KamerkringInloggen
Kamerstuk

Gewijzigd amendement van het lid Vermeer ter vervanging van nr. 11 over de tijdelijke mogelijkheid bezit over te hevelen naar een BV, tegen een verlaagd tarief in de overdrachtsbelasting

12 jun 2025 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie f93418224af4bfb0 · officiële bron

Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2024–202536 706Wijziging van de Wet inkomstenbelasting 2001om een tegenbewijsregeling te introduceren bijhet bepalen van het belastbare inkomen uitsparen en beleggen (Wet tegenbewijsregelingbox 3)Nr. 25 GEWIJZIGD AMENDEMENT VAN HET LID VERMEER TERVERVANGING VAN DAT GEDRUKT ONDER NR. 11Ontvangen 12 juni 2025 De ondergetekende stelt het volgende amendement voor:INa artikel IV worden drie artikelen ingevoegd, luidende:ARTIKEL IVa Aan artikel 14 van de Wet op belastingen van rechtsverkeer worden metingang van 1 september 2025, zes leden toegevoegd, luidende:8. In afwijking van het eerste lid bedraagt de belasting 2 percent over deverkrijging van een onroerende zaak en de rechtstreeks daarmeesamenhangende schulden door een besloten vennootschap met beperkteaansprakelijkheid waarin de overdrager in het kalenderjaar waarin deverkrijging plaatsvindt een belang heeft van 90 procent of meer indien deonroerende zaak betreft een woning en deze woning geheel of nagenoeggeheel wordt verhuurd waarbij op deze verhuur is afdeling 5 van titel 4van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek van toepassing is.9. Voor de toepassing van het achtste lid wordt onder «woning» medeverstaan: rechten waaraan een woning is onderworpen, rechten vanlidmaatschap als bedoeld in artikel 4, eerste lid, onderdeel b, voor zoverdeze betrekking hebben op een woning, en de tot die woning behorendeaanhorigheden.10. De waarde van de inbreng wordt gesteld op de volgens hoofdstuk IVvan de Wet waardering onroerende zaken vastgestelde waarde voor hetkalenderjaar.11. De verkrijger verklaart schriftelijk voorafgaand aan het deverkrijging, bedoeld in het achtste lid, op een door de inspecteur terbeschikking te stellen formulier stellig en zonder voorbehoud dat desituatie bedoeld in het achtste lid van toepassing is. Bij dit formulier voegtde verkrijger ten minste de oprichtingsakte van de besloten vennootschapmet beperkte aansprakelijkheid en de aan de verkrijging ten grondslagliggende overeenkomst. kst-36706-25ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2025Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 706, nr. 251 12. De belasting, voor zover die niet is geheven ter zake van deverkrijging, bedoeld in het achtste lid, is alsnog verschuldigd, indien deoverdrager binnen drie jaren na de inbreng niet meer het gehele ofnagenoeg gehele verkregen belang heeft in de vennootschap waarin isingebracht of indien de vennootschap gedurende een periode van driejaren na de verkrijging op enig tijdstip niet meer het volledige belangheeft bij de ingebrachte onroerende zaak.13. Bij algemene maatregel van bestuur kunnen nadere voorwaardenworden gesteld aan de toepassing van het achtste tot en met twaalfde lid.IIIn artikel V wordt, onder verlettering van de onderdelen a en b tot b enc, een onderdeel ingevoegd, luidende:a. artikel IVa terugwerkt tot en met 1 september 2025;.Toelichting Verhuurders van woningen staan in toenemende mate onder druk doorregulering van de woningmarkt, een (in te voeren) vermogensaanwasbe-lasting in box 3 en het ontbreken van de mogelijkheid tot kostenaftrek inde Wet tegenbewijsregeling box 3. Dit probleem zal ingaande 2026verergeren doordat het forfaitair rendement voor de overige bezittingenextra wordt verhoogd met 1,78% zodat in het jaar 2026 dat forfaitairerendement 7,78% zal bedragen. Indiener is van mening dat deze ontwikke-lingen een negatief effect hebben op de huurwoningvoorraad, aangezienverhuurders zich genoodzaakt zien om woningen in toenemende mate uitte ponden. Volgens de NVM zijn in 2024 37.000 huurwoningen verkocht enzal dit aantal in 2025 verder oplopen.Om deze ontwikkeling het hoofd te bieden wil indiener verhuurders vanwoningen in box 3 eenmalig de mogelijkheid bieden hun bezit over tehevelen naar een BV, tegen een verlaagd tarief in de overdrachtsbelastingvan 2%. Het eenmalig faciliteren van deze inbreng zal verhuurders vanwoningen in staat stellen wel hun kosten af te trekken van het brutorendement. Deze maatregel biedt een noodzakelijke reddingsboei aanwoningverhuurders die een verdere uitpondingsgolf moet voorkomen.Om de overgangsfaciliteit tot stand te brengen heeft de indiener bij hetTweeminutendebat box 3 op 23 april jl. daartoe al een motie ingediend.Deze motie heeft destijds geen meerderheid behaald. Indiener beoogt metvoorliggende amendement alsnog deze inbrengfaciliteit tot stand tebrengen.De ingangsdatum van de faciliteit is 01-09-25 en loopt af per 01-01-27.Tegen de laatstgenoemde datum moet de overdracht met al het bijbeho-rende vermogen zijn afgerond. De overdracht vindt niet plaats tegentaxatiewaarde maar tegen de vastgestelde WOZ-waarde voor hetkalenderjaar. Voor belastingplichtigen die gebruik willen maken van defaciliteit is het namelijk van belang om voor de peildatum van 01-01-26 deoverdracht zoveel mogelijk af te ronden. Taxaties zijn derhalve eentijdrovend proces, mede vanwege de te verwachten controles op taxatiesdoor de Belastingdienst. Om gebruik te maken van de faciliteit dientbelastingplichtige een formulier in bij de belastingdienst. Bij het verzoekworden relevante documenten gevoegd, zoals de oprichtingsakte van deBV, de taxatierapporten en eventuele koopovereenkomsten.Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 706, nr. 252 DekkingDe budgettaire derving zal wat indiener betreft zeer beperkt blijven,aangezien er sprake is van een verschuiving van vermogen van box 3 naarbox 2 en de belastingheffing enkel wordt uitgesteld tot het moment vanvervreemding. Dan zal immers moeten worden afgerekend over verkoop-opbrengst. Daarnaast zal een deel gecompenseerd worden door deopbrengsten aan overdrachtsbelasting. De gederfde inkomsten in box 3zijn dan ook slechts een kant van de medaille. Voorts zou een verdereuitpondingsgolf leiden tot een derving in box 1. Nieuwe woningbezitterszullen immers massaal een beroep doen op de hypotheekrenteaftrek. Eentweede effect van extra uitponding is dat de opbrengst van deoverdrachtsbelasting maximaal 2% en in veel gevallen zelfs 0% bedraagt,namelijk als er sprake is van startende kopers. Zonder faciliteit is deopbrengst van de overdrachtsbelasting dus (aanzienlijk) lager dan metfaciliteit.VermeerTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 36 706, nr. 253

Eerdere bronversies

17 okt 2026 · 665c6ab4be270398

14 okt 2026 · 6058d4669b4e7a09

Gerelateerde bronnen

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.