Leveringszekerheid van elektriciteit
Brontekst
Versie 46560b3b9596962e · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2024–202529 023Voorzienings- en leveringszekerheid energieNr. 570 BRIEF VAN DE MINISTER VAN KLIMAAT EN GROENE GROEI Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 15 mei 2025Met deze brief informeert het kabinet u over de stand van zaken rondomde leveringszekerheid van elektriciteit, met name in de context van deMonitor Leveringszekerheid (MLZ), welke vandaag door TenneT gepubli-ceerd is1. De leveringszekerheid van elektriciteit is de mate waarin deverwachte productie, opslag en import van elektriciteit in staat zullen zijnom aan de elektriciteitsvraag te kunnen voldoen. Het op een voldoendehoog niveau borgen van deze leveringszekerheid is van groot maatschap-pelijk en economisch belang. De vandaag door TenneT gepubliceerdejaarlijkse MLZ geeft voor Nederland een vooruitblik voor de leveringsze-kerheid voor de periode van 2030 tot 2035, in combinatie met deEuropean Resource Adequacy Assessment 2024 (ERAA)2.De leveringszekerheid blijft volgens de MLZ tot 2030 onder de inNederland gehanteerde streefwaarde van maximaal vier uur aanverwachte tekorten per jaar. Dit geeft Nederland een solide uitgangspo-sitie voor een betrouwbare elektriciteitsvoorziening. Vorig jaar voorzagTenneT in de MLZ echter voor het eerst een aanzienlijke overschrijdingvan de Nederlandse norm voor leveringszekerheid voor 2033. De vandaaggepubliceerde MLZ bevestigt het beeld dat de risico’s rondom leveringsze-kerheid na 2030 naar alle waarschijnlijkheid stijgen, al zijn de nieuweresultaten voor 2033 in deze editie net iets beter dan in de vorige (zie ookde tabel op pagina 3).Zoals ook aangegeven in de brief van 10 december 20243 is de MLZ eenbelangrijke indicator voor het vormgeven en bijsturen van beleid gerichtop leveringszekerheid. Nu ook de MLZ van dit jaar laat zien dat de normvoor leveringszekerheid vanaf 2033 waarschijnlijk niet wordt gehaald,wordt het belangrijk om de vraag te beantwoorden hoe instrumentenvormgegeven kunnen worden die leveringszekerheid op de langere1Rapport Monitoring Leveringszekerheid | TenneT2ERAA 2024; de ERAA 2024 analyseert tevens peiljaren 2026 en 2028.3Kamerstukken II 2024/25, 29 023, nr. 529. kst-29023-570ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2025Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 023, nr. 5701 termijn borgen. Dit vraagt een nauwkeurige afweging van de voor- ennadelen van verschillende beleidsopties. Het kabinet is daar al meebegonnen en zal dit de komende tijd voortzetten. Hiervoor zullen onderandere de onderzoeken, die in de brief van 10 december j.l. zijn aange-kondigd, worden gebruikt. Deze onderzoeken worden eind dit jaarverwacht. Mede op basis hiervan zal in de eerste helft van 2026 hetkabinet hierover een richtinggevend besluit nemen en de Kamer infor-meren. Parallel zullen de benodigde voorbereidingen worden getroffenzodat eventuele maatregelen zo spoedig mogelijk kunnen wordengeïmplementeerd.Leveringszekerheid in de context van een betrouwbaar enweerbaar elektriciteitssysteemDe focus van deze brief ligt, net als in de MLZ, op het kunnen borgen vande balans tussen vraag en aanbod van elektriciteit (hierna: leveringsze-kerheid). Dit betreft de vraag of er, op nationaal niveau, op alle momentenvoldoende aanbod is om aan de nationale vraag naar elektriciteit tevoldoen. Daarnaast is de beschikbaarheid van voldoende transportcapa-citeit om elektriciteit bij de gebruiker te krijgen noodzakelijk. Bovendienkunnen geopolitieke factoren