Voortgang maatwerkafspraak Tata Steel
Brontekst
Versie 65ef80b11eff88d1 · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2025–202628 089Gezondheid en milieu29 826IndustriebeleidNr. 349 BRIEF VAN DE MINISTER VAN KLIMAAT EN GROENE GROEI ENVAN DE STAATSSECRETARISSEN VAN ECONOMISCHE ZAKEN ENKLIMAAT EN VAN INFRASTRUCTUUR EN WATERSTAAT Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 2 april 2026Op 29 september 2025 heeft de staat de Joint Letter of Intent (JLoI) metTata Steel Nederland (TSN), Tata Steel Limited (TSL) en de ProvincieNoord-Holland (PNH) ondertekend: een belangrijke tussenstap naar eendefinitieve maatwerkafspraak en het realiseren van groenere, schonere enmeer circulaire staalproductie in de IJmond.Met deze brief informeert het kabinet de Kamer, vooruitlopend op hetplenaire debat over Tata Steel op 7 april a.s., over een aantal ontwikke-lingen sinds de ondertekening van de JLoI, namelijk: de publiekeconsultatie over de JLoI met Tata Steel en de oplevering van derapportage van de werkgroep-GER: «Inschatting gezondheidseffecten vaneen deel van de aanvullende maatregelen conform Joint Letter of Intentvan Tata Steel, provincie Noord-Holland en de Staat». Ook wordt met dezebrief, zoals verzocht1 door de vaste commissie voor Infrastructuur enWaterstaat, gereageerd op de position papers die aan uw Kamer zijngezonden ten behoeve van het gesprek over de gezondheidseffecten vande JLoI op 19 maart jl.Publieke consultatie Joint Letter of Intent met Tata SteelVan 7 november tot en met 19 december 2025 kon iedereen via eeninternetconsultatie reageren op de JLoI met TSN, TSL en de PNH en dehierin beoogde doelen, projecten en het steunbedrag. Met deze publiekeconsultatie is voldaan aan de vereisten voor het organiseren van inspraakuit het relevante Europese staatssteunkader (CEEAG) en het Verdrag vanAarhus. Het verduurzamen en het verminderen van de impact van destaalproductie bij TSN op de leefomgeving en gezondheid vanomwonenden kent vele belanghebbenden. De consultatie is breed onderde aandacht gebracht bij maatschappelijke en omwonenden-organisaties,12026Z04965/2026D13988. kst-28089-349ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2026Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 28 089, nr. 3491 via regionale media, kanalen van de rijksoverheid en tijdens de informa-tiebijeenkomst voor omwonenden in de IJmond op 8 december 2025.Verwerking van de reacties op de consultatieIn totaal zijn er 444 reacties binnengekomen op de consultatie. We zijndankbaar dat een groot aantal belanghebbenden de tijd en moeite heeftgenomen om op deze consultatie te reageren.De reacties op deze publieke consulatie worden met deze brief met deKamer gedeeld in de vorm van een hoofdlijnenverslag met daarin eensamenvatting (zie bijlage 1). Het hoofdlijnenverslag is een weergave vande binnengekomen reacties en bevat dus enkel de meningen en opvattingvan de respondenten. Eventuele feitelijke onjuistheden in de reacties zijndaarom niet gecorrigeerd in het hoofdlijnenverslag.Beeld uit de ingediende reactiesUit het hoofdlijnenverslag zijn, ondanks de verscheidenheid aan binnen-gekomen reacties, enkele hoofdlijnen te destilleren. Ongeveer 70% van derespondenten heeft overwegend instemmend gereageerd op de JLoI metTSN. Ongeveer een kwart van de respondenten laat zich kritisch uit overde JLoI met TSN.In het hoofdlijnenverslag worden de reacties geanalyseerd aan de handvan vijf (uitgevraagde) hoofdthema’s: 1) de doelen van de maatwerkaf-spraak, 2) de lokale economische impact, 3) staatssteun, 4) de projectenen 5) vertrouwen en verantwoording door TSN.De reacties onderschrijven in meerderheid de hoofddoelen van demaatwerkafspraak: vermindering van de impact van het bedrijf op hetklimaat, gezondheid en leefomgeving. Dit sluit aan op de inzet van demaatwerkafspraak van het kabinet: verduurzaming en verbetering van deleefomgeving