Voortgangsbrief Herstel Groningen
Brontekst
Versie 296743b0e8abcf9a · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2024–202533 529GaswinningNr. 1319 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN BINNENLANDSE ZAKENEN KONINKRIJKSRELATIES Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 23 juni 2025Het herstel van schade, het versterken en verduurzamen van woningen enhet bieden van een nieuw toekomstperspectief voor Groningen enNoord-Drenthe, daar zet ik mij samen met de regio, maatschappelijkeorganisaties en de bewoners met volle overtuiging en onverminderd voorin. Het blijft namelijk belangrijk dat bewoners in Groningen en Noord-Drenthe in een omgeving wonen waar ze zich veilig voelen en eentoekomstperspectief hebben. Uw Kamer zet zich ook al jaren in voor deproblematiek in Groningen en Noord-Drenthe. Met het oog op hetcommissiedebat van 2 juli a.s., informeer ik u graag over een aantalrecente ontwikkelingen en over de invulling van diverse moties entoezeggingen.Er is een aantal mijlpalen bereikt, die ik belangrijk vind om te benoemen.Woningeigenaren kunnen sinds 3 juni jl. met terugwerkende krachtsubsidie aanvragen voor het isoleren van hun woning. Tot nu toe zijn er alruim 5.000 aanvragen gedaan. Hiermee is in Groningen en Noord-Drentheeen unieke aanpak voor het isoleren van woningen van start gegaan dienog 10 jaar zal doorlopen. Onlangs heeft u de sociale en economischeagenda’s ontvangen waarmee een generatielang wordt geïnvesteerd inhet vergroten van de brede welvaart van de regio (Kamerstuk 35 561,nr. 72). U heeft inmiddels ook de reactie van het kabinet op de Staat vanGroningen en Noord-Drenthe ontvangen1, waar onder andere uit blijkt datalle 50 maatregelen uit Nij Begun zijn ingevoerd of op korte termijn vanstart gaan.We zetten veel stappen in de goede richting, maar ik heb er ook oog voordat nog niet alles goed gaat en er zaken zijn die echt beter moeten. Hetkabinet werkt daarvoor bijvoorbeeld aan een voorstel van wet totwijziging van onder meer de Tijdelijke wet Groningen, waarin verschil-lende maatregelen en uitgangspunten uit Nij Begun worden vastgelegd. Ik1Kamerstuk 35 561, nr. 72 kst-33529-1319ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2025Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 33 529, nr. 13191 streef ernaar dit wetsvoorstel kort na het zomerreces bij uw Kamer in tedienen. Ik heb u op 24 januari jl. aangegeven wat mijn leidende principeszijn met betrekking tot de versterkingsopgave en schadeherstel.2 In dezebrief ga ik in op de voortgang van een aantal onderdelen daarvan:•Agenda voor herstel: ik informeer u over de gezamenlijke ambitie vanRijk, regio en uitvoeringsorganisaties hoe we bewoners als éénoverheid kunnen benaderen en de lessen die we van andere herstel-operaties leren en implementeren in deze agenda.•Beoordelingsrapporten en communicatie ten aanzien van versterken:de eerste bevindingen van het ACVG-onderzoek naar de kwaliteit vanbeoordelingsrapporten van NCG, worden met uw Kamer gedeeld. Ikinformeer u ook over de stappen die ik zet voor verbetering van decommunicatie en informatievoorziening aan bewoners en huurders.•Vergoeding voor eigen tijd voor bewoners voor het lange wachten opeen besluit op norm of een versterkingsbesluit voor de versterking vanhun woning (maatregel 16): u ontvangt de stand van zaken over deextra adressen die zijn toegevoegd aan de scope van maatregel 16 enwelke stappen nog moeten worden genomen voordat de NCG devergoedingen kan uitbetalen.•NAM/CVW-schadedossiers: er wordt ingegaan op de voortgang van deaanpak op maat voor de zwaarst gedupeerden als gevolg van schadeswelke toentertijd zijn ingediend bij NAM/CVW.•Inzet deskundigen: uw Kamer wordt geïnformeerd over de overwegin-gen bij de inzet van deskundigen bij een schadezaak. Ook geef ik eenterugblik op de expertbijeenkomst over onder andere het gebruik vantrillingssnelheden in de schadeafhandeling.•Uitvoeringskosten IMG: daarnaast wordt uw Kamer geïnformeerd overuitvoeringskosten van het IMG.