KamerkringInloggen
Kamerbrief

Voortgang ratificatie VN-Verdrag Handicap en Verdrag van Istanbul Caribisch Nederland

3 feb 2026 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie 8d2f4aac0044550e · officiële bron

Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2025–202624 170Gehandicaptenbeleid28 345Aanpak huiselijk geweld31 015KindermishandelingNr. 383 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN VOLKSGEZONDHEID,WELZIJN EN SPORT Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 3 februari 2026Met deze brief informeer ik uw Kamer over de voortgang van de ratificatievoor Caribisch Nederland (Bonaire, Sint Eustatius en Saba) van het op13 december 2006 te New York tot stand gekomen Verdrag inzake derechten van personen met een handicap (hierna: VN-Verdrag Handicap)voor Caribisch Nederland, zoals toegezegd in de Kamerbrief van 3 juli20231 en tijdens het debat in de Tweede Kamer over de gelijkebehande-lingswetten in Caribisch Nederland op 11 februari 2025. Tevens informeerik u, mede namens de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, over devoortgang van de ratificatie van het op 11 mei 2011 te Istanbul tot standgekomen Verdrag van de Raad van Europa inzake het voorkómen enbestrijden van geweld tegen vrouwen en huiselijk geweld2 (hierna:Verdrag van Istanbul) voor Caribisch Nederland, zoals toegezegd in deKamerbrief van 11 april 2025.3 Ik ga in op de belangrijkste ontwikkelingen,de stappen die reeds zijn gezet en de vervolgstappen die in voorbereidingzijn rondom beide Verdragen.InleidingHet VN-Verdrag Handicap heeft tot doel heeft «het volledige genot dooralle personen met een handicap of een chronische ziekte van allemensenrechten en fundamentele vrijheden op voet van gelijkheid tebevorderen, beschermen en waarborgen, en ook de eerbiediging van huninherente waardigheid te bevorderen».41Kamerstukken II 2022/023 36 200 XVI, nr. 237.2Het Verdrag van de Raad van Europa inzake het voorkomen en bestrijden van geweld tegenvrouwen en huiselijk geweld is algemeen bekend als het Verdrag van Istanbul. Het is eenmensenrechten verdrag van de Raad van Europa (RvE) tegen geweld tegen vrouwen enhuiselijk geweld.3Kamerstukken II 2024/25, 36 600 XVI, nr. 181.4Zie artikel 1 van het Verdrag inzake de rechten van personen met een handicap. kst-24170-383ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2026Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 24 170, nr. 3831 Het Verdrag van Istanbul stelt eisen aan de aanpak van geweld tegenvrouwen en huiselijk geweld op velerlei vlakken, zoals voorlichting,preventie, signaleren, interveniëren, hulpverlening, nazorg bieden en destrafrechtelijke aanpak van plegers.Beide Verdragen zijn parlementair goedgekeurd voor het geheleKoninkrijk5 en vervolgens geratificeerd voor en in werking getreden inEuropees Nederland. Ze zijn echter nog niet geratificeerd voor – en dusook niet in werking getreden – in Caribisch Nederland. Om de Verdragenook voor Caribisch Nederland te kunnen ratificeren en in werking latentreden, wordt gewerkt aan (de uitvoering van) beleidsmaatregelen enbenodigde wetgeving. In de navolgende paragrafen wordt hier perVerdrag nader op ingegaan.VN-Verdrag HandicapIn 2007 is het VN-Verdrag Handicap ondertekend voor het hele Koninkrijken in 2016 is het geratificeerd voor Europees Nederland. Het Verdrag isdestijds niet geratificeerd voor Caribisch Nederland, omdat CaribischNederland nog niet voldeed aan de uit het Verdrag voortvloeiendeverplichtingen. Het gaat om de burgerlijke en politieke rechten die in hetVN-Verdrag Handicap staan gedefinieerd, zoals bijvoorbeeld het recht opgelijkheid en non-discriminatie.Het VN-Comité inzake de rechten van personen met een handicap (hierna:VN-Comité) heeft Nederland opgeroepen om de ratificatie en implemen-tatie van het VN-Verdrag Handicap in Caribisch Nederland te bespoedigenzodat personen met een beperking hun rechten ten volle kunnengenieten.6 Daarnaast roept het VN-Comité het Koninkrijk op om daarvooreen proces op te zetten voor nauw overleg en actieve betrokkenheid vanpersonen met een beperking in Caribisch Nederland via hun vertegen-woordigende organisaties, evenals een onafhankelijk monitoringmecha-nisme