Onderzoek thuiswerkregelingen voor grenswerkers
Brontekst
Versie ccbda79a7cba09c1 · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2023–202425 087Internationaal fiscaal (verdrags)beleidNr. 328 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN FINANCIËN Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 28 maart 2024Tegenwoordig is hybride werken, waaronder thuiswerken, steeds vaker denorm. Wanneer werknemers in een ander land werken dan waar hunwerkgever is gevestigd, kunnen werknemer en werkgever wordengeconfronteerd met fiscale belemmeringen. Het kabinet hecht belang aanhet fiscaal toegankelijk maken van hybride werken voor iedereen.In dat kader heeft het kabinet een onderzoek ingesteld naar de omvangvan de inkomensgevolgen van hybride werken door grenswerkers metonze buurlanden, België en Duitsland.1 Concreet omvat dit onderzoek,uitgevoerd door Ernst & Young Belastingadviseurs LLP en waarvan heteindrapport is opgeleverd op 18 maart 2024, een overzicht van de(inkomens)effecten van mogelijke thuiswerkregelingen in de bilateralebelastingverdragen met onze buurlanden.Hierbij bied ik uw Kamer het eindrapport van dit onderzoek aan. In dezebrief geef ik een samenvatting van de analyse en conclusies en licht ik toehoe ik vervolg geef aan de belangrijkste bevindingen uit dit onderzoek.Daarnaast komen ook de budgettaire effecten aan bod. Met deze briefgeef ik uitvoering aan mijn eerdere toezegging om uw Kamer te infor-meren wanneer er nieuwe ontwikkelingen zijn in bilateraal en/of multila-teraal verband.21. Inhoud van het onderzoeksrapport Doel, opzet en reikwijdte van het onderzoekHet doel van het onderzoek is om de effecten van mogelijke thuiswerkre-gelingen inzichtelijk te maken. Zoals aangegeven in mijn brief van11 december 2023, richt het kabinet zich in eerste instantie op, naast een1Uw Kamer is hierover geïnformeerd in de brief d.d. 11 december 2023 «Ontwikkelingengrenswerkersproblematiek» (Kamerstuk 25 087, nr. 325).2Kamerstukken I 2023–2024 35 714, T03763. kst-25087-328ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2024Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 25 087, nr. 3281 bilaterale regeling die duidelijkheid geeft over een vaste inrichting, deopname van een drempelregeling in bilaterale belastingverdragen gerichtop grenswerkers die hybride werken. Een drempelregeling maakt mogelijkdat een werknemer een maximaal aantal dagen in het woonland(bijvoorbeeld thuis) kan werken zonder dat dit gevolgen heeft voor hetheffingsrecht over het inkomen. De afspraak, namelijk dat belastingheffingplaatsvindt in het land van de werkgever, blijft hierdoor onverminderdgelden. Het onderzoek geeft antwoord op de vraag wat een grenswerkermet een bepaald bruto-inkomen onder toepassing van diverse mogelijkedrempelregelingen netto overhoudt. Daarmee wordt op inkomensniveauinzichtelijk of de verscheidene drempelregelingen al dan niet gunstigerzijn voor de grenswerker die hybride werkt ten opzichte van de situatiezonder drempelregeling. Op dit moment heeft Nederland geen drempelre-gelingen opgenomen in de bilaterale belastingverdragen met België enDuitsland. Het onderzoek geeft ook inzicht in de werkgeverslasten(premies sociale zekerheid) en de administratieve lasten.Voor de opzet van het onderzoek is relevant dat de bruto-netto bereke-ningen in een internationale context beïnvloed worden door een aantalvoor grenswerkers specifieke omstandigheden. Het onderzoek houdtderhalve rekening met diverse relevante parameters: (1) inkomen;(2) woonland; (3) gezinssituatie; (4) werkdagenallocatie; (5) toepassing