Visietraject toekomst sociale advocatuur
Brontekst
Versie 523ee78504752c21 · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2025–202631 753Rechtsbijstand29 279Rechtsstaat en RechtsordeNr. 315 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN JUSTITIE ENVEILIGHEID Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 24 april 2026Zoals is toegezegd in onder meer de voortgangsbrief aanpak versterkingtoegang tot het recht van 11 december 20251 en de beantwoording op devragen over de begroting van het Ministerie van Justitie en Veiligheid2,wordt uw Kamer geïnformeerd over de uitkomsten van het visietrajectvoor de toekomst van de sociale advocatuur. Daarnaast ga ik in de brief inop enkele kortetermijnmaatregelen en geef ik een inhoudelijke reactie ophet recent gepubliceerde onderzoeksrapport Aanbod in beeld van hetKenniscentrum Stelsel gesubsidieerde Rechtsbijstand (Kenniscentrum).3Ook informeer ik u met deze brief over het onderzoek van het Weten-schappelijk Onderzoek- en Datacentrum (WODC) naar alternatievebedrijfsstructuren voor advocaten, Moderne praktijkstructuren vooradvocaten:In het belang van een goede rechtsbedeling, dat op 22 aprildoor het WODC is gepubliceerd.Toegang tot het recht voor iedereen is van groot belang voor onzedemocratische rechtsstaat. Sociaal advocaten spelen een cruciale rol in detoegang tot het recht van mensen die de kosten van een advocaat niet ofniet geheel kunnen dragen. Het is dan ook van belang dat er eenduurzaam aanbod van sociaal advocaten is in Nederland. De afgelopenjaren zien we ons echter geconfronteerd met een dalend aantal sociaaladvocaten: de uitstroom is consequent groter dan de instroom.4 Dit heeftverschillende oorzaken, waaronder de vergrijzing, krapte op de arbeids-markt, de vergoedingen en het imago.5 Zonder adequate maatregelenstevent er een tekort aan sociaal advocaten op ons af. Ik zie het als mijntaak om het tij te keren.1Kamerstukken II, 2025–2026, 29 279, nr. 1004.2Kamerstukken II 2025–2026, 2026Z01727.3Kamerstukken II 2025–2026, 31 753, nr. 314.4Zie noot 3.5Onderzoeksbureau Panteia, De arbeidsmarkt voor de Sociale Advocatuur, Zoetermeer,augustus 2022 (Bijlage bij Kamerstuk 31 753 en 33 199, nr. 264). kst-31753-315ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2026Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 31 753, nr. 3151 Eerder is uw Kamer door de voormalig Staatssecretaris Rechtsbe-scherming geïnformeerd over de twee wegen die gevolgd worden om desociale advocatuur te versterken: de redelijke vergoeding en de toekomst-bestendigheid. Wat betreft de redelijke vergoeding, wordt vanaf 2027structureel € 30 miljoen geïnvesteerd om een groot deel van de aanbeve-lingen van de commissie-Van der Meer II op te volgen. Gelet op deurgentie zijn incidentele middelen aangewend om deze aanbevelingen alper 1 februari 2026 mogelijk te maken.6Om de toekomstbestendigheid van de sociale advocatuur te versterken isnaar aanleiding van het arbeidsmarktonderzoek van Panteia in 2023 al eenplan van aanpak gemaakt.7 Met dit plan van aanpak zijn verschillendemaatregelen in gang gezet voor de versterking van de sociale advocatuur,maar een visie voor de lange termijn ontbrak. De maatregelen warenvooral gericht op de korte en middellange termijn. Voor de lange termijnwas het nodig om een gezamenlijke, toekomstgerichte aanpak vast testellen. Daarom is begin 2025 gestart met een visietraject voor detoekomst van de sociale advocatuur.Visietraject toekomst sociale advocatuurHet Ministerie van Justitie en Veiligheid heeft in het visietraject samenge-werkt met de Raad voor Rechtsbijstand (RvR), Nederlandse orde vanadvocaten (NOvA) en de Vereniging Sociaal Advocatuur Nederland(VSAN). Het doel van het traject is om te komen tot een visie en concretedoelen en maatregelen te stellen om die visie te bereiken.Begin 2025 is de onderzoeksfase doorlopen. Dit heeft geresulteerd in vierpijlers: onderwijs, imago, bedrijfsstructuren en doelmatige bedrijfs-voering. Uw Kamer is daarover bij brief van 26 juni 2025 geïnformeerd.8Zoals in die brief is genoemd, geldt een redelijke vergoeding op basis vanhet Besluit vergoedingen rechtsbijstand 20009 als randvoorwaarde bijdeze pijlers. In het najaar