KamerkringInloggen
Kamerbrief

Transitie naar de circulaire economie

26 nov 2024 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie da0f89a2ab8f2514 · officiële bron

Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2024–202532 852GrondstoffenvoorzieningszekerheidNr. 320 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN INFRASTRUCTUUR ENWATERSTAAT Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 26 november 2024In deze brief schets ik hoe ik deze kabinetsperiode de transitie naar decirculaire economie verder vorm wil geven en waar ik mijn accenten zalleggen. Van het belang hoef ik uw Kamer niet te overtuigen, wantgrondstoffen worden schaarser en duurder. In een circulaire economiegaan we zuinig en slim om met grondstoffen en producten. We gebruikenminder grondstoffen doordat we producten langer gebruiken. Gebruiktegrondstoffen zetten we weer in voor nieuwe producten. En zuinig enslimmer gebruik van grondstoffen en producten zorgt er ook voor dat erminder vraag komt naar kritieke grondstoffen, waardoor de risicovolleafhankelijkheden van Nederland van derde landen worden verkleind.Bovendien draagt een circulaire economie bij aan het tegengaan vanklimaatverandering, het herstel van biodiversiteit, een schoner milieu eneen gezonde leefomgeving. Een circulaire economie is een toekomstbe-stendige economie. Een economie die goed is voor het concurrentiever-mogen en de innovatiekracht van het Nederlandse bedrijfsleven.Om een volledig circulaire economie in 2050 te bereiken zijn ambitie,heldere regels, circulair ondernemerschap en een omslag in het denkenen doen nodig. Nederland loopt voorop. Er gebeurt al veel in het landdoor overheden, bedrijven en burgers. Daar ben ik trots op. Het is in onsbelang dat zo te houden. En het is belangrijk dat iedereen mee kan én wildoen. Circulair moet de norm worden. Mijn inzet is er daarom op gerichtom – samen met medeoverheden, andere departementen, bedrijven enburgers – het logischer en makkelijker te maken om tot een circulaireeconomie te komen.Regie vanuit het RijkHet Rijk heeft een belangrijke rol in de transitie naar een circulaireeconomie, bijvoorbeeld door het creëren van de juiste randvoorwaardenin beleid en regelgeving. Het Nationaal Programma Circulaire Economie(NPCE) vormt een goede basis, met een mix van normerende, beprijzende kst-32852-320ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2024Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 32 852, nr. 3201 en stimulerende maatregelen. De actualisatie en uitvoering van het NPCEis dan ook een van mijn prioriteiten. In ieder geval zullen nieuwe, scherpeen ambitieuze doelen voor een circulaire economie onderdeel uitmakenvan de actualisatie. De huidige doelen zijn richtinggevend en motiverend,maar geven voor de volgende fase te weinig sturing en handelingsper-spectief, terwijl dat nu hard nodig is.Een recente ontwikkeling is de start van speciaal regeringsvertegenwoor-diger circulaire economie, Steven van Eijck, op 1 juli. Hij zal een belang-rijke rol spelen. Hij zal proberen doorbraken te forceren, waarbij hij zichvooral richt op de relatie tussen bedrijven en de overheid. Daarnaast zalhij het kabinet gevraagd en ongevraagd adviseren. Dit kan uiteraard ookbetekenen dat hij het Rijk aanspreekt op het creëren van de eerdergenoemde randvoorwaarden. Hij werkt daarbij nauw samen met deSpeciaal Vertegenwoordiger Grondstoffenstrategie, die is benoemd doorde Minister van Economische Zaken en is aangesteld om bij te dragen aande leveringszekerheid van kritieke grondstoffen.Voor een dergelijke grote systeemverandering is internationale samen-werking van belang. In dat kader wordt al samengewerkt in de EU,bijvoorbeeld bij het vastleggen van ontwerpeisen van producten. Dit geeftmeer duidelijkheid aan de markt. Bedrijven vragen hier ook om en dekomende tijd worden veel nieuwe en behulpzame Europese