voor het implementatieproces.Net als in Europees Nederland, willen we dat mensen met een beperkinggelijkwaardig kunnen meedoen in de samenleving van Bonaire, St.Eustatius en Saba. Voor Europees Nederland voorziet de WerkagendaVN-Verdrag Handicap I 2025–20307 in concrete stappen om het doel vaneen toegankelijk en inclusief Nederland in 2040 te bereiken. Aangezien decontext en huidige situatie in Caribisch Nederland verschillend is, is dezewerkagenda niet van toepassing op Caribisch Nederland. Om opvolging tegeven aan de oproep van het VN-comité inventariseert het Ministerie vanVolksgezondheid, Welzijn en Sport (hierna: VWS) daarom met andererelevante ministeries wat nodig is om het VN-Verdrag Handicap voorCaribisch Nederland te kunnen ratificeren en implementeren om zoopvolging te geven aan de oproep van het VN-Comité.Ratificatie van het VN-Verdrag HandicapOm aan de verplichtingen van het Verdrag te voldoen zijn en wordenstappen gezet om de benodigde wetgeving in Caribisch Nederland in tevoeren. Een belangrijke stap is de inwerkingtreding van het Besluitmaatschappelijke ondersteuning en bestrijding huiselijk geweld enkindermishandeling BES (hierna: Besluit MO/HGKM) geweest op 1 januari5Zie de goedkeuringswetten in Stb. 2016, nr. 182 en Stb. 2015, nr. 409.6United Nations CRPD (2024). Concluding observations on the initial report of the Kingdom ofthe Netherlands.7Kamerstukken II 2024/25, 24 170, nr. 362.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 24 170, nr. 3832 2025.8 Dit besluit maakt het mogelijk voor mensen met een beperking,chronische psychische of psychosociale problemen om een beroep tedoen op voorzieningen die hen ondersteunen om zelfredzaam te zijn en te(blijven) participeren in de samenleving, zoals (sport)hulpmiddelen,maaltijden of hulp in de huishouding. Ook de invoering van de gelijkebe-handelingswetgeving in Caribisch Nederland, waar de Wet gelijkebehandeling op grond van handicap of chronische ziekte (Wgbh/cz)onderdeel van is, is van groot belang. Deze wetgeving verbetert de positievan mensen met een beperking in Caribisch Nederland zodat zij gelijk-waardig mee kunnen doen. Deze wet is per 1 januari 2026 in werkinggetreden.9 Daarnaast wordt gewerkt aan andere wetgeving, zoals demodernisering van de Wet tot regeling van het toezicht op psychiatrischepatiënten BES door VWS. Hieraan wordt gewerkt in Koningrijksverbandmet Aruba, Curaçao, Sint Maarten en Caribisch Nederland om zoveelmogelijk gezamenlijk op te trekken bij de totstandbrenging van actuelewet- en regelgeving op het gebied van gedwongen gezondheidszorg enzoveel mogelijk gelijkluidende wetgeving te kunnen voorbereiden.Omdat wetgeving met betrekking tot de modernisering van de Wet totregeling van het toezicht op psychiatrische patiënten BES naarverwachting op zijn vroegst in werking treedt in 2030 en andere wettenook nog gewijzigd moeten worden, kan de ratificatie van het VN-VerdragHandicap voor Caribisch Nederland op zijn vroegst in 2031 verwachtworden.Implementatie van het VN-Verdrag HandicapNaast de hiervoor genoemde uitvoeringswetgeving zijn er in de afgelopenjaren ook beleidsmatig stappen gezet die de situatie voor mensen met eenbeperking in Caribisch Nederland hebben verbeterd en verder zullenverbeteren. Daarbij is voor een aanpak op maat gekozen voor de eilanden,passend bij de lokale context. Te denken valt aan het Openbaar LichaamBonaire dat met financiële middelen van het Ministerie van VWS padenrondom verschillende woningen rolstoeltoegankelijk heeft gemaakt.Het aanbod van zorg is de laatste jaren door het Ministerie VWS verderuitgebreid met 24-uurs zorg voor kinderen en ouderen. Daarnaast zalbinnenkort respijtzorg ten behoeve van mantelzorgers van mensen meteen beperking beschikbaar zijn en is het aanbod van maatschappelijkeondersteuning ingericht en uitgebreid. Om sporten voor mensen met eenbeperking aandacht te geven en te bevorderen zijn in november 2023 ennovember 2025 de Special Olympics Kingdom Games georganiseerd. Ditis een sportevenement met meer dan 100 sporters met een verstandelijkebeperking uit Bonaire, Sint Eustatius, Saba, Aruba, Curaçao, Sint Maartenen Nederland. Om de belangenbehartiging van mensen met