KamerkringInloggen
Aukje de Vries

Officieel Kamerprofiel

Aukje de Vries

15debatten
2.060bijdragen
4interrupties
100.351woorden in uitspraken

Partijen door de tijd: VVD (2023-12-06–2025-09-04) · VVD (2012-11-08–2022-01-09) ·

Uitspraken in het geselecteerde debat

Open het volledige debat en de tijdlijn →
4 feb 2026 · Spreekbeurt

Staatssecretaris De Vries: Dank u wel, voorzitter. Om tijd te besparen zal ik de inleidende woorden achterwege laten. Ik wil u in elk geval, als dit het laatste debat is dat wij gezamenlijk voeren, bedanken voor de goede discussies die wij gehad hebben. We waren het misschien niet altijd overal over eens, maar ik denk dat het ook goed is dat het af en toe een beetje wringt en botst. Uiteindelijk komen we er dan ook wel weer op een goede manier uit. Voorzitter. Ik heb een aantal blokjes, namelijk: handelsakkoorden, de Verenigde Staten, WTO en overig. Het blokje overig is best groot, omdat er veel verschillende onderwerpen zijn aangekaart. Ik begin met het blokje handelsakkoorden. Allereerst de vraag van mevrouw Van Ark over de besluitvorming. Zij vraagt: gaat de besluitvorming niet allemaal veel te traag en is die wel slagvaardig genoeg? Ik kan me er wel een beetje in herkennen dat het heel lang duurt voordat we handelsverdragen afsluiten. Bij Mercosur duurde het bijvoorbeeld 25 jaar. Dat zou sneller kunnen. Ik weet niet of dat nou specifiek aan de besluitvormingsprocessen binnen de Europese Unie ligt, maar ik merk wel dat de Commissie een soort versnelling nastreeft. Dat is ook waar wij de hele tijd op aandringen. Tijdens de komende informele Raad zal ik er bij de Europese Commissie op aandringen dat we tempo maken met het afsluiten van de akkoorden. Ik hoef niet te herhalen wat de redenen daarvoor zijn. Ik denk dat het belangrijk is dat wij kijken naar andere markten en dat wij daar ook goede afspraken mee maken. Verschillende partijen, onder andere JA21, D66 en de VVD, hebben gevraagd naar de voorlopige invoering van het Mercosur-akkoord. Begin januari is er in de Raad al door een gekwalificeerde meerderheid ingestemd met het verdrag. Hetzelfde geldt voor de voorlopige toepassing van het EU-Mercosur-akkoord. Dat gebeurde tegelijk met die instemming. Er komt dus geen nieuw formeel beslismoment in de Raad over de voorlopige toepassing. Wij steunen als kabinet ook dat die voorlopige toepassing gedaan wordt, omdat wij het heel belangrijk vinden dat wij echt stappen zetten en dat wij daar voortgang op boeken. Ik moet wel zeggen dat een van de Mercosur-landen dat natuurlijk moet gaan doen. Dat zal nog wel enige tijd vergen. Daarna hoop ik dat we snel aan de slag kunnen met de implementatie van het verdrag. Dan een vraag van mevrouw Teunissen. Komt zij nog terug, of weten we dat niet? Ik ga de vraag gewoon beantwoorden. Die vraag gaat over het rebalancing mechanism in Mercosur. Dat is een discussie die we natuurlijk ook eerder met elkaar hebben gevoerd. Ik vind het belangrijk om uit te leggen wat dat rebalancing mechanisme nu eigenlijk doet. Het is niet zo dat door dat mechanisme, als de handelsvoordelen vervallen, de regelgeving in Europa aangepast kan worden. Het is wel zo dat andere partijen, bijvoorbeeld in de Mercosur-landen, dan zouden kunnen vinden dat ze moeten gaan praten over heffingen vanuit hun kant op Europese producten. Maar het is dus niet zo dat zij een aanpassing van de regelgeving in Europa kunnen beïnvloeden. Dan vroeg de heer Hoogeveen van JA21 hoe er nu binnen de Raad en de Commissie gedacht wordt over rode en groene eisen in de handelsakkoorden. Ik denk dat er binnen de lidstaten, en ook binnen de Europese Commissie en de Raad, hele brede steun is om daar wel afspraken over te maken. Je merkt wel dat het binnen de onderhandelingen over handelsakkoorden altijd een punt van discussie is in hoeverre je die afspraken vastlegt en of