KamerkringInloggen
Kamerbrief

Voortgang toekomstbestendig stelsel geneesmiddelen

11 dec 2025 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie 64cea9b472bca117 · officiële bron

Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2025–202629 477GeneesmiddelenbeleidNr. 960 BRIEF VAN DE MINISTER VAN VOLKSGEZONDHEID, WELZIJN ENSPORT Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 11 december 2025Innovatie in geneesmiddelen brengt hoop en perspectief voor patiënten:nieuwe geneesmiddelen kunnen levens verlengen, klachten verminderenen in sommige gevallen genezing mogelijk maken. Tegelijkertijd staat onssysteem voor de uitdaging om het pakketbeheer van nieuwe geneesmid-delen zorgvuldig te organiseren. Daarom werk ik aan een toekomstbe-stendig stelsel waarin nieuwe, effectieve medicijnen zo snel mogelijkbeschikbaar komen voor patiënten die er baat bij hebben, tegen eenmaatschappelijk aanvaardbare prijs. Het streven is om dit systeem op1 januari 2027 in te laten gaan. Ik wil ervoor zorgen dat de overheid enzorgpartijen gezamenlijk meer grip krijgen op de instroom van nieuwegeneesmiddelen in het basispakket van de zorgverzekering, zodat wekunnen versnellen, en meer inzicht krijgen in de effectiviteit en gepasteinzet van geneesmiddelen in de praktijk.Over de uitwerking hiervan is uw Kamer in eerdere Kamerbrievengeïnformeerd, voor het laatst in december 20241. In deze brief schets ik debelangrijkste ontwikkelingen sinds deze laatste Kamerbrief. Daarbij ga ikin op:1.De uitvoering van de opdracht van Zorginstituut Nederland (hierna: hetZorginstituut) om het proces van het toekomstige stelsel in te richten;2.Een beoordeling van benodigde aanpassingen in wet- en regelgeving;3.Een aantal andere activiteiten die van belang zijn voor het toekomstigestelsel;4.Twee samenhangende onderwerpen «maatschappelijk aanvaarbareuitgaven aan geneesmiddelen» en «evergreening» waarover ik uwKamer later verder informeer.1Kamerstukken II, 2024–25, 29 477, nr. 921 kst-29477-960ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2025Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 29 477, nr. 9601 1. Uitwerking van het Toekomstbestendig Stelsel Geneesmid-delen door het Zorginstituut In september 2024 heb ik het Zorginstituut de opdracht gegeven om teverkennen hoe het toekomstbestendig stelsel geneesmiddelen (TSG) eruitmoet gaan zien. Deze verkenning heeft het Zorginstituut in maart 2025opgeleverd. De verkenning schetst het TSG op hoofdlijnen en deontwikkelpunten om hier naar toe te werken. In de vervolgopdracht werkthet Zorginstituut dit verder uit om in april 2026 een uitvoeringstoets op televeren. Daarin is ook aandacht voor de uitvoerbaarheid en haalbaarheidvan deze plannen. Aan de hand van deze uitvoeringstoets zal ik besluitenof het Zorginstituut verder kan gaan met de implementatiefase.Beoogd effect TSGMet het TSG wordt beoogd om meer grip te krijgen op de instroom vanalle nieuwe geneesmiddelen in het basispakket van de zorgverzekering. InNederland werken verschillende partijen samen aan het beoordelen,vergoeden, inkopen, voorschrijven en gepast inzetten van geneesmid-delen. Het gaat om koepelorganisaties van zorgverleners, zorgaanbieders,patiëntenorganisaties, zorgverzekeraars, het Zorginstituut en hetMinisterie van VWS. In de huidige situatie werken deze partijen algeregeld samen aan de beheerste instroom van een geneesmiddel, maardit gebeurt vaak op een ad hoc basis en het geheel is niet