Verzamelbrief Luchtvaart Q4 2025
Brontekst
Versie 09243efa572bfe5d · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2025–202631 936LuchtvaartbeleidNr. 1258 BRIEF VAN DE MINISTER VAN INFRASTRUCTUUR ENWATERSTAAT Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 18 december 2025Met deze verzamelbrief wordt u geïnformeerd over de voortgang vanverschillende onderwerpen met betrekking tot luchtvaart. Daarbij wordtook ingegaan op de wijze waarop uitvoering is gegeven aan een aantaltoezeggingen en moties aan de Tweede Kamer.De volgende onderwerpen komen in deze verzamelbrief aan de orde:•Een verslag van de 42e ICAO Assembly•Uitvoeringsagenda Luchtvaartnota•Stand van zaken luchthavenbesluiten voor regionale luchthavens•Luchtruimwijzigingen•Duurzaam taxiën op Schiphol•Mogelijkheden om zwavel en aromaten in kerosine uit te faseren•De bijdrage van luchtvaart aan de weerbaarheid van de Nederlandseeconomie•Vervolg evaluatie tariefregulering•Stand van zaken moties m.b.t. Europese verordeningen•Voortgang opvolging ACOI aanbeveling 3•Draagvlakonderzoek LuchtvaartVerslag van de 42ste ICAO AssemblyVan 23 september tot en met 3 oktober jl. vond de 42ste ICAO Assemblyplaats, de driejaarlijkse vergadering van de Internationale CivieleLuchtvaart Organisatie van de Verenigde Naties. Conform de toezegging1in de brief van 3 juni jl., wordt u hierbij geïnformeerd over de belangrijksteresultaten.Tijdens de ICAO Assembly is teruggeblikt op de uitvoering van deresultaten van de 41ste ICAO Assembly in 2022 en is het werkprogrammavoor de komende drie jaren, van 2026 tot 2028 vastgesteld. De bespre-kingen tijdens deze ICAO Assembly zijn vastgelegd in de zogenaamde1Kamerstuk 31 936, nr. 1238 kst-31936-1258ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2025Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 31 936, nr. 12581 rapportage en Resoluties, die de basis vormen voor het werkprogramma2026–2028. Ook is de begroting voor 2026–2028 vastgesteld en is denieuwe Raad (de ICAO Council) verkozen. Alle onderliggende stukken zijnterug te vinden op de publieke ICAO website www.icao.int.Nederland heeft met een Koninkrijkdelegatie deelgenomen aan deze ICAOAssembly. Op basis van een vooraf opgestelde instructie is deelgenomenaan de plenaire bijeenkomsten en aan de thematische commissies. In dethematische commissies is gesproken over technische- en veiligheids-vraagstukken, security en cybersecurity, facilitatie, milieu en klimaat eneconomische vraagstukken. Gelet op de geopolitieke spanningen van ditmoment lag er op bepaalde onderwerpen van deze ICAO Assembly extradruk, zoals de beveiliging van het luchtruim en op de nieuwe samen-stelling van de ICAO Council.Belangrijkste resultaten 42ste ICAO AssemblyVerkiezingen ICAO RaadIn de eerste en tweede week vonden de verkiezingen voor ICAO Councilplaats. De verkiezingen zijn verdeeld in drie groepen: geopolitieke invloeden grootte van de luchtvaartsector (part I) dan wel de bijdrage aan deluchtvaart-infrastructuur (part II) en regionale spreiding van de vertegen-woordiging in de council (part III).Tijdens de verkiezingen voor de Council zijn de volgende landen verkozen.In part I: Australië, Brazilië, Canada, China, Frankrijk, Duitsland, Italië,Japan, Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten; in part II: Argentinië,Colombia, Denemarken, Egypte, India, Mexico, Nigeria, Saoedi Arabië,Singapore, Spanje, Zuid-Afrika en Zwitserland en in Part III: Angola,Belize, Cuba, Ecuador, Equatoriaal Guinea, Malaysia, Mali, Marokko,Oeganda, Polen, Qatar, Uruguay, Verenigde Arabische Emiraten enZuid-Korea.Deelname aan de Council is belangrijk, omdat er door leden invloed kanworden uitgeoefend op de internationale luchtvaartwet- en regelgeving ener gebruik kan worden gemaakt van het wereldwijde netwerk vandiplomatiek overleg op luchtvaartgebied. Er is dan ook altijd veelbelangstelling voor het verkrijgen of behouden van een zetel in de council.Nederland is via Zwitserland als deel van de Abis rotatiegroep2 vertegen-woordigd in de ICAO Council part II.Net als in 2022 is de Russische Federatie (RF) niet gekozen in de ICAOCouncil.Conflict zones en gerelateerde politieke onderwerpenDe beveiliging van het (inter)nationale luchtruim en de manier waarop erwordt omgegaan door overheden en luchtvaartmaatschappijen met het aldan niet vliegen over conflictgebieden, is een onderwerp dat sinds hetneerhalen van de MH17 in juli 2014 hoog op de ICAO agenda staat.Voor Nederland waren de volgende onderwerpen van belang: Jammingen spoofing (GNSS-RFI; het verstoren van radio frequenties), conflictzones en (cyber)security.2De Abis rotatie groep bestaat uit een samenwerking tussen de volgende landen; België, Ierland,Kroatië, Luxemburg, Nederland, Oostenrijk, Portugal en Zwitserland, die beurtelings de zetel inde ICAO Raad bezetten.