er bijvoorbeeld een geschillencommissie of een geschilmechanisme komt. Dat kan dus per land verschillen, maar de inzet is altijd om daar wel afspraken over te maken. Dat komt ook altijd wel terug in het mandaat. De ene afspraak wordt wat concreter, verregaander en misschien ook wat meer op papier gezet. Ik zie bij alle handelsakkoorden wel terug dat daar afspraken over gemaakt worden, of dat nu bij Mercosur of bij India is. Je kan zeggen dat daar kleurverschillen in zitten, maar dat is hoe je uiteindelijk ook tot overeenstemming moet komen. Het is soms een beetje geven en nemen. De heer Bamenga van D66 vroeg waarom het niet is gelukt om de doelstellingen van Parijs steviger in het verdrag met India te verankeren. We moeten daar ook helder over zijn. Tijdens de onderhandelingen met India bleek dat zij terughoudend waren in het maken van duurzaamheidsafspraken. Het is desondanks gelukt om daar een hoofdstuk over op te nemen. Ik denk dat dat winst is. Het is ook voor het eerst dat India dat heeft gedaan. Die afspraken zijn bindende verplichtingen. Toch gaat dit akkoord op het punt van handhaving minder ver dan andere EU-akkoorden, maar dat is wat er uiteindelijk is uitonderhandeld. Het is natuurlijk wel een hele belangrijke en grote markt voor de handel en voor onze bedrijven. Ik denk dat het uiteindelijk goed is dat we daar afspraken mee maken en dus ook handelsverdragen mee afsluiten. De heer Bamenga had ook een vraag over de mensenrechten en de essentiële elementen. Als iets is aangeduid als een essentieel element van het verdrag, betekent dat dat een schending van die verplichting kan leiden tot een gedeeltelijke of volledige opschorting van dat verdrag. In het EU-India-akkoord zijn mensenrechten opgenomen als essentieel element, en schending daarvan zou dus kunnen leiden tot het intrekken van bijvoorbeeld bepaalde tariefpreferenties. Er zit geen geschillenbeslechtingsmechanisme in, maar de tegenpartij kan wel zeggen dat ze voordelen zullen intrekken of dat ze weer hogere tarieven gaan vragen. Mevrouw Teunissen van de Partij voor de Dieren vroeg hoe we kunnen inzetten op nieuwe partnerschappen waarin ook mensenrechten en het klimaat geborgd worden. Ik denk dat de inzet van de Europese Commissie en van dit kabinet — ik hoop eigenlijk ook van het komende kabinet — is om heel veel handelsverdragen af te sluiten, met heel veel partnerschappen aan de slag te gaan en om daarin ook snel tempo te maken. Daar zullen mensenrechten en klimaat natuurlijk ook een rol in spelen. De heer Hoogeveen van JA21 stelde een vraag over Maleisië, de Emiraten en het verdrag met Indonesië. Ik hoop echt op een versnelling van de afronding van die handelsakkoorden. Daar ga ik Commissaris Sefcovic ook graag aan herinneren tijdens de informele Raad. Wat ons betreft is het zaak om daar vaart in te houden. Dat geldt zeker voor de onderhandelingen met Maleisië, ook al bevinden die zich nog in de beginfase. De juridische controlevertaling van het Indonesië-akkoord moet wat ons betreft ook snel worden afgerond, en ik hoop dat we er daarna ook snel een besluit over kunnen nemen. De onderhandelingen met de Emiraten zijn redelijk vlot begonnen, maar het is nog wel de vraag of dat akkoord voor de zomer van 2026 afgerond kan worden. Dan kom ik ook bij de vraag van mevrouw Kröger over het verdrag met de Emiraten. We hebben daar natuurlijk al veel vaker met elkaar de discussie over gevoerd. Ik vind het belangrijk dat we er vertrouwen in hebben dat de Europese Commissie het met het mandaat dat we hebben gegeven — daarin spelen mensenrechten et cetera een rol — op een goede manier doet. We hebben ook al aangegeven dat wij in de bilaterale overleggen die we met de VAE hebben, dit soort zaken, en ook het internationaal recht, natuurlijk altijd aan de orde zullen stellen. Dat was het blokje handelsakkoorden, voorzitter.

