Netcongestie: kleinverbruik en enkele andere onderwerpen
Brontekst
Versie c788650720ad1a5a · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2024–202529 023Voorzienings- en leveringszekerheid energieNr. 589 BRIEF VAN DE MINISTER VAN KLIMAAT EN GROENE GROEI Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 30 juni 2025Met deze brief informeert het kabinet de Kamer over de stappen die zijnen worden gezet voor betere benutting van het net door kleinverbruikersen over enkele andere ontwikkelingen in de aanpak van netcongestie, detransportschaarste op het elektriciteitsnet. Ook wordt met deze briefuitvoering gegeven aan een aantal moties en toezeggingen.Netcongestie is een grote en complexe maatschappelijke uitdaging. Dit isonlangs nog eens onderstreept door het bericht van vertraging bij derealisatie van de noodzakelijke uitbreiding van het hoogspanningsnet inUtrecht, waardoor in ieder geval grootverbruikers in de regio langermoeten wachten op een nieuwe of zwaardere aansluiting.Beter Benutten KleinverbruikersDe actielijn Beter Benutten Kleinverbruikers uit het Landelijk Actiepro-gramma Netcongestie (LAN) werkt aan een toekomstbestendig systeemwaarin kleinverbruikers slim en efficiënt gebruik maken van het laagspan-ningsnet. De invoering van dit nieuwe systeem is voorzien in 2028. Deacties zijn erop gericht om kleinverbruikers vóór de invoering de juistehandvatten te bieden om hier eenvoudig en zonder ongemak van tekunnen profiteren. Slimme apparaten en het financieel belonen vanstroomverbruik op rustige momenten middels een ander kleinverbruikers-nettarief staan centraal in dit nieuwe systeem. Natuurlijk moet ook debetrouwbaarheid van het net in de toekomst gewaarborgd blijven. Deactielijn bestaat uit vier sporen:1.Stimuleren van slimme oplossingen in woningen en mobiliteit;2.Communicatie en bewustwording om piekverbruik te vermijden;3.Inrichten van de juiste financiële prikkels zodat beter benutten van hetnet loont;4.Maatregelen die het stroomnet beschermen tegen onverwachte piekenen storingen. kst-29023-589ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2025Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 023, nr. 5891 Het nieuwe systeem is gebaseerd op een vrijwillige aanpassing vanstroomverbruik door huishoudens en andere kleinverbruikers op basisvan slimme apparaten en een financiële beloning. De aansturing vanapparaten voor efficiënter netgebruik kan in dit systeem dan ook alleenmet toestemming van de klant plaatsvinden, en het gebruik van data kanworden geweigerd zonder dat dit consequenties heeft voor de energiele-vering. Met deze vrijwilligheid wordt gewaarborgd dat netbeheerders niet«achter de voordeur» komen bij huishoudens om hun elektriciteitsver-bruik verplicht te reguleren voor efficiënt netgebruik. Hiermee isuitvoering gegeven aan de motie-Postma c.s.1 en de motie-Kops2. In ditsysteem blijven er 24 uur per dag voldoende laadmogelijkheden voorelektrische auto’s: aanpassing van het moment van stroomverbruik wordtweliswaar beloond, maar verbruik op andere momenten wordt nietverboden. Daarmee wordt uitvoering gegeven aan de motie-Tjeerd deGroot3.Uit een recente steekproef4 blijkt dat de meerderheid van de Nederlandersbereid is om drukke momenten op het stroomnet te vermijden om zo bijte dragen aan het verminderen van netcongestie. Meer inzicht in het eigenverbruik en de prijs van elektriciteit worden als belangrijkste randvoor-waarden genoemd. De «Zet Ook De Knop Om» campagne is eenvoorbeeld van hoe het kabinet de bewustwording over het veranderendeenergiesysteem vergroot en huishoudens handelingsperspectief biedt omzelf bij te dragen aan het beter benutten