KamerkringInloggen
Kamerbrief

Beleidsbrief Economische Zaken en Klimaat: een productieve en weerbare economie, het fundament voor een sterke samenleving

24 apr 2026 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie e52e2fccc9249ee3 · officiële bron

Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2025–202636 800 XIIIVaststelling van de begrotingsstaten van hetMinisterie van Economische Zaken (XIII) voorhet jaar 2026Nr. 41 BRIEF VAN DE MINISTER EN STAATSSECRETARIS VAN ECONO-MISCHE ZAKEN EN KLIMAAT Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 24 april 2026In het coalitieakkoord (bijlage bij Kamerstuk 36 848, nr. 31) hebben driepartijen – D66, VVD en CDA – afspraken gemaakt over de maatregelen dienodig zijn om Nederland weer vooruit te krijgen. Beleidsbrieven zoalsdeze zijn daar een nadere uitwerking van op specifieke beleidsonder-werpen. Dat laat onverlet dat de opgaven waar dit kabinet voor staatvragen om één overheid die duidelijk kiest, samenwerkt en levert. Ingezamenlijkheid. Alleen door samen te werken kunnen we resultatenboeken waar mensen op rekenen. Daar is de inzet van de volledigeRijksdienst, de medeoverheden en de publieke dienstverleners keihard bijnodig. Hierbij hecht dit kabinet veel waarde aan de samenwerking met deTweede en Eerste Kamer, medeoverheden en maatschappelijkeorganisaties.De opgaveDe ambitie van het kabinet is glashelder: wij bouwen aan de economievan de toekomst, aan de sterkste economie van Europa, die structureelgroeit met 1,5 procent per jaar. Economie en samenleving zijn daarinonlosmakelijk met elkaar verbonden: als onze economie sterk is kunnenwe zowel ons geld verdienen als het welzijn van mensen, in de vorm vanonder andere goed onderwijs en betaalbare en toegankelijke zorg,behouden. We zien dat de geopolitieke situatie de laatste tijd steedsgrilliger wordt en dat heeft economische consequenties voor eenhandelsland als Nederland. Maar Nederland heeft een goede uitgangspo-sitie. Elke dag gaan mensen samen aan de slag in gemeenschappen,bedrijven, coöperaties en ecosystemen. Ondernemers brengen metvernieuwende ideeën onze samenleving vooruit en bieden oplossingenvoor maatschappelijke opgaven. kst-36800-XIII-41ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2026Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 XIII, nr. 411 Het is niet vanzelfsprekend dat onze kinderen het even goed hebben alswij. Omdat Nederland vergrijst moeten we slimmer werken om metminder mensen hetzelfde of meer te doen. De digitale transitie biedtdaarin kansen: bedrijven kunnen door te digitaliseren of AI-gebruikefficiënter werken en nieuwe producten en diensten op de markt brengendie onze samenleving beter maken. Als we daarbij onze digitale soeverei-niteit vergroten, grondrechten borgen en als overheid slim digitaliseren,draagt dat bij aan onze vrijheid om keuzes te blijven maken in het belangvan Nederland. Zo versterken economie, samenleving en overheid elkaar.Onze economie wordt sterker door deze productiever en weerbaarderte maken. Productiever betekent dat we de juiste kennis en kunde in huishebben om innovaties tot bloei te laten komen, de kansen te pakken dienieuwe technologie, zoals AI, ons brengt en om onze welvaart te kunnenblijven behouden. Weerbaarder betekent dat we, in een wereld waarineconomische macht steeds vaker geopolitiek wordt ingezet, strategischeafhankelijkheden af te bouwen van landen of bedrijven waarvan we nietafhankelijk willen zijn.Het kabinet is optimistisch over haar ambities en de belofte opvooruitgang, maar ziet dat het daarvoor hard aan de slag moet. Wemoeten nú samen investeren in de economie van de toekomst. In hetvervolg van deze brief gaan we in op de acties die we in gang zetten vooreen productieve en weerbare economie.Acties voor een productieve economieOm de economie productiever te maken zetten we vol in op innoverenen investeren en geven we ruimte aan ondernemers om te doen waar zegoed in zijn: ondernemen. Knelpunten in de financiering van goedeideeën nemen we weg en we investeren waar nodig zelf. We biedenfysieke ruimte aan ondernemers om te kunnen ondernemen en beperkende regeldruk voor een versterkt ondernemingsklimaat. Ook zetten we onsin om het makkelijker te maken over grenzen heen te ondernemen, binnende EU én met onze internationale partners wereldwijd. We faciliterenbedrijvigheid, ook in de digitale sector. In de Taskforce ToekomstigeWelvaart en Vestigingsklimaat werkt het kabinet aan een aantal priori-teiten om ons doel, de sterkste economie van Europa, te realiseren. Zomaken we impact op vier brede strategische domeinen door belangrijkeen kansrijke interventies te selecteren en hierop te versnellen. Hierbijhebben we in het bijzonder oog voor een verbeterd vestigingsklimaat enhet op orde brengen van belangrijke economische randvoorwaarden.