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 31 936, nr. 12582 De RF en Noord-Korea zijn (al vóór de 42ste ICAO Assembly) beidenveroordeeld door de Council voor het schenden van het ICAO-verdragdoor het verstoren van radiofrequenties. Sinds 2022 hebben betrokkenlidstaten geen concrete acties ondernomen om hun schendingen van hetICAO-verdrag te corrigeren. Daarom werden tijdens deze Assembly drieresoluties uit 2022 (A41–1, A41–2 en A41–3) opnieuw bekrachtigd. Inresolutie A41–1 wordt Belarus veroordeeld voor de gedwongen landingvan Ryanair vlucht FR4978 in Minsk in mei 2021.3 In resolutie A41–2 wordtde RF onder meer veroordeeld voor schending van het luchtruim vanOekraïne. In resolutie A41–3 wordt Noord-Korea veroordeeld vooronaangekondigde raketlanceringen die een gevaar vormen voor hetluchtverkeer.Vermeldenswaardig is het bezwaar dat de RF aantekende tegen eennieuwe resolutie over de verhoogde risico’s voor de burgerluchtvaart vanhet vliegen over conflictzones. De RF betoogde dat een verwijzing in dezecontext naar het recente ongeval van Azerbaijan Airlines Flight 8243(december 2024) ongepast is, aangezien het ongevallenonderzoek nogniet is afgerond. De RF beweerde daarnaast dat de verwijzing in de tekstnaar Malaysia Airlines Flight 17 (MH17) volstrekt misplaatst is nu de RFberoep heeft aangetekend bij het Internationaal Gerechtshof (IGH) tegenhet besluit van de ICAO-Raad in de artikel 84 procedure die was aange-spannen door Australië en Nederland. Deze bezwaren van de RF zijnverworpen.Tot slot werd besluitvorming afgewend over de verschillende workingpapers die waren ingediend door onder meer de RF en Venezuela overunilaterale maatregelen (lees: de Westerse sancties tegen de RF na deRussische aanval op de Oekraïne), door onder meer (impliciet) teverwijzen naar de lopende artikel 84 procedure van de RF tegen37 lidstaten. Het onderwerp is hiermee niet van tafel, maar zal in de ICAOCouncil verder worden opgepakt.Naast goedkeuring van de rapportage en bijbehorende resoluties over debovenstaande politiek gevoelige onderwerpen die onder de noemer«Other high-level policy issues to be considered by the ExecutiveCommittee (uitvoerend comité) » tijdens deze Assembly aan bod kwamen,werden rapporten en bijbehorende resoluties over (cyber)securitygoedgekeurd. Voor Nederland en de EU stonden drie doelstellingencentraal t.a.v. cyber security; vertrouwelijke informatie kan niet altijdzomaar gedeeld worden (zeker niet in ICAO-verband); cyber security isdomein overstijgend en er is behoefte aan een holistische benadering.Deze doelstellingen zijn voor een deel teruggekomen in de resolutieteksten.Milieu en klimaatOp de thema’s milieu en klimaat is de 42ste ICAO Assembly harmonieusverlopen. In de afgelopen 15 jaar heeft ICAO een lange termijnCO2-reductiedoel vastgesteld, instrumenten ontwikkelend zoals CORSIAen duurzaamheidscriteria voor brandstoffen, werkt men aan non-CO2emissies en staat ook klimaatadaptatie hoog op de agenda. De42ste Assembly heeft via zijn uitvoerend comité deze resultaten onder-streept met het vaststellen van de drie resoluties op het gebied van milieuen klimaat zonder noemenswaardige weerstand of ingrijpende wijzi-gingen. Concreet betekent het dat de methodologie voor het monitoren enrapporteren van de voortgang richting het lange termijn doel is goedge-3Na de landing van het Ryanair-toestel in de Belarussische hoofdstad Minsk werd de gezochtejournalist Roman Protasevitsj opgepakt. De zaak leidde wereldwijd tot verontwaardiging.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 31 936, nr. 12583 keurd en dat er een nieuwe certificeringsstandaard is voor zowel geluidals CO2-emissies voor nieuwe vliegtuigen. Op het gebied van klimaat iseen doel voor 2030 vastgesteld van 5% CO2-reductie via duurzamebrandstoffen (SAF) vastgesteld en is goedkeuring gegeven aan de rol dieICAO gaat spelen op het gebied van financiering van project om SAF teontwikkelen (oprichting Finvest hub). Tot slot werd de resolutie overCORSIA (het mondiale CO2 compensatie en reductiesysteem) zonderweerstand van de BRICS4 en van de Arabische landen vastgesteld. Doorde gemaakte afspraken in de resoluties verder te consolideren ligt denadruk de komende jaren op implementatie en op de daarvoor benodigdefinanciering.Overige resultaten Assembly commissiesTot slot heeft de Assembly de rapporten en resoluties goedgekeurd diezijn opgesteld door de Economische Commissie, Juridische Commissie,Technische Commissie en Administratieve Commissie (o.a. ICAObegroting voor de jaren 2026–2028). Dit geldt ook voor de overigeagendapunten die door het uitvoerend comité zijn behandeld.Uitvoeringsagenda van de LuchtvaartnotaOp 20 november 2020 is de Uitvoeringsagenda Luchtvaart aangebodenaan de Tweede Kamer. De uitvoeringsagenda geeft aan welke acties hetMinisterie van Infrastructuur en Waterstaat, in samenwerking metbelanghebbenden, zou ondernemen om invulling te geven aan de koersvan de Luchtvaartnota 2020–2050. Het coalitieakkoord van kabinet-Rutte IVheeft ertoe geleid dat er andere accenten in de uitvoeringsagenda zijnaangebracht, gericht op het versnellen van maatregelen om de overlast inde omgeving van luchthavens te verminderen en de luchtvaart schoner enstiller te maken.Bij de aanbieding van de geactualiseerde uitvoeringsagenda in 2023 istoegezegd dat de Kamer zou worden geïnformeerd over de voortgang opde acties uit de uitvoeringsagenda. Gezien de actualisatie van deuitvoeringsagenda in 2023 en het karakter van de afzonderlijke acties, iservoor gekozen om in plaats van via een afzonderlijke rapportage, deKamer voortaan via de reguliere Kamerbrieven over deze acties teinformeren. Op deze wijze wordt invulling gegeven aan de toezegging.Bij de uitvoering van het beleid staat het vinden van een evenwicht tussende ontwikkeling van de luchtvaart en de