Bron, video en gesprek →
4 feb 2026 · Spreekbeurt

Staatssecretaris De Vries: Ja, dat wordt vaak aan het begin van het proces gedaan. Ik ben het met u eens dat die processen soms heel lang kunnen duren. Het is niet zo dat die aan het eind van het proces nog een keertje gedaan worden, maar de Tweede Kamer een beetje kennende, denk ik dat die altijd wel de vinger op de zere plek legt als er zaken zijn die geadresseerd moeten worden op het moment dat het handelsakkoord tot stand is gekomen. Maar dat vindt dus niet op het einde nog een keertje plaats.

Bron, video en gesprek →
4 feb 2026 · Spreekbeurt

Staatssecretaris De Vries: Het is natuurlijk wel moeilijk om tussentijds aan een mandaat te komen. Het is ook niet zo dat dit mandaat heel lang geleden afgegeven is. Dat is medio vorig jaar gedaan. Ik kijk even naar de ondersteuning aan mijn rechterkant om te zien of dat klopt. Het is medio vorig jaar gedaan. In het onderhandelingsmandaat zitten ook mensenrechten. Ik moet er dan ook van uit kunnen gaan dat de Europese Commissie dat op een goede manier doet. Ik snap best wel dat er verschillen zijn in hoe je tegen zo'n verdrag aankijkt. Mevrouw Kröger en ik hebben natuurlijk hele uitgebreide discussies gehad. Een aantal partijen, waaronder die van mevrouw Kröger, zouden liever willen dat de onderhandelingen gestopt worden, volgens mij. Ik denk dat dat geen goede zaak is, omdat we de relatie in de breedte moeten hebben om landen überhaupt te kunnen aanspreken op dit soort zaken. Dat doet het kabinet ook altijd. Dat heb ik ook al een aantal keren gezegd. Dat gebeurt vaak achter de schermen in de diplomatieke contacten die we hebben. Het helpt dan wel dat je op andere lijnen die gesprekken nog wel met elkaar hebt. Ik heb er vertrouwen in dat de Europese Commissie dat op basis van het mandaat op een goede manier doet. Ik vind het ook wel raar om daar dan de hele tijd achteraan te lopen, zo van: komt dat wel goed, komt dat wel goed? Dat toont eigenlijk aan dat je geen vertrouwen hebt in de Europese Commissie. Als ik zie welke afspraken er worden gemaakt in de handelsakkoorden die zijn gesloten, heb ik dat wel.

Bron, video en gesprek →
4 feb 2026 · Spreekbeurt

Staatssecretaris De Vries: Deze discussie hebben we op zich al veel vaker gehad. Misschien dat daar ook mijn type antwoord een beetje door gekleurd wordt. Ik denk dat we deze al drie of vier keer hebben gehad, maar dat geeft op zich niks. Ik ben altijd bereid om daar vragen over te beantwoorden. Het is niet zo dat het nooit kan. Dat zeg ik niet. Er is met een motie — ik weet niet eens meer of die aangenomen is — gevraagd: wilt u dat nu doen? Dat mandaat is net vorig jaar verstrekt en er zijn nu niet heel nieuwe ontwikkelingen of dingen die toen niet bekend waren en die afwijkend van het mandaat zouden zijn waardoor ik zeg: nou, dan moet ik daar nu heel expliciet over gaan praten met de Commissie op dit moment, dat die dat nog een keertje doet. Dat is wel wat het is wat mij betreft. Ik denk dat het heel belangrijk is — daarover verschillen wij volgens mij van mening — dat we de handelsrelatie met de VAE openhouden, omdat die een belangrijke handelspartner kunnen zijn en het ook een mogelijkheid biedt om met elkaar in gesprek te zijn, aan tafel te zitten en discussies over andere onderwerpen met elkaar te hebben. Ik denk dat dat heel belangrijk is.