en gezondheid van omwonenden. Daarnaast wordt dooreen groot deel van de respondenten gewezen op de (regionale) econo-mische waarde van bedrijf, bijvoorbeeld op het gebied van werkgele-genheid en de strategische positie van TSN.Waar een meerderheid van de respondenten de doelstellingen ambitieusen realistisch vindt, is een beperkter deel van mening dat de doelstel-lingen ondermaats zijn en dat de economische waarde van het bedrijfwordt overschat.De verscheidenheid aan binnengekomen reacties toont de complexiteitvan de opgave en de verschillende belangen. Met de maatwerkafspraakmet TSN zal niet aan ieders wensen kunnen worden voldaan. Wel wordtmet de maatwerkafspraak naar verwachting een belangrijke stap gezetnaar industriële vergroening en verbetering van de leefomgeving engezondheid van omwonenden die ook bijdraagt aan banen in de regio.VervolgDe komende periode zal worden bezien welke reacties op de consultatiekunnen worden meegenomen in de maatwerkafspraak met TSN. Voorenkele inhoudelijke onderwerpen geldt dat in de JLoI is aangegeven datdit zal worden uitgewerkt. Een grote groep respondenten roept op tot hetmaken van duidelijke, afdwingbare afspraken met stevige garanties. Dezeoproep onderschrijft het kabinet volledig. Ook voor het kabinet staatvoorop dat de doelen behaald moeten worden. De beoogde doelen uit deJLoI moeten in de maatwerkafspraak dan ook worden vastgelegd alsTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 28 089, nr. 3492 bindende en afdwingbare resultaatsverplichtingen. Hier werkt het kabinetde komende tijd aan verder.Ook ten aanzien van de financiële borging van de afspraken worden eenaantal concrete voorstellen gedaan, zoals het verbieden van winstuitke-ringen en terugbetaalconstructies. Een aantal van deze punten waren alopgenomen in de JLoI en worden verder uitgewerkt en waar mogelijkvastgelegd in de maatwerkafspraak.Daarnaast wordt het belang van onafhankelijk meten en monitorenveelvuldig benoemd door de respondenten. Dit uitgangspunt isafgesproken in de JLoI en de reacties ziet het kabinet als verdereondersteuning om dit uit te werken in de maatwerkafspraak. Daarbij komtdit punt ook terug in de motie-Teunissen c.s. over het onafhankelijk,continu en fijnmazig meten van gevaarlijke stoffen bij Tata Steel. Hetkabinet ziet dit als een onderwerp dat niet alleen rond Tata Steel, maar inbredere zin rond industriële locaties van belang is. In de brief van18 december 2025 over de uitkomsten van de Actieagenda Industrie enOmwonenden2 is de Kamer geïnformeerd over de stappen die het kabinetop dit gebied zet, waarmee uitvoering wordt gegeven aan de motie-Teunissen c.s. (Kamerstuk 28 089, nr. 302).Gelet op de lopende onderhandelingen kan het kabinet nu niet in detailvooruitlopen op de uiteindelijke maatwerkafspraak. Ook is het van belangom te benadrukken dat niet alle reacties op de publieke consulatie meekunnen worden genomen in de onderhandelingen over de maatwerkaf-spraak met TSN, onder andere omdat reacties onverenigbaar met elkaarzijn, maar ook omdat de maatwerkafspraak beperkingen kent in tijd en ingeld, waardoor niet alles in één keer te realiseren is.Met de consultatie konden belanghebbende reageren op de JLoI, oftewelde contouren van de definitieve maatwerkafspraak. Reacties waarbijwordt voorgesteld geen maatwerkafspraak met TSN te sluiten, maarwaarin bijvoorbeeld sluiting van TSN wordt voorgesteld, vallen buitendeze scope en kunnen om die reden in het huidige proces van onderhan-delingen niet worden meegenomen. De inzet van het kabinet is immersom een maatwerkafspraak met TSN te sluiten om zo tot een grote reductievan de CO2-uitstoot en forse verbetering van de gezondheid en leefom-geving te komen én de economische en strategische waarde vanstaalproductie in de IJmond te behouden voor Nederland en Europa.Ten slotte zien enkele punten uit de consultatie op beleidsontwikkelingendie