Verslag Raad Buitenlandse Zaken van 15 december 2025
Brontekst
Versie 34a86a19fc00ada4 · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2025–202621 501-02Raad Algemene Zaken en Raad BuitenlandseZakenNr. 3313 BRIEF VAN DE MINISTER EN STAATSSECRETARIS VAN BUITEN-LANDSE ZAKEN Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 19 december 2025Hierbij bied ik u het verslag van de Raad Buitenlandse Zaken op15 december jl. aan.De Minister van Buitenlandse Zaken,D.M. van WeelDe Staatssecretaris van Buitenlandse Zaken,A. de Vries kst-21501-02-3313ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2025Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-02, nr. 33131 VERSLAG RAAD BUITENLANDSE ZAKEN VAN 15 december 2025 Op maandag 15 december jl. vond de Raad Buitenlandse Zaken (RBZ)plaats in Brussel. De Minister van Buitenlandse Zaken kon niet deelnemenvanwege parlementaire verplichtingen. Nederland werd vertegen-woordigd door de Permanente Vertegenwoordiger van Nederland bij deEuropese Unie (EU). Op de agenda stond de Russische agressie tegenOekraïne, de situatie in het Midden-Oosten en China. Onder lopendezaken werd de situatie in Oost-Democratisch Republiek Congo besproken.Tevens wordt uw Kamer middels dit verslag geïnformeerd over deEU-Libanon Associatieraad en een aantal moties en toezeggingen.Russische agressie tegen OekraïneDe Raad sprak over de urgente militaire en financiële noden van Oekraïneen stond stil bij het vredesproces. De Oekraïense Minister van Buiten-landse Zaken Andrii Sybiha sloot digitaal aan bij het eerste gedeelte vande bespreking om recente ontwikkelingen toe te lichten. Minister Sybihagaf aan dat de lopende gesprekken door Oekraïne als constructief wordenbeschouwd. Daarnaast ging Minister Sybiha in op de noodzaak vanveiligheidsgaranties, hervormingen in het kader van EU-toetreding, dehuidige militaire noden, met name luchtafweer, en de noodzaak om drukop Rusland verder te verhogen.De Raad sprak tevens over het vormgeven van toekomstige financiëlesteun. Het kabinet acht het van belang om tot een spoedig besluit tekomen. Nederland benadrukte verder de noodzaak van het bevorderenvan de lastenverdeling van militaire steun voor Oekraïne en deelde datNederland EUR 700 miljoen bijkomende militaire steun heeft vrijgemaakt,nog in 2025. Dit mede dankzij het gebruik van middelen die oorspronkelijkvoor de Europese Vredesfaciliteit gereserveerd waren, maar door devoortdurende Hongaarse blokkade dit jaar niet besteed konden worden.De Raad heeft verder een hybridecriterium aan het Belarus sanctieregimetoegevoegd, waardoor individuen en entiteiten die betrokken zijn bijhybride activiteiten vanuit Belarus gesanctioneerd kunnen worden. Dit opvoorwaarde dat de te sanctioneren handelingen te attribueren vallen aanhet Belarussische regime. Criteria zien specifiek ook toe op kritiekeinfrastructuur van de EU.Tijdens de Raad werden 9 listings aangenomen tegen individuen enbedrijven betrokken bij de schaduwvloot en 41 listings van schaduwvloot-schepen aangekondigd. Nederland heeft zich actief ingezet voor dittussenpakket gericht op de schaduwvloot en verwelkomde het pakket.Daarnaast pleitte Nederland voor meer soortgelijke doorlopendelisting-rondes. Ook riep Nederland op tot spoedige aanname van eenambitieus 20ste pakket. Daarnaast zijn sancties opgelegd aan twaalfpersonen en twee entiteiten op basis van het hybride sanctieregime. Ditbetreft onder meer analisten van denktanks en universiteiten die gelieerdzijn aan het Kremlin, net als twee entiteiten (International RussophileMovement alsmede het 142nd Electronic Warfare Battalion).De situatie in het Midden-OostenIsraël/Palestijnse GebiedenDe Raad stond stil bij de situatie in het Midden-Oosten, met name bij devoortgang van de implementatie van het vredesplan van president Trumpter beëindiging van het conflict in de Gazastrook en de rol die de EU hierinkan spelen.