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 XIII, nr. 412 In onderstaand planningsoverzicht een selectie van de kamerbrieven dieuw Kamer dit jaar kan verwachten over een productieve economie:Innoveren«Uit innovaties komen producten en diensten voort die ons levenverbeteren, en door ze op de markt te brengen, verdienen we er onzetoekomstige welvaart mee.»We stimuleren innovaties en de toepassing hiervan zodat we tot detechnologische top behoren en ondernemers hun kennis en ideeënkunnen omzetten in producten en diensten die ons leven aangenamer enveiliger maken. Nederland blinkt uit in onderzoek, maar we laten dekansen om die kennis om te zetten in concrete producten nog te vaakliggen. Als overheid hebben we hier een rol, bijvoorbeeld door hetverlenen van subsidies, omdat de baten van innovatie niet alleenneerslaan bij individuele ondernemers maar bij de gehele samenleving.Met randvoorwaarden die op orde zijn gebracht kunnen ondernemersgoed met elkaar concurreren en toegang verkrijgen tot de potentie van deEuropese markt. Hieronder benoemen we de acties die we ondernemenom een brug te slaan tussen tekentafel en praktijk. Zo wordt innovatie eenmotor die draait voor ons allemaal.Met een Nationaal Agentschap voor Disruptieve Innovatie (NADI)technologische doorbraken realiserenHet kabinet richt een Nationaal Agentschap voor Disruptieve Innovatie(NADI) op. Met een NADI komen slimme en ondernemende koppen bijeenom een oplossing te vinden voor een groot maatschappelijk probleem.Door dit te koppelen aan mogelijkheden voor inkoop creëren we schaal.Voor de zomer zal het kabinet uw Kamer informeren en nader ingaan opde missie van de organisatie, de werkwijze, en de beoogde tijdlijn totoprichting. In het coalitieakkoord is ook de oprichting van een defensie-innovatieautoriteit voorzien. Op dit moment wordt samen met hetMinisterie van Defensie verkend op welke wijze optimaal kan wordenTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 XIII, nr. 413 samengewerkt. Daarbij bouwt het kabinet voort op het NADI-ontwerpvoorstel dat eerder naar uw Kamer is verstuurd.Met het Nationaal Groeifonds ecosystemen stimulerenVanuit het Nationaal Groeifonds worden 50 grootschalige programma’sgefinancierd, onder meer op het gebied van groene waterstof ensleuteltechnologieën als quantum en AI. Hiermee ontstaan nieuweinnovatie-ecosystemen. De komende periode staat in het teken van hetmaximaliseren van de impact van deze programma’s. Het kabinetinformeert u over de voortgang door middel van het Jaarverslag van deAdviescommissie Nationaal Groeifonds. Ook zal u tenminste twee keerper jaar geïnformeerd worden over besluitvorming over vervolgfases vandeze projecten. Over de ambitie om het Nationaal Groeifonds in te zettenom innovaties door te laten groeien wordt uw Kamer uiterlijk inseptember 2026 geïnformeerd.Met strategisch industriebeleid Nederlandse sterktes verder uitbouwenOm te bouwen aan een sterke economie van de toekomst zal de overheideen actievere rol moeten innemen. Met gericht industriebeleid1 zet hetkabinet in op de verdere versterking van de Nederlandse positie op eenaantal strategische markten. De Taskforce Toekomstige Welvaart enVestigingsklimaat gaat daarbij, vergelijkbaar met de Beethoven aanpak,vanuit de overheid integraal oplossingen bieden voor de geïdentificeerdeknelpunten indien de markt dat niet zelf kan. Denk hierbij aan regelgevingen marktcreatie.Met de Nationale Technologiestrategie Nederlandse sleutelpositiesinnemenDe Nationale Technologiestrategie (NTS) prioriteert tien voor Nederlandkansrijke technologieën die essentieel zijn voor de economie,weerbaarheid en maatschappelijke opgaven. De NTS is een belangrijkebouwsteen voor het strategisch industriebeleid. Met de NTS en gerichtindustriebeleid zetten we, samen met kennisinstellingen en bedrijven, inop het opbouwen van technologische nicheposities in internationalewaardeketens. Zo is bijvoorbeeld de Thematische Technology Transfergericht op de NTS-prioriteiten en gaan meer middelen van deMIT-regeling naar NTS-projecten door sturing.Met een sterke digitale infrastructuur en digitale innovaties ondernemer-schap en weerbaarheid stimulerenDe digitale transitie vormt de ruggengraat van de benodigde innovatie inde komende decennia. Om digitale infrastructuur te versterken, realiserenwe een AI-fabriek in Groningen, bestaande uit een AI-supercomputer eneen expertisecentrum. Daarmee kunnen mkb-bedrijven, onderzoekers,consortia en overheden de komende jaren geavanceerde AI-modellenontwikkelen voor in ieder geval veiligheid, zorg, landbouw, energie,overheidsdienstverlening, onderzoek, onderwijs en de (maak)industrie.Het expertisecentrum zal voor de zomer van 2026 van start gaan. Naarverwachting zal de supercomputer eind 2027/begin 2028 operationeel zijn.Ook intercontinentale zeekabels zijn een belangrijk onderdeel van onzedigitale infrastructuur. Zeekabelaanlandingen versterken de veiligheid enrobuustheid door meer routediversiteit en redundantie te bieden. Veel vandeze internationale kabels zijn verouderd. Het kabinet verkent de1Kamerstuk 29 826, nr. 277Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 XIII, nr. 414 mogelijkheden naar nieuwe strategische verbindingen om Nederland alsdigitaal knooppunt aantrekkelijk en weerbaar te houden. Voor dergelijkeinvesteringen is op dit moment geen budget gereserveerd op debegroting van EZK. Eventuele besluitvorming hierover kan daarom pasworden betrokken bij een volgend budgettair besluitvormingsmoment.Vanaf Q3 2026 zal het kabinet uw Kamer informeren over intercontinentalezeekabels.Met de Productiviteitsagenda de inzet op productiviteitsgroei verankerenProductiviteitsgroei hangt uiteindelijk af van een inzet op een breed paletaan maatregelen op verschillende