Reactie op factsheets digitale strategische autonomie
Brontekst
Versie 13111d1e5ff7677d · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2024–202526 643Informatie- en communicatietechnologie (ICT)Nr. 1383 BRIEF VAN DE MINISTER VAN ECONOMISCHE ZAKEN EN DESTAATSSECRETARIS VAN BINNENLANDSE ZAKEN ENKONINKRIJKSRELATIES Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 21 augustus 2025Op 23 april jl. heeft de vaste Kamercommissie Digitale Zaken eenCommissiebrief gestuurd met een verzoek tot reactie op vijf wetenschap-pelijke factsheets over digitale strategische autonomie. Wij waarderen deaandacht die de Kamercommissie heeft voor dit belangrijke onderwerp.Middels deze brief gaan wij in op de drie vragen die worden gesteld inverzoek. De brief gaat in op (1) de doelstellingen die het kabinet hanteertten aanzien van open strategische autonomie met betrekking totAI-ontwikkeling, (2) de monitoring hiervan en gebruikte indicatoren, en(3) de reactie op de factsheets.(1) Welke doelstellingen heeft het kabinet in het streven naardigitale strategische autonomie in AI-ontwikkeling?In de veranderende mondiale context wordt het steeds belangrijker datNederland en de EU geopolitiek gezien op eigen benen kunnen staan enbeter kunnen opkomen voor Nederlanders. Het belang van (openstrategische) autonomie1 neemt steeds verder toe. Ook zien we datdigitale technologie steeds centraler komt te staan in de geopolitiekemachtsstrijd, met daarin AI als focuspunt. Dit, vanwege de enormeeconomische, maatschappelijke en veiligheidsbelangen die gemoeid zijnmet AI.Het kabinet vindt het dan ook het belangrijk om als Nederland en met deEU stevig in te zetten op veilige en betrouwbare AI-ontwikkeling. Daarmee1Het kabinet definieert open strategische autonomie als volgt: het vermogen van de EU om alsmondiale speler, in samenwerking met internationale partners, op basis van eigen inzichten enkeuzes publieke belangen te borgen en weerbaar te zijn in een onderling verbonden wereld.Met deze definitie wil het kabinet onder meer het belang voor onze autonomie benadrukkenvan de EU, een open economie en internationale relaties. Zie ook de Kamerbrief over openstrategische autonomie | Kamerstuk | Rijksoverheid.nl kst-26643-1383ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2025Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 26 643, nr. 13831 versterken we onze autonomie. Dit zorgt ervoor dat we beter zelf kunnenbepalen hoe we onze samenleving willen inrichten, onder andere doorervoor te zorgen dat AI in lijn is met onze normen en waarden en bijdraagtaan maatschappelijke uitdagingen. Daarnaast draagt dit bij aan een veiligNederland dat ook in de toekomst een sterke economie heeft, methoogwaardige bedrijvigheid en een welvarende verzorgingsstaat.Het kabinetsbeleid aangaande open strategische autonomie in het digitaledomein is uiteengezet in de Agenda Digitale Open StrategischeAutonomie DOSA2, waarin AI één van de geprioriteerde technologieën is.Het kabinet neemt in de Agenda DOSA de gehele productieketen voordigitale technologie in beschouwing, van grondstoffen tot applicaties enricht zich in de agenda ook op randvoorwaarden zoals vaardigheden enconcurrentievermogen die de waardeketen doorsnijden. Het hoofddoelvan het kabinet met betrekking tot autonomie in AI-ontwikkeling is datonze (algemene) open strategische autonomie wordt versterkt. Belangrijkeonderdelen hiervan zijn dat Nederland en de EU niet te veel onder drukgezet kunnen worden via de toegang tot AI-technologie en dat we kunnenborgen dat AI ten goede komt aan de samenleving en de economie.Tegelijkertijd kunnen we in de economie en voor de maatschappelijkeuitdagingen waar Nederland voor staat ook niet zonder AI. Het strevennaar meer autonomie moet daarom naast het verminderen van risico’sook ruimte laten om met AI aan de slag te gaan en te innoveren.Vanwege de grote maatschappelijke belangen rondom AI, wordt mondiaalop grote schaal geïnvesteerd in AI, aangevoerd door de VS en China. DeEU loopt achter. Zo werd in 2024 in de VS $ 109 mld. privaat geïnvesteerdin AI, tegenover $ 19 mld. in Europa (inclusief het VK e.d.) en $ 9 mld. inChina3. Ook de Chinese overheid investeert op grote schaal, onder anderemet naar schatting $ 210 mld. publiek durfkapitaal tussen 2013 en 20234.Wat betreft het aantal AI-octrooien komt 70% uit China, 14% uit de VS enslechts 3% uit Europa5. Kijken we naar de rekenkracht-infrastructuur