van het stroomnet.Hieronder geeft het kabinet aan welke voortgang gemaakt is met diverseacties.Normen voor slimme apparatenSlimme apparaten zijn apparaten die hun stroomverbruik kunnenaanpassen op basis van externe signalen, zoals de actuele stroomprijs ofde beschikbare ruimte op het net. Daardoor wordt het voor gebruikerseenvoudiger om hun verbruik te verschuiven naar gunstige momenten.Zo zorgen slimme apparaten voor een efficiëntere benutting van hetstroomnet en een lagere energierekening voor de consument. Het kabinetwil de innovatie en het gebruik van slimme apparaten versnellen.Technische normen kunnen hieraan bijdragen door uniforme uitgangs-punten in de markt te scheppen en richting te geven aan investeringsbe-slissingen van bedrijven. Door in de normen bijvoorbeeld afspraken op tenemen over protocollen, kan worden geregeld dat apparaten vanverschillende fabrikanten onderling kunnen communiceren.Stichting Koninklijk Nederlands Normalisatie Instituut (NEN) heeft verkendhoe een normenstelsel voor slimme apparaten vormgegeven kan worden.Het rapport is bijgevoegd bij deze brief. Deze verkenning bevestigt dat erbinnen de markt breed draagvlak bestaat om gezamenlijk nationaleafspraken te maken, en dat richtinggevende kaders vanuit de overheidgewenst zijn om versnelling in de markt aan te jagen. In navolging van hetadvies van NEN zet het kabinet in op de ontwikkeling van apparaat-specifieke normen voor warmtepompen, thuisbatterijen en omvormersvoor zonnepanelen. Voor laadpalen is er eind vorig jaar al een NederlandsTechnische Afspraak (NTA) ontwikkeld. Met de ontwikkeling van eenapparaat-specifieke norm voor omvormers binnen het NEN-traject geeft1Kamerstuk 29 023, nr. 4732Kamerstuk 29 023, nr. 4753Kamerstuk 32 813, nr. 13574https://www.rijksoverheid.nl/documenten/rapporten/2024/03/01/flitspeiling-netcongestieTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 023, nr. 5892 het kabinet uitvoering aan de motie-Rooderkerk/Grinwis5. Daarnaastworden er afspraken gemaakt over de wijze waarop slimme apparatencommuniceren met elkaar en met het stroomnet.Normering en standaardisatie zorgen voor duidelijke randvoorwaardendie veilige en betrouwbare benutting van slimme apparaten in hetstroomnet mogelijk maken. Uitgangspunten hierbij zijn dat consumenteninzicht krijgen in hun data en daar eigenaar van zijn, dat apparaten vanverschillende fabrikanten moeiteloos met elkaar kunnen samenwerken endat cybersecurity altijd vanaf de ontwerpfase is geborgd.Versnellen van innovatie voor slim netgebruikOm de impuls aan de markt extra kracht bij te zetten, verleent het kabinetsubsidie aan een innovatietraject van stichting ElaadNL om de ontwik-keling van home energy management systemen (HEMS) te versnellen.ElaadNL is het innovatiecentrum van de Nederlandse netbeheerders enspeelde eerder een sleutelrol in de ontwikkeling van het laadprotocol voorelektrische voertuigen, dat inmiddels de wereldwijde standaard is.De uitdagingen van netcongestie treffen Nederland eerder dan veelomliggende landen. Dit biedt tegelijk ook kansen om innovatieveoplossingen op het gebied van slimme benutting van het stroomnet teontwikkelen en toe te passen. Zo versterken we de positie van deNederlandse markt en dragen we bij aan groene groei. Na de zomerpresenteert het kabinet een actieagenda over de verdere digitalisering vanhet energiesysteem.Invoering tijdsafhankelijk nettarief voor kleinverbruikersDe netbeheerders hebben de afgelopen maanden het alternatief nettariefnader uitgewerkt. Hierbij heeft het kabinet de netbeheerders en ACMgevraagd om een eenvoudiger voorstel uit te werken dan het 2x24uurtarieven model dat Berenschot