beleidsterreinen. In de Productiviteitsa-genda laat het kabinet zien hoe ze werkt aan de doelstelling van 1,5%structurele groei. Het kabinet brengt in de agenda de inzet op hetstimuleren van innovaties, voldoende bedrijfsfinanciering, een goedfunctionerende arbeidsmarkt, en goed functionerende markten samenmet beleid voor sterk menselijk kapitaal, zoals goed onderwijs, goedebasisvaardigheden en een leven lang ontwikkelen. De eerste Productivi-teitsagenda2 heeft hiervoor de basis gelegd. Voor de zomer volgt eenupdate van de Productiviteitsagenda.Met actualisering van het mededingingsinstrumentarium marktenoptimaal laten werkenWe zorgen dat markten in Nederland eerlijk en goed blijven werken, nu énin de toekomst. Op die manier kunnen ondernemers goed concurreren enelkaar uitdagen om innovaties tot stand te brengen. Hiervoor moderni-seren we de regels en versterken we het toezicht door de AutoriteitConsument en Markt (ACM), zodat we sneller kunnen ingrijpen alsconcurrentie onder druk komt te staan. De marktremediebevoegdheid(New Competition Tool) is een instrument dat het kabinet onderzoekt omin geval van een suboptimaal functioneren van de markt sneller gerichtemaatregelen aan ondernemingen op te kunnen leggen. Het kabinetverwacht uw Kamer in 2026 te informeren over de uitwerking van hetwetsvoorstel. Ook willen we de ACM de mogelijkheid geven om zelfproblemen bij overnames van kleine ondernemingen door grote geves-tigde spelers op te pakken. Het kabinet staat in principe positief tegenoverhet initiatiefwetsvoorstel3 van Lid Bushoff en verwacht uw Kamer hiervoor de zomer 2026 nader over te informeren.Met uniformere spelregels de Europese interne markt versterkenDe interne markt speelt een grote rol voor de positie en slagkracht van hetEuropese bedrijfsleven in de wereld. Door belemmeringen is het alleenniet altijd makkelijk zaken doen binnen Europa, terwijl de Europese marktin bevolkingsaantallen groter is dan de Amerikaanse. Het kabinet zet in opeen goedwerkende interne markt en focust op het voorkomen enwegnemen van interne-marktbelemmeringen, het versterken van meeruniforme toepassing en handhaving van interne-marktregels en harmoni-satie van wetgeving. Dit doen we met de kabinetsbrede interne-marktactieagenda4 waarvan het kabinet dit voorjaar een actualisering naaruw Kamer stuurt. De motie-Bontenbal/Dassen5 over een stappenplan voorde uitwerking van het Letta-rapport wordt hiermee uitgevoerd. Het kabinetjaagt daarnaast de snelle uitvoering van het Draghi- en Letta-rapport aan,2Kamerstuk 29 544, nr. 1287.3Kamerstuk 36 774, nr. 2.4Kamerstuk 22 112, nr. 3437, Kamerstuk 36 471, nr. 96.5Kamerstuk 31 985, nr. 92.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 XIII, nr. 415 met focus op acties uit de Europese interne-marktstrategie6, zoals deEuropean Product Act (EPA). Ook is de aanstaande Circular Economy Act(CEA), onder de verantwoordelijkheid van en toegelicht in de beleidsbriefvan de Minister van Klimaat en Groene Groei, in dit kader relevant.Financieren en investeren«Voldoende financiering is essentieel om slimme ideeën om te zetten naarde praktijk. De overheid treedt op als aanjager zodat de markt geen goedeideeën laat liggen.»Voor veel start-ups en kleine bedrijven is financiering nog te vaak eenstruikelblok om te investeren in groei, verduurzaming, digitalisering ofsimpelweg het vervangen van machines. Er is te weinig durfkapitaalaanwezig en voor bedrijven die een kleinere investeringsbehoefte hebbenis de weg naar financiering van de bank lang of doodlopend. Het kabinetpakt deze drempels aan en investeert daar waar nodig mee. Zovoorkomen we dat goede ideeën op de plank blijven liggen of succesvollebedrijven niet kun doorgroeien. Hieronder benoemen we de actieswaarmee we samen met bedrijven investeren in vernieuwing.Met de Nationale Investeringsinstelling financiering vrijmaken voorprojecten en bedrijven waarbij private financiering onvoldoende snel totstand komtHet kabinet richt een Nationale Investeringsinstelling (NII) op omfinanciering te verstrekken aan projecten en bedrijven die deze finan-ciering niet zelfstandig op de private financieringsmarkt kunnen ophalen,bijvoorbeeld door hogere risico’s of gebrek aan beschikbaar durfkapitaal.De NII werkt op afstand van de politiek en opereert additioneel aan demarkt door te investeren in projecten waarvan financiering nu niet totstand komt maar die wel maatschappelijk gewenst en ook financieelrendabel zijn door hun positieve business case. De NII kan hier ondermeer een rol spelen door privaat kapitaal te mobiliseren. Uw Kamer wordtvoor de zomer geïnformeerd over de inrichting van de instelling en debelangrijke mijlpalen voor de oprichting. We streven ernaar om voor eind2026 te starten met de openbare internetconsultatie ten behoeve van dewetgeving voor de instelling.Met een stimuleringsmaatregel voor mkb-financiering de motor van deeconomie laten draaienDe weg naar financiering voor mkb-bedrijven is soms bijzondermoeizaam. Voor de zomer zal het kabinet uw Kamer informeren over deinzet op het mkb-financieringsinstrumentarium, inclusief de doelstellingom vrouwelijk ondernemerschap te stimuleren via het «Code V» initiatief.Het kabinet vindt het ook belangrijk dat spaargeld meer gestimuleerdwordt voor bedrijfsfinanciering en onderzoekt een fiscale stimulerings-maatregel zoals een win-win lening. Hierover zal de Kamer in het voorjaarworden geïnformeerd, samen met een reactie op een onderzoek7naar eenfiscale regeling en diverse moties8.6Kamerstuk 22 112, nr. 4096.7Kamerstuk 32 637, nr. 671.8Kamerstuk 32 637, nr. 580, Kamerstuk 36 410, nr. 63, Kamerstuk 32 637, nr. 721 en Kamerstuk21 501-30, nr. 642.