KamerkringInloggen
Kamerstuk

Memorie van toelichting

16 sep 2025 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie c7c8a4d5a0b97677 · officiële bron

Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2025–202636 800 IVVaststelling van de begrotingsstaten van Koninkrijksrelaties (IV) en de begrotingsstaat van het BES-fonds (H) voor het jaar 2026MEMORIE VAN TOELICHTINGNr. 21Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 2 INHOUDSOPGAVEGeraamde uitgaven en ontvangsten3A.Artikelsgewijze toelichting bij het begrotingswetsvoorstel5B.Artikelsgewijze toelichting bij de begrotingsartikelen61.De Leeswijzer62.Beleidsagenda92.1Beleidsprioriteiten92.2Belangrijkste beleidsmatige mutaties172.3Strategische Evaluatie Agenda222.4Overzicht risicoregelingen232.5Implementatie van mensenrechtenverdragen262.6Coronamaatregelen273.Beleidsartikelen Koninkrijksrelaties283.1Artikel 1. Versterken rechtsstaat283.2Artikel 2. Slavernijverleden313.3Artikel 4. Bevorderen sociaaleconomische structuur343.4Artikel 5. Schuldsanering/ lopende inschrijving/ leningen383.5Artikel 8. Wederopbouw Bovenwindse Eilanden414.Niet-beleidsartikelen434.1Artikel 6. Apparaat434.2Artikel 7. Nog onverdeeld445.Beleidsartikel BES-fonds455.1Artikel 1. BES-fonds456.Bijlagen47Bijlage 1: Subsidieoverzicht48Bijlage 2: Uitwerking Strategische Evaluatie Agenda49Bijlage 3: Rijksuitgaven Caribisch Nederland53Bijlage 4: Overzicht belasting- en premieontvangsten Caribisch Nederland75Bijlage 5: Overzicht eilandelijke inkomsten76Bijlage 6: Overzicht renteloze leningen Caribisch Nederland782Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 2 GERAAMDE UITGAVEN EN ONTVANGSTENKoninkrijksrelaties (IV).Figuur 1 Geraamde uitgaven verdeeld over beleidsartikelen en niet-beleidsartikelen Koninkrijksrelaties (bedragen x € 1 mln.). Totaal € 222.151.000,0068,768,722,922,966,466,428,528,50,50,535,135,10,00,01. Versterken rechtsstaat2. Slavernijverleden4. Bevorderen sociaaleconomischestructuur5. Schuldsanering/ lopendeinschrijving/ leningen8. Wederopbouw BovenwindseEilanden6. Apparaat7. Nog onverdeeld01020304050607080Figuur 2 Geraamde ontvangsten verdeeld over beleidsartikelen en niet-beleidsartikelen Koninkrijksrelaties (bedragen x € 1 mln.). Totaal € 153.073.000,000,00,00,00,00,00,0153,1153,10,00,00,00,00,00,01. Versterken rechtsstaat2. Slavernijverleden4. Bevorderen sociaaleconomischestructuur5. Schuldsanering/ lopendeinschrijving/ leningen8. Wederopbouw BovenwindseEilanden6. Apparaat7. Nog onverdeeld0100255075125150175BES-fonds (H)Figuur 3 Geraamde uitgaven BES-fonds (bedragen x € 1 mln.). Totaal € 95.808.000,0095,895,81. BES-fonds01020304050607080901001103Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 2 Figuur 4 Geraamde ontvangsten BES-fonds (bedragen x € 1 mln.). Totaal € 95.808.000,0095,895,81. BES-fonds01020304050607080901001104Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 2 A. ARTIKELSGEWIJZE TOELICHTING BIJ HET BEGROTINGSWETSVOORSTELWetsartikel 1De begrotingsstaten die onderdeel zijn van de Rijksbegroting, worden op grond van artikel 2.3, eerste lid, van de Comptabiliteitswet 2016 elk afzonderlijk bij de wet vastgesteld.In afwijking van het eerste lid is besloten de begrotingsstaat van Konink­rijksrelaties en de begrotingsstaat van het BES-fonds in één wet te laten vaststellen, op grond van artikel 2.3, tweede lid, van de Comptabili­teitswet 2016.Het wetsvoorstel strekt ertoe om de onderhavige begrotingsstaten voor het aangegeven jaar vast te stellen.Alle voor dit jaar vastgestelde begrotingswetten tezamen vormen de Rijks­begroting voor dat jaar. Een toelichting bij de Rijksbegroting als geheel is opgenomen in de Miljoenennota.Met de vaststelling van dit wetsartikel worden de uitgaven, verplichtingen en de ontvangsten vastgesteld. De in de begrotingsstaten opgenomen begrotingsartikelen worden in onderdeel B van deze memorie van toelichting toegelicht (de zogenoemde begrotingstoelichting).De Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties,F. Rijkaart5Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 2 B. ARTIKELSGEWIJZE TOELICHTING BIJ DE BEGROTINGSARTIKELEN1. De LeeswijzerAlgemeenVoor u ligt de begroting 2026 voor Koninkrijksrelaties (IV) en het BES-fonds (H). Deze begroting is ingediend door het demissionaire kabinet-Schoof.GroeiparagraafDe begroting 2026 bouwt voort op de ontwikkeling van de begroting 2025 van Koninkrijksrelaties en het BES-fonds.De begroting 2026 bevat een aantal wijzigingen ten opzichte van 2025. De belangrijkste wijzigingen zijn–De verdiepingsbijlage en de bijlage «Moties en toezeggingen» zijn niet opgenomen in de ontwerpbegroting.–De bijlage Rijksuitgaven Caribisch Nederland bevat het overzicht van alle departementale begrotingen en is enkel nog centraal opgenomen als bijlage bij begrotingshoofdstuk IV.BeleidsagendaDe beleidsagenda Koninkrijksrelaties geeft een overzicht van de hoofdlijnen van het beleid en wordt afgesloten met de volgende zes overzichten:–Overzichtstabel met de belangrijkste beleidsmatige mutaties Konink­rijksrelaties (KR);–Overzicht met de belangrijkste beleidsmatige mutaties BES-fonds;–Strategische evaluatieagenda;–Overzicht van risicoregelingen;–Implementatie van mensenrechtenverdragen;–Overzicht coronamaatregelen.In het overzicht van risicoregelingen is een tabel «leningen» opgenomen. Het betreft de leningen die verstrekt zijn aan Aruba, Sint Maarten en Curaçao.Het BES-fonds is een beleidsarm fonds en heeft daarom geen beleids­agenda. Via de vrije uitkeringen uit het BES-fonds ontvangen de Openbare Lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba middelen om de aan hen toebedeelde en deels wettelijke taken naar behoren uit te voeren, net zoals gemeenten middelen krijgen uit het gemeentefonds in Europees Nederland. Het gaat hierbij om vrij besteedbare middelen. Het is - net als bij gemeenten – aan de lokale democratie om ambities te formuleren, aanvullende inkomsten te genereren en beleidskeuzes te maken. Het is aan de eilanden om verantwoording af te leggen over de, via het BES-fonds, verstrekte middelen.BeleidsartikelenIn de beleidsartikelen staat de beleidsinformatie en de financiële informatie over de voorgenomen uitgaven. De begroting van KR bevat vijf beleidsarti­kelen:–artikel 1. Versterken rechtsstaat;–artikel 2. Slavernijverleden;–artikel 4. Bevorderen sociaaleconomische structuur;–artikel 5. Schuldsanering/lopende inschrijving/leningen;–artikel 8. Wederopbouw Bovenwindse Eilanden.6Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 2 Een beleidsartikel is opgebouwd uit de volgende elementen:A.Algemene doelstelling;B.Rol en verantwoordelijkheid;C.Beleidswijzigingen;D.Tabel budgettaire gevolgen van beleid;E.Toelichting op de instrumenten.Voor de toelichting op het niveau van de financiële instrumenten wordt, conform de Rijksbegrotingsvoorschriften 2025, gebruik gemaakt van onder­staande staffel.Tabel 1 Ondergrens (staffel) op basis van Rijksbegrotingsvoorschriften 2025BegrotingsartikelBeleidsmatige mutaties (ondergrens in € miljoen)Technische mutaties (ondergrens in € miljoen)1. Versterken rechtsstaatVerplichtingen/Uitgaven: 2 mln. Ontvangsten: 1 mln.Verplichtingen/Uitgaven: 4 mln. Ontvangsten: 2 mln.2. SlavernijverledenVerplichtingen/Uitgaven: 1 mln. Ontvangsten: 1 mln.Verplichtingen/Uitgaven: 2 mln. Ontvangsten: 2 mln.4. Bevorderen sociaaleconomische structuurVerplichtingen/Uitgaven: 2 mln. Ontvangsten: 1 mln.Verplichtingen/Uitgaven: 4 mln. Ontvangsten: 2 mln.5. Schuldsanering/lopende inschrijving/leningenVerplichtingen/Uitgaven: 1 mln. Ontvangsten: 2 mln.Verplichtingen/Uitgaven: 2 mln. Ontvangsten: 4 mln.8. Wederopbouw Bovenwindse EilandenVerplichtingen/Uitgaven: 1 mln. Ontvangsten: 1 mln.Verplichtingen/Uitgaven: 2 mln. Ontvangsten: 2 mln.6. ApparaatVerplichtingen/Uitgaven: 1 mln. Ontvangsten: 1 mln.Verplichtingen/Uitgaven: 2 mln. Ontvangsten: 2 mln.7. Nog onverdeeldVerplichtingen/Uitgaven: 1 mln. Ontvangsten: 1 mln.Verplichtingen/Uitgaven: 2 mln. Ontvangsten: 2 mln.1. BES-fondsVerplichtingen/Uitgaven: 2 mln. Ontvangsten: 2 mln.Verplichtingen/Uitgaven: 4 mln. Ontvangsten: 4 mln.BudgetflexibiliteitDe peildatum voor de onder onderdeel D gepresenteerde budgetflexibiliteit (op basis van juridisch verplicht) is 1 januari 2026.Niet-beleidsartikelenIn de niet-beleidsartikelen staan de voorgenomen uitgaven verantwoord die niet met beleid te maken hebben, zoals apparaatsuitgavenDe begroting van KR bevat twee niet-beleidsartikelen:–artikel 6. Apparaat;–artikel 7. Nog onverdeeld.Een niet-beleidsartikel is opgebouwd uit de volgende elementen:A.Tabel budgettaire gevolgen van beleid;B.Toelichting op de instrumenten.BES-fondsDe begroting van het BES-fonds kent één beleidsartikel:–artikel 1. BES-fonds.Het beleidsartikel van het BES-fonds is opgebouwd uit dezelfde vijf elementen als de beleidsartikelen van de begroting van Koninkrijksrelaties. De apparaatsuitgaven/-ontvangsten voor de uitvoering van het BES-fonds zijn opgenomen in de begroting van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK).BijlagenDe begroting van KR bevat de volgende bijlagen:7Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 2 1.Subsidies2.Uitwerking Strategische Evaluatie Agenda;3.Rijksuitgaven Caribisch Nederland;4.Overzicht belasting- en premie ontvangsten Caribisch Nederland;5.Overzicht eilandelijke inkomsten;6.Overzicht renteloze leningen Caribisch Nederland.8Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 2 2. Beleidsagenda2.1 BeleidsprioriteitenBouwen aan een gezamenlijke toekomstIn het Koninkrijk werken we vanuit een gezamenlijk verleden aan een gedeelde toekomst. Binnen onze samenwerking met het Caribisch deel van het Koninkrijk staan de volgende thema’s centraal:–Deugdelijk bestuur en rechtsstaat;–Toekomstbestendige overheidsfinanciën;–Het vergroten van de zelfredzaamheid.Voor Bonaire, Sint Eustatius en Saba richten we ons op het behoud en de groei van de brede welvaart om de zelfredzaamheid te vergroten. Het op orde brengen van de basis blijft hierin belangrijk voor de verdere ontwikkeling van deze eilanden. Samen zetten we in op toekomstbe­stendige financiële verhoudingen en deugdelijk bestuur, waaronder het versterken van de uitvoeringskracht. Voor het vergroten van de zelfred­zaamheid werken we aan de doorontwikkeling van het sociaal en fysiek terrein als randvoorwaarden voor duurzame economische ontwikkeling. Dit doen we door de samenwerking op het fysieke terrein te verbeteren, de samenwerking op het sociale terrein voort te zetten en de randvoor­waarden ondersteunend aan lokaal economisch beleid te verbeteren. Hier worden belangrijke geopolitieke ontwikkelingen in meegenomen, alsook de demografische ontwikkelingen zoals benoemd in het rapport «Gerichte Groei» van de Staatscommissie Demografische Ontwikkelingen CN 2050.In de samenwerking met Aruba, Curaçao en Sint Maarten ligt de focus op deugdelijk bestuur en het versterken van de rechtsstaat, waaronder het borgen van fundamentele mensenrechten en het vergroten van de zelfred­zaamheid van deze landen. De geografische ligging brengt risico’s met zich mee, zoals een kwetsbaarheid voor internationaal georganiseerde crimina­liteit en de kans op toenemende migratiestromen richting Aruba, Curaçao en ook Bonaire als gevolg van de politieke situatie in Venezuela. Dit en andere geopolitieke ontwikkelingen worden nauw gemonitord. We werken in 2026 samen aan het vergroten van de sociaaleconomische weerbaarheid, het versterken van de rechtsstaat en het bestuur en het borgen van toekomstbestendige overheidsfinanciën. Inzet richt zich op de rechtshand­havingsketen, alsook goed bestuur en integriteit en de versterking van het maatschappelijk middenveld.Bonaire, Sint Eustatius en SabaGoed bestuur en rechtsstaatIn 2026 wordt de Agenda Goed Bestuur voor Bonaire, Sint Eustatius en Saba gepresenteerd. Hierin staan drie prioriteiten centraal: (1) het versterken van de overheden en dienstverlening aan burgers, (2) het versterken van instituties en het realiseren van adequate wettelijke kaders en toezicht en (3) de aanpak van integriteitsschendingen en het vergroten van de weerbaarheid van de rechtsstaat. De eerste prioriteit zal onder andere ingaan op de eilandelijke aanpak goed bestuur. Naast het uitvoeren van deze aanpak zal in 2026 gewerkt worden aan het versterken van de kaders voor bekendmaking, openbaarmaking en hergebruik van overheidsinformatie op Bonaire, Sint Eustatius en Saba. De tweede prioriteit heeft betrekking op de versterking van wettelijke kaders aan de hand van het principe van comply or explain. In 2026 zal gewerkt worden aan de voorbereiding voor een Algemene wet bestuursrecht BES, waarbij ook in kaart wordt gebracht 9Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 2 wat de financiële gevolgen zouden zijn als (delen van) de Algemene wet bestuursrecht zouden worden ingevoerd. Daarnaast wordt gewerkt aan de introductie van Bibob-wetgeving. Verder wordt op Bonaire, Sint Eustatius en Saba het stelsel van vergunningverlening, toezicht en handhaving voor milieu, bouwen en natuur op orde gebracht. Ook wordt onder andere gewerkt aan het versterken van instituties zoals de rekenkamers, het bevorderen van democratische bewustzijn en participatie middels burger­schapsonderwijs. De derde prioriteit wordt uitgevoerd langs de lijnen van de beleidsreactie op het WODC-rapport over ambtelijk-bestuurlijke integriteit op Bonaire, Sint Eustatius en Saba. Zo worden in 2026 bestuur­lijke afspraken gemaakt over inkoop en aanbesteden op de eilanden en wordt bezien welke maatregelen genomen kunnen worden om melders van integriteitsschendingen (inclusief klokkenluiders) beter te beschermen. Ook publiceren we in 2026 de eerste resultaten van de Monitor Integriteit en Veiligheid voor Bonaire, Sint Eustatius en Saba.Het bevorderen van de samenwerking, effectiever inrichten van de bestuurlijke verhoudingen tussen het Rijk en de eilanden, en goed functi­onerende openbare lichamen, allemaal op basis van goed bestuur, zijn randvoorwaarden voor het vergroten van de zelfredzaamheid. De afspraken in de drie bestuursakkoorden, die in 2023 en 2024 zijn gesloten met Bonaire, Sint Eustatius en Saba, richten zich op het versterken van goed bestuur, uitvoeringskracht, digitalisering, de aanpak van het sociaal domein en de fysieke infrastructuur (Kamerstukken II 2023/24, 36410 IV, nr. 34 en Kamerstukken II 2023/24, 36410 IV, nr. 70). In 2026 richten wij ons op de uitvoering en monitoring van de deze bestuursakkoorden. Voor Bonaire maken we samen met het openbaar lichaam begin 2026 een nieuwe uitvoe­ringsagenda voor de periode 2026 tot en met 2027, onder het Bestuursak­koord 2024 tot en met 2027.Daarnaast werken we ten behoeve van uitvoeringskracht ook in 2026 aan de uitvoering van het Rijksbrede programma Werken aan Uitvoering, waarmee de (digitale) dienstverlening van de Rijksdienst Caribisch Nederland (RCN) wordt verbeterd. Zo wordt er in 2026 via het programma Werken aan Uitvoering gestart met een pilot voor een centraal Klantencontactcentrum, waaronder de afhandeling voor telefonie, e-mail en website-chat voor overheidsdienstverlening. Ook wordt voorzien in meertalige communicatie van verschillende overheidsdiensten en is de website van RCN vernieuwd om het gebruiksvriendelijker te maken. Dat programma loopt tot en met 2027.De voorgenomen herziening van de Wet op de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba (WolBES) en de Wet financiën BES (FinBES) wordt in 2026 voortgezet. Deze herziening is ingegeven door de wens om de bestuurlijke en financiële verhoudingen tussen de openbare lichamen en Europees Nederland te verbeteren. Hiertoe wordt in 2026 een wetsvoorstel ingediend. Daarnaast worden de afspraken die zijn gemaakt tijdens de Werkconferentie over de WolBES en FinBES uitgevoerd (Kamerstukken II 2023/24, 36410 IV, nr. 52), zoals bijvoorbeeld de stapsgewijze verhoging van het aantal eilandsraadsleden, en de verhoging van het aantal gedepu­teerden. De functie van de Rijksvertegenwoordiger zal blijven, maar deze zal zich meer toespitsen op het bevorderen en waarborgen van goed bestuur en het houden van interbestuurlijk toezicht.Een goed functionerend vergunnings-, toezicht- en handhavingsstelsel (VTH) is ook essentieel voor een betrouwbare overheid. Eind 2025 nemen het kabinet en de besturen van Bonaire, Sint Eustatius, Saba en het Rijk 10Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 2 een besluit over de duurzame oplossingsrichting van het VTH-stelsel. Dat besluit wordt in 2026 geïmplementeerd. Over deze doorontwikkeling worden afspraken gemaakt op basis van meetbare stappen en resultaten.Houdbare overheidsfinanciënToekomstbestendige overheidsfinanciën zijn een randvoorwaarde voor zowel de economische ontwikkeling als de publieke voorzieningen van Bonaire, Sint Eustatius en Saba. Een belangrijke pijler van toekomstbe­stendige overheidsfinanciën is het financieel beheer. Goed financieel beheer is nodig om grip te houden op de financiën van het openbaar lichaam, tijdig bij te kunnen sturen en bestuurlijk onderbouwde keuzes te maken en hierover verantwoording af te leggen via uitvoeringsrapportages en de jaarrekening.Ieder eiland