efficiëntgeorganiseerd. De essentie van het TSG is dat het Zorginstituut metzorgpartijen op een gestructureerde, proactieve en gelijkgerichte maniergaat samenwerken om vroegtijdig inzichtelijk te maken wat er voor eennieuw geneesmiddel nodig is om op een beheerste manier in te stromenen daar afspraken over te maken. Het Zorginstituut neemt de regierol voordie samenwerking. Het Zorginstituut levert een inhoudelijke bijdrage doorrisico’s in kaart te brengen, beoordelingen te doen en zorgpartijen teadviseren over passende acties, waarbij ook de zorgpartijen zelf beoorde-lingen uitvoeren binnen hun eigen verantwoordelijkheid.In het TSG wordt veel eerder gestart met het in kaart brengen vaneventuele risico’s bij het toelaten van nieuwe geneesmiddelen in hetbasispakket. Nu zijn alleen financiële risico’s (op basis van de sluiscriteria)reden om vroegtijdig te kijken naar de pakketcriteria, terwijl er ook risico’svoor pakketopname kunnen zijn op het gebied van effectiviteit en gepasteinzet. Er komt een eenduidig proces voor alle nieuwe geneesmiddelenwaarin wordt toegewerkt naar een gelijke informatievoorziening over derelevante pakketrisico’s die beschikbaar is voor betrokken partijen. Opbasis van gesignaleerde pakketrisico’s wordt bepaald welke beoordelings-route een geneesmiddel verder volgt en of er passende beheersmaatre-gelen nodig zijn om het risico bij instroom te mitigeren. Voor hetafspreken van beheersmaatregelen wordt een triagetafel met zorgpartijeningericht. Om het proces van pakkettoelating van nieuwe geneesmiddelenwaar mogelijk te versnellen gaat het Zorginstituut huidige processen enactiviteiten van zorgpartijen stroomlijnen en faciliteren, maatwerk creërenin de beoordelingen (bijvoorbeeld een minder uitgebreide beoordelingwaar dat kan) en op structurele basis afstemmen met zorgpartijen en defarmaceutische industrie. Bij het TSG is het uitgangspunt: snel waar hetkan en uitgebreid waar het moet. In de praktijk zal dit betekenen datnieuwe geneesmiddelen met weinig risico’s snel kunnen instromen in hetbasispakket.Nieuwe geneesmiddelen met hoge risico’s zullen daarentegen net als nuuitgebreid beoordeeld en gewogen worden voor opname in het basis-pakket.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 29 477, nr. 9602 In de motie van het lid Claassen2 wordt opgeroepen tot meer flexibiliteiten maatwerk in het proces. Deze mogelijkheid wordt gecreëerd in hetTSG, doordat er aan de voorkant van het proces anders wordt omgegaanmet de financiële risico’s en naar meer eigenschappen van het genees-middel wordt gekeken en afhankelijk daarvan een route tot pakkettoe-lating wordt gevolgd. Daarbij wil ik wel aangeven dat ik flexibiliteit in hetproces belangrijk vind, maar dit in verhouding moet staan met devoorspelbaarheid.Procesupdate opdracht ZorginstituutHet Zorginstituut werkt het TSG uit in zeven deelprojecten3:In deelproject 1 wordt gewerkt aan een verrijking van de bestaandehorizonscan geneesmiddelen. In deze verrijkte horizonscan wordt er beteraangesloten op de beschikbare kennis uit de internationale horizonscanen worden zaken gedigitaliseerd, wordt de informatie vaker geüpdatet, enwordt er meer uitgebreide informatie over relevante pakketrisico’sopgehaald. Daarnaast wordt verkend hoe extra relevante informatiebeschikbaar kan komen uit andere bronnen, zoals zorginkoop, zorgverze-keraars en de farmaceutische industrie.In deelproject 2 wordt gewerkt aan het verder vorm geven van