OVERZICHT BESTAANDE FINANCIËLE REGELINGENVOOR THUISWERKERSFinanciële regelingenVrije ruimte Werkkostenregeling (WKR). De werkgever kan de vrije ruimte inzetten om bijvoorbeeld werknemersonbelast thuiswerkvoorzieningen te verstrekken die niet al op andere wijze zijn vrijgesteld.Gerichte vrijstelling voor Arbovoorzieningen. Gerichte vrijstelling voor het onbelast vergoeden van thuiswerk-voorzieningen, zoals een ergonomische bureaustoel.Gerichte vrijstelling voor noodzakelijke ICT-voorzieningen. Gerichte vrijstelling voor het onbelast vergoeden vannoodzakelijke ICT-voorzieningen, zoals een internetabonnement.Thuiswerkkostenvergoeding. Gerichte vrijstelling voor het onbelast vergoeden van € 2,15 (2023) per dag voorthuiswerkers vanwege extra water- en elektriciteitsverbruik, verwarming, koffie/thee en toiletpapier.Reiskostenvergoeding. Gerichte vrijstelling voor het onbelast vergoeden van reiskosten woon-werkverkeer van€ 0,21 per zakelijke km (2023). Per 2024 wordt dit bedrag verhoogd naar € 0,22 per zakelijke km. Het wetsvoorstelBelastingplan 2024 bevat een voorstel om dit maximum te verhogen naar € 0,23 per zakelijke km.Incidentele subsidies voor het stimuleren van veilig en gezond thuiswerken.Een overzicht van de gesubsidieerde projecten staat op:https://publicaties.zonmw.nl/projecten-voor-het-versterken-van-de-mentale-vitaliteit-van-werknemer BIJLAGE:Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 25 883, nr. 48412
Documentversies en bestanden
Officiële documentversies staan los van de versie van de brontekst die je in Kamerkring citeert.
- Stand-van-zakenbrief hybride werkenActuele officiële versie
- application/xml kst-25883-484.xmlDownload ↗
- application/x-unknown-content-type kst-25883-484.odtDownload ↗
- PDF kst-25883-484.pdfDownload ↗
- text/html kst-25883-484.htmlDownload ↗
- Metadata metadata_owms.xmlOpen metadata ↗
- Metadata metadata.xmlOpen metadata ↗
Bijlagen
Bij dit hoofddocument
Geen gekoppeld hoofddocument gevonden.
Gerelateerde bronnen
- De minister informeert de Kamer periodiek over de gesprekken met werkgevers over het "mijden en spreiden" van woon-werkverkeer, voor de eerste keer in het najaa
De minister informeert de Kamer periodiek over de gesprekken met werkgevers over het "mijden en spreiden" van woon-werkverkeer, voor de eerste keer in het najaar 2023.
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Verder bij de Tweede Kamer
Externe officiële informatie