werkt aan de hand van een verbeterplan aan de dooront­wikkeling van het financieel beheer, waarbij deze vooral op Bonaire en Sint Eustatius aandacht behoeft. Deze plannen zien onder andere op het trainen van het personeel, het borgen van de kennis binnen de organisatie, het optimaliseren - waaronder digitaliseren - van werkprocessen en het doen van investeringen in financiële systemen. De doorontwikkeling van het financieel beheer is onderdeel van de bestuurlijke afspraken met de eilanden. Via deze afspraken wordt gestuurd op de uitvoering van de verbeterplannen en wordt de voortgang gemonitord.Om Bonaire, Sint Eustatius en Saba in staat te stellen om hun taken adequaat uit te voeren, ontvangen zij naast een vrije uitkering ook bijzondere uitkeringen van vakdepartementen. De Toetsingscommissie Bijzondere Uitkeringen toetst iedere nieuwe bijzondere uitkering aan de eilanden. Een belangrijk toetspunt is of er sprake is van structurele lasten zoals personeelslasten en onderhoudslasten. Het vakdepartement dient deze financiële gevolgen in kaart te brengen en aan te geven hoe deze worden bekostigd. Daarbij geldt dat structurele lasten structureel moeten worden gedekt. Dit geldt ook voor voornemens om nieuwe taken te beleggen bij de eilanden of bestaande taken uit te breiden. Om de eilanden in de toekomst nog beter in staat te stellen om hun taken adequaat uit te voeren is het voornemen om de leenmogelijkheden van de eilanden uit te breiden. Dit voornemen is opgenomen in het wetsvoorstel herziening WolBES/FinBES, dat in 2026 met de Kamer gedeeld zal worden.Om het inzicht in de financiën van Bonaire, Sint Eustatius en Saba te vergroten, wordt sinds 2025 een integraal overzicht financiën BES opgesteld. Ook in 2026 zullen verdere stappen worden gezet om dit inzicht te vergroten. In overleg met het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) wordt bezien op welke manier de financiële data van de eilanden zoals inkomsten en uitgaven en financiële kengetallen kunnen worden toegevoegd aan de openbare databank Financiën Decentrale Overheden op findo.nl. Deze informatie zal ook worden gebruikt voor het opzetten van het onderhouds­systeem BES-fonds in 2026. Met het overzicht kan beter zicht worden gehouden op de relatie tussen de taken en middelen van de eilanden en mogelijke scheefgroei tijdiger worden gesignaleerd. Het systeem zal vergelijkbaar zijn met het onderhoudssysteem van het Gemeentefonds.Vergroten van de zelfredzaamheidVoor het Rijksbeleid voor Bonaire, Sint Eustatius en Saba zetten we in 2026 in op het versterken van de zelfredzaamheid door strategische economische ontwikkeling en het versterken van de brede welvaart op de eilanden. Dit zijn grote en meerjarige ambities die samen met het Rijk moeten 11Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 2 worden gedragen door Bonaire, Sint Eustatius en Saba. Hierbij hanteert het Rijk bij de (door)ontwikkeling van beleid het principe van ‘comply or explain’. Bij dit principe staat de verankering binnen de Rijksoverheid en het beter toepasbaar maken voor de eilanden centraal. Hierover heeft het kabinet in 2025 afspraken gemaakt met de eilanden, die we in 2026 verder zullen implementeren. Maatregelen zijn verankering in de Aanwijzingen voor de regelgeving, een uitvoeringstoets en afwegingskader decentraal bestuur gericht op Bonaire, Sint Eustatius en Saba, en een beter ingericht consultatieproces om de eilanden vroegtijdig te betrekken (Kamerstukken II 2024/25 36600 IV nr. 70). Vanuit het bevorderen van de samenhang en het versterken van de uitvoeringskracht ondersteunen we bij het implemen­teren van de departementale beleidsagenda’s voor Bonaire, Sint Eustatius en Saba. Dit doen we voor onder andere zorg, onderwijs, migratie, natuur en klimaat. Naast de beleidsagenda’s en de gezamenlijke inzet op de reeds benoemde randvoorwaarden legt het Rijk de focus op het vergroten van de zelfredzaamheid door het stimuleren van economische ontwikkeling en het versterken van de brede welvaart en de sociale en fysieke voorzieningen.Daarom ondersteunen wij samen met betrokken ministeries Bonaire, Sint Eustatius en Saba in het opstellen en implementeren van een economische ontwikkelstrategie per eiland voor de middel- en lange termijn. Daarbij blijft het kabinet zich ook in 2026 inzetten om de randvoorwaarden voor economische ontwikkeling op orde te brengen, zoals benoemd in de Kamerbrief economische ontwikkeling en zelfredzaamheid Caribische delen van het Koninkrijk (Kamerstukken ll 2024/25 36600 IV, nr. 51), namelijk:1.Bancaire dienstverlening, toegang tot financiering en bevorderen onder­nemingsklimaat;2.Connectiviteit en infrastructuur;3.Transportkosten en regeldruk;4.Functioneren arbeidsmarkt: tewerkstellingsvergunningen en aansluiting onderwijs en arbeidsmarkt;5.Digitalisering en beschikbaarheid van data voor beleid en uitvoering.De Regio Deals (Begrotingshoofdstuk VII. Binnenlandse Zaken en Konink­rijksrelaties) voor Saba en Sint Eustatius die in 2024 zijn toegekend, zijn een belangrijke impuls om economische ontwikkeling en zelfredzaamheid te versterken. Voor Bonaire starten we in 2026 met de uitvoering van de Regio Deal. Door deze Regio Deal wordt er o.a. geïnvesteerd in openbaar vervoer, het verbeteren van verkeersveiligheid op het eiland rondom scholen en kinderopvangcentra en de realisatie van een containerpark. Op Saba zijn er belangrijke stappen gemaakt in de financiering en planning voor de bouw van het Enrichment Center, waar onderwijs, sport, gezondheid en cultuur samenkomen.Voor Sint Eustatius wordt, ook met de middelen van de Regio Deal Sint Eustatius, in 2026 toegewerkt naar de viering van ‘Statia Day 2026’ door onder meer het Madam Theater en Fort Oranje als cultureel erfgoed te renoveren. Deze panden krijgen daardoor een nieuwe maatschappelijke bestemming. Op «Statia Day 2026» zal Sint Eustatius voor één dag in de internationale schijnwerpers staan. Vooruitlopend op «Statia Day 2026» wordt er een Tourism Masterplan geschreven, zodat de aandacht die er in 2026 zal worden aangewakkerd kan worden omgezet in grotere aantallen bezoekers, waarbij men zich richt op kwaliteitstoerisme en de niche-markets cultuur, natuur en geschiedenis. In de Regio Deal zijn ook opgenomen: het creëren van een gedenklocatie voor het slavernijverleden, het ontwerp voor een vernieuwde botanische tuin en het centraliseren van een aantal 12Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 2 gezondheidszorgaanbieders in één gebouw. Dit laatste zal bijdragen aan betere samenwerking en verhoging van effectiviteit en efficiëntie van de gezondheidszorg op Sint Eustatius.Het verhogen van het voorzieningenniveau op de eilanden is tevens essentieel voor de leefbaarheid op de drie eilanden. De maatregelen die het kabinet heeft genomen naar aanleiding van het rapport van de Commissie Sociaal Minimum Caribisch Nederland, heeft de bestaanszekerheid van de inwoners van Bonaire, Sint Eustatius en Saba substantieel verbeterd. Het wettelijk minimumloon, de hieraan gekoppelde uitkeringen, de kinder­bijslag en de belastingvrije som zijn fors verhoogd. Daarnaast zijn de kosten van levensonderhoud verlaagd door onder meer extra subsidies voor nutsvoorzieningen en worden de woonlasten gereduceerd door de verhuur­subsidie en de pilot particuliere huursubsidie. Na het vaststellen van de begroting wordt bekendgemaakt hoe deze afweging er voor 2026 uitziet. In 2026 richten we ons op het verbeteren van de integrale aanpak binnen het sociale domein. Een voorbeeld hiervan is het integrale weegmoment, waarbij inkomensbeleid, koopkrachtmaatregelen en fiscaliteit op een vast moment in samenhang worden bezien. Ook zetten we in op het versterken van de samenwerking in de bestaanszekerheidsaanpak met de betrokken departementen. Daarnaast werken we samen met Bonaire, Sint Eustatius en Saba aan de eilandelijke integrale aanpak op bestaanszekerheid. Hierbij neemt het Rijk deel aan interbestuurlijke opgaveteams in het programma Werken aan Welvaart en Welzijn van Bonaire, Strong Roots van Sint Eustatius, en het Community Development Plan van Saba.In 2026 wordt de integrale aanpak voor het fysieke domein samen met Bonaire, Sint Eustatius, Saba en betrokken «fysieke» departementen verder uitgewerkt. Daarbij werken de drie eilanden en de betrokken departe­menten aan fysieke agenda’s per eiland waarin samenhang en fasering zal worden aangebracht in de fysieke opgaven, rekening houdend met demografische ontwikkelingen. Hierbij is ook nadrukkelijke aandacht voor uitvoeringskracht en de wijze waarop deze opgaven wordt gefinancierd. Daarbij verkennen wij ook de mogelijkheid van een fysiek cluster bij de RCN die ter ondersteuning van de openbare lichamen zal fungeren. Zodoende zal er lokaal meer uitvoeringscapaciteit beschikbaar zijn.Curaçao, Aruba en Sint MaartenDeugdelijk bestuur en rechtsstaatEen goed functionerende rechtsstaat is een randvoorwaarde voor een veilige en stabiele samenleving, positieve economische ontwikkeling en houdbare overheidsfinanciën. De kleinschaligheid van Curaçao, Aruba en Sint Maarten brengt hierin uitdagingen met zich mee. Verwevenheid tussen de boven- en onderwereld ondermijnt de rechtsstaat en zet de effectiviteit en slagkracht van het openbaar bestuur onder druk. Geopolitieke ontwikke­lingen hebben mogelijk een effect op de veiligheid en economie, evenals migratie naar deze eilanden. Mede als gevolg van hun geografische positie worden ze bovendien geconfronteerd met relatief veel grensoverschrij­dende en ondermijnende criminaliteit, die een bedreiging vormen voor de rechtsstaat van Curaçao, Aruba en Sint Maarten én van het Koninkrijk in het geheel. De strijd tegen deze vormen van criminaliteit vergt inzet van expertise en uitvoeringscapaciteit die beperkt aanwezig zijn. Nederland ondersteunt daarom de autonome landen bij de gezamenlijke doelstelling om te werken aan een sterke rechtsstaat, ook in 2026. Daarbij hebben we oog voor het evenwicht binnen de gehele strafrechtsketen en zorgen we ervoor dat investeringen in de opsporing, vervolging, berechting en tenuitvoerlegging in onderlinge samenhang plaatsvinden.13Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 2 Concreet wordt in 2026 de samenwerking tussen Nederland, Curaçao, Aruba en Sint Maarten voortgezet voor de aanpak Versterking grenstoe­zicht. Hiertoe wordt de inzet van medewerkers vanuit de Koninklijke Marechaussee (KMar) en Douane gecontinueerd.We werken aan de duurzame ondermijningsaanpak, die het mogelijk maakt om strafrechtelijke onderzoeken te doen naar criminaliteit met een sterk financieel- economische component, waaronder belastingfraude, verduis­tering van overheidsgeld, valsheid in geschrift en witwassen. Daarnaast stellen we jaarlijks middelen beschikbaar waarmee de landen hun bestuur en regelgeving kunnen versterken, waardoor ze beter bestand zijn tegen ondermijnende criminaliteit, zoals bij vergunningverlening en vastgoed­transacties.Nederland is betrokken bij structurele verbeteringen van het gevangenis­wezen van Sint Maarten. In 2026 worden vanuit de begroting van KR wederom middelen beschikbaar voor verbeteringen van de huidige deten­tieomstandigheden. Tevens is Nederland als medefinancier betrokken bij de bouw van een nieuwe gevangenis op Sint Maarten.Versterken uitvoerings- en bestuurskrachtDe Landspakketten, zoals die eind 2020 met ieder land zijn overeen­gekomen, vormen de basis voor de samenwerking bij de uitvoering van noodzakelijke hervormingen. Aruba, Curaçao en Sint Maarten zijn verantwoordelijk voor de uitvoering van de Landspakketten. De Tijdelijke Werkorganisatie (TWO) ondersteunt de uitvoering hiervan samen met de coördinerende organisaties van de landen. Bij de fasering van de implemen­tatie van de hervormingen wordt nadrukkelijk rekening gehouden met de beschikbare uitvoeringscapaciteit van de landen. In 2026 wordt mede op basis van de evaluatie van de Landspakketten besloten over een eventueel vervolg op de samenwerking.Het op orde krijgen en houden van het financieel beheer van de landen en het zorgen voor een doelmatig en doeltreffend overheidsapparaat is een noodzakelijke randvoorwaarde voor alle verdere hervormingen uit de Landspakketten. Veel aandacht gaat daarbij uit naar het versterken van het financieel beheer en de effectiviteit van de overheidsorganisatie, waarbij ook expliciet naar de mogelijkheden van (kwaliteitsverbetering van de) ICT wordt gekeken. Zo zal Aruba in 2026 een applicatie implementeren die het begrotingsproces ondersteunt, werkt Curaçao aan een beter toeganke­lijke overheid en betere dienstverlening aan de burgers en investeert Sint Maarten in de automatisering van de Belastingdienst.Op praktisch niveau werken we aan bevordering van het ondernemerschap, onder andere door vereenvoudiging van de regelgeving en verbeterde toegang tot financiering. Op beleidsniveau werkt TWO samen met Aruba, Curaçao en Sint Maarten aan het versterken van het vermogen om een eigen economische koers uit te zetten. Hiertoe wordt een platform opgezet om informatie en beleidskennis uit te wisselen tussen de drie landen onderling.Ook het zorgdragen voor duurzaam betaalbare en toegankelijke stelsels van zorg en sociale zekerheid is een focuspunt uit de Landspakketten. Aruba werkt in 2026 aan een vroegtijdige, multidisciplinaire aanpak van diabetes om complicaties als gevolg van diabetes te beperken. Sint Maarten implementeert nieuwe wetgeving die inspectiediensten de bevoegdheid geeft om sancties toe te passen. Goed onderwijs voor iedereen, met goede 14Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 2 doorstroommogelijkheden en een goede aansluiting op de arbeidsmarkt is een belangrijke basis voor economische ontwikkeling, goed bestuur en brede welvaart. Hieraan wordt samengewerkt via de Landspakketten en via het Ministerieel vierlandenoverleg onderwijs. In 2026 werkt Aruba aan het aansluiten van alle scholen aan een leerlingvolgsysteem. Curaçao werkt in 2026 aan een nieuwe bekostigingsmethodiek voor het onderwijs. In Sint Maarten wordt er gewerkt aan de implementatie van een MMIS-systeem (data management/gegevens systeem) voor het verwerken van gegevens en aan een leerplan met handboek dat jonge kinderen tot 4 jaar in hun vroege ontwikkeling stimuleert.Houdbare overheidsfinanciënHet bereiken en behouden van solide of houdbare overheidsfinanciën is essentieel voor elk van de landen en hun burgers. Nederland draagt hier aan bij door financieel toezicht van de rijksministerraad en het onder voorwaarden aanbieden van leningen. Dit is voor Curaçao en Sint Maarten geregeld in de Rijkswet financieel toezicht (Rft). Voor Aruba wordt toezicht uitgeoefend op grond van de Landsverordening Aruba financieel toezicht (LAft) en is een Rijkswet in voorbereiding. Artikel 5 is recent geëvalueerd in een beleidsdoorlichting (Kamerstukken II 2023/24, 33189, nr. 20) De kabinetsreactie wordt zo spoedig mogelijk met de Kamer gedeeld. Naar aanleiding van de periodieke evaluatie van de Rft heeft de staatssecre­taris de landen uitgenodigd om in nauwe samenwerking met het Cft en Nederland invulling te geven aan de aanbevelingen.Met het toezicht wordt beoogd de schuldhoudbaarheid van de landen te borgen en een bijdrage te leveren aan de doorontwikkeling van het financieel beheer. Dit is van belang om zelfstandig economische schokken op te kunnen vangen. Een voorbeeld is de ontwikkeling van de schuldenpor­tefeuille van Curaçao en Sint Maarten aan Nederland. Op advies van het Cft zal met beide landen worden overlegd hoe de houdbaarheid van de obliga­tieleningen op de lange termijn kan worden verbeterd. Een goede financiële positie biedt daarbij ook de ruimte om de publieke dienstverlening te optimaliseren en de omvang van publieke investeringen te verhogen. Die investeringen zijn hard nodig om de economische structuur te versterken. Nederland biedt daarvoor financiering op grond van de Rft.Ter vergroting van het verdienvermogen van de landen wordt binnen de Landspakketten gewerkt aan maatregelen in de belastingsfeer en ter bevordering van de economische ontwikkeling. Zo loopt in 2026 een samen­werkingstraject tussen Fiscale inlichting- en opsporingsdienst Nederland (FIOD) en het Arubaanse Fiscale inlichting- en opsporingsteam (FIOT) om de aanpak van belastingfraude te intensiveren. Door Curaçao wordt in 2026 verder gewerkt aan de inrichting van een nieuwe belastingdienst, inclusief nieuwe rechtspositie voor de medewerkers en moderne ICT systemen, en aan het versterken van het ondernemersklimaat. Ook Sint Maarten, het land met de grootste uitdagingen op dit gebied, werkt verder aan de ingezette transformatie van de belastingdienst, een traject van twee tot drie jaar dat moet leiden tot een moderne, efficiënte belastingdienst en een betere naleving van de belastingplicht door burgers en bedrijven.Vergroten van de zelfredzaamheidAlle bovengenoemde acties op het gebied van goed bestuur, rechts­handhaving, de Landspakketten en financieel toezicht dragen bij aan de zelfredzaamheid van de landen. In 2025 heeft het ministerie van BZK de regeling Borgstellig MKB-kredieten Aruba, Curaçao, Sint-Maarten (de BMKB