invloed hebben op de beschikbaarheid enprijs van elektriciteit. De beleidsaanpak gericht op deze zaken is echtervoor een belangrijk deel verschillend. Daarom zal nu kort wordeningegaan op de aanpak van netcongestie en het versterken van deweerbaarheid van het Nederlands energiesysteem. De rest van deze briefzal gericht zijn op leveringszekerheid.Om netcongestie tegen te gaan worden verschillende maatregelengenomen, waaronder het Landelijk Actieplan Netcongestie (LAN), datgericht is op het verbeteren van de netinfrastructuur en het verminderenvan knelpunten in het elektriciteitsnet. Dit verloopt langs de drie actie-lijnen van het LAN: Sneller Bouwen, Beter Benutten en Slimmer Inzicht.Over de voortgang van de aanpak van netcongestie heeft het kabinet deKamer op 24 maart j.l. geïnformeerd4. Aanvullend heeft het kabinet op25 april een versnellingsplan5 gepresenteerd.Ook geopolitieke factoren kunnen de beschikbaarheid en prijs vanelektriciteit beïnvloeden. Te denken valt dan aan het risico op cyberaan-vallen, veranderingen in beschikbaarheid van aardgas of andere belang-rijke brand- of grondstoffen voor het elektriciteitssysteem, of fysiekedreigingen. Het kabinet vindt het belangrijk dat Nederland weerbaar is. Zoworden internationale ervaringen over de weerbaarheid van energienet-werken door het kabinet meegenomen bij het verder uitwerken van deweerbaarheidsopgave6. In het kader van verbeterde weerbaarheid van deelektriciteitssector werkt het kabinet ook aan de implementatie van de Wetweerbaarheid kritieke entiteiten en Cyberbeveiligingswet7 en deuitvoering van de Netcode voor sectorspecifieke regels voor cyberbevei-liging8. Deze zaken vallen buiten de scope van de MLZ die zich richt op devraag of het Nederlandse elektriciteitssysteem in de toekomst toereikendis om in de vraag naar elektriciteit te voorzien. Over deze onderwerpen isde Kamer separaat geïnformeerd9. Door de leveringszekerheid te borgenop een voldoende hoog niveau, wordt ook de weerbaarheid van hetelektriciteitssysteem vergroot.4Kamerstukken II 2024/25, 29 023, nr. 5595Kamerstukken II 2024/25, 29 023, nr. 5666Kamerstukken II 2024/25, 30 821, nr. 2497Kamerstukken II 2024/25, 22 112, nr. 39688Network Code on Cybersecurity9Zie voetnoot 6 t/m 8Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 023, nr. 5702 Beschouwing van de resultaten van de MLZ 2025 en de ERAA2024In de MLZ en de ERAA wordt, aan de hand van een aantal peiljaren tottien jaar vooruit, de toekomstige ontwikkeling van de leveringszekerheidzo goed mogelijk ingeschat. Daarvoor wordt de leveringszekerheidvoornamelijk beoordeeld aan de hand van de Loss-of-Load Expectation(hierna: LOLE). Deze indicator representeert hoeveel uur per jaar er naarverwachting gemiddeld onvoldoende aanbod is om aan alle elektriciteits-vraag in Nederland te voldoen. In Nederland wordt op dit moment eenstreefwaarde van maximaal 4 uur LOLE per jaar gehanteerd. Als de LOLEboven die 4 uur uitkomt, constateert de MLZ een risico voor deleveringszekerheid.Daarnaast hanteren beide leveringszekerheidsanalyses ook de Expected-Energy-Not-Served (EENS) als indicator. Deze representeert de jaarlijkseomvang van de tekorten en wordt uitgedrukt in GWh per jaar. De tabelhieronder geeft de uitkomsten van de MLZ 2025 en de MLZ 2024 weer.JaarMLZ 2024MLZ 2025LOLE (uur perjaar) – gemiddeldEENS (GWh perjaar) – gemiddeldLOLE (uur perjaar) – gemiddeldEENS (GWh perjaar) – gemiddeld20280,00,0––20301,42,21,10,8203314,649,812,614,12035––9,215,7 De MLZ van dit jaar laat een iets beter beeld van de leveringszekerheid in2030 en 