breder spelen dan de maatwerkafspraak met TSN, bijvoorbeeld deontwikkeling van de waterstofeconomie en het beleid rondom staal-slakken. De opvolging van deze punten wordt, waar mogelijk, niet in demaatwerkafspraak, maar op andere manieren – bijvoorbeeld via generiekbeleid – ter handen genomen.Voortgang totstandkoming gezondheidseffectrapportageNaar aanleiding van een advies van de Expertgroep Gezondheid IJmond3en de motie-Gabriëls c.s.4 is in 2024 gestart met het concretiseren van eengezondheidseffectrapportage (GER) voor de TSN-plannen. Voor hetopstellen van de GER heeft het Ministerie van IenW een onafhankelijkewerkgroep ingesteld. Het voorzitterschap en secretariaat van dewerkgroep is belegd bij ABDTOPConsult. Inhoudelijke expertise wordt2Kamerstuk 28 089, nr. 3463Bijlage bij Kamerstuk 32 813, nr. 13694Motie van het lid Gabriëls c.s, Kamerstuk 28 089, nr. 286, 4 april 2024.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 28 089, nr. 3493 geleverd door het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM),de Gemeentelijke Gezondheidsdienst (GGD) Kennemerland en een expertvan het Institute for Risk Assessment Sciences (IRAS) van de UniversiteitUtrecht. Het is veel en ingewikkeld werk om een nieuw instrument teontwikkelen en het kabinet spreekt dan ook zijn dank uit aan de werkgroepvoor haar inspanningen.De GER heeft tot doel inzicht te bieden in de effecten van de beoogdemaatwerkafspraak op de gezondheid van omwonenden. Het ontwikkelenen toepassen van dit nieuwe instrument onderstreept de inzet van hetkabinet om gezondheid, naast CO2-reductie, een volwaardige plek tegeven in de (besluitvorming over de) maatwerkafspraak. De GER ishiervoor één van de beschikbare instrumenten, maar zeker niet de enige.Eerder was onafhankelijk onderzoek beschikbaar waar de inzet van hetkabinet voor gezondheid op is gebaseerd. Dit ziet onder andere oponderzoeken door het RIVM en de Expertgroep Gezondheid IJmond. Tweerapporten zijn in het bijzonder van belang geweest bij het bepalen van dedoelstellingen. Dit ziet op de studie van het RIVM: «De bijdrage van TataSteel Nederland aan de gezondheidsrisico’s van omwonenden en dekwaliteit van hun leefomgeving»5 en het advies: «Gezondheid geborgd, deeerste bevindingen van de Expertgroep Gezondheid IJmond».6Een relevante ontwikkeling is dat de GER-werkgroep – in overleg met deopdrachtgever (het Ministerie van IenW) – inmiddels een inschatting vande gezondheidseffecten van een deel van de milieu en gezondheidsmaat-regelen heeft opgesteld. Het gaat dan vooral om de overkappingen en deaanvullende windschermen voor grondstoffenopslag. De GER-werkgroepheeft hierbij alleen gekeken naar de gezondheidseffecten van de bloot-stelling aan fijnstof. De werkgroep benadrukt dat de rapportage niet deGER is die het kabinet heeft toegezegd maar, zoals hier boven ook al staat,een deel daarvan. Naast het feit dat de rapportage niet gaat over op deeffecten van de bouw van de nieuwe installatie (de DRP-EAF), zijn ook deeffecten van het maatregelenpakket Roadmap+ niet meegenomen.Daarnaast merkt de werkgroep GER ook op dat de inschattingen meerdereonzekerheden kennen en dat de data afkomstig is van TSN en niet isgevalideerd. U treft de rapportage bij deze Kamerbrief. Het kabinet neemtde inzichten uit de rapportage serieus en neemt ze mee in het komen totde maatwerkafspraak, in lijn met de afspraken hierover in de JLoI7.Uit de rapportage komt naar voren dat de onderzochte maatregelen(beperkte) gezondheidswinst opleveren voor de omwonenden van TataSteel. De bijdrage van TSN aan de gezondheidsrisico’s van fijnstof neemtdoor de maatregelen naar schatting met 11–16 procent af. Hoe dichtermensen bij de bron wonen, hoe meer baat zij hebben bij deze maatre-gelen en omgekeerd. Meer concreet resulteren de aanvullende maatre-gelen naar schatting tot een winst in de verwachte levensduur van ééndag per