•Stuttenlijst: tot slot treft u in de bijlage van deze brief een stuttenlijstdie door de gemeenten, IMG en NCG is opgesteld.Agenda voor HerstelDe afgelopen periode hebben de provincie Groningen, vijf versterkingsge-meenten, NCG, IMG en het Rijk intensief met elkaar gesproken over dewijze waarop deze partijen samenwerken aan het herstel van Groningen.3De gezamenlijke ambitie is om vaker en beter als één overheid samen tewerken, waarbij de behoeften van de bewoners centraal staan. Dit isnodig omdat de complexiteit van de uitvoering toeneemt naarmatemeerdere opgaves – zoals versterking, schadeherstel en sociale proble-matiek – samenkomen op een adres.Een grootschalige systeemwijziging helpt hierbij niet, is niet in overeen-stemming met de uitkomsten van de parlementaire enquête en zoumogelijk alleen maar tot extra vertraging kunnen leiden. Wat wel helpt, isals op lokaal niveau de betrokken organisaties (gemeenten, IMG, NCG)gezamenlijk bepalen wat in een gebied of op een adres nodig is en wiehierin het voortouw neemt. Ik verwacht met de regio en de uitvoeringsor-ganisaties op zeer korte termijn een agenda voor herstel te kunnenvaststellen die richting geeft aan deze gezamenlijke ambitie.Uw Kamer heeft mij tevens gevraagd te reflecteren op lessen die geleerdkunnen worden van andere hersteloperaties.4 In dit kader ben ik met IMGen NCG aangesloten bij het Rijksbrede netwerkprogramma Erkenning enHerstel. Dit is een initiatief gericht op het onderling leren van hersteltra-2Kamerstuk 35 561, nrs. 66 en 673Kamerstuk 36 600 VII, nr. 90 en Kamerstuk 36 600 VII, nr. 1034Kamerstuk 36 600 VII, nr. 92Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 33 529, nr. 13192 jecten, om zo bij te dragen aan een meer rechtvaardige, mensgerichteoverheid. De ervaringen in dit netwerk bevestigen dat hersteloperatiesmeer vragen dan nieuwe regels of systemen – het vraagt om een anderemanier van kijken en werken. Een gezamenlijke agenda voor herstel metde regio en uitvoeringsorganisaties draagt hieraan bij.VersterkenBij de versterkingsoperatie in Groningen moeten snelheid en voortgangvan de operatie in balans zijn met de kwaliteit die aan individuelebewoners geboden wordt. Daarvoor zet ik diverse stappen waarin ikbewoners centraal stel. In mijn beleidsbrief versterken heb ik vier leidendeprincipes geformuleerd:–De overheid vergeet niemand, zeker ook de zwaarst getroffenbewoners en complexe gevallen niet;–Een proactieve, doelmatige en rechtvaardige overheid;–De overheid luistert en handelt;–De versterkingsoperatie is een veiligheidsoperatie.Processen en regelingen zouden eenvoudig en toegankelijk moeten zijn,zodat deze als minder bureaucratisch worden ervaren door bewoners. Hetis belangrijk dat bewoners kunnen vertrouwen op de kwaliteit die wordtgeleverd door de NCG, deze te borgen, en als er twijfels bestaan over dekwaliteit om deze twijfels weg te nemen en waar nodig de kwaliteit teverbeteren.Eerste resultaten onderzoek ACVG kwaliteit beoordelingsrapportenIn mijn brief van 28 januari 20255 heb ik uw Kamer daarom gemeld dat ikonafhankelijk onderzoek laat doen naar de kwaliteit van de beoordelings-rapporten. Dit naar aanleiding van de klachten daarover. In de motie van29 januari jl. hebben leden Beckerman en Bushoff verzocht dit onderzoekvoor de verdere behandeling van de Mijnbouwwet en de Tijdelijke wetGroningen naar de Kamer te sturen6.Ik heb in mijn brief7 van 13 maart jl. aangegeven dat ACVG inmiddels isgestart met het onderzoek en als eerste de veiligheidsvraag beantwoordt:klopt het oordeel «op norm» of «niet op norm» zoals dat in de beoorde-lingsrapporten is opgegeven? ACVG heeft mij onlangs op de hoogtegesteld van de stand van zaken van het onderzoek en de eerste bevin-dingen (zie bijlage 1). Er zijn 185 dossiers onderzocht, ruim 300 beslis-singen op bezwaar/beroep geanalyseerd en 17 gesprekken/interviewsgevoerd. De eerste bevindingen en aanbevelingen van ACVG hieruit zijn:•Er zijn geen aanwijzingen voor onjuist beoordeelde adressen gevon-den bij reguliere beoordelingen en beoordelingen in de typologieaan-pak. Wel ziet ACVG dat de onderliggende dossiers soms foutenbevatten, maar die hebben geen gevolgen voor het veiligheidsoordeel.Daarnaast stelt ACVG dat ongeveer 5 dossiers vragen om naderecontrole door NCG;•Voor wat betreft de beoordelingen