adviseerde in haar rapport6. Denetbeheerders hebben, ook na gesprekken met markt- en consumentenor-ganisaties, opvolging aan dit verzoek gegeven en het voorstel met2x24 uurtarieven losgelaten. Hiermee heeft het kabinet uitvoeringgegeven aan de motie-Postma/Flach7. Momenteel doen de netbeheerdersnader onderzoek naar varianten van een tijdsafhankelijk tarief met een zobeperkt mogelijk aantal tijdsblokken, waarbij het nettarief begrijpelijk blijften voldoende effectief om efficiënter gebruik van het net te stimuleren. Indit proces zijn de netbeheerders ook intensief in gesprek met energieleve-ranciers, om gezamenlijk te komen tot een gedragen en effectief alter-natief nettariefstelsel. De planning is om na de zomer de inhoudelijkeinvulling van een definitief voorstel, waaronder het aantal tijdsblokken,gereed te hebben. Uiteindelijke invoering van het alternatief nettarief isvoorzien in 2028.Dynamische energiecontractenCE Delft en Motivaction hebben onderzoek gedaan naar het effect vandynamische energiecontracten op netcongestie8. Dit is een contractwaarbij de tarieven voor afnemers meebewegen met marktprijzen voorlevering van gas of elektriciteit. Dit moet worden onderscheiden van het5Kamerstuk 36 378, nr. 356Kamerstuk 29 023, nr. 5257Kamerstuk, 29 023, nr. 5418https://www.rijksoverheid.nl/ministeries/ministerie-van-klimaat-en-groene-groei/documenten/rapporten/2025/02/28/dynamische-elektriciteitscontracten-en-netcongestieTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 023, nr. 5893 beoogde tijdsafhankelijk nettarief zoals hierboven beschreven, datmeebeweegt met de belasting van het elektriciteitsnet. Met de opleveringvan dit onderzoek geeft het kabinet uitvoering aan de motie-Van Haga9.Het onderzoek laat zien dat dynamische energiecontracten slechts beperktkunnen helpen om netcongestie tegen te gaan en in enkele gevallen depiekbelasting juist vergroten, bijvoorbeeld wanneer de stroomprijs laag ofnegatief is bij veel windenergie tijdens de avondpiek in de winter. Hetkabinet ziet daarom geen reden om deze contractvormen actief testimuleren. Het onderzoek laat verder zien dat dynamische contracten10–15% goedkoper kunnen zijn dan vaste of variabele contracten. Tegelijkbrengt een dynamisch contract het risico op prijsonzekerheid met zichmee. Het kabinet vindt het daarom passend dat bij communicatie richtingconsumenten over de mogelijke voordelen van een dynamisch energie-contract altijd het advies wordt meegegeven om een minimale buffer van10% van de verwachte jaarlijkse energierekening aan te houden. Ditadvies wil het kabinet verwerken in de regels onder de Energiewet over deinformatieplicht van energieleveranciers.ThuisbatterijenSinds eind vorig jaar hebben netbeheerders, marktpartijen, brancheorga-nisaties en KGG constructieve gesprekken gevoerd over thuisbatterijen ennetcongestie. Inzet van deze gesprekken was om te komen tot eenconvenant met afspraken tussen netbeheerders en marktpartijen waarmeewordt voorkomen dat kleinschalige batterijen laden of ontladen opmomenten dat dit netcongestie verergert. Batterijen die zouden voldoenaan die afspraken konden dan worden voorzien van een keurmerk. Tijdensde gesprekken is door nadere analyses10 en kennisuitwisseling tussennetbeheerders en marktpartijen het inzicht in de markt van thuisbatterijenen de relatie met netcongestie verder toegenomen. Dit heeft geleid tot eengezamenlijk besluit om een andere koers in te zetten dan het op kortetermijn afsluiten van een convenant en het ontwikkelen van een keurmerk.Partijen zien dat de onbalansmarkt minder aantrekkelijk is geworden voorthuisbatterijen en dat er meer aandacht is voor de inzet van