document · 12 okt 2026 · Tweede Kamer
Antwoord op vragen van het lid Moinat over de toenemende dakloosheid in Nederlandse steden
Brontekst
AH 342 2026Z19516 Antwoord van minister Sterk (Langdurige Zorg, Jeugd en Sport) (ontvangen 12 oktober 2026) Vraag 1 Bent u bekend met het bericht ‘Daklozen zijn niet sexy: de pijnlijke reden waarom de politiek dit probleem niet oplost’? 1) Antwoord 1 Ja. Vraag 2 Hoe verklaart u dat de problemen rond dakloosheid verder toenemen, terwijl juist met het Nationaal Actieplan Dakloosheid de ambitie is uitgesproken dat in 2030 niemand meer op straat hoeft te slapen? Antwoord 2 Dakloosheid heeft verschillende oorzaken en vraagt per definitie om oplossingen op het terrein van zowel wonen, zorg, welzijn en bestaanszekerheid. Het Nationaal Actieplan Dakloosheid: Eerst een Thuis (2023-2030) richt zich op het duurzaam oplossen van dakloosheid door preventie en passende huisvesting centraal te stellen. Ik zie dat gemeenten, zorgpartijen, corporaties en belangenbehartigers hard aan de slag zijn met de uitvoering van het Nationaal Actieplan Dakloosheid. Er is brede consensus over het belang van passende huisvesting en preventie als belangrijkste oplossingen tegen dakloosheid. Zo’n grote systeemverandering waarbij partijen op een andere manier met elkaar samenwerken kost tijd en vraagt continuïteit en een lange adem. Vraag 3 Deelt u de analyse dat de verdeling van de verantwoordelijkheid voor dakloosheid over meerdere ministeries de daadkracht van de aanpak belemmert? Zo nee, hoe verklaart u dan dat de problemen ondanks jarenlange beleidsinzet blijven toenemen? Antwoord 3 Zoals beschreven in het antwoord op vraag 2 vraagt het oplossen van dakloosheid om samenwerking tussen verschillende domeinen, zowel op lokaal niveau als binnen het Rijk. Daarom werk ik nauw samen met de minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening en de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Juist omdat de oorzaken verschillende beleidsterreinen raken, is het van belang dat de betrokken bewindspersonen gezamenlijk sturen op de uitvoering van onder andere het Nationaal Actieplan Dakloosheid. Het overdragen van de coördinerende rol naar een ander bewindspersoon lost dit probleem niet op. Vraag 4 Waarom gaat een groot deel van het beschikbare geld naar noodopvang, in plaats van structurele oplossingen? Antwoord 4 Gemeenten ontvangen jaarlijks 440 miljoen euro (exclusief indexatie) voor de aanpak van dakloosheid en de maatschappelijke opvang. Deze middelen worden gestort in het gemeentefonds en zijn daarmee vrij besteedbaar. Ik krijg signalen dat gemeenten op dit moment nog investeren in het uitbreiden van de noodopvang omdat de acute nood hoog is. Bij acute tekorten aan opvangcapaciteit kan tijdelijke uitbreiding van de opvang noodzakelijk zijn, zeker als sprake is van schaarste op de woningmarkt. Tegelijkertijd blijf ik gemeenten oproepen om vooral te investeren in preventie en duurzame oplossingen die aansluiten bij de beweging naar Wonen Eerst. Op termijn is dit de manier om dakloosheid daadwerkelijk op te lossen. In verschillende gemeenten gebeurt dat gelukkig nu ook al. Vraag 5 Welke verantwoordelijkheid hebben werkgevers volgens u voor EU-arbeidsmigranten die na afloop van hun contract of na ontslag zonder huisvesting in Nederland achterblijven, en hoe moet worden voorkomen dat deze groep vervolgens op straat belandt? Antwoord 5 Er is niet één oorzaak van dakloosheid. In 2022 is in opdracht van de ministeries van VWS, SZW en JenV door het IVO nader onderzoek gedaan naar oorzaken waarom arbeidsmigranten op straat terecht komen.[voetnoot 1] In het onderzoek naar ‘Routes naar dakloosheid’ worden vijf voorname redenen opgesomd waarom mensen dakloos raken: 1) werkverlies; 2) voortdurende kwetsbaarheden (opgelopen in het thuisland); 3) verbroken relatie en werkverlies; 4) direct dakloos na aankomst en 5) ernstige gezondheidsproblemen. Behalve slechte en onzekere werk- en woonomstandigheden vergroten persoonlijke individuele factoren de kans op dakloosheid, zoals (problematisch) middelengebruik, psychische problematiek en de (nog) ontbrekende binding met Nederland. Wanneer werkverlies de primaire oorzaak is verwacht ik meer van werkgevers om de gevolgen daarvan te verzachten, juist bij EU-arbeidsmigranten die niet (altijd) kunnen leunen op een vangnet. Het kabinet ziet in de praktijk ook dat op verschillende plekken in Nederland werkgevers en huisvesters bijdragen aan oplossingen, bijvoorbeeld door het voorzien in tijdelijke opvang en/of begeleiding naar nieuw werk. Momenteel is het kabinet, in lijn met de motie van den Brink, aan het verkennen hoe dergelijke initiatieven breder ingezet kunnen worden.[voetnoot 2] Tegelijkertijd is het zo dat een directe afhankelijkheid van de werkgever voor een woning sneller tot dakloosheid kan leiden bij een abrupt einde van de werkrelatie. In navolging op het advies van het Aanjaagteam Bescherming Arbeidsmigranten werkt de minister van VRO aan een wetsvoorstel om de huurbescherming van arbeidsmigranten te verbeteren. Vraag 6 Welke lessen trekt u uit de in het artikel beschreven situatie in Utrecht, waar het schrappen van het verbod op buiten slapen ertoe heeft geleid dat politiecontact afneemt, hulp later op gang komt en de overlast toeneemt? Antwoord 6 In algemene zin lost het beboeten van dakloosheid de problematiek niet op en kan het dakloze mensen schaden in hun herstel. Ik ontvang signalen dat gemeenten de mogelijkheid willen behouden om het beboeten in te zetten als pressiemiddel om mensen te begeleiden naar passende hulp. Het is belangrijk dat gemeenten mensen die buitenslapen in beeld hebben en hulp bieden. De VNG voert gesprekken met onder andere politie, handhaving, maatschappelijke organisaties en belangenbehartigers om in kaart te brengen welke alternatieven er zijn om dit te bereiken. Denk hierbij bijvoorbeeld aan het betrekken van outreachende veldwerkers en onafhankelijke cliëntondersteuners. 1) AD, 19 september 2026, 'Daklozen zijn niet sexy: de pijnlijke reden waarom de politiek dit probleem niet oplost' (https://www.ad.nl/politiek/daklozen-zijn-niet-sexy-de-pijnlijke-reden-waarom-de-politiek-dit-probleem-niet-oplost~a06b4fbb/) IVO – Midden- en Oost-Europese werknemers in kwetsbare posities, handvaten voor preventie en terugdringen van dakloosheid en verslaving (juni 2022); IVO – Routes naar dakloosheid (april 2023). 2025–2026, 29 861, nr. 197
Versie 1ec1736ea3a1b1702c7f79886e48cd068acedd86b9f377ed210f48fe78b1ec86 · Officiële bron.
Context en discussie
Jouw reactie
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.