die zijn gedaan met de Praktijkaan-pak 2.0 constateert ACVG dat berekeningsrapporten in het merendeelvan gevallen ontbreken bij NCG, doordat die door ingenieursbureausniet tot een rapport worden uitgewerkt. In de ogen van ACVG is NCGvolgens de vergewisplicht wel verplicht hierover te beschikken. Detussentijdse resultaten van het ACVG-advies laten zien dat hetaannemelijk is dat de kwaliteitsborgingscontroles niet of te gebrekkig52025Z000786Kamerstuk 36 566, nr. 147Kamerstuk 33 529, nr. 1279Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 33 529, nr. 13193 zijn uitgevoerd bij de praktijkaanpak 2.0. Hiermee vult ACVG debevindingen van SodM aan. Nog verder onderzocht moet worden ofdat dan ook daadwerkelijk leidt tot fouten met betrekking tot veilig-heidsoordelen. Verderop in mijn brief ga ik in op mijn afspraken metNCG met betrekking tot het verbeteren van de kwaliteitsborgingbinnen de gehele versterking.•ACVG evalueert de uitwerking van de berekeningen die zijn gedaanmet behulp van de typologieaanpak en 1-op-1-berekeningen in diversetechnische onderliggende rapporten als positief. Er zijn echter noggeen opnamerapporten in de praktijk getoetst;•Bij een aantal cases waar de bewoners bij NCG bezwaar hebbenaangetekend tegen het besluit op norm, is het besluit «op norm»aangepast naar «niet-op-norm». Dit is zowel op technische gronden alsop grond van het gelijkheidsbeginsel. In een aantal cases die in debezwaarprocedure zitten, is door NCG inmiddels besloten dat naderonderzoek nodig is;•ACVG ziet geen aanleiding om het eindoordeel in de beoordelingsrap-porten van de reguliere aanpak en de typologieaanpak te wantrouwen.Er zijn wel verbeteringen nodig in de stappen nadat een besluit isgenomen, zoals de uitleg aan bewoners;•Gebrek aan vertrouwen in de uitkomst van de berekeningen wordtvooral veroorzaakt door lang tijdsverloop en gebrekkige communicatieaan bewoners. Er is onvoldoende dialoog tussen het ingenieursbu-reau, NCG en de bewoner/eigenaar op cruciale moment in hetbeoordelingsproces.Op basis van haar eerste bevindingen heeft ACVG, vooruitlopend op heteindrapport, mij aanbevolen om de werkwijze van de praktijkaanpak teherzien, de communicatie met bewoners naar een hoger peil te brengenen te voorkomen dat bewoners in het juridische traject van bezwaarterechtkomen door de dialoog op de eerste plaats te zetten.Verbeteringen door NCG op basis van de eerste bevindingen en aanbeve-lingen van ACVGHet doet mij goed dat ACVG in deze fase van het onderzoek géén onjuistbeoordeelde adressen heeft gevonden bij reguliere beoordelingen enbeoordelingen in de typologieaanpak en dat ACVG positief is over detechnische rapporten die volgen uit de opnames. Dat doet echter niets afaan het belang van de bevindingen en aanbevelingen over bijvoorbeeldde communicatie naar bewoners. Ik neem deze uiterst serieus omdat daarmede de kern zit van het vertrouwen in de beoordelingsrapporten.Daarom heb ik met NCG het volgende afgesproken:•Álle beoordelingen met de praktijkaanpak worden sinds februari jl.aanvullend nagekeken, in plaats van alleen die van de risicovolleadressen. Hiermee zal NCG bij alle toekomstige beoordelingenbeschikken over een compleet dossier. Ik verwacht hiermee het risicoop fouten aanzienlijk te verminderen.•Voor de dossiers uit het verleden is NCG met ingenieursbureaus inoverleg om missende berekeningen aan te leveren. Richting juli 2026moet NCG alle dossiers compleet maken, met terugwerkende kracht.Dit geldt ook voor de praktijkaanpak. Op deze manier kunnen bewo-ners sneller inzage in en toelichting over hun eigen dossier krijgen.NCG is dan niet meer afhankelijk van ingenieursbureaus die deberekeningen en documenten aanleveren.