Ontwerpbesluit tot wijziging van het Besluit kinderopvangtoeslag 2024 in verband met de extra verhoging van de maximum uurprijzen voor de kinderopvangtoeslag
Brontekst
Versie 56f9784a818283ef · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2023–2024 31 322Kinderopvang Nr. 519 BRIEF VAN DE MINISTER VAN SOCIALE ZAKEN EN WERKGELEGENHEID Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Den Haag, 22 december 2023 Hierbij bied ik u aan het ontwerpbesluit tot wijziging van het Besluit kinderopvangtoeslag in verband met de extra verhoging van de maximum uurprijzen voor kinderopvangtoeslag. Voor de inhoud van het ontwerpbe-sluit verwijs ik u naar de ontwerpnota van toelichting. De voorlegging geschiedt in het kader van de wettelijk voorgeschreven voorhangprocedure (artikel 3.4 van de Wet kinderopvang) en biedt uw Kamer de mogelijkheid zich uit te spreken over het ontwerpbesluit voordat het aan de Afdeling advisering van de Raad van State zal worden voorgelegd en vervolgens zal worden vastgesteld. Op grond van de aangehaalde bepaling geschiedt de voordracht aan de Koning ter verkrijging van het advies van de Afdeling advisering van de Raad van State over het ontwerpbesluit niet eerder dan vier weken nadat het ontwerpbesluit aan beide Kamers der Staten-Generaal is overgelegd. Op grond van aanwijzing 2.38 van de Aanwijzingen voor de regelgeving dient ten minste drievierde deel van de bovenvermelde termijn buiten een reces van uw Kamer te vallen. In verband met het kerstreces van uw Kamer wordt de termijn verlengd tot dinsdag 6 februari 2023, zodat uw Kamer ten minste drie weken buiten het reces de gelegenheid heeft om zich uit te spreken over het ontwerpbesluit. Gelijktijdig met deze brief ontvangt u ook de uitvoeringstoets van dienst Toeslagen van het ontwerpbesluit. Een gelijkluidende brief heb ik gezonden aan de voorzitter van de Eerste Kamer der Staten-Generaal. De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,C.E.G. van Gennip kst-31322-519ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2023Ontvangen ter Griffie op 22 december 2023.De voordracht voor de vast te stellen algemene maatregel van bestuur is aan de Kamer overgelegd tot en met 5 februari 2024.De voordracht voor de vast te stellen algemene maatregel van bestuur kan niet eerder worden gedaan dan op 6 februari 2024.Bij deze termijn is rekening gehouden met de recesperiode van de Tweede Kamer.Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 31 322, nr. 519
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.