2033 zien dan de MLZ van vorig jaar. Zo is de EENS voor 2033 inde MLZ van dit jaar beduidend lager dan in de vorige MLZ, onder anderedoor een grotere aangenomen bijdrage van batterijen10. Toch wordt er in2033 nog steeds een overschrijding van de betrouwbaarheidsnormgemeld. Ook in 2035 is er een lichte verbetering ten opzichte van 2033,maar wordt de streefwaarde van 4 uur opnieuw niet gehaald. In de MLZwordt verder aangegeven dat de meeste momenten met een verwachttekort van elektriciteit relatief kort duren (1 á 2 uur) en dat het tekortmeestal niet groot is (tussen de 0 en 2 GWh, terwijl Nederland dagelijksongeveer 300 GWh aan elektriciteit verbruikt).De stijging van de risico’s voor de leveringszekerheid is deels te verklarendoor de algemene trend van afname van het traditionele elektriciteits-aanbod11 in Nederland en omringende landen, gecombineerd met eenstijgende elektriciteitsvraag, vooral tijdens piekmomenten. Hierbij dient teworden aangetekend dat deze voorspellingen zijn gebaseerd opaannames over de toekomstige vraag naar elektriciteit en het beschikbareregelbaar vermogen, waardoor ze omgeven zijn door een mate vanonzekerheid.De bovengenoemde resultaten zijn gemiddelden van meerdere simulatiesdie TenneT heeft uitgevoerd bij het opstellen van de MLZ. Vooral door het10Zie paragraaf 4.1.4 van de MLZ 2025.11Dit traditionele aanbod bestaat vooral uit kolen en gascentrales. Deze centrales kunnen hunproductie goed plannen en kunnen relatief eenvoudig meer of minder elektriciteit produceren.Elektriciteitsproductie waarmee eenvoudig de hoeveelheid productie aangepast kan worden,noemen we vaak regelbaar vermogen. Regelbaar vermogen helpt om in te spelen opveranderingen in vraag en aanbod. Naast fossiele bronnen kunnen in de toekomst bijvoor-beeld ook waterstofcentrales en vormen van energieopslag bijdragen aan het benodigderegelbaar vermogen.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 023, nr. 5703 toenemende aandeel van wind en zon in de elektriciteitsvoorziening wordtdeze steeds afhankelijker van het weer. Om deze reden wordt in zowel deERAA als de MLZ voor elk peiljaar ook met 36 weerscenario’s gerekend.Veel weerscenario’s kennen geen tekorten in de diverse onderzochte jaren.Een beperkt aantal weerscenario’s laat grotere tekorten zien dan boven-staande gemiddelden in de tabel. Een langdurige dunkelflaute (eenlangere periode van weinig tot geen zon en wind) is een weersscenariowaar dan aan gedacht kan worden.Nederland kan geen tekort krijgen doordat we elektriciteit exporteren.Export veroorzaakt dan ook niet de overschrijding van de betrouwbaar-heidsnorm. Grensoverschrijdende handel en de manier waarop tekortenbinnen Europa worden verdeeld, helpt juist vaak om tekorten teverkleinen. Als Nederland niet verbonden zou zijn met andere landen, zouhet volgens de MLZ in 2035 naar verwachting 556 uur per jaar te weinigelektriciteit hebben, ondanks het feit dat Nederland momenteel meestalelektriciteit exporteert. Dankzij samenwerking met andere landen wordtdat verwachte tekort teruggebracht tot 9,2 uur. Dit laat zien hoe belangrijkinternationale verbindingen zijn voor een robuust en stabiel elektriciteits-systeem. Daarom vindt het kabinet het belangrijk om, onder andere viahet Pentalateraal Energieforum, ontwikkelingen in buurlanden te blijvenvolgen, vooral als die van invloed kunnen zijn op de beschikbaarheid vanregelbaar vermogen. Dit sluit tevens aan bij het advies van TenneT in deMLZ 2025.In aanvulling op de kwantitatieve weergave van de resultaten uit de MLZis het belangrijk om te duiden wat