van 2025 is een breed netwerk geconsulteerdbestaande uit onder meer diverse (sociaal) advocaten, wetenschappers,rechtsbijstandsverzekeraars, de Rechtspraak, het Juridisch Loket,uitvoeringsinstanties, een lokale ombudsman en rechtenstudenten. Metdeze brede input is de visie geformuleerd, die eind 2025 met uw Kamer isgedeeld.10In het eerste kwartaal van 2026 zijn per pijler doelen geformuleerd endaaraan maatregelen gekoppeld om deze doelen te bereiken. Deze doelenzijn gebaseerd op ideeën die gedurende het visietraject zijn opgehaald. Dedoelen zijn ambitieus geformuleerd, zijn toetsbaar en beschrijven wat erveranderd of bereikt moet zijn om de visie dichterbij te brengen. Dedoelen kunnen in elkaars verlengde liggen en/of elkaar versterken. Demaatregelen en/of inspanningen zijn de acties, projecten of initiatieven dienodig zijn om de doelen te realiseren. Uiteindelijk dragen alle doelengezamenlijk bij aan de visie. Er is niet één oplossing om het dalendaanbod van sociaal advocaten tegen te gaan.Sommige maatregelen, in het bijzonder die onder de pijlers bedrijfsstruc-turen en doelmatige bedrijfsvoering, moeten nog nader worden verkenden/of uitgewerkt. Daarbij worden ook de uitvoerbaarheid en budgettaire6Kamerstukken II 2024–2025, 31 753, nr. 312.7Kamerstukken II 2022–2023, 31 753, nr. 269.8Kamerstukken II 2024–2025, 31 753, nr. 312.9De aanbevelingen van de Commissie-Van der Meer II die zien op de puntenaantallen, hetpunttarief en de toeslagen zijn, zoals in die brief aangekondigd, overgenomen.10Zie noot 1.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 31 753, nr. 3152 consequenties in kaart gebracht. De eventuele uitvoering van de in dezebrief genoemde maatregelen wordt ingepast binnen de budgettairekaders en is onder andere afhankelijk van de financiële besluitvormingover de verdeling van de beschikbare middelen uit het coalitieakkoord.Ik heb er vertrouwen in dat met deze visie de weg wordt ingezet naar eenduurzame en toekomstbestendige sociale advocatuur. Het waarborgenvan de toegang tot het recht voor iedere burger zie ik als prioriteit. Ditblijkt ook uit het Coalitieakkoord (bijlage bij Kamerstuk 36 848, nr. 31)waarin staat dat het kabinet zal investeren in de sociale advocatuur. Ik gadaarom voortvarend met de uitwerking van deze maatregelen aan de slag.Hieronder is een overzicht opgenomen van de visie, pijlers, doelen envoorlopige maatregelen.VISIEHet stelsel van gesubsidieerde rechtsbijstand is aantrekkelijk, heeft goedevoorwaarden en is toekomstgericht. Er is een stabiel aanbod vanvakbekwame, mensgerichte advocaten. Hiermee dragen we bij aan deversterking van de toegang tot het recht.Pijler onderwijsOp universiteiten en hogescholen met een rechtenopleiding is deaandacht voor de sociale advocatuur nog altijd beperkt. Veel studentenzijn onvoldoende bekend met dit belangrijke beroep en hebben bovendienregelmatig een negatief beeld.11 Hoewel de afgelopen jaren mooiestappen zijn gezet om de sociale advocatuur meer onder de aandacht tebrengen, blijft structurele inbedding in het rechtenonderwijs noodzakelijk.Door gerichte en consistente aandacht binnen de opleiding wordt debekendheid met de sociaal advocatuur vergroot en wordt de volgendegeneratie geïnspireerd om voor dit maatschappelijk essentiële beroep tekiezen.•Doel 1: In 2027 is er op meerdere universiteiten een «toga-experience» met gelijke aandacht voor sociaal advocatuur, rechtspraaken OM.•Doel 2: In 2027 is er binnen een eerstejaars vak aandacht voor desociale advocatuur op alle universiteiten met een rechtenopleiding enhogescholen met een vorm van rechtenonderwijs.•Maatregelen/inspanningenDe komende periode worden de gesprekken met universiteiten enhogescholen voortgezet over de verdere concretisering van zowel detoga-experience als een eerstejaars vak met aandacht voor de socialeadvocatuur. Tegelijkertijd wordt gewerkt aan de inhoudelijke uitwer-king, ondersteuning en evaluatie van beide doelen, zodat dezeinitiatieven een vaste plek krijgen bij de verschillende onderwijs-instellingen met een vorm van rechtenonderwijs. Hiervoor blijft mijnministerie in gesprek met de Raad der Decanen Rechtsgeleerdheid enhet Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, om te voorko-men dat de maatregelen binnen deze pijler los komt te staan van hetbrede onderwijsaanbod. Voor de toga-experience zijn in 2026incidentele middelen beschikbaar binnen de opgave toegang tot hetrecht.11Onderzoeksbureau Panteia, De arbeidsmarkt voor de Sociale Advocatuur, Zoetermeer,augustus 2022 (Bijlage bij Kamerstuk 31 753 en 33 199, nr. 264); Creativity Pools, Doorstoomvan studenten naar de sociale advocatuur, Rotterdam, 8 september 2023 (bijlage bij Kamer-stukken 2023–2024, 31 753, nr. 286).Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 31 753, nr. 3153 Pijler imagoEr bestaan nog steeds verschillende, vaak achterhaalde, negatievestereotypen over sociale advocatuur. Door actief te werken aan eenpositiever en realistischer beeld en de maatschappelijke waarde van desociale advocatuur te benadrukken, wordt nieuw talent aangetrokken ende zichtbaarheid en maatschappelijke relevantie voor dit cruciale beroepvergroot.•Doel 1: De onderwijscampagne «Ik ben sociaal advocaat» wordt in2026 uitgebreid naar een bredere doelgroep dan alleen studenten. Hetbereik wordt vergroot met jaarlijks 3–4 grootschalige acties (o.a. socialmedia, podcasts, video’s, documentaires en tv) die de maatschappe-lijke impact van sociaal advocaten op de rechtsstaat zichtbaar maken.•Doel 2: In 2026 wordt verkend of er jaarlijks terugkerende praktijkge-richte experiences gerealiseerd kunnen worden bij minimaal driebestaande kantoren of samenwerkingsverbanden, die representatiefzijn voor het vak. Daarmee krijgen studenten en starters een herken-baar en positief beeld van het werken als sociaal advocaat.•Maatregelen/inspanningenJaarlijks wordt ingezet op meerdere gerichte communicatieacties viaonder meer social media, podcasts en andere mediaplatforms. Daarbijwordt specifieke aandacht besteed aan rechtsgebieden waar detekorten het grootst zijn. Het bereik en de impact van de acties wordtgemonitord. Voor de uitbreiding van de campagne zijn binnen deopgave toegang tot het recht incidentele middelen gereserveerd in2026. Daarnaast wordt contact gezocht met universiteiten en advoca-tenkantoren om te werken aan de ontwikkeling van praktijkgerichtekantoorexperiences.Pijler bedrijfsstructurenHet aantal sociaal advocaten daalt. De komende tien jaar bereikenongeveer 2.500 sociaal advocaten de pensioengerechtigde leeftijd en zaler dus een grote groep uitstromen. Tegelijkertijd zijn er duidelijke signalenvan een tekort aan opleidingsplekken. In combinatie met dreigendetekorten binnen specifieke rechtsgebieden en regio’s, zet dit de toeganke-lijkheid van de rechtsbijstand onder druk. Het is daarom van belang in tezetten op zowel instroom als behoud van sociaal advocaten, en daarbijruimte te bieden voor innovatieve organisatievormen en samenwerkings-verbanden met een doelmatige bedrijfsvoering, opleidingscapaciteit eneen positief imago. Dit draagt uiteindelijk bij aan een duurzaam entoekomstbestendig stelsel van gesubsidieerde rechtsbijstand.•Doel: Binnen tien jaar (uiterlijk in 2037) zijn er 3.00012 sociaaladvocaten ingestroomd en/of behouden (geactiveerd13). De instroomwordt (bij voorkeur) gerealiseerd bij kantoren en samenwerkingsver-banden die bijdragen aan een duurzame beroepspraktijk. Belangrijkeelementen zijn: werken in teamverband, een substantieel aantal12Deze inschatting is gemaakt op basis van gegevens uit het onderzoek van het KenniscentrumStelsel Gesubsidieerde Rechtsbijstand, Aanbod in Beeld. Er is de komende tien jaar sprake vaneen structurele netto-uitstroom van circa 1.000 advocaten en 2.500 advocaten die metpensioen gaan. Dit aantal wordt met de huidige instroom niet volledig opgevangen en dejaarlijkse opleidingscapaciteit bedraagt nu gemiddeld 265 stagiairs. Tegelijkertijd is er binnenhet stelsel 25% onbenutte capaciteit aanwezig en beogen de maatregelen uit het visietrajecthogere instroom en efficiënter werken. Door in te zetten op gerichte aandacht, groei enactivering wordt een toename van circa 3.000 sociaal advocaten binnen tien jaar als realistischen passend beschouwd.13Een niet-actieve advocaat is een advocaat die wel bij de RvR staat ingeschreven, maar in hetbetreffende jaar geen zaken onder toevoeging behandelt. In 2024 was dit bijna 25% (1.862) vanhet totaal, tegenover circa 10% in 2015:Kenniscentrum Raad voor Rechtsbijstand, «Aanbod in beeld. Inzicht in ontwikkelingen rondomhet aanbod in de sociale advocatuur», januari 2026, p. 35.