vande EU Kaderovereenkomst voor sociale zekerheid3 en (6) mogelijkethuiswerkregeling. Onder (1) wordt rekening gehouden met een drietalinkomenscategorieën (25.000, 50.000 en 100.000 EUR). Verder gaat (4) uitvan percentages tussen 0% tot 55% thuiswerken in het woonland. Vooreen explicitering van de overige parameters, verwijs ik naar het onder-zoeksrapport.4De reikwijdte van het onderzoek omvat berekeningen op basis van eenfulltime dienstverband met 220 werkdagen per kalenderjaar, diegebaseerd zijn op de tarieven van het kalenderjaar 2024. Daarbij is alleeneen basissalaris in aanmerking genomen en is geen rekening gehoudenmet bijkomende regelingen zoals pensioen en andere inkomensbronnenzoals een tweede baan of een uitkering.5 Om het aantal parameters, endaarmee het aantal berekeningen, beperkt te houden is gekozen om geenrekening te houden met de persoonlijke omstandigheden. Zo wordenpersoonlijke aftrekposten en regelingen, bijvoorbeeld in verband metkinderen, specifieke zorgkosten en partneralimentatie, niet meegenomenin de berekeningen. De parameters die wel zijn meegenomen hebben demeeste impact op het netto-inkomen. Daarmee is de reikwijdte van hetonderzoek weliswaar beperkt tot een gesimplificeerde weergave van dewerkelijkheid, maar worden de effecten van mogelijke drempelregelingenop netto-inkomens in het algemeen wel goed inzichtelijk.Naast de inkomensgevolgen, benoemt het onderzoek ook de mogelijkeeffecten van een mogelijke thuiswerkregeling op de administratieve lastendie hybride werkende grenswerkers ervaren. Deze administratieve lastenzijn niet gekwantificeerd, maar zijn mogelijk wel een belangrijke factor inde afweging om al dan niet hybride te werken.Hierna ga ik eerst in op de algemene bevindingen van het onderzoek envervolgens op de bevindingen per inkomenscategorie.3Framework Agreement on the application of Article 16 (1) of Regulation (EC) No.883/2004 in cases of habitual cross-border telework.4Onderzoeksrapport «Thuiswerkregelingen voor grensarbeiders», p. 9–10.5Onderzoeksrapport «Thuiswerkregelingen voor grensarbeiders», p. 12–13.Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 25 087, nr. 3282 Algemene bevindingen van het onderzoekHet onderzoek levert onder meer de volgende algemene bevindingen op.6Effecten thuiswerkregelingen in de fiscaliteitBelastingheffing vindt plaats volgens de huidige afspraken in de belas-tingverdragen. Dit betekent dat, zonder thuiswerkregeling, het heffings-recht naar rato wordt verdeeld tussen twee landen als een grenswerkereen gedeelte van zijn tijd thuis werkt, de zogenoemde «salary split». Eendergelijke verdeling is doorgaans gunstig voor het netto-inkomen van degrenswerker vanwege het zogenoemde progressie-effect dat optreedt bijde verdeling van de belastingheffing over twee landen.7 Als Nederlandspecifiek een drempelregeling afspreekt met een buurland en degrenswerker onder de afgesproken drempel van het maximaal aantalthuiswerkdagen blijft, dan is het netto-inkomen gelijk aan het netto-inkomen in de situatie dat de grenswerker in het geheel niet (thuis)werktin het woonland.8 Het gevolg hiervan is dat bij de aanwezigheid van eendrempelregeling het voordeel van een «salary split» wegvalt. Om diereden is het netto-inkomen meestal hoger zonder drempelregeling danmet een drempelregeling. Hetzelfde effect treedt op bij een regeling dieuitgaat van een volledige woonstaatheffing: een «salary split» is meestalgunstiger dan een volledige woonstaatheffing.In het geval een drempelregeling geldt, is van belang te onderkennen datals met