eenbeperking op de eilanden verder te versterken en te verduurzamen, is hetvoornemen om per 2026 te starten met een nieuw meerjarig programma,uitgevoerd door Ieder(in).Daarnaast is in 2022 het Kolegio Emmy Schermer geopend, een specialeonderwijsvoorziening op Bonaire in samenwerking met het Expertise-centrum Onderwijszorg Bonaire en het Ministerie van Onderwijs, Cultuuren Wetenschap (hierna: OCW). Hier gaan inmiddels ruim 30 kinderen naar8Besluit maatschappelijke ondersteuning en bestrijding huiselijk gen kindermishandeling BES,Stb. 2024, nr. 342.9Wet houdende regels over onafhankelijke bijstand en individuele oordeelsvorming bijdiscriminatie en tot wijziging van de Algemene wet gelijke behandeling en enige andere wettenin verband met de invoering van regels inzake gelijke behandeling in Bonaire, Sint Eustatius enSaba (Wet bescherming tegen discriminatie op de BES), Stb. 2025, nr. 389.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 24 170, nr. 3833 school. Als leerlingen dat nodig hebben, worden zij voor onder andereverzorging ondersteund vanuit de zorgorganisatie Fundashon Kuido paPersonanan Desabilitá.Het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (hierna: SZW) heeftvoor ouders en verzorgers van kinderen van 3 tot en met 17 jaar met eenintensieve zorgbehoefte opnieuw een tegemoetkoming beschikbaargesteld. Dit is vooruitlopend op de inwerkingtreding van de structureleregeling Dubbele Kinderbijslag Intensieve Zorg (DKIZ), die is voorzien per1 juli 2026. SZW stelt per 2026 structureel 4 miljoen euro beschikbaar aande drie openbare lichamen voor ondersteuning naar werk voor mensenmet een beperking of bredere afstand tot de arbeidsmarkt.10Naar aanleiding van de invoering van de gelijkebehandelingswetgevingdoor het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (hierna:BZK) functioneert vanaf 2026 op elk van de drie eilanden in 2026 eenantidiscriminatievoorziening, ingebed in een bredere voorziening voorgratis rechtshulp. Hiertoe is op 13 oktober 2025 de Stichting voorrechtshulp en gelijke behandeling Bonaire, Sint Eustatius, Saba opgericht.Ook krijgt het College voor de Rechten van de Mens een oordelende taakop Bonaire, Sint Eustatius en Saba.Toch is het voor mensen met een beperking in Caribisch Nederland nogniet altijd mogelijk om gelijkwaardig mee te doen aan de samenleving.Hiervoor is een gezamenlijke aanpak vereist. Daarom wil ik met deMinisteries van OCW, SZW en BZK en belangrijke stakeholders, belangen-organisaties en mensen met een beperking zelf komen tot eenWerkagenda 2026–2030 voor Caribisch Nederland. De werkagenda heefthet doel om gelijkwaardige deelname voor mensen met een beperkingmogelijk te maken en zoveel mogelijk regie over het eigen leven tebehouden. Hierin worden de bestaande initiatieven worden gebundeld enaangevuld waar nodig. Naar verwachting is deze werkagenda gereed inde loop van 2026.Verdrag van IstanbulHet Verdrag van Istanbul trad op 1 maart 2016 voor Europees Nederlandin werking, maar nog niet voor Caribisch Nederland. De openbarelichamen en betrokken ministeries werken toe naar de ratificatie van hetVerdrag en geven daarmee invulling aan de motie van het Kamerlid Ceder(ChristenUnie) van 6 juli 2021 waarin de regering wordt opgeroepen om«alles in het werk te stellen om het Istanbulverdrag zo snel mogelijk teratificeren voor Caribisch Nederland».11Terugblik: Voorgaande bestuursakkoorden en resultatenSinds 2017 werken verschillende ministeries samen met de openbarelichamen om de situatie in Caribisch Nederland in overeenstemming tebrengen met het Verdrag. Zo zijn in het kader van het bestuursakkoordaanpak huiselijk geweld en kindermishandeling BES 2017–2020 en2021–2024, getekend door de openbare lichamen en het Ministerie vanVWS, diverse stappen gezet. Er zijn advies- en meldpunten op de eilandeningericht, vrouwenopvanglocaties opgezet, geïnvesteerd in het opzettenvan diverse trainingen voor professionals, zoals de training aandachts-functionaris, en zijn diverse bewustwordingscampagnes over huiselijkgeweld en kindermishandeling uitgevoerd door de openbare lichamen ende Ministeries van JenV en VWS. Daarmee is een solide basis voor een10Kamerstukken II, 2025/26 36 800 IV, nr. 25.11Kamerstukken II, 2020/21, 31 839, nr. 799.