•NCG verbetert haar communicatie met bewoners. Zo wordenbewoners altijd gebeld door bewonersbegeleiders nadat een besluit«op norm» is verzonden om het rapport toe te lichten. Als de bewonertechnische vragen heeft en behoefte heeft aan een fysiek gesprek,Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 33 529, nr. 13194 wordt een fysiek gesprek ingepland met iemand die de juiste techni-sche uitleg kan geven.Vervolg van het onderzoek door ACVGMet ACVG heb ik afgesproken dat zij de eerste fase van het onderzoek inhet najaar van 2025 afronden. Tot die tijd zal ACVG de berekeningen vande Praktijkaanpak 2.0 beoordelen om een uitspraak te kunnen doen overde kwaliteit daarvan en een steekproef uitvoeren in de praktijk om hunbeschouwing van de opnames aan te vullen. Deze steekproef in de praktijkis een essentiële aanvulling op de positieve evaluatie uit de bureaustudieom bewoners meer zekerheid te bieden over de kwaliteit van de opnames.Ik begrijp de spanning en frustratie die bewoners ervaren over debeoordelingen. Te lang en te vaak is het niet gelukt om bewoners hetvertrouwen te bieden die zij verdienen. Het onderzoek van ACVG ishierom van groot belang. Ik hoop dat de eerste resultaten van ACVG enmijn afspraken met NCG bijdragen aan de beloofde beterschap voorbewoners. Na afronding van de eerste fase van het onderzoek dit najaar,stuur ik uw Kamer het definitieve rapport, wat in december gereed zal zijn,toe en informeer ik uw Kamer over alle bevindingen van ACVG eneventuele vervolgstappen.Kwaliteitsborging in het versterkingsprocesMet de motie van 5 december 2024 hebben leden Beckerman c.s8.verzocht een aanpak te ontwikkelen om bouwfouten tijdens het verster-kingsproces te voorkomen en beter aan te pakken. In mijn brief van20 januari9 heb ik aangegeven dat NCG haar processen doorlicht en ik hebtoegezegd in gesprek te gaan met gemeenten over hun toezicht opbouwfouten. Ook heeft SodM op 28 februari in haar advies naar kwaliteits-borging in de versterkingsopgave gepubliceerd.Zoals toegezegd ben ik in gesprek gegaan met NCG en gemeenten overbouwtoezicht. Gemeenten hebben aangegeven dat hun toezicht ziet opversterking waarbij zij een vergunning moeten verlenen voor deversterking. Waar gemeenten geen vergunning hoeven verlenen voorversterking, houden zij formeel geen toezicht op de bouw, net als in derest van Nederland. Daarnaast heeft SodM geadviseerd om in alle stappenvan het versterkingsproces een continu leer- en verbeterproces in gang tezetten en een externe partij per proces steekproeven te laten doen voor dekwaliteit. In lijn met deze adviezen heb ik met NCG afgesproken dat zijvanaf het eerste kwartaal van 2026 extern toezicht organiseren in iederefase van het versterkingsproces. Dit moet leiden tot meer consistentie inde geleverde kwaliteit binnen de gehele versterkingsoperatie, mede dooreen continu leer- en verbeterproces op basis van de bevindingen.Daarnaast scherpt NCG in twee stappen bouwtoezicht aan. Vanafseptember 2025 scherpt NCG bouwtoezicht aan voor grote risicovolleprojecten door gerichtere controles toe te passen. Vanaf december 2025zal dit ook gelden voor lichte en middelzware versterkingen. Hetopschalen van bouwtoezicht draagt bij aan het beperken van bouwfouten.Met deze afspraken geef ik invulling aan mijn toezegging en de motie vanleden Beckerman c.s. van 5 december 202410.Bouwfouten kunnen niet volledig worden voorkomen, er is immers sprakevan mensenwerk. Wel moeten fouten zoveel mogelijk worden beperkt, en8Kamerstuk 36 600 VII, nr. 989Kamerstuk 33 529, nr. 127310Kamerstuk 36 600 VII, nr. 98Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 33 529, nr. 13195 waar ze voorkomen worden gesignaleerd en opgelost. Als bewonersondanks deze afspraken worden geconfronteerd met bouwfouten, kunnenzij dat altijd via hun bewonersbegeleider en via het bewonerscontact-centrum van NCG melden bij het nazorg loket.Herbeoordelingen door ander bouwtechnisch bureauDe motie Bikker en Vedder verzoekt de regering te borgen dat eenherbeoordeling van een bouwtechnisch rapport als grond voor eenbesluit-op-norm altijd uitgevoerd wordt door een ander bouwtechnischbureau, als een bewoner dat verzoekt.11In de beantwoording van de vragen van lid Bikker heb ik de werking vanhet proces van de beoordelingen uiteengezet, inclusief de stap voor hetlaten uitvoeren van een herbeoordeling door een ander bouwtechnischbureau. NCG werkt in de praktijk al indachtig de motie Bikker en Vedder12.Vanaf september wordt deze werkwijze structureel onderdeel van deprocessen en kunnen bewoners met een «op norm verklaring» eentweede beoordeling laten uitvoeren door een