het (thuis)werken in het woonland de dagendrempel wordtoverschreden, de drempelregeling geen effect meer sorteert, waardoor de«salary split» weer van toepassing is. De hoogte van het netto-inkomenvan een grenswerker die structureel (thuis)werkt in het woonland is danvaak hoger dan het netto-inkomen van een werknemer die geen grens-werker is (ongeacht de hoeveelheid thuiswerken).Effecten van het toepasselijke socialezekerheidsstelsel op netto-inkomenHoofdregel is dat iemand onderworpen is aan de socialezekerheidswet-geving van de lidstaat waar hij of zij werkt. Een speciale regel geldt voormensen die in twee of meer lidstaten werken. Bijvoorbeeld mensen dienaast hun werkzaamheden in de lidstaat van de werkgever een substan-tieel deel van de werkzaamheden in hun woonland (thuiswerkend)verrichten. Zij raken als gevolg daarvan onderworpen aan de socialezeker-heidswetgeving van het woonland. Werkzaamheden zijn doorgaanssubstantieel als zij ten minste 25% van de totale arbeidstijd uitmaken. Alshet percentage thuiswerken minder dan 50% van de totale arbeidstijdbedraagt kan deze grenswerker er onder bepaalde voorwaarden ook voorkiezen om in de lidstaat van de werkgever sociaal verzekerd te blijven.Hiertoe moet een aanvraag worden ingediend op basis van de kaderover-eenkomst sociale zekerheid voor grensoverschrijdend telewerk.9 Metandere woorden, het percentage thuiswerken in het woonland en het welof niet indienen van een aanvraag op basis van de kaderovereenkomstbepalen in welk land de grenswerker sociaal verzekerd is.6Onderzoeksrapport «Thuiswerkregelingen voor grensarbeiders», p. 74–75.7Nederland, België en Duitsland kennen progressieve belastingtarieven. Dit betekent dat eenhoger belastbaar inkomen tegen een hoger tarief wordt belast. Door de belastingheffing teverdelen wordt in beide landen gebruikgemaakt van lagere belastingschijven. Dit effect wordtenigszins getemperd door de manier waarop voorkoming van dubbele belasting wordtverleend door het woonland van de werknemer.8Voor zover er geen verandering in het toepasselijke socialezekerheidsstelsel plaatsvindt.9Brief d.d. 6 juni 2023 «Nieuwe ontwikkelingen voor thuiswerkende grensarbeiders» (Kamerstuk26 834, nr. 57).Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 25 087, nr. 3283 Als het socialezekerheidsstelsel wijzigt, beïnvloedt dit de hoogte van deverschuldigde belasting en daarmee het netto-inkomen.10 Inkomensef-fecten worden onder meer veroorzaakt doordat de Nederlandse premiesvolksverzekeringen niet aftrekbaar zijn van het belastbare inkomen, terwijlsommige Belgische en Duitse socialezekerheidspremies wel (deels)aftrekbaar zijn in Nederland.11 Hierdoor is de belastingheffing inNederland lager als het Belgische of Duitse socialezekerheidsstelsel vantoepassing is. Daarnaast verschilt de hoogte van de socialezekerheids-premies. De premies zijn in Nederland, vergeleken met België enDuitsland, relatief hoog. Daarentegen is in Nederland, in tegenstelling totde buurlanden, de hoogte van de premie wel gemaximeerd. Door depremieverschillen en doordat de socialezekerheidspremies op een anderemanier in aanmerking worden genomen, ontstaan er verschillen in deheffingsgrondslagen voor de belastingheffing.WerkgeverslastenHet onderzoek maakt ook inzichtelijk wat de totale werkgeverslastenbedragen per inkomenscategorie. Hierbij geldt in beginsel dat de totalewerkgeverslasten in de drie onderzochte inkomenscategorieën alleenworden beïnvloed door het van toepassing zijnde socialezekerheidsstelselen niet door een thuiswerkregeling. Het bedrag aan