danbezit de VS volgens een schatting 74% van de mondiale rekenkracht,China 14% en de EU 4–5%6, 7. De bovengenoemde redenen zorgen ervoordat we steeds verder achterop raken in de ontwikkeling van de meestkrachtige AI en haar ondersteunende infrastructuur en technologieën. Ditbetekent dat er, net zoals bij andere digitale technologieën zoals cloud,een situatie aan het ontstaan is van vergaande afhankelijkheid. Dit tastonze autonomie aan.Er zijn verschillende factoren die een rol spelen in de achterblijvendeinvesteringen in de EU. Een belangrijke is dat barrières op de internemarkt het lastig maken voor bedrijven om binnen de EU op te schalen.Ook zijn onze kapitaalmarkten minder ontwikkeld en heeft de EU kleinereecosystemen voor digitale technologie waar zij op voort kan bouwen.Daarnaast worden er in de EU minder AI-startups opgericht dan in de VS.In 2024 waren dit er 447 in de EU tegenover 1.143 in de VS8. Bovendienheeft de EU een structurele achterstand op een aantal andere randvoor-waarden: talent en kennis stromen weg naar de VS, bedrijven hebbenonvoldoende toegang tot hoogwaardige datasets, er zijn relatief hogeenergieprijzen en er zijn minder investeringen in ondersteunendetechnologieën. Door deze redenen vertrekken veel jonge AI-bedrijven naarmet name de VS. Tot slot heeft de EU, met haar focus op het reguleren2Agenda Digitale Open Strategische Autonomie | Rapport | Rijksoverheid.nl3The 2025 AI Index Report | Stanford HAI4Government Venture Capital and AI Development in China | FSI5The 2025 AI Index Report | Stanford HAI6Trends in AI Supercomputers | Epoch AI7AI Datacenter Energy Dilemma – Race for AI Datacenter Space – SemiAnalysis8The 2025 AI Index Report | Stanford HAITweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 26 643, nr. 13832 van digitale technologie, de afgelopen jaren onvoldoende aandachtbesteedt aan digitale innovatie, waar momenteel terecht meer op wordtingezet.Tegelijkertijd hebben de EU en Nederland in veel aspecten een goedeuitgangspositie. Zo hebben de EU, en in het bijzonder Nederland, eengoed opgeleide bevolking om AI te ontwikkelen en toe te passen9. Ookhebben we een goede digitale infrastructuur, toonaangevende universi-teiten en verschillende hoog-innovatieve AI-ecosystemen, waaronderAmsterdam10. Daarnaast heeft Nederland een relatief groot aantalAI-startups per inwoner.11Het is belangrijk nu voort te bouwen op die goede uitgangspositie en onzeautonomie te versterken. AI-afhankelijkheid brengt risico’s met zich mee.Als kabinet zetten we er daarom op in het mitigeren van deze risico’s.Hiervoor is het belangrijk om te investeren in een goede AI-infrastructuuren zelf innovatieve AI-toepassingen te ontwikkelen. Ook is het belangrijkom stabiele toegang te hebben tot de krachtigste AI-technologie, waar hetkabinet onder andere op inzet door het mitigeren van (risicovolle)strategische afhankelijkheden en het vergroten van de Europese strate-gische onmisbaarheid in de AI-waardeketen. Hierbij is het belangrijk om tebeseffen dat we niet in de gehele waardeketen technologisch leidendkunnen worden. Ook moet het streven naar autonomie AI-innovatie en-adoptie niet onnodig belemmeren. We moeten daarom als kabinet keuzesmaken waarop we willen inzetten, bijvoorbeeld op technologieën in dewaardeketen waarin we een sterke positie hebben. Daarnaast is het zaakom in te zetten op minimale regulering die rechtsbescherming envertrouwen biedt, en tegelijkertijd ruimte geeft aan innovatie.Het kabinet onderneemt al verschillende acties om de Nederlandse enEuropese AI-ecosystemen te versterken. Dit doet het kabinet onder meerdoor innovatie te stimuleren (bijvoorbeeld via het meerjarig AiNedGroeifondsprogramma), publiek-privaat samen te werken (bijvoorbeeld inAI Coalitie voor Nederland) en de beschikbaarheid van AI-talent tevergroten (bijvoorbeeld met het Actieplan Groene en Digitale Banen). Hetkabinet werkt momenteel aan de realisatie van een AI-faciliteit inNederland om betrouwbare en geavanceerde AI te kunnen ontwikkelen enbenutten.12 Naast deze AI-specifieke acties werkt het kabinet aan hetverbeteren van de eerder beschreven economische randvoorwaardenvoor AI-ontwikkeling. Bovendien werkt het kabinet aan het bevorderenvan de adoptie van AI, onder meer door in de Europese Digitale InnovatieHubs (EDIH) bedrijven te ondersteunen met het integreren van AI in hunprocessen.Daarnaast werkt het kabinet met een goede