denieuwe zogenoemde rapid review. In deze fase gaat het Zorginstituut deverkregen informatie duiden om te bepalen welke route het geneesmiddelvervolgens moet doorlopen voor vergoeding. Waar mogelijk wordt eromwille van voorspelbaarheid en transparantie toegewerkt naar hardecriteria (afkappunten), zolang dit het gewenste maatwerk niet belemmert.In deelproject 3 wordt verkend welke beheersacties nodig zijn ompotentiële risico’s op een passende wijze te kunnen mitigeren. Er zijnverschillende partijen aan zet bij verschillende beheersacties, bijvoorbeeldmijn ministerie als het gaat om onderhandelingen of de beroepsgroepenbij afspraken over gepast gebruik. Daarnaast zijn sommige beheersactiesal in gebruik en moeten andere beheersacties nog worden ontwikkeld. Inhet deelproject worden ontwikkelpunten, actiehouders en randvoor-waarden op stelselniveau geïdentificeerd.In deelproject 4 wordt met zorgpartijen nagedacht over de inrichting vande triagetafel. Daarbij worden uitgangspunten in de samenwerkingvastgelegd en ontwikkelpunten voor 2026 bepaald.In deelproject 5 wordt geïnventariseerd of de huidige methodiek van debeoordelingen moet worden uitgebreid met nieuwe methodes ommaatwerk te kunnen leveren binnen het TSG.In deelproject 6 wordt een ontwerp gemaakt voor een informatiema-nagementsysteem. Dit systeem moet samenwerking binnen het TSG gaanfaciliteren en verbeteren. In de uitvoeringstoets zal het Zorginstituutadviseren over een passend ontwerp voor dit systeem.In deelproject 7 is aandacht voor de wijze waarop het beoordelen vannieuwe vaccinaties voor medische risicogroepen wordt ingepast in hetTSG.2Kamerstukken II, 2024–25, 29 477, nr. 9273Advies – Toekomstbestendig stelsel geneesmiddelen | Zorginstituut NederlandTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 29 477, nr. 9603 Naast deze deelprojecten werkt het Zorginstituut aan een impactanalyse,waarin wordt gekeken naar de beoogde effecten en de uitvoerbaarheid enhaalbaarheid van het beoogde TSG voor partijen. De uitkomsten wordengerapporteerd in de uitvoeringstoets.Afstemming met zorgpartijen en farmaceutische industrieHet Zorginstituut stemt de uitvoering van de opdracht af met zorgpartijenen de farmaceutische industrie. Voor de zomer hebben er startbijeen-komsten plaatsgevonden. In de laatste twee kwartalen van 2025 organi-seert het Zorginstituut om de week een werktafel met alle zorgpartijen.Dat zijn koepels van beroepsgroepen, patiëntenorganisaties, zorgverzeke-raars en ziekenhuizen. Daarnaast organiseert het Zorginstituut maande-lijks een klankbordtafel met de farmaceutische industrie. De agenda voordeze tafels wordt gezamenlijk bepaald en er zijn werkafspraken gemaaktover de voorbereiding en afstemming. Het doel is om vroegtijdig input opte halen, zodat partijen kunnen meedenken bij het vormgeven van hetTSG. Er is nog geen besluitvorming in deze fase. Er volgt in het eerstekwartaal van 2026 een uitgebreide schriftelijke consulatie op de conceptuitvoeringstoets.2. Beoordeling van benodigde aanpassingen in wet- en regel-geving a. Risicogerichte pakkettoelating voor alle nieuwe geneesmiddelen Het proces tot pakkettoelating dat door het Zorginstituut wordt uitgewerkt,is op dit moment juridisch (deels) mogelijk voor geneesmiddelen die thuisgebruikt worden (extramuraal) en voor de hele dure ziekenhuisgenees-middelen (intramurale sluisgeneesmiddelen).Het TSG vraagt om een juridisch systeem waarin geneesmiddelen metgelijke risico’s