werkgeverslastenbestaat namelijk uit de combinatie van brutoloon plus de werkgevers-premies sociale zekerheid. De hoogte van het brutoloon verandert niet bijhet toepasbaar zijn van de thuiswerkregelingen. Daardoor is alleen hetvan toepassing zijnde socialezekerheidsstelsel12 bepalend voor de hoogtevan de werkgeverspremies en derhalve de totale werkgeverslasten.Administratieve lastenHet onderzoeksrapport omvat geen kwantificatie van de administratievelasten die werknemers en werkgevers kunnen ervaren bij hybride werken,maar benoemt administratieve lasten bij hybride werken als mogelijkbelangrijke afwegingsfactor.13 Vaststaat in ieder geval dat een werknemerdie in twee landen belasting moet betalen, hogere administratieve lastenheeft dan een werknemer die slechts in één land betaalt. In dat gevalworden ook werkgevers geconfronteerd met hogere administratievelasten, omdat er moet worden voldaan aan administratieve plichten in hetwoonland van de werknemer. Daarbij speelt voor de werkgever bijvoor-beeld de vraag of al dan niet sprake is van een zogenaamde vasteinrichting van de werkgever in het woonland van de werknemer bijthuiswerken. Verhoogde administratieve lasten blijven overigens ook(deels) bestaan op het moment dat een grenswerker slechts in één landbelasting betaalt (bijvoorbeeld het woonland) en onderworpen is aan desocialezekerheidswetgeving van het woonland. In deze situatie heeft dewerkgever administratieve verplichtingen in het woonland van dewerknemer, zodat de juiste premies worden ingehouden en afgedragen,en moet in sommige gevallen de werknemer zelf alle belastingen via deaangifte inkomstenbelasting betalen. De werknemer moet hiervoorvoldoende middelen reserveren. Een drempelregeling kan derhalveinvloed hebben op de bestaande administratieve lasten, zij het slechts inbeperkte mate.10Bijvoorbeeld bij de vergelijking tussen de scenario’s 40% thuiswerken met al dan geentoepassing van de kaderovereenkomst sociale zekerheid.11Besluit van 24 maart 2014, DGB 2014/144M.12Vastgesteld op basis van de Europese Verordening 883/2004 inzake de coördinatie vansocialezekerheidsstelsels.13Onderzoeksrapport «Thuiswerkregelingen voor grensarbeiders», p. 100–106.Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 25 087, nr. 3284 Bevindingen per inkomenscategorieNaast de algemene bevindingen volgt hieronder een selectie van despecifieke bevindingen die per inkomenscategorie kunnen verschillen.Voor een volledig overzicht van de specifieke bevindingen per inkomen-scategorie, verwijs ik naar het onderzoeksrapport.14Inkomenscategorie 25.000 EURVoor de laagste inkomenscategorie hebben de onderzochte drempelrege-lingen, behoudens een uitzonderingsgeval, vrijwel geen effect op hetnetto-inkomen van de grenswerker die hybride werkt. Dit komt doordat debelastingheffing in zowel Nederland als onze buurlanden (vrijwel) nihil isals gevolg van het toepassen van een heffingskorting of een belastingvrijesom. Het toepasselijke socialezekerheidsstelsel kan wel gevolgen hebbenvoor het netto-inkomen als hybride wordt gewerkt in het woonland. Deberekeningen laten zien dat in deze inkomenscategorie het in de meestegevallen voordelig is om onderworpen te zijn aan de Nederlandsesocialezekerheidswetgeving en heeft een hoger (in sommige gevallen15%) netto-inkomen tot gevolg.Inkomenscategorie 50.000 EURIn deze inkomenscategorie zijn meer effecten van de drempelregelingen tezien. In bijna alle gevallen is een drempelregeling minder gunstig voor hetnetto-inkomen van de grenswerker die hybride werkt ten opzichte van desituatie dat geen