Onderzoeksrapport kansengelijkheid eerstegeneratiestudenten
Brontekst
Versie 50ab8c6ac9203efd · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2024–202531 288Hoger Onderwijs-, Onderzoek- enWetenschapsbeleidNr. 1174 BRIEF VAN DE MINISTER VAN ONDERWIJS, CULTUUR ENWETENSCHAP Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 19 december 2024Met deze brief bied ik uw Kamer een onderzoek aan over kansengelijkheidvan eerstegeneratiestudenten. Het onderzoek, uitgevoerd door Dialogic,geeft invulling aan de motie Peters1, die vraagt om samen met deinstellingen te onderzoeken hoe meer aandacht besteed kan worden aaneerstegeneratiestudenten en om daarbij in ieder geval in kaart te brengenhoe er beter zicht kan worden verkregen op deze groep. In het voorjaarkom ik schriftelijk terug op de opgaven omtrent het studiesucces vanstudenten en daarin betrek ik de bevindingen uit dit rapport. Ik zal daarbijook specifiek ingaan op de motie Peters.Over het onderzoekDialogic heeft in opdracht van het Ministerie van OCW een verdiependonderzoek gedaan naar de kansengelijkheid van eerstegeneratiestu-denten. Naast het kenmerk eerstegeneratiestudent is ook gekeken naarandere achtergrondkenmerken. Eerstegeneratiestudenten zijn studentenwiens ouders geen hbo- of wo-opleiding hebben gevolgd. Daarmee zijndeze studenten pioniers in hun familie. Het onderzoek betreft een analysevan verschillende achtergrondkenmerken in relatie tot studiesucces, uitvalen switch. Het is verklarend ingestoken en is gericht op oorzaken vankansenongelijkheid.Samenvatting onderzoekEén op de drie studenten is eerstegeneratiestudent in het hbo en wo,waarvan de meeste van deze eerstegeneratiestudenten zich inschrijvenvoor een hbo-bachelor (70%). Dialogic concludeert in het onderzoek datde kansengelijkheid van eerstegeneratiestudenten, maar ook van andere1Kamerstuk 2022–2023, 36 200-VIII, nr. 248. kst-31288-1174ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2024Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 288, nr. 11741 groepen onder druk staat. Het onderzoek laat zien dat eerstegeneratiestu-denten meer risico lopen om uit te vallen of te switchen. Echter, er zijngroepen studenten die een nog grotere kans hebben om uit te vallen of teswitchen, namelijk hbo-studenten, bachelorstudenten, mannelijkestudenten, studenten met een migratieachtergrond, en studenten met eenlager gezinsinkomen. Een deel van het effect van het zijn van eerstegene-ratiestudent op de kans op uitval, kan verklaard worden door dezecontrolevariabelen. Zo is bijvoorbeeld bij uitval het effect van inkomens-klasse en migratieachtergrond aanzienlijk sterker dan het effect vaneerstegeneratiestudent-zijn. Ook bij andere variabelen zoals studieduur isde impact van andere kenmerken te zien. Bovendien versterken combi-naties van achtergrondkenmerken elkaar, in de zin dat een bepaaldecombinatie van achtergrondkenmerken (bijv. man en bachelorstudent zijnen daarnaast een migratieachtergrond hebben) de kans op uitval, switchen lager studiesucces kan vergroten. Uit het onderzoek blijkt dan ook datstudenten vanwege allerlei achtergrondfactoren tegen barrières aanlopen,en dat is niet te reduceren tot één verklarend persoonskenmerk.De onderzoekers constateren dat eerstegeneratiestudenten dermategefocust zijn op het nominaal behalen van hun diploma, dat zij het zichminder kunnen permitteren om aan zelfontplooiing te doen tijdens destudie. De grote financiële verantwoordelijkheid die een grote groepeerstegeneratiestudenten voelt speelt mee in deze ervaren prestatiedruk.Uit de interviews komt hiermee de samenhang tusseneerstegeneratiestudent-zijn en inkomensklasse naar voren; vaak zijn dezekenmerken in de praktijk nauwelijks te onderscheiden. Een verklarendefactor die duidelijk uit het onderzoek springt, is het gebrek aan thuisgevoeldat eerstegeneratiestudenten ervaren op de hogeschool of universiteit. Ditterwijl dit thuisgevoel juist belangrijk is om succesvol de opleiding tedoorlopen. Bepaalde studenten krijgen te maken met een mismatchtussen de thuisomgeving en de nieuwe sociale omgeving van deonderwijsinstelling. Zij vinden het soms moeilijk om binnen het plaatje tepassen en hebben minder vertrouwen in hun eigen kunnen ten opzichtevan hun medestudenten. Of ze zijn nog niet bekend met de ongeschrevenregels op een instelling.VervolgDialogic constateert dat beleid gericht op een specifieke doelgroep zoalseerstegeneratiestudenten onvoldoende effectief lijkt, vanwege het feit datverschillende achtergrondkenmerken kunnen zorgen voor ongelijkekansen. Veel achtergrondkenmerken komen ook in samenhang voor bijeen student en zijn niet los van elkaar te zien. Dialogic concludeert danook dat monitoring van eerstegeneratiestudenten meer na- dan voordelenheeft, onder andere vanwege mogelijke stigmatisering. Er kan volgens deonderzoekers beter breder gekeken naar onderliggende mechanismen vankansenongelijkheid en verminderd studiesucces, zoals het gebrek aanthuisgevoel dat sommige groepen studenten ervaren. De onderzoekersstellen dat er aandacht moet zijn voor de overgangen van het vo naar hethbo/wo, waarbij in de route richting de hogeschool of universiteit al vroegin ons systeem kansenongelijkheid kan spelen. Ook stelt Dialogic op basisvan de interviews dat de verantwoordelijkheid primair bij instellingen ligtom dit probleem aan te pakken. Brede startprogramma’s zouden mogelijkeen goede interventie kunnen zijn.De uitkomsten van dit onderzoek geven mijns inziens meer kleuring aande uitdagingen die door onder andere het Interdepartementaal Beleidson-derzoek (IBO) worden geschetst als het gaat om het vergroten vanstudiesucces en het verlagen van uitval en switch. Het onderzoekTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 288, nr. 11742 bespreek ik in dit kader met de VH en UNL. In het voorjaar zal ik brederingaan op de aanbevelingen van dit onderzoek in relatie tot het IBO.Daarin zal ik ook de motie Peters inhoudelijk beantwoorden.De Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,E.E.W. BruinsTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 288, nr. 11743
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.