KamerkringInloggen
Kamerbrief

Publicatie Handhavingsplan arbeidsrelaties

18 dec 2024 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie bc703bcfb854fc09 · officiële bron

Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2024–202531 311Zelfstandig ondernemerschapNr. 280 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN FINANCIËN Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 18 december 2024In deze brief informeer ik uw Kamer, mede namens de Minister vanSociale Zaken en Werkgelegenheid, over de publicatie van het Handha-vingsplan arbeidsrelaties 2025. Dit handhavingsplan is 18 december 2024gepubliceerd op de website van de Belastingdienst.1 Hiermee geven wetevens uitvoering aan de toezegging om uw Kamer te informeren over depublicatie van het handhavingsplan en de daarin opgenomen motiesinzake de handhaving zzp, die hierna verder worden toegelicht.2We begrijpen dat de opheffing van het handhavingsmoratorium eenspannend moment voor werkgevenden en werkenden is en dat dit vaniedereen inspanning vergt. De opheffing van het handhavingsmoratoriumis echter ook een noodzakelijke stap in de normalisering van dehandhaving en is een belangrijk onderdeel van de drie lijnen (gelijkerspeelveld, meer duidelijkheid en verbetering handhaving) die het kabinetheeft ingezet om de balans op de arbeidsmarkt te herstellen. Daarom gaatde Belastingdienst vanaf 1 januari 2025 weer volledig handhaven op dekwalificatie van de arbeidsrelaties. In het Handhavingsplan arbeidsrelaties2025 geeft de Belastingdienst aan hoe deze handhaving wordt vormge-geven en wat de gevolgen zijn van het opheffen van het handhavingsmo-ratorium per 1 januari 2025. De Belastingdienst heeft daarbij, zoalstoegezegd aan uw Kamer, aandacht voor een «zachte landing». Dit isnader uitgewerkt in het handhavingsplan.Zachte landingHet opheffen van het handhavingsmoratorium betekent dat vanaf1 januari 2025 weer met terugwerkende kracht naheffingen loonheffingenopgelegd kunnen worden. Dit kan slechts met terugwerkende kracht tot1 januari 2025. Dit betekent dat feitelijk een ingroeimodel van toepassing1https://www.belastingdienst.nl/wps/wcm/connect/bldcontentnl/themaoverstijgend/brochures_en_publicaties/handhavingsplan-arbeidsrelaties2Kamerstuk 31 311, nr. 277 kst-31311-280ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2024Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 311, nr. 2801 is tot 2030. Pas in 2030 kan de Belastingdienst weer tot 5 jaar terugcorrectieverplichtingen en naheffingsaanslagen opleggen. Met betrekkingtot de periode vóór 1 januari 2025 geldt dat Belastingdienst – metinachtneming van de vijfjaarstermijn – alleen correcties kan opleggenindien sprake is van kwaadwillendheid of als een eerder gegevenaanwijzing niet in voldoende mate is opgevolgd. Naar aanleiding van demotie Aartsen c.s.3, zorgt de Belastingdienst voor een zachtere landing.Hoe de motie Aartsen c.s. en hoe de zachte landing verder vorm krijgen, isin paragraaf 3.1.1. van het handhavingsplan nader uitgewerkt. DeBelastingdienst kiest conform de uitvoerings- en handhavingsstrategie uiteen mix van handhavingsinstrumenten die het best bijdragen aan hetbevorderen en behouden van het fiscale nalevingsgedrag.De Belastingdienst zal zijn risicogerichte handhaving blijven voortzettenna opheffen van het handhavingsmoratorium. Schijnzelfstandigheid komtin alle sectoren voor. De Belastingdienst zal bij het toezicht alle mogelijkesignalen en risico’s verwerken. De motie Aartsen roept op tot aandachtvoor probleemgevallen zoals gedwongen zelfstandigen, onderbetalingen,evidente schijnzelfstandigen en arbeidsmigratie. Deze groepen wordenmeegenomen in het risicogerichte toezicht. Voor niet alle groepen heeftde Belastingdienst voldoende gegevens om ze als aparte groep tebehandelen. Wel is in paragraaf 3.2.8 van het handhavingsplanopgenomen dat we de doelgroep arbeidsmiddelaars meer gestructureerdaandacht zullen geven. Eveneens wil ik benadrukken dat de Belasting-dienst streeft naar eenheid van beleid en uitvoering. Er is een vaktech-nische structuur ingericht om de eenheid van beleid en uitvoering teborgen. Er wordt uiteraard gekeken naar signalen dat inspecteursverschillende uitgangspunten zouden hanteren zoals het Kamerlid vanDijk (CDA) aangaf tijdens het afgelopen tweeminutendebat.4In de handhaving heeft de Belastingdienst ruimte voor maatwerk en oogvoor de menselijke maat. De zachte landing krijgt o.a. vorm dooronderstaande maatregelen. In 2025 start het risicogerichte toezicht opschijnzelfstandigheid met een bedrijfsbezoek. Bij een bedrijfsbezoek gaatde inspecteur in gesprek over de inhuur van zelfstandigen. In dit stadiumis nog niet vastgesteld of daadwerkelijk sprake is van schijnzelfstan-digheid. De opdrachtgever wordt er zo nodig op gewezen dat van hemwordt verwacht dat schijnzelfstandigheid wordt voorkomen in diensorganisatie. Hierdoor