regeling is afgesproken, omdat door toepassing van eendrempelregeling het voordeel van een «salary split» wordt weggenomen.Wat opvalt is dat bij wonen in België, een exclusieve woonstaatheffingmet toepassing van de Belgische sociale zekerheid in alle scenario’s eenpositief effect heeft op het netto-inkomen van de grenswerker, oplopendtot een positief verschil van 17,25% van het inkomen. In relatie totDuitsland hebben drempelregelingen ook in bijna alle gevallen negatiefeffect op het netto-inkomen. De scenario’s waarin het netto-inkomen welhoger uitvalt, is met name het gevolg van het toepasselijke socialezeker-heidsstelsel. Een voorbeeld hiervan is de werknemer die 40% thuiswerktin Nederland en waarop de Nederlandse sociale zekerheid van toepassingis.15Inkomenscategorie 100.000 EURDe hoogste inkomenscategorie kent in de meeste gevallen een grotereimpact van drempelregelingen op het netto-inkomen ten opzichte van desituatie zonder drempelregeling bij hetzelfde aantal thuiswerkdagen. Ookhier speelt de «salary split» een belangrijke rol. Het aantal thuiswerkdagenen het wel of niet toepassen van de kaderovereenkomst sociale zekerheidvoor grensoverschrijdend telewerk heeft daarnaast grote invloed op hetnetto-inkomen. Dit wordt duidelijk in de volgende scenario’s waarin eenwerknemer woont in Duitsland en werkt in Nederland en geen thuiswerk-regeling van toepassing is. Als er niet wordt thuisgewerkt dan bedraagthet netto-inkomen € 61.587. Op het moment dat deze werknemer 40%gaat thuiswerken en de kaderovereenkomst toepast, dan bedraagt hetnetto-inkomen € 72.377. In de combinatie België-Nederland wordt hetnetto-inkomen met een drempelregeling in nagenoeg alle gevallennegatief beïnvloed als een drempelregeling zou bestaan.16 In de combi-natie Duitsland-Nederland heeft een mogelijke drempelregeling ook in de14Onderzoeksrapport «Thuiswerkregelingen voor grensarbeiders», p. 17–72.15Onderzoeksrapport «Thuiswerkregelingen voor grensarbeiders», p. 53–56.16Onderzoeksrapport «Thuiswerkregelingen voor grensarbeiders», p. 35–38.Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 25 087, nr. 3285 meeste gevallen een negatief effect op het netto-inkomen. In een aantalgevallen is een positieve impact zichtbaar. Bijvoorbeeld in de situatie vande gehuwde in Nederland wonende werknemer die in Duitsland werkt(oplopend tot 12,38% als ervoor wordt gekozen om de kaderovereenkomstniet toe te passen).17 Dit is deels te verklaren door het Duitse belasting-systeem waarbij het inkomen volledig over partners wordt verdeeld. Inalle andere onderzochte gevallen in de combinatie Duitsland-Nederlandheeft een mogelijke drempelregeling een neutraal of ongunstiger effect ophet netto-inkomen ten opzichte van de situatie zonder drempelregeling.182. Appreciatie Het kabinet heeft met belangstelling kennisgenomen van de resultaten uitdit onderzoek. Het onderzoeksrapport biedt een uitgebreid en bruikbaaroverzicht van diverse doorgerekende scenario’s in het kader van dedrempelregelingen. Of het netto-inkomen hoger of lager uitvalt is sterkafhankelijk van onder meer het aantal (thuis)werkdagen in het woonland,het al dan niet opteren voor toepassing van de kaderovereenkomst voorsociale zekerheid en de inkomenscategorie. Het uit dit rapport ontstanebeeld is dat thuiswerkregelingen vaak niet gunstig uitpakken voor hetnetto-inkomen van grenswerkers die hybride werken. Dat wil niet zeggendat een drempelregeling enkel nadelig is voor de grenswerker. Uit hetonderzoek blijkt dat, behoudens het netto-inkomen, ook een afweging tenaanzien van de administratieve