thuisbatterijenvoor opslag van eigen opgewekte zonnestroom. Daarnaast sluit eenafspraak zonder vergoeding volgens de marktpartijen niet aan bij de wensvan de klant. Dit bij elkaar leidt tot de conclusie dat de (tijds)investeringdie nodig is voor een convenant en keurmerk op dit moment niet opweegttegen het beperkte verminderde risico op netcongestie, maar dat hetwenselijk is om de inspanningen te richten op iets langere termijn.De gesprekken hebben wel geleid tot een gezamenlijke basis voor eentoekomstige proactieve inzet van thuisbatterijen om netcongestie teverminderen. Vrijwillige afspraken over congestiemanagement voornet-intensieve apparaten, waaronder thuisbatterijen, zijn onderdeel van deaanpak binnen het LAN. Partijen hebben afgesproken dit gezamenlijkverder te ontwikkelen. Alle partijen zien thuisbatterijen als een belangrijkepotentiële flex-optie voor laagspanning in de toekomst, zien de waardeom lokale netcongestie via de inzet van onder andere thuisbatterijen teverminderen en onderschrijven het belang van het uitwerken vanbovengenoemde afspraken. Een specifieke stimulering van thuisbatterijenop de korte termijn past niet bij deze techniek-neutrale aanpak.9Kamerstuk 35 594, nr. 3510https://www.netbeheernederland.nl/publicatie/ce-delft-ls-netcongestie-door-kortetermijnmarktprikkelsTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 023, nr. 5894 Inzicht in netbelastingMet de motie-Kröger11 heeft de Kamer verzocht met de netbeheerders ingesprek te gaan over hoe Smart Readiness Indicators (SRI’s) kunnenworden ingezet om netcongestie beter te gaan meten. Het SRI-instrumentis een methodiek die gebouwen een score toekent op basis van de matewaarin slimme energie-technologieën worden toegepast, bijvoorbeeldvoor energiezuinigheid en energieflexibiliteit. Gebouwen met een hogeSRI-score belasten het net dus minder. SRI is op zichzelf geen instrumentom de netbelasting te meten.Om netbelasting te meten maken netbeheerders gebruik van geanonimi-seerde slimme meterdata in combinatie met voorspellingsmodellen12.Daarnaast wordt in de LAN-actielijn Slimmer Inzicht gewerkt aanversnelde uitrol van slimme sensoren in tienduizenden middenspannings-ruimtes, wat zorgt voor beter inzicht in de actuele belasting van demidden- en laagspanningsnetten. Hiermee is tevens uitvoering gegevenaan de toezegging aan het lid Kröger (GL)13 over inzicht in belasting vanhet laagspanningsnet.Bestuurlijk akkoord Netcongestie en OVAan de motie-Grinwis/Erkens14 is uitvoering gegeven met de onderte-kening van het Bestuurlijk akkoord Netcongestie en OV. De Kamer ishierover geïnformeerd bij brief van 31 maart jl.15Maatschappelijk prioriteringskaderHet is de exclusieve bevoegdheid van de ACM om regels te stellen voorhet verkrijgen van toegang tot het elektriciteitsnet. Om partijen met eengroot maatschappelijk belang voorrang te kunnen geven voor transportca-paciteit op het elektriciteitsnet is per 1 oktober 2024 het prioriteringskaderin werking getreden en wordt het toegepast door de netbeheerders. Inmaart 2025 heeft het College van Beroep voor het bedrijfsleven (CBb),naar aanleiding van beroepsprocedures van verschillende partijen,bepaald dat het prioriteringskader onvoldoende is onderbouwd en dat hethuidige kader nog tot 1 januari 2026 geldig is. De ACM heeft tot die tijdom tot een nieuw prioriteringskader te komen. De uitspraak van het CBbbevestigt dat het de bevoegdheid is van de ACM om tot een prioriterings-kader te komen. Wel mag de ACM het Ministerie van KGG om adviesvragen. In het proces richting in een nieuw besluit heeft het kabinet bij deACM het belang van het prioriteren van alle vormen van woningbouwbenadrukt