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 31 753, nr. 3154 toevoegingszaken doen, ruimte bieden voor opleiding en begeleidingvan nieuwe aanwas en bij voorkeur focussen op rechtsgebieden enregio’s waar de tekorten het grootst zijn.•Maatregelen/inspanningenOm het doel te bereiken start ik met een uitwerking van een vorm vankantoortoeslag. Ik zie dit als een belangrijke impuls voor de instroomen het behoud van sociaal advocaten. Samen met de bij het visietrajectbetrokken partijen worden onder meer de uitvoerbaarheid en debudgettaire consequenties in kaart gebracht. Ook zal nagedachtworden over gedragen, uitvoerbare en controleerbare randvoorwaar-den, bijvoorbeeld ten aanzien van opleiding van advocaat-stagiairs,kantoorgrootte, aantal toevoegingspunten, kwaliteitsborging enduurzame bedrijfsvoering in samenwerkingsverband. Via monitoringen evaluatie moet de effectiviteit en uitvoerbaarheid worden geborgd.Pijler doelmatige bedrijfsvoeringSociaal advocaten ontbreekt het doorgaans aan kennis, tijd en/of financiënom de juiste, geïnformeerde keuzes te maken voor software waarmee hunbedrijfsvoering doelmatiger ingericht kan worden en zij de focus kunnenleggen op de rechtsbijstandsverlening aan kwetsbare groepen. Tegelij-kertijd is er onvoldoende opleidingscapaciteit en zijn kantoren onvol-doende in staat om het ondernemersrisico van advocaat-stagiairs inloondienst te dragen. Dit sluit niet aan bij de voorkeur van veel startendeadvocaten om in dienstverband te werken in plaats van als zelfstandige.Het stimuleren van een efficiënte bedrijfsvoering en van opleidingscapa-citeit zal uiteindelijk de ruimte bieden om advocaat-stagiairs in loondienstervaring op te laten doen binnen de sociale advocatuur en hen tebehouden.•Doel 1: Vanaf 2027 is er voor sociaal advocaten in beeld gebrachtwelke basisbedrijfspakketten beschikbaar zijn en voldoen aan debehoefte, zodat hiermee éénduidig gewerkt kan worden aan ondermeer dossier- en relatiebeheer, tijdschrijven, boekhouding, administre-ren en archiveren.•Doel 2: Eind 2029 is er een voorstel om traineeshiptraject te startenvoor sociaal advocaat-stagiairs die gedurende de periode van deadvocaatstage via dit traineeship gedetacheerd worden bij een sociaaladvocatenkantoor. De advocaat-stagiairs zijn in loondienst van deorganisatie achter het traineeship. Het traineeship geeft ook een goedeboost aan de pijler «imago» en «onderwijs».•Maatregelen en inspanningen:De komende periode wordt een verkenning gestart naar bestaandebasisbedrijfspakketten voor sociaal advocaten, waarin softwareaanbie-ders, standaarden, efficiëntie, compliance en toekomstbestendigheidin kaart worden gebracht. Daarbij wordt ook gekeken naar de kansendie digitalisering en AI-toepassingen bieden om de werkdruk teverlichten en de dienstverlening te ondersteunen. Onderdeel van dezeverkenning is het beter in beeld brengen van de behoeften van sociaaladvocaten. Op basis van deze inzichten wordt bezien welke vorm vanondersteuning het meest passend is, bijvoorbeeld in de vorm van eenbreed toepasbaar pakket of een overzicht van bestaande mogelijkhe-den dat sociaal advocaten helpt bij hun keuzes. Bij de verkenningworden tevens de resultaten van het project van de Raad en de NOvAvoor een Sociaal kantoor van de toekomst meegenomen. Ook wordtgekeken of en hoe een organisatie kan worden ingericht voorkwaliteitsbewaking en eventuele collectieve inkoop. Voor de verken-ning zijn in 2026 incidentele middelen gereserveerd binnen de opgavetoegang tot het recht.Ten behoeve van het traineeshiptraject voor sociaal advocaat-stagiairsworden de behoefte en randvoorwaarden in kaart gebracht. DaarbijTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 31 753, nr. 3155 wordt ook contact gezocht met andere togaberoepen om synergie enkennisuitwisseling te bevorderen. Het traineeship vervangt deberoepsopleiding advocatuur niet, maar kan een waardevolle enpraktijkgerichte aanvulling hierop zijn, waarbij het doel ook moet zijndat de stagiair