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 24 170, nr. 3834 volwaardige en duurzame aanpak van huiselijk geweld en kindermishan-deling op Bonaire, Sint Eustatius en Saba gelegd. Daarnaast is ondercoördinatie van het Ministerie van JenV samen met de betrokken partijeneen werkproces tijdelijk huisverbod in Caribisch Nederland vormgegeven(zie het adviesrapport Het tijdelijk huisverbod in Caribisch Nederland ende bijbehorende infographic, als bijlagen bij deze brief) en is er op de drieeilanden een zorg- en veiligheidsoverleg opgezet, waarin politie,justitieorganisaties en zorg- en hulpverlening gezamenlijk beslissen overde aanpak van specifieke casuïstiek (het Zorg- en Veiligheidshuis Bonaire,het Safety Network Saba en het MDO op Sint Eustatius).Besluit Maatschappelijke ondersteuning en bestrijding huiselijk geweld enkindermishandelingOm te voldoen aan de wetgeving die samenhangt met artikelen van hetVerdrag van Istanbul, is het hiervoor genoemde Besluit MO/HGKM per1 januari 2025 in werking getreden.12 In dit besluit zijn de begripsbepa-lingen van huiselijk geweld, kindermishandeling en huiselijke kring(artikel 3), recht op opvang voor slachtoffers van huiselijk geweld(artikel 23) de juridische taken van de advies- en meldpunten huiselijkgeweld en kindermishandeling (artikel 26) en de verplichte bescher-mingscode13 (artikel 27) voor Caribisch Nederland vastgelegd. In deVerzamelwet gegevensverwerking VWS I14, tevens in werking getredenper 1 januari 2025, is het meldrecht (artikel 28) en de verwerking vanbijzondere persoonsgegevens door de advies- en meldpunten vastgelegd(artikel 26).Implementatie beschermingscodeOp grond van voornoemd besluit zijn sinds 1 januari 2025 organisatiesverplicht te werken met een beschermingscode. De beschermingscodegeldt voor circa 1200 professionals in Caribisch Nederland. Deverplichting geldt voor aanbieders van maatschappelijke ondersteuning,zorgaanbieders, jeugdzorg, kinderopvang, onderwijs en justitie. Daarnaastmoeten de bestuurscolleges een beschermingscode vaststellen voormedewerkers in de jeugdgezondheidszorg en voor de leerplichtambte-naren.Om organisaties te ondersteunen bij de implementatie van de bescher-mingscode is in 2023–2024 door Regioplan, in opdracht van het Ministerievan VWS, een toolkit ontwikkeld waarin documenten zijn opgenomen dieorganisaties kunnen gebruiken voor het opstellen van intern beleid tenaanzien van de aanpak van huiselijk geweld en kindermishandeling.Daarnaast konden organisaties in 2025 gebruik maken van begeleiding bijde vertaling van de beschermingscode naar hun eigen organisatie. Dezeextra ondersteuning bleek gewenst, veel organisaties gaven aan moeite tehebben met de vertaalslag van de wettelijke kaders naar beleid enwerkprocessen. Daarnaast is een training «Juridische handreiking»ontwikkeld, waarin de bepalingen uit het Besluit in praktische taal wordenvertaald voor professionals.Om zowel professionals als burgers te informeren over de bescher-mingscode, is in 2024 gewerkt aan de campagne Safe Together, StrongTogether, die in vier talen beschikbaar is.15 Daarnaast is de deelcampagne12Stb. 2024, nr. 34213Equivalent van de Europees Nederlandse Wet verplichte meldcode huiselijk geweld enkindermishandeling.14BWBR005031715Nederlands, Engels, Spaans en Papiamentu.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 24 170, nr. 3835 We Are All Ears gestart om meer bekendheid te geven aan het advies- enmeldpunt huiselijk geweld en kindermishandeling (hierna: AMHK). Voorde uitvoering van deze campagnes wordt nauw samengewerkt met decoördinatoren aanpak huiselijk geweld en kindermishandeling van deopenbare lichamen Sint Eustatius en Saba, met het openbaar lichaamBonaire en met Sentro Akseso Boneiru, onder andere door middel vanevenementen, wijkactiviteiten en schoolbezoeken.AMHK en vrouwenopvang in Caribisch NederlandHet Besluit MO/HGKM heeft de wettelijke taken van het AMHK vastgelegden bepaalt dat de openbare lichamen een opvangvoorziening voorslachtoffers moeten bieden. Op Bonaire, Sint Eustatius en Saba zijn dezevoorzieningen inmiddels ingericht: respectievelijk AMHK Guiami enopvang