Publicatie CBS Monitor fosfaat- en stikstofexcretie in dierlijke mest tweede kwartaal 2026
Brontekst
Versie 4df881b5e7af1a7e · officiële bron33 037 Mestbeleid Nr. 649 Brief van de minister van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Den Haag, 25 augustus 2026 Met deze brief informeer ik de Kamer dat het Centraal Bureau voor de Statistiek (hierna: CBS) op 25 augustus 2026 de tweede kwartaalrapportage 2026 over de fosfaat- en stikstofexcretie door de Nederlandse veestapel[voetnoot 1] heeft gepubliceerd. Ook informeer ik de Kamer met deze brief over de verlenging van de openstelling van de Subsidieregeling extensivering melkveehouderij (Sem). CBS-monitor fosfaat- en stikstofexcretie Ook dit jaar stelt het CBS op mijn verzoek na afloop van ieder kwartaal een berekening samen van de verwachte fosfaat- en stikstofexcretie van de Nederlandse veestapel. De tweede kwartaalrapportage 2026 geeft een momentopname van de verwachte fosfaat- en stikstofexcretie over geheel 2026 op basis van onder andere de op 1 juli 2026 beschikbaar gekomen nieuwe en actuele gegevens over de omvang van de rundveestapel, de melkproductie per koe en de beschikbaarheid en samenstelling van krachtvoer en ruwvoer voor rundvee. Evenals in de eerste kwartaalrapportage 2026[voetnoot 2] is de onzekerheid in de inschatting van het CBS ook in deze tweede kwartaalrapportage relatief groot, mede omdat het CBS zich baseert op voorlopige cijfers. Verwachte mestproductie De voor 2026 verwachte fosfaat- en stikstofexcretie van de Nederlandse veestapel is weergegeven in tabel 1. Uit tabel 1 blijkt dat het CBS verwacht dat in 2026 de mestproductie van de Nederlandse veestapel het nationale mestproductieplafond, uitgedrukt in kilogrammen fosfaat met 1,8 miljoen kg (+1,3%) zal overschrijden. Uitgedrukt in kilogrammen stikstof verwacht het CBS in 2026 geen overschrijding van het nationale mestproductieplafond. Tabel 1: Momentopname van de verwachte fosfaat- en stikstofexcretie van de Nederlandse veestapel over 2026 (in miljoen kg) Fosfaat Stikstof Plafond 1e kw 2026 2e kw 2026 Plafond 1e kw 2026 2e kw 2026 Nationaal 135,0 138,6 136,8 440,0 438,0 436,2 Melkvee 71,8 73,3 72,4 267,8 264,8 261,8 Varkens 27,8 29,7 29,0 70,3 73,8 74,2 Pluimvee1 20,3 19,8 19,4 48,4 46,8 47,3 Overig2 15,1 15,8 15,9 53,5 52,8 52,9 N.B. Door afrondingen kan de som van de cijfers afwijken van het totaal. 1) Het sectoraal plafond voor de pluimveehouderij heeft alleen betrekking op de mestproductie van die diersoorten waarop het stelsel van pluimveerechten van toepassing is, te weten kippen en kalkoenen. 2) Voor ‘overig’ is in de Meststoffenwet geen sectoraal plafond opgenomen. Het hier vermelde plafond is de voor ‘overig’ beschikbare mestproductieruimte die is afgeleid van het nationale plafond en de plafonds voor melkvee, varkens en pluimvee. Afroming varkensrechten Het (opnieuw) introduceren van afroming van rechten bij verhandeling buiten familieverband in een sector, is aan de orde als verwacht wordt dat het sectorale mestproductieplafond overschreden wordt. Uit tabel 1 blijkt dat het CBS verwacht dat in 2026 de mestproductie in de varkenshouderij het sectorale mestproductieplafond zal overschrijden met 1,2 miljoen kg fosfaat (+4,3%) en 3,9 miljoen kg stikstof (+5,5%). De ingeschatte daling van de mestproductie op termijn in de varkenshouderij als gevolg van potentiële deelname aan de Lbv en Lbv-plus, die mede ten grondslag lag aan het besluit om de afroming