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 XIII, nr. 416 Ruimte voor ondernemers«Ondernemers moeten de ruimte krijgen om te doen waar ze goed in zijn:ondernemen. Dit vraagt een ondernemingsklimaat waarin initiatief loont.»Ondernemers leveren een belangrijke bijdrage aan werkgelegenheid,innovatie en het in stand houden van sociale voorzieningen. Dit verdienterkenning, maar in de praktijk ervaren ondernemers steeds vakerbelemmeringen. Door tekorten op de arbeidsmarkt, regels en het invullenvan papierwerk en onzekerheid over beleid kunnen ze moeilijker groeienen investeren. Daarom zorgen we voor meer ruimte voor ondernemerszodat zij in staat worden gesteld om te doen waar ze goed in zijn:ondernemen. Dat vereist ook een overheid met uitvoerbaar beleid, diedienstverlening richting ondernemers verbetert en ondernemers in hunkracht zet. Hieronder benoemen we de acties voor het creëren van eenklimaat waarin ondernemers kunnen blijven bijdragen aan de maatschap-pelijke opgaven.Met vereenvoudiging en vermindering van regels ondernemerschapstimulerenRapporteren, formulieren invullen en schakelen met verschillendeinstanties weerhoudt bedrijven ervan om hun bedrijf efficiënt te runnen.De Aanpak Regeldruk, waarin 500 regels voor bedrijven voor de zomer2026 worden geschrapt of vereenvoudigd, wordt geïntensiveerd binnende Taskforce Slagvaardige Overheid om te zorgen voor een merkbarevermindering van onnodige regeldruk. Uw Kamer wordt rond de zomergeïnformeerd over de voortgang. Jaarlijks stuurt het kabinet eenVereenvoudigingswet naar uw Kamer met concrete voorstellen om regelsvoor burgers en bedrijven simpeler maken. Daarnaast verkennen we demogelijkheden om rapportagelasten te verminderen, onder andere doorrapportages te stroomlijnen.Met beleid voor start- en scale-ups en academische spin-offs de onderne-mersgeest en onze kennis omzetten in maatschappelijke oplossingenSuccesvolle startups en scale-ups zijn de innovatieve koplopers vanmorgen. Ze dragen bij aan de innovatiekracht van Nederland, jagen deproductiviteitsgroei aan en creëren werkgelegenheid. Het kabinet zet zichin om het ecosysteem voor start- en scale-ups tot de Europese top te latenbehoren door de toegang tot kapitaal, (internationaal) talent, kennis,netwerken, en markten te verbeteren. Ook een goed en stabiel fiscaalklimaat is belangrijk voor deze groep ondernemers. Het kabinet werkthieraan. Zo is het wetsvoorstel rond de fiscale behandeling van medewer-kersparticipatie recent in consultatie gegaan met als doel inwerking-treding op 1 januari 2027.Nederland behoort daarnaast tot de wereldtop als het gaat om kennisont-wikkeling. We willen ook dat deze kennis van wetenschappers wordtomgezet in diensten en producten die ons leven verbeteren. Daaromverkent het kabinet naar aanleiding van een motie van lid Oualhadj9 demogelijkheden voor structurele financiering voor academischespin-offcreatie gekoppeld aan ondernemersvriendelijke voorwaarden. Erwordt ook onderzocht of een commissie kan bemiddelen bij conflictenover intellectueel eigendom om het starten van bedrijven door onder-zoekers te vergemakkelijken. Tot slot kan een nationale technologytransfer office (TTO) als brug fungeren tussen wetenschap en bedrijfs-9Kamerstuk 32 637, nr. 746Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 XIII, nr. 417 leven. Komend half jaar zullen we uw Kamer informeren over devoortgang op deze trajecten.In het kader van de Taskforce Toekomstige welvaart komt het kabinet dezezomer met een actieagenda met een aantal concrete doorbraken om hetvestigingsklimaat voor ondernemingen, waaronder start- en scale-ups, inons land te verbeteren.Met de acties uit de Talentstrategie talent op de juiste plek beschikbaarmakenWe verlichten het tekort aan talent, door mensen te bewegen naar desectoren waar de uitdagingen nu het grootst zijn. Hiervoor verkent hetkabinet instrumenten voor het onderwijs, de arbeidsmarkt, productiviteits-groei, fiscaliteit en gerichte migratie. Zo kijkt het kabinet onder meer naarde gerichte inzet van vakkrachtenregelingen zodat er onder strengevoorwaarden in specifieke sectoren talent kan worden aangetrokken. Dezeinzet komt samen in de Talentstrategie die in samenwerking met hetMinisterie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en het Ministerie vanOnderwijs, Cultuur en Wetenschap wordt opgesteld. Uw Kamer wordthierover voor de zomer geïnformeerd.Met een gebiedsgerichte aanpak en voldoende fysieke ruimte econo-mische kansen verzilveren in Nederlandse regio’sIn alle Nederlandse regio’s ziet het kabinet unieke kenmerken die makendat bedrijven en mensen zich er vestigen en dagelijks een waardevollebijdrage leveren aan een sterke Nederlandse economie. Het kabinet werktaan een gebiedsgerichte aanpak en interventies in regionale economischeecosystemen en op campussen. Hiervoor zetten we het Europees Fondsvoor Regionale Ontwikkeling (EFRO), de Europese regeling Interreg en