ACS) opengesteld. Deze regeling maakt het in 2026 en 2027 15Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 2 mogelijk dat kredietverstrekkers in Aruba, Curaçao en Sint Maarten gebruik kunnen maken van dezelfde faciliteit als kredietverstrekkers in Nederland en Bonaire, Sint Eustatius en Saba. De regeling kan bij lokale banken een financieringsdrempel wegnemen indien er zich een tekort aan zekerheden voordoet bij het verlenen van krediet aan MKB-bedrijven. Met het openstellen van deze regeling wordt bijgedragen aan een betere toegang tot kapitaal voor het MKB in Aruba, Curaçao en Sint Maarten, waardoor ondernemerschap wordt gestimuleerd en de zelfredzaamheid van de landen wordt vergroot.Tevens werken we met de landen aan de paraatheid om in geval van een crisis binnen het Koninkrijk hulp en bijstand te kunnen verlenen daar waar nodig. De eilanden zijn gevoelig voor extreme weersomstandigheden, waarbij overstromingen en krachtige orkanen desastreuze gevolgen kunnen hebben voor de vaak kwetsbare vitale infrastructuur. De landen dragen hier een eigen verantwoordelijkheid, maar het kan soms effectiever in regionaal of Koninkrijkverband worden opgepakt.Nederland ondersteunt Sint Maarten financieel bij de wederopbouw na orkaan Irma in 2017, met de inzet van de Wereldbank (trustfonds) en met technische assistentie. Vanuit het oogpunt van zelfredzaamheid is daarbij het principe Building Back Better het uitgangspunt van de samenwerking. Het trustfonds is actief tot eind 2028. Aangezien binnen het trustfonds bijna alle middelen volledig zijn toegekend, zijn de meeste projecten nu vol in de fase van uitvoering. Hierdoor zijn steeds meer zichtbare en tastbare resultaten voor de bevolking van Sint Maarten bereikt. Deze lijn wordt doorgetrokken in 2026. Uiteraard zal daarbij worden ingezet op de realisatie van de blijvende Nederlandse prioriteiten: afval(water)management en goed bestuur. Tot slot zetten we de opbouw van een Disaster Reserve Fund voort voor Sint Maarten, waardoor het land bij toekomstige crises zelf over meer financiële reserves beschikt.Koninkrijksbrede opgavenNaast bovenstaande rode draden gelden onderstaande thema’s voor zowel Bonaire, Sint Eustatius en Saba, als voor Curaçao, Aruba en Sint Maarten.Crisisbeheersing- en paraatheidDe eerder vermelde impact van klimaatverandering op de kans op extreme weersomstandigheden geldt voor het gehele Caribisch deel van het Koninkrijk. Zoals vermeld in de Veiligheidsstrategie van het Koninkrijk der Nederlanden heeft het Caribisch gebied daarnaast te maken met specifieke dreigingen zoals migratie, geopolitieke spanningen en kwetsbaarheid van vitale infrastructuur. Om deze dreigingen het hoofd te bieden en de zelf- en samenredzaamheid te vergroten, wordt ingezet op versterkte samen­werking binnen het Koninkrijk door te investeren in crisisbeheersing- en paraatheid.Om samen te oefenen, kennis uit te wisselen en afspraken te maken over samenwerking op het gebied van crisisbeheersing organiseren BZK en het ministerie van Justitie en Veiligheid (JenV) halfjaarlijks de ‘Week van de Crisisbeheersing Caribische delen van het Koninkrijk’. Ook is inmiddels het Caribbean Civil Protection Mechanism opgericht dat een faciliterende rol kan vervullen in de boveneilandelijke samenwerking rondom rampen en crises. Tot slot laten het ministerie van BZK en JenV in samenwerking met de Caribische delen van het Koninkrijk een analyse uitvoeren van de 16Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 2 daar beschikbare crisiscapaciteiten. De uitkomst hiervan wordt eind 2025 verwacht en zal in 2026 als basis fungeren voor toekomstige initiatieven om de samenwerking te versterken.VoedselzekerheidHet kabinet heeft tot en met 2028 in totaal € 24,0 mln. beschikbaar gesteld voor het vergroten van de voedselzekerheid op de Caribische delen van het Koninkrijk (Kamerstukken II 2024/25, 36600 IV, nr. 64). Op de eilanden wordt voedselzekerheid beïnvloed door specifieke geografische, economische en sociale factoren. De sterke afhankelijkheid van geïmporteerd voedsel maakt de eilanden kwetsbaar voor externe verstoringen zoals stijgende transportkosten, wisselkoersschommelingen en natuurrampen, en leidt tot hogere prijzen van voornamelijk gezond voedsel. Om de zelfredzaamheid en de economische ontwikkeling op de eilanden te vergroten, is versterking van de voedselzekerheid essentieel. Onze inzet is onder te verdelen in twee samenhangende pijlers. De eerste pijler richt zich op de versterking van de private sector. BZK gaat een extern revolverend fonds oprichten, in de vorm van een stichting, dat begin 2026 in werking moet treden. Dit fonds biedt financiële diensten, waaronder leningen met een lage rente, en vergroot op die manier de toegang tot financiering voor ondernemers in de voedselketen. Een tweede belangrijk onderdeel van deze pijler is de oprichting van een Academy, met als doel om kennisontwikkeling en business-development te stimuleren. De tweede pijler bestaat uit directe subsidies en bijdragen aan lokale overheden, gericht op het ondersteunen van beleidsinitiatieven op het gebied van voedselzekerheid. Met deze inzet van het ministerie van BZK wordt beoogd om samen met de lokale overheden de randvoorwaarden te creëren die lokaal ondernemerschap in de voedselvoorziening sector (landbouw, veeteelt, visserij) mogelijk maken.Onverwachte ontwikkelingen in de wereldeconomieHet Caribisch deel van het Koninkrijk werd net als de rest van de wereld in 2025 geconfronteerd met onverwachte ontwikkelingen in de wereld­economie, met name door aanpassingen in het handels- en buitenland­beleid van de VS. Er leven in de regio zorgen over mogelijke effecten op importprijzen, de toerismesector, buitenlandse investeringen en meer algemeen over het potentieel risico voor de economische zelfredzaamheid van zowel de landen als Bonaire, Sint Eustatius en Saba. Dit effect wordt verder versterkt door de eenzijdige economische structuur van de landen. Nederland volgt deze ontwikkelingen op de voet en monitort de daadwerke­lijke effecten, samen met alle zes de eilanden.Tot slotMet deze beleidsprioriteiten blijven we binnen het Koninkrijk gezamenlijk inzetten op deugdelijk bestuur en het versterken van de rechtsstaat, het toekomstbestendig maken van de overheidsfinanciën en het vergroten van de zelfredzaamheid van Bonaire, Sint Eustatius en Saba, en Curaçao, Aruba en Sint Maarten. Dit doen wij door samen te blijven werken op basis van gelijkwaardigheid, betrokkenheid, met kennis en begrip van het verleden en onze blik op de toekomst.2.2 Belangrijkste beleidsmatige mutatiesIn de onderliggende tabellen zijn de belangrijkste beleidsmatige uitgaven- en ontvangstenmutaties opgenomen ten opzichte van de vastgestelde begroting 2025. Hieronder worden de belangrijkste mutaties toegelicht die plaatsvinden bij de ontwerpbegroting 2026.17Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 2 Deze tabellen bevatten ook de belangrijkste mutaties die bij de eerste suppletoire begroting 2025 hebben plaatsgevonden. Toelichtingen op die mutaties zijn opgenomen in de eerste suppletoire begroting 2025 (Kamer­stukken II 2024/25, 36725 IV, nr. 2) en de nota van wijziging op de eerste suppletoire begroting 2025 (Kamerstukken II 2024/25, 36725 IV, nr. 4).Uitgaven KoninkrijksrelatiesTabel 2 Belangrijkste beleidsmatige uitgavenmutaties t.o.v. vorig jaar (bedragen x € 1.000)Art.202520262027202820292030Stand ontwerpbegroting 2025263.150213.988205.655177.595148.787‒ 233Belangrijkste mutatie eerste suppletoire begroting 20251) Grensbewaking1‒ 21.250000002) Recherche capaciteit1‒ 15.312‒ 95000003) Rechtelijke macht1‒ 8.049000004) Slavernijverleden, subsidies2‒ 4.2962.1002.1960004) Slavernijverleden, bijdrage medeoverheden2‒ 14.3339.9334.4000005) Tijdelijke Werkorganisatie4‒ 12.000‒ 10.00022.0000006) Toeslagen op pensioenen NA4‒ 4.000‒ 4.000‒ 4.000‒ 4.000‒ 4.000‒ 4.0007) Voedselzekerheid4‒ 5.1801.7271.7271.726008) Loon- en prijsbijstelling 202576.9236.1355.9425.4855.3075.1669) Extrapolaties 2030Alle00000139.86210) Budgettaire invulling apparaatstaakstelling HoofdlijnenakkoordAlle0‒ 1.295‒ 1.938‒ 2.571‒ 2.974‒ 2.97411) EindejaarsmargeAlle7780000012) Overige mutatiesAlle3.5231.7732.0981.5041.5051.508Stand suppletoire begroting 2025189.954219.411238.080179.739148.625139.329Belangrijkste mutaties  begroting 202613) Grenstoezicht Douane1‒ 4.5000000014) LPO middelen naar JenV1‒ 1.386‒ 1.387‒ 1.38815) Kasschuif onderhoud scholen4‒ 4.5004.500000016) Leningen Curaçao en Sint Maarten590.7800000017) Afdracht JenV SSO CN63.2330000018) Kasschuif stormwaterpompen8‒ 4604600000Overige mutaties‒ 2.649‒ 8332484521.0850Stand ontwerpbegroting 2026270.472222.151236.940180.191149.710139.329Toelichting13. Grenstoezicht DouaneDit betreft een overboeking van € 4,5 mln. naar de begroting van het ministerie van Financiën (IXB) voor de Douane Nederland. Deze middelen zijn bestemd voor de lokale grens- en handhavingsdiensten op de eilanden Curaçao, Aruba en Sint Maarten.14. LPO middelen naar JenVDeze mutatie betreft een overboeking van LPO-middelen naar de begroting van het ministerie van Justitie en Veiligheid (VI) voor het Recherche Samen­werkingsteam, het Hof en het OM.18Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 2 15. Kasschuif onderhoud scholenHet onderhoud aan scholen op Curaçao is onderdeel van de Landspakketten voor Curaçao. Een deel van de uitvoering zal nog doorlopen in 2026, waardoor € 4,5 mln. via een kasschuif van 2025 naar 2026 wordt doorge­schoven.16. Leningen Curaçao en Sint MaartenNederland verstrekt op basis van de in de Rijkswet financieel toezicht opgenomen zogenaamde lopende inschrijving, twee leningen aan Curaçao en Sint Maarten voor respectievelijk € 75,3 mln. en € 15,5 mln. ter finan-ciering van investeringen.17. Afdracht JenV SSO CNDit betreft de overboeking van het ministerie van Justitie en Veiligheid voor de afdracht 2025 van de basisdienstverlening SSO-CN.18. Kasschuif stormwaterpompenHet contract voor de tender van de stormwaterpompen is eind juni getekend. Oplevering van het geheel is 2e helft december 2025 voorzien. Dit betekent dat betaling pas in 2026 zal plaatsvinden. Via een kasschuif van 2025 naar 2026 worden de middelen in het juiste kasritme gezet.Ontvangsten KoninkrijksrelatiesTabel 3 Belangrijkste beleidsmatige ontvangstenmutaties t.o.v. vorig jaar (bedragen x € 1.000)Art.202520262027202820292030Stand ontwerpbegroting 2025205.344223.831147.608238.753302.955‒Belangrijkste mutatie eerste suppletoire begroting 20251) Extrapolaties 2030500000302.9552) Desaldering SSO-CN61.705000003) Diverse ontvangstenDiv15000000Mutatie Nota van wijziging eerste suppletoire begroting 20254) Herfinanciering leningen5‒ 106.61800000Stand suppletoire begroting 2025100.581223.831147.608238.753302.955302.955Belangrijkste mutaties  begroting 20265) Bijstelling raming ontvangsten leningen56.877‒ 70.758‒ 1.088‒ 85.808‒ 158.17514.751Overige mutaties80400000Stand ontwerpbegroting 2026108.262153.073146.520152.945144.780317.706Toelichting5. Bijstelling raming ontvangsten leningenDe raming van de ontvangsten van de leningen van Aruba, Curaçao en Sint Maarten is aangepast naar aanleiding van de meest recente gegevens.19Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 2 Uitgaven BES-fondsTabel 4 Belangrijkste beleidsmatige uitgavenmutaties t.o.v. vorig jaar (bedragen x € 1.000)Art.202520262027202820292030Stand ontwerpbegroting 202588.64289.32089.83991.17492.518‒Belangrijkste mutaties eerste suppletoire begroting 20251) Uitbetaling restant 202412.840000002) Indexatie BBP cijfers16161.1521.7212.3282.9275.6923) Prijsbijstelling 2025 volgens BBP-indexatiesystematiek13.2173.2423.2613.3093.3583.3584) Wisselkoersactualisatie17798128178298418415) Extrapolaties 203010000092.5186) Overige mutaties11.2821.2821.2821.2821.2821.282Stand eerste suppletoire begroting 202597.37695.80896.92098.922100.926103.691Belangrijkste mutaties begroting 20267) BES fonds systematiek1545000008) Overige mutaties17800000Stand ontwerpbegroting 202697.99995.80896.92098.922100.926103.691Toelichting7. BES-fonds systematiekEr is een overboeking van Koninkrijksrelaties (IV) vanwege een verschil dat is ontstaan door een rekensystematiek. Dit betreft een incidentele dekking vanwege toezeggingen richting de BES-eilanden op basis waarvan zij hun begrotingen hebben opgesteld.Ontvangsten BES-fondsTabel 5 Belangrijkste beleidsmatige ontvangstenmutaties t.o.v. vorig jaar (bedragen x € 1.000)Art.202520262027202820292030Stand ontwerpbegroting 202588.64289.32089.83991.17492.518‒1) Wet financiën openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba18.7346.4887.0817.7488.408103.691Stand eerste suppletoire begroting 202597.37695.80896.92098.922100.926103.691Belangrijkste mutaties begroting 20262) Wet financiën openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba162300000Stand ontwerpbegroting 202697.99995.80896.92098.922100.926103.69120Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 2 Toelichting2. Wet financiën openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en SabaOp basis van de Wet financiën openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba (FinBES) dienen de uitgaven en ontvangsten over ieder uitkeringsjaar voor het BES-fonds gelijk te zijn. Ten behoeve van de dekking van deze uitgaven is een post ontvangsten geraamd. De voeding van het BES-fonds is direct afkomstig uit de belastingontvangsten van het Rijk.21Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 2 2.3 Strategische Evaluatie AgendaDe Strategische Evaluatie Agenda (SEA) laat zien hoe BZK de komende jaren werkt aan het voortbrengen van inzichten over de (voorwaarden voor) de doeltreffendheid en doelmatigheid van ons beleid. Door voldoende (goed) evaluatieonderzoek te programmeren neemt het aantal bruikbare inzichten toe. Conform afspraak met de Kamer wordt periodiek (indicatie 4-7 jaar) per thema verantwoording afgelegd over de doeltreffendheid en doelmatigheid van het gevoerde beleid. Dit gebeurt via Periodieke rapportages (voorheen: beleidsdoorlichtingen). Hieronder is de planning van deze syntheseonder­zoeken opgenomen.Tabel 6 Planning periodieke rapportagesThema/Periodieke rapportageEerstvolgende Periodieke rapportageBegrotingsartikelen12458Bevorderen sociaaleconomische structuur2025xEen Koninkrijk met wederzijdse betrokkenheid2029xxxWederopboud bovenwindse eilanden2030xSlavernijverleden2030xBijlage 5 Uitwerking strategische evaluatie agenda bevat een nadere toelichting op de SEA. Daarnaast is daar ook de programmering van alle (deel)evaluatieonderzoeken te vinden.Voor een overzicht van afgeronde evaluaties en beleidsdoorlichtingen zie Jaarverslag Koninkrijksrelaties 2024, Bijlage 1: Afgerond evaluatie- en overig onderzoek.22Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 2 2.4 Overzicht risicoregelingenLeningenTabel 7 Overzicht verstrekte leningen (bedragen x € 1.000) (stand per 1 augustus 2025)ArtikelOmschrijvingUitstaande lening in andere valutaUitstaande lening in €Looptijd leningTotaal verstrekte leningen2.522.024Artikel 5 Schuldsanering/lopende inschrijving/leningen2.522.024Totaal leningen Curaçao1.426.713Lening lopende inschrijving Curaçao 2,75%XCG 139.73555.72015 jaar (2010-2025)Lening lopende inschrijving Curaçao 2,875XCG 370.000147.53920 jaar (2010-2030)Lening lopende inschrijving Curaçao 3,0%XCG 474.900189.36925 jaar (2010-2035)Lening lopende inschrijving Curaçao 3,125%XCG 582.391232.23130 jaar (2010-2040)Lening lopende inschrijving Curaçao 2,75%XCG 62.60425.22630 jaar (2013-2043)Lening lopende inschrijving Curaçao 2,45%XCG 247.036103.18630 jaar (2014-2044)Lening lopende inschrijving Curaçao 1,6%XCG 163.63687.36730 jaar (2015-2045)Lening lopende inschrijving Curaçao 1,62%XCG 33.29617.99730 jaar (2015-2045)Lening lopende inschrijving Curaçao 1,0%XCG 59.05029.70230 jaar (2016-2046)Lening lopende inschrijving Curaçao 1,24%XCG 60.00028.44830 jaar (2017-2047)Lening lopende inschrijving Curaçao 0,92%XCG 69.10034.16730 jaar (2019-2049)Onderhandse lineaire lening Curaçao 0,00%XCG 68.88035.98315 jaar (2020-2035)Lening ter afwikkeling van de Girobank 0,00%XCG 19.5658.67816 jaar (2021-2037)Liquiditeitslening Curaçao 2,9%XCG 877.400431.10020 jaar (2023-2043)Totaal leningen Sint Maarten378.893Lening lopende inschrijving Sint Maarten 2,625%XCG 73.50029.46115 jaar (2010-2025)Lening lopende inschrijving Sint Maarten 2,75 %XCG 78.57131.49420 jaar (2010-2030)Lening lopende inschrijving Sint Maarten 2,875%XCG 50.00020.04225 jaar (2010-2035)Lening lopende inschrijving Sint Maarten 3,0%XCG 50.00020.04230 jaar (2010-2040)Lening lopende inschrijving Sint Maarten 2,25%XCG 58.65224.76515 jaar (2014-2029)Lening lopende inschrijving Sint Maarten 2,375%XCG 44.81818.73920 jaar (2014-2034)Lening lopende inschrijving Sint Maarten 2,45%XCG 39.52616.51030 jaar (2014-2044)Lening lopende inschrijving Sint Maarten 1,8%XCG 21.1909.27330 jaar (2014-2044)Lening lopende inschrijving Sint Maarten 0,83%XCG 11.5765.22225 jaar (2017-2032)Lening lopende inschrijving Sint Maarten 0,74%XCG 27.22713.58330 jaar (2019-2049)Onderhandse lineaire lening 0,00%XCG 41.89518.81315 jaar (2020-2035)Lopende inschrijving