van varkensrechten eind 2025 op 0% vast te stellen, lijkt zich (nog) niet substantieel te manifesteren in deze kwartaalrapportage van het CBS. In de Kamerbrief ‘Weer ruimte voor boer, natuur en bouw: maatregelpakket voor landbouw, natuur en stikstof’ van 26 juni 2026[voetnoot 3] heeft het kabinet aangegeven om op basis van de tweede kwartaalrapportage 2026 een besluit te zullen nemen over het opnieuw introduceren van afroming in de varkenshouderij. Gelet op de door het CBS in 2026 verwachte overschrijding van het sectorale mestproductieplafond, heb ik besloten voorbereidingen te treffen voor het opnieuw introduceren van afroming in de varkenshouderij. Gezien de onzekerheid in de schatting van het CBS zal definitieve besluitvorming door het kabinet op een later moment dit jaar plaatsvinden, waarbij de hoogte van het afromingspercentage onderdeel zal uitmaken van de besluitvorming. Het introduceren van afroming vraagt om een zorgvuldig proces met onder andere internetconsultatie, voorhang bij beide Kamers en advisering door de Raad van State. Het streven is om, indien het kabinet daar definitief toe besluit, de afroming begin 2027 in te laten gaan. Verwacht ruw-eiwitgehalte in melkveevoerrantsoen In februari 2025 hebben partijen uit de melkveesector, de zuivelsector, de diervoedersector, adviseurs en kennisinstellingen in het Convenant Voerspoor afspraken gemaakt met als doel om het gemiddelde ruw eiwitgehalte van het rantsoen te verlagen naar maximaal 160 gram per kilogram droge stof in 2025 en 158 gram per kilogram droge stof in 2026. CBS monitort de voortgang hierop door een schatting te geven van het ruweiwitgehalte in het melkveevoerrantsoen. Deze schatting is in tabel 2 weergegeven. Het betreft een eerste indicatie, omdat de samenstelling van snijmaïs en vers gras nog niet bekend is, en van krachtvoer gedeeltelijk. Tabel 2: RE-gehalte in het melkveevoerrantsoen in 2023, 2024 en 2025 en het verwachte RE-gehalte in 2026 (in g/kg droge stof) 2023 2024 2025 1e kw. 2026 2e kw. 2026 Melkveevoerrantsoen (melk- en kalfkoeien en bijbehorend jongvee) 163 161 158 - 1 161 1) Er waren onvoldoende gegevens beschikbaar om een indicatie te kunnen geven Verlenging Sem Op 14 april 2026 heb ik uw Kamer geïnformeerd over mijn voornemen om de Sem van 1 juni tot en met 29 juli 2026 open te stellen[voetnoot 4]. In de Kamerbrief ‘Weer ruimte voor boer, natuur en bouw: maatregelpakket voor landbouw, natuur en stikstof’ van 26 juni 2026[voetnoot 5] zijn maatregelen aangekondigd om weer ruimte te maken voor vergunningverlening. Essentieel onderdeel van de aanpak is de ondersteuning van boerenbedrijven bij het nemen van maatregelen. Het gaat om brede ondersteuning bij verschillende maatregelen, waaronder extensiveren. Ik heb besloten de openstelling van de Sem te verlengen tot en met 27 januari 2027. Hiermee krijgen melkveehouders langer de tijd om deelname te overwegen en zich een beeld te vormen van wat de stikstofplannen voor hun bedrijf betekenen. De minister van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur, J. van Essen https://www.cbs.nl/nl-nl/longread/aanvullende-statistische-diensten/2026/monitor-fosfaat-en-stikstofexcretie-in-dierlijke-mest-tweede-kwartaal-2026 Kamerstukken II, 2025-2026, 33 037, nr. 646 Kamerstukken II, 2025-2026, 36 800 XIV, nr. 87 Kamerstukken II, 2025-2026, 28 973, nr. 298 Kamerstukken II, 2025-2026, 36 800 XIV, nr. 87
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.