Tabitha op Bonaire, AMHK Statia Strong Support en IngridWhitfield Shelter op Sint Eustatius, en AMHK Domestic Safety Point enPhoenix Shelter op Saba.Op Bonaire registreerde het AMHK Guiami in 2024 in totaal 201meldingen en adviesverzoeken. Opvallend was de toename van advies-vragen, van 19 in 2023 naar 75 in 2024, wat duidt op een groeiendbewustzijn onder professionals en burgers en een betere bekendheid vanGuiami als centraal aanspreekpunt. De vrouwenopvang Tabitha facili-teerde in 2024 26 plaatsingen, waarbij 24 kinderen hun moeder verge-zelden, wat het belang van veilige opvang benadrukt. Op Sint Eustatiusnoteerde Statia Strong Support 26 meldingen en ontving het 55 advies-vragen van scholen, kinderopvang, familie en slachtoffers. Het aantalmeldingen en adviesvragen steeg ten opzichte van 2023, wat wijst op eentoenemend vertrouwen in het meldpunt. De opvanglocatie IngridWhitfield shelter biedt ruimte aan drie gezinnen en is in 2024 meerderemalen gebruikt, waarmee het belang van een laagdrempelige en veiligeopvang wordt bevestigd. Op Saba ging het AMHK Domestic Safety Pointin 2024 officieel open voor burgers; daarvoor was het vooral toegankelijkvoor professionals. Het AMHK registreerde dat jaar 19 meldingen vanhuiselijk geweld en kindermishandeling. De vrouwenopvang PhoenixShelter op Saba biedt ruimte voor drie vrouwen met kinderen, waar in2024 ook gebruik van is gemaakt.De openbare lichamen van Saba en Sint Eustatius hebben in samen-werking met Stichting Kadera werkprocessen ontwikkeld waarmee dekwaliteitskaders van zowel de AMHK’s als de opvanglocaties wordenversterkt en expertise en veiligheid worden geborgd. Ook StichtingKrusada, die uitvoering geeft aan vrouwenopvang Tabitha op Bonaire,werkt samen met Stichting Kadera. In het najaar van 2025 hebbenmedewerkers stage gelopen bij Stichting Kadera om hun kennis envaardigheden verder te ontwikkelen. Dit draagt bij aan de kwaliteit enprofessionalisering van de opvang op Bonaire.Onderzoek familierelaties, huiselijk geweld en kindermishandeling inCaribisch NederlandOp 27 september 2024 heb ik uw Kamer geïnformeerd over het onderzoeknaar familierelaties, huiselijk geweld en kindermishandeling in CaribischNederland.16 Uit het onderzoek van de Universiteit Leiden, de Universiteitvan Curaçao en UNICEF blijkt dat gezinnen op de eilanden sterkeonderlinge banden hebben, maar ook met serieuze uitdagingen te makenkrijgen. Families worden omschreven als hecht, liefdevol en onder-steunend – een belangrijk sociaal vangnet binnen de gemeenschappen.16Kamerstukken II 2024/25, 31 839, nr. 1025.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 24 170, nr. 3836 Tegelijkertijd bestaan zorgen over verbaal en fysiek geweld binnengezinnen. Schreeuwen tegen partners of kinderen wordt op alle eilandenals gebruikelijk ervaren, en het slaan van kinderen wordt deels cultureelgeaccepteerd, hoewel ernstig geweld wordt afgekeurd. De opvoedstijl isvaak streng en gericht op gehoorzaamheid, maar er groeit bewustzijn overalternatieve, geweldloze manieren van opvoeden. Bescherming vankinderen tegen seksueel misbruik vraagt blijvende aandacht: circa 20%van de deelnemers vindt dit niet vanzelfsprekend. De bevindingenbenadrukken het belang van preventie, educatie en langdurige onder-steuning van gezinnen. De uitkomsten en aanbevelingen zijn verwerkt inde nieuwe bestuurlijke afspraken. Zo wordt een vervolgonderzoekopgestart waarin seksueel geweld en seksueel misbruik binnen familiere-laties wordt onderzocht en worden bewustwordingscampagnes opgezetrondom geweld tegen vrouwen.No Mas No MoreBinnen het samenwerkingsverband No Mas No More (hierna: NMNM)werken Curaçao, Aruba, Sint Maarten, Bonaire, Sint Eustatius, Saba en deMinisteries van VWS en OCW samen aan de aanpak van geweld tegenvrouwen, huiselijk geweld en kindermishandeling. Deze samenwerking isin 2023 vastgelegd in een Memorandum of Understanding (MoU) en richtzich op de gezamenlijke voorbereiding voor de ratificatie van het Verdragvan Istanbul. Binnen NMNM is een werkgroep ingericht die deafstemming, kennisdeling en voortgang van gezamenlijke acties coördi-neert. De CAS-landen zijn zelf verantwoordelijk voor eventuele ratificatie,maar trekken