Sint Maarten 3,24%XCG 58.17330.59520 jaar (2023 - 2043)Liquiditeitslening Sint Maarten 2,9%XCG 313.910140.35430 jaar (2023-2053)Totaal leningen Aruba679.958Maatregel Tussenbalans begrotingslening Aruba 2,5%‒030 jaar (1993-2023)Maatregel Tussenbalans begrotingslening Aruba 2,5%‒030 jaar (1994-2024)Maatregel Tussenbalans begrotingslening Aruba 2,5%‒1530 jaar (1995-2025)Water en Energiebedrijf Aruba 2,5%AWG 3.2191.62930 jaar (1995-2025)Rentelastverlichting 2021 Aruba 2,64%AWG 177.10083.8268 jaar (2021-2028)Rentelastverlichting 2022 Aruba 2,64%AWG 346.000175.3718 jaar (2022-2029)Liquiditeitslening Aruba 5,1%AWG 869.725419.11720 jaar (2023-2043)Ontwikkelingsbank van de Nederlandse Antillen1.341Lening Ontwikkelingsbank Nederlandse Antillen‒1.34129 jaar (2001-2030)Artikel 8 Wederopbouw Bovenwindse Eilanden35.119Liquiditeitslening Sint Maarten 0,0%XCG 46.00020.69630 jaar (2018-2048)23Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 2 ArtikelOmschrijvingUitstaande lening in andere valutaUitstaande lening in €Looptijd leningLiquiditeitslening Sint Maarten 0,0%XCG 29.99214.42330 jaar (2018-2048)ToelichtingDe leningen aan de landen worden meestal afgesloten in Antilliaanse guldens (XCG) of Arubaanse florins (AWG) en vastgelegd in de begroting in euro's (€). Deze vastlegging gebeurt op basis van de geldende begrotings­koers op het moment van aangaan van de lening (historische waarde). De aan Caribisch Nederland verstrekte renteloze leningen in dollars (USD) zijn in bijlage 9 te vinden.De huidige stand van de leningen afgesloten in voorgaande boekjaren zijn geactualiseerd tot 1 augustus 2025. De in 2025 afgesloten leningen zijn opgesteld op basis van de gerealiseerde dagkoers. Het ministerie van Financiën voert het beheer over deze leningen, de belasting vindt plaats op hoofdstuk Koninkrijksrelaties (IV).Artikel 5 Schuldsanering/ lopende inschrijving/ leningenCuraçao en Sint MaartenLeningen lopende inschrijvingOm ervoor te kunnen zorgen dat Curaçao en Sint Maarten een gezonde financiële huishouding kunnen voeren, waarbij de eigen verantwoorde­lijkheid van de landen voorop blijft staan, zijn afspraken gemaakt tussen Curaçao, Sint Maarten en Nederland. Deze afspraken zijn geformaliseerd in de Rijkswet financieel toezicht Curaçao en Sint Maarten (Rft) en betreffen een deugdelijk begrotingsbeleid, het op orde brengen van het financieel beheer en een effectief financieel toezicht ter voorkoming van nieuwe opbouw van schulden. Daarnaast is afgesproken dat Nederland een lopende inschrijving aanbiedt voor leningen aan Curaçao en Sint Maarten, tegen het actuele rendement op staatsleningen van de desbetreffende looptijd. Het merendeel van de leningen zijn zogenaamde «bulletleningen» met aflossing ineens aan het einde van de looptijd.De lopende inschrijving Sint Maarten van 2019 is een lening voor 30 jaar, die aan Sint Maarten verstrekt is om de liquiditeitspositie van Sint Maarten te versterken. Deze positie was ernstig verzwakt na de orkaan Irma. Dit is een uitzondering op de regel dat van de lopende inschrijving alleen gebruik gemaakt mag worden voor de kapitaaldienst en bij een sluitende begroting (art. 25 Rft).Onderhandse leningenVoor de landen Curaçao en Sint Maarten zijn in 2020 twee «2010-2020 Obligatieleningen» (bulletleningen) afgelopen, die behoren tot de afspraken over de schuldsanering. Deze leningen zijn onder gewijzigde voorwaarden omgezet. Voor Curaçao betreft het een omzetting van de lening naar een onderhandse lineaire lening. Beide leningen hebben een duur van 15 jaar met begindatum 15 oktober 2020. De leningen hebben een rentepercentage van 0% en waren de eerste drie jaar aflossingsvrij.LiquiditeitsleningenCuraçao en Sint Maarten hebben in verband met de pandemie in 2020-2022 verschillende liquiditeitsleningen ontvangen. In oktober 2024 zijn de liquiditeitsleningen van Sint Maarten en Curaçao geherfinancierd voor een periode van 30 respectievelijk 20 jaar tegen een interestpercentage van 2,9%.24Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 2 Lening ter afwikkeling van de GirobankCuraçao heeft een lening ontvangen om de afwikkeling van de failliete Girobank te kunnen uitvoeren. Het jaarlijkse rentepercentage is 0,0% en een looptijd van 16 jaar. De aflossing start op 1 augustus 2023. Curaçao mag de lening geheel of gedeeltelijk vervroegd aflossen.Leningen ArubaWater- en Energiebedrijf ArubaHet betreft een begrotingslening uit 1995 ten behoeve van het Water- en Energiebedrijf NV gevestigd te Aruba. De lening is verstrekt voor het aldaar verrichten van een groot aantal investeringen voor de renovatie en uitbreiding van het Water- en Energiebedrijf. De lening heeft een looptijd tot 30 juni 2026, waarvan de eerste acht jaar aflossingsvrij waren. Nu wordt jaarlijks conform afspraken afgelost. Het jaarlijkse rentepercentage is 2,5%.Liquiditeitsleningen (verlenging)Aruba heeft in 2020 om bijstand gevraagd op grond van artikel 36 van het Statuut voor het Koninkrijk der Nederlanden om de gevolgen van Covid-19 op te kunnen vangen. Voor de liquiditeitsleningen van Aruba zijn in oktober 2023 geherfinancierd voor een looptijd van 20 jaar tegen een interestpercentage van 6,9%.Rentelastverlichting ArubaAruba heeft in 2021 en 2022 een lening ter verlichting van de rentelast ontvangen als onderdeel van de landspakketten. Deze leningen hebben een rentepercentage van 2,64%. De eerste vier jaar zijn aflossingsvrij, daarna wordt jaarlijks afgelost.Lening Ontwikkelingsbank van de Nederlandse AntillenDit betreft een vordering op de Ontwikkelingsbank van de Nederlandse Antillen (OBNA) vanwege middelen die destijds ter beschikking zijn gesteld voor het bevorderen van de economie op de Nederlandse Antillen.Artikel 8 Wederopbouw Bovenwindse EilandenLiquiditeitsleningen Sint MaartenIn 2018 zijn twee dertigjarige renteloze leningen aan Sint Maarten verstrekt om de liquiditeitspositie van het land te verstevigen na de schade van orkaan Irma. De eerste vijf jaar waren aflossingsvrij, daarna wordt jaarlijks afgelost.25Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 2 2.5 Implementatie van mensenrechtenverdragenDe regering informeert jaarlijks de Staten-Generaal in de memorie van toelichting op de begroting Koninkrijksrelaties over de stand van zaken rond de implementatie van mensenrechtenverdragen in het Caribische deel van het Koninkrijk (Kamerstukken II 2018/19, 33826, nr. 29).Ten aanzien van de verdere implementatie vindt samenwerking plaats in een commissie bestaande uit vertegenwoordigers van de vier landen van het Koninkrijk. De betreffende commissie werkt met een lijst waarop zeven mensenrechtenverdragen zijn opgenomen die in één of meer (ei)landen van het Caribische deel van het Koninkrijk wachten op uitvoering. Reeds eerder is na overleg tussen de Minister van Buitenlandse Zaken, de Staats­secretaris van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en de regeringen van Aruba, Curaçao en Sint Maarten besloten het traject ten behoeve van de implementatie van de zeven verdragen te integreren in het bredere traject van het Ministerie van Buitenlandse Zaken om achterstanden in de medegelding van verdragen in te halen. Wel blijft voornoemde commissie betrokken (Kamerstukken II 2023/24, 23530, nr. 144).De voorgenoemde commissie heeft voor de huidige periode twee van de bovengenoemde zeven mensenrechtenverdragen geprioriteerd. Zo hopen de Caribische landen eerlang vorderingen te boeken rond de implemen­tatie van het Verdrag van Istanbul inzake het voorkomen en bestrijden van geweld tegen vrouwen en huiselijk geweld en het Haags Kinderont­voeringsverdrag. Het gaat in beide gevallen om verdragen waarvan de inwerkingtreding naar verwachting een wezenlijke impact zal hebben op de rechtsbescherming van kwetsbare vrouwen en kinderen in Aruba, Curaçao en Sint Maarten en die door de landen reeds als prioritair zijn aangemerkt. Wat precies nog verder aan uitvoering nodig is om de twee verdragen te kunnen ratificeren, verschilt per land. De uitvoering van een verdrag vergt maatwerk en het ene Caribische land is hier al verder mee dan het andere. Concreet is daarom afgesproken dat eerst waar nodig in overleg met elkaar in kaart wordt gebracht welke maatregelen hiertoe nog zijn vereist (implementatieplan) en dat vervolgens, waar nodig en gewenst met ondersteuning van Nederland, wordt overgegaan tot de daadwerkelijke uitvoering van de betreffende twee verdragen.De afgelopen jaren zijn voor dit deel van het Koninkrijk meerdere gepriori­teerde mensenrechtenverdragen in werking getreden. Het afgelopen jaar zijn geen verdragen in werking getreden. De belangrijkste reden hiervoor is de inzet in de landen ten aanzien van het voornoemde omvangrijke Verdrag van Istanbul. Dit verdrag brengt door zijn omvang en uitvoeringscomplex­iteiten grotere werklast met zich mee waardoor implementatie meer tijd vergt. Teneinde de Caribische landen te ondersteunen bij deze inzet is in december 2024 door het Ministerie van Buitenlandse Zaken, de Permanente Vertegenwoordiging van het Koninkrijk in Straatsburg en het Ministerie van BZK gezamenlijk een conferentie georganiseerd. Daar wisselden zowel de Caribische landen als de Openbare Lichamen ervaringen en best practices met de Raad van Europa lidstaten die (bijvoorbeeld door hun ligging of grootte) voor vergelijkbare uitdagingen staan. Ook heeft de delegatie ter bevordering van de kennisdeling over de Raad van Europa, het secretariaat en toezichthoudende organen waaronder het Lanzarote Comité bezocht en aantal werkbijeenkomsten bijgewoond.26Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 2 2.6 CoronamaatregelenTabel 8 Begrote uitgaven coronamaatregelen op de begroting Koninkrijksrelaties (bedragen x € 1 mln.)Art.Maatregel2024202520262027202820292030Vindplaats4Landspakket Sint Maarten0,20,20,20,00,00,00,0Nota van Wijziging op begroting 2022 (Kamerstukken II 2021/22, 35925 IV, nr. 32)Totaal0,20,20,20,00,00,00,0Voor het BES fonds zijn er geen coronamaatregelen meer vanaf 2022.27Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 2 3. Beleidsartikelen Koninkrijksrelaties3.1 Artikel 1. Versterken rechtsstaatA. Algemene doelstellingHet bevorderen van goed bestuur door een bijdrage te leveren aan het versterken van de rechtsstaat van de landen Aruba, Curaçao en Sint Maarten. Dit krijgt vorm door samenwerking op het gebied van veiligheid, rechtshandhaving, grensbewaking en mensenrechten en ondersteuning van de landen Aruba, Curaçao en Sint Maarten.B. Rol en verantwoordelijkheidDe minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) is verant­woordelijk voor:StimulerenRechtshandhaving en veiligheid zijn aangelegenheden van de landen van het Koninkrijk. De minister stimuleert de versterking van de rechtsstaat in Aruba, Curaçao en Sint Maarten. Dit doet de minister door de landen te ondersteunen en invulling en uitvoering te geven aan protocollen, samen­werkingsregelingen en rijkswetten. Daarbij werkt de minister nauw samen met de betrokken bewindspersonen van de ministeries van Justitie en Veiligheid, Financiën en Defensie, die de operationele capaciteit voor de ondersteuning en versterking leveren.Deze ondersteuning komt voort uit artikel 36 van het Statuut voor het Koninkrijk der Nederlanden waarin is bepaald dat de landen binnen het Koninkrijk elkaar hulp en bijstand verlenen, en komt tot stand door het treffen van onderlinge regelingen op grond van artikel 38, eerste lid, van het Statuut voor het Koninkrijk der Nederlanden.C. BeleidswijzigingenUit de evaluatie van 2024 van de plannen van aanpak voor de Versterking Grenstoezicht kwam onder andere dat de uitvoeringscapaciteit van de betrokken diensten te laag is voor de uitvoering van de plannen. Dit komt niet alleen door een tekort aan personeel, maar ook door beperkte beschikbaarheid van gespecialiseerd personeel, een hoge werkdruk door bestaande taken en onvoldoende ruimte binnen de organisaties om nieuwe werkzaamheden structureel op te nemen. Naar aanleiding hiervan stelt Nederland in 2026 financiering voor capaciteit beschikbaar ter onder­steuning van de uitvoering van deze plannen. Het protocol Versterking Grenstoezicht schrijft voor dat er in 2026 een besluit moet worden genomen over de verlenging ervan. Hier zal in 2026 een evaluatie van het protocol aan vooraf gaan.28Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 2 D. Budgettaire gevolgen van beleidTabel 9 Budgettaire gevolgen van beleid artikel 1 Versterken rechtsstaat (bedragen x € 1.000)2024202520262027202820292030Art.Verplichtingen33.09518.20168.71669.55795.14995.34895.760Uitgaven33.89318.20168.71669.55795.14995.34895.7601.0Versterken rechtsstaat33.89318.20168.71669.55795.14995.34895.760Subsidies (regelingen)23000000Detentie - Algemeen23000000Opdrachten18617900000Diverse opdrachten18617900000Bijdrage aan ZBO's/RWT's1.10546839433122210Detentie - Algemeen1.10546839433122210Bijdrage aan medeoverheden8871.5741.1871.1871.1871.1121.112Overige bijstand aan de landen49953275757500Bestuurlijke aanpak3881.0421.1121.1121.1121.1121.112Bijdrage aan (inter-)nationale organisaties17.05003841.5877794720Detentie - Vastgoed17.05003841.5877794720Bijdrage aan (andere) begrotingshoofdstukken14.64215.98066.75166.75093.06193.74394.648Grensbewaking (Defensie)7.4647.54331.23830.24331.45932.14133.046Recherchecapaciteit (JenV)921917.52819.89244.47944.47944.479Rechterlijke macht (JenV)7.1697.75612.85811.48811.99611.99611.996Douane (Financiën)04625.1275.1275.1275.1275.127Ontvangsten0000000Geschatte budgetflexibiliteitTabel 10 Geschatte budgetflexibiliteit artikel 12026juridisch verplicht0%bestuurlijk gebonden98%beleidsmatig gereserveerd2%nog niet ingevuld/vrij te besteden0%Juridisch verplichtVan het totale uitgavenbudget op artikel 1 is 0,0% juridisch verplicht en voor 98% bestuurlijk gebonden.E. Toelichting op de financiële instrumentenBijdrage aan ZBO's/RWT'sDetentie algemeenVanuit het akkoord over de derde tranche liquiditeitssteun van 22 december 2020 met Sint Maarten is € 30 mln. beschikbaar gesteld voor verbetering van het gevangeniswezen in Sint Maarten (Kamerstukken II 2020/21, 35420, nr. 203). Hiervan zal € 10 mln. grotendeels ten goede komen aan het verbeteren van onderdelen van het gevangeniswezen die al langere tijd in Sint Maarten niet op orde zijn, maar niet vallen onder de bouw van een nieuwe gevangenis. Dit budget is verdeeld over zeven begrotingsjaren, te beginnen in 2022 en eindigend in 2028. Activiteiten voor 2026 worden ontleend aan het door Sint Maarten uit te voeren plan van aanpak detentie 29Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 2 dat valt onder de Samenwerkingsregeling waarborging plannen van aanpak landstaken Curaçao en Sint Maarten (Kamerstukken II 2020/21, 35420, nr. 224).Bijdrage aan medeoverhedenBestuurlijke aanpakJaarlijks wordt structureel € 1 mln. beschikbaar gesteld voor de bestuurlijke aanpak van ondermijnende criminaliteit. Met dit geld worden de Landen in staat gesteld om bestuurlijke instrumentaria te ontwikkelen waarmee ondermijning wordt tegengegaan, zoals vergunningsbeleid en een weerbaarheidsscan (Kamerstukken II 2020/21, 35925 IV, nr. 37). Zo wordt bijgedragen aan een duurzame, regionale en integrale aanpak van ondermijning die complementair is aan de bestaande strafrechte­lijke aanpak.Bijdrage aan (andere) begrotingshoofdstukkenGrensbewaking (Defensie)Nederland stelt voor onbepaalde tijd personeel van de Koninklijke Marechaussee (KMar) beschikbaar ter ondersteuning van het grenstoezicht in Aruba, Curaçao en Sint Maarten conform het protocol inzake de inzet van personeel vanuit de flexibel inzetbare pool Koninklijke Marechaussee (Kamerstukken II 2018/19, 35000 IV, nr. 40). Deze flexibele pool levert een bijdrage aan de uitvoering van grensgerelateerde politietaken in de landen. Het gaat hierbij om grensbewaking, het uitvoeren van de politietaak op respectievelijk de luchthaven en de maritieme grenzen en de bestrijding van drugs-, wapen- en migratiecriminaliteit.Aanvullend versterken Aruba, Curaçao en Sint Maarten met hulp van Nederland het grenstoezicht op basis van een op 4 februari 2021 overeenge­komen protocol over de versterking van het grenstoezicht (Kamerstukken II 2020/21, 35570 IV, nr. 33). De KMar ondersteunt met een aanvullende 71 fte op basis van dit protocol de lokale diensten om de transnationale georgani­seerde (ondermijnende) criminaliteit te bestrijden. De operationele inzet van de medewerkers vanuit de flexpool en het protocol inzake de versterking grenstoezicht in de Caribische landen van het Koninkrijk vindt plaats onder het bevoegd gezag van het land waar de betreffende werkzaamheden worden verricht.Recherchecapaciteit (JenV)Zoals vastgelegd in de Rijkswet Politie van Curaçao, van Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba en het Protocol inzake gespecialiseerde recherchesamenwerking heeft het Recherche Samenwerkingsteam (RST) de taak om zware, georganiseerde en grensoverschrijdende criminaliteit te onderzoeken, die gezien de ernst, frequentie of het georganiseerde verband waarin ze worden gepleegd, een ernstige inbreuk op de rechtsorde maakt. Hieronder valt ook de aanpak van (internationale) corruptie