op consistente wijze worden beoordeeld, en onder dezelfdevoorwaarden kunnen worden opgenomen in het basispakket. Daarvoor ishet nodig dat de overheid over meer intramurale geneesmiddelen kanbesluiten voor pakkettoelating. Ik voorzie dat dit gaat om geneesmiddelenmet nieuwe werkzame stoffen en nieuwe indicaties of toedieningsvormenvan bestaande werkzame stoffen. Hiervoor zal het Besluit Zorgverzekeringmoeten worden aangepast. Ik heb dit proces in gang gezet waarmee hetmogelijk wordt om deze wijziging in te laten gaan per 1 januari 2027. Dedefinitieve besluitvorming hier over volgt. Deze wijziging zal zoalsgebruikelijk aan uw Kamer worden voorgelegd, naar verwachting voor dezomer van 2026.b. Gepast gebruik Eén van de speerpunten uit het TSG is het bevorderen van gepast gebruikvan geneesmiddelen in de praktijk. Bij gepast gebruik gaat het om dejuiste inzet van geneesmiddelen te bevorderen en te borgen. Over- enonderbehandeling moet worden voorkomen. Dat kan immers leiden totonnodige bijwerkingen en gezondheidsschade. Helaas komen deafspraken over gepaste inzet van geneesmiddelen niet altijd goed van degrond of worden deze niet goed door vertaald naar de praktijk. In hettraject Verbeteren en Verbreden van de Toets op het Basispakket (VVTB)heb ik daarom onderzocht of er wettelijke leveringsvoorwaarden kunnenworden gesteld aan de vergoeding van zorg4. De conclusie is dat (minderingrijpende) alternatieven eerst verder moeten worden onderzocht.4Kamerstukken II, vergaderjaar 2024–25, 29 689, nr. 1296Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 29 477, nr. 9604 Het is op dit moment nog niet volledig duidelijk waarom afspraken overgepast gebruik, die zowel in contracten tussen zorgverzekeraars enziekenhuizen kunnen worden opgenomen als in richtlijnen van deberoepsgroep kunnen worden vastgelegd, desondanks niet goed van degrond komen. En of wettelijke voorwaarden daar een oplossing voor zijn,bijvoorbeeld als de afspraken niet goed worden nageleefd en moeilijk tecontroleren zijn in de praktijk. Daarnaast is nog niet goed gekeken welkeverbeteringen er mogelijk zijn in afspraken tussen zorgverzekeraars enziekenhuizen. Daarom vind ik het belangrijk om eerst samen met debetrokken partijen, waaronder het Zorginstituut en de zorgverzekeraars, teonderzoeken waarom gepast gebruik afspraken nu niet goed van de grondkomen, waar het probleem precies in zit en waar mogelijk ruimte is voorverbetering binnen de bestaande mogelijkheden om toe te zien dat gepastgebruik afspraken ook in de praktijk daadwerkelijk worden toegepast. Ikhoud uw Kamer op de hoogte over de gesprekken met betrokken partijenen de verdere voortgang.3. Acties van belang voor het toekomstig stelsel geneesmiddelen Naast de uitvoering van de opdracht van het Zorginstituut zijn er eenaantal andere acties van belang voor het TSG, die ik hier onder verdertoelicht.a. Voorwaardelijke Toelating Eén van de mogelijke beheersacties in het TSG kan een voorwaardelijketoelating van geneesmiddelen tot het basispakket (VT) zijn. Dit is eenbestaande procedure die recent is geëvalueerd. Ik ben in overleg met hetZorginstituut over de aanbevelingen vanuit de evaluatie en mijn ideeënover de opvolging daarvan. Ik kijk hierbij ook kritisch naar de huidigeafbakening van de VT (weesgeneesmiddelen5, conditionals6 en excepti-onals7).Op 3 juli jl. heb ik die beleidsmatige evaluatie van de VT met u gedeeld8.Ik heb toen toegezegd mijn appreciatie van het