Bron, video en gesprek →
4 feb 2026 · Spreekbeurt

Staatssecretaris De Vries: Die zat eigenlijk in het blokje overig, maar ik kan 'm hier ook wel beantwoorden. Ik denk dat het kabinet zeker de urgentie onderkent. Volgens mij is dat de aanleiding voor de vraag over de leveringszekerheid van kritieke grondstoffen. Daar moeten we echt voortvarend mee aan de slag. Ik denk dat we erop moeten blijven drukken dat dat sneller gaat dan nu gebeurt. We hebben natuurlijk de Nationale Grondstoffenstrategie. Wij werken ook aan het voorstel RESourceEU, waarin bijvoorbeeld ook naar recycling wordt gekeken. Ik denk dat handelsverdragen zeker een mogelijkheid bieden om afspraken daarover te maken, als een soort startpunt voor vervolgdiscussies met de landen waar het over gaat. Die grotere afhankelijkheid van een beperkt aantal landen lijkt mij cruciaal. Er moet ook oog zijn voor recycling. Daar moeten we ook zeker naar kijken. Daar wordt aan gewerkt door het kabinet en ook door de Europese Commissie. Ik denk dus dat wij op één lijn zitten wat dat betreft. Het is wel zaak dat we er alert op blijven dat die voortgang blijft bestaan, want het zijn vaak taaie processen. Ik vind het ook goed dat we, als we afspraken maken in handelsverdragen, snel een follow-up doen om te bekijken of we de elementen met betrekking tot kritieke grondstoffen die daarin zitten, verder kunnen uitwerken en concretiseren.

Bron, video en gesprek →
4 feb 2026 · Spreekbeurt

Staatssecretaris De Vries: Dan ga ik over naar het blokje Verenigde Staten. Voordat ik begin met het beantwoorden van de concrete vragen, vind ik het wel belangrijk om te benadrukken dat de Verenigde Staten voor ons nog steeds een belangrijke partner zijn. Ik snap alle zorgen die er zijn, die ook uitgesproken zijn. We hebben natuurlijk een heleboel ontwikkelingen gezien in de afgelopen periode, maar zeker als het gaat om veiligheid en ook om handel blijven de Verenigde Staten natuurlijk een belangrijke partner. Wij willen handelsoorlogen graag voorkomen. Dat is een belangrijk uitgangspunt voor ons. Ik denk dat uiteindelijk niemand er baat bij heeft als er handelsoorlogen zijn. De heer Bamenga vroeg in dat licht of er mechanismen moeten worden ingebouwd, met name zodat de Verenigde Staten zich wel aan de afspraken houden. De zorgen over mogelijk nieuwe handelsmaatregelen deel ik natuurlijk. Dat hebben we ook gewoon gezien. Ik vind het wel belangrijk dat wij de afspraken die zijn gemaakt met de VS, nakomen. Dat is ook best wel een verwijt dat wij vanuit de Verenigde Staten horen. Zij hebben hun deel van de afspraken ingevoerd en er is nu toch wel een soort vertraging aan de Europese kant. Wil je die relatie goed houden voor de toekomst en niet gaan escaleren, dan vind ik dat je daar ook echt wel voortvarend mee aan de slag moet en stappen in moet zetten. Er is ook gevraagd of je dan een escalatieladder moet inbouwen. Volgens mij was dat ook een vraag van de heer