inwoner in Heemskerk tot negen dagen per inwoner in Wijk aanZee. Zolang de maatregelen van kracht zijn, leiden deze elk jaar totongeveer twaalf extra gezonde levensjaren voor alle bewoners van hetgebied samen.In tabel 2 van Annex 2 van de JLoI is zichtbaar hoe de verwachteimmissiereductie, dus de reductie van de concentraties in de lucht, geachtwordt zich te ontwikkelen nadat het plan door TSN is uitgevoerd. Daaruitblijkt dat de onderdelen die niet in deze rapportage zijn betrokken tot eenaanzienlijke fijnstofreductie – en daarmee gezondheidswinst leiden. De5Kamerstuk 29 826, nr. 266.6Ref. 2026Z04965/2026D13988.7Joint Letter of Intent, artikel 11 lid 6 en lid 12 onder dTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 28 089, nr. 3494 inschatting van de werkgroep GER komt bovendien overeen met deimissiereductie die in de JLoI staat opgenomen bij dit deel van demaatregelen.De uitkomsten van deze rapportage laten, wat het kabinet betreft, eenbeeld zien van een deel van de potentiële gezondheidswinst die met eenmaatwerkafspraak kan worden gerealiseerd. Het kabinet vindt het cruciaaldat die winst zo snel mogelijk wordt verzilverd met de daartoe te nemenmaatregelen. Uiteraard spant het kabinet zich daarnaast in brede zin in omook andere bronnen van luchtvervuiling aan te pakken en de Europesedoelen voor luchtkwaliteit te halen. Naast TSN zijn er immers meerdere(kleinere) bronnen van luchtvervuiling die samen voor aanzienlijkegezondheidseffecten zorgen, zowel in de IJmond als in de rest vanNederland.De werkgroep wil de komende tijd verder werken aan de GER en heeftaangegeven dat een GER idealiter wordt opgesteld op basis van eendefinitieve MER, die ook beoordeeld is door de Commissie mer en hetbevoegd gezag, omdat de data dan volledig gevalideerd zijn. Zoals eerdergemeld is deze definitieve versie van het MER nog niet beschikbaar.Tegelijkertijd bestaat de wens om zo spoedig mogelijk een GER op testellen. Doordat de GER voor het eerst wordt uitgevoerd en de uitvoeringafhankelijk is van de m.e.r.-procedure, is de exacte duur van de verdereuitvoering niet geheel te voorspellen, maar alle betrokken partijen zijn zichbewust van de wens van de Kamer tot snelheid en zetten zich daarvoor in.De GER zal geen oordeel bevatten over de vraag of de voorgenomenmaatregelen voldoende of onvoldoende zijn om de gezondheid vanwerknemers en omwonenden te borgen; het is een instrument om degezondheidseffecten in kaart te brengen. De GER kan, ook na het sluitenvan de maatwerkafspraak, helpen om inzichtelijk te krijgen of de doelengehaald worden. Hier wordt hieronder op ingegaan onder het kopje:«Reactie op position paper Expertgroep Gezondheid IJmond» onder «1.De GER als structureel sturingselement».Reactie op position papers Commissie mer en ExpertgroepGezondheid IJmondOp 19 maart jl. vond in de Tweede Kamer een gesprek plaats met deCommissie mer en de Expertgroep Gezondheid IJmond over de gezond-heidseffecten van de JLoI. Ten behoeve van dit gesprek hebben dezeorganisaties position papers met de Kamer gedeeld. De vaste commissievoor Infrastructuur en Waterstaat heeft de Staatssecretaris van Infra-structuur en Waterstaat op 26 maart jl. om een reactie op deze positionpapers verzocht8. Deze reactie is hieronder opgenomen.Reactie op position paper Commissie merDe Kamer heeft verzocht om de – voor de overstap naar een groenestaalproductie relevante – vergunningstrajecten en procedures waarmogelijk te versnellen en centraal te coördineren9. Zoals bekend, is hetcoördinerend bevoegd gezag voor dit traject de provincie Noord-Holland.De provincie Noord-Holland heeft reeds vergaande stappen gezet om hetvergunningentraject zo snel mogelijk te doorlopen, met inachtneming vande geldende wet- en regelgeving en de vereiste zorgvuldigheid. In datkader is door de provincie onder andere besloten een projectbesluitpro-8Ref. 2026Z04965/2026D13988.9Motie