deRegionale Ontwikkelmaatschappijen in, samen met de beleidsinzet vanandere departementen. Het kabinet informeert uw Kamer jaarlijks over devoortgang, de eerste keer uiterlijk in het voorjaar 2027. Het op te richtenEconomisch Groeiplatform Carib zal voor het Caribisch deel van hetKoninkrijk een cruciale rol vervullen waarover we uw Kamer uiterlijk in hetvoorjaar 2027 informeren. Via het lopende uitvoeringsprogramma Ruimtevoor Economie werkt het kabinet bovendien met decentrale overhedenaan de opgave om voldoende fysieke ruimte voor bedrijven te borgen,bijvoorbeeld door terreinen beter te beschermen, intensiever te benuttenen indien noodzakelijk te compenseren en of strategisch uit te breiden.Uw Kamer wordt in het najaar 2026 hierover geïnformeerd. Over deImpulsaanpak Winkelgebieden wordt uw Kamer eind april 2026 geïnfor-meerd via de jaarlijkse voortgangsrapportage.Met een stabiel, voorspelbaar en gunstig fiscaal vestigingsklimaatNederland aantrekkelijk houden om te ondernemenHet kabinet kiest voor een stabiel, voorspelbaar en aantrekkelijk fiscaalvestigingsklimaat, in het bijzonder ten aanzien van fiscale regelingen zoalsde Wet Bevordering Speur- en Ontwikkelingswerk (WBSO) en deinnovatiebox. Ook verhogen we de vennootschapsbelasting niet. Devoorspelbaarheid van de WBSO is onmisbaar voor een doeltreffende endoelmatige regeling en vormt tegelijkertijd een belangrijk instrument voorhet stimuleren van R&D-uitgaven ten behoeve van de 3% R&D-doel-stelling. In opvolging van de evaluatie van de WBSO onderzoekt hetkabinet momenteel hoe de doeltreffendheid van de regeling verhoogd kanworden en hoe de administratieve lasten verlaagd kunnen worden. In deWBSO-Prinsjesdagbrief van dit jaar wordt u hierover nader geïnformeerd.In deze brief zal ook worden ingegaan op (de administratieve lasten van)Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 XIII, nr. 418 de innovatiebox. Over de win-win lening wordt uw Kamer in het voorjaargeïnformeerd.Met uitvoerbaarder beleid de dienstverlening vanuit de overheid richtingondernemers verbeterenOm het innovatievermogen en de concurrentiepositie van Nederlandduurzaam te kunnen versterken, neemt het belang van kwalitatieveuitvoering en toezicht toe. Onze uitvoerders, zoals de RVO en Kamer vanKoophandel (KvK) en toezichthouders als ACM en Rijksinspectie DigitaleInfrastructuur (RDI), doen hun werk goed en hebben zichtbare maatschap-pelijke impact, net als de regionale publieke dienstverleners. In brede zinstaat de publieke dienstverlening echter onder druk. Om betere dienstver-lening aan ondernemers te bevorderen, zetten we daarom in op vierleidende principes: de maatschappelijke opgave centraal bij vorming vanbeleid; vereenvoudiging van regelgeving, zoals minder doelgroepspe-cifiek; weerbaarheid en wendbaarheid van uitvoerders en toezicht-houders; benadering van vraagstukken vanuit één ICT-ecosysteem. Weinformeren uw Kamer voor de zomer over de evaluatie van de KvK. Ookwordt dit jaar de evaluatie van CBS, RDI en RVO uitgevoerd. In Q1 van2027 wordt uw Kamer geïnformeerd over de voortgang op deze voor mijvier leidende principes.Acties voor een weerbare economieOnze samenleving is gebaat bij een economie die door kan draaien, ook inonverwachte situaties. Om de economie weerbaarder te maken kijkenwe kritisch naar onze risicovolle strategische afhankelijkheden en brengenwe deze beter in kaart, versterken we onze economische capaciteiten,vergroten we onze strategische posities en relevantie in internationalewaardeketens, en zetten we vol in op het bevorderen van internationalehandel. Daarbij realiseert het kabinet zich dat een volledige afbouw vanafhankelijkheden niet mogelijk noch wenselijk is. Weerbaarder wordengeeft ons de mogelijkheid keuzes te blijven maken in het belang vanNederland. Zo geldt dat als we maximaal willen profiteren van digitali-sering we erop moeten kunnen vertrouwen dat digitale toepassingenveilig en betrouwbaar zijn. Hierbij is, onder andere in het digitale domein,een duidelijke wisselwerking tussen economie en samenleving aanwezig:als we Europese aanbieders hebben van de diensten en producten die wegebruiken, bijvoorbeeld de cloud, zijn we digitaal soeverein en kunnenEuropese ondernemers inspringen om te voldoen aan de vraag.In onderstaand planningsoverzicht een selectie van de kamerbrieven dieuw Kamer dit jaar kan verwachten over een weerbare economie:Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 XIII, nr. 419 Open strategische autonomie«We bouwen strategische afhankelijkheden af en investeren met onzepartners in onze kracht. Zo zijn we niet chantabel en behouden we onzewaarden en welvaart.»Een sterke, productieve economie staat aan de basis van een weerbareeconomie en samenleving. Het is onze first line of defense. Handel eninternationale samenwerking zijn hierbij van groot belang voor deNederlandse economie. Tegelijkertijd dwingt de geopolitieke werkelijkheidons om ook gerichter onze open strategische autonomie te versterken.Dit doen we door met urgentie en realisme strategische afhankelijkhedenaf te bouwen, en ons daarnaast te richten op het behoud en de opbouwvan strategische posities in hoogtechnologische waardeketens. Hieronderbenoemen we de acties waarmee we openheid combineren metweerbaarheid.Met protect, promote en partner onze