en witwassen. Daarnaast verricht het RST de afhandeling van internationale rechtshulpver­zoeken. Het RST werkt in het gehele Caribisch deel van het Koninkrijk onder gezag van de lokale Openbaar Ministeries en in zeer nauwe samenwerking met de lokale politiekorpsen.Jaarlijks worden de reguliere budgetten van de begroting van Koninkrijks­relaties (KR) ten behoeve van het RST overgeheveld naar de begroting van Justitie en Veiligheid (JenV). Hiermee wordt recht gedaan aan de Politiewet 2012, die bepaalt dat alleen de minister van JenV opdrachten aan 30Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 2 de Nationale Politie mag verstrekken. Het beleidsmatig instrument wordt in de begroting van het ministerie van BZK verantwoord, gezien haar politieke verantwoordelijkheid voor het beschikbaar stellen van de middelen.De overige middelen op de begroting van 2026 worden ingezet om capaciteit beschikbaar te stellen voor de duurzame ondermijningsaanpak op Sint Maarten, Curaçao en Aruba in de vorm van mensen en middelen. De aanpak richt zich onder meer op financieel-economische criminaliteit, waaronder corruptie en betrokkenheid van politiek prominente personen, ambtenaren en overheid NV’s. Hierbij werkt het RST samen met het Openbaar Ministerie van Curaçao, Sint Maarten en de BES-eilanden, het Openbaar Ministerie van Aruba en het Gemeenschappelijk Hof van Justitie. Rechterlijke macht (JenV)Voor een goed functionerende rechtsstaat is volledige en adequate bezetting van de openbaar ministeries en het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van groot belang. Vanwege een gebrek aan lokale personele capaciteit draagt Nederland hier op verzoek van de Landen aan bij door officieren van justitie, rechters en ander gerechtelijk personeel ter beschikking te stellen. Deze treden in lokale dienst, waarbij de kosten van een buitenlandtoelage worden vergoed door het ministerie van BZK. Bij de Openbaar Ministeries en het Gemeenschappelijk Hof werken ook officieren van justitie en rechters specifiek ten behoeve van de duurzame ondermij­ningsaanpak.Douane (Financiën)Het ministerie van BZK stelt maximaal 16 fte personeel van Douane Nederland beschikbaar ter ondersteuning van grenstoezicht in Aruba, Curaçao en Sint Maarten in het kader van het protocol over de versterking van het grenstoezicht (Kamerstukken II 2020/21, 35570 IV, nr. 33). Douane Nederland versterkt de lokale diensten met kennis en ervaring en verzorgt de benodigde opleidingen om de transnationale georganiseerde (ondermij­nende) criminaliteit te bestrijden.3.2 Artikel 2. SlavernijverledenA. Algemene doelstellingDe middelen die naar aanleiding van de excuses beschikbaar zijn gesteld, zijn onder andere gericht op kennis en bewustwording, erkenning, herdenking en de doorwerking van het trans-Atlantisch slavernijverleden. Uitgangspunten voor de invulling hiervan zijn: (1) navolgbaar- en inzichte­lijkheid en (2) programmering en bestemming van deze middelen vindt in samenspraak met betrokkenen uit Aruba, Bonaire, Curaçao, Saba, Sint Eustatius en Sint Maarten plaats.B. Rol en verantwoordelijkheidDe minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) is verant­woordelijk voor:Regisseren–De minister van BZK coördineert het traject van de opvolging van de excuses voor het Caribisch deel van het Koninkrijk.31Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 2 Uitvoeren–De minister van BZK geeft uitvoering aan een subsidieregeling, waarmee maatschappelijke initiatieven een impuls kunnen geven aan onder andere meer kennis van en bewustwording over het trans-Atlantisch slavernijverleden in en voor het Caribisch deel van het Koninkrijk.–Er wordt uitvoering gegeven aan maatregelen voor bewustwording, betrokkenheid en doorwerking, waarmee concreet invulling wordt gegeven aan de op 19 december 2022 gedane toezeggingen (Kamer­stukken II 2022/2023, 36284 nr. 1).C. BeleidswijzigingenGedurende 2026 wordt uitvoering gegeven aan de subsidieregeling voor maatschappelijke initiatieven trans-Atlantisch slavernijverleden voor het Caribisch deel van het Koninkrijk door middel van het openstellen van drie aanvraagtijdvakken.Ook wordt uitvoering gegeven aan verschillende projecten in het kader van het vergroten van de bewustwording en kennis en begrip over het slavernij­verleden op Aruba, Bonaire, Curaçao, Saba, Sint Eustatius en Sint Maarten.D. Budgettaire gevolgen van beleidTabel 11 Budgettaire gevolgen van beleid artikel 2 Slavernijverleden (bedragen x € 1.000)2024202520262027202820292030Art.Verplichtingen035.1658.9338.8986.6847.2760Uitgaven07.83222.86617.2989.6849.27602.0Slavernijverleden07.83222.86617.2989.6849.2760Subsidies (regelingen)01.7788.7668.8626.6667.2580Maatschappelijke initiatieven01.7788.7668.8626.6667.2580Bijdrage aan medeoverheden06.05414.1008.4363.0182.0180Maatregelen bewustwording, betrokkenheid en doorwerking slavernijverleden06.05414.1008.4363.0182.0180Ontvangsten0000000Geschatte budgetflexibiliteitTabel 12 Geschatte budgetflexibiliteit artikel 22026juridisch verplicht62%bestuurlijk gebonden38%beleidsmatig gereserveerd0%nog niet ingevuld/vrij te besteden0%Juridisch verplichtVan het totale uitgavenbudget op artikel 2 is 62% juridisch verplicht.Bijdrage aan medeoverhedenDe bijdrage aan medeoverheden zijn voor 100% juridisch verplicht. Het gaat hier om maatregelen bewustwording, betrokkenheid en doorwerking van het slavernijverleden voor de Caribische delen van het Koninkrijk.32Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 2 SubsidiesSubsidies zijn voor 100% bestuurlijk gebonden (Stcrt. 2025, 22437). Dit betreffen met name subsidies voor maatschappelijke initiatieven trans-Atlantisch slavernijverleden voor Aruba, Bonaire, Curaçao, Saba, Sint Eustatius en Sint Maarten.E. Toelichting op de financiële instrumentenSubsidies (regelingen)Maatschappelijke initiatievenDit betreft uitgaven om invulling te geven aan de subsidieregeling voor maatschappelijke initiatieven trans-Atlantisch slavernijverleden voor Aruba, Bonaire, Curaçao, Saba, Sint Eustatius en Sint Maarten. Het gaat om circa € 33,3 mln., verdeeld over de jaren 2025 tot en met 2029 voor zowel de budgetten beschikbaar voor aanvragen als de kosten om de regeling uit te kunnen voeren.Bijdrage aan medeoverhedenMaatregelen voor bewustwording, betrokkenheid en doorwerkingDit betreft uitgaven voor onder andere bewustwording, betrokkenheid en doorwerking van slavernijverleden voor de Caribische delen van het Koninkrijk. Ieder (ei)land werkt hiervoor aan een eigen agenda en de lokale overheden zijn hierin essentiële partners. Het gaat om circa € 33,3 mln., verdeeld over de jaren 2025 tot en met 2029. Voor 2026 is € 14,1 mln. beschikbaar.33Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 2 3.3 Artikel 4. Bevorderen sociaaleconomische structuurA. Algemene doelstellingHet bewerkstelligen van een merkbare, positieve verandering in het leven van de burgers in het Caribisch deel van het Koninkrijk door de bestuurlijke en de financieel- en sociaaleconomische weerbaarheid en zelfredzaamheid van Aruba, Curaçao, Sint Maarten, Bonaire, Sint Eustatius en Saba te versterken. Het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) draagt daaraan bij middels het versterken van de uitvoeringskracht, het inzetten van kennis en expertise en het coördineren van de inzet van het Rijk.B. Rol en verantwoordelijkheidDe minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties is verantwoor­delijk voor:Stimuleren–De minister ondersteunt waar gewenst en mogelijk de Caribische delen van het Koninkrijk bij de uitvoering van taken door middel van technische assistentie en het delen van kennis.–De minister ondersteunt waar gewenst en mogelijk de Caribische delen van het Koninkrijk bij de uitvoering van taken door middel van praktische samenwerking en het opzetten van samenwerkingsovereenkomsten.–De minister ondersteunt via de Tijdelijke Werkorganisatie (TWO) de Landen bij het ontwikkelen en implementeren van maatregelen op diverse gebieden met betrekking tot de sociaal economische structuur, zoals de arbeidsmarkt, zorg, onderwijs, en veiligheid.Regisseren–De minister coördineert de rijksbrede inzet in Bonaire, Sint Eustatius en Saba en bevordert de integrale samenwerking.–De minister is verantwoordelijk voor het bevorderen van goed bestuur in Bonaire, Sint Eustatius en Saba.–De minister geeft invulling aan haar taken zoals omschreven in de Rijkswet financieel toezicht Curaçao en Sint Maarten (Rft), Landsveror­dening Aruba financieel toezicht (LAft), het protocol Afspraken tussen de regeringen van Aruba en Nederland over de openbare financiën van Aruba en het protocol Aruba-Nederland 2019-2021.–De minister houdt financieel toezicht op de openbare lichamen op basis van de Wet financiën openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba (FinBES).–De minister ondersteunt Aruba, Curaçao en Sint Maarten bij het uitvoeren van de Landspakketten. De realisatie van de hervormingen en ontwikkelingen uit de Landspakketten worden gemonitord via de uitvoe­ringsagenda's en voortgangsrapportages die periodiek gezamenlijk met de Landen worden opgesteld.C. BeleidswijzigingenIn 2026 wordt de inzet voortgezet onder de pijlers goed bestuur en rechtsstaat, houdbare overheidsfinanciën en het vergroten van zelfred­zaamheid van de Caribische delen van het Koninkrijk.34Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 2 D. Budgettaire gevolgen van beleidTabel 13 Budgettaire gevolgen van beleid artikel 4 Bevorderen sociaaleconomische structuur (bedragen x € 1.000)2024202520262027202820292030Art.Verplichtingen31.585108.62672.19691.04826.59314.5428.443Uitgaven30.87680.88766.45786.30920.4938.4428.4434.1Curaçao, Sint Maarten en Aruba19.04826.93435.45262.1552.0281.6381.639Subsidies (regelingen)12.64918.80524.31249.63328600Diverse subsidies98174776063328600Tijdelijke Werkorganisatie (TWO)8.86511.89219.05249.000000Onderwijshuisvesting Curaçao2.8036.1664.5000000Opdrachten2.5434.6777.6058.987219115115Opdrachten landen2696771.1051.487219115115Tijdelijke Werkorganisatie (TWO)2.2744.0006.5007.500000Inkomensoverdrachten8921.2181.2681.2681.2681.2681.268Toeslagen op pensioenen NA8921.2181.2681.2681.2681.2681.268Bijdrage aan medeoverheden2.4761.9792.0122.012000Bijdrage landen120000000Onderwijshuisvesting Curaçao402000000Tijdelijke Werkorganisatie (TWO)1.9541.9792.0122.012000Bijdrage aan (inter-)nationale organisaties488255255255255255256Diverse bijdragen4882552552552552552564.2Caribisch Nederland11.82851.88322.91716.06610.7396.8046.804Subsidies (regelingen)3.6693.1522.5352.6071.8571.8571.857Subsidies Caribisch Nederland3.6693.1522.5352.6071.8571.8571.857Opdrachten9783.3612.1552.1552.1552.1552.155Versterken bestuurs- en uitvoeringskracht6181.1401.5461.5461.5461.5461.546Opdrachten Caribisch Nederland3602.221609609609609609Inkomensoverdrachten1.6321.3491.3491.3491.3491.3491.349Pensioenen en uitkeringen politieke ambtsdragers1.6321.3491.3491.3491.3491.3491.349Bijdrage aan ZBO's/RWT's3228300000Caribisch Nederland3228300000Bijdrage aan medeoverheden5.47943.55616.8789.9555.3781.4431.443Sociaaleconomische initiatieven034.00014.0004.0004.00000Versterken bestuurs- en uitvoeringskracht5.4799.5562.8785.9551.3781.4431.443Bijdrage aan agentschappen3818200000Versterken bestuurs- en uitvoeringskracht38182000004.3Stimuleringsregelingen02.0708.0888.0887.72600Subsidies (regelingen)07597.7277.7277.72600Voedselzekerheid07597.7277.7277.72600Garanties01.311361361000Borgstelling MKB01.311361361000Ontvangsten1.8249540000035Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 2 Geschatte budgetflexibiliteitTabel 14 Geschatte budgetflexibiliteit artikel 42026juridisch verplicht30%bestuurlijk gebonden69%beleidsmatig gereserveerd1%nog niet ingevuld/vrij te besteden0%Juridisch verplichtVan het totale uitgavenbudget op artikel 4 is 30% juridisch verplicht en dit betreft voornamelijk de instrument Subsidies en Bijdrage aan medeover­heden.SubsidiesSubsidies zijn voor 10% juridisch verplicht. Dit betreffen met name subsidies vanuit TWO voor diverse thema’s uit de Landspakketten.Daarnaast zijn er nog subsidies verstrekt aan de VNG, UNICEF, WECONNECT en aan de voedselbank op Bonaire.Bijdrage aan medeoverhedenDe bijdrage aan medeoverheden zijn voor 77% juridisch verplicht. Het gaat hier om de renovatie van de klif op Sint Eustatius en diverse bijdragen in het kader van de Landspakketten.E. Toelichting op de financiële instrumenten4.1 Curaçao, Sint Maarten en ArubaSubsidies (regelingen)Tijdelijke Werkorganisatie (TWO)De Tijdelijke Werkorganisatie (TWO) van het ministerie van BZK ondersteunt de ontwikkeling en uitvoering van de Landspakketten, onder meer in de vorm van technische assistentie. Periodiek worden gezamenlijke uitvoe­ringsagenda’s opgesteld door de TWO en Aruba, Curaçao en Sint Maarten om de afspraken in de Landspakketten nader te concretiseren. De subsidies die op dit instrument worden verantwoord, worden op basis van plannen van aanpak betaald aan Aruba, Curaçao en Sint Maarten ter uitvoering van de gemaakte afspraken. In 2025 was hiervoor € 21,6 mln. beschikbaar. Dit bedrag is inclusief € 10,7 mln. voor Onderwijshuisvesting Curaçao. In 2026 is € 19,1 mln., en in 2027 is € 49,0 mln. beschikbaar.OpdrachtenTijdelijke werkorganisatie (TWO)De Tijdelijke Werkorganisatie (TWO) van het ministerie van BZK ondersteunt de ontwikkeling en uitvoering van de maatregelen, onder meer in de vorm van technische assistentie. Periodiek wordt een gezamenlijke uitvoerings­agenda’s opgesteld door TWO en Aruba, Curaçao en Sint Maarten om de afspraken in de Landspakketten nader te concretiseren. Voor concrete acties en projecten wordt door Aruba, Curaçao, Sint Maarten en TWO een plan van aanpak opgesteld. De opdrachten die op dit instrument worden verantwoord vloeien voort uit deze plannen van aanpak en worden door BZK uitgegeven voor de uitvoering van de gemaakte afspraken. In 2025 is hiervoor € 5 mln. beschikbaar, in 2026 € 6,5 mln., en in 2027 € 7,5 mln.36Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 2 InkomensoverdrachtenToeslagen op pensioenen NAConform de regeling vaste verrekenkoers pensioeninkomen voormalig Nederlands-Antilliaanse en Arubaanse pensioengerechtigden worden nadelige koersverschillen als gevolg van wisselkoersfluctuatie tussen de Antilliaanse gulden (ANG) en Arubaanse florin (AWG) enerzijds en de Euro (€) anderzijds gecompenseerd uit de begroting van Koninkrijksrelaties.Bijdrage medeoverhedenTijdelijke Werkorganisatie (TWO)Na ondertekening van de Onderlinge Regeling ‘Samenwerking bij Hervor­mingen’ op 4 april 2023 zijn verplichtingen en bijbehorende uitgaven in het kader van de Landspakketten die direct aan Aruba, Curaçao en Sint Maarten worden gedaan verantwoord onder het instrument subsidies. De uitgaven die op dit instrument worden verantwoord betreffen daarom hoofdzakelijk uitbetalingen van verplichtingen die zijn aangegaan voor het inwerking­treden van de Onderlinge Regeling en bijdragen aan ICTU en het CBS. In de jaren 2024 tot en met 2027 is hiervoor jaarlijks € 2,0 mln. beschikbaar.Bijdrage aan (inter-)nationale organisatiesDiverse bijdragenDit betreft het Kleine Projecten Fonds waarmee de vertegenwoordiging van Nederland op Aruba, Curaçao en Sint Maarten kleine projecten financiert.4.2 Caribisch NederlandBijdrage aan medeoverhedenSociaal economische initiatievenMet het oog op de connectiviteit en het vergroten van de economische zelfstandigheid van Saba wordt in 2026 € 10 mln. beschikbaar gesteld voor de haven van Saba, in aanvulling op de € 30 mln. uit 2025.Verder is het na de explosieve groei van Bonaire van belang te investeren in de kwaliteit van het wegennetwerk om op die manier de toekomstbestendigheid voor zowel het personen- als vrachtvervoer te kunnen garanderen. Daartoe wordt in de periode 2025 tot en met 2028 € 16 mln. beschikbaar gesteld.Overzicht bijzondere uitkeringenConform artikel 94 Wet financiën openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba wordt jaarlijks uiterlijk op de derde woensdag van mei een overzicht van alle bijzondere uitkeringen gepubliceerd, met de daarvoor in de lopende begroting beschikbare bedragen.4.3 StimuleringsregelingenSubsidiesVergroten voedselzekerheidTen behoeve van de economische ontwikkeling alsook de voedselzekerheid op de zes Caribische eilanden wordt een meerjarige bijdrage gedaan aan projecten die de voedselproductie vergroten (€ 24 mln. in de periode 2025 tot en met 2028).37Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 2 3.4 Artikel 5. Schuldsanering/ lopende inschrijving/ leningenA. Algemene doelstellingHet ondersteunen van de houdbaarheid van de overheidsfinanciën van Curaçao en Sint Maarten gebeurt door schuldsanering, door het uitoefenen van financieel toezicht en door het aanbieden van de mogelijkheid van vervangen door financiering van investeringen met een lopende inschrijving door Nederland tegen het actuele rendement op Nederlandse staatsleningen van de desbetreffende looptijd. De schuldsanering in 2010 bestond uit het overnemen van een deel van de schulden van Curaçao, Sint Maarten en het land de Nederlandse Antillen en door het herfinancieren van het resterende