lasten per geval moet worden beoordeeldbij zowel de werknemer als werkgever. Een drempelregeling gaat daarbijgepaard met zekerheid voor de grenswerker die niet, in afwachting vanbelastingaanslagen in meerdere landen, hoeft te wachten op vaststellingvan het definitieve netto-inkomen. Concluderend is een positief ofnegatief netto-inkomen, samen met de hoeveelheid administratieve lastenvoor de werknemer en werkgever, sterk afhankelijk van de specifiekeomstandigheden van de grenswerker.Voor Nederland ligt de focus op korte termijn op een drempelregeling meteen beperkte dagendrempel.19 Dit heeft allereerst met haalbaarheid temaken. Duitsland staat op dit moment bijvoorbeeld niet open voor eenverdergaande regeling. Zoals aangegeven in mijn brief kunnen wedaardoor op korte termijn niet tot een regeling komen waarmee in lijn metde wens van het kabinet aangesloten wordt bij de sociale zekerheid. Ik kandiscoördinatie tussen de fiscaliteit en sociale zekerheid daardoor nietgeheel voorkomen.Het onderzoek geeft ons echter een belangrijk inzicht in andere aspectendan discoördinatie die kunnen meewegen in de wenselijkheid vanmogelijke regelingen voor grenswerkers. Zo blijkt uit het onderzoek datafhankelijk van de specifieke omstandigheden een drempelregeling metbeperkte dagendrempel voordelig kan zijn voor het netto-inkomen van dehybride werkende grenswerker ondanks dat de discoördinatie niet geheelwordt weggenomen. Een beperkte dagendrempel helpt grenswerkers dieincidenteel hybride werken wel altijd in het verminderen van administra-tieve lasten en verschaft daarnaast zekerheid over onder meer hetdefinitieve netto-inkomen van de grenswerker (psychologisch aspect).Aan de andere kant heeft een dergelijke drempelregeling voor grens-werkers die structureel thuiswerken geen impact. Een eventuele gunstige«salary split» blijft dan van toepassing. In die situaties is overigens hetnetto-inkomen van een grenswerker die structureel thuiswerkt vaak hoger17Onderzoeksrapport «Thuiswerkregelingen voor grensarbeiders», p. 63.18Onderzoeksrapport «Thuiswerkregelingen voor grensarbeiders», p. 64–69.19Brief d.d. 16 februari 2024 «Beantwoording vragen CDA en OPNL over brief fiscale ontwikke-lingen rondom grenswerkers (Kamerstuk 35 714, I)».Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 25 087, nr. 3286 dan het netto-inkomen een werknemer die geen grenswerker is (ongeachtde hoeveelheid thuiswerken).Op korte termijn, bijvoorbeeld met Duitsland, is een drempelregeling meteen beperkte dagendrempel daarom een stap in de goede richting. Oplange termijn, bijvoorbeeld in multilateraal verband, kunnen de bereke-ningen in dit onderzoek dienen voor verdere discussies over mogelijkeoplossingsrichtingen. Daarbij kunnen relevante factoren, zoals administra-tieve verplichtingen, inkomenseffecten en gelijkheid op de werkvloer,mede dankzij dit onderzoek beter worden meegenomen.Zoals toegelicht in mijn brief d.d. 16 februari jl. span ik mij er ook zeervoor in om op Europees en internationaal niveau verdergaanderegelingen af te spreken. Om in bilateraal en OESO/EU-verband stappen tezetten bij het aanpakken van de fiscale problematiek met betrekking totgrenswerkers, heb ik meerdere malen gesproken met de BelgischeMinister van Financiën. Ook heb ik dit als prioriteit aangekaart bij deDuitse Staatssecretaris van Financiën tijdens mijn bezoek aan Berlijn injuni 2023. Bovendien heb ik over dit onderwerp gesproken met deMinister van Financiën van Noordrijn-Westfalen. Na deze gesprekken iseind 2023 mede op initiatief van Nederland een informele