Bamenga. Ik ben er niet voor om nu een vaststaande escalatieladder met elkaar af te spreken, want dan wordt het een soort automatisme in de zin van dat je vaststelt wat je op een bepaald moment moet gaan doen. Wel is het belangrijk dat we een aantal instrumenten achter de hand hebben. Ik denk dat Europa die ook heeft, maar het is ook belangrijk dat we dit soort ontwikkelingen met z'n allen bij voorkeur de-escaleren, zonder dat we nu als makke schapen zonder enig instrument achter de hand in de relatie met de VS staan. Ik denk dat we instrumenten achter de hand hebben. We hebben natuurlijk eerder het pakket van de rebalancerende maatregelen gehad. Een aantal daarvan is al genoemd, zoals het antidwanginstrument. Maar het speculeren over die inzet helpt volgens mij niet bij het de-escaleren. Ik denk dat het belangrijk is dat wij onze afspraken nakomen die wij met de Verenigde Staten hebben gemaakt. Daar heb ik eerder al toe opgeroepen in de Europese Raad. Dan de vraag van de heer Bamenga hoe we aankijken tegen versterkte opschorting en herroepingsclausules in de EU-verordening, waarmee het EU-VS-joint statement is geïmplementeerd. De kabinetsinzet is nu vooral gericht op een goede implementatie van het joint statement. Ik heb al gezegd dat ik het belangrijk vind dat we daar snel stappen in zetten. In die verordening moet natuurlijk ook de mogelijkheid zijn opgenomen van opschorting bij niet-naleving door de VS. Daar ging de specifieke vraag over. Maar ik vind wel dat we tempo moeten maken om die verordening en onze kant van de afspraken na te komen. De heer Hoogeveen van JA21 vroeg of er nog gekeken zou moeten worden naar verbetering van de afspraken met de VS. We blijven druk houden op de Verenigde Staten, want met name de tarieven voor staal zijn natuurlijk enorm. Daar merken de bedrijven de gevolgen van, niet alleen de grote staalproducten die wij in Nederland hebben. Daarnaast hebben we de met-tech en de dranken, waar wij met de Verenigde Staten graag nadere afspraken over zouden willen maken, omdat die sectoren daar grote gevolgen van ondervinden. We zien dat er op dit moment niet heel veel bereidheid is bij de Verenigde Staten. In de media hebben we daar ook verschillende berichten over langs zien komen: "Wij willen daar wel over praten, maar dan moeten jullie ook bereid zijn om te kijken naar wet- en regelgeving, bijvoorbeeld de DSA en de DMA." Daarvan heeft Europa gezegd: "Dat is niet wat wij willen. Als wij dat intrinsiek zouden willen, dan nemen wij dat besluit wel, maar niet onder dwang van een ander land." Ik denk dat dit de relatie wel bemoeilijkt. Als je verder wilt onderhandelen over dit type afspraken, dan zullen de VS altijd tegen de EU zeggen: jullie moeten de eerste stap zetten als het gaat om de afspraken in die Europese verordeningen, en die ook echt implementeren. Anders is er denk ik sowieso geen basis om daar uitgebreid met de Verenigde Staten over te spreken.