deel.B. Rol en verantwoordelijkheidGelet op de autonomie hebben Aruba, Curaçao en Sint Maarten hun eigen verantwoordelijkheid voor de houdbaarheid van de overheidsfi-nanciën. Houdbare overheidsfinanciën en goed financieel beheer worden beschouwd als belangrijke randvoorwaarden voor een gezonde structurele economische ontwikkeling en voor financiële autonomie van Aruba, Curaçao en Sint Maarten. Het financieel toezicht op Curaçao en Sint Maarten wordt geregeld in de Rijkswet financieel toezicht Curaçao en Sint Maarten (Rft) en voor Aruba in de Landsverordening Aruba financieel toezicht (LAft). Het beleid is ook gericht op het bereiken en borgen van houdbare overheids­financiën door middel van deugdelijk begrotingsbeleid, het beperken van de financieringslasten en het op orde brengen van het financieel beheer. Het financieel toezicht op Aruba, Curaçao en Sint Maarten wordt uitgeoefend door de Rijksministerraad, daarin geadviseerd door het College (Aruba) financieel toezicht.De minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) is verant­woordelijk voor:FinancierenDe minister financiert de kosten die voortkomen uit de schuldsanering en de lopende inschrijving op leningen van Curaçao en Sint Maarten via de begroting van Koninkrijksrelaties. De schuldsanering is terug te voeren op de bestuurlijke afspraken die zijn gemaakt in de aanloop naar de nieuwe staatkundige verhoudingen per 10 oktober 2010. Daarbij heeft Nederland een oplossing geboden voor de toenmalige schuldenproblematiek, door de verplichting op zich te nemen een belangrijk deel van de schulden van Curaçao en Sint Maarten over te nemen. Deze regeling loopt nog tot 2030. Het overige deel van de schulden is door Nederland geherfinancierd. Voor dat deel van de schuldsanering is aan Curaçao en Sint Maarten een aantal leningen verstrekt waarvan de laatste aflopen in 2040. Verder zijn na orkaan Irma en tijdens de covidpandemie liquiditeitsleningen verstrekt om de publieke dienstverlening te kunnen continueren en steunmaatregelen voor burgers en bedrijfsleven mogelijk te maken. Daarnaast worden incidenteel onderhandse leningen verstrekt. Op basis van artikel 36 van het Statuut voor het Koninkrijk der Nederlanden kunnen Aruba, Curaçao en Sint Maarten binnen het Koninkrijk eventueel in aanmerking komen voor hulp en bijstand van Nederland.38Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 2 UitvoerenDe Landsverordening financieel toezicht (LAft) is met instemming van de Rijksministerraad gewijzigd per 1 januari 2024. Op basis van deze wetten begeleidt de minister de adviezen van het College financieel toezicht Curaçao en Sint Maarten (Cft) en van het College Aruba financieel toezicht (CAft) naar de Rijksministerraad.In 2024 is met Aruba een bestuurlijk akkoord gesloten om ook voor Aruba het beleid gericht op houdbare overheidsfinanciën vorm te geven in een nieuw ontwerp-Rijkswet. In 2025 is ook het eerdere voorstel Rijkswet Aruba financieel toezicht overeenkomstig het akkoord ingetrokken, omdat de steun ervoor aan Arubaanse zijde was ontvallen en er geen sprake meer was van consensus. Tot de nieuwe rijkswet in werking treedt, wordt het toezicht uitgeoefend op grond van de LAft.Op basis van artikel 36 van het Statuut voor het Koninkrijk der Nederlanden kunnen Aruba, Curaçao en Sint Maarten binnen het Koninkrijk eventueel in aanmerking komen voor hulp en bijstand van Nederland.C. BeleidswijzigingenEr zijn voor 2026 geen beleidswijzigingen te melden.D. Budgettaire gevolgen van beleidTabel 15 Budgettaire gevolgen van beleid artikel 5 Schuldsanering/lopende inschrijving/leningen (bedragen x € 1.000)2024202520262027202820292030Art.Verplichtingen66.00090.78000000Uitgaven94.517119.29728.51728.51728.51711.1509.8115.1Schuldsanering Curaçao en Sint Maarten28.51728.51728.51728.51728.51711.1509.811Leningen28.51728.51728.51728.51728.51711.1509.811Schuldsanering28.51728.51728.51728.51728.51711.1509.8115.2Leningen / garanties Curaçao, Sint Maarten en Aruba66.00090.78000000Leningen66.00090.78000000Lopende inschrijving en leningen Curaçao en Sint Maarten66.00090.78000000Ontvangsten160.957105.603153.073146.520152.945144.780317.706Geschatte budgetflexibiliteitTabel 16 Geschatte budgetflexibiliteit artikel 52026juridisch verplicht100%bestuurlijk gebonden0%beleidsmatig gereserveerd0%nog niet ingevuld/vrij te besteden0%Juridisch verplichtVan het totale uitgavenbudget op artikel 5 betreft het instrument leningen en is 100% juridisch verplicht.39Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 2 E. Toelichting op de financiële instrumenten5.1 Schuldsanering Curaçao en Sint MaartenLeningenSchuldsaneringIn de Slotverklaring van 2 november 2006 heeft Nederland met het oog op een gezonde financiële positie bij de start van de nieuwe staatkundige verhoudingen de schulden van (de collectieve sector van) de Nederlandse Antillen en de eilandgebieden Curaçao en Sint Maarten grotendeels overgenomen en geherfinancierd. Dit betreft de schulden van het Land en de eilandgebieden Curaçao en Sint Maarten. De overgenomen schulden zullen in deze begroting na 2030 volledig zijn afgewikkeld. De landen Curaçao en Sint Maarten hebben nog tot 2040 aflossingsverplichtingen aan Nederland die volgen uit de schuldsanering.OntvangstenDe ontvangsten binnen dit artikel hebben betrekking op aflossingen en rentebedragen van uitstaande leningen aan Aruba, Curaçao en Sint Maarten.40Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 2 3.5 Artikel 8. Wederopbouw Bovenwindse EilandenA. Algemene doelstellingHet bevorderen dat de basisvoorzieningen (inclusief infrastructuur) voor de burgers in Sint Maarten, Sint Eustatius en Saba weer op het niveau van voor de orkanen Irma en Maria komen. Het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) coördineert het beschikbaar stellen van de middelen vanuit Nederland en het toezicht op de besteding daarvan.B. Rol en verantwoordelijkheidDe minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties is verantwoor­delijk voor:Financieren–De minister financiert een deel van de wederopbouw van Sint Maarten. Tot eind 2021 zijn er middelen beschikbaar waarmee het trustfonds bij de Wereldbank wordt gevuld. Dit trustfonds blijft tot en met 2028 operationeel (Kamerstukken II 2022/23, 33189 nr. 18). Deze bijdrage is verbonden aan de politieke voorwaarden waarmee Sint Maarten akkoord is gegaan, waaronder de reeds ingestelde integriteitskamer en het versterken van het grenstoezicht waarover nadere afspraken zijn gemaakt (Stcrt. 2014, nr. 72542 en Landsverordening Integriteitskamer). Nederland zal gedurende de wederopbouw toezien op de naleving van de voorwaarden.–De minister levert naast het trustfonds directe steun voor de wederopbouw van Sint Maarten. Het gaat hier bijvoorbeeld technische assistentie op gebied van institutionele en financiële hervormingen binnen de overheid van Sint Maarten.Regisseren–De minister regisseert de Rijksbrede aanpak van de wederopbouwfase op de eilanden Saba en Sint Eustatius.–De minister is vertegenwoordigd in de stuurgroep van het Sint Maarten Reconstruction, Recovery and Resilience trustfund waarin ook Sint Maarten zitting heeft. Prioriteiten voor Nederland zijn economische ontwikkeling en bereikbaarheid, de afvalproblematiek en goed bestuur.C. BeleidswijzigingenEr zijn voor 2026 geen beleidswijzigingen te melden.41Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 2 D. Budgettaire gevolgen van beleidTabel 17 Budgettaire gevolgen van beleid artikel 8 Wederopbouw Bovenwindse Eilanden (bedragen x € 1.000)2024202520262027202820292030Art.Verplichtingen3.5051.040460600000Uitgaven2.8881.0404606000008.1Wederopbouw2.8881.040460600000Subsidies (regelingen)1.92104600000Diverse subsidies1.92104600000Opdrachten6611.0400600000Wederopbouw op Sint Maarten6611.0400600000Bijdrage aan ZBO's/RWT's306000000Wederopbouw op Sint Eustatius306000000Ontvangsten0000000Geschatte budgetflexibiliteitTabel 18 Geschatte budgetflexibiliteit artikel 82026juridisch verplicht100%bestuurlijk gebonden0%beleidsmatig gereserveerd0%nog niet ingevuld/vrij te besteden0%Juridisch verplichtVan het totale uitgavenbudget op artikel 8 betreft het instrument subsidies is 100% juridisch verplicht. Dit betreft subsidies ten behoeve van de storm­waterpompen.E. Toelichting op de financiële instrumenten42Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 2 4. Niet-beleidsartikelen4.1 Artikel 6. ApparaatA. Budgettaire gevolgenTabel 19 Budgettaire gevolgen artikel 6 Apparaat (bedragen x € 1.000)2024202520262027202820292030Art.Verplichtingen53.42939.62335.13534.48025.47224.84824.436Uitgaven50.02439.62335.13534.48025.47224.84824.4366.0Apparaat50.02439.62335.13534.48025.47224.84824.436Personele uitgaven24.38826.59124.54925.12717.47617.29417.022Eigen personeel22.95525.40223.40823.96716.86616.75116.479Inhuur externen1.4331.1891.1411.160610543543Materiële uitgaven25.63613.03210.5869.3537.9967.5547.414Overige materiële uitgaven14.90513.03210.5869.3537.9967.5547.414Wisselkoersverschillen10.731000000Ontvangsten2.6141.70500000B. Toelichting op de financiële instrumentenOp dit artikel worden de apparaatsuitgaven voor de volgende organi­saties begroot:–Shared Service Organisatie Caribisch Nederland (SSO CN);–Colleges financieel toezicht (Cft);–Vertegenwoordiging Nederland in Aruba, Curaçao en Sint Maarten (VN-ACS) exclusief de uitgaven voor ambtelijk personeel die op hoofdstuk VII worden begroot;–Tijdelijke Werkorganisatie (TWO);–Rijksvertegenwoordiger.Daarnaast worden de vergoedingen voor leden van raden en commissies op dit artikel begroot.Personele uitgavenEigen personeelDit betreffen de uitgaven aan het eigen personeel van de SSO CN, Rijksver­tegenwoordiger CN, Cft en het lokaal personeel van de VN-ACS.Inhuur externenEr wordt onder andere ingehuurd om de continuïteit van de dienstverlening bij SSO-CN te waarborgen.Materiële uitgavenOverige materiële uitgavenDe materiële uitgaven van alle onder dit begrotingshoofdstuk vallende onderdelen zijn hier opgenomen. De materiële uitgaven voor de SSO CN maken hier het merendeel van uit.43Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 2 4.2 Artikel 7. Nog onverdeeldA. Budgettaire gevolgenTabel 20 Budgettaire gevolgen artikel 7 Nog onverdeeld (bedragen x € 1.000)2024202520262027202820292030Art.Verplichtingen03.5920179876646879Uitgaven03.59201798766468797.0Nog onverdeeld03.5920179876646879Nog te verdelen03.5920179876646879Onvoorzien03.5920179876646879Ontvangsten0000000B. Toelichting op de financiële instrumentenOnvoorzienDeze middelen worden op een later moment toegekend aan de relevante beleidsartikelen.44Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 2 5. Beleidsartikel BES-fonds5.1 Artikel 1. BES-fondsA. Algemene doelstellingVia het BES-fonds wordt bewerkstelligd dat de Openbare Lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba middelen krijgen toebedeeld om de tussen het Rijk en de eilanden overeengekomen taakverdeling naar behoren uit te voeren.B. Rol en verantwoordelijkheidDe Openbare Lichamen mogen zelf bepalen welke taken en activiteiten zij bekostigen uit de algemene middelen van de vrije uitkering. Dit uitgangspunt laat onverlet dat de openbare lichamen bepaalde wettelijke taken en activiteiten dienen uit te voeren waarbij zij voor de bekostiging mede op de algemene middelen uit de vrije uitkering zijn aangewezen.De minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties is verantwoor­delijk voor:FinancierenDe minister is verantwoordelijk voor de bestuurlijke en financiële verhouding met de eilanden en in die hoedanigheid financiert de minister het BES-fonds.C. De BeleidswijzigingenEr zijn voor 2026 geen beleidswijzigingen te melden.D. Budgettaire gevolgen van beleidTabel 21 Budgettaire gevolgen van beleid artikel 1 BES-fonds (bedragen x € 1.000)2024202520262027202820292030artVerplichtingen106.72397.99995.80896.92098.922100.926103.691Uitgaven103.88397.99995.80896.92098.922100.926103.6911.0Bijdrage aan medeoverheden103.88397.99995.80896.92098.922100.926103.691Vrije uitkering103.88397.99995.80896.92098.922100.926103.691Ontvangsten103.88397.99995.80896.92098.922100.926103.691Geschatte budgetflexibiliteitHet BES-fonds kent geen budgetflexibiliteit. De openbare lichamen ontvangen middelen voor de aan hen toebedeelde en wettelijke taken.45Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 2 E. Toelichting op de financiële instrumentenBijdrage aan medeoverhedenVrije uitkeringDe middelen, die de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba uit de vrije uitkering ontvangen, zijn vrij besteedbaar. Op de vrije uitkering wordt een aantal bedragen ingehouden. Het betreft aflossingslasten voor eerder afgesloten renteloze leningen die het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap heeft verstrekt ter bekostiging van achterstanden op Sint Eustatius en Bonaire in de onderwijshuisvesting, de lening van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat voor de weginfrastructuur op Saba en de lening van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Konink­rijksrelaties aan Sint Eustatius voor de financiering van een schikking. Een overzicht van de verstrekte renteloze leningen aan de openbare lichamen treft u aan in bijlage 6 van deze begroting.OntvangstenArtikel 88, derde lid van de Wet financiën openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba (FinBES) regelt dat bij (begrotings-)wet voor ieder uitkeringsjaar middelen van het Rijk worden afgezonderd ten behoeve van het BES-fonds. De uitgaven en de afgezonderde inkomsten over ieder uitke­ringsjaar zijn aan elkaar gelijk. Gelet hierop is ten behoeve van de dekking van de uitgaven ten laste van het BES-fonds een post ontvangsten geraamd.46Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 2 6. Bijlagen47Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 2 Bijlage 1: SubsidieoverzichtTabel 22 Subsidies (bedragen x 1.000 euro)ArtikelNaam subsidies (regelingen)2024202520262027202820292030Laatste evaluatieVolgende evaluatieEinddatum subsidieVersterken rechtsstaat1Detentie algemeen23000000‒‒2024Slavernijverleden2Maatschappelijke initiatieven01.7788.7668.8626.6667.2580‒20272029Bevorderen sociaaleconomische structuur4.1Diverse subsidies98174776063328600‒2025120284.1Tijdelijke Werkorganisatie (TWO)8.86511.89219.05249.000000‒2026220274.1Onderwijshuisvesting Curacao2.8036.1664.5000000‒2026120264.2Subsidie Caribisch Nederland3.6693.1522.5352.6071.8571.8571.857‒2025120304.3Voedselzekerheid07597.7277.7277.72600‒2028Wederopbouw Bovenwindse Eilanden8Diverse subsidies1.92104600000‒‒2026Totaal subsidies (regelingen)18.26224.49443.80068.82916.5359.1151.8571Betreft een subsidiebudget zonder specifiek subsidiedoel. Elk begrotingsjaar wordt er bezien welke subsidies worden verstrekt derden op de landen/OL'en. Loopt mee in de beleidsdoorlichting van artikel 42Subsidies uitgegeven vanuit de onderlingen regelingen van TWO. Evaluatie vindt plaats in 202648Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 2 Bijlage 2: Uitwerking Strategische Evaluatie AgendaDe Strategische Evaluatie Agenda (SEA) laat zien hoe BZK de komende jaren werkt aan het voortbrengen van inzichten over de (voorwaarden voor) de doeltreffendheid en doelmatigheid van ons beleid. Door voldoende (goed) evaluatieonderzoek te programmeren neemt het aantal bruikbare inzichten toe.Deze onderzoeksprogrammering biedt een overzicht van de geplande ex ante, ex durante en ex post evaluaties van beleid. Tevens wordt de doeltref­fendheid en de doelmatigheid van het gehele beleid binnen de (sub)thema’s eens in de vier tot zeven jaar onderzocht middels een periodieke rapportage. Ook deze onderzoeken zijn opgenomen in de SEA.Tabel 23 SEA-thema: Een koninkrijk met wederzijdse betrokkenheidSyntheseonderzoeken op basis van afgeronde deel(evaluatie)onderzoekenPeriodieke Rapportage: bevorderen sociaaleconomische structuur (Art 4)Afronding in 2025Periodieke Rapportage: Een Koninkrijk met wederzijdse betrokkenheid (Art 1, 4 en 5)Afronding in 2029Periodieke Rapportage: Wederopbouw Bovenwindse Eilanden (Art 8)Afronding in 2030Periodeke Rapportage: Slavernijverleden Caribisch deel van het Koninkrijk (Art 2)Afronding in 2030Deel(evaluatie)onderzoekenType onderzoekAfrondingStatusBegrotingsartikel(en)Versterken rechtsstaatProtocollen flexpool, Kmar & versterking grenstoezichtEx durante2026Te starten1Protocol gespecialiseerde recherchesamenwerkingEx durante2027Te starten1Bevorderen sociaaleconomische structuurEvaluatie van de bevindingen en aanbevelingen van de Raad van StateEx durante2025Te starten4Wet taakverwaarlozing Sint Eustatius en de Wet herstel voorzieningen Sint EustatiusEx post2026Te starten4Regio Enveloppe Caribisch NederlandEx post2026Te starten4Onderlinge Regeling Samenwerking bij HervormingenEx durante2026Te starten4Evaluatie zeehaven SabaEx post2027Te starten4Schuldsanering/lopende inschrijving/leningenHerfinanciering van de liquiditeitsleningen aan Aruba, Curaçao en Sint MaartenEx post2027Te Starten5ToelichtingSEA-thema ‘Een Koninkrijk met wederzijdse betrokkenheid»Kennisverzameling speelt een belangrijke rol om ons de komende jaren in te zetten voor een Koninkrijk met wederzijdse