rapport met u te delen indeze brief. Om dit op een zorgvuldige manier te doen en goed af testemmen met de relevante partijen, is meer tijd nodig. Ik voorzie daaromdat ik mijn appreciatie begin 2026 met u zal kunnen delen.b. Dashboard doorlooptijden Sinds 2023 maak ik via het dashboard doorlooptijden geneesmiddeleninzichtelijk in welke fase van de vergoedingsprocedure (indiening,beoordeling of onderhandeling) dure, nieuwe geneesmiddelen zichbevinden. Vorig jaar heeft mijn voorganger aangegeven het dashboarddoorlooptijden geneesmiddelen te willen doorontwikkelen. Daarom heb ikdit voorjaar een evaluatie uitgevoerd van het huidige dashboard.Daarnaast heb ik een gebruikersonderzoek laten uitvoeren om van alleverschillende gebruikersgroepen te horen hoe zij het dashboard nu5Een weesgeneesmiddel is een geneesmiddel voor een zeldzame ziekte. In Europa wordt eenziekte als zeldzaam beschouwd als deze minder dan 1 op de 2.000 mensen treft.6Een conditional is een geneesmiddel dat een voorwaardelijke handelsvergunning heeftontvangen van het EMA. De fabrikant moet ondertussen meer onderzoek doen en zo meer datagenereren, zodat de handelsvergunning kan worden omgezet in een definitieve handelsver-gunning.7Een exceptional is een geneesmiddel met een handelsvergunning onder uitzonderlijkevoorwaarden. Voor een dergelijk geneesmiddel is het niet mogelijk om nog meer onderzoek tedoen en meer data te genereren. Het EMA accepteert dat voor deze geneesmiddelen er altijdenige sprake van onzekerheid zal blijven bestaan.8Kamerstukken II, 2024–25, 29 477, nr. 942Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 29 477, nr. 9605 gebruiken en welke aanvullende informatiebehoefte zij hebben voor hetdashboard. Daarin waren patiëntenverenigingen, mantelzorgers,journalisten, overheidsmedewerkers, farmaceutische industrie,apothekers, zorgverleners en zorgverzekeraars vertegenwoordigd.Uit het gebruikersonderzoek blijkt dat het dashboard in de praktijk metname door beleidsmedewerkers in de zorg wordt geraadpleegd en inmindere mate door patiënten, mantelzorgers en zorgverleners. Gebruikersvan het dashboard willen weten «wie aan zet is» en wat de status van devergoeding van (sluis)geneesmiddelen is. Op dit moment voorziet hetdashboard slechts deels in deze behoefte. Daarnaast biedt het dashboardbeperkte mogelijkheden voor het filteren en vergelijken van geneesmid-delen of genereren van overzichten. Bovendien geven gebruikers aan dathet duiden van de beschikbare data een hoge mate van voorkennis vereistvan vergoedingsprocedures in Nederland waardoor het voor vele groepenminder goed te gebruiken is.Op basis van de inzichten uit de evaluatie en het gebruikersonderzoek hebik een eerste ontwerp laten maken voor een mogelijke nieuwe versie vanhet dashboard en deze ook bij een vertegenwoordiging van gebruikersgetoetst. In dit ontwerp is ruimte voor een heldere uitleg per tussenstap inhet vergoedingsproces, transparantie in «wie aan zet» is, en demogelijkheid om verschillende rapportages te genereren die inzichtmoeten geven in de doorlooptijd van individuele of geselecteerdegroepen geneesmiddelen.Een nieuw dashboard vraagt ook om een aanvullende investering hierin.Daarom onderzoek ik hoe invulling gegeven kan worden aan dit ontwerpen waar dit mogelijk kan in samenhang met andere informatiemanage-mentsystemen. De informatie op het dashboard raakt namelijk aan andereinitiatieven op het gebied van dataverzameling, zoals bijvoorbeeld