Amendement van het lid Bruins c.s. over het registreren van inzage
Brontekst
Versie 37a810e469dd1a07 · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2019–2020 35 179Wijziging van de Handelsregisterwet 2007, de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme en enkele andere wetten in verband met de registratie van uiteindelijk belanghebbenden van vennootschappen en andere juridische entiteiten ter implementatie van de gewijzigde vierde anti-witwasrichtlijn (Implementatiewet registratie uiteindelijk belanghebbenden van vennootschappen en andere juridische entiteiten) Nr. 8 AMENDEMENT VAN HET LID BRUINS C.S. Ontvangen 5 november 2019 De ondergetekende stelt het volgende amendement voor: In artikel I wordt na onderdeel F een onderdeel ingevoegd, luidende: FaAan artikel 22 worden drie leden toegevoegd, luidende: 5. Bij een verzoek als bedoeld in het eerste lid om gegevens als bedoeld in artikel 15a voorziet de Kamer in gebruik van een voldoende betrouwbaar identificatiemiddel door de verzoeker. De Kamer registreert de persoonsgegevens van de verzoeker, waaronder het burgerservice-nummer. 6. De Kamer geeft een uiteindelijk belanghebbende op verzoek inzicht in het aantal keer dat zijn gegevens, bedoeld in artikel 15a, zijn verstrekt, met uitzondering van verstrekkingen aan de Financiële inlichtingen eenheid en aan bevoegde autoriteiten als bedoeld in artikel 28, tweede lid. Bij ministeriële regeling kunnen regels worden gesteld over de wijze waarop de uiteindelijk belanghebbende inzicht kan krijgen. 7. De registratie van persoonsgegevens, bedoeld in het vijfde lid, kan op verzoek worden ingezien door de Financiële inlichtingen eenheid en door bevoegde autoriteiten als bedoeld in artikel 28, tweede lid. Toelichting Dit amendement regelt dat er extra waarborgen in de toegang tot het UBO-register worden ingebouwd en de veiligheid en privacy van uiteindelijk belanghebbenden wordt vergroot. Wanneer het UBO-register goed wordt uitgevoerd kan dit bijdragen aan het bestrijden van crimina-liteit, wordt het slecht uitgevoerd dan wordt de basis geschept voor meer kst-35179-8ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2019Tweede Kamer, vergaderjaar 2019–2020, 35 179, nr. 81 criminaliteit. De indieners van het amendement vinden het van belang dat in de wet wordt geborgd dat toegang tot het register alleen wordt geboden aan personen die zich vooraf hebben geïdentificeerd. Tevens vinden de indieners het van belang dat de uiteindelijke belanghebbenden zelf inzicht hebben hoe vaak ze zijn opgezocht in dit register, behoudens de verstrekkingen aan opsporingsinstanties. Daarnaast worden deze opsporingsinstanties in staat gesteld na te gaan welke individuen bepaalde gegevens hebben bekeken in het register. BruinsVan der LindeRonnesTweede Kamer, vergaderjaar 2019–2020, 35 179, nr. 82
Gerelateerde bronnen
- Amendement van het lid Bruins c.s. over het registreren van inzage
Amendement van het lid Bruins c.s. over het registreren van inzage
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.