en het belang van het borgen van prioriteit voor strategischbelangrijke bedrijven onderstreept. Hiermee heeft het kabinet uitvoeringgegeven aan de motie-Postma c.s.16 en de motie-Postma17. De ACM heeftop 26 juni jl. een ontwerpbesluit voor een nieuw kader ter consultatiegepubliceerd.Richtlijnen borging plaatsing transformatorhuisjesVoor de aanpak van netcongestie moeten onder andere ruim 50.000transformatorhuisjes worden gerealiseerd in wijken en buurten. Het11Kamerstuk 29 023, nr. 54612Zie https://www.netbeheernederland.nl/gedragscode13TZ202505-07314Kamerstuk 36 378, nr. 7315Kamerstuk 29 023, nr. 56016Kamerstuk 29 023, nr. 54017Kamerstuk 21 501-30, nr. 649Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 023, nr. 5895 samen optrekken van gemeenten en netbeheerders in deze opgave iscruciaal en daarom een van de acties uit het LAN. In sommige plaatsen istussen netbeheerder en gemeente discussie ontstaan over de juridischevorm voor het plaatsen van trafohuisjes op openbare gronden vangemeenten, met vertraging van de realisatie tot gevolg. Deze gemeentenwensen de mogelijkheid om in de toekomst een trafohuisje te verplaatsen,met het oog op andere opgaven. De Vereniging Nederlandse Gemeenten(VNG) en regionale netbeheerders zijn in april jl. overeengekomen datnetbeheerders in hun voorstellen voor een zakelijke rechtsovereenkomstde mogelijkheid van verplaatsing onder voorwaarden expliciet opnemen.Dit heet het regieartikel. De VNG heeft de gemeenten van de afspraken opde hoogte gesteld18.GroepstransportovereenkomstOm het mogelijk te maken voor partijen om hun vraag naar transportca-paciteit op elkaar af te stemmen, zodat de beschikbare capaciteit optimaalwordt benut, werken de netbeheerders en de ACM binnen het LAN aanhet mogelijk maken van een groepstransportovereenkomst (Groeps-TO).Bij deze contractvorm contracteert een groep aangeslotenen gezamenlijktransportcapaciteit en bepalen zij onderling hoe dit over de deelnemers teverdelen. Doordat de groep onderling de pieken en het gebruik slimafstemt, kan de totale benodigde transportcapaciteit lager zijn danwanneer iedere aangeslotene individueel capaciteit contracteert en ergeen afstemming plaatsvindt. Deze contractvorm kan bijvoorbeeldworden ingezet voor de ontwikkeling van een energiehub.Eind 2024 hebben de gezamenlijke netbeheerders een codewijzigings-voorstel bij de ACM ingediend. Op basis van dit voorstel heeft de ACM op24 april jl. een ontwerpcodebesluit gepubliceerd19. Na de consultatiefasezal de ACM toewerken naar het definitieve codebesluit waarna denetbeheerders deze contractvorm verder zullen uitwerken en implemen-teren. Tot die tijd wordt het contract op pilotbasis aangeboden door deverschillende netbeheerders. Met dit codebesluit wordt een belangrijkestap gezet ten aanzien van het beter benutten van het elektriciteitsnet doormiddel van standaardisatie van samenwerkingsafspraken tussenbedrijven en instellingen met de netbeheerders bij het tegengaan vannetcongestie.Tijdsafhankelijke nettarieven grootverbruikersIn navolging van de tijdsafhankelijke tarieven voor grootverbruikers ophet hoogspanningsnet van TenneT heeft Netbeheer Nederland de impactvan tijdsafhankelijke tarieven voor grootverbruikers op het regionale netonderzocht.20 Met tijdsafhankelijke tarieven ontstaat een financiële prikkelom verbruik te verplaatsen naar momenten buiten de piek. Op basis vanhet onderzoek zullen de netbeheerders de wijze waarop dit tijdsafhanke-lijke tarief vorm moet krijgen verder uitwerken. Dit zal vervolgens in devorm van een codewijzigingsvoorstel in 2026 ingediend worden bij