taskforcegestart met een aantal andere EU-lidstaten. Deze taskforce wordt nuverbreed en voortgezet door het Belgische voorzitterschap. In de drievergaderingen die zijn geagendeerd in de eerste helft van 2024, zullen demogelijke oplossingsrichtingen verder uitgewerkt worden. Deze oplos-singsrichtingen kunnen vervolgens dienen als input voor de EuropeseCommissie of de OESO. In OESO-verband verwacht ik dat toekomstigediscussies primair over het vraagstuk van een mogelijke vaste inrichtingvan de werkgever in het woonland van de werknemer zullen gaan. Hoeweldat vooral gevolgen heeft voor de werkgever, kunnen deze berekeningenextra dimensie geven aan die discussie.3. Budgettaire effecten De gevolgen van een thuiswerkregeling voor de Nederlandse belastingop-brengsten zijn op dit moment nog niet te kwantificeren. In het algemeenkan wel worden gesteld dat een drempelregeling gunstig uitpakt voor hetland van de werkgever van de grenswerkers, omdat onder zo’n regelingde belastingheffing bij het land van de werkgever blijft. Aangezien er meermensen vanuit Duitsland en België in Nederland werken danomgekeerd,20 is het aannemelijk dat een thuiswerkregeling eerder tot eenopbrengststijging dan een opbrengstdaling voor Nederland zal leiden. Hettegenovergestelde kan worden geconcludeerd op het moment dat eenvolledige woonstaatheffing zou worden afgesproken. Immers, onder dezeregeling blijft de belastingheffing volledig bij het woonland. Uiteindelijkhangt het precieze effect af van de maatvoering van de regeling en demate waarin nu al thuisgewerkt wordt. Omgekeerde budgettaire effectenkunnen optreden bij de verdragspartner. Dit kan onderdeel uitmaken vande onderhandelingen.4. Tot slot Hybride werken heeft gevolgen voor zowel de werknemer als werkgever.Aangezien er verschillende oplossingsrichtingen bestaan om de fiscalegrenswerkersproblematiek weg te nemen, heb ik via dit onderzoek20Inwoners van Nederland werkend in Duitsland: 14.000; inwoners van Nederland werkend inBelgië: 13.000; inwoners van Duitsland werkend in Nederland 43.000; inwoners van Belgiëwerkend in Nederland 43.000. Bron: Annual Report on Intra-EU Mobility (2022), tabel 56 opp. 175.Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 25 087, nr. 3287 geprobeerd om de (inkomens)effecten van mogelijke thuiswerkregelingeninzichtelijk te maken. In de meeste gevallen zijn drempelregelingen,kijkend naar enkel het netto-inkomen, minder gunstig voor de werknemerdie hybride werkt ten opzichte van de huidige situatie. In de huidigesituatie is het netto-inkomen van een grenswerker die structureelgedeeltelijk thuiswerkt door de zogenoemde «salary split» vaak hoger danhet netto-inkomen van een werknemer die in hetzelfde land woont enwerkt. Daarbij merk ik op dat er voor de werknemer veelal een afwegingbestaat tussen enerzijds het netto-inkomen en anderzijds de totale last aanadministratieve verplichtingen die zich niet eenduidig laat kwantificeren.Een drempelregeling met een lagere dagendrempel biedt derhalve eenoplossing en is een stap in de goede richting. Ook de budgettaire effectenvan zo’n regeling zullen waarschijnlijk positief uitvallen voor Nederland. Ikzal de inzichten uit dit onderzoek verder gebruiken in de bilateralediscussies met onze buurlanden.Daarnaast zal ik deze inzichten inzetten en wegen tijdens toekomstigemultilaterale discussies over dit onderwerp op de lange termijn.De Staatssecretaris van Financiën,M.L.A. van RijTweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 25 087, nr. 3288
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.