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-02, nr. 33132 De Hoge Vertegenwoordiger (HV) bevestigde de blijvende inzet voor eenrol van de EU bij de implementatie van het vredesplan, bijvoorbeeld viade nog aan te kondigen Board of Peace. De HV noemde de weigering vanHamas om mee te werken aan ontwapening een obstakel in het vredes-proces. De EU werkt aan het uitbreiden van de mandaten van deEU-missies EUBAM Rafah en EUPOL COPPS, zodat zij een rol in deimplementatie van het vredesplan kunnen vervullen. Meerdere lidstatenvroegen aandacht voor de humanitaire situatie en riepen de Commissieop tot meer actie.Nederland benadrukte het belang van implementatie van het vredesplan,waarbij het lichaam van de laatste gijzelaar moet worden overgedragenen meer grensovergangen open moeten om ongehinderde humanitairehulp tot de Gazastrook toe te laten, waaronder ook door Israël aange-merkte dual use goederen. Nederland wees op belang van het terug-draaien van de ngo-registratiewetgeving, het vrijgeven van de douane-opbrengsten van de Palestijnse Autoriteit en het verlengen van debanking waiver. Daarbij stelde Nederland dat de EU het pakket aanmaatregelen dient te gebruiken om Israël te bewegen op deze aspecten.Tot slot herhaalde Nederland ook de oproep tot aanname van verderesanctiemaatregelen tegen gewelddadige kolonisten en hun organisaties.Ook blijft kabinet streven naar verdere sancties tegen Hamas.SyriëDe Raad sprak over de ontwikkelingen in Syrië een jaar na de val van hetAssad-regime. De HV en de Commissie gingen in op de fragiele transitie,de voortdurende spanningen en de humanitaire situatie in het land. DeRaad sprak steun uit voor het door de HV opgestelde oriëntatiepaper,waaronder voor het herstarten van de politieke dialoog met Syrië op basisvan de EU-Syrië Partnerschapsovereenkomst uit 1978, het tegengaan vanbuitenlandse inmenging en de herziening van het sanctieregime. Eerderdit jaar heeft de EU de sectorale sancties tegen Syrië opgeheven, in lijnmet motie Paternotte en Kahraman.1 Nederland verwelkomde meerpolitiek engagement met de Syrische overgangsregering, benadrukte hetbelang van accountability en transitional justice, en noemde migratie enterugkeer als belangrijke prioriteit voor de samenwerking met Syrië.EU-Libanon AssociatieraadTevens vond en marge van de RBZ de EU-Libanon Associatieraad plaats.De EU uitte haar steun voor de Libanese regering, de structurele hervor-mingen die zijn doorgevoerd, het hernieuwd streven naar het geweldsmo-nopolie voor de Lebanese Armed Forces (LAF) en het ontwapenen vanHezbollah. Tegelijkertijd riep de EU op tot verdergaande economischehervormingen om een Internationaal Monetair Fonds (IMF)-steunpakketmogelijk te maken. Er werd ook gesproken over de schendingen doorIsraël van het in november 2024 overeengekomen staakt-het-vuren, deachterblijvende ontwapening van Hezbollah, en de uitdagingen rondomde opvang van Syrische vluchtelingen.ChinaTijdens de Raad waren de lidstaten het in grote lijnen eens over deuitdagingen waar China de EU voor stelt, en was er overeenstemming datde eenheid van EU-beleid noodzakelijk is om deze uitdagingen te lijf tegaan. Eenduidig en gezamenlijk optrekken in de relatie met China iseveneens de inzet van het kabinet. Verder werd er vanwege recente1Kamerstuk 21 501-02, nr. 2991Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-02, nr. 33133 ontwikkelingen gesproken over de EU-benadering tot China die zich laatkenschetsen als drieslag: partner, concurrent en systeemrivaal. Dezebenadering wordt continu door de EU en de lidstaten getoetst. Tijdensdeze RBZ was het merendeel van de lidstaten het eens dat het afbouwenvan strategische afhankelijkheden en diversificatie van partnerschappenmeer prioriteit moest krijgen. Tot slot werd er gesproken over deintensivering van het Chinees-Russisch partnerschap en de daaruitvoortvloeiende veiligheidsdreiging voor de EU.Current Affairs: Democratische Republiek Congo (DRC)De Raad sprak over de situatie in Oost-DRC