economische veiligheid versterkenHet kabinet zet voor haar economische veiligheid en open strategischeautonomie in op een integrale strategie: protect (beschermen), promote(versterken) en partner (samenwerken). We beschermen onze kennis envitale processen met gerichte instrumenten, zoals de Wet veiligheidstoetsinvesteringen, fusies en overnames (Wet vifo), Energiewet, Wetwindenergie op zee, Wet ongewenste zeggenschap telecommunicatie, deCyberbeveiligingswet (Cbw), de Wet weerbaarheid kritieke entiteiten(Wwke) en de voorgenomen Wet weerbaarheid defensie en veiligheidgerelateerde industrie. Tegelijkertijd versterken we onze economie door teinvesteren in belangrijke sectoren als halfgeleiders en defensie. Ookwerken we nauw samen met bedrijven en internationale partners om onzeeconomische veiligheid te waarborgen en onze welvaart ook in detoekomst te behouden.Uiterlijk mei 2026 stuurt het kabinet een voortgangsbrief over econo-mische veiligheid naar uw Kamer. Daarnaast zullen we in het tweedekwartaal 2026 een algemene maatregel van bestuur aan uw Kamervoorleggen over het toepassingsbereik van de Wet vifo. Ook voeren EZKen LVVN een verkenning uit naar economische veiligheid risico’s bijsubsidieverlening. Hierover wordt uw Kamer naar verwachting in hetnajaar van 2026 geïnformeerd.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 XIII, nr. 4110 Met de grondstoffenstrategie risico’s van strategische afhankelijkheden inonze economie verminderenZonder toegang tot kritieke grondstoffen en materialen, zoals lithium,kobalt, permanente magneten of batterijen, komt de productie van onzehightech industrie uiteindelijk tot stilstand. Het kabinet werkt aan eenhogere leveringszekerheid van kritieke grondstoffen en materialen via deNationale Grondstoffenstrategie (NGS) en de Europese Critical RawMaterials Act (CRMA). De transitie naar een circulaire economie kanhiervoor een belangrijk middel vormen. Voor de zomer stuurt het kabinetuw Kamer een brief over deze aanpak met focus, inclusief de stand vanzaken op strategische projecten en Europese inzet. Het kabinet volgt deontwikkelingen op RESourceEU10, een actieplan ter uitvoering van deCRMA, op de voet en als de Commissie nieuwe voorstellen doet, zal uwKamer worden geïnformeerd over het kabinetsstandpunt hierover.Met aanbesteden beter bijdragen aan het vergroten van de weerbaarheidvan de Europese UnieHet EU-voorkeursprincipe is het streven in de EU om bij publiekeaanbestedingen in strategische sectoren en voor strategische technolo-gieën de voorkeur te geven aan Europese producten en diensten. Hetkabinet is terughoudend met de inzet van een Europees voorkeurs-principe. Het instrument wordt in beginsel enkel ingezet om deweerbaarheid van de Unie te versterken en, wanneer minder ingrijpendemaatregelen ontoereikend zijn, om strategische nieuwe markten testimuleren die essentieel zijn voor onze weerbaarheid op de lange termijn.Hierbij wordt per sector zorgvuldig afgewogen of de baten opwegentegen de kosten. Toepassing moet daarbij tijdelijk, doelmatig en proporti-oneel zijn en de toegang voor gelijkgestemde handelspartners moet hierinniet belemmerd worden.11 Zodra in Europese voorstellen hetEU-voorkeursprincipe wordt gebruikt, brengt het kabinet u op de hoogtemet een BNC-fiche.Digitale soevereiniteit«Om onze digitale soevereiniteit te versterken bouwen we het aanbod vanEuropese digitale alternatieven op en strategische afhankelijkhedendoelgericht af.»Digitalisering raakt de kern van onze economie en samenleving, maarbrengt ook nieuwe afhankelijkheden met zich mee van buitenlandsetechnologie en infrastructuur. We zetten in op de ontwikkeling van eengoed aanbod van Europese en Nederlandse alternatieven en mitigeren derisico’s van strategische afhankelijkheden en bouwen ze doelgericht afwaar mogelijk. Met digitale soevereiniteit zijn we in staat zelf decontrole en keuzevrijheid te houden over kritieke infrastructuur en vitaleprocessen. De overheid moet daarbij ook met verdere digitalisering betergaan functioneren voor burgers en bedrijven. De Staatssecretaris vanDigitale Economie en Soevereiniteit zal voor de zomer 2026 de strate-gische inzet voor een soevereine en veilige digitale economie, digitalesamenleving en digitale overheid uitgebreid toelichten. Hieronderbenoemen we de acties die we nemen om digitaal weerbaarder teworden.10Kamerstuk 22 112, nr. 4244.11Kamerstuk 21 501-30, nr. 680.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 XIII, nr. 4111 Met de Nederlandse Digitaliseringsstrategie als leidraad een meerweerbare en autonome digitale overheid realiserenEen innovatieve digitale economie en een veilige en gezonde digitalesamenleving kunnen niet zonder een sterke digitale overheid. Het is onzeverantwoordelijkheid om te zorgen voor een overheid die digitaaltoegankelijk is voor iedereen, efficiënt werkt en weerbaar is. We gaanbewuster sturen op de inrichting van onze digitale systemen en infra-structuur en willen zelf het goede voorbeeld geven: door digitaalautonomer te worden, de Cyberbeveiligingswet te implementeren, regiete nemen op de eigen ICT, gebundeld in te kopen en tegelijkertijd werk temaken van de rol als launching customer. We kiezen binnen de budget-taire kaders voor een Europese digitale infrastructuur, we bouwenrisicovolle strategische