regels vankracht die van belang zijn op nationaal niveau zoals de KaderverordeningEcodesign voor Duurzame Producten, de Batterijenverordening, of deVerpakkingenverordening.Circulaire economie is heel breed, daarom wordt interdepartementaalintensief samengewerkt. Als coördinerend bewindspersoon is het mijn rolom dat goed te blijven organiseren en het overzicht te houden. Ik zal metde collega’s in het kabinet bespreken wat er op hun beleidsterreinen nodigis en wat we deze kabinetsperiode kunnen realiseren. Ik zal dezegesprekken regelmatig met ze voeren en de voortgang bespreken.Circulair ondernemenVeel bedrijven geven aan te willen werken aan het circulair maken van deeconomie. Veel bedrijven doen dat vanuit een gevoelde maatschappelijkenoodzaak. Sommige vanuit bedrijfsmatig perspectief, omdat ze ook in detoekomst winstgevend willen zijn en beseffen dat circulair ondernementoekomstbestendig ondernemen is. Wat de motivatie ook is, het is vanbelang dat we bedrijven ondersteunen om stappen te blijven zetten.Daarbij speelt ook het positieve effect dat ervan uitgaat; goed voorbeelddoet immers goed volgen en zorgt ervoor dat Nederland koploper blijft ophet gebied van circulair ondernemen. Daarom zet ik onder meer het goedewerk van het Versnellingshuis Nederland Circulair! ook voort.Het verdienvermogen van het Nederlandse bedrijfsleven staat in hethuidige systeem, de lineaire economie, onder druk: de prijs van grond-stoffen stijgt en de beschikbaarheid daalt. Maar het is niet makkelijk voorbedrijven om te starten met een circulair businessmodel, of zelfs hetvoortzetten van de circulaire bedrijvigheid. Denk aan de berichten over derecyclingsector die het moeilijk heeft en de recente berichten over detextielinzamelaars die hun tweedehandsmarkt zwaar onder druk zienstaan als gevolg van ultra fast fashion en geopolitieke ontwikkelingen.Bijzondere aandacht wil ik daarom de komende tijd besteden aan hetonderzoeken van mogelijkheden om de circulaire business case teverbeteren. Ik denk dan niet alleen aan stimulerende of fiscale mogelijk-heden, maar ook aan samenwerking met private financiers, zoals deTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 32 852, nr. 3202 banken. Mijn voorganger heeft op de Nationale Conferentie CirculaireEconomie (14 maart 2024) een goede stap gezet door met de bankenafspraken te maken over samenwerking. Aan deze afspraken wil ik graagvervolg geven en met de financiële sector verder zoeken naar demogelijkheden van private financiering en het verlagen van de bijbeho-rende risico’s voor banken. Voor het ontwikkelen van een circulaire engroene business case werk ik nauw samen met de Minister voor Klimaaten Groene Groei in haar verantwoordelijkheid voor groene industriepo-litiek en groei.Samenwerken met de regioRegionale overheden hebben een grote rol bij het uitvoeren van beleid enhet realiseren van de doelen. Vanuit mijn ervaring in het lokale bestuurweet ik dat het lastig kan zijn, maar ook dat er kansen liggen. Die kansenen knelpunten moeten we samen aanpakken, want we hebben elkaar hardnodig.Om meer helderheid te scheppen en de samenwerking tussen deverschillende overheidslagen te versterken, wordt samen met deprovincies, gemeenten en waterschappen gewerkt aan een krachtenbun-deling. Daarin concretiseren we wat we van elkaar nodig hebben en hoeonze activiteiten elkaar versterken. We maken afspraken over rollen, taken,verantwoordelijkheden en afhankelijkheden tussen bestuurslagen in detransitie naar een circulaire economie. Ook hebben we inhoudelijk eengezamenlijke aanpak voor de onderwerpen: ruimte voor circulaireeconomie, vergunningverlening, toezicht en handhaving, kennisdeling enMKB-ondersteuning.De gezamenlijke overheden hebben ook een belangrijke rol als inkoper.Via het instrument van maatschappelijk verantwoord inkopen enopdrachtgeven (MVOI) kan de overheid een grote