Voortgang Financieel beheer ministerie van VWS 2025
Brontekst
Versie 302adaed1197327d · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2025–202636 800 XVIVaststelling van de begrotingsstaten van hetMinisterie van Volksgezondheid, Welzijn enSport (XVI) voor het jaar 2026Nr. 15 BRIEF VAN DE MINISTER VAN VOLKSGEZONDHEID, WELZIJN ENSPORT Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 3 november 2025Met deze brief informeer ik u over de voortgang van het financieel beheerbinnen het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) overde eerste helft van 2025. De rapportage geeft invulling aan de toezeggingom in oktober 2025 een brief naar uw Kamer te sturen met de actuelestand van zaken inzake de bedrijfsvoering. Het interim-auditrapport van deAuditdienst Rijk (ADR) stuur ik mee met deze voortgangsrapportage.Belangrijkste conclusie van deze rapportage is dat de positieve trend zichvoortzet. De afgelopen periode zijn veel van de in gang gezette verbeter-maatregelen van de afgelopen jaren duurzaam geborgd. Zo is hetprogramma Herinrichting Financiële functie in mei 2025 formeel afgeronden zijn de resterende actielijnen overgedragen aan de lijnorganisatie.Hiernaast wordt 2025 gebruikt om nog verdere stappen te zetten omervoor te zorgen dat de uitgaven van VWS doelmatig, rechtmatig encontroleerbaar zijn. In deze brief licht ik de belangrijkste ontwikkelingenkort toe.Consolidatie en verankeringIn 2025 bevindt het financieel beheer van het ministerie zich in de fase vanconsolidatie en verankering. De programmatische aanpak die in deafgelopen jaren is ingezet om het financieel beheer te versterken, isafgerond. De activiteiten die in dat kader zijn ontwikkeld, zijn inmiddelsbelegd binnen de staande organisatie en maken daarmee onderdeel uitvan de reguliere bedrijfsvoering. Dat is ook waar deze activiteitenthuishoren: aandacht voor financieel beheer moet niet tijdelijk ofprojectmatig zijn, maar een vanzelfsprekend en integraal onderdeel vande dagelijkse sturing en uitvoering. kst-36800-XVI-15ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2025Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 XVI, nr. 151 Hoewel het in die zin «terug naar normaal» is, betekent dit niet terug naarde situatie vóórdat deze verbeterprogramma’s zijn opgestart. Waar hetbeheer in het verleden soms te weinig prioriteit kreeg, is nu nadrukkelijkgeborgd dat de aandacht structureel op een hoger niveau ligt én blijft. Delessen uit de afgelopen jaren laten zien dat duurzaam goed financieelbeheer vraagt om blijvende aandacht, scherpte en eigenaarschap.Het feit dat het financieel beheer binnen VWS inmiddels op een hogerniveau ligt, betekent niet dat zich nooit meer fouten of onrechtmatighedenzullen voordoen. Waar mensen werken, worden fouten gemaakt. En erkunnen zich specifieke situaties voordoen waarin de geldende regels nietéén op één toepasbaar zijn. Het ministerie bevindt zich inmiddels meer inde positie om die afwegingen tijdig en weloverwogen te maken. Deverbeteringen in processen, rollen en deskundigheid zorgen ervoor datafwijkingen van reguliere procedures niet toevallig, maar zoveel alsmogelijk bewust en onderbouwd plaatsvinden. Daarnaast is het internestelsel van controles en monitoring zodanig versterkt dat, wanneer zichtoch onbewust fouten voordoen, deze vroegtijdig worden onderkend.Hierdoor kan waar mogelijk herstel plaatsvinden, en kan – als herstel nietmeer mogelijk is – op een juiste en transparante wijze verantwoordingworden afgelegd. En ten slotte zijn we nu ook in de gelegenheid omsteeds meer dan voorheen fouten te gebruiken om van te leren. Door dezetijdig te