de samenleving hiervan merkt. Dezeinzichten zijn ook in de brief van 10 december 2024 uiteengezet en wordenmeegenomen bij de verdere beleidsafwegingen en maatschappelijkediscussie. Ten eerste zullen bedrijven en huishoudens in de uren vanonvoldoende aanbod de prijzen (sterk) zien stijgen. Wel zal dit over hethele jaar genomen slechts om een beperkt aantal uren gaan. Door dehoge prijzen zal de vraag naar elektriciteit op die momenten (sterk)afnemen, terwijl producenten van elektriciteit extra aanbod van elektri-citeit zullen genereren. Ook zal het voor partijen die elektriciteit vialangetermijncontracten hebben ingekocht aantrekkelijk zijn deze op demarkt aan te bieden. De waarschijnlijkheid dat een te beperkt aanbod vanelektriciteit leidt tot onvrijwillige afschakeling van een deel van Nederlandis daarom (zeer) laag. Het kabinet is zich er uiteraard van bewust dat ookeen situatie waarin het aanbod tekortschiet voor een deel van deaangeslotenen een flinke impact zal kunnen hebben, doordat dit gepaardzal gaan met verregaande vrijwillige vermindering van elektriciteits-afname als gevolg van tijdelijk hoge prijzen.12Naast de MLZ is ook de ERAA een indicator om de leveringszekerheid tebeoordelen. Deze wordt opgesteld door het Europese samenwerkings-verband van netbeheerders ENTSO-E in samenwerking met de nationalenetbeheerder(s) voor hoogspanning (voor Nederland: TenneT). Deresultaten van de ERAA13 van dit jaar wijken af van de MLZ met een tekortvan 7,8 uur in 2028, 5,4 uur in 2030 en 6,3 uur in 2035. TenneT verklaartdeze afwijkende resultaten in de country comments14 vooral uit het feit12In een dergelijke situatie is dus geen sprake van langdurig hoge prijzen, zoals deze zichhebben voorgedaan tijdens de recente crisis naar aanleiding van de oorlog in Oekraïne maarvan kortstondig zeer hoge prijzen op de groothandelsmarkt.13Voor 2026 verwacht de ERAA 2024 geen risico voor de leveringszekerheid in Nederland.14Annex 5, te raadplegen op https://www.entsoe.eu/eraa/2024.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 023, nr. 5704 dat er in de ERAA aannames15 worden gebruikt die TenneT niet deelt.Tegen de achtergrond van deze verschillende aannames constateert deERAA 2024, net als de MLZ 2025, eveneens dat er op langere termijnrisico’s zijn rondom de leveringszekerheid.Samenvattend: de MLZ van vorig jaar en van dit jaar tonen een stijgingvan risico’s voor de leveringszekerheid in de periode na 2030. Of er in dieperiode daadwerkelijk tekorten zullen optreden, is sterk afhankelijk van hetweer. Ook geopolitieke ontwikkelingen kunnen impact hebben op debeschikbaarheid en prijs van elektriciteit. Bovendien zijn beide monitorenrisicoanalyses van mogelijke situaties, die zich in de praktijk niet daadwer-kelijk hoeven voor te doen. Desondanks ziet het kabinet de noodzaak vooraanvullend beleid om de leveringszekerheid ook na 2030 op eenvoldoende hoog niveau te borgen. Later in deze brief wordt daar verderop ingaan.Europese ontwikkelingen rondom het versnellen van de goedkeu-ringsprocedure voor capaciteitsmechanismenIn de brief van 10 december 2024 is aangekondigd dat de EuropeseCommissie werkt aan het versnellen van het goedkeuringsproces voorcapaciteitsmechanismen. Inmiddels heeft de Europese Commissieconcepten gepubliceerd voor aanpassing van het EU-staatssteunkader.Het betreft een vereenvoudiging van de goedkeuringsprocedures voorstrategische reserves en een marktbreed centraal capaciteitsmechanisme.Versnelling van het goedkeuringsproces voor een capaciteitsmechanismekan behulpzaam zijn, als het kabinet