naar aanleiding van deinname van Uvira door M-23, een strategische stad dichtbij de grens metBurundi. Deze escalatie vergroot het risico op regionale destabilisering,ondanks de recent getekende vredesovereenkomsten in Washington enQatar. De HV benadrukte het belang om tot besluiten te komen over deinzet van de EU conform eerder besproken opties. Mede op verzoek vanNederland zal in januari de DRC/Grote Meren op de RBZ agenda staan omte spreken over het verbeteren van humanitaire coördinatie en diploma-tieke druk ter naleving van het internationaal recht.Overig (moties en toezeggingen)Motie van de leden De Roon en Wilders over keihard afstand nemen vande oproep van de Turkse religieuze autoriteit DiyanetMiddels motie De Roon/Wilders2 verzocht uw Kamer de Turkse autori-teiten te informeren dat het kabinet afstand neemt van door Diyanet ophaar website gepubliceerde passages uit een slotverklaring na eenconferentie over Gaza in Istanbul, waarin werd opgeroepen tot inzet vanalle vormen van jihad ten behoeve van de Palestijnse zaak. Het kabinetheeft deze boodschap aan de Turkse autoriteiten overgebracht.Motie van het lid Ceder over een nationaal verbod op de import, export,doorvoer en promotie van goederen en diensten uit RuslandZoals toegezegd in het debat over de situatie in Oekraïne op27 november jl. komt het kabinet hierbij terug op de motie3 van het lidCeder over een nationaal verbod op de import, export, doorvoer enpromotie van goederen en diensten uit Rusland.Om de druk op Rusland maximaal te verhogen heeft de EU de afgelopenjaren zorgvuldig inmiddels 19 pakketten met gerichte sanctiemaatregelenaangenomen. Niet alle goederen zijn daarbij gesanctioneerd, maar erworden beperkingen op import en export gesteld van juist die goederendie Rusland kan inzetten ten behoeve van oorlogsinspanningen of diekunnen bijdragen tot de versterking van de industriële capaciteit vanRusland of die aanzienlijke inkomsten opleveren voor Rusland. InNederland controleert de douane de invoer, doorvoer en uitvoer van dezegoederen. Daarnaast wordt handelsdata geanalyseerd en wordt metEU-lidstaten en andere internationale partners overlegd als er bijzonderetrends in transacties waarneembaar zijn. Voortdurend worden nieuwegoederen toegevoegd aan de sanctielijsten, indien nodig. Zo zijn er in het19de pakket nog aanvullende exportbeperkingen toegevoegd op gebiedvan elektronische componenten, metalen, chemicaliën en rubber. Er zijn2Kamerstuk 21 501-02, nr. 32443Kamerstuk 36 045, nr. 232Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-02, nr. 33134 geen voorbeelden bekend van maatregelen die Nederland wilde nemenop dit gebied, maar waarop geen Europese overeenstemming kon wordenbereikt.Effectiviteit is van groot belang, vandaar ook de brede internationalesamenwerking. Ongeacht de vraag of er voor een nationaal verbod eenrechtsgrondslag bestaat, zal een verbod door Nederland minder effectiefzijn en gemakkelijker te omzeilen. Het kabinet is hier geen voorstandervan en blijft daarom inzetten op samenwerking met internationalepartners. Nationaal zet Nederland in op strakke sanctienaleving door extrate investeren in toezicht en handhaving, de oprichting van een centraalmeldpunt voor sancties en een voorstel voor een nieuwe sanctiewet datbinnenkort aan uw Kamer zal worden aangeboden.Moties van het lid Van Baarle over in EU-verband aanvullende stappenzetten om producten te weren die gemaakt zijn met OeigoersedwangarbeidHet kabinet heeft uitvoering gegeven aan een tweetal moties van het lidVan Baarle (DENK) in het kader van de Europese Anti-dwangarbeid-verordening en de mensenrechtensituatie in China.4 Nederland kaart dezorgen over de mensenrechtensituatie in China aan, zowel in bilateralegesprekken met China als in multilateraal verband met gelijkgezinden. Ditdoet het kabinet ook op het hoogste niveau, bijvoorbeeld bij de ChineseMinister van Buitenlandse Zaken tijdens het bezoek van voormaligMinister