Bron, video en gesprek →
4 feb 2026 · Spreekbeurt

Staatssecretaris De Vries: Er zijn natuurlijk regelmatig contacten met de counterparts, ook door mij persoonlijk. Wat je het meest hoort, is dat ze de handelsbalans tussen Europa en de Verenigde Staten niet goed vinden. Daaraan gerelateerd is de reshoring, oftewel het meer van de productie naar de Verenigde Staten halen. Maar ik denk dat dat hun grootste zorg is en dat ze dit daarom zouden willen doen. Ze hebben het idee dat ze er onevenredig slecht af komen als het gaat om de handel met Europa. Misschien zullen de heffingen en de inkomsten daar ook nog een rol bij spelen, maar dit is volgens mij de oorspronkelijke gedachte erachter. Iedere persoon die je erover spreekt, zal weer een verschillend accent leggen, maar ik denk dat dit uiteindelijk de kern is waar het om draait bij de Amerikanen.

Bron, video en gesprek →
4 feb 2026 · Spreekbeurt

Staatssecretaris De Vries: Mevrouw Kröger van GroenLinks-PvdA had nog een vraag over de basisregels van de WTO. De kaderinstructie voor de Wereldhandelsorganisatie staat ook op de agenda. Volgens mij gaat mevrouw Kröger, samen met mevrouw Van Ark, dacht ik … O nee, de heer Bamenga! Sorry. De heer Bamenga en mevrouw Kröger gaan daar ook naartoe. Als Nederland vinden we het belangrijk dat de Wereldhandelsorganisatie een goede positie blijft houden. Het op regels gebaseerde internationale handelssysteem is ook van groot belang voor Nederland. Daarvoor zijn wat mij betreft wel hervormingen nodig. De overeenkomst met de Verenigde Staten is — laat ik het zo maar zeggen — toch wel een soort pragmatische aanpak geweest. We zien dat er zonder die afspraken hele hoge importheffingen op de Europese landen, en op onze bedrijven, af zouden komen. Er is dus een pragmatische aanpak gekozen, maar laat helder zijn dat wij de internationale handelsregels nog steeds hoog in het vaandel hebben en dat die wat ons betreft ook het uitgangspunt zouden moeten zijn. Maar goed, er is gekozen voor zekerheid voor het Europese bedrijfsleven in dat joint statement met de Verenigde Staten. Dan had mevrouw Kröger nog een vraag over Groenland en het raamwerk. Alles rondom de Groenlanddeal ligt natuurlijk vooral bij de minister van Buitenlandse Zaken. Als het gaat om de handelspolitiek, zouden wij er vooral op in willen zetten dat we die niet met elkaar vermengen. Dat is natuurlijk wel wat de Verenigde Staten gedaan hebben. Iedereen heeft in de media kunnen volgen hoe dat gegaan is. Ik denk dat het belangrijk is dat we dat gescheiden houden. Mevrouw Kröger noemde zelf ook al dat handel als wapen wordt ingezet. Ik denk dat dat uiteindelijk geen goede zaak is, omdat er dan allerlei maatregelen worden ingezet voor oneigenlijke doelen. Dat was het blokje VS wat mij betreft, voorzitter. Ik ga door naar de WTO. Er was ook een vraag van mevrouw Kröger van GroenLinks-PvdA over de inzet en de kaderinstructie voor de WTO. Ze vroeg wat de pragmatische benadering rond de integratie van milieu- en duurzaamheidaspecten eigenlijk betekent. Ik denk dat het belangrijk is dat we naar de integratie van handel en milieu en duurzaamheid kijken, maar wel vanuit de blik van een gelijk speelveld. Wij leggen ons bedrijfsleven heel veel zaken op vanuit milieu en duurzaamheid, met terechte redenen overigens, maar we vinden het belangrijk dat er ook een gelijk speelveld is met alle andere landen in de rest van de wereld, omdat onze bedrijven anders niet goed zouden kunnen concurreren. Onze insteek is om zo veel mogelijk een gelijk speelveld te creëren. Een interruptie, voorzitter.

Bron, video en gesprek →
4 feb 2026 · Spreekbeurt

Staatssecretaris De Vries: Ik denk dat heel veel landen erover van mening verschillen of het überhaupt wel op de tafel van de WTO thuis zou horen om te praten over duurzaamheid, milieu en klimaat. Ik denk dat wij het als Nederlanders wel belangrijk vinden, met het oog op dat gelijke speelveld. En we kijken er pragmatisch naar, omdat je daar toch met z'n allen uiteindelijk uit moet komen. Wij vinden het belangrijk dat we daar wel met elkaar de discussie over aangaan en zorgen dat onze bedrijven niet alleen in een hele nadelige positie komen; vandaar dat wij het wel graag op dit platform willen bespreken met elkaar. Maar er zijn heel veel landen die dat absoluut niet willen, dus dat wringt af en toe wel. De inzet van Nederland is wel degelijk om daar ook binnen de WTO die afspraken over te gaan maken. Of dat gaat lukken, is weer een tweede natuurlijk. En bij de brandstofsubsidies, de fossiele subsidies, en het tegengaan van plasticvervuiling gaat het er vooral om tot resultaten te komen in de lopende gesprekken rond het afbouwen van de fossielebrandstofsubsidies en plasticvervuiling. Het gaat daarbij wel vooral om informatie-uitwisseling tussen landen. Dat lijkt misschien niet zo heel ambitieus, maar dat is binnen het krachtenveld van de WTO wel het meest haalbare. Dat was het wat mij betreft over de WTO, voorzitter.

Bron, video en gesprek →
4 feb 2026 · Spreekbeurt

Staatssecretaris De Vries: Ja, het blokje overig. Dat zijn best nog wat vragen.