ander bouwtechnischbureau, als zij het reguliere proces van NCG hebben doorlopen. Daarmeegeef ik invulling aan de motie. De eerste resultaten van het onderzoek vanACVG geven mij geen aanleiding om af te wijken van de werkwijze die ikheb beschreven in de beantwoording van de vragen van lid Bikker.Informatievoorziening HuurdersDe motie Bikker verzoekt de regering NCG te verzoeken de informatie overhet moment van versterken beschikbaar te maken in het digitale portaalvan de NCG13. NCG heeft veelal geen direct contact met huurders, omdatzij met de verhuurders het contact heeft over de versterking van hunpand. Zij zijn immers de eigenaar. Verhuurders, publiek en privaat, zijnvervolgens verantwoordelijk voor het contact met de huurders.Huurders hebben tegelijk wel zekerheid nodig dat zij veilig en comfortabelkunnen wonen en ook hen willen we inzicht bieden in hun versterkings-proces. Daarom heb ik op 5 maart jl. met woningcorporaties gesproken enheb ik aangegeven dat de informatiebehoefte van bewoners serieus moetworden genomen. Als uitkomst van het gesprek worden huurdersvoortaan per straat of wijk geïnformeerd over de planning van hunversterking, zodat iedereen in een gelijke situatie gelijktijdig en opdezelfde manier op de hoogte blijft van hun versterkingsproces. Daarmeegeef ik invulling aan de motie Bikker14.Evaluatie Stichting WoonbedrijfStichting Woonbedrijf Aardbevingsgebied Groningen is in 2019 opgerichtom bewoners de zekerheid te geven dat ze hun huis kunnen verkopen alsze dat willen, ongeacht de waardeverandering van de woning doordat dieversterkt moet worden. De Stichting Woonbedrijf AardbevingsgebiedGroningen (SWAG) is geëvalueerd en deze evaluatie treft u hierbij aan(bijlage 2).De evaluatie is positief uitgevallen: SWAG doet waar het voor is opgerichten doet dat goed. De manier van opereren, het bestuur en de samen-werking met overheden en de verantwoording zijn op orde. Uit de11Kamerstuk 36 600 VII, nr. 10612Kamerstuk 36 600 VII, nr. 10613Kamerstuk 36 600 VII, nr. 10514Kamerstuk 36 600 VII, nr. 105Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 33 529, nr. 13196 evaluatie komt dan ook dat het voortzetten van SWAG logisch is. Uit deevaluatie komt ook een aantal verbeterpunten. De governance enfinanciering kunnen beter gestroomlijnd worden en de administratievelasten zijn relatief hoog. Ook de communicatie richting bewoners kanverbeterd worden. Tenslotte ligt de fundamentelere vraag voor of SWAGbredere bekendheid en toegankelijkheid moet hebben en welke functie hetin een veranderende woningmarkt moet hebben. Ik informeer uw Kamerin het derde kwartaal over de invulling van de verbeterpunten en de vraagof en hoe SWAG breder toegankelijk kan worden gesteld.Uitvoering vergoeding eigen tijd (Maatregel 16 Nij Begun)Eén van de maatregelen uit Nij Begun betreft Maatregel 16 «Vergoedingvoor eigen tijd van bewoners in versterkingen». NCG voert dezemaatregel momenteel uit. Uw Kamer heeft mij eerder vragen gesteld overde exacte scope van Maatregel 16 en op 24 september jl. is de motie vande Kamerleden Bushoff en Beckerman over uitvoering van Maatregel 16aangenomen15.Maatregel 16 betreft een vergoeding van € 2.500 voor bewoners, dushuurders van een huurwoning en eigenaren van een eigen woning, «vooreigen tijd» als gevolg van het lange wachten op een besluit op norm ofversterkingsbesluit. De vergoeding was in eerste instantie bedoeld voorbewoners die op of ná 25 april 2023 een besluit over het wel of nietversterken van hun woning van NCG hebben ontvangen of nog zoudenmoeten ontvangen. Het betreft in deze ca. 15.000 adressen. Om invullingte geven aan de motie van Bushoff en Beckerman is de oorspronkelijkescope van Maatregel 16 uitgebreid met ca. 1.200 adressen. Hiermee zijnbewoners die wel al vóór 25 april 2023 een versterkingsbesluit hebbenontvangen, maar op of ná 25 april 2023 nog hebben moeten wachten opeen opgeleverde, versterkte woning toegevoegd aan de scope. Om ook debewoners, de huurders en eigenaren uit Batch 1588 en deZandplatenbuurt-Zuid te Delfzijl op een gelijke manier te behandelen, wilik ook deze adressen toevoegen aan de scope. Deze toevoeging betreft ca.1.400 