van Buitenlandse Zaken Veldkamp aan China in mei jl. Ook blijftNederland zich inspannen voor de implementatie van de aanbevelingenvan het OHCHR5-rapport over de mensenrechtensituatie in Xinjiang.Meest recent deed het kabinet dit in nationale verklaringen tijdens deMensenrechtenraden in Genève in maart en september jl.In het kader van de Anti-dwangarbeidverordening is een bijeenkomst voorEU-lidstaten en de Europese Commissie georganiseerd over de imple-mentatie van de verordening. Nederland heeft het belang onderstreeptvan het effectief tegengaan van staatsgeleide dwangarbeid, waaronderdoor Oeigoeren in China. Daarnaast heeft het kabinet in gesprek met deCommissie aandacht gevraagd voor monitoring en rapportage en daarbijgewezen op de Uyghur Forced Labour Prevention Act Entity List. Watbetreft monitoring wijst de Commissie erop dat alle besluiten van deleidende bevoegde autoriteiten om een product te weren openbaarworden gemaakt. De Anti-dwangarbeidverordening is een belangrijkEuropees instrument om producten vervaardigd met dwangarbeid van deEU-markt te weren, waaronder producten gemaakt met Oeigoersedwangarbeid. Aanvullende stappen nemen, voorafgaand aan de toepas-singsdatum, acht het kabinet prematuur. Het kabinet beschouwt de motieshiermee als uitgevoerd.Toezegging aan het lid Dobbe6Tijdens het debat over Soedan op woensdag 10 december jl. is toegezegdterug te komen op mogelijkheden om radio Dabanga in Soedan te blijvenfinancieren in 2026. Nederland steunt meerdere vrije media-projecten,waaronder Radio Dabanga met een bijdrage van EUR 750.000 in 2025. Opdit moment staat Radio Dabanga niet op de lijst om in 2026 te steunen.Zoals toegezegd, is er bereidheid om de voortzetting van financiering4Kamerstuk 36 600 V, nr. 53 en Kamerstuk 35 207, nr. 90.5VN-Bureau van de Hoge Commissaris voor de Mensenrechten6TZ202512-030Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-02, nr. 33135 verder te verkennen en hierover in gesprek te treden met Radio Dabanga.7Er wordt ook secuur gekeken naar de capaciteit om een dergelijke bijdragete ondersteunen met oog op de bezuinigingen en de inzet zoalsvastgelegd in de meerjarenlandenstrategie (MLS) voor Soedan. De inzetvan Nederland wordt hier ook afgestemd met de inzet van anderedonoren, om een zo effectief mogelijke bijdrage te leveren aan de situatievan journalisten in Soedan.Toezeggingen aan de leden Van Campen en Ram op het vlak vanwapenexportbeleidTijdens het Commissiedebat Wapenexportbeleid van 3 september 2025(Kamerstuk 22 054, nr. 465) heeft de toenmalig waarnemend Minister voorde portefeuille Buitenlandse Handel en Ontwikkelingshulp, toegezegdvoor het einde van het jaar schriftelijk terug te komen op de volgendetoezeggingen: 1) te bezien hoe de Nederlandse interpretatie van export-controleregels meer in lijn kan worden gebracht met andere EU-landen;82) te bezien hoe de vergunningverlening voor de uitvoer/doorvoer vanmilitaire goederen kan worden versneld en verbeterd.9Naar aanleiding van de eerste toezegging benadrukt het kabinet datverdere convergentie van het wapenexportbeleid met als doel de eerlijkeconcurrentie (een gelijk speelveld) in Europa te bevorderen, de Neder-landse defensie industrie te versterken en de Europese defensiesamen-werking te stimuleren al onderdeel is van de inzet van het kabinet.Deze Nederlandse inzet heeft bijvoorbeeld bij de herziening van het EUGemeenschappelijk Standpunt inzake wapenexportcontrole tot concreteresultaten geleid waar uw Kamer in juni jl. over is geïnformeerd.10 Verderzal naar verwachting meer convergentie worden bereikt in toepassing vanexportcontroleregels door: 1) de verdere stappen tot Nederlandsetoetreding tot het verdrag inzake exportcontrole in het defensiedomein;2) de lopende onderhandelingen over het Commissievoorstel (alsonderdeel van het Defence Readiness Omnibus pakket) om de richtlijn11voor de intra-EU-overdrachten van defensie-gerelateerde producten tevereenvoudigen.De