onderkennen en ook terug te leggen en te bespreken op de plekwaar deze zijn ontstaan, komen we in de gelegenheid om deze in detoekomst te voorkomen.Herinrichting financiële functieEind 2024 en begin 2025 is de herinrichting van de financiële functieafgerond. Doel was om een versterking door te voeren voor de mensendie werkzaam zijn binnen het domein van financiën en control. Het ginghier zowel om een reorganisatie van de directie Financieel-EconomischeZaken (FEZ) als een kwantitatieve als kwalitatieve versterking van definanciële medewerkers binnen de overige directies van VWS. Voor dezomer is de Auditdienst Rijk gevraagd om een eerste evaluatie uit tevoeren naar de belangrijkste aspecten van deze versterking: 1) deintroductie van de functie van DG Controller, 2) het beter in positiebrengen van de verschillende rollen bij de directies, onder andere doorhet aanvullen van de financiële administratieve capaciteit en 3) deuitbreiding van capaciteit en de verandering van rollen bij de directie FEZ.De ADR is momenteel bezig met het eerste deel: de introductie van defunctie van DG Controller. De DG Controller is de «trusted advisor» vooreen directeur-generaal (DG) of (plaatsvervangend) secretaris-generaal endeze functie biedt ondersteuning bij het doelmatig, doeltreffend enrechtmatig vormgeven van beleid. Deze functie is ondergebracht bij dedirectie FEZ en dient daarmee zowel het VWS brede concernbelang, alshet belang van een specifieke DG. Ik verwacht de uitkomsten van ditonderzoek en de andere twee onderdelen – die ook sterke onderlingesamenhang hebben – in het tweede kwartaal van 2026 aan uw Kamer toete kunnen zenden.Begin 2025 is de kwantitatieve versterking (12 fte) voor de financieel-administratieve functie voor de directies geworven. Nadat dezemedewerkers een speciaal onboardingsprogramma hebben doorlopen iservoor gekozen om deze – samen met reeds zittend financieel-administratief personeel – periodiek ook samen te brengen in eenzogenaamde kenniskring. Hiermee wordt geborgd dat kennis en ervaringwordt gedeeld. De resultaten laten zien dat dit lukt. In het tweede kwartaalvan 2025 is de intern geformuleerde streefwaarde van 90% (posten in éénkeer correct) behaald. Ook voor andere functiegroepen in deTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 XVI, nr. 152 financiële functie zijn kenniskringen opgericht die periodiek bijeenkomen.In mei 2025 is decharge verleend aan het programma Herinrichtingfinanciële functie en zijn de resterende actielijnen ondergebracht in destaande organisatie.Meer «in control»Onderdeel van een volwassen organisatie met oog voor de bedrijfs-voering is dat deze zich blijft ontwikkelen op basis van interne en externeontwikkelingen. Zo bieden de toenemende mogelijkheden van digitali-sering en data-gedreven werken steeds meer de gelegenheid om risico’svroegtijdig te signaleren en daarop te anticiperen. VWS werkt op ditgebied samen met het Ministerie van Financiën in het kader van hetprogramma Toekomstige Financiële Administratie (TFA). Maar ook andereontwikkelingen, bijvoorbeeld aanpassingen in wet- en regelgeving,schaarste op de arbeidsmarkt en taakstellingen, kunnen gevolgen hebbenvoor de bedrijfsvoering en kunnen van impact zijn op hoe VWS ervoorzorgt dat het «in control» is. Dit vraagt dat we continue in staat zijn omons aan te passen aan de veranderende omstandigheden. Hieronderbeschrijf ik kort de voornaamste ontwikkelingen en risico’s die ik in 2025onderken en wat VWS doet om meer «in control» te komen.SubsidiebeheerVWS heeft over het eerste half jaar van 2025 circa € 1,01 miljard aansubsidies verstrekt. Dit is circa 5,6% van de totale