betrokkenheid. Enerzijds gaat het om kennisvragen over actuele strategische uitdagingen op dit terrein. Denk hierbij aan majeure vraagstukken op het vlak van Koninkrijks­relaties, zoals onder meer: het sociaal minimum en het democratisch deficit alsook onderliggende (maatschappelijke) vraagstukken in de Caribische delen van het Koninkrijk. In de kennisverzameling over deze vraagstukken zoeken we de relatie met werkprogramma's van verscheidene kennisinstel­lingen in (Europees) Nederland, wetenschapsinstituten, alsook de Hogere colleges van Staat. Dit is een groeiproces waaraan we (structureel) meer aandacht willen besteden. Dit doen we onder meer door input te leveren aan de werkprogramma’s van kennisinstellingen en door actief de huidige Caribische (wetenschappelijke) kennisbasis te vergroten. Anderzijds gaat het om inzichten die we via (evaluatie)onderzoek willen opdoen over ons eigen ingezette beleid.49Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 2 Eerstvolgende periodieke rapportagesBinnen dit SEA thema wordt er allereerst toegewerkt naar de oplevering van een Periodieke rapportage in 2025 over Artikel 4 van de begroting. De Kamer is in 2024 over de onderzoeksopzet hiervan geïnformeerd. Daarnaast wordt er toegewerkt naar één Periodieke Rapportage in 2029 over Artikel 1, 4 en 5. Tevens wordt er toegewerkt naar een tweetal Periodieke rapportages in 2030. Dit betreft thema's die gebaseerd zijn op de begrotingsartikelen 2 en 8. Deze syntheseonderzoeken brengen inzichten uit diverse monitors en evaluaties over de betreffende beleidsperiode bij elkaar. Dit met als doel om over het gehele thema uitspraken te kunnen doen over de doeltref­fendheid en doelmatigheid van de beleidsvoetafdruk in deze periode. De komende jaren wordt hiervoor een naderende onderzoeksprogrammering ontwikkeld en uitgevoerd om voldoende evaluatiemateriaal te verzamelen in voorbereiding op deze syntheseonderzoeken. In het jaar voorafgaand aan publicatie van deze onderzoeken wordt de onderzoeksopzet met de Tweede Kamer gedeeld.Eerder afgeronde monitors en evaluaties over deze beleidsperiode zijn terug te vinden in jaarverslagen. Aanvullend op wat reeds is afgerond worden de evaluaties en monitors die hierboven in de tabel zijn opgenomen voor de komende jaren geprogrammeerd.Nieuw opgenomen (deel)evaluaties/monitorsEvaluatie protocollen Flexpool KMar en versterking grenstoezichtUit het protocol Flexpool volgt dat de uitvoering van de in het protocol, of op grond van het protocol, gemaakte afspraken elke twee jaar door de partijen gezamenlijk wordt geëvalueerd. Uit het protocol Versterking grenstoezicht volgt dat de werking van het protocol elke drie jaar wordt geëvalueerd. Het precieze tijdstip volgt nog. Waarschijnlijk wordt het een gecombineerde evaluatie.Protocol gespecialiseerde recherchesamenwerkingVoortkomend uit artikel 20 van het Protocol inzake gespecialiseerde recher­chesamenwerking tussen de landen van het Koninkrijk Aruba, Curaçao, Sint Maarten en Nederland volgt dat het Protocol eens in de vier jaar geëvalueerd dient te worden. Een nieuwe evaluatie vindt in samenspraak met Aruba, Curaçao en Sint Maarten plaats in 2027. Afstemming over de reikwijdte en opdracht van de evaluatie wordt besproken in het Justitieel Vierpartijen Overleg (JVO).Evaluatie van de bevindingen en aanbevelingen van de Raad van StateNa de kabinetsreactie op de voorlichting van de Raad van State (Voorlichting vormgeving Caribisch Nederland) en het interdepartementaal beleids­onderzoek is er een programma ontwikkeld om deze bevindingen en aanbevelingen uit te werken. Hieruit zijn bestuurlijke afspraken en uitvoe­ringsagenda’s ontstaan om de rechtstaat in CN te versterken.Evaluatie van de Wet taakverwaarlozing Sint Eustatius en de Wet herstel voorzieningen Sint EustatiusIn 2018 heeft het Kabinet bestuurlijk ingegrepen op Sint Eustatius in verband met grove taakverwaarlozing. Sindsdien werd het eiland bestuurd door een regeringscommissaris die door het Kabinet benoemd is. Er is de afgelopen periode gewerkt aan het inhalen van achterstanden en aan de uitvoering van de Wet herstel voorzieningen Sint Eustatius. De bevoegdheden zijn daarbij gefaseerd teruggegeven aan het lokale bestuur. In 2026 zal de evaluatie van beide wetten plaatsvinden.50Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 2 Evaluatie Regio Enveloppe Caribisch Nederland (CN)Bij het verdelen van de middelen uit de CN enveloppe is een evaluatie van de middelen voorzien in 2026. Zoals ook in reactie op het rapport van de Algemene Rekenkamer is aangegeven naar aanleiding van de beleids­evaluatie van de CN enveloppe, vindt de regering het niet zinvol om de middelen en maatregelen uit het coalitieakkoord van Rutte IV geïsoleerd te evalueren. Nadien zijn namelijk substantiële middelen toegevoegd aan de onderwerpen van de CN enveloppe. Het gaat onder meer om structureel € 32 mln. vanaf 2025 om de levensstandaard in CN verder te bevorderen en de structurele verhoging van de vrije uitkering vanaf 2024 met € 13,6 mln.De evaluatie van deze middelen is ingebed in reguliere processen.  De Tweede Kamer wordt onder meer met de reguliere voortgangsrappor­tages ijkpunt sociaal minimum CN jaarlijks geïnformeerd over belangrijke elementen inzake het verbeteren van de levensstandaard. De evaluatie van de vrije uitkering wordt bezien in relatie tot het onderhoud van de vrije uitkering en wijze waarop dat komende jaren wordt ingezet. Hoewel de evaluatie van deze middelen is geborgd via reguliere processen, lijkt een evaluatie van de substantiële financiële impuls uit het kabinet Rutte IV ten behoeve van CN zinvol. De coördinerende rol van de staatssecretaris van Koninkrijksrelaties kan in deze evaluatie ook worden betrokken. Dit is ook in lijn met het gewisselde in het wetgevingsoverleg van 12 juni 2024 over het jaarverslag 2023 van Koninkrijksrelaties. Deze evaluatie zal nader worden uitgewerkt en worden uitgevoerd in 2026.Evaluatie Onderlinge Regeling Samenwerking bij HervormingenIn 2023 is de Onderlinge Regeling Samenwerking bij Hervormingen getekend door Aruba, Curaçao, Sint Maarten en Nederland. Op basis van deze Onderlinge Regeling wordt gewerkt aan het doorvoeren van hervor­mingen in de publieke sectoren van de Caribische Landen zoals vastgelegd in de Landspakketten, teneinde de economische weerbaarheid en bestuurs­kracht van de drie Landen te verhogen. Binnen drie jaar na inwerkingtreding wordt deze Onderlinge Regeling geëvalueerd, waarbij inzicht verkregen dient te worden in de doeltreffendheid en doelmatigheid van de regeling. Met het oog op deze evaluatie wordt momenteel gewerkt aan de instelling van de evaluatiecommissie door de ministers van Algemene Zaken van Aruba, Curaçao en Sint Maarten en de Nederlandse minister van Binnen­landse Zaken en Koninkrijksrelaties. Ook wordt de TOR voor het onderzoek opgesteld. Voorzien tijdpad is dat het eindrapport van de evaluatie eind 2025 gereed is.Evaluatie Zeehaven SabaDe bijdrage aan Saba vindt plaats via een bijzondere uitkering, waarin ook aanvullende voorwaarden worden toegekend. Na realisatie van de Zeehaven zal geëvalueerd en beoordeeld worden of aan de voorwaarden van de bijzondere uitkering is voldaan.Evaluatie van de herfinanciering van de liquiditeitsleningen aan Aruba, Curaçao en Sint MaartenNederland heeft sinds 2020 een grote covidlening in tranches liquiditeits­steun verstrekt aan Curaçao, na een hulpvraag van Curaçao op grond van artikel 36 (hulp en bijstand) van het Statuut voor het Koninkrijk der Nederlanden. Deze lening is op verschillende momenten geherfinancierd. In 2027 vindt de volgende evaluatie van (de herfinanciering van de) liquidi­teitsleningen plaats, zoals in de toetsingskaders van de risicoregelingen is aangekondigd.51Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 2 WederopbouwDe minister financiert een deel van de wederopbouw van Sint Maarten via het trustfonds bij de Wereldbank. Dit trustfonds blijft tot en met 2028 opera­tioneel (Kamerstukken II 2022/23, 33189 nr. 18). Deze bijdrage is verbonden aan de politieke voorwaarden waarmee Sint Maarten akkoord is gegaan, waaronder de reeds ingestelde integriteitskamer en het versterken van het grenstoezicht. Nederland zal gedurende de wederopbouw toezien op de naleving van de voorwaarden. Planning is dat de evaluatie zal plaatsvinden in 2029 en daarna aan de Kamer wordt aangeboden.Begrotingsstructuur hoofdstuk IV KoninkrijksrelatiesDe Periodieke Rapportage naar Artikel 4 zit in de afrondende fase. Deze wordt naar verwachting eind 2025 naar de Tweede Kamer gestuurd. Hiermee zijn de afgelopen jaren de beleidsartikelen Artikel 1 (Versterken rechtsstaat), Artikel 4 (Bevorderen sociaaleconomische structuur) en Artikel 5 (Schuldsanering/ lopende inschrijving/ leningen), doorgelicht. Met het afronden van de laatste Periodieke Rapportage (voorheen beleidsdoor­lichting), komt ook de vraag op of de artikelstructuur van begrotings­hoofdstuk 4 nog wel voldoet en in overeenstemming is met de praktijk. Mogelijk leidt deze analyse tot aanpassingen van de beleidsartikelen van hoofdstuk IV, waarbij voornamelijk wordt gekeken naar artikelen 1, 4 en 5. In de kabinetsreactie op de periodieke rapportage artikel 4 zal hier nader op in worden gegaan. Hierbij wordt aangesloten op eerdere toezeggingen naar aanleiding van de beleidsdoorlichting van artikel 1 (Kamerstukken II 2022/23, 33189, nr. 17 en Kamerstukken 2024/25, 29279, nr. 911). Een aanpassing van de artikelen leidt logischerwijs ook tot een andere planning en invulling van bovenstaande periodieke rapportages. Dit zal zichtbaar worden in de volgende SEA.52Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 2 Bijlage 3: Rijksuitgaven Caribisch NederlandNaar aanleiding van de motie Hachchi c.s. (Kamerstukken II 2011/12, 33000 IV, nr. 28) wordt jaarlijks een overzicht van alle Rijksuitgaven aan Caribisch Nederland (met uitzondering van de vrije uitkering ofwel het BES-fonds) toegevoegd aan de begroting van Koninkrijksrelaties.Naar aanleiding van de voorlichting van de Afdeling Advisering van de Raad van State (RvS) en het Interdepartementale Beleidsonderzoek Konink­rijksrelaties (IBO) volgt het kabinet de aanbeveling op om het overzicht Rijksuitgaven aan Caribisch Nederland uit te breiden (Kamerstukken II 2019/20, 35300 IV, nr. 11). Doel hiervan is om de rol van het ministerie van BZK te verstevigen en een meer integrale afweging van de Rijksuitgaven aan Caribisch Nederland te bevorderen.Onderstaand is eerst een totaal overzicht te vinden met alle Rijksuitgaven die voor Caribisch Nederland op de (departementale) begrotingen staan.In de kabinetsreactie is aangekondigd dat naast deze toelichting ook een toelichting gegeven zou worden op de wijze van financiering welke gekoppeld aan de beoogde beleidsdoelen (Kamerstukken II 2019/20, 35 300 IV, nr. 11).Op verzoek van de motie Bruyning c.s. (Kamerstukken II 2024/25, 36600 IV, nr. 19) wordt de begroting van de interdepartementale Rijksuitgaven aan Caribisch Nederland in het onderstaande overzicht op artikelniveau gepresenteerd, om zo de Rijksuitgaven Caribisch Nederland inzichtelijker te maken.Naast de Rijksuitgaven van departementen aan Caribisch Nederland ontvangen de openbare lichamen via het BES-fonds ook een vrije uitkering voor de uitvoering van de eilandelijke taken. Voor een overzicht van het BES-fonds verwijs ik u naar het jaarverslag van het BES-fonds.Tabel 24 Departementaal overzicht Rijksuitgaven Caribisch Nederland (bedragen x € 1.000)BegrotingArtikelInstrumentrealisatieontwerpbegroting 20262024202520262027202820292030Totaal Rijksuitgaven627.939751.226703.782661.020642.159640.430633.024IIBHoge Colleges van Staat, Kabinetten van de Gouverneurs en de Kiesraad502400400400400400400Artikel 3 Nationale ombudsmanInstitutionele inrichting502400400400400400400IVKoninkrijksrelaties11.82852.26326.78119.93014.6026.8046.804Artikel 1 Versterken rechtsstaatBijdrage aan (andere) begrotingshoofdstukken1‒‒‒‒‒‒‒Artikel 4 Bevorderen sociaaleconomische structuurSubsidies (regelingen)3.6693.1522.5352.6071.8571.8571.857Opdrachten9783.3612.1552.1552.1552.1552.155Inkomensoverdrachten1.6321.3491.3491.3491.3491.3491.349Bijdrage aan ZBO's/RWT's3228300000Bijdrage aan medeoverheden5.47943.55616.8789.9555.3781.4431.443Bijdrage aan agentschappen3818200000VIJustitie en Veiligheid70.25978.24970.66770.52169.86669.80869.81853Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 2 BegrotingArtikelInstrumentrealisatieontwerpbegroting 2026Artikel 31 PolitieBijdrage aan ZBO’s/RWT’s2‒‒‒‒‒‒‒Bijdrage aan medeoverheden33.18835.63835.58435.67835.71535.71535.715Artikel 32 Rechtspleging en rechtsbijstandOpdrachten807343418418418418418Bijdrage aan medeoverheden13.95515.5137.9337.8807.3737.3737.373Artikel 33 Veiligheid en criminaliteitsbestrijdingBijdrage aan medeoverheden715000000Artikel 34 Straffen en beschermenSubsidies (regelingen)2.4062.2702.1902.1842.1782.1762.176Bijdrage aan agentschappen17.19922.34122.55222.56322.41622.36022.370Bijdrage aan medeoverheden1.9892.1441.9901.7981.7661.7661.766VIIBinnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties4.8499.5508.1008.1006.5006.5003.500Artikel 6 Overheidsdienstverlening en informatiesamenlevingOpdrachten8054.6003.6003.6003.0003.0000Bijdrage aan ZBO's/RWT's302000000Bijdrage aan medeoverheden09501.5001.5001.5001.5001.500Bijdrage aan agentschappen3.7424.0003.0003.0002.0002.0002.000VIIIOnderwijs, Cultuur en Wetenschap93.600105.553105.03486.96588.03188.17488.128Artikel 1 Primair onderwijsBekostiging32.25134.12934.34634.55034.93035.12735.284Opdrachten753000000Bijdrage aan medeoverheden12.94521.69520.7692.2222.2222.3972.397Artikel 3 Voortgezet onderwijsSubsidies (regelingen)890000000Bekostiging25.77928.46628.11428.52428.87428.50428.217Artikel 4 Beroepsonderwijs en volwasseneneducatieSubsidies (regelingen)4493373370000Bekostiging10.51613.41513.43813.97414.24114.37714.461Bijdrage aan medeoverheden1.420000000Artikel 6 Hoger beroepsonderwijsSubsidies (regelingen)501586592589325325325Artikel 9 Arbeidsmarkt- en personeelsbeleidSubsidies (regelingen)97000000Artikel 11 StudiefinancieringInkomensoverdrachten1.9591.9592.3322.8673.2013.2013.201Artikel 14 CultuurSubsidies (regelingen)080331431431560560Opdrachten202201000000Bijdragen aan medeoverheden3.3862.1662.1751.3081.3071.1831.183Artikel 16 Onderzoek en wetenschapsbeleidBekostiging2.5002.5002.5002.5002.5002.5002.500Artikel 25 EmancipatieSubsidies (regelingen)134000000IXFinanciën en Nationale Schuld20.98421.27121.27121.27121.27121.27121.271Artikel 1 BelastingenApparaatsuitgaven18.38518.30018.30018.30018.30018.30018.300Artikel 2 Financiële marktenBijdrage aan ZBO’s/RWT’s2.5992.9712.9712.9712.9712.9712.971XDefensie‒‒‒‒‒‒‒Artikel 2 Koninklijke MarineOpdrachten, Personele en Materiële Uitgaven3‒‒‒‒‒‒‒54Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 2 BegrotingArtikelInstrumentrealisatieontwerpbegroting 2026Artikel 3 Koninklijke LandmachtOpdrachten, Personele en Materiële Uitgaven3‒‒‒‒‒‒‒Artikel 5 Koninklijke MarechausseeOpdrachten, Personele en Materiële Uitgaven3‒‒‒‒‒‒‒Artikel 8 Defensie OndersteuningscommandoOpdrachten, Personele en Materiële Uitgaven3‒‒‒‒‒‒‒XIIInfrastructuur en Waterstaat25.86224.58315.66710.4098.6038.3688.535Artikel 13 Bodem en ondergrondSubsidies (regelingen)9.29510.21310.3996.6606.1575.9226.089Bijdrage aan medeoverheden2.474000000Artikel 14 Wegen en verkeersveiligheidBijdrage aan medeoverheden8.3136.00000000Artikel 17 LuchtvaartSubsidies (regelingen)1.269860200200000Opdrachten176469243193465465465Bijdrage aan medeoverheden5121.42700000Bijdrage aan agentschappen4651000000Artikel 18 Scheepvaart en havensOpdrachten57100100100100100100Bijdrage aan medeoverheden03.00000000Artikel 21 DuurzaamheidBijdrage aan medeoverheden1.6556452.8441.375000Artikel 22 Omgevingsveiligheid en milieurisico'sOpdrachten106507441441441441441Bijdrage aan medeoverheden00159159159159159Bijdrage aan agentschappen349378307307307307307Artikel 23 Meteorologie, seismologie en aardobservatieBijdrage aan medeoverheden1.191974974974974974974XIIIEconomische Zaken12.1077.4217.7716.0715.2715.2715.271Artikel 1 Goed functionerende economie en marktenSubsidies (regelingen)10.3615.2006.0004.3003.5003.5003.500Bijdrage aan ZBO’s/RWT’s651651651651651651651Artikel 2 Bedrijvenbeleid: innovatie en ondernemerschap voor duurzame welvaartsgroeiSubsidies (regelingen)65100100100100100100Opdrachten1.0301.4701.0201.0201.0201.0201.020XIVLandbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur1.087979899830800899800Artikel 22 Natuur, visserij en gebiedsgericht werkenBijdrage aan medeoverheden1.087979899830800899800XVSociale Zaken en Werkgelegenheid130.962153.594163.728163.110161.355164.130169.722Artikel 2 Bijstand, Participatiewet en ToeslagenwetInkomensoverdrachten9.81511.52011.74811.87911.95212.03912.089Bijdrage aan medeoverheden2.63611.2759.0224.5224.5224.0004.000Artikel 3 ArbeidsongeschiktheidInkomensoverdrachten1.3601.4421.4421.4601.149863867Artikel 5 WerkloosheidInkomensoverdrachten0555555Artikel 6 Ziekte en ZwangerschapInkomensoverdrachten9.4158.4128.1058.1946.4366.4756.503Artikel 7 KinderopvangSubsidies (regelingen)15.20621.42011.795000055Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 