behouden blijft voor het betreffende kantoor en hetstelsel. Voor het in kaart brengen van het traineeship zijn in 2026incidentele middelen beschikbaar binnen de opgave toegang tot hetrecht.Terugkoppeling bijeenkomst 12 maart 2026Op 12 maart 2026 heb ik een indrukwekkende afvaardiging van commer-ciële en sociale kantoren mogen ontvangen. Daarbij heb ik benadrukt dathet onze gezamenlijke verantwoordelijkheid is om zes miljoen rechtzoe-kenden daadwerkelijk toegang te bieden tot gesubsidieerde rechtsbij-stand, met nadruk op vakbekwame en mensgerichte sociaal advocaten. Ikneem daarbij mijn stelselverantwoordelijkheid, maar veranderingbereiken we ook samen, door bruggen te bouwen, krachten te bundelenen iedere dag opnieuw het recht voor iedereen toegankelijk te maken.De bijeenkomst zelf is door mijn ministerie als waardevol ervaren en heeftgeleid tot aanscherping van maatregelen en nieuwe inzichten voor deverdere uitwerking van die visie. Daarbij is onderstreept dat met name depijler bedrijfsstructuren prioriteit heeft. Gewezen is op de noodzaak ombestaande structuren te doorbreken en ruimte te bieden voor innovatieveorganisatievormen.Ten aanzien van de doelmatige bedrijfsvoering is benadrukt datICT-ondersteuning snel beschikbaar kan zijn en er veel goede opties zijn.Ook is gewezen op de behoefte aan inzicht in beschikbare marktoplos-singen en dat vormen van gezamenlijke inkoop en een centraleICT-vraagbaak verkend kunnen worden. Dit scheelt met name beginnendekantoren tijd. Deze inzichten worden meegenomen in de verdereuitwerking, waarbij ook wordt bezien waar samenwerking met commer-ciële kantoren een concrete bijdrage kan leveren.Daarnaast zijn waardevolle aandachtspunten naar voren gekomen op hetgebied van instroom, opleiding en imago. Zo geven kantoren aan datgerichte aandacht in de bachelorfase als effectief wordt ervaren.Studenten krijgen zo een duidelijker beeld van de rechtsgebieden enwerkzaamheden van de sociaal advocaat. In dat kader is ook de behoefteuitgesproken voor stagevergoeding voor de begeleiding van eenstudent-stagiair. Verder is voorgesteld om in wervings- en selectieactivi-teiten, bijvoorbeeld bij recruitment door grotere kantoren, ook casuïstiekte betrekken die de positie van rechtzoekenden in de sociale advocatuurzichtbaar maakt. Verder is gewezen op het belang van maatregelen dieniet alleen gericht zijn op instroom, maar ook op behoud, bijvoorbeelddoor financiële ondersteuning bij de overstap naar de sociale advocatuuren door vormen van samenwerking tussen sociale en commerciëlekantoren, zoals gecombineerde studentstages. Deze en andere suggestiesworden betrokken bij de verdere uitwerking van de maatregelen.KortetermijnmaatregelenOndanks de al in gang gezette maatregelen en de recente verbetering vande vergoedingen, is het mogelijk dat zich op korte termijn tekortenvoordoen in de sociale advocatuur. Bijvoorbeeld op een bepaaldrechtsgebied of in een bepaalde regio. Daarom ben ik met de RvR en deNOvA in gesprek over eventuele gerichte, kortetermijnmaatregelen dieTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 31 753, nr. 3156 kunnen worden ingezet. Hierbij zijn de volgende maatregelen aan bodgekomen.•Het aanpassen van de inschrijvingsvoorwaarden van de RvR.Uit het rapport Aanbod in beeld van het Kenniscentrum is gebleken dater in sommige regio’s/meerdere regio’s een laag aanbod is vanadvocaten op onder andere het terrein van het sociaal zekerheidsrecht,het arbeidsrecht en huurrecht. De RvR werkt samen met de NOvA aanhet aanpassen van de inschrijvingsvoorwaarden zodat voorwaardelijkeinschrijving vooralsnog mogelijk wordt voor de rechtsgebieden sociaalzekerheidsrecht, huurrecht en arbeidsrecht. Met een voorwaardelijkeinschrijving kunnen advocaten sneller ingeschreven worden voor dezerechtsterreinen en zo eerder zelfstandig toevoegingen aanvragen opdeze rechtsterreinen. Daarbij houdt de RvR oog voor de kwaliteit. Hetdoel is om de aanpassing van de inschrijvingsvoorwaarden per 1 juli2026 in te voeren.