gezamenlijk op in de voorbereiding en uitvoering van beleiddat aansluit bij het Verdrag.Tweejaarlijks vindt een NMNM-conferentie plaats om de samenwerking teverdiepen. De conferentie van 2025 op Sint Maarten stond in het tekenvan het Verdrag van Istanbul. Tijdens deze bijeenkomst zijn per (ei)landactieplannen opgesteld rond zes centrale doelen uit het Verdrag, zoals hetinvoeren van een tijdelijk huisverbod, het ontwikkelen van genderbeleiden het verbeteren van dataverzameling. De actieplannen van deBES-eilanden vormen een belangrijke basis voor de verdere uitwerkingvan acties binnen nieuwe bestuurlijke afspraken. Ook heeft eenNMNM-delegatie, met een financiële bijdrage van BZK, deelgenomen aaneen internationale conferentie in Straatsburg, waar kleine (ei)landenervaringen deelden over implementatie van het Verdrag. De werkgroeponderzoekt hoe kennisuitwisseling met deze landen kan worden voort-gezet om te leren van vergelijkbare contexten en oplossingen. Vooraf-gaand aan deze conferentie heeft de NMNM-delegatie werkbezoekenafgelegd aan de diverse instituties in Straatsburg en een werkgroepbijeen-komst georganiseerd op de residentie van de Permanent Vertegenwoor-diger van het Koninkrijk in Straatsburg.De Raad voor de rechtshandhavingDe Raad voor de rechtshandhaving heeft op 5 december 2024 hetinspectierapport «Justitiële aanpak van relationeel geweld in CaribischNederland» uitgebracht, dat op 9 december 2024 naar de Tweede Kameris gestuurd.17 Het rapport is het resultaat van een vervolgonderzoek naaraanleiding van eerder inspectieonderzoek van de Raad voor de Rechts-handhaving in 2020.18 De Minister en de Staatssecretaris van Justitie enVeiligheid hebben op 28 maart 2025 een beleidsreactie op dit rapport naarde Tweede Kamer gestuurd, waarin zij beschrijven hoe de strafrechtelijke17Kamerstukken II, 2024–2025, 28 345, nr. 280.18Kamerstukken II, 2019–2020, 28 345, nr. 232.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 24 170, nr. 3837 aanpak van huiselijk geweld en kindermishandeling in CaribischNederland zal worden verbeterd.19 Het Openbaar Ministerie BES heeft eencontactfunctionaris aangesteld voor coördinatie van beleid inzake destrafrechtelijke aanpak van huiselijk geweld en kindermishandeling.Tevens wordt in opdracht van het Openbaar Ministerie BES een nieuwewerkwijze ontwikkeld voor een goede en snelle afdoeningsbeslissing(«Hustisia rápido», het equivalent van de Europees NederlandseZSM-werkwijze). Ook zal het Ministerie van Justitie en Veiligheid jaarlijksmet de strafrechtketenpartners de voortgang van de aanpak besprekenaan de hand van de samenwerkingsafspraken tussen het OpenbaarMinisterie BES, het Korps Politie Caribisch Nederland (KPCN) en StichtingReclassering Caribisch Nederland (SRCN). Daarnaast wordt momenteel– met de middelen die zijn vrijgekomen op basis van het amendement-Mutluer c.s. voor het voorkomen van femicide20 – een tijdelijke versterkingvan het KPCN voorbereid, met het doel om de deskundigheid overhuiselijk geweld en kindermishandeling en de werkwijze van het KPCN opdit vlak te verbeteren (en ook voor de langere termijn op peil te houden).Ook zal er met de strafrechtketen worden gewerkt aan het gebruik vaneenduidige definitie(s) van huiselijk geweld en kindermishandeling, alsbasis voor een verbetering van de monitoring van de (strafrechtelijke)aanpak hiervan in Caribisch Nederland, zodat de aard en omvang van (deaanpak van) deze problematiek in de toekomst beter in kaart kan wordengebracht. Een aantal van deze acties maakt ook onderdeel uit van hethieronder nader toegelichte Bestuursakkoord Voorkomen en bestrijdenvan geweld tegen vrouwen, huiselijk geweld en kindermishandeling inCaribisch Nederland 2026–2029.Gezamenlijke Toekomstvisie en nieuw bestuursakkoordOm verder te bouwen aan een effectieve aanpak van geweld tegenvrouwen, huiselijk geweld en kindermishandeling in Caribisch Nederlandis nauwe samenwerking tussen alle betrokken partijen van belang. Opbasis van de eerdere bestuursakkoorden geef ik, samen met de openbarelichamen en de Ministeries van JenV, OCW, SZW en BZK, richting aan eengecoördineerde en strategische aanpak. In dat kader hebben partijen eengezamenlijke Toekomstvisie