begrotingsgefinancierdeuitgaven over de eerste helft van 2025. Belangrijk onderdeel van adequaatsubsidiebeheer is het voorkomen van misbruik en oneigenlijk gebruik(M&O) van deze subsidies. In juli 2025 is het nieuwe VWS-brede M&Obeleid vastgesteld inclusief een nieuw risicoformat. Het M&O beleid is inlijn gebracht met de Rijksbrede Handreiking ter voorkoming en bestrijdingM&O en geeft duidelijke handvatten over het te hanteren normenkader.Om het bewustzijn en de kennis van het M&O beleid te versterken wordengerichte M&O trainingen en workshops gegeven.Belangrijk aandachtspunt is het uitvoerbaar en beheersbaar krijgen vansubsidies. Niet alleen om beheersmatige risico’s zoveel als mogelijk tevoorkomen maar ook in het beperken van de administratieve last voor desubsidieontvangers. In het verleden zijn te vaak subsidieregelingenopgesteld die dusdanig ingewikkeld waren dat dit zowel voor de eigenorganisatie als voor de ontvanger leidde tot onevenredige werk- encontrolelast. De primaire oplossing ligt helemaal aan de voorkant,namelijk bij de keuze van het subsidie-instrument en bij de uitwerking vande subsidie. Door scherpere advisering bij de instrumentkeuze, binnenVWS door het in dit jaar opgerichte Expertisecentrum Instrumentkeuze(ECIK), en bij het tot stand brengen van een subsidie, door het Expertise-centrum Subsidies (ECS), wordt uitvoeringsproblematiek zoveel alsmogelijk voorkomen. De uitvoering van het grootste deel van de subsidiesligt bij de Dienst Uitvoering Subsidies aan Instellingen (DUS-I). Dezedienst is in de afgelopen jaren snel gegroeid. Deze snelle groei geeft ookuitdagingen, het behouden en verder verbeteren van de kwaliteit van dedienstverlening is hier een voorbeeld van. Hier wordt nauwlettend opgestuurd.Twee voorbeelden van complexe regelingen uit het verleden die ookhebben geleid tot onrechtmatigheden waren de regeling Kwaliteitsimpulspersoneel ziekenhuizenzorg (KiPZ) en de opvolger van deze regeling, deSubsidieregeling Strategisch opleiden MSZ (SOMSZ). Beide regelingenzijn dit jaar aangepast waardoor de onrechtmatigheden binnen dezeregelingen zijn opgelost.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 XVI, nr. 153 Op verschillende momenten heb ik u het afgelopen jaar geïnformeerd datgefraudeerd is met de Subsidieregeling medisch noodzakelijke zorg aanonverzekerden (SOV) en met de regeling Onverzekerbare vreemdelingen(OVV). Beide regelingen worden uitgevoerd door het CAK. Momenteelwordt met alle betrokken partijen gewerkt aan zowel korte- als langetermijnmaatregelen om het risico op fraude zo klein mogelijk te maken.De lange termijn maatregelen worden meegenomen in het wetstrajectwaarin gewerkt wordt aan één nieuwe wet per 2028 met betrekking totzorgkosten aan onverzekerden (ter vervanging van de SOV en OVV). Debouwstenen voor het wetsvoorstel, en de keuzes die een nieuw kabinetdaarin kan maken, zullen in een tweede voortgangsbrief begin 2026verder worden toegelicht. Het Ministerie van VWS zal de voorbereidendewerkzaamheden voor het wetsvoorstel continueren.InkoopbeheerDe inkopen over het eerste half jaar 2025 bedragen circa € 127 miljoen.Dit is circa 0,7% van de totale begrotingsgefinancierde uitgaven over deeerste helft van 2025. 