besluit om voor Nederland eenstrategische reserve en/of marktbreed centraal capaciteitsmechanisme inte voeren. Mocht het kabinet hiervoor kiezen, dan bepaalt de vormgevingvan het capaciteitsmechanisme of Nederland van de versnelde routegebruik kan maken.Naar gebalanceerd beleid gericht op leveringszekerheidNu de MLZ 2025 bevestigt dat de leveringszekerheid vanaf 2033 naar allewaarschijnlijkheid onder de streefwaarde komt, is het de vraag hoeaanvullend beleid eruit moet zien om de leveringszekerheid ook in detoekomst te borgen. Mede op basis van het onderzoek naar capaciteitsme-chanismen dat eind dit jaar wordt verwacht, zal het kabinet hier in deeerste helft van 2026 een besluit over nemen.Een optie voor de vormgeving van dit beleid is een strategische reserve ofeventueel een verdergaande vorm van een capaciteitsmechanisme. Eencapaciteitsmechanisme houdt in dat aanbieders worden vergoed voor hetbeschikbaar hebben van productiecapaciteit, opslag of vraagrespons16,onafhankelijk van en meestal bovenop een vergoeding van de door hengeleverde elektriciteit. Een strategische reserve is een relatief milde vormvan een capaciteitsmechanisme, welke gericht is op het behouden vanbestaande productiecapaciteit. Een strategische reserve heeft alsbijzonderheid dat de capaciteit in normale omstandigheden niet magworden ingezet in de markt en daarmee deze niet verstoort. Bij alle andere15Een belangrijk voorbeeld daarvan is dat de ERAA uitgaat van het uitfaseren van een deel vande Nederlandse kolencentrales voor 2030, waar TenneT geen aanwijzingen voor ziet. Ook doetde ERAA andere aannames over vraagrespons en hanteert ERAA een andere methodologievoor verdeling van Europese elektriciteitstekorten.16Vraagrespons heeft betrekking op het aanpassen van de vraag naar elektriciteit door elektrici-teitsgebruikers (dit kunnen zowel huishoudens als bedrijven zijn) in reactie op prijsprikkels,financiële vergoedingen of eerdere afspraken.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 023, nr. 5705 typen capaciteitsmechanismen blijft de productiecapaciteit, opslag ofvraagrespons wel actief in de markt en krijgt een extra vergoeding voorhun capaciteit.Tegelijkertijd zijn er ook andere opties om de leveringszekerheid teborgen, zoals het bevorderen van vraagrespons of stimuleren vanmiddellange en lange termijn energieopslag. Het ontsluiten van meervraagrespons kan ook leiden tot een efficiënter werkende elektriciteits-markt buiten de momenten van grote schaarste. Daarom laat het kabinettevens een onderzoek uitvoeren naar de mogelijkheden van het bevor-deren van vraagrespons. Afronding van dit onderzoek wordt ook eind ditjaar verwacht. Beide onderzoeken zullen samen een goed beeld geven vanmogelijke beleidsinzet en de basis vormen voor een integrale enzorgvuldige weging door het kabinet.De afgelopen tijd is ook door verschillende stakeholders opgeroepen totzorgvuldigheid bij het vormgeven van dit beleid, omdat het hier maatre-gelen betreft die hoge maatschappelijke kosten met zich mee kunnenbrengen. Zoals de ACM beschrijft in haar publicatie van maart 202517 overde voorzieningszekerheid van elektriciteit en de mogelijke rol vancapaciteitsmechanismen daarin, is er een aantal belangrijke ontwerp-keuzes te maken bij de vormgeving van een capaciteitsmechanisme, meteigen voor- en nadelen en het nodige maatwerk. Het kabinet zal bij hetvormgeven van aanvullend beleid zoeken naar de beste balans tussenmaatschappelijke kosten en baten.Het kabinet geeft graag gehoor aan de oproep van onder andere deACM18 en TenneT19 om een dialoog