Aanpak van geweld tegen vrouwen, huiselijkgeweld en kindermishandeling in Caribisch Nederland (hierna; Toekomst-visie) ontwikkeld, die de basis vormt voor een langdurige en gezamenlijkeaanpak. Op basis van deze Toekomstvisie is op 9 december 2025 door departijen een nieuw bestuursakkoord ondertekend.De gezamenlijke Toekomstvisie die in het bestuursakkoord is vastgelegdluidt:Geweld tegen vrouwen (inclusief seksueel grensoverschrijdend gedrag),huiselijk geweld en kindermishandeling in al zijn vormen, met en zonderfatale afloop, dienen te worden voorkomen en te worden bestreden. Ditbereiken we door het bevorderen van gendergelijkheid, het tegengaanvan schadelijke gendernormen, het werken aan gezonde relaties enwederzijds respect, het geweldloos oplossen van conflicten en bestrijdenvan pleeggedrag, het stimuleren van vroegsignalering, het beterbeschikbaar maken van adequate zorg- en hulpverlening voor zowelslachtoffers, plegers als andere betrokkenen, het bevorderen van de inzetvan de juiste civielrechtelijke, bestuursrechtelijke en strafrechtelijkeinterventies en door de verdere versterking van multidisciplinairesamenwerking. Het voorkomen van geweld, het waarborgen van deveiligheid van slachtoffers, een adequate aanpak van plegers enmaatschappelijke en bestuurlijke betrokkenheid staan hierbij centraal.19Kamerstukken II, 2024–2025, 28 345, nr. 284.20Kamerstukken II, 2024–2025, 36 600 VI, nr. 61.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 24 170, nr. 3838 Deze gezamenlijke richting is belangrijk om duurzame inzet te realiserenen de verschillende acties en maatregelen goed op elkaar af te stemmen,en staat in het teken van de verplichtingen en uitgangspunten van hetVerdrag van Istanbul.Op basis van deze Toekomstvisie zijn hoofddoelen geformuleerd en in hetbestuursakkoord vastgelegd die richting geven aan de versterking van deaanpak van geweld tegen vrouwen, huiselijk geweld en kindermishan-deling in Caribisch Nederland. Deze doelen beslaan de hele keten, vanpreventie en vroegsignalering tot slachtofferondersteuning enplegersaanpak.De zes hoofddoelen van de Toekomstvisie zijn:1.Wegnemen van grondoorzaken van geweld door het bevorderen vangendergelijkheid en versterken van veerkracht van (toekomstige)ouders (primaire preventie)2.Het versterken van zelfbeschikking en financiële onafhankelijkheid3.Vergroten van kennis en bewustwording inzicht in de samenleving4.Beter herkennen van signalen en opvolgen door professionals5.De juiste zorg, hulpverlening en interventies door betere veiligheids-en risicotaxatie, samenwerking en professionalisering6.Meer wetenschappelijk en statistisch inzicht in problemen en aanpakDeze zes hoofddoelen van de Toekomstvisie zijn vertaald naar concreteacties die zijn opgenomen in het Bestuursakkoord Voorkomen enbestrijden van geweld tegen vrouwen, huiselijk geweld en kindermishan-deling in Caribisch Nederland 2026–2029. De komende vier jaar wordt hierdoor de openbare lichamen en de betrokken ministeries, samen met debetrokken uitvoeringsorganisaties, uitvoering aan gegeven. Daarbij staatsamenwerking centraal: zowel de ministeries als de openbare lichamendragen ieder hun eigen verantwoordelijkheid, maar werken in nauweafstemming samen om de gezamenlijke doelen te realiseren. Om devoortgang op de doelen en acties van het bestuursakkoord te monitoren,wordt er een werkgroep met de drie openbare lichamen en de vijfbetrokken ministeries opgezet, onder coördinatie van het Ministerie vanVWS. Deze werkgroep zal de voortgang van de doelen en acties periodiekbespreken en waar nodig bijsturen. De werkgroep zorgt tevens voor eengedeeld overzicht van de lopende activiteiten en resultaten in het kadervan het implementatieproces van het Verdrag van Istanbul. U treft hetgetekende bestuursakkoord en het onderliggende beleidsdocumentToekomstvisie als bijlage bij deze brief.Samenhang inzet Caribisch Nederland en Europees NederlandVanuit het principe van comply or explain is bekeken of (elementen van)het beleid in Europees Nederland ten aanzien van de aanpak huiselijkgeweld en kindermishandeling ook ingezet kan worden in CaribischNederland. Uit eerder genoemd onderzoek van Universiteit Leiden enUnicef