leefbaarheid in de omgeving vanluchthavens centraal. De acties die het Ministerie van IenW in dat kaderonderneemt, zijn in lijn met de Luchtvaartnota.Stand van zaken luchthavenbesluiten regionale luchthavensMet de brief van 12 december 20245 is de Tweede Kamer geïnformeerdover de stand van zaken van de procedures voor de luchthavenbesluitenvoor de regionale luchthavens Rotterdam The Hague Airport (RTHA),Maastricht Aachen Airport (MAA) en Groningen Airport Eelde (GAE).Hieronder treft u per luchthaven de relevante ontwikkelingen sindsdienaan. Ook wordt ingegaan op Eindhoven Airport.Het traject voor de luchthavenbesluiten blijft inhoudelijk, bestuurlijk enpolitiek complex, wat tot onzekerheden in de planning leidt. Het ministerie4BRICS: informeel samenwerkingsverband van Brazilië, Russische Federatie, India, China enZuid-Afrika5Kamerstuk 31 936, nr. 1179Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 31 936, nr. 12584 blijft inzetten op het zo spoedig mogelijk vaststellen van de luchthavenbe-sluiten voor de luchthavens. De Kamer wordt over de voortgang periodiekop de hoogte gehouden.Groningen Airport Eelde (GAE)LuchthavenbesluitOp 1 november 2025 is het Luchthavenbesluit voor de luchthaven Eelde inwerking getreden6. Hiermee heeft het Luchthavenbesluit de Omzettingsre-geling van de luchthaven Eelde vervangen. In het Luchthavenbesluit zijnverschillende maatregelen opgenomen om zowel de bereikbaarheid vanNoord-Nederland te verbeteren als de bescherming van de omwonendente vergroten. Zo zijn de openingstijden verruimd ten opzichte van deOmzettingsregeling, waardoor GAE aantrekkelijker wordt voor luchtvaart-maatschappijen. Daarnaast zijn er aanvullende handhavingspunten enregels voor het verminderen van de lokale luchtverontreinigingopgenomen in het Luchthavenbesluit. Door de inwerkingtreding van hetLuchthavenbesluit is ook de rechtsbescherming van omwonenden vanGAE versterkt.Het ontwerpbesluit is op 6 februari 2025 aan de Eerste en Tweede Kameraangeboden in het kader van de voorhangprocedure7. Door de TweedeKamer zijn in een schriftelijk overleg vragen gesteld die hoofdzakelijkgingen over de economische onderbouwing van GAE, de verruiming vande openingstijden, de milieu-, klimaat- en gezondheidseffecten van hetLuchthavenbesluit (in het bijzonder van de verruiming van de openings-tijden) en het participatieproces. Het verslag van het schriftelijk overleg isop 11 april 2025 vastgesteld.8Op 6 februari 2025 is ook de zienswijzeperiode over het ontwerp-Luchthavenbesluit gestart. In de zienswijzen zijn met name vragen gestelden zorgen geuit over de gevolgen van het Luchthavenbesluit op milieu,luchtkwaliteit en gezondheid. Dit had onder andere te maken met deverruiming van de openingstijden. Ook zijn er vragen gesteld over deeconomische onderbouwing. Verder ging een aanzienlijk aantal van dezienswijzen in op de mogelijke stationering van F35-vliegtuigen op GAE.Dit laatste valt niet binnen de scope van het Luchthavenbesluit. Naaraanleiding van de zienswijzen zijn er verduidelijkingen in de toelichting bijhet Luchthavenbesluit toegevoegd. Er was geen aanleiding om deartikelen in het Luchthavenbesluit aan te passen.Op 8 oktober 2025 heeft de Raad van State (afdeling Advisering) adviesgegeven op het ontwerp-Luchthavenbesluit. De Raad van State heeftgeadviseerd om in het besluit de onderbouwing aan te vullen hoe hetbesluit (met name ten aanzien van de ruimere openingstijden) zichverhoudt tot hogere wetgeving (zoals het recht van omwonenden opbescherming van hun privéleven). Naar aanleiding van dit advies ishierover in de nota van toelichting een aanvullende onderbouwingopgenomen. Dit is toegelicht in het opgestelde nader rapport9.Regeling militair medegebruikSamen met de inwerkingtreding van het Luchthavenbesluit is ook de«Regeling militair luchthavenluchtverkeer voor overige burgerluchthavens6Staatsblad 2025, 3117Kamerstuk 31 936, nr. 12038Kamerstuk 31 936, nr. 12269Staatscourant 2025, nr. 37924.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 31 936, nr. 12585 van nationale betekenis» (hierna: de Regeling) vastgesteld en inwerkinggetreden.10 Door deze Regeling blijft militair medegebruik mogelijk opGAE met dezelfde soort toestellen als onder de Omzettingsregeling. Hetgebruik van de F35 wordt niet toegestaan met deze Regeling.In de Omzettingsregeling was een maximumaantal bewegingen van400 per jaar voor het militair verkeer op GAE vastgelegd. Met de Regelingwordt dit maximum losgelaten. De luchthaven en het Ministerie vanDefensie willen flexibel met het militair medegebruik kunnen omgaanbinnen de geluidruimte in het Luchthavenbesluit, onder andere vanwegede verslechterde geopolitieke situatie. Het Ministerie van Defensie schatop dit moment dat het gebruik op GAE circa 790 vliegtuigbewegingen perjaar voor het militair verkeer zal zijn. Dit indicatiegetal zal wordengemonitord. Verder moet het militaire medegebruik altijd passen binnende regels en grenswaarden van het Luchthavenbesluit.Een ontwerp van de Regeling is in de periode van 14 juli 2025 tot en met25 augustus 2025 opengesteld voor internetconsultatie. Er zijn 110 consul-tatiereacties ingediend. Naar aanleiding van de reacties zijn enkeleaanpassingen aangebracht in de Regeling. De Regeling bevat op ditmoment alleen bepalingen voor de luchthaven Eelde. Voor de andereluchthavens