Erkens en Boucke Kamerstuk II 32 813, nr. 950Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 28 089, nr. 3495 cedure te doorlopen10. Daarmee worden de procedures centraal gecoördi-neerd en is sprake van beroep in één instantie, wat de doorlooptijden toteen onherroepelijk besluit aanzienlijk verkort. Het Rijk steunt de inzet vande provincie en draagt in dat kader vooralsnog ca. € 19 miljoen bij aan deprovincie Noord-Holland voor de uitbreiding van de capaciteit bij deomgevingsdienst Noordzeekanaalgebied.Het position paper van de Commissie mer schetst de rol van deCommissie mer en de hoofdlijnen van het tussentijdse advies over hettussentijdse MER, in lijn met het wettelijk kader (de Omgevingswet). DeCommissie mer vervult haar adviserende taak op verzoek van hetbevoegd gezag. Het kabinet stelt vast dat het position paper eenbeschrijving bevat van de feitelijk geldende situatie. Daarmee behoeft ditgeen aanvullende reactie.Reactie op position paper Expertgroep Gezondheid IJmondHet position paper van de Expertgroep Gezondheid IJmond gaat in op dezaken die op advies van de Expertgroep Gezondheid IJmond in de finaleJLoI zijn aangescherpt ten opzichte van de concept-JLoI, zoals ook aan deKamer gemeld bij de ondertekening van de JLoI11. Het gaat dan om hetverankeren van de GER in de JLoI; het opnemen van een inspanningsver-plichting om emissies van ultrafijnstof te reduceren; het vastleggen vanbeoogde emissieplafonds voor een aantal vluchtige organische stoffen enzeer zorgwekkende stoffen; en het aanscherpen van de beoogde emissie-reductiedoelstelling voor fijnstof. Het kabinet dankt de ExpertgroepGezondheid IJmond (net als de AMVI) nogmaals voor hun waardevolleadvies over de concept-JLoI en benadrukt dat deze adviezen hun beslaghebben gekregen in de definitieve JLoI, die weer het kader vormt voor debeoogde maatwerkafspraak.Het position paper gaat vervolgens in op het feit dat drie zaken nognadere uitwerking behoeven in de definitieve maatwerkafspraak:1.De GER als structureel sturingselement: het kabinet neemt dezesuggestie mee bij de uitwerking van de beoogde maatwerkafspraak.Gegeven de omvang en complexiteit van de te steunen bovenwette-lijke verbeteringen zijn gedegen afspraken over monitoring van dedoelstellingen (zie ook punt 3 hieronder) essentieel. De suggestie omelke 2 jaar een voortgangsrapportage te maken en elke 5 jaar eenvolledige GER uit te voeren wordt meegewogen binnen het brederepotentiële instrumentarium.2.Ambitieuzere doelen voor:a.Fijnstof: zoals in het position paper aangegeven heeft de Kamer demotie-Zalinyan/Kostic´12 aangenomen. Het kabinet deelt, zoalsaangegeven in het tweeminutendebat Leefomgeving en Externeveiligheid van 18 december jl., de ambitie om ambitieuzerereductiedoelen vast te leggen in de maatwerkafspraak.b.Ultrafijnstof: de Expertgroep adviseert om ook voor deze emissiesdoelen vast te leggen en deze te monitoren. Het kabinet onder-schrijft deze inzet en stelt tegelijkertijd vast dat het vastleggen vaneen dergelijke doelstelling – die daarmee ook een voorwaardewordt voor subsidiebetalingen – op dit moment onhaalbaar isomdat een doelstelling alleen zin heeft als deze gemonitord kanworden. Momenteel worden de technische (on)mogelijkheden inbeeld gebracht om hier invulling aan te geven, waarbij naar huidigeinzichten eerst meer onderzoek nodig is naar het ontstaan en meten10Brief aan PS over start procedure projectbesluit Heracless-Groen Staal.pdf11Kamerstuk 29 826, nr. 266.12Kamerstuk 28 089, nr. 342.