blijkt dat seksueel misbruik en seksueel grensoverschrijdendgedrag ook een urgent probleem zijn in Caribisch Nederland. Daaromwordt in de Toekomstvisie en het bestuursakkoord aansluiting gezocht bijbredere nationale beleidsontwikkelingen die lopen in EuropeesNederland, zoals het Nationaal Actieplan seksueel grensoverschrijdendgedrag en seksueel geweld (NAP) en het plan van aanpak «Stopfemicide!».21 Beleid over seksueel grensoverschrijdend gedrag staat nogin de kinderschoenen op Caribisch Nederland. Maatregelen die daaromovergenomen zijn uit het NAP gaan daarom vooral over informatie enbewustwording, zoals het herkennen en bespreekbaar maken van (on)gewenste omgangsvormen, in de maatschappij, op de werkvloer en door21Kamerstukken II 2023/24, 28 345, nr. 278.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 24 170, nr. 3839 omstanders. Een aantal activiteiten uit het plan van aanpak «Stopfemicide!» ziet ook op Caribisch Nederland, zoals de verbetering van deveiligheids- en risicobeoordeling en het voornemen om femicidezaken temonitoren en nader te onderzoeken. Daarnaast zal ook bij de voorbe-reiding van het toegezegde wetsvoorstel tot afzonderlijke strafbaarstellingvan psychisch geweld worden bekeken of en hoe deze strafbepaling ookin Caribisch Nederland kan worden ingevoerd.Niet alleen de samenhang met het Europees Nederlandse beleid isgezocht. Ook worden de afspraken die in de NMNM-werkgroep zijngemaakt betrokken in de Toekomstvisie en het bestuursakkoord. Op dezemanier sluiten de inspanningen in Caribisch Nederland aan bij de brederebeleidskaders binnen het Koninkrijk. De doelen die hieruit voortvloeienzijn opgenomen in het nieuwe bestuursakkoord en vormen onderdeel vande gezamenlijke inzet om geweld in afhankelijkheidsrelaties structureelterug te dringen.Ratificatie en implementatie Verdrag van Istanbul voor CaribischNederlandTer voorbereiding van de ratificatie van het Verdrag van Istanbul voorCaribisch Nederland en voor de vertaling van de Wet seksuele misdrijvenin de Caribische wetgeving heeft het Ministerie van Justitie en Veiligheidin kaart gebracht welke nieuwe wetgeving en wetswijziging nodig zijn.Om uitvoering te geven aan de verdragsverplichtingen zijn onder meerwijzigingen nodig in de wetgeving met betrekking tot seksuele misdrijvenin het Wetboek van Strafrecht BES. Zo moet het opzettelijk verrichten vanseksuele handelingen zonder wederzijds goedvinden strafbaar wordengesteld. Daarnaast moeten sancties kunnen worden verbonden aanseksuele intimidatie. Voor Caribisch Nederland is ook bestuursrechtelijkeen civielrechtelijke wetgeving nodig voor de inzet van het tijdelijkhuisverbod en contactverbod in geval van (dreigend) huiselijk geweld enkindermishandeling. Momenteel onderzoekt het Ministerie van JenV watde impact daarvan zal zijn op de werkwijze van de betrokken uitvoerings-organisaties. Deze impactanalyse is naar verwachting afgerond in deeerste helft van 2026. Op basis hiervan kan ook een inschatting wordengemaakt van de benodigde middelen.VooruitblikDe werkagenda en het nieuwe bestuursakkoord bieden een goedegezamenlijke basis om stapsgewijs toe te werken naar de ratificatie vanhet VN-Verdrag Handicap en het Verdrag van Istanbul voor CaribischNederland. Hierbij houdt het kabinet oog voor de specifieke uitdagingendie voortkomen uit de kleinschalige en hechte samenlevingen op deeilanden, zoals directe sociale verbondenheid soms een rol kan spelen bijde toegankelijkheid van hulp. In de komende periode worden de noodza-kelijke stappen gezet om de uitvoering van de Verdragen goed voor tebereiden, inclusief eventuele aanpassingen in wet- en regelgeving. UwKamer wordt in het najaar van 2027 geïnformeerd over de voortgang,zodat u zicht houdt op de gezamenlijke inspanningen voor de rechtenvoor personen met een beperking en de effectieve aanpak van allevormen van geweld tegen vrouwen, huiselijk geweld en kindermishan-deling.De Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,J.Z.C.M. TielenTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 24 170, nr. 38310

Eerdere bronversies

17 okt 2026 · 7cf53fe8aaf8f554

14 okt 2026 · 3fe0bb50f8db5a9b

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.