zal deze Regeling worden aangevuld, zodra voor dezeluchthavens een Luchthavenbesluit wordt vastgesteld.Benoeming interim-voorzitter CRO EeldeOp 12 mei 2025 heeft de voorzitter van de Commissie Regionaal Overleg(CRO) Eelde laten weten haar functie neer te leggen vanwege persoonlijkeomstandigheden. Naar aanleiding van het vertrek van de voorzitter is eenprocedure gestart om een interim-voorzitter te benoemen. Op voordrachtvan de bewonersvertegenwoordiger van de gemeente Groningen en inafstemming met de leden van de CRO Eelde is de heer Smidt bereidgevonden om de functie als interim-voorzitter te vervullen. Per1 september 2025 is de heer Smidt door het ministerie benoemd alsinterim-voorzitter van de CRO Eelde voor een periode van een jaar. In dezeperiode wordt onder andere gezocht naar een nieuwe voorzitter die voorde vaste periode van 4 jaar zal worden benoemd.Rotterdam The Hague Airport (RTHA)Op 1 oktober 2025 heeft het ministerie de aanvraag voor een luchthaven-besluit van RTHA ontvangen. De aanvraag volgt op hoofdlijnen de nugeldende Omzettingsregeling, maar bevat ook belangrijke aanscherpingengericht op het verminderen van hinder. Het gaat dan bijvoorbeeld omaanscherpingen voor het verminderen van het verkeer in de nacht (tussen23.00 en 07.00 uur), het verminderen van de geluidbelasting tussen07.00–09.00 uur en 21.00–23.00 uur en om het voorlopig maximeren vanhet handelsverkeer op 17.860 bewegingen. Aanvullend wordt verzocht omonder strikte voorwaarden op termijn innovatieruimte te geven voor4.380 vliegtuigbewegingen. De luchthaven geeft hierbij aan dat dezebewegingen alleen mogen plaatsvinden als deze volledig elektrisch of metSAF of waterstof worden uitgevoerd. De aanvraag met onderbouwendestukken is te raadplegen via de website van de luchthaven.1110Staatscourant 2025, nr. 3734911Alle stukken betreffende de aanvraag zijn door RTHA online geplaatst ophttps://www.rotterdamthehagueairport.nl/over-rtha/organisatie/luchthavenbesluit/aanvraag-nieuw-luchthavenbesluit/Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 31 936, nr. 12586 Het ministerie beoordeelt op dit moment de aanvraag, waarna eenontwerp-Luchthavenbesluit wordt opgesteld. Na diverse interne enexterne toetsen wordt dit ontwerp naar verwachting in het tweedekwartaal van 2026 ter inzage gelegd. Gelijktijdig wordt het ontwerp aan deEerste en Tweede Kamer ter voorhang aangeboden en wordt deCommissie voor de milieueffectrapportage (Commissie mer) om adviesgevraagd over het opgestelde milieueffectrapport (MER). Na verwerkingvan alle input wordt het ontwerp voor advies voorgelegd aan de Raad vanState (Afdeling advisering), voordat het definitief wordt vastgesteld. Aldeze noodzakelijk te zetten stappen hebben een minimale doorlooptijd.Gelet hierop is de planning dat het Luchthavenbesluit niet eerder dan1 mei 2027 wordt vastgesteld.In oktober 2025 is een zitting bij de Raad van State (Afdeling bestuurs-rechtspraak) geweest inzake het beroep van de BTV (Vereniging bewonerstegen vliegtuigoverlast Rotterdam Airport), vanwege het uitblijven vaneen luchthavenbesluit voor de luchthaven Rotterdam. Het ministerie heeftin deze zaak de noodzakelijk te zetten stappen beschreven en aangegevendat het luchthavenbesluit niet eerder dan 1 mei 2027 kan wordenvastgesteld. Op 5 november jl. heeft de Raad van State uitspraak gedaanin deze beroepszaak en de beslistermijn voor het luchthavenbesluit opuiterlijk 30 april 2027 gezet op straffe van een dwangsom van € 1.000,–voor iedere dag dat die datum wordt overschreden, tot een maximum van€ 150.000,–12.Maastricht Aachen Airport (MAA)LuchthavenbesluitMAA heeft in september 2024 het voornemen voor het indienen van eenaanvraag voor een luchthavenbesluit bij het ministerie ingediend. Bij hetvoornemen is een mer-beoordelingsnotitie bijgevoegd. Dezemer-beoordelingsnotitie heeft de luchthaven in december 2024 naderaangevuld. Met de brief van 18 juli 202513 is de Kamer geïnformeerd overde uitkomst van de mer-beoor-deling. Op basis van de motiveringen van de milieugevolgen en hetadvies van de Commissie mer is geconcludeerd dat het voorgenomengebruik van de luchthaven mogelijk leidt tot aanzienlijke milieueffecten.Op grond hiervan is besloten dat MAA voor het aan te vragen luchthaven-besluit een milieueffectrapport (MER) moet opstellen. De luchthaven isdaar momenteel mee bezig. De aanvraag voor een luchthavenbesluitinclusief het MER wordt begin 2026 verwacht. Op grond van de beoor-deling van de aanvraag wordt een ontwerp-Luchthavenbesluit opgestelddat naar verwachting in de tweede helft van 2026 ter inzage wordt gelegden in voorhang aan de Eerste en Tweede Kamer wordt aangeboden. Aldeze noodzakelijk te zetten stappen hebben een minimale doorlooptijd.Gelet hierop is de planning dat het Luchthavenbesluit niet eerder dantweede helft 2027 wordt vastgesteld.Herbenoeming voorzitter CRO MaastrichtPer 1 januari 2026 verloopt de benoemingstermijn van de huidigevoorzitter van de CRO Maastricht, de heer Spoormans. De leden van deCRO Maastricht zijn door het ministerie gevraagd om een voordracht tedoen voor een nieuwe voorzitter. Op 22 oktober 2025 hebben de ledenlaten weten dat zij unaniem de heer Spoormans voordragen voorherbenoeming. Herbenoeming van de huidige voorzitter is eenmalig12ABRvS d.d. 5 maart 2025, ECLI:NL:RVS:2025:5326.13Kamerstuk 31 