hetopzetten van een informatie-managementsysteem door het Zorginstituutin het kader van het TSG. Om te voorkomen dat vergelijkbare dataverza-melingen naast elkaar gaan bestaan, kijk ik nu hoe een nieuwe versie vanhet dashboard en de dataverzameling die daaraan ten grondslag ligt hetbeste kunnen worden geïmplementeerd. Ik verwacht hier voor de zomervan 2026 meer duidelijkheid over te kunnen geven.c. Update informatie prijs- en vergoedingsbeleid geneesmiddelen opRijksoverheid.nl De gebruikers van het dashboard bevestigen dat het systeem vanpakkettoelating ingewikkeld is en, zeker voor leken, moeilijk tedoorgronden. Mijn voorgangers zijn eerder in Kamerbrieven inhoudelijkingegaan op de verschillende toelatingsprocedures tot het pakket en watde verschillen daar in zijn. Maar daarmee is deze informatie nog nietbreed toegankelijk. Ik heb daarom gewerkt aan een update van depagina’s over prijs- en vergoedingsbeleid op Rijksoverheid.nl en ineenvoudige bewoordingen het bestaande beleid, én de verschillendevoorgenomen beleidswijzigingen toegelicht. De geüpdatete pagina’skomen op korte termijn online. Ik heb hier ook een toelichting gegeven opzogenoemd cyclisch pakketbeheer, waarmee ik de motie van voormalig lidDaniëlle Jansen (NSC) gestand doe9.9Kamerstukken II 2024–25, 29 477, nr. 930Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 29 477, nr. 9606 d. Gerichte toewijzing onderzoeksgelden bij kennisvragen Partijen10 uit de Medisch Specialistische Zorg hebben samen met hetZorginstituut en onder coördinatie van het programma Zorgevaluatie &Gepast Gebruik (ZE&GG) een zogenoemde gerichte procedure opgesteldvoor het uitvoeren van doelmatigheidsonderzoek bij dure geneesmid-delen. Deze procedure is erop gericht om gezamenlijk vast te stellen voorwelke geneesmiddelen en bijbehorende onderzoeksvragen een doelmatig-heidsstudie wenselijk is. De doelmatigheidsstudies hebben als doel om,met gelijkblijvende of betere effectiviteit en kwaliteit van leven voorpatiënten, de uitgaven aan dure geneesmiddelen te beperken. Denkbijvoorbeeld aan een lagere dosering of een kortere behandelingsduur.Ook is in deze procedure vastgelegd hoe de betrokken partijengezamenlijk de studie vormgeven in co-creatie, uitvoeren, en de resultatenvervolgens implementeren en monitoren.Er zijn op dit moment twee doelmatigheidsstudies die de partijen hebbenaangewezen om uit te voeren. Deze starten binnenkort. In beide studiesgaat het om geneesmiddelen die gebruikt worden bij de behandeling vankanker. In één studie wordt onderzocht of een behandeling bij een vormvan bloedkanker korter kan. Nu duurt deze behandeling 24 maanden. In destudie wordt onderzocht of zes maanden ook voldoende is voor hetzelfdegezondheidseffect. In de tweede studie gaat het om een geneesmiddelvoor borstkanker. Er wordt onderzocht of dit geneesmiddel van toege-voegde waarde is aan de standaardbehandeling na de operatie.De afgelopen tijd was het mogelijk om projectideeën aan te dragen voorde gerichte procedure. Er zijn zes voorstellen ingediend door verschil-lende wetenschappelijke verenigingen. Partijen zullen in de komendemaanden met elkaar bepalen welke voorstellen verder worden uitgewerkten uiteindelijk welke studies er gaan worden uitgevoerd. Daarnaast zal degerichte procedure een plek krijgen binnen het TSG.e. Financiering geneesmiddelencommissies Geneesmiddelencommissies, waarin medisch specialisten per weten-schappelijke vereniging zijn