tweede toezegging vraagt meer tijd. Het kabinet zal uw Kamer hieroverin 2026 zo spoedig mogelijk informeren.Toezegging aan het lid Ceder op het vlak van wapenexportcontrole in hetlicht van het conflict in SoedanTot slot zegde de Staatssecretaris Buitenlandse Handel en Ontwikke-lingshulp tijdens het plenair debat over de situatie in Soedan(10 december jl.) toe de Kamer te informeren of er sinds de start van deburgeroorlog in Soedan in 2023 herbeoordelingen hebben plaatsge-vonden bij wapenexportvergunningen aan de Verenigde ArabischeEmiraten (VAE), naar aanleiding van een door het lid Ceder gesteldevraag.12Het kabinet heeft binnen het wapenexportbeleid de mogelijkheid om naareigen inzicht over te gaan tot een herbeoordeling van eerder afgegeven7Kamerstuk 29 237, nr. 2418TZ202509-0349TZ202509-03210Kamerstuk 22 054, nr. 45911EU-richtlijn 2009/43/EG12TZ202512-031Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-02, nr. 33136 vergunningen. In het kader van lopende vergunningen voor uitvoer naarde VAE heeft het kabinet geen aanleiding gezien tot een herbeoordeling.Waar het gaat om dergelijke uitvoer beziet het kabinet per aanvraag enconform de Europese kaders voor wapenexportcontrole of er sprake isvan een duidelijk risico op omleiding naar Soedan. Daar waar eendergelijk risico op grond van de toets aan de Europese kaders voorwapenexportcontrole wordt vastgesteld wordt een vergunningafgewezen. Voor de lopende uitvoervergunningen naar de VAE is er op hetmoment van vergunningsafgifte geen duidelijk risico op omleiding van debetreffende goederen vastgesteld.Zo zijn er bijvoorbeeld de afgelopen jaren meermaals vergunningenafgegeven voor de uitvoer van (onderdelen van) radarsystemen met alseindgebruiker de marine van de VAE. Dergelijke systemen zijn speciaalontwikkeld voor integratie met marineschepen. Gelet op deze eigen-schappen van de goederen en de aard van het conflict in Soedan, dat zichniet op zee afspeelt, is voor deze goederen geen duidelijk risico opomleiding naar Soedan vastgesteld. Vergelijkbare analyses op grond vande aard van de goederen zijn ook van toepassing op overige eerderafgegeven vergunningen voor uitvoer naar de VAE. Dit oordeel is nietgewijzigd op grond van de recente ontwikkelingen in Soedan.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 21 501-02, nr. 33137
Gerelateerde bronnen
- De staatssecretaris van Buitenlandse Zaken zal de Kamer een brief sturen waarin zij aangeeft of er sinds de start van de burgeroorlog in Soedan in 2023, herbeoo
De staatssecretaris van Buitenlandse Zaken zal de Kamer een brief sturen waarin zij aangeeft of er sinds de start van de burgeroorlog in Soedan in 2023, herbeoordelingen hebben plaatsgevonden bij wapenexportvergunningen aan de Verenigde Arabische Emiraten.
- De minister-president zegt toe om na de Europese top van 18-19 december een terugkoppeling te geven over de inzet van het kabinet om de doorvoer van gesanctione
De minister-president zegt toe om na de Europese top van 18-19 december een terugkoppeling te geven over de inzet van het kabinet om de doorvoer van gesanctioneerde Russische goederen via Nederlandse havens aan te pakken.
- De minister van Buitenlandse Zaken zal in het verslag van de eerstvolgende Raad Buitenlandse Zaken terugkomen op de mogelijkheid om radio Dabanga in Soedan te b
De minister van Buitenlandse Zaken zal in het verslag van de eerstvolgende Raad Buitenlandse Zaken terugkomen op de mogelijkheid om radio Dabanga in Soedan te blijven financieren in 2026
- De minister zegt toe te kijken naar hoe we de Nederlandse interpretatie van exportcontroleregels meer in lijn kunnen brengen met andere EU-landen en hier voor h
De minister zegt toe te kijken naar hoe we de Nederlandse interpretatie van exportcontroleregels meer in lijn kunnen brengen met andere EU-landen en hier voor het einde van het jaar schriftelijk op terug te komen.
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.