Bron, video en gesprek →
4 feb 2026 · Spreekbeurt

Staatssecretaris De Vries: Ja, dat kan alle kanten op. Mevrouw Kröger van GroenLinks-PvdA stelde een vraag over de ruimte die de CSDDD lidstaten biedt. Er ligt nu een politiek akkoord. Ik denk dat daar een aantal zaken in zitten die wij belangrijk vinden, zoals de risicogebaseerde benadering. Die is teruggebracht in de CSDDD. Ik weet niet wat het volgende kabinet daarvan vindt, maar dit kabinet is er in elk geval voorstander van om het zuiver en lastenluw te implementeren, dus zonder nationale koppen. Het klimaatplan waar mevrouw Kröger het over had, zit niet meer in de CSDDD, en het zou ook niet het idee van dit kabinet zijn om dat als extra kop op de regelgeving te gaan afspreken. Maar goed, u weet ook waar dit kabinet staat: in zijn demissionaire status. Er komt een nieuw kabinet aan, maar ik denk dat het gelijke speelveld voor onze bedrijven wel zo belangrijk is dat je gewoon niet allemaal koppen op Europese regelgeving zou moeten zetten. Dan de heer Hoogeveen van JA21, die het CAI wil afstoffen, het Comprehensive Agreement on Investment with China. Ik denk dat het belangrijk is te noemen dat de economische relatie en handelsrelatie met China best complex zijn. We zitten natuurlijk met die veiligheidskant, en aan de andere kant is er natuurlijk ook wel een handelsrelatie. U kent de drieslag "promote, protect, partner". Ik denk wel dat die belangrijk is. We moeten niet meer naïef zijn. Ik denk dat dat ook heel belangrijk is in dit beleid. Die drieslag blijft belangrijk. Ik vind het niet zo nuttig om hier nu te zeggen of ik het opportuun vind om dat nu weer af te stoffen. Het lijkt me echt wel aan een nieuw kabinet om te gaan beoordelen of het dat zou willen, ja of nee.

Bron, video en gesprek →
4 feb 2026 · Spreekbeurt

Staatssecretaris De Vries: Ik denk dat het wel degelijk belangrijk is om ook die relatie op alle verschillende fronten lopende te houden. Er moet daarbij wel een goede balans zijn tussen de verschillende elementen die ik al noemde. Veiligheid neemt daarbij een steeds belangrijkere plek in. Het is ook zeker zo dat wij de eigen samenwerking met China daarin bekijken. Nederland voert daarom dan ook gesprekken met China over economische samenwerking en wetenschaps- en innovatiemogelijkheden. Dat gebeurt onder andere in het Joint Economic Committee. Dergelijke gesprekken vinden dus wel plaats. Ik denk ook dat het belangrijk is om die te blijven voeren, maar om daar, nogmaals, niet naïef in te zijn en bij dergelijke zaken wel degelijk rekening te houden met de veiligheidsaspecten. Dan ga ik van China naar Fryslân, misschien een heel grote stap. Het CDA was blij dat ik met de gedeputeerde Economische Zaken in Fryslân gesproken heb en bekeken heb hoe de economische missies meer kunnen worden ingezet voor het Friese bedrijfsleven. Ik denk dat het belangrijk is dat we ook kijken naar andere regio's, om te zien of we die kunnen stimuleren en hoe we het makkelijker kunnen maken voor regio's om mee te gaan met handelsmissies. We hebben ook het Trade & Innovate NL-netwerk, waarin samen wordt gewerkt met de regionale ontwikkelingsmaatschappijen. Ik denk dat dat belangrijk is. Dit geldt zeker niet alleen voor Fryslân; ik denk dat het ook voor de andere regio's in Nederland geldt. Ik was gisteren nog in Arnhem bij de bedrijvendag van de ambassadeursconferentie en heb daar toen over gesproken met Oost NL. Dat gesprek ging vooral over technologische start-ups en scale-ups en hoe we via het postennetwerk meer relaties naar het buitenland kunnen leggen. Ik denk dat dat ook voor andere regio's geldt. Ik zou daarom zeggen: zorg dat je die exporttaak goed oppakt; waar wij kunnen, zal Buitenlandse Zaken daarbij helpen.