afhankelijkheden af binnen het digitale domein, enwe splitsen grote projecten op zodat meer Nederlandse en Europesemkb’ers kunnen meedoen. Hiermee komt een gediversifieerd aanbod totstand.De Nederlandse Digitaliseringsstrategie (NDS)12 geeft hierbij richting. Metde NDS zet het kabinet overheidsbreed in op, onder meer, het verkennenvan de realisatie van een soevereine clouddienst, het vergroten vandigitale weerbaarheid en autonomie en het bundelen van onze inkoop-kracht: hiermee gaan we risico-gebaseerde beslissingen nemen over watwe inkopen, staan we sterker tegenover aanbieders en kunnen we aanbodin Nederland en Europa helpen opbouwen. Ook wil het kabinet in lijn metde NDS data en AI verantwoord inzetten binnen de overheid, en daarmeemaatschappelijke problemen oplossen en dienstverlening aan burgers enondernemers verbeteren.Ook start het kabinet met de oprichting van een compacte en deskundige,Nederlandse Digitale Dienst die de ontwikkelingen op het vlak vandigitalisering ondersteunt, kwaliteitsstandaarden stelt en goede ontwerp-keuzes borgt binnen de gestelde budgettaire kaders. Tot slot zet hetkabinet in op het actief bepalen en uitdragen van het Nederlandsestandpunt en het beïnvloeden van aanstaande EU-voorstellen op hetgebied van Europese digitale soevereiniteit (Cloud and AI DevelopmentAct).Een veilige en gezonde digitale samenleving«In een veilige en gezonde digitale samenleving vormen publiekewaarden en mensenrechten de basis van onze digitale toekomst en wordtdigitale technologie verantwoord toegepast.»De digitale transitie biedt de Nederlandse economie grote kansen. Zokunnen we productiever worden door AI, nieuwe digitale toepassingenbedenken die bijdragen aan ons toekomstige verdienvermogen endaarnaast bijdragen aan het oplossen van maatschappelijke uitdagingen.Toch kent de digitale transitie ook maatschappelijke risico’s. Onze digitalesamenleving moet een veilige en gezonde omgeving zijn. Maar helaas isdat nog niet altijd het geval. Zo staan grondrechten door digitaliseringonder druk, zijn er verslavingsrisico’s en brede zorgen over wie toegangheeft tot onze data. Kwetsbare groepen, zoals jongeren en ouderen,vragen in het bijzonder aandacht bij het veilig en gezond maken van onzedigitale samenleving. Zo kan technologie werken voor iedereen.12Kamerstuk 26 643, nr. 1366.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 XIII, nr. 4112 Met een Europese minimumleeftijd voor sociale media kinderen enjongeren beschermen zolang sociale media onveilig zijnTechnologie moet het talent van gebruikers, waaronder ook kwetsbaregroepen en jongeren, versterken in plaats van beperken. Voor hetversterken van de digitale samenleving is het belangrijk om in te zetten opdigitale vaardigheden, weerbaarheid en gelijke kansen voor de volgendegeneratie. Tegelijkertijd moeten we ook echt ingrijpen om onze jongerenin het nu te beschermen tegen risico’s zoals desinformatie, verslaving enverlies van privacy. Het kabinet wil in Europees verband maatregelennemen om een minimumleeftijd van 15 jaar voor gebruikers van socialemedia te introduceren, zolang sociale media onvoldoende veilig zijn.Daarnaast gaan we met de onderwijssector in gesprek om de mobieltjes-richtlijn voor aankomend schooljaar, 2026/2027, aan te scherpen.Telefoons gaan de gehele schooldag «thuis of in de kluis», met demogelijkheid tot noodzakelijke uitzonderingen.Met regulering en handhaving kinderen, jongeren, burgers en bedrijvenbeschermenHet kabinet continueert de bestaande inzet ter bescherming van burgersen bedrijven via regels voor digitale platforms (via de Digital Services Act,Digital Markets Act), bij opkomende technologieën zoals AI(AI-verordening) en de cybersecurity-eisen aan digitale producten (CyberResilience Act). Ook de Digital Fairness Act draagt bij aan de beschermingvan burgers en bedrijven. Daarnaast continueert het kabinet de bestaandeinzet voor Europese onderhandelingen over het verminderen vanonnodige administratieve lasten en het versimpelen van procedures in hetdigitale domein (digitale omnibus en AI-omnibus), het versnellen vanzakelijke administratieve processen (EU Business Wallets), het versterkenvan de digitale infrastructuur (Digital Networks Act) en het beterbeheersen van digitale risico’s (herziening Cybersecurity Act).Tot slotHet kabinet streeft naar een sterke, toekomstbestendige economie metminstens 1,5 procent structurele groei. Gegeven de grote uitdagingen inonze economie en samenleving, zoals de vergrijzing en de toenemendegeopolitieke grilligheid, vraagt dat om nú te investeren in een productieveen weerbare economie. De stappen die wij als kabinet daartoe nemen,hebben wij in deze brief toegelicht. Hierbij geldt dat het nieuwe beleid inde basis niet alleen in Europees Nederland, maar ook in CaribischNederland wordt ingevoerd.Een sterke economie kan in de toekomst alleen bestaan in eendaadkrachtig en samenwerkend Europa en met voldoende aandacht vooruitdagingen rondom de klimaat- en energietransitie, biodiversiteit ensociale cohesie. Deze thema’s komen, ook in relatie tot onze economie,aan bod in de beleidsbrief over het begrotingsartikel Klimaat en GroeneGroei en de beleidsbrieven van andere departementen. Oplossingenvinden voor de opgaven van nu én deze tot uitvoering brengen vereistimmers dat we