936, nr. 1242Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 31 936, nr. 12587 mogelijk voor ten hoogste vier jaren. Het ministerie heeft daarombesloten de heer Spoormans opnieuw te benoemen als voorzitter van deCRO Maastricht.Eindhoven Airport (EA)Medegebruiksvergunning 2026Eindhoven Airport n.v. (EA) is de civiele medegebruiker van de militairevliegbasis Eindhoven. De huidige vergunning die benodigd is voor hetburgermedegebruik door EA verloopt op 31 december 2025. Op 24 juni2025 heeft EA een aanvraag gedaan voor een nieuwe medegebruiksver-gunning voor 2026. De ontwerp-vergunning voor 2026 is door de MilitaireLuchtvaart Autoriteit in samenwerking met het Ministerie van Defensie enhet Ministerie van IenW voorbereid. Conform de aanvraag van EA is hierinopgenomen dat de vergunde maximale civiele geluidbelasting voor 2026gelijk zal blijven aan hetgeen is vergund in 2025, namelijk 8,9 km2, incombinatie met een maximumaantal van 41.500 vliegtuigbewegingen.Deze ontwerp-vergunning is in september jl. voor advies aan de voorzittervan het Luchthaven Eindhoven Overleg gestuurd. Op 20 oktober jl. is hetadvies van de voorzitter ontvangen. De vergunning zal eind 2025 wordenvastgesteld en daarna volgt bekendmaking in de Staatscourant.Medegebruiksvergunning vanaf 2027In april 2019 heeft de heer Pieter van Geel zijn advies «Opnieuwverbonden» over de toekomstige ontwikkeling van Eindhoven Airporttussen 2020 en 2030 aan het Ministerie van IenW en het Ministerie vanDefensie aangeboden14. In dit advies staat een nieuw sturingsmodel voorgeluid centraal, waarbij niet langer gestuurd wordt op aantallen vliegtuig-bewegingen, maar op een afname van de civiele geluidbelasting. De heerVan Geel adviseerde de geluidbelasting met 30% af te laten nemen tenopzichte van de referentiesituatie 2019.Om het sturingsmodel definitief in te voeren is in 2021 gestart met eenmer-procedure om het Luchthavenbesluit Eindhoven 2014 te kunnenwijzingen. Zoals in de Kamerbrief van 24 juni 202415 is aangegeven is dezeprocedure vertraagd. De vertraging heeft geleid tot een procesvoorstelvanuit het Ministerie van Defensie en het Ministerie van IenW om tebezien of de ambitie voor 2030, los van de wijziging van het luchthavenbe-sluit, verankerd kan worden in een meerjarige medegebruiksvergunning.Een meerjarige vergunning geeft stabiliteit voor de luchtvaartsector en deomgeving. Dit voorstel wordt momenteel in consultatie met het Lucht-haven Eindhoven Overleg uitgewerkt. Het zal naar verwachting in heteerste kwartaal van 2026 afgerond zijn. Op een meerjarige ontwerp-medegebruiksvergunning zal inspraak mogelijk zijn.LuchtruimRegeling diensten voor vliegprocedure-ontwerpOp 21 oktober 2025 is de «Regeling diensten voor vliegprocedure-ontwerp» vastgesteld.16 Deze Regeling voorziet in de aanwijzing vanLuchtverkeersleiding Nederland (LVNL) voor de taak tot het regelmatigbeoordelen van luchthaven-gerelateerde vliegprocedures waar LVNLluchtverkeersdiensten verleent. Het gaat dan om de luchthavens Schiphol,14Kamerstuk 31 936, nr. 82815Kamerstuk 31 936, nr. 116816Staatscourant 2025, nr. 35634Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 31 936, nr. 12588 Rotterdam, Eelde, Maastricht en Lelystad. Ook gaat het om de taak tot hetregelmatig beoordelen en onderhouden van de en-route gerelateerdevliegprocedures. Uitvoeringsverordening (EU) 2017/373 (eisen voorluchtvaartnavigatiedienstverleners) vereist onder andere dat de lidstatenpersonen of organisaties aanwijzen die verantwoordelijk zijn voor hetonderhoud en de regelmatige beoordeling van vliegprocedures voor deluchtvaartterreinen en het luchtruim. Met de vaststelling van onderhavigeRegeling wordt hier door de Nederlandse Staat invulling aan gegeven.Luchtruimsluiting VughtOp 16 oktober 2025 zijn de wijzigingen aan de «Regeling beperking ofverbod uitoefening burgerluchtverkeer in bepaalde gebieden 2018» en de«Regeling zonering onbemande luchtvaartuigen» vastgesteld.17 Dewijzigingen hebben betrekking op het instellen van een verbod voor debemande en onbemande luchtvaart in het luchtruim boven de Peniten-tiaire Inrichting (PI) Vught. Deze wijzigingen zullen per 25 december 2025in werking treden. Op dit moment is er sprake van een tijdelijke luchtruim-sluiting boven en rondom de PI Vught. De aanleiding voor de sluiting wasmet name een verhoogd risico op vluchtpogingen van gedetineerden methulp van buitenaf door middel van het gebruik van luchtvaartuigen. Endaarmee samenhangend, de mogelijkheid om met luchtvaartuigeninlichtingen in te winnen (luchtfoto’s, films, etc.) met betrekking tot de(vitale) infrastructuur van de PI Vught en omgeving en de mogelijkheidom met luchtvaartuigen contrabande (wapens, verdovende middelen,communicatiemiddelen, etc.) binnen te brengen die een mogelijk gevaarvoor de algehele veiligheid binnen de PI Vught kunnen veroorzaken. In2023 heeft de Minister van Justitie en Veiligheid om een permanentesluiting van het luchtruim boven de PI Vught verzocht. Na het doorlopenvan het daarvoor vereiste «wijzigingsproces luchtruim en vliegproce-dures» wordt met deze Regelingen uitvoering gegeven aan dat verzoek.De Regelingen strekken tot het instellen van twee deels overlappendegebieden met beperkingen voor de burgerluchtvaart: één voor debemande luchtvaart en een kleiner gebied voor de onbemande luchtvaart.Mogelijkheden