•Stimuleren van kantoren die weinig of geen toevoegingen doenUit het rapport Aanbod in beeld blijkt ook dat bijna 25% van de bij deRvR ingeschreven advocaten geen of één tot 10 toevoegingen per jaardoet. De RvR beziet op dit moment hoe deze advocaten te stimulerenom meer zaken op toevoegingsbasis te doen. In het bijzonder op derechtsgebieden waar een laag aanbod is en in regio’s waar nog weinigadvocaten op toevoegingsbasis actief zijn.•Waar mogelijk verbeteren procedure EXUVoor lastige en zeer tijdrovende zaken kunnen advocaten extra uren(EXU) aanvragen bij de RvR. Er zijn signalen dat advocaten deze EXUniet aanvragen omdat de aanvraag daarvan veel tijd kost en er eenbeeld heerst dat de EXU vaak niet worden toegekend, ondanks datruim 90% van de gevraagde extra uren wordt toegekend. Ook kan ernu volgens de regelgeving geen rekening gehouden worden met debewerkelijkheid van een cliënt. De RvR bestudeert de signalen enbeziet of en hoe de procedure voor het aanvragen van EXU verbeterdkan worden en of nadere communicatie gewenst is.Beleidsreactie onderzoek Aanbod in beeldZoals toegezegd in mijn brief aan uw Kamer van 5 maart 202614, geef ik indeze brief een inhoudelijke reactie op het onderzoek «Aanbod in beeld:Inzicht in ontwikkelingen rondom het aanbod in de sociale advocatuur»van het Kenniscentrum. Het onderzoek is uitgevoerd in opdracht van hetMinisterie van Justitie en Veiligheid, de RvR en de NOvA. De aanleidingvoor het onderzoek was het dalend aanbod aan sociaal advocaten en inhet bijzonder, signalen van mogelijke tekorten aan sociaal advocaten inspecifieke regio’s en op bepaalde rechtsgebieden. De onderzoeksvraagluidt als volgt: «Hoe ziet het aanbod van sociaal advocaten in Nederlanderuit en hoe heeft zich dat de laatste vijf jaren ontwikkeld?»Het onderzoek Aanbod in beeld bevestigt wat in eerdere onderzoeken15ook al is gevonden: het aanbod van sociaal advocaten neemt af door eenuitstroom die consequent groter is dan de instroom van nieuwe sociaaladvocaten. Daarbij wordt het risico op verdere afname vergroot door detoenemende vergrijzing in de beroepsgroep en een dalend aantaladvocaten in de leeftijdscategorieën tussen 35–45 jaar en onder de 35 jaar.Het aantal advocaten dat zaken behandelt op basis van een toevoegingdaalt, terwijl het totaal aantal toevoegingen sinds 2021 stijgt. Opvallend is14Kamerstukken II 2025–2026, 31 753, nr. 31415Zie bijvoorbeeld: Onderzoeksbureau Panteia, De arbeidsmarkt voor de Sociale Advocatuur,Zoetermeer, augustus 2022 (Bijlage bij Kamerstuk 31 753 en 33 199, nr. 264); De GroeneAmsterdammer, Het hele land door voor je burgerrecht, 12 maart 2025 (www.groene.nl/artikel/het-hele-land-door-voor-je-burgerrecht).Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 31 753, nr. 3157 verder dat er een groep advocaten is die wel bij de RvR staatingeschreven, maar geen toevoegingen doet. Deze groep is gegroeid van15% van het aantal bij de RvR ingeschreven advocaten in 2015, naar 27%in 2024. Daar bovenop doet 18,6% minder dan tien toevoegingen. Dewerklast concentreert zich dus bij een steeds kleinere groep advocaten.Daarnaast is een toename te zien in het aantal advocaten dat in eenéénpersoonspraktijk werkt. In 2024 werkte 28% van de sociaal advocatenin een dergelijke praktijk, ten opzichte van 21% in 2015. Van alle toevoe-gingen die in 2024 werden aangevraagd, werd ongeveer een derdebehandeld door een advocaat die bij een éénpersoonspraktijk werkte.Verder biedt het onderzoek inzicht in de ontwikkeling van het aanbod in deverschillende regio’s en rechtsgebieden. Met name in het noordoostenvan het land, in Drenthe en Oost-Groningen, is het aantal ingeschrevenadvocaten per inwoners en Wrb-gerechtigden laag. In bijna alle regio’sneemt het aantal ingeschreven advocaten in de meeste specialisaties af.Dit verschilt per specialisatie en regio. Vooral voor de specialisatiespersonen- en familierecht, verbintenissenrecht en strafrecht is sinds 2015een sterke afname van advocaten te zien. Op de rechtsgebieden waar inde onderzoeksperiode specialistische inschrijvingsvoorwaarden zijningevoerd is de afname van het aantal actieve advocaten groter. Dit geldtonder meer bij arbeidsrecht, huurrecht, sociale voorzieningen en socialeverzekeringen.Ik ben het Kenniscentrum zeer erkentelijk voor het onderzoek dat het heeftverricht. Het biedt een feitelijke basis waarmee waar nodig gerichtmaatregelen kunnen worden ingezet. Zoals