deACM.18https://vng.nl/brieven/plaatsing-van-trafohuisjes19https://www.acm.nl/system/files/documents/ontwerp-codebesluit-groepstransportovereenkomst.pdf20https://www.netbeheernederland.nl/artikelen/nieuws/herziening-tariefstelsel-grootverbruik-houdt-nettarieven-binnen-de-perkenTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 023, nr. 5896 Sectorale aanpak netcongestie en flexibel elektriciteitsverbruikEen sectorale aanpak om bedrijven op weg te helpen bij het beterbenutten van het bestaande elektriciteitsnetwerk is één van de oplossings-richtingen die naar voren is gekomen uit een analyse van de knelpunten21.Afgelopen periode is een selectie gemaakt van drie sectoren: metaal,glastuinbouw en levensmiddelenindustrie. Deze selectie is gebaseerd opde potentie aan flexibel stroomverbruik per sector en tot stand gekomenna gesprekken van VNO-NCW/MKB-Nederland met brancheverenigingenover de bereidheid om aan de slag te gaan met een sectoraanpak.Afgelopen periode is een start gemaakt met de metaalsector en met deglastuinbouw. De verkenningsfase met de levensmiddelenindustrie startdeze zomer met de brancheorganisatie voor ambachtelijke bakkers, NBOV.Voor de sector metaal werken de Koninklijke Metaalunie, netbeheerders,het Ministerie van KGG en RVO aan praktische ondersteuning van, envoorlichting aan ondernemers. Daarnaast analyseren netbeheerders en desectorbranche gezamenlijk koppelstations, gekoppeld aan de gebruikers-profielen van leden. Dit geeft inzicht in welke bedrijven flexibiliteit kunnenleveren en biedt een basis voor opschaling van een sectoraanpak. MetGlastuinbouw Nederland, LVVN en netbeheerder Liander wordenoplossingsrichtingen verkend, waaronder de mogelijke inzet vanWKK-installaties voor netcongestiemanagement. Hiermee is ookuitvoering gegeven aan de toezegging aan het lid Flach22.Verder hebben het Rijk, de provincie Zuid-Holland, de gemeente DenHaag, OV-bedrijf HTM en Stedin op 11 juni jl. de intentieovereenkomstEnergieRijk Den Haag ondertekend. Netbeheerder Stedin wees in juli 2024grote delen van Den Haag aan als congestiegebied. Bijzonder aan dezeaanpak is dat deze niet sectoraal is, zoals de eerder ondertekendeovereenkomsten met de Waterschappen en het OV, maar gebiedsgeoriën-teerd. De partijen bij de overeenkomst lossen niet alleen hun eigenproblemen op: de inzet is de congestieproblematiek voor de stad alsgeheel aan te pakken. Vanuit het Rijk wordt verkend of het voor deRijksgebouwen mogelijk is een contract af te sluiten met de netbeheerdervoor de inzet van flexibel vermogen. Verder wordt gekeken naar hetplaatsen van batterijen bij Rijksgebouwen in het congestiegebied.Delen data netbeheerdersMet de motie-Flach23 heeft de Kamer verzocht afspraken te maken metnetbeheerders over beschikbaarstelling van data richting decentraleoverheden, energiegemeenschappen en energiehubs. Aan deze motie isals volgt uitvoering gegeven.Netbeheerders bieden gezamenlijk dataproducten aan, zodat deze partijenhet net efficiënter kunnen benutten, sneller kunnen bouwen en inzichtkrijgen in de activiteiten van de netbeheerders. De netbeheerders hebben,afgestemd in het LAN, een «Roadmap Data delen voor de energietran-sitie»24 opgesteld. Hierin zijn de dataproducten vermeld die zijn enworden ontwikkeld om inzicht te bieden in onder meer toekomstigenetcapaciteit, benuttingsgraad, netprofielen en wachtlijsten. Dezeroadmap is steeds in ontwikkeling en eenmaal per kwartaal wordt eenupdate verstrekt. De netbeheerders zijn doorlopend in gesprek met21Kamerstuk 29 023, nr. 559 (bijlage)22Tweeminutendebat Netcongestie en energie-infrastructuur, 6 maart 202523Kamerstuk 29 023, nr. 54924https://www.netbeheernederland.nl/roadmap-data-delen-voor-de-energietransitieTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 