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 28 089, nr. 3496 van ultrafijnstof voordat een doel kan worden vastgelegd. Demaatwerkafspraak zou ook andere bepalingen dan concreteemissieplafonds kunnen bevatten waarmee wel degelijk afsprakenworden gemaakt over het reduceren van ultrafijnstofemissies.c.Zeer zorgwekkende stoffen (ZZS) en vluchtige organische stoffen(VOS): de Expertgroep merkt op dat, gezien de wettelijke minimali-satieplicht voor ZZS, de doelen in de JLoI niet moeten wordengezien als einddoel, maar als eerste stap in een verbetertraject. Hetkabinet ziet de maatwerkafspraak als een eerste stap om versneldde uitstoot van een aantal ZZS fors terug te dringen. Daarnaastbiedt het wettelijk kader in de vorm van een vermijdings- enreductieprogramma mogelijkheden waarmee (zonder bovenwette-lijke afspraak) stapsgewijs verdere reducties kunnen wordengerealiseerd.3.Betere monitoring van uitstoot en blootstelling: de ExpertgroepGezondheid IJmond vindt dat het huidige meetsysteem primair isingericht op normhandhaving en onvoldoende inzicht geeft in dedaadwerkelijke blootstelling van omwonenden. Daarom adviseert deExpertgroep Gezondheid IJmond uitbreiding van het bestaandemeetnet. Net als bij punt 1 geldt: het kabinet neemt deze suggestiemee bij de uitwerking van de beoogde maatwerkafspraak. Gegeven deomvang en complexiteit van de te steunen bovenwettelijke verbeterin-gen zijn gedegen afspraken over monitoring van de doelstellingenessentieel. De mogelijkheden voor monitoring en metingen wordenmeegewogen binnen het bredere potentiële instrumentarium.Ook de komende jaren is het van belang om goed zicht te houden opde kwaliteit van de leefomgeving in de IJmond, juist ook als gevolgvan de transitie bij TSN. Daarom is aan het RIVM gevraagd om, insamenwerking met o.a. de GGD, een evaluatie uit te voeren van dehuidige onderzoeken die in de IJmond plaatsvinden. Hiermee wordtbezien of het huidige onderzoeksportfolio voor de komende jarenpassend is. Eerdere evaluaties, zoals gedaan bij het luchtmeetnet,worden hierbij betrokken. De suggesties van de Expertgroep Gezond-heid IJmond zullen door het RIVM worden meegewogen. Op basis vandie evaluatie kan worden besloten of aanvullend onderzoek moetworden gestart en/of welke aanpassingen nodig zijn in lopendeonderzoeken.Tot slotHet kabinet ziet de maatwerkafspraak als een belangrijke stap om op dekortst mogelijke termijn de industriële vergroening een impuls te gevendie bijdraagt aan banen in de regio en die leidt tot vermindering van denegatieve impact op de gezondheid voor de omwonenden in deomgeving en een forse CO2-reductie oplevert.Over de JLoI met TSN, TSL en de PNH gaan we op 7 april aanstaande metelkaar in debat, waarbij de Kamer kan reageren op de inhoud van de JLoIen eventuele aandachtspunten kan meegeven aan het kabinet. Het kabinetneemt de aandachtspunten mee in de verdere onderhandeling om tot eenmaatwerkafspraak te komen. Voor deze laatste fase van de maatwerkaf-spraak zal de heer Lodewijk Asscher de rol van ministerieel gezantvervullen. In deze rol zal hij binnen de complexe dynamiek namens hetkabinet optreden richting het bedrijf en nadrukkelijk ook richting anderestakeholders. Het is de inzet dat hij in zijn rol een bijdrage kan leveren aande uitwerking van de vele belangrijke onderwerpen die in de maatwerkaf-spraak een plek moeten krijgen en dat ook in de laatste fase de besluit-vorming zorgvuldig kan plaatsvinden.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 28 089, nr. 3497 Het kabinet vindt het van belang om de Kamer goed te blijven informerenover de voortgang van de maatwerkafspraak met Tata Steel. In demaatwerkafspraak zullen concrete doelen voor verduurzaming enverbetering van de leefomgeving en gezondheid van omwonendenworden vastgelegd.Zoals in eerdere Kamerbrieven aangegeven, wordt de Tweede Kamer bijeen finale maatwerkafspraak meegenomen.13De Minister van Klimaat en Groene Groei,S. van Veldhoven-van der MeerDe Staatssecretaris van Economische Zaken en Klimaat,J. de BatDe Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat,A.W.H. Bertram13Kamerstukken II 2023–2024 29 826, nr. 209Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 28 089, nr. 3498
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.