hierboven beschreven ben ikmet de RvR en NOvA in gesprek over kortetermijnmaatregelen, waarbij ikuitdrukkelijk de inzichten uit het onderzoek Aanbod in beeld betrek. Dezegesprekken hebben zoals hiervoor beschreven al een drietal maatregelenopgeleverd die de komende tijd nader worden uitgewerkt of doorgevoerdbinnen de budgettaire kaders. Daarnaast zijn de inzichten uit hetonderzoek nuttig voor de verdere uitwerking van de doelen en maatre-gelen van het visietraject. Het geeft inzicht in de regio’s en/of rechtsge-bieden waar de nood het hoogst is zodat de maatregelen gericht kunnenworden ingezet. Bijvoorbeeld de toga-experiences op universiteiten buitende randstad.Naast de inzichten in de ontwikkeling van het aanbod van sociaaladvocaten in de afgelopen jaren roepen de bevindingen ook vragen op.Voor een nadere duiding van sommige inzichten acht ik vervolgonderzoeknodig. Daarom heb ik recent bij het Kenniscentrum het verzoekneergelegd nader onderzoek te doen naar de volgende nog ontbrekendeinzichten:•Het huidige aantal bij de RvR ingeschreven advocaten en aantaladvocaten die zaken op basis van een toevoeging behandelen per100.000 inwoners of 100.000 Wrb-gerechtigden, zegt op zichzelf nogniets over feitelijke tekorten aan advocaten in bepaalde regio’s ofrechtsgebieden en daarmee beperkte toegang tot het recht. Het is opdit moment onvoldoende duidelijk in hoeverre regionale verschillenproblematisch zijn, onder meer omdat rechtzoekenden ook gebruikkunnen van advocaten in aangrenzende regio’s. De vraag naarrechtsbijstand is daarvoor nog onvoldoende in beeld.•Er ontbreekt inzicht in toekomstige tekorten als gevolg van pensione-ring. Het is op dit moment nog niet duidelijk waar, en op welkrechtsgebied en in welke regio’s, de grootste uitstroom wordtverwacht en wat dat betekent voor het aanbod aan sociaal advocaten.•De regionale en inhoudelijke spreiding van stagiairs mist. Onduidelijkis momenteel in welke regio’s opleidingsplekken missen en voor welkespecialisaties.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 31 753, nr. 3158 •Het valt op dat 27% van de bij de RvR ingeschreven advocaten geentoevoegingen aanvragen. In deze groep zit mogelijk onbenut potentieelvoor het stelsel van gesubsidieerde rechtsbijstand. Om eventueel in tezetten op eventuele (her)activering van deze groep advocaten is naderinzicht in deze groep van belang. Onbekend is waar deze advocatenwerkzaam zijn, voor welke specialisaties zij staan ingeschreven en wathen eventueel zou kunnen stimuleren om (meer) toevoegingen aan tevragen.•Daarnaast zou ik graag meer inzicht krijgen in de organisatie- ensamenwerkingsvormen van sociaal advocatenkantoren. Onder meerde verhouding tussen eenpersoonspraktijken en samenwerkingsver-banden en de motieven om wel of niet in kantoorverband te werken. Ikzie hier ook een verband met het vervolgonderzoek naar alternatievebedrijfsstructuren in de advocatuur van het WODC dat op 22 april isgepubliceerd.16 Hieronder ga ik daar nader op in.Motie Van NispenMet het onderzoek Aanbod in beeldis uitvoering gegeven aan de motievan het Kamerlid Van Nispen (SP) van 15 april 2025 waarin hij de regeringverzoekt de RvR opdracht te geven het aanbod aan sociale advocatuur perregio en rechtsgebied te monitoren en de mogelijkheid te geven om bijgesignaleerde tekorten in overleg met de NOvA de noodzakelijkemaatregelen te treffen.17 Zoals hierboven gezegd ben ik ook in gesprekmet de NOvA en de RvR over kortetermijnmaatregelen. Bovendien krijgthet onderzoek op verzoek van de RvR vervolg door middel van doorlo-pende, jaarlijkse, monitoring van de ontwikkelingen beschreven in hetonderzoek Aanbod in beeld. Hiermee beschouw ik de motie van hetKamerlid Van Nispen als afgedaan.WODC-onderzoek naar alternatieve bedrijfsstructuren vooradvocatenOp 22 april 2026 is het WODC-onderzoek naar alternatieve bedrijfsstruc-turen voor advocaten, Moderne praktijkstructuren voor advocaten. In hetbelang van een goede rechtsbedeling, gepubliceerd. Dit onderzoek, dat inopdracht van WODC is uitgevoerd door de Erasmus UniversiteitRotterdam, is een vervolg is op het eerdere WODC-rapport over alterna-tieve bedrijfsstructuren voor advocaten dat in het najaar van 2023verscheen.18 