om zwavel en aromaten in kerosine uit te faserenTijdens het laatste Commissiedebat Luchtvaart op 10 september heb ikaan het lid Postma (NSC) toegezegd18 om de Tweede Kamer te informerenover de mogelijkheden om zwavel en aromaten in kerosine uit te faseren,respectievelijk hieromtrent in Brussel een «coalition of the willing» tevormen.In de mondiale kerosinestandaard is een grenswaarde voor het zwavelge-halte in kerosine afgesproken, waarbij het zwavelgehalte in Nederlandongeveer 25% bedraagt van deze toegestane grens. Binnen de Interna-tionale Burgerluchtvaart-organisatie (ICAO) richt het Milieucomité(Committee on Aviation Environmental Protection) zich op de mogelijk-heden om emissies van vliegtuigbrandstoffen te verlagen, onder anderedoor te kijken naar de samenstelling van de brandstof. Het gaat hierbijexpliciet om zwavel, aromaten en waterstof. Het Agentschap van deEuropese Unie voor de Veiligheid van de Luchtvaart (EASA) verkentdaarnaast de mogelijkheden van een eigen Europese kerosinestandaard.Dit kan mogelijk ook leiden tot een lager maximumgehalte aan zwavel invliegtuigbrandstof.17Staatscourant 2025, nr. 3468018TZ202509-059Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 31 936, nr. 12589 Een belangrijke stap richting verduurzaming van luchtvaartbrandstof isrecent in Europa gezet met de inwerkingtreding van de Europesebijmengverplichting voor duurzame luchtvaartbrandstoffen (ReFuelEU-Verordening). Deze verordening stelt een sterk stijgend bijmengper-centage van duurzame luchtvaartbrandstof (SAF) vast, oplopend tot 70%in 2050. Omdat SAF zwavelvrij is, draagt dit bij aan lagere emissies.Bovendien verplicht ReFuelEU brandstofleveranciers om te rapporterenover het gehalte aan aromaten en naftalenen in hun brandstoffen. Ookvoor luchtvaartmaatschappijen geldt een vergelijkbare aanpak: sinds1 januari 2025 verplicht het Europese Emissiehandelssysteem (ETS) henom niet-CO2-effecten te monitoren en te rapporteren, waaronderroetdeeltjes, waterdamp, stikstofoxiden en geoxideerde zwavelsoorten.Deze verplichting kwam mede tot stand dankzij lobby-inspanningen vanNederland en andere lidstaten. De verzamelde data vormen een basisvoor toekomstige, goed geïnformeerde beleidskeuzes. Beide monitorsys-temen kennen een jaarlijkse rapportagecyclus en worden in 2027geëvalueerd.Het kabinet volgt de eerdergenoemde ontwikkelingen nauwlettend enblijft hierover in gesprek met andere Europese lidstaten en is actief binnenICAO. Alvorens de mogelijkheden verder verkend kunnen worden voorhet vormen van coalities voor verdere verduurzaming van vliegtuig-brandstof, is het zinvol om de resultaten af te wachten van de eerstemonitoring rapportages en van het lopend onderzoek door ICAO.Duurzaam taxiën op SchipholIn de Verzamelbrief Luchtvaart vierde kwartaal 202419 is de Kamergeïnformeerd over het Plan van aanpak, opgesteld door de luchtvaart-sector, over onder andere de opschaling van emissievrij (duurzaam)taxiën op de luchthaven Schiphol. In 2025 zijn de speciale sleepvoertuigendie voor duurzaam taxiën gebruikt worden («TaxiBots»), ongeveer100 keer ingezet bij passagiersvluchten. Tevens is de eerste volledigelektrische TaxiBot op de luchthaven aangekomen en succesvol getest.Momenteel is Schiphol in afwachting van de certificering van die Taxibots.Met de Voorjaarsnota van 2025 is de Kamer geïnformeerd dat 10 miljoeneuro beschikbaar wordt gesteld voor een stimuleringsregeling voorduurzaam taxiën. Dit draagt bij aan het verlagen van de stikstofuitstoot ende ultrafijnstof-concentraties (UFP), de versnelling van de implementatievan duurzaam taxiën en daardoor de verbetering van de arbeidsomstan-digheden op het platform.Met deze update wordt de motie van de Leden Alkaya en Bouchallikh20afgedaan. IenW blijft met de sectorpartijen in gesprek om duurzaamtaxiën te ondersteunen en waar mogelijk te versnellen.De bijdrage van luchtvaart aan de weerbaarheid van de Neder-landse economieNederland heeft een sterke, gediversifieerde economie met veel verschil-lende sectoren. Deze diversiteit is van groot belang voor een gezondeeconomie: het maakt ons wendbaar en weerbaar. Het bedrijfsleven, en inhet bijzonder de industrie en internationale dienstensector, spelen vooronze toekomstige welvaart en weerbaarheid een cruciale rol. Bij die rolhoort ook het vraagstuk van strategische autonomie. Dat heeft niet alleenmeer betrekking op het veiligheids- en defensiebeleid, maar ook op het19Kamerstuk 31 936, nr. 117920Kamerstuk 35 925 XII, nr. 30Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 31 936, nr. 125810 economisch beleid omdat andere landen in toenemende mate geopolitiek-strategisch naar economisch beleid kijken.Het Ministerie van Economische Zaken heeft onlangs een Kamerbrief overindustriebeleid met focus met de Kamer gedeeld21. Het kabinet zet metgericht industriebeleid in op verdere versterking van de Nederlandsepositie op zes specifieke sectoren: halfgeleiders, biotechnologie, defensie,digitale diensten, machinebouw en innovatieve chemie. Het Ministerievan Buitenlandse Zaken focust in haar handelsbrief22 op sectoren enlanden waar het meest te verdienen is voor Nederlandse bedrijven en wathet meeste bijdraagt aan de weerbaarheid van de Nederlandse economie.Het Ministerie van IenW is beleidsverantwoordelijk voor de luchtvaart. Deluchtvaart speelt een