Reactie op de motie van het lid Van Houwelingen over de brief van de heer Koornstra over het middel lidocaïne en het antwoord hierop naar de Tweede Kamer sturen (Kamerstuk 36800-XVI-126)
Brontekst
Versie 2b376e844c8674c2 · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2025–202625 295InfectieziektenbestrijdingNr. 2274 BRIEF VAN DE MINISTER VAN VOLKSGEZONDHEID, WELZIJN ENSPORT Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 13 mei 2026In reactie op de motie1 van het lid Van Houwelingen (FVD) stuurt hetkabinet de Kamer hierbij een geanonimiseerd afschrift van de e-mail vande heer Koornstra aan het Ministerie van VWS van 31 december 2021 ende reactie daarop vanuit het ministerie van 3 januari 2022. Het heeft enigetijd geduurd om deze e-mailwisseling boven tafel te krijgen, onder meeromdat de inbox van een inmiddels niet meer bij VWS werkzamemedewerker moest worden gelicht. Ik beschouw hiermee de motie alsafgehandeld.Uit de reactie van VWS aan de heer Koornstra blijkt, zoals zowel devoormalig Minister van VWS2 als ikzelf3 de heer Van Houwelingen inantwoord op zijn eerdere verzoeken hebben gemeld, dat het AdviespanelInnovatieve Behandelingen, dat destijds was opgericht om de effectiviteitvan mogelijke behandelingen tegen Covid-19 te beoordelen, het middellidocaïne heeft beoordeeld – op dat moment voor de 3e keer – en tot hetoordeel was gekomen dat er onvoldoende onderbouwing was omlidocaïne op te nemen in de behandelrichtlijn voor Covid-19. Dat zegt dusniet dat het middel niet zou werken of dat sommige patiënten er geenbaat bij kunnen hebben gehad, maar wel dat er onvoldoende bewijs was(en is) om dit middel in te zetten als (reguliere) behandeling voorCovid-19.Het is niet aan het kabinet om uitspraken te beoordelen die volgens deheer Koornstra door derden (zoals de heren Sijbesma en Gommers)zouden zijn gedaan. De suggestie dat andere motieven een rol zoudenhebben gespeeld bij het niet (regulier) toepassen van lidocaïne alsbehandeling voor Covid-19, sterker nog, dat «een mogelijk medicijn tegen1Zie Kamerstuk 36 800 XVI, nr. 126.2Zie Aanhangsel Handelingen II 2025/26, nr. 1140.3Zie 2026Z04286. kst-25295-2274ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2026Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 25 295, nr. 22741 corona niet wenselijk zou zijn omdat dit de vaccinatiestrategie en hetverdienmodel van de farmaceutische industrie zou ondermijnen» isabsoluut geen juiste weergave van de situatie.De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,S.T.M. HermansTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 25 295, nr. 22742
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.