vraag creëren. Dat kaneen enorme boost geven aan ondernemers die goede, toekomstbe-stendige producten in de markt willen zetten. Daar willen we de komendejaren nog meer op inzetten. De gezamenlijke inkoopkracht van deoverheden (Rijk, provincies, gemeenten en waterschappen) is namelijkzo’n € 80 miljard per jaar.Veel regio’s hebben met behulp van een zogenaamde Regio Dealgeïnvesteerd in regionale proposities die de circulaire economieversterken. Zo wordt er ingezet op circulair bouwen en slopen, het sluitenvan ketens en het opleiden van mensen voor een circulaire economie.Conform het regeerprogramma (bijlage bij Kamerstuk 36 471, nr. 96) wilhet kabinet de Regio Deals ontwikkelen naar een «strategische investe-ringsagenda».1 Samen met de regio’s wil ik kijken hoe we de circulaireeconomie ook via deze route kunnen versterken en vergroten.Iedereen moet mee doenVeel burgers dragen al bij, kijk bijvoorbeeld eens naar de rijkheid aaninitiatieven die dit jaar weer zijn ingediend in het kader van duurzamedinsdag.2 Ik vind het belangrijk om het enthousiasme en de inspiratie vandeze mensen te benutten om deze initiatieven verder te brengen. Maarom iedereen mee te laten doen, moet circulair doen voor mensenmakkelijk, begrijpelijk en betaalbaar zijn.1Zie Kamerbrief «Gebiedsgerichte economische perspectieven en Regionaal EconomischBeleid», https://www.tweedekamer.nl/downloads/document?id=2024D292162https://www.duurzamedinsdag.nl/Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 32 852, nr. 3203 Uiteindelijk betekent de grondstoffentransitie ook dat mensen andersmoeten gaan consumeren. Vooralsnog stijgt de consumptie steeds maarverder, mede als gevolg van ontwikkelingen als ultra fast fashion en zeergoedkope webshops. Vaker tweedehands kopen in plaats van nieuweproducten, makkelijker en goedkoper repareren en meer delen zijn daarbijmogelijkheden om het consumptiepatroon van mensen positief tebeïnvloeden. Ik vind het belangrijk om de inwoners van Nederland goedte betrekken bij de beleidskeuzes die we moeten maken. Een van delopende initiatieven hiervoor is het Nationaal Burgerberaad Klimaat,waarin ook aandacht komt voor het gebruiken van spullen.Ook bij de inzameling van afval komt de circulaire economie dicht bij deleefomgeving van Nederlanders. Soms is afvalinzameling heel makkelijk,maar even zo vaak is het ingewikkeld. Momenteel verken ik met produ-centen, gemeenten, inzamelaars en verwerkers hoe de inzameling vanhuishoudelijk afval kan worden verbeterd. Onderdeel van deze gesprekkenis ook het perspectief van inwoners op afvalscheiding. Over de bevin-dingen uit dit traject informeer ik u begin 2025.De bijdrage aan KlimaatDit kabinet wil de klimaatdoelen halen. Mijn inzet voor de circulaireeconomie draagt daaraan bij. Onderzoeken laten zien dat circulairemaatregelen 2–4 Mton CO2-reductie in 2030 kunnen opleveren. Metaanvullend beleid is zelfs meer mogelijk (Kamerstukken II 2023/24, 32 813en 32 852, nr. 1397). Het kabinet wil kijken wat haalbaar is door circulaireondernemers verder te ondersteunen en zo de koploperspositie van hetNederlandse innoverende bedrijfsleven te bestendigen. Circulaireondernemers willen innoveren, maar lopen soms aan tegen achterhaaldbeleid of financiële en fiscale prikkels die ongelukkig uitwerken. Wewerken daarom verder aan maatregelen op het gebied van circulair plasticen circulair bouwen. In samenspraak met het Ministerie van Financiën,van Economische Zaken, en van Klimaat en Groene Groei laat ik ookonderzoeken of en hoe slimmere financiële prikkels de circulaire onder-nemer kunnen helpen (Kamerstukken II 2023/24, 32 813 en 32 852,nr. 1397).Ik verwacht u in aanloop naar de Voorjaarsnota 2025 nader te informerenover de uitkomsten en besluitvorming in het kabinet hierover.Voor producten die wij elke dag gebruiken, zoals plastic, verf enmedicijnen is koolstof de basis. Voor de transitie