Bron, video en gesprek →
4 feb 2026 · Spreekbeurt

Staatssecretaris De Vries: Ik zie wel dat er verschillen zijn en dat sommige regionale ontwikkelingsmaatschappijen misschien iets meer het been bij zouden moeten trekken, maar het gaat natuurlijk ook over wat voor type bedrijf het is en wat de vraag daarnaar is. Wij proberen wel om het zo goed mogelijk onder de aandacht te brengen en hebben ook met de gedeputeerde in Fryslân afgesproken dat wij zullen aangeven welke handelsmissies we hebben en dat zij dan een aantal bedrijven bij ons aanleveren die daarbij zouden passen, zodat we een wat meer proactieve houding daarin krijgen. Ik denk dat dat dé manier zou zijn. Ik vind het belangrijk dat we de regionale ontwikkelingsmaatschappijen ook stimuleren om in dat Trade en Innovative … Hoe heet het ook alweer? Ik vind het belangrijk dat we de regionale ontwikkelingsmaatschappijen ook stimuleren om in dat netwerk met handel en innovatie een belangrijke rol te spelen. De ROM's kunnen van elkaar leren hoe ze dat op een nog actievere manier kunnen doen dan ze het nu al doen. Mevrouw Van Ark van het CDA stelde ook een vraag over de voortgang van de combitracks. Er zijn 22 combitracks. Bij een paar daarvan is de voortgang minder, gezien de lastige marktontwikkelingen. Het is best wel een uitgebreid verhaal als ik zou moeten vertellen wat er bij de ene combitrack mist en wat er bij de andere combitrack misschien wel heel goed gaat. Ik denk dat de combitrackaanpak een heel goede is. Misschien kunnen we afspreken dat ik er schriftelijk kort op terugkom en dan een beeld schets van de situatie met de combitrack.

Bron, video en gesprek →
4 feb 2026 · Spreekbeurt

Staatssecretaris De Vries: Kunnen we dat in het verslag doen? Ik zie dat dat niet zo is. Dan een andere termijn. Zullen we het binnen een maand doen?

Bron, video en gesprek →
4 feb 2026 · Spreekbeurt

Staatssecretaris De Vries: Dan had mevrouw Teunissen van de Partij voor de Dieren nog een vraag over de komende maatregelen tegen handel met illegale Israëlische nederzettingen. Afgelopen zomer heeft het kabinet bekeken of deze maatregelen binnen de EU in gang gezet zouden kunnen worden. Daar was niet voldoende draagvlak voor. Het kabinet heeft al aangegeven druk te werken aan de nationale maatregelen. Ik moet wel zeggen dat dat best complex is en dat we dit ook zorgvuldig willen doen, zodat het ook uitvoerbaar en handhaafbaar is. Momenteel zijn de wetgevings- en uitvoeringstoetsen in de afrondende fase. Ik kan nog niet precies zeggen wat dan de tijdlijn wordt en hoe snel daarna er een besluit zou kunnen vallen, maar hier wordt wel voortvarend aan gewerkt. De laatste vraag ging over Mozambique. Ik moet zeggen dat dat niet op de agenda staat, want we hebben hier al regelmatig over gesproken. Er zijn twee polissen, een exporteurspolis en een financieringspolis. Vanaf februari 2021 bent u daarover geïnformeerd. We hebben ook een tijdlijn aangegeven in de brief van 1 december, waarmee u daarover uitgebreid bent geïnformeerd. De exporteurspolis loopt door. Daar zit eigenlijk geen nieuw afwegingsmoment in, omdat het een juridisch bindend contract is. De andere polis is een financieringspolis. Daar zou een heroverweging over plaatsvinden, maar de projectleider van het lng-project in Mozambique heeft op 24 november 2025 laten weten af te zien van het door Nederland verzekerde aandeel in de financiering van het project. Tot besluitvorming over de aanpassing van de financieringspolis is het niet gekomen vanwege het besluit van TotalEnergies. Dat was het wat mij betreft, voorzitter.

Bron, video en gesprek →
4 feb 2026 · Spreekbeurt

Staatssecretaris De Vries: We zijn daar volgens mij in de brief van begin december, 1 december, uitgebreid op ingegaan. Als je een juridisch contract hebt en er geen heroverweging in zit, dan is er een juridisch contract. Ik zie geen mogelijkheden om daar nu achteraf iets aan te veranderen.

Bron, video en gesprek →