belangrijke rol voor de welvaart en weerbaarheidvan de economie van Nederland. Tegelijkertijd staat de Nederlandseluchtvaartsector onder toenemende concurrentiedruk in het mondialespeelveld en ligt er een grote verduurzamingsopgave. Dat biedt ookkansen. De luchtvaart biedt toegang tot markten, wat bijdraagt aan hetsucces van Nederlandse bovengenoemde sectoren. Hierbij valt te denkenaan het vervoer van producten in de halfgeleiders sector en vervoer vanspecialistische medische goederen in de Life, Science & Health (LSH)sector. Luchtvaart faciliteert reizen tussen mensen, waaronder zakelijkreizen, toegang tot de internationale arbeidsmarkt en daarmee kennisuit-wisseling. Vanuit strategische autonomie is het belangrijk om voor deverbondenheid van Nederland niet afhankelijk te zijn van buitenlandseluchthavens en luchtvaartmaatschappijen.Het ministerie laat de bijdrage van luchtvaart aan de weerbaarheid van deeconomie van Nederland en de uitdagingen onderzoeken. Hieruit moetenook aanbevelingen volgen. Naar verwachting is het onderzoek in hettweede kwartaal van 2026 gereed. De Tweede Kamer wordt daarovergeïnformeerd en de uitkomsten kunnen betrokken worden in beleidsvoor-nemens rondom luchtvaart.Vervolg evaluatie tariefreguleringNaar aanleiding van een korte verkenning naar de werking van detariefregulering van Schiphol door IenW in 2023, is in opdracht van IenWeen breder evaluatieonderzoek uitgevoerd door KPMG, dat op 9 januari jl.naar de Tweede Kamer is verzonden23. Het doel van dit bredere evaluatie-onderzoek was om geïdentificeerde knelpunten in de huidige tariefregu-lering nader te duiden en potentiële verbeteringen te formuleren. Hierinligt de focus op potentiële verbeteringen die kunnen worden meege-nomen in de volgende tariefperiode, die op 1 april 2028 in werking treedt.Concreet gaat dit over het Besluit Exploitatie Luchthaven Schiphol.Aan de hand van de uitkomsten van het bredere evaluatieonderzoek heeftKPMG in opdracht van het Ministerie van IenW specifiek onderzoekuitgevoerd. Luchtvaartmaatschappijen hebben zorgen geuit over detoenemende financiële druk op hun operatie. Het specifieke onderzoekmet betrekking tot tariefregulering gaat over 1) de Weighted Avarage Costof Capital (WACC) van Schiphol, in relatie tot de wettelijke verrekenings-mogelijkheden (de mogelijkheden om verschillen tussen geraamde engerealiseerde kosten en opbrengsten in latere tariefperiodes te compen-seren) die Schiphol heeft en het risicoprofiel van de luchthaven gebaseerd21Industriebeleid met focus, Kamerstuk 29 826, nr. 27722Beleidsagenda Buitenlandse Handel Nederland: welvarend en weerbaar, Kamerstuk 36 180,nr. 16423Kamerstuk 29 665, nr. 530Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 31 936, nr. 125811 op een peer group analyse van vergelijkbare luchthavens. De WACC geeftkortgezegd weer wat het marktconforme redelijke rendement is datverstrekkers van vreemd vermogen (zoals banken) en eigen vermogen(aandeelhouders) eisen voor het risico dat zij lopen. Ook heeft KPMGverschillende opties met betrekking tot 2) de verplichte bijdrage van deniet-luchtvaartactiviteiten aan de luchtvaartactiviteiten onderzocht,inclusief een plan van aanpak voor hoe deze opties eventueel kunnenworden geëvalueerd. De verplichte bijdrage kan een verlagend effecthebben op de hoogte van de tarieven die luchtvaartmaatschappijen voorde luchtvaartactiviteiten moeten betalen.Uit het specifieke onderzoek blijkt onder andere dat de WACC in beperktemate de hoogte van de tarieven van 2019–2027 bepaalt, en dat de stijgingvan de WACC voor 65% gerelateerd is aan de stijging van de risicovrijerente. Dit is een vast gegeven. Ook blijkt dat KPMG geen aanleiding zietom aan te nemen dat het risicoprofiel van Schiphol, gelet op de wettelijkeverrekeningsmogelijkheden, significant afwijkt van die van de luchthavensuit de peer group. Tot slot draagt KPMG suggesties aan met betrekking totde vaststelling van de parameters van de WACC.Het specifieke onderzoek is als bijlage bij deze verzamelbrief gevoegd endaarmee openbaar gemaakt. In verband met de openbaarmaking zijnenkele passages onleesbaar gemaakt (gelakt) vanwege bedrijfsgevoeligeinformatie.Het Ministerie van IenW zal de onderzoeksresultaten en suggestiesanalyseren en, in afstemming met relevante stakeholders, mogelijkeverbeterpunten uitwerken met inachtneming van het bredere evaluatieon-derzoek. De Tweede Kamer wordt hierover te zijner tijd nadergeïnformeerd.Stand van zaken moties m.b.t. Europese verordeningenOnder de huidige Europese Commissie worden stappen ondernomen omverschillende EU luchtvaartwetgevingen te evalueren en te herzien. Zovoert de Europese Commissie, vooruitlopend op een eventueleherziening, een review uit op de Verordening 1008/2008 inzake deluchtverkeersdiensten. Het kabinet volgt met belangstelling de voorberei-dingen van de Europese Commissie in dit traject. Zodra de Commissiemet een voorstel voor herziening komt, wordt de Tweede Kamer conformafspraak geïnformeerd over het Nederlandse standpunt. De EuropeseCommissie voert momenteel ook een zogeheten «fitness check» uit naarde effectiviteit van EU-wetgeving die van toepassing is op luchthavens.Deze fitness check gaat over de EU slotverordening nr. 95/93, richtlijnnr. 