023, nr. 5897 partijen om te kijken welke dataproducten kunnen worden toegevoegdaan de dataroadmap.Nationaal doel flexibiliteit en energieopslagFlexibiliteit, waaronder energieopslag, is cruciaal voor het huidige entoekomstige energiesysteem. Op grond van de Europese elektriciteits-marktverordening25 zijn lidstaten verplicht om de flexibiliteitsbehoefte –inclusief energieopslag – medio 2026 voor het eerst in kaart te brengen.Vervolgens is elke lidstaat verplicht om op basis van dit verslag over deflexibiliteitsbehoefte een indicatieve nationale doelstelling voorniet-fossiele flexibiliteit te bepalen. In het licht van de implementatie vandeze Europese verplichting is aan het lid Grinwistoegezegd26 de voor- ennadelen van een nationaal doel voor flexibiliteit en energieopslag in kaartte brengen.De belangrijkste voordelen van een doel zijn het concretiseren van hetbelang van flexibiliteit (en daarbij ook de benodigde investeringen) en hetbieden van sturing. Daarnaast kan een doel helpen bij de snellereopschaling van flexibiliteitstechnieken. De belangrijkste nadelen zijnmogelijke marktverstoring wanneer een doel leidt tot maatregelen metverkeerde prikkels en het risico van een inefficiënte systeeminrichting metin het ergste geval verergering van netcongestie. Daarnaast is het nietwenselijk met een nationaal doel vooruit te lopen op de Europeseverplichting om te rapporteren en een indicatief doel te bepalen.Het kabinet hecht eraan om eerst te bepalen hoeveel flexibiliteit, inclusiefenergieopslag, nodig is en wacht de – door EU-agentschap ACER vast testellen – methodologie en het voor Nederland op te stellen verslag van deflexibiliteitsbehoefte af. Het is niet wenselijk om vooruit te lopen op ditproces, omdat dit het risico op de genoemde nadelen vergroot. Hetkabinet zet zich intussen in op het verbeteren van monitoring en scenario-modellen inclusief prognoses van netbeheerders. De groei van opslag kanop dit moment nog onvoldoende nauwkeurig worden voorspeld engerapporteerd.Tot slotVermindering van netcongestie vereist een samenhangende aanpak vangrotere en kleinere maatregelen en acties op het gebied van snellerbouwen, beter benutten en slimmer inzicht, en op alle spanningsniveau’s.De gemelde voortgang in deze brief is hieruit slechts een greep, maarillustreert de veelzijdigheid van de aanpak van het kabinet in samen-werking met de partners in het LAN. De Kamer is in maart jl. geïnformeerdover de voortgang van de aanpak over de volle breedte en ontvangt inoktober een update. Waar nodig informeert het kabinet de Kameruiteraard tussendoor over relevante ontwikkelingen of beleidsacties.De Minister van Klimaat en Groene Groei,S.T.M. Hermans25https://eur-lex.europa.eu/legal-content/NL/TXT/PDF/?uri=OJ:L_20240174726TZ202502-198Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 29 023, nr. 5898
Gerelateerde bronnen
- Naar aanleiding van de gewijzigde elektriciteitsverordening informeert de minister de Kamer over de weging van de voor- en nadelen voor flexibiliteit en opslag.
Naar aanleiding van de gewijzigde elektriciteitsverordening informeert de minister de Kamer over de weging van de voor- en nadelen voor flexibiliteit en opslag.
- In de reeds toegezegde voortgangsbrief over het Landelijk Actieprogramma Netcongestie (LAN) gaat de minister ook in op lokale belasting van het energienet en he
In de reeds toegezegde voortgangsbrief over het Landelijk Actieprogramma Netcongestie (LAN) gaat de minister ook in op lokale belasting van het energienet en het beter benutten van het lokale energienet.
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.