Daaruit kwam naar voren dat verruiming van de regelgevingkansen biedt voor innovatieve praktijkstructuren die de belangen vanrechtzoekenden bevorderen, waaronder de betaalbaarheid en toeganke-lijkheid van juridische dienstverlening. Het vervolgonderzoek ligt in hetverlengde daarvan en richt zich op de concrete behoeften in Nederland.Het recent gepubliceerde vervolgonderzoek gaat over de behoefte aanmoderne praktijkstructuren in de advocatuur, in het licht van de wens omde toegang tot het recht te bevorderen. Om het palet aan beschikbarepraktijkstructuren modern te houden, is onderzocht in hoeverre er inNederland een maatschappelijke behoefte is aan vernieuwende praktijk-structuren en, zo ja, hoe deze moeten worden gereguleerd. Met deze briefbied ik u de resultaten van dit onderzoek aan. Een inhoudelijke beleidsre-actie volgt in het najaar van 2026.16Het WODC-onderzoek Moderne praktijkstructuren voor advocaten: In het belang van eengoede rechtsbedeling is als bijlage bij deze brief gevoegd.17Kamerstukken II 2024–2025, 31 753, nr. 297.18Kamerstukken II 2023–2024, 29 279 nr. 820.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 31 753, nr. 3159 Op voorhand kan ik u melden dat er in dit onderzoek ook interessanteaanknopingspunten en kansen staan die betrokken kunnen worden bij demaatregelen uit het visietraject. In de praktijk is zichtbaar dat de markt zelfook niet stil staat en ontwikkelingen gaande zijn die aansluiten bij dehierboven genoemde pijlers, doelen en maatregelen. Ik noem hierbijvoorbeeld de ontwikkelingen rondom Sociaal Advocaten Rotterdam, deopstart van de coöperatievorm Suyt Sociaal Advocaten en de overnamevan een sociaal advocatenkantoor door BrandMR. Deze innovatieveorganisatiemodellen onderstrepen dat er in de praktijk kansen liggen ombij te dragen aan kwalitatief goede en toegankelijke rechtsbijstand endaarmee aan de versterking van de toegang tot het recht voor iedereen inNederland ongeacht de omvang van hun portemonnee.SlotDe afgelopen jaren heb ik in mijn werk veel mensen ontmoet dieafhankelijk waren van laagdrempelige rechtshulp. Mensen die afhaaktentoen zij niet de juiste rechtsbijstand kregen, waardoor zij verder van hethart van onze samenleving kwamen te staan. Deze ervaringen houd ik ingedachten wanneer ik met betrokken partijen en advocaten spreek overeen stabiel en toekomstbestendig aanbod van vakbekwame en mensge-richte sociaal advocaten. Advocaten die kwetsbare mensen beschermen,escalatie voorkomen, houvast bieden, de samenleving een spiegelvoorhouden en vergeten mensen een stem geven.Inmiddels zijn de vergoedingen per 1 februari 2026 verhoogd, maar zoalsuit deze brief blijkt blijft het daar niet bij. De komende periode ga ik samenmet de bij het visietraject betrokken partijen aan de slag met de hierbovenweergegeven doelen en maatregelen. In sommige doelen, zoals die onderde pijler onderwijs, zijn al belangrijke stappen gezet.19 Hetzelfde geldtvoor de kortetermijnmaatregelen. De bevindingen in de rapporten Aanbodin beeld en Moderne praktijkstructuren voor advocaten neem ik mee in deverdere uitwerking van het visietraject.Zoals gezegd in het Coalitieakkoord wil dit kabinet investeren in de socialeadvocatuur. De uitvoering van deze ambitie is onder andere afhankelijkvan de financiële besluitvorming over de verdeling van de beschikbaremiddelen uit het coalitieakkoord. Op dit moment kan ik daar nog geenduidelijkheid over geven. In de verdere uitwerking van de doelen enmaatregelen uit het visietraject wil ik prioriteit geven aan de regio’s enrechtsgebieden waar de tekorten het meest nijpend zijn, zodat eventuelebeschikbare middelen zo effectief mogelijk kunnen worden ingezet voorhet borgen van de toegang tot het recht.Uw Kamer wordt via de jaarlijkse voortgangsbrief over de aanpakversterking toegang tot het recht geïnformeerd over de voortgang metbetrekking tot de versterking van de sociale advocatuur, of zoveel eerderals daar aanleiding toe is.De Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid,K.T. van Bruggen19Kamerstukken II, 2025–2026, 29 279, nr. 1004.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 31 753, nr. 31510
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.