naar een klimaatneutraleen circulaire economie is het belangrijk dat deze producten wordenvervaardigd uit duurzame koolstofbronnen (secundaire grondstoffen,duurzame biogrondstoffen en CO2) in plaats van uit fossiele koolstof-bronnen. Het stimuleren van de vraag naar en het opschalen vantechnieken voor verwerking en opwaardering van duurzame koolstof zijnessentiële factoren om de chemische industrie te kunnen verduurzamen.Dat de Nederlandse chemische industrie in deze transitie voorop kanlopen, heb ik ook gezien toen ik recent samen met de Minister van Klimaaten Groene Groei de opening van de nieuwe fabriek van Shell in Moerdijkbijwoonde, waarmee onder andere voedselverpakkingen hoogwaardiggerecycled kunnen worden. In samenwerking met de Minister van Klimaaten Groene Groei werk ik aan een visie- en transitiepad voor de verduur-zaming van het koolstofgebruik in de chemische industrie. Dit pad,geformuleerd samen met stakeholders, moet realistisch en ambitieus zijnen inzichtelijk maken welke randvoorwaarden van belang zijn. In datzelfdekader maakt het kabinet zich hard in Europa voor een beleidspakket aanmaatregelen voor duurzame koolstof, waarover we positieve signalenontvangen van de Europese Commissie.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 32 852, nr. 3204 Het is van belang dat het kabinet ondernemers ondersteunt en de inputvan bedrijven meeneemt bij het opstellen van het beleid. Ik stuur bijgaandde rapportage van MVO Nederland mee over het uitgevoerde «partici-patief traject» met belanghebbenden bij ketenemissies. Het gaat daarbijom CO2 die vrijkomt in de gehele productie- en consumptieketen, deelsdus ook buiten Nederland. Nederland heeft immers een grote verantwoor-delijkheid zich in te spannen voor beleid dat bijdraagt aan reductie van defossiele voetafdruk van onze economie. Zoals eerder aan uw Kameraangekondigd (Kamerstukken II 2023/24, 32 813 en 32 852, nr. 1397) heeftMVO-NL in samenspraak met bedrijven onderzocht hoe bedrijven enoverheid slimmer werk kunnen maken van reductie van ketenemissies. Uitdit traject blijkt dat bedrijven en experts een actieve rol zien voor deoverheid, onder meer om reductiemaatregelen te bevorderen doorverplichtingen en stimulansen, door sectoren te faciliteren bij hetopstellen van sectordoelen, en om in te zetten op een benadering opEU-niveau. Sturen op ketenemissiereductie kan circulaire ondernemershelpen. Circulariteit gaat immers om het verduurzamen van ketens, endraagt daarmee bij aan zowel de nationale als de mondiale klimaatdoelen.In het Klimaatplan zal het kabinet nader ingaan op het voorgenomenketenemissiebeleid. Het klimaatplan zal u worden toegestuurd door deMinister van KGG.Tot slotIn januari verwacht ik een nieuwe versie van de Integrale CirculaireEconomie rapportage (ICER) van het PBL. Met deze publicatie, maar ookop basis van de vele gesprekken die ik de komende tijd zal voeren metbedrijven, overheden en burgers, zullen we het NPCE actualiseren. Datdoen we in samenhang met de inzet op hergebruik van kritieke grond-stoffen onder de Nationale Grondstoffenstrategie.Ik verwacht het geactualiseerde NPCE in september 2025 aan uw Kamer tekunnen sturen. Dit geeft mij de tijd te komen tot een onderbouwde enweloverwogen actualisatie.Een toekomstbestendige economie is een circulaire economie. Mijn inzetis om Nederlanders te helpen om circulair te gaan doen, denken enhandelen – vanuit ieders eigen verantwoordelijkheid. In de meest recentedebatten in uw Kamer zag ik dat dit bij u ook zo wordt gevoeld. Ik hoop envertrouw daarom op een goede samenwerking met uw Kamer.De Staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat,C.A. JansenTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 32 852, nr. 3205

Eerdere bronversies

17 okt 2026 · 0798e5825626acd5

14 okt 2026 · 4f93917d401c9b2f

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.