te voeren over het gewenste niveauvan leveringszekerheid voor de toekomst en de kosten die daarvoor alsacceptabel worden gezien, aangezien het beleid gericht op de leveringsze-kerheid ook de energierekening van bedrijven en huishoudens zalbeïnvloeden. Door in de komende periode proactief gesprekken met desector en andere belanghebbenden over dit onderwerp te voeren, geefthet kabinet hier mede invulling aan.VervolgactiesHet kabinet zal de Kamer in de eerste helft van 2026 informeren over despecifieke wijze waarop na 2030 de leveringszekerheid geborgd zalworden. De aangekondigde onderzoeken zullen daarvoor belangrijkeonderbouwing geven. In het onderzoek over capaciteitsmechanismenzullen, zoals toegezegd aan het lid Erkens (VVD) in het debat overgasmarkt en leveringszekerheid op 12 maart 2025 (Kamerstuk 33 529,nr. 1289), ook de kosten van een capaciteitsmechanisme ten opzichte vanextreme prijspieken worden meegenomen. Eveneens zullen maatregelenonderzocht worden die op middellange en lange termijn energieopslagkunnen stimuleren.20 De opties die het kabinet zal verkennen zijn in lijnmet het advies van TenneT in de MLZ om onderzoeken uit te voeren naarcapaciteitsmechanismen in de Nederlandse context, naar het bevorderenvan vraagrespons en naar energieopslag. Het kabinet zal de dialoog metstakeholders voortzetten om te bepalen wat de optimale balans is tussenleveringszekerheid en betaalbaarheid van het elektriciteitssysteem.17Voorzieningszekerheid Elektriciteit en de mogelijke rol en vormgeving van Capaciteitsmecha-nismen | ACM.nl18Zie voetnoot 1719Toekomstbestendig marktmodel: de basis voor het elektriciteitssysteem van morgen20Kamerstukken II 2024/25, 29 023, nr. 534.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 023, nr. 5706 Het kabinet zal daarnaast de bevoegdheid genoemd in artikel 5.12 van deEnergiewet via het wetsvoorstel ter implementatie van het EU ElectricityMarket Design-pakket uitbreiden, zodat ook voor een centraal capaci-teitsmechanisme de wettelijke basis wordt gecreëerd. Hiermee is hetkabinet maximaal voorbereid om, indien een capaciteitsmechanisme inNederland opportuun blijkt te zijn, dit instrument te kunnen invoeren.Tot slot zal Nederland zich actief mengen in de Europese discussies overstroomlijning van de goedkeuringsprocedures voor strategische reservesen marktbrede centrale capaciteitsmechanismen, met als doel omenerzijds een soepel proces in te richten en anderzijds het gelijkespeelveld op de interne markt voor elektriciteit te borgen.Samenvattend zal het kabinet:1)een wettelijke basis creëren voor bredere vormen van capaciteitsme-chanismen, naast de reeds bestaande wettelijke basis voor strategi-sche reserves;2)de aan de Kamer toegezegde onderzoeken gericht op capaciteitsme-chanismen in de Nederlandse context, waaronder voor- en nadelenvan verschillende vormen en op vraagrespons, op leveren envoorzien van een appreciatie;3)met belanghebbenden in gesprek gaan over het gewenste niveau vanleveringszekerheid in de toekomst, afgezet tegen de kosten om dezete borgen;4)op Europees niveau een efficiënt beoordelingskader voor capaci-teitsmechanismen stimuleren.Dit alles zal in de volgende brief, die is gepland voor de eerste helft van2026, worden toegelicht. Daarin zal ook meer inzicht worden gegeven inde vormgeving van toekomstig beleid voor het borgen van de leveringsze-kerheid voor de langere termijn.De Minister van Klimaat en Groene Groei,S.Th.M. HermansTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 023, nr. 5707
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.