adressen. Vanwege de uitbreiding van de huidige scope omvat denieuwe scope van de maatregel ca. 17.500 adressen.Voor het uitkeren van de vergoeding aan de adressen die later aan descope zijn toegevoegd en voor de uitbetaling van de vergoeding aan dehuurders van een corporatiewoning moet de regelgeving onder deTijdelijke wet Groningen worden aangepast. Daarnaast onderzoek ik op ditmoment de financiële gevolgen van de nieuwe, uitgebreide scope. Dit kanuw Kamer formaliseren bij de budgettaire besluitvorming (Voorjaarsnota2025). Als aan deze voorwaarden wordt voldaan, acht NCG het realistischdat uitbetaling van de vergoeding aan de adressen die aan de scope zijntoegevoegd begin 2026 kan worden uitgevoerd.Zoals toegezegd aan uw Kamer (de heer Bushoff) tijdens het Tweeminu-tendebat van 19 juni jl. ga ik ook nog expliciet in op ondernemers enmaatregel 16. Ondernemers zijn expliciet uitgesloten, omdat we rekeningmoeten houden met de staatssteunregels. Als we het geld op dezelfdemanier zouden uitkeren als aan particulieren, bestaat het risico dat dit bijeen controle tot problemen voor ondernemers leidt – en dat willen weuiteraard voorkomen. De «eigen tijd» van de ondernemer is meegerekendin de inkomsten van de onderneming, dit wordt al vergoed via Schadedoor Versterken (SDV). Daarnaast wonen veel ondernemers in hetversterkingsgebied en komen via de versterking van het woonadresalsnog in aanmerking voor de regeling. Maatregel 16 is een maatregel15Kamerstuk 33 529, nr. 1251Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 33 529, nr. 13197 specifiek gericht op bewoners. Er zijn in Nij Begun ook andere maatre-gelen opgenomen die specifiek voor de ondernemers gelden.Evaluatie DorpenaanpakDe dorpenaanpak is in 2022 geïntroduceerd door NCG en de gemeenteEemsdelta en is recent geëvalueerd. Het doel van de dorpenaanpak is omte komen tot een voortvarende en integrale aanpak van de versterking inde vier betreffende dorpen, Garrelsweer, Leermens, Zeerijp en Wirdum.De evaluatie biedt concrete aanbevelingen die houvast geven voorverdere verbetering van de uitvoering. De evaluatie bevestigt het belangom de Dorpenaanpak voort te zetten, en ook dat ervaringen uit dedorpenaanpak al bij andere versterkingsprojecten meegenomen zijn. Ik zetdeze aanpak daarom voort met een onverminderd ambitieniveau. Daarbijblijf ik vasthouden aan het uitgangspunt dat de dorpenaanpak samen meten voor bewoners wordt vormgegeven.Ik geef met de betrokken organisaties opvolging van de aanbevelingen diein het evaluatierapport worden gedaan, in samenspraak met betrokkenen.Dat geldt ook voor de aanbevelingen die breder van aard zijn en zien opde organisatie van de Nationaal Coördinator Groningen als geheel.SchadeAanpak op maat oude dossiers NAM/CVWZoals aangegeven in de Kamerbrief16 van 24 januari jl. over de voortgangvan de schadeafhandeling, kom ik met een aanpak op maat voor dezwaarst gedupeerden als gevolg van oude schadedossiers bij NAM/CVW.Specifiek, gaat het om bewoners die tot op heden niet verder kunnen methet leven in hun huis doordat er omvangrijke schades zijn die destijdsdoor de NAM of het CVW gedeeltelijk of volledig zijn afgewezen. Hierdoorkwamen zij later niet in aanmerking voor de schadeafhandeling door IMG.Met de regio, maatschappelijke organisaties en bewonerssteunpunten zijnconcrete situaties verzameld die inzicht geven in de problematiek en degevolgen daarvan waarmee deze bewoners te maken hebben. Er isvooralsnog een beperkt aantal situaties aangedragen. Hiervoor toets ikwat in de aanpak op maat voor deze situaties een oplossing is. Tegelij-kertijd wil ik de ruimte houden om nog aanvullende dossiers inoverweging te nemen.Hoewel dit proces nog loopt, blijkt nu al dat de situaties uiteenlopend zijnen een schrijnende situatie niet alleen betrekking hoeft te hebben op eenafwijzing maar evenzeer op de wijze waarop schade destijds is beoordeelden afgehandeld. Problemen kunnen weliswaar formeel zijn opgelost, maarde wijze waarop dat gebeurde kan (later) bewoners in een situatie hebbengebracht waarbij ze nog steeds niet verder kunnen met hun leven. Ookvoor deze groep wil ik kijken naar oplossingen.Hierbij wil ik