2 BegrotingArtikelInstrumentrealisatieontwerpbegroting 2026Opdrachten1962.2142.3712.5212.2211.6921.692Bekostiging0011.79525.41926.63628.05029.380Bijdragen medeoverheden11.6395.4415.7286.1733.6992.4122.412Artikel 8 OudedagsvoorzieningInkomensoverdrachten54.94062.56866.08469.48373.35577.06081.007Artikel 9 NabestaandenInkomensoverdrachten2.8293.2303.2803.3153.3343.3573.371Artikel 10 Tegemoetkoming oudersInkomensoverdrachten14.67015.55015.69215.80415.85015.87915.996Artikel 11 UitvoeringskostenBekostiging8.25610.51716.66114.33512.19612.29812.400XVIVolksgezondheid, Welzijn en Sport222.073262.009257.922249.843243.065245.400235.105Artikel 1 VolksgezondheidSubsidies (regelingen)252252252252252252252Bijdrage aan agentschappen4.2053.13013080303030Artikel 4 Zorgbreed beleidSubsidies (regelingen)4.7334.9335.0815.0655.0024.9464.938Bekostiging199.853241.638235.855233.237227.092231.215221.463Opdrachten3.8571.0756.4095.3555.0113.7453.745Bijdrage medeoverheden9.16310.97110.1855.8545.6785.2124.677Artikel 6 Sport en bewegenSubsidies (regelingen)1010100000XXIIVolkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening18.727418.20017.20018.55018.30019.30019.550Artikel 1 WoningmarktSubsidies (regelingen)13.52318.10012.10013.20013.20014.20014.200Opdrachten59000000Bijdrage aan ZBO's/RWT's334100100350100100350Bijdrage aan medeoverheden4.81105.0005.0005.0005.0005.000XXIIIKlimaat en Groene Groei15.099517.1548.3425.0204.0954.1054.120Artikel 4 Een doelmatige energievoorziening en beperking van de klimaatveranderingSubsidies (regelingen)15.09917.1548.3425.0204.0954.1054.1201Het deel dat ten goede komt aan Caribisch Nederland is niet te bepalen2Het deel dat ten goede komt aan Caribisch Nederland is niet te bepalen3Het Ministerie van Defensie voert haar taken structureel in het gehele Konikrijk uit. Het valt derhalve niet te bepalen welk specifiek deel daarvan wordt besteed in Caribisch Nederland.4In cursief gedrukte bedrag betreft het jaar 2024. Deze valt nog onder de verantwoordelijkheid van BZK.5In cursief gedrukte bedrag betreft het jaar 2024. Deze valt nog onder de verantwoordelijkheid van EZ.Hieronder zijn de Rijksuitgaven aan Caribisch Nederland voor de begrotingen afzonderlijk weergegeven, uitgesplitst per instrument. In het overzicht en de bijbehorende toelichtingen wordt aangegeven of het uitgaven zijn ten behoeve van eilandelijke taken of rijkstaken, of er sprake is van incidentele of structurele bekostiging en wordt een toelichting gegeven op de wijze van financiering welke gekoppeld is aan de beoogde beleids­doelen.56Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 2 Begroting overige Hoge Colleges van Staat, Kabinetten van de Gouverneurs en de Kiesraad (IIB)Tabel 25 Overzicht Rijksuitgaven Caribisch Nederland in begrotingshoofdstuk overige Hoge Colleges van Staat, Kabinetten van de Gouverneurs en de Kiesraad (IIB) (bedragen x € 1.000)Artikel/ instrumentTaak1Bijdrage2realisatieontwerpbegroting 20252024202520262027202820292030Totaal uitgaven502400400400400400400Artikel 3 Nationale ombudsman502400400400400400400Institutionele inrichtingRS5024004004004004004001R =Rijk, E = eilandelijk2S =Structureel, I = IncidenteelToelichtingArtikel 3 Nationale OmbudsmanInstitutionele inrichtingDe Nationale ombudsman is sinds 2010 bevoegd klachten te behandelen over overheidsinstanties van het Rijk in Caribisch Nederland en sinds 2012 ook over de openbare lichamen Bonaire, Saba en Sint Eustatius. Voor de openbare lichamen is de Nationale ombudsman eerstelijns klachtbehan­delaar. Dat betekent dat burgers een klacht over de openbare lichamen ook direct aan de Nationale ombudsman kunnen voorleggen. Het betreft daarmee een structurele rijkstaak.Mei 2018 is een plan van aanpak met een missie en visie vastgesteld. Daarin is teruggekeken op het werk van de Nationale ombudsman in Caribisch Nederland sinds 10 oktober 2010 en vooruitgekeken naar de periode 2018-2026. In het plan van aanpak zijn twee doelstellingen neergelegd. De eerste is dat de Nationale ombudsman zichtbaar moet zijn voor de burgers in Caribisch Nederland en hen op weg moet kunnen helpen. De tweede doelstelling is dat de Nationale ombudsman wil bijdragen aan goed bestuur op de eilanden door de beginselen van het klachtrecht onder de aandacht te brengen bij de overheid.De Nationale ombudsman heeft voor het uitvoeren van haar werkzaam­heden, die rijkstaken betreffen, op Caribisch Nederland vanaf 2018 een structureel budget beschikbaar van € 0,4 mln.57Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 2 Begroting Koninkrijksrelaties (IV)Tabel 26 Overzicht Rijksuitgaven Caribisch Nederland in begrotingshoofdstuk Koninkrijksrelaties (IV) (bedragen x € 1.000)Artikel/ instrumentTaak1Bijdrage2realisatieontwerpbegroting 20262024202520262027202820292030Totaal uitgaven11.82852.26326.78119.93014.6026.8046.804Artikel 1 Versterken rechtsstaatBijdrage aan (andere) begrotingshoofdstukkenESHet deel dat ten goede komt aan Caribisch Nederland is niet te bepalen.Artikel 2 Slavernijverleden04.21211.4338.6494.8424.3420Subsidies (regelingen)EI01.1854.3834.4313.3333.3330Bijdrage aan medeoverhedenEI03.0277.0504.2181.5091.0090Artikel 4 Bevorderen sociaaleconomische structuur11.82852.26326.78119.93014.6026.8046.804Subsidies (regelingen)RI3.6693.1522.5352.6071.8571.8571.857Subsidies (regelingen)EI03803.8643.8643.86300OpdrachtenEI9783.3612.1552.1552.1552.1552.155InkomensoverdrachtenRS1.6321.3491.3491.3491.3491.3491.349Bijdrage aan ZBO's/RWT'sRI3228300000Bijdrage aan medeoverhedenEI5.47943.55616.8789.9555.3781.4431.443Bijdrage aan agentschappenEI38182000001R =Rijk, E = eilandelijk2S =Structureel, I = IncidenteelToelichtingArtikel 1 Versterken rechtsstaatBijdrage aan (andere) begrotingshoofdstukkenRecherche is een eilandelijke taak. Op grond van het Protocol inzake gespe­cialiseerde recherchesamenwerking ondersteunt het Recherche Samenwer­kingsteam (RST) in deze taak. Het protocol is voor onbepaalde tijd. Met de Politiewet 2012 is bepaald dat er tussen de politie en het ministerie van Justitie en Veiligheid (JenV) een gesloten systeem voor financiering van de politie bestaat. Jaarlijks worden de budgetten van begrotingshoofdstuk IV Koninkrijksrelaties ten behoeve van het RST overgeheveld naar begrotings­hoofdstuk VI JenV.Het RST is zowel in Bonaire, Sint Eustatius, Saba als in de landen Aruba, Curaçao en Sint Maarten actief. Hierdoor is niet uit te splitsen welk deel ten goede komt aan Bonaire, Sint Eustatius, Saba en welk deel aan de Aruba, Curaçao en Sint Maarten.Artikel 2 SlavernijverledenSubsidies(regelingen)Dit betreft uitgaven om invulling te geven aan de subsidieregeling voor maatschappelijke initiatieven trans-Atlantisch slavernijverleden voor Bonaire, Saba en Sint Eustatius. Het gaat om circa € 16,7 mln., verdeeld over de jaren 2025 tot en met 2029 voor zowel de budgetten beschikbaar voor aanvragen als de kosten om de regeling uit te kunnen voeren.58Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 2 Bijdrage aan medeoverhedenDit betreft uitgaven voor onder andere bewustwording, betrokkenheid en doorwerking van slavernijverleden voor Caribisch Nederland. Ieder (ei)land werkt hiervoor aan een eigen agenda en de lokale overheden zijn hierin essentiële partners. Het gaat om circa € 16,8 mln., verdeeld over de jaren 2025 tot en met 2029. Voor 2026 is € 7,1 mln. beschikbaar.Artikel 4 Bevorderen sociaaleconomische structuurSubsidies(regelingen)Er worden incidentele subsidies verstrekt aan initiatieven die verbindingen bevorderen op het gebied van cultuur, educatie en wetenschap. Verder wordt ten behoeve van de economische ontwikkeling alsook de voedsel­zekerheid In Caribisch Nederland een meerjarige bijdrage gedaan aan projecten die de voedselproductie vergroten (€ 12,0 mln. in de periode 2025 tot en met 2028).OpdrachtenEr worden incidentele opdrachten verstrekt, met als doel om de kwaliteit en slagkracht van het openbaar bestuur te vergroten en de bestuurlijke kaders in Bonaire, Sint Eustatius en Saba te versterken. Het gaat dan onder andere om het trainen van de ambtelijke lokale apparaten en het gericht ondersteunen met kennis en expertise op het terrein van goed bestuur en gezonde overheidsfinanciën.InkomensoverdrachtenUit deze middelen worden de pensioenen van gewezen politieke gezag­dragers van het land Nederlandse Antillen (bewindspersonen, statenleden en gezaghebbers) afkomstig van Bonaire, Sint Eustatius en Saba gefinan-cierd. Met het opheffen van het land Nederlandse Antillen in 2010 is bepaald dat deze pensioenen ten laste van Nederland komen (Stcrt. 2010, 14723). Daarmee is dit een structurele rijkstaak.Bijdrage aan medeoverhedenIn afstemming met het lokaal bestuur in Bonaire, Sint Eustatius en Saba worden incidentele bijzondere uitkeringen verleend om gerichte initiatieven te kunnen ondersteunen op het gebied van het ontwikkelen van goed openbaar bestuur en versterken van het financieel beheer. In dit kader zijn middelen beschikbaar om de projecten en activiteiten die in de akkoorden met Bonaire en Saba staan uit te voeren.Met het oog op de connectiviteit en het vergroten van de economische zelfstandigheid van Saba wordt in 2025 € 30 mln. en in 2026 € 10 mln. beschikbaar gesteld voor de haven van Saba.Verder is het na de explosieve groei van Bonaire van belang te investeren in de kwaliteit van het wegennetwerk om op die manier de toekomst­bestendigheid voor zowel het personen- als vrachtvervoer te kunnen garanderen. Daartoe wordt in de periode 2025 tot en met 2028 € 16 mln. beschikbaar gesteld.Bijdrage aan agentschappenAan het Rijksvastgoedbedrijf worden betalingen voor diverse renovatie­kosten.59Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 2 Begroting Justitie en Veiligheid (VI)Tabel 27 Overzicht Rijksuitgaven Caribisch Nederland in begrotingshoofdstuk Justitie en Veiligheid (VI) (bedragen x € 1.000)Artikel/ instrumentTaak1Bijdrage2realisatieontwerpbegroting 20262024202520262027202820292030Totaal uitgaven70.25978.24970.66770.52169.86669.80869.818Artikel 31 Politie33.18835.63835.58435.67835.71535.71535.715Bijdrage aan ZBO’s/RWT’sRSHet deel dat ten goede komt aan Caribisch Nederland is niet te bepalen.Bijdrage aan medeoverhedenRS33.18835.63835.58435.67835.71535.71535.715Artikel 32 Rechtspleging en rechtsbijstand14.76215.8568.3518.2987.7917.7917.791OpdrachtenRS807343418418418418418Bijdrage aan medeoverhedenRS13.95515.5137.9337.8807.3737.3737.373Artikel 33 Veiligheid en criminaliteitsbestrijding715000000Bijdrage aan medeoverhedenRS715000000Artikel 34 Straffen en beschermen21.59426.75526.73226.54526.36026.30226.312Subsidies (regelingen)RS2.4062.2702.1902.1842.1782.1762.176Bijdrage aan agentschappenRS17.19922.34122.55222.56322.41622.36022.370Bijdrage aan medeoverhedenRS1.9892.1441.9901.7981.7661.7661.7661R =Rijk, E = eilandelijk2S =Structureel, I = IncidenteelToelichtingArtikel 31 PolitieBijdrage aan ZBO's/ RWT'sBijdrage aan de Nationale Politie ten behoeve van de bestrijding onder­mijning (TBO) en ten behoeve van het Recherche Samenwerkingsteam (RST). Deze bijdrage is structureel, waarbij de middelen voor 2028 en latere jaren voor de RST nog op de begroting Koninkrijksrelaties staan. Het geld is bestemd voor het Caribisch deel van het Koninkrijk, maar het is niet toe te wijzen hoeveel Caribisch Nederland precies hiervan ontvangt.Bijdrage aan medeoverhedenDe Minister van Justitie en Veiligheid is korpsbeheerder van het brandweer- en politiekorps CN. Ter bekostiging van de personele en materiële uitgaven van deze korpsen wordt een bijdrage verstrekt. De jaarlijks vastgestelde begroting vormt de wettelijke grondslag voor de bekostiging van de beide korpsen van CN.Artikel 32 Rechtspleging en rechtsbijstandBijdrage aan medeoverhedenNederland draagt op verschillende manieren bij aan het rechtsbestel in CN en de andere landen van het Koninkrijk. Naast een jaarlijkse bijdrage aan het Gemeenschappelijk Hof van Justitie en de Openbaar Ministeries wordt onder andere gestimuleerd dat het aantal rechters en officieren van justitie zowel kwantitatief als kwalitatief op goed niveau blijft. Bijzondere aandacht gaat uit naar de Koninkrijksbrede aanpak van ondermijnende criminaliteit. De juridische dienstverlening op de BES-eilanden is geborgd door advocaten, notarissen en gerechtsdeurwaarders. Via de Rijksdienst Caribisch Nederland (RCN) en de Raad voor Rechtsbijstand wordt kosteloze rechtsbijstand verleend aan onvermogenden. Er komt een laagdrempelig fysieke faciliteit voor het verschaffen van kosteloze rechtsbijstand aan onvermogenden op alle drie de eilanden in Caribisch Nederland. Voorts wordt een subsidie beschikbaar gesteld voor een notaris van Sint Maarten 60Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 2 ten behoeve van de beschikbaarheid van het notariaat op Saba en Sint Eustatius. Ook is er een Commissie bescherming persoonsgegevens BES die toezicht houdt op de uitvoering van de Wet bescherming persoonsge­gevens BES. Tot slot wordt de Raad voor de rechtshandhaving in staat gesteld zijn taak, als vastgelegd in de Rijkswet Raad voor de rechtshand­having, op een goed niveau uit te kunnen voeren. Daarnaast wordt er via FIU Nederland geld beschikbaar gesteld voor de Uitvoering Wwft BES en het beheren van de informatie uitwisseling tussen FIU-Nederland (inclusief BES) met de Koninkrijkslanden en vice versa.OpdrachtenDit betreft opdrachten in relatie tot het reizen naar de BES-eilanden.Artikel 34 Straffen en beschermenBijdrage aan agentschappenTen aanzien van CN levert Dienst Justitiële Inrichtingen (DJI) een bijdrage aan de veiligheid van de samenleving door de tenuitvoerlegging van vrijheidsstraffen en vrijheidsbenemende maatregelen en door de aan hun zorg toevertrouwde personen de kans te bieden een maatschap­pelijk aanvaardbaar bestaan op te bouwen. Daarnaast heeft de DJI een adviserende functie voor de overige landen binnen het Koninkrijk op het gebied van detentie, vreemdelingenbewaring en forensische zorg.Subsidies (regelingen)Deze middelen worden ingezet voor de erkende reclasseringsorganisatie Stichting Reclassering Caribisch Nederland (SRCN). De SRCN richt zich op de reclasseringstaak op CN.Begroting Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (VII)Tabel 28 Overzicht Rijksuitgaven Caribisch Nederland in begrotingshoofdstuk Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (VII) (bedragen x € 1.000)Artikel/ instrumentTaak1Bijdrage2realisatieontwerpbegroting 20262024202520262027202820292030Totaal uitgaven4.8499.5508.1008.1006.5006.5003.500Artikel 6 Overheidsdienstverlening en informatiesamenleving4.8499.5508.1008.1006.5006.5003.500OpdrachtenEI1124.6003.6003.6003.0003.0000OpdrachtenRI693000000Bijdrage aan ZBO's/RWT'sEI302000000Bijdrage aan medeoverhedenES09501.5001.5001.5001.5001.500Bijdrage aan agentschappenES2792.0002.0002.0002.0002.0002.000Bijdrage aan agentschappenEI3.4632.0001.0001.0000001R =Rijk, E = eilandelijk2S =Structureel, I = IncidenteelToelichtingArtikel 6. Overheidsdienstverlening en informatiesamenlevingHet Kabinet heeft als doel gesteld om de dienstverlening van de (semi-)overheid in Caribisch Nederland op een gelijkwaardig niveau te brengen als in Europees Nederland, online en aan de balie. Publieke dienst­verlening moet toegankelijk en hoogwaardig zijn voor alle burgers en bedrijven. Zoveel als mogelijk op basis van dezelfde (wettelijke) normen als in Europees Nederland.61Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 2 OpdrachtenVanuit de Werk aan Uitvoeringsmiddelen is meerjarig budget beschikbaar voor Caribisch Nederland om de digitale basis op orde te brengen voor een betere publieke dienstverlening. De middelen worden onder andere ingezet voor de invoering van het Burgerservicenummer, het verbeteren van de gebouwen- en adressenregistratie en het implementeren van basis­registraties.Bijdrage aan medeoverhedenDe Openbare Lichamen ontvangen een bijdrage van € 1,5 mln. voor de bekostiging van de transitie naar digitale dienstverlening door de openbare lichamen.Bijdrage aan agentschappenHet bijhouden van de bevolkingsadministratie en uitgifte van reisdocu­menten zijn eilandelijke taken. De Rijksdienst voor Identiteitsgegevens (RvIG) ontvangt een structurele bijdrage voor ondersteuning daarbij, onder andere door het beheer en exploitatie van Persoonsinformatievoorziening Nederlandse Antillen en Aruba Verstrekkingen (PIVA-V), de verstrekkings­voorziening van de basisadministraties persoonsgegevens BES en voor de uitgifte van de identiteitskaart BES.Begroting Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (VIII)Tabel 29 Overzicht Rijksuitgaven Caribisch Nederland in begrotingshoofdstuk Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (VIII) (bedragen x € 1.000)Artikel/ instrumentTaak1Bijdrage2realisatieontwerpbegroting 20262024202520262027202820292030Totaal uitgaven93.600105.553105.03486.96588.03188.17488.128Artikel 1 Primair onderwijs45.94955.82455.11536.77237.15237.52437.681BekostigingRS32.25134.12934.34634.55034.93035.12735.284OpdrachtenRI753000000Bijdrage aan medeoverhedenRS12.94521.69520.7692.2222.2222.3972.397Artikel 3 Voortgezet onderwijs26.66928.46628.11428.52428.87428.50428.217Subsidies