krijgt een ondernemer de kans om zijn bedrijfs-voering te verbeteren. Dat kan op verschillende manieren. Een onder-nemer kan ervoor kiezen schijnzelfstandigen in dienst te nemen. Het zouook kunnen dat een wijziging van de manier waarop de opdracht wordtuitgevoerd, ertoe leidt dat daadwerkelijk sprake is van een opdracht diewordt uitgevoerd door een zzp’er. Op deze manier wordt de opdracht-gever, zoals de motie Aartsen c.s. verzoekt, gewaarschuwd. In enkelegevallen kan schijnzelfstandigheid direct via een boekenonderzoek aan deorde komen, bijvoorbeeld bij concrete risicosignalen die duiden opevidente schijnzelfstandigheid of als er bij controle op een anderbelastingmiddel, bijvoorbeeld BTW, door de inspecteur schijnzelfstan-digheid wordt geconstateerd. De inspecteur kan overgaan tot het instellenvan een boekenonderzoek als ingeschat wordt dat er sprake is van groterisico’s op schijnzelfstandigheid en het risico dat de opdrachtgever blijftwerken met schijnzelfstandigen. De inspecteur kan het boekenonderzoekrichten op de meest recente tijdvakken zodat het financieel risico in eersteinstantie beperkt blijft. Bij een constatering van het niet naleven van defiscale regels kunnen dan naheffingen loonheffingen worden opgelegd,maar niet verder terug dan 1 januari 2025. Op deze wijze krijgen onder-3Kamerstuk 31 311, nr. 2644TZ202409-035Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 311, nr. 2802 nemers de ruimte om het goed te doen en zich te houden aan de wet- enregelgeving. Dit is belangrijk voor de zachte landing, waarvoor het lidAartsen expliciet aandacht heeft gevraagd in het commissiedebat zzp van12 september jl.Verder zal de Belastingdienst, naar aanleiding van de motie Flach-Aartsen5het eerste jaar (2025) geen boetes opleggen. Dit geldt zowel voor deverzuimboetes als de vergrijpboetes. Ten slotte blijven, naar aanleidingvan de motie Van Oostenbruggen c.s.6, alle goedgekeurde modelovereen-komsten van kracht tot eind 2029. Als in de praktijk wordt gewerkt zoals inde modelovereenkomst is opgenomen, kan de opdrachtgever eropvertrouwen dat hij geen loonheffingen verschuldigd is.Het handhavingsmoratorium opheffen is een forse stap die het nodige zalvergen van zowel werkgevenden en werkenden als de Belastingdienst.Over een periode van meer dan acht jaar is er onvoldoende aandachtgeweest voor het juist kwalificeren van arbeidsrelaties. Het opheffen vanhet moratorium zal voor werkgevenden en werkenden en de Belasting-dienst daarom een grote verandering zijn. Aandacht voor handhaving achthet kabinet echter noodzakelijk voor een toekomstbestendige arbeids-markt en een houdbaar belasting- en socialezekerheidsstelsel. Daarom wilhet kabinet de noodzakelijke beweging op de arbeidsmarkt zo goedmogelijk begeleiden. SZW en de Belastingdienst informeren betrokkenpartijen, zoals brancheorganisaties of andere partijen die een specifiekegroep van stakeholders vertegenwoordigen, over de kwalificatie van eenarbeidsrelatie en de handhaving hierop. Op de website www.hetjuistecon-tract.nl is een brochure met voorbeelden per sector opgenomen bedoeldom een aantal duidelijke situaties weer te geven en zo belanghebbendenop een eenvoudige manier een idee te geven wanneer sprake is vanwerken als zelfstandige of van een arbeidsovereenkomst. SZW en deBelastingdienst verzorgen hiervoor ook bijdragen aan voorlichtingsbijeen-komsten en webinars, zoals bijvoorbeeld het webinar dat via de websitewww.hetjuistecontract.nl terug te kijken is. Goede communicatie maaktonderdeel uit van de zachte landing die door het kabinet wordt beoogd.Het doel is de handhaving op de kwalificatie van arbeidsrelaties tenormaliseren. Dit betekent dat vanaf 1 januari 2026 de handhaving op dekwalificatie van de arbeidsrelatie weer vorm krijgt binnen de regulierehandhavingsplannen en weer plaatsvindt zoals voor alle anderebelastingmiddelen.Het kabinet heeft het opheffen van het handhavingsmoratorium vanaf2022 zorgvuldig voorbereid. In de Kamerbrief van 24 juni 20227 isuiteengezet dat er niet één simpele oplossing is en dat het kabinet daaromheeft gekozen om maatregelen te nemen langs de drie lijnen (gelijkerspeelveld, meer duidelijkheid en verbetering handhaving) om de balansop de arbeidsmarkt te herstellen.Met de opheffing van het handhavingsmoratorium en de hierboventoegelichte stappen heeft het kabinet er vertrouwen in dat we dezenoodzakelijke stap zetten, en tegelijkertijd ondernemers de ruimte krijgenom het goed te doen.De Staatssecretaris van Financiën,T. van Oostenbruggen5Kamerstuk 31 311, nr. 2666Kamerstuk 31 311, nr. 2757Kamerstuk 31 066, nr. 1094Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 31 311, nr. 2803

Eerdere bronversies

17 okt 2026 · bd024c4e94279556

14 okt 2026 · 9d50da0e975ff3fb

13 okt 2026 · 1f4908023365a9d2

Gerelateerde bronnen

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.