opmerken dat er in een aantal dossiers niet altijd goed hetonderscheid is te maken tussen schade en versterken aangezien datonderscheid door NAM/CVW destijds niet op die manier werd gemaakt.Omdat er voor deze huizen geen beoordeling is geweest met betrekkingtot de constructieve veiligheid is niet vast te stellen of er sprake hadmoeten zijn van versterking. De bewoners die zich in het kader van hetmeldpunt eigen gemaakte kosten hebben gemeld en waarbij sprake is vanschrijnende situaties zal ik in deze aanpak meenemen. Voor Prinsjesdaginformeer ik uw Kamer over de schrijnende situaties die samenhangen16Kamerstuk 35 561, nr. 67Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 33 529, nr. 13198 met een afhandeling door NAM/CVW, en de oplossingen die ik voor dezegroepen voorzie.Terughoudendheid inzet deskundigen IMGIk heb signalen ontvangen dat het IMG bij sommige schadezaken nogsteeds veel deskundigen inzet. In lijn met de motie Beckerman-Bushoff17heb ik de signalen die ik hierover ontving, met het IMG besproken.Daarnaast is gesproken met de werkgroep mijnbouwadvocaten.Uit deze besprekingen heb ik geconcludeerd dat de inzet van meerderedeskundigen in veel zaken goed te verklaren is. Geregeld is het nodig datvoor het beoordelen van schade nader onderzoek wordt gedaan door eenexpert, bijvoorbeeld bij funderingsschade. Ook wordt vaak in het kadervan een ingediend bezwaar een nieuwe deskundige ingezet, zodat hetbezwaar onafhankelijk kan worden beoordeeld. Dit zijn situaties waarin deinzet van deskundigen in het belang is van de gedupeerden, hoewel ditdoor hen anders kan worden ervaren. Tot slot verzoeken advocaten ofrechters soms dat er opnieuw een schade-opnemer of deskundige wordtingezet. Hoewel ik deze inzet van deskundigen door het IMG goed begrijp,heb ik het IMG wel gevraagd aandacht te blijven houden dat de inzet vandeskundigen op een schadezaak proportioneel blijft. Daarbij vind ik hetbelangrijk dat een eigenaar, zowel bij schade als bij versterken, overdezelfde expertise kan beschikken als IMG en NCG en daartoe zo nodigmeerdere deskundigen kan inhuren.Expert bijeenkomstOp 18 november heb ik toegezegd een expertmeeting te organiseren overhet gebruik van trillingssnelheden in de schadeafhandeling. Sindsdienheb ik met meerdere instanties gesproken over de technische kant van deschadeafhandeling en versterkingsopgave. Onlangs ben ik ook opwerkbezoek geweest bij de TU Delft. Ik heb daar met verschillendedeskundigen en experts gesproken over onderzoek naar de ondiepeondergrond, zoals het onderzoek naar zwelklei, en bovengrondse effectenvan trillingen. Ik ben enthousiast over de onderzoeken en de kennis diedaarbij wordt ingezet en wil hier op onderwerpen met experts verder naarkijken. Vanuit de TU Delft is aangegeven dat men bereid is om eendergelijke expertmeeting te organiseren. Ik ga kijken hoe we vervolgkunnen geven aan deze gesprekken ter bevordering van kennisdeling enonze samenwerking.Uitvoeringskosten IMGOp 31 maart jl.18 heb ik uw Kamer geïnformeerd dat de uitvoeringskostenvan het IMG in 2024 zijn gehalveerd tot 39 eurocent per uitgekeerde euroschadevergoeding. Dat is een positieve ontwikkeling en ik vind hetbelangrijk dat de uitvoeringskosten ook in de komende jaren zo laagmogelijk blijven op voorwaarde dat bewoners hier geen nadeel vanondervinden. Ik heb het IMG gevraagd, conform de motie Kops19, naareen plan daarvoor.Uit dat plan volgt dat het IMG verwacht dat met de uitvoering vanbeleidsmaatregelen en organisatorische wijzigingen de uitvoeringskostenkomende jaren zullen schommelen rond een vergelijkbaar niveau als2024. Maatregelen zoals de in 2024 ingevoerde forfaitaire schaderege-lingen, met name de verhoogde eerste schadevergoeding (VES) en de17Kamerstuk 36 566, nr. 1518Kamerstuk 33 529, nr. 128619Kamerstuk 36 600 VII, nr. 89Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 33 529, nr. 13199 aanvullende vaste vergoeding (AVV), kennen relatief lage uitvoerings-kosten. Vanaf 2026 kunnen bewoners daarnaast bij een herhaalschadekiezen voor een vaste vergoeding van € 5.000. Deze forfaitaire regelingenkomen tegemoet aan de wens van bewoners voor een eenvoudige ensnelle