2009/12/EG inzake luchthavengelden en de richtlijn nr. 96/97/EG inzakegrondafhandeling. Eerder is de Kamer geïnformeerd over de Nederlandseantwoorden op deze fitness check 24. Het kabinet betrekt uiteraard demoties en toezeggingen in de standpuntbepaling bij het vervolg van dezetrajecten.Voortgang opvolging ACOI aanbeveling 3In de Kamerbrief van 29 augustus 202525 is de Tweede Kamer geïnfor-meerd over de beleidsreactie inzake de opvolging van de laatsteopenstaande aanbeveling (aanbeveling 3: voer een balancing test uit ophet beperkt openbare deel dat overblijft) van het AdviescollegeOpenbaarheid en Informatiehuishouding (ACOI) voor meer openbaarheid24Kamerstuk 22 112, nr. 419725Kamerstuk 22 861, nr. 51Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 31 936, nr. 125812 van het archief van de Raad voor de Luchtvaart over de vliegramp in deBijlmermeer.26 In deze reactie is aangegeven de aanbeveling in te vullendoor de adviesrol voor de balancing test bij de Onderzoeksraad voorVeiligheid (OVV) te beleggen. Dit is geheel in lijn met het beoogde doel:het vergroten van het vertrouwen in de uitvoering van de balancing testbij verzoeken tot inzage of openbaarmaking van archiefstukken van detoenmalige Raad voor de Luchtvaart. Hierbij wordt de Tweede Kamergeïnformeerd over de voortgang.De OVV heeft in augustus 2025 aangegeven zich in deze rol te kunnenvinden. Over de uitvoering hiervan is sindsdien nader overleg geweest.Afgesproken is dat de OVV bij nieuwe inzage- en openbaarmakingsver-zoeken van onderzoeksinformatie advies zal uitbrengen aan de Ministervan IenW over de opvolging van het verzoek. Dit betreft het gehele archiefvan de voormalige Raad voor de Luchtvaart/Bureau VooronderzoekOngevallen en Incidenten (BVOI), die zijn overgebracht naar het NationaalArchief. Momenteel wordt uitgewerkt hoe de adviesrol bij de OVV belegdkan worden. Het gaat hierbij onder andere om het publiceren van eenbeleidsregel over de afhandeling van inzageverzoeken en het praktischrealiseren van de toegang van de OVV tot de archiefstukken bij hetNationaal archief. Deze implementatie zal naar verwachting het eerstekwartaal van 2026 gereed zijn. Tot die tijd handelt het Ministerie van IenWde verzoeken af zonder een advies van de OVV, inclusief de aangehoudenverzoeken.Draagvlakonderzoek Luchtvaart 2025In opdracht van het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat heeftMotivaction International B.V. het jaarlijkse onderzoek uitgevoerd naar hetdraagvlak voor de luchtvaart onder de Nederlandse bevolking. Ditkwantitatieve onderzoek vindt sinds 2018 jaarlijks plaats; de meting van2025 is de achtste in deze reeks. De resultaten worden gebruikt bij deontwikkeling en verdere uitwerking van het luchtvaartbeleid.OnderzoeksresultatenUit de meting van 2025 blijkt dat Nederlanders over het algemeen positiefstaan tegenover de luchtvaart. Net als vorig jaar blijft dit aandeel stabiel:78% heeft in meer of mindere mate een positief beeld. Tegelijkertijd geeftde gemiddelde Nederlander aan geen verdere groei van de luchtvaart tewensen.Naast het algemene draagvlak voor groei of krimp is ook gekeken naar devoorkeuren per type luchthaven. Voor Schiphol is de steun voor krimpgroter dan voor groei. Bij de regionale luchthavens houden beidestandpunten elkaar ongeveer in balans. Voor Lelystad Airport lijkt zelfssprake van iets meer steun voor groei dan voor krimp. Daarnaast blijft hetdraagvlak voor verduurzaming groot. Respondenten vinden dat erprioriteit moet worden gegeven aan gezondheid van omwonenden,natuur en landschap, klimaat en milieu.De ondervraagden hechten belang aan verschillende waarden rondomluchtvaart. Veiligheid krijgt daarbij de hoogste prioriteit–zowel deveiligheid van het vliegverkeer zelf als de nationale veiligheid. Deze laatstecategorie (militaire dreiging en gevechtsgereedheid) is dit jaar voor heteerst meegenomen in het onderzoek.26Op 19 april 2024 heeft het Adviescollege Openbaarheid en Informatiehuishouding (ACOI) hetrapport «Geen afgesloten hoofdstuk, Advies om de openbaarheid van het archief over deBijlmervliegramp te vergroten» gepubliceerd.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 31 936, nr. 125813 Verder blijkt uit het rapport dat er brede steun is voor verduurzaming vande luchtvaart, onder meer door schoner te vliegen en door technologischeinnovaties zoals stillere en zuinigere motoren. Maatregelen die het aantalvluchten beperken of de ticketprijzen verhogen kunnen op minderdraagvlak rekenen. Wel is er meer steun voor het goedkoper maken vanschoner vliegen dan voor het verhogen van de vliegbelasting. Ook wordthet aantrekkelijker maken van de trein voor korte afstanden door eengrote groep ondervraagden positief beoordeeld.Ten slotte is er een verandering zichtbaar in de ervaren hinder. Waar deervaren geluidhinder in 2024 toenam, is deze in 2025 gestabiliseerd.De Minister van Infrastructuur en Waterstaat,R. TiemanTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 31 936, nr. 125814
Gerelateerde bronnen
- De Kamer wordt geïnformeerd over de mogelijkheden om zwavel en aromaten in kerosine uit te faseren, nadat de minister in Brussel heeft geprobeerd een ‘coalition
De Kamer wordt geïnformeerd over de mogelijkheden om zwavel en aromaten in kerosine uit te faseren, nadat de minister in Brussel heeft geprobeerd een ‘coalition of the willing’ te vormen.
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.