2025 staat voor een belangrijk deel in het teken vande implementatie van het nieuwe inkoopsysteem. Met dit systeem wordthet inkoopbeheer binnen VWS verder geprofessionaliseerd middels eengeformaliseerde digitale werkwijze. Doordat het inkoopsysteem isgekoppeld aan het financieel administratieve (ERP)-systeem en omdat derollen, taken en verantwoordelijkheden uniform zijn vastgesteld is het deverwachting dat beheersmatige risico’s significant verminderd kunnenworden. In 2025 zal het nieuwe systeem – conform planning – geïmple-menteerd zijn bij alle directies van VWS. Tot op heden doen zich geengrote issues voor bij de invoering. Wel is het werken met een nieuwsysteem voor de gebruikers soms ingewikkeld en worden nog verschil-lende (kleinere) kinderziektes ontdekt bij het daadwerkelijk gebruik. In hetproject is aandacht om deze issues op te lossen middels trainingen enhulplijnen.Uit de interne controles blijkt dat het grootste deel (circa 92%) van deonrechtmatige inkopen in 2025 het gevolg is van onrechtmatige overbrug-gingsovereenkomsten van categoriemanagement. Doordat VWSdeelnemer is aan deze overeenkomsten van categoriemanagement leidtdit tot zogenaamde geïmporteerde onrechtmatigheid.Overige puntenNaast de bovengenoemde aspecten zijn nog de volgende ontwikkelingente melden:–PALLAS – Op 28 januari 2025 heeft de Tweede Kamer het PALLAS-nieuwbouwprogramma aangewezen als groot project conform deRegeling Grote Projecten. Dit betekent dat er twee keer per jaar wordtgerapporteerd aan de Tweede Kamer over dit programma. De planningis dat eind oktober een tweede/herziene basisrapportage wordtaangeboden. Vanaf 2026 worden halfjaarlijkse voortgangsrapportagesaan de Kamer gestuurd. De ADR doet op twee aspecten onderzoek: teneerste wordt een controleverklaring verstrekt bij de financiëleinformatie. Ten tweede wordt onderzoek gedaan naar de governancevan het programma, de beoordeling van de programmabeheersing(waaronder het risicomanagement), zowel binnen het ministerie alsbinnen NRG Pallas, de externe en interne informatievoorziening ennaar de kwaliteit en volledigheid van de toekomstige financiële enniet-financiële informatie in de voortgangsrapportages.–Wet DBA – De afgelopen periode is een nulmeting gehouden naar derisico’s rondom schijnzelfstandigheid. Deze analyse leert dat het risicorondom schijnzelfstandigheid voor 3,4% van de totale inhuurpopulatieTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 XVI, nr. 154 van circa 1.000 mensen aanwezig is (stand per 1 juli). Momenteelworden verschillende maatregelen doorgevoerd om dit risico nogverder te beheersen, waaronder een doorontwikkeling van het«afwegingskader schijnzelfstandigheid» en een verdere verduidelijkingvan de rollen en verantwoordelijkheden van externe inhuur.–Herstel- en Veerkrachtplan – In november 2025 zal Nederland het derdebetaalverzoek indienen bij de Europese Commissie in het kader vanhet Herstel- en Veerkrachtplan. Voor VWS betreft dit onder andere demaatregel rond de Nationale zorgreserve. De ADR heeft inmiddelsdeze maatregel ge-audit en hierbij geen bevindingen vastgesteld.Hiermee wordt bevestigd dat de afgesproken doelen binnen dezemaatregel zijn behaald.Ten slotteIk heb vertrouwen dat met de in deze brief beschreven maatregelen hetfinancieel beheer duurzaam op orde is en blijft. Dit vertrouwen isgebaseerd op de wijze waarop de versterkingsmaatregelen van deafgelopen periode structureel zijn ingebed: de herinrichting van definanciële functie, de verdere professionalisering van processen, en deontwikkeling van kennis en gedrag binnen de organisatie. Daarmee is hetfundament gelegd voor een financieel beheer dat niet alleen op orde is,maar ook toekomstbestendig en veerkrachtig blijft.In de bedrijfsvoeringsparagraaf in het Jaarverslag over 2025 zal ik uwKamer informeren over de uitkomsten over het gehele jaar 2025.De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,J.A. BruijnTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 XVI, nr. 155
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.