vertegenwoordigd, vervullen een belangrijkerol bij de beoordeling van nieuwe geneesmiddelen. Door het gebruik vanhet «praktijkomschrijving introductie geneesmiddel» (PIG-)formulier,leveren zij gestructureerde en relevante informatie over de beoogdepatiëntengroepen en de effectiviteit van nieuwe behandelingen. Dezeinput ondersteunt het Zorginstituut en zorgverzekeraars bij hun beoorde-lingsprocessen.De huidige subsidie van de geneesmiddelencommissies loopt tot eind2025. In het Integraal Zorgakkoord is afgesproken dat structurelefinanciering van deze commissies gewenst en noodzakelijk is. Daaromheb ik vanaf 2026 structurele financiering beschikbaar gesteld aan deFederatie Medisch Specialisten. Daarmee zorg ik dat de geneesmiddelen-commissies hun belangrijke rol kunnen blijven uitvoeren, ook alsonderdeel van het toekomstige stelsel.10Federatie Medisch Specialisten (FMS), inclusief Nederlandse Vereniging van Ziekenhuisapo-thekers (NVZA), Patiëntenfederatie Nederland (PFNL), inclusief Nederlandse Federatie vanKankerpatiëntenorganisaties (NFK) en de patiëntenkoepel voor zeldzame en genetischeaandoeningen (VSOP), Nederlandse Federatie van Universitair Medische Centra (NFU),Nederlandse Vereniging van Ziekenhuizen (NVZ) en Zorgverzekeraars Nederland (ZN)Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 29 477, nr. 9607 f. Aansluiting (dure geneesmiddelen)registraties bij governancekwaliteitsregistraties Risicobeheersing kan ook betekenen dat er informatie over het gebruikvan geneesmiddelen in de praktijk worden verzameld. Deze informatie kanworden vastgelegd in registraties. Voor de zogenoemde kwaliteitsregis-traties is een systeem ingericht waarin bijvoorbeeld afspraken zijngemaakt over de toetsing en financiering van deze registraties. Het ligtvoor de hand om hierin ook data over geneesmiddelen mee te nemen.Maar daarvoor zijn mogelijk aanpassingen nodig in het systeem van dekwaliteitsregistraties, zoals in rollen en verantwoordelijkheden enfinanciering. Dit vraagstuk ligt al enige tijd op tafel en ik heb geconsta-teerd dat partijen in het verleden onvoldoende waren aangehaakt.Daarom heb ik opnieuw alle standpunten van partijen geïnventariseerd.Deze input heb ik samen met de partijen verwerkt tot een plan van aanpakwaarin onder andere de scope, projectorganisatie en het activiteitenplanvan dit traject worden beschreven. Aankomende tijd worden deze actiesuitwerkt door mij en partijen om te komen tot een aansluiting van de duregeneesmiddelen(registraties) bij de kwaliteitsregistraties.g. Doorlopend inzicht in kosten en uitgaven aan geneesmiddelen De Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) stelt ieder jaar een rapportage opover de uitgaven aan dure geneesmiddelen. Deze rapportages helpen mijom mijn beleid vorm te geven en te monitoren. De NZa maakt hierinonder andere inzichtelijk wat de uitgaven aan intramurale en extramuralegeneesmiddelen zijn over de laatste jaren. Ook maken zij daarin onder-scheid tussen geneesmiddelen waar geen (stofnaam)concurrentie voor is(monopoliegeneesmiddelen) en geneesmiddelen waar dat wel het gevalis.In de rapportage van dit jaar is te zien dat het aandeel dat wordt uitge-geven aan dure geneesmiddelen ten opzichte van het totale ziekenhuis-budget over de afgelopen jaren niet stijgt11. In dit rapport is ook te ziendat de uitgaven aan monopoliegeneesmiddelen gestegen zijn in deperiode tussen 2019 en 2023.4. Andere trajecten: «maatschappelijk aanvaarbare