samenwerken. Niet alleen met andere departementen,Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 XIII, nr. 4113 maar eveneens in nauwe samenwerking met uw Kamer, medeoverheden,bedrijfsleven, kennisinstellingen en andere maatschappelijke partners. Wijzien uit naar het gesprek met uw Kamer.De Minister van Economische Zaken en Klimaat,H.G. HerbertDe Staatssecretaris van Economische Zaken en Klimaat,W.J.M. AerdtsTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 XIII, nr. 4114 VOORLOPIGE PLANNING KAMERSTUKKEN13Soort stukOnderwerpPlanningKamerbriefImplementatieplan Nationaal Agentschap voor Disruptieve Innovatie(NADI)Voor de zomer, Q3 2026KamerbriefUpdate implementatie 3%-R&D ActieplanQ3 2026KamerbriefJaarverslag Nationaal GroeifondsEerstvolgend Q2 2026KamerbriefNationaal Groeifonds besluitvorming vervolgfasesTweemaal per jaar, eerstvolgendnaar verwachting Q2 2026KamerbriefNationaal Groeifonds doorgroeienQ3 2026KamerbriefVoortgang Sectoragenda Maritieme maakindustrie en evaluatie werking enwijze van continuering interdepartementaal rijksregiebureauQ2–Q3 2026OnderzoekBemiddelingscommissie conflicten intellectueel eigendomQ3 2026KamerbriefVoortgangsrapportage Strategie Digitale EconomieQ3 2026KamerbriefAI GigafabriekenQ2–Q3 2026KamerbriefPlan voor de Pan-Arctische route met aanlanding in NederlandQ3 2026KamerbriefDirecte trans-Atlantische kabel naar Caribisch NederlandQ1 2027KamerbriefUpdate productiviteitsagendaQ2–Q3 2026KamerbriefActualisering interne-marktactieagendaQ2 2026BNC-ficheEuropean Product Act (EPA)Q3–Q4 2026BNC-ficheCircular Economy Act (CEA)Q3–Q4 2026KamerbriefInrichting Nationale InvesteringsinstellingQ2 2026KamerbriefMkb-financieringsinstrumentarium (incl. Code V)Q2 2026Kamerbrief en onderzoekFiscale stimuleringsregeling bedrijfsfinanciering (win-win lening)Q2 2026KamerbriefVoortgang Aanpak RegeldrukQ2 2026KamerbriefStimuleren academische spin-offs en verkenning Nationale TechnologyTransfer Office (NTTO)Q3 2026KamerbriefActieagenda VestigingsklimaatQ2–Q3 2026KamerbriefTalentstrategieQ2 2026Kamerbrief/voortgangsrapportageGebiedsgerichte aanpak regionale economische ecosystemen en campus-sen en Economisch Groeiplatform CaribQ1–Q2 2027KamerbriefUitvoeringsprogramma Ruimte voor EconomieQ3–Q4 2026KamerbriefVoortgangsrapportage Impulsaanpak WinkelgebiedenQ2 2026Kamerbrief en onderzoekDoeltreffendheid WBSO en innovatieboxWBSO-Prinsjesdag brief,Q3 2026EvaluatieEvaluatie Kamer van KoophandelQ2 2026EvaluatieEvaluatie Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS), Rijksinspectie DigitaleInfrastructuur (RDI) en Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO)2026KamerbriefVoortgang leidende principes dienstverlening uitvoerders en toezichthou-dersQ1 2027KamerbriefVoortgangsbrief over Actieprogramma mkb-dienstverleningQ3 2026KamerbriefVoortgangsbrief economische veiligheidQ2 2026KamerbriefVoortgangsbrief economische veiligheid, inclusief verkenning economi-sche veiligheidsrisico’s bij subsidieverleningQ4 2026KamerbriefPeriodiek onderzoek Nederlandse defensie- en veiligheid gerelateerdetechnologische industriële basis (NLDTIB)Q2 2026KamerbriefRapportage Industrieel Participatie (Ip) Beleid 2023–2024Q2 2026Kamerbrief/voortgangsrapportageProject Verwerving F-35Q2–Q3 2026Kamerbrief/Voortgangsrapportage7e voortgangsrapportage programma vervanging onderzeebootcapaciteitQ3 2026KamerbriefAanpak Nationale Grondstoffenstrategie en stand van zaken strategischeprojecten en Europese inzetQ2 2026BNC-ficheEU-voorkeursprincipe (waaronder Industrial Accelerator Act en Cloud andAI Development Act)Q2–Q3 2026KamerbriefStrategische inzet soevereine en veilige digitale economie, samenleving enoverheidQ2 2026BNC-ficheDigital Fairness Act (DFA)Q4 2026 13Bovenstaande lijst bevat alle aan de tekst gerelateerde kamerbrieven en is daarmee nietvolledig.BIJLAGE 1:Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 XIII, nr. 4115 WETGEVINGSAGENDA BETREFFENDE DE IN DE BELEIDSBRIEFGENOEMDE ONDERWERPENSoort wetgevingOnderwerpPlanningCoalitieakkoordInternetconsultatie Nationale InvesteringsinstellingQ4 2026CoalitieakkoordEerste VereenvoudigingswetInternetconsultatie, toetsing,MR, RvS: (april) Q2– Q3 2026,behandeling parlement: Q3 enQ4 2026, vaststelling wet eindeQ4 2026CoalitieakkoordTweede VereenvoudigingswetInternetconsultatie, toetsing,MR, RvS: (september) Q3 2026–Q1 2027, behandeling parle-ment: Q1 en Q2 2027, vaststel-ling wet einde Q2 2027CoalitieakkoordInternetconsultatie Marktremediebevoegdheid (New Competition Tool)Q3–Q4 2026Coalitieakkoord(reactie op initiatiefwetsvoorstel) Inroepbevoegdheid Autoriteit Consumenten MarktAfhankelijk van de parlemen-taire behandelingNationaal beleidWet weerbaarheid defensie en veiligheid gerelateerde industrie (Wwdvgi)Q2–Q3 aanbieding RvS,Q4–Q1 2027 aanvang parlemen-taire behandelingAlgemene maatregel vanbestuur (AMvB)Toepassingsbereik Wet veiligheidstoets investeringen, fusies en overna-mes (vifo)Q2–Q3 2026 voorhangEuropese wetgevingUitvoeringswet verordening kritieke grondstoffenQ1 2026 aanbieding RvS,Q3 2026 aanvang parlementairebehandeling BIJLAGE 2:Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 XIII, nr. 4116

Eerdere bronversies

17 okt 2026 · 54a8b77c762f8b0c

14 okt 2026 · 96fee892385207ae

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.