afhandeling van hun schademelding, wat zich weer vertaalt in eenhogere bewonerstevredenheid. Daarnaast kennen deze regelingen metvaste vergoedingen efficiënte procedures en daardoor lage uitvoerings-kosten.Hoe de uitvoeringskosten zich komende jaren ontwikkelen is voor eenbelangrijk deel ook afhankelijk van de keuzes die bewoners zelf maken. Zijkunnen immers kiezen tussen een vaste financiële vergoeding, daadwer-kelijk herstel tot € 60.000, en een maatwerkprocedure mét causaliteitsbe-oordeling, waarbij de uitvoeringskosten verschillen (oplopend involgorde) per variant.Naast het implementeren van nieuwe schaderegelingen wil het IMG doororganisatorische maatregelen meer gaan sturen op de kosten doorefficiënter en aanvragersgericht te (gaan) werken, bezwaren en beroepenproberen te voorkomen en minder personeel extern in te huren. Tegelijkwil ik benadrukken dat lagere uitvoeringskosten geen doel op zichzelf zijn.Het gaat om een milde, makkelijke en menselijke schadeafhandeling,waarin de behoefte van mensen leidend is. En daarom is het belangrijkdat bewoners de keuzemogelijkheid hebben. Sinds 2024 kunnenbewoners naast de forfaitaire regelingen kiezen voor maatwerk ofdaadwerkelijk herstel. Bij de keuze voor deze regelingen is persoonlijkebegeleiding belangrijk gebleken. Met de implementatie van de nieuweschaderegelingen is het persoonlijk contact daarom geïntensiveerd enheeft het IMG het aantal steunpunten uitgebreid. Dat leidt niet tot lagerekosten maar maakt de uitvoering van schaderegelingen wel menselijker.Het IMG monitort de uitvoeringskosten en rapporteert hierover in zijnjaarverslag. Daarnaast zijn de uitvoeringskosten onderdeel van de Staatvan Groningen & Noord-Drenthe. Ik blijf in dat kader de ontwikkeling vande uitvoeringskosten de komende jaren op de voet volgen.Stuttenlijst (bijlage 3)Tijdens het debat van 12 september jl. over de Staat van Groningen enNoord-Drenthe is er door Kamerleden Bushoff en Beckerman een motieingediend over het opstellen van een complete stuttenlijst.20Ik vind het belangrijk dat bewoners die last ervaren van onveilige situatieszo spoedig mogelijk worden geholpen. De aanwezigheid van stutten geefthet gevoel dat bewoners moeten leven in een onveilige situatie. Ik bendaarom in gesprek gegaan met gemeenten, het IMG en NCG om te komentot een stuttenlijst. Het opstellen van de lijst heeft de nodige tijd gekost.De stuttenlijst is handmatig adres voor adres opgesteld waarbijgemeenten, het IMG en NCG per adres zijn nagegaan of deze stutten ernog staan.Met deze brief wil ik de Kamer informeren dat de stuttenlijst bestaat uitcirca 150 adressen waar stutten zijn geplaatst vanuit een acuut onveiligesituatie. Ongeveer de helft van deze adressen zijn onderdeel van deversterkingsoperatie. Bij deze adressen zullen de stutten na afronding vande versterkingsoperatie worden weggehaald. De overige helft van deadressen kent andere oorzaken. Deze kunnen samenhangen met schadeals gevolg van aardbevingen, maar er kan ook sprake zijn van geheelandere oorzaken. Binnenkort zal ik met gemeenten, provincie, IMG enNCG de omgang met deze stutten bespreken.20Kamerstuk 33 529, nr. 1253Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 33 529, nr. 131910 ConcluderendDe komende periode blijft het van groot belang om, samen met allebetrokken partijen, vast te houden aan rust, stabiliteit en tempo. Alleenmet oog voor veiligheid, kwaliteit en duidelijke communicatie kunnen wewerken aan schadeherstel, de versterkingsopgave én het herstel vanvertrouwen. Daarbij moeten bewoners zich blijvend gesteund en gehoordvoelen. Bewoners staan centraal in deze opgave.De Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,E. van MarumTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 33 529, nr. 131911
Gerelateerde bronnen
- De staatssecretaris zegt toe met gemeenten in gesprek te gaan over toezicht op bouwfouten en de Kamer hierover in het eerste kwartaal van 2025 te informeren.
De staatssecretaris zegt toe met gemeenten in gesprek te gaan over toezicht op bouwfouten en de Kamer hierover in het eerste kwartaal van 2025 te informeren.
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.