uitgaven aangeneesmiddelen» en «evergreening» Naast de acties in het kader van TSG zijn er ook andere trajecten diebetrekking hebben op nieuwe (dure) geneesmiddelen. Op 16 oktober 2025boden het Zorginstituut, de NZa en de Autoriteit Consument en Markt(ACM) mij het adviesrapport «Naar maatschappelijk aanvaardbareuitgaven aan geneesmiddelen» aan waarover uw Kamer op 30 oktober isgeïnformeerd12. Het adviesrapport bestaat grotendeels uit eenwerkagenda. In het adviesrapport geven de drie zelfstandige bestuursor-ganen weer welke stappen ze zelf zetten in vervolg op het advies. Hetwerkprogramma heeft tot doel praktische invulling te geven aan het kaderwaarlangs maatschappelijk aanvaardbare uitgaven aan geneesmiddelenkunnen worden getoetst. Ook zijn enkele adviezen specifiek aan mijgericht, vooral die adviezen die gaan over het bevorderen van concur-rentie. Ik zal op die adviezen begin volgend jaar mijn appreciatie geven.Hierbij betrek ik onder meer de lopende trajecten van de herziening vande Wet geneesmiddelenprijzen, doorstart Geneesmiddelenvergoedings-systeem, en het TSG.11Nederlandse Zorgautoriteit, 14 oktober 2025. Uitgaven geneesmiddelen via het ziekenhuis enopenbare apotheek, periode 2019 t/m 2023 en voorlopige cijfers over 2024.12Kamerstukken II, 2025–26, 29 477, nr. 953Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 29 477, nr. 9608 De werkagenda vertaalt het normatieve kader naar praktische richtlijnenvoor welke uitgaven aan geneesmiddelen als maatschappelijkaanvaardbaar worden gezien.Een ander onderwerp waarvoor regelmatig aandacht wordt gevraagd, ishet zogeheten evergreenen van geneesmiddelen. Bij motie Thiadens heeftde Tweede Kamer mij verzocht om «alles in het werk te stellen omevergreening tegen te gaan» (Kamerstuk 36 725 XVI, nr. 33). Ook het lidDijk (SP) heeft over dit onderwerp recentelijk Kamervragen gesteld. Bij«evergreening» verlengen fabrikanten via wijzigingen aan bestaandegeneesmiddelen (bijvoorbeeld de manier van toedienen) de marktpositievan hun geneesmiddel. Dit kunnen waardevolle innovaties zijn diebijdragen aan de effectiviteit, veiligheid of het gebruiksgemak vangeneesmiddelen, maar soms heeft een nieuwe variant geen of beperktedaadwerkelijke meerwaarde ten opzichte van bestaande alternatieven. Hetgaat dan weliswaar om toegestane juridische en commerciële strategieën,maar dit leidt tot vragen over de wenselijkheid als dit leidt tot hogere, oflanger hoog blijvende prijzen. Ten behoeve van de motie analyseer ik hetonderwerp de komende tijd en beoordeel ik de diverse beschikbarerapporten. Ook voer ik nauw overleg met de Minister van Economischezaken die beleidsverantwoordelijk is voor intellectueel eigendom. Zelf benik verantwoordelijk voor de regelgeving omtrent geneesmiddelen. Ikverwacht begin 2026 nader in te kunnen gaan op de aangenomen motie.Tot slotMet deze brief heb ik u geïnformeerd over de voortgang van toekomstbe-stendig stelsel geneesmiddelen. Ik zie dat er belangrijke stappen gezetworden en hier door alle betrokken partijen hard aan wordt gewerkt. Ikvertrouw er op dat deze inzet zich vertaalt in een goed werkend systeem.De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,J.A. BruijnTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 29 477, nr. 9609

Eerdere bronversies

17 okt 2026 · 86e8635a374c3a85

14 okt 2026 · 014430a6df852bba

13 okt 2026 · 43f02bfa216dd879

Gerelateerde bronnen

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.