implementatie van deAI-verordening aan heldere wettelijke kaders voor de ontwikkeling eninzet van AI. De AI-verordening creëert vertrouwen in de toepassing vanAI, door risico’s voor de veiligheid, gezondheid en mensenrechtenproportioneel te beperken. Doordat het hier gaat om een Europeseverordening met rechtstreekse werking, wordt de interne markt versterkten wordt voorkomen dat landen op nationaal niveau strengere ofconflicterende regels hanteren. De AI-verordening stelt alleen eisen aanAI-systemen die voor concrete risico’s kunnen zorgen, zoals beoordelings-systemen in het onderwijs of selectiesystemen voor sollicitanten. Om hetgewenste effect van een interne markt met betrouwbare en mensgerichte9State of AI in The Netherlands – Igniting Europe’s Hidden AI Powerhouse10Idem.11Idem.12Kamerstuk 2024–2025, 26 643, nr. 1330Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 26 643, nr. 13833 AI te bewerkstelligen, is het belangrijk dat de regels uit de AI-verordeningduidelijk en uitvoerbaar zijn. Het kabinet zet zich hier actief voor in, onderandere via de regulatory sandbox.Ook de Europese Commissie (EC) stelt dat een voortrekkersrol in deAI-sector cruciaal is om de technologische soevereiniteit en concurrentie-vermogen van de EU te versterken.13 In de recent gepubliceerde AIContinent Actieplan heeft de EC dan ook veel aandacht voor hetversterken van het AI-ecosysteem, inclusief grote publiek-privateinvesteringen via het Invest AI-initiatief. De acties van de EU verdelen zichover vijf pijlers: (1) opschaling van AI-rekeninfrastructuur, (2) toegang tothoogwaardige data, (3) stimulering van AI-ontwikkeling en -toepassing instrategische sectoren, (4) versterking van AI-vaardigheden en talent, en(5) ondersteuning voor naleving van de AI-verordening14. De voorstellenin het plan kunnen bijdragen aan het versterken van onze economie,veiligheid en open strategische autonomie en verkleinen mogelijk deafhankelijkheid van derde landen.15Wat betreft het gebruik van AI door de overheid zet het kabinet in op hetverantwoord benutten van de kansen die AI biedt, waarbij rekening wordtgehouden met de geopolitieke context en het beheersen van risico’s.Hierbij is nadrukkelijk aandacht voor het belang van open strategischeautonomie. Dit blijkt onder meer uit het in april jl. gepubliceerdeoverheidsbrede standpunt en de begeleidende handreiking generatieveAI.16 Hierin wordt de voorkeur uitgesproken voor open modellen (zoalsGPT-NL) en, waar mogelijk, open source applicaties. Ook wordt aange-moedigd om de mogelijkheden te verkennen van Nederlandse ofEuropese aanbieders van generatieve AI. Daarnaast wordt ingezet op hetversterken van de digitale (open strategische) autonomie van de overheid.Bijvoorbeeld door het streven naar een hoogwaardige AI-infrastructuurvoor de overheid. Ook wordt ingezet op een overheidsbredeIT-sourcingsstrategie en het bundelen van inkoopkracht om de autonomiete vergroten.Het kabinet zet ook internationale samenwerking en diplomatiekeinstrumenten in ter versterking van de AI autonomie van Nederland enEuropa en adressering van ondermijnende veiligheidsrisico’s van AI. Deinterdepartementale internationale AI strategie waaraan in reactie op demotie Six Dijkstra c.s. (Kamerstuk 26 643, nr. 1160) wordt gewerkt zal daarnader op ingaan.(2) Hoe monitort het kabinet deze autonomie en aan de hand vanwelke indicatoren?In de voortgangsrapportage van de Strategie Digitale Economie (SDE)17rapporteert het kabinet over de voortgang van de Agenda Digitale OpenStrategische Autonomie. Ook gaat deze rapportage in op de innovatie enadoptie van digitale technologie in Nederland, waaronder AI. De voort-gangsrapportage SDE baseert zich voor AI primair op cijfers en analysesdie het CBS publiceert, zoals de AI-monitor18. De AI-monitor gaat in opadoptie en productie van AI en AI in het onderwijs en de arbeidsmarkt.13A Competitiveness Compass for the EU, COM(2025) 30, 29 januari 2025.14Fiche: Mededeling AI Continent Actieplan, Kamerstuk 2025, 22 112, nr. 405915Idem16https://www.rijksoverheid.nl/documenten/rapporten/2025/04/16/het-overheidsbrede-standpunt-voor-de-inzet-van-generatieve-ai17Strategie Digitale Economie: Voortgangsrapportage 2024 | Rapport | Rijksoverheid.nl18AI-monitor 2024 | CBSTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 26 643, nr. 13834 Daarnaast betrekt het kabinet voor beleidsvorming ook cijfers enindicatoren uit andere bronnen19, waaronder (relatieve) investeringen inAI, marktaandeel en strategische afhankelijkheden in de waardeketen, debeschikbaarheid van open source alternatieven, de ontwikkeling van hetaantal AI startups en scale-ups, AI-patenten en wetenschappelijkepublicaties op het gebied, de beschikbaarheid van AI-talent enhoogwaardige databronnen en het publieke sentiment jegens AI.Er zal beleid worden vormgegeven op het gebruik van open Nederlandseof Europese taalmodellen, het bouwen van hoogwaardige overheidsinfra-structuur voor AI en het algemene beleid om de digitale autonomie vande overheid te vergroten. Daarnaast werkt TNO in opdracht van hetMinisterie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) aan eenoverheidsbrede monitor voor generatieve AI. Hierin is onder meeraandacht voor de afwegingen die overheidspartijen maken bij de inzet vangeneratieve AI, onder andere op het gebied van autonomie. De monitorzal naar verwachting in het derde kwartaal van dit jaar wordengepubliceerd.Tot slot monitort de Europese Commissie in het kader van het beleidspro-gramma voor het digitale decennium (Digital Decade) verschillende pijlersvan de digitale samenleving en economie, waaronder de introductie engebruik van AI, digitale vaardigheden, digitale infrastructuur, de digitaletransformatie van bedrijven en de digitalisering van publieke dienstver-lening.(3) Wat is de reactie op de door DiZa ingewonnen expert-informatie ten aanzien van deze twee bovenstaande vragen?Wij waarderen de ingewonnen expert-informatie en onderschrijven denoodzaak die wordt geschetst om onze open strategische autonomie metbetrekking tot AI te versterken. Het kabinet zal de aangereikte visies enindicatoren ter harte nemen bij het ontwikkelen van verder beleid op ditterrein.Het kabinet hanteert, in lijn met de factsheets, in het DOSA-beleid en hetAI-beleid een brede aanpak die zich zowel richt op de verschillendeonderdelen van de productieketen als het ecosysteem en de randvoor-waarden. Wel is het belangrijk te benadrukken dat het kabinet een brederedefinitie van digitale open strategische autonomie hanteert dan alleenautonoom zijn in en met AI. Het gaat om autonome keuzes te kunnenmaken in alle domeinen, zonder hierin beperkt te kunnen worden dooriets wat speelt in het AI-domein. De andere zijde van deze medaille is dateen minder autonome positie op het gebied van AI gedeeltelijk gecom-penseerd kan worden op andere terreinen. Tegelijkertijd onderkent hetkabinet het belang van een sterkere autonome positie op het gebied vanAI. Daarom worden op dit vlak gerichte stappen gezet. Hierbij beziet hetkabinet open strategische autonomie nadrukkelijk vanuit een Europeesperspectief. Vanwege de beperkte schaal van Nederland is nauwesamenwerking binnen de EU noodzakelijk. Dit geldt ook voor partner-schappen met betrouwbare landen buiten de EU die een sleutelrol spelenin de AI-waardeketen of strategische alternatieven kunnen bieden. Hetkabinet zet daarbij in op AI-technologieën waarin Nederland binnen hetbredere Europese en internationale ecosysteem een betekenisvolle rol kanvervullen.19Dit zijn onder meer gegevens van de OESO (AI Strategies and Policies in Netherlands –OECD.AI), Stanford en Techleap (Reports » Techleap 2025) en informatie van AI Coalitie 4 NL.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 26 643, nr. 13835 Wij erkennen de voorgestelde indicatoren voor het monitoren van deautonomie met betrekking tot AI. Veel van de genoemde indicatorenhanteren wij ook in onze beleidsvorming. Wij zien voor nu geen noodzaakin aanvulling hierop nieuwe monitoringstools op te zetten terwijl deopgave die voor ons ligt voldoende duidelijk is. Door de toenemende rolvan het digitale domein in onze samenleving en economie en de relatiefachterliggende positie van Nederland en de EU, staat onze open strate-gische autonomie onder druk. Er is een groter wordende afhankelijkheidvan actoren buiten de EU en de normerende positie van de EU is mindervanzelfsprekend. Naar verwachting worden deze ontwikkelingen versterktmet betrekking tot AI. Daarom zet het kabinet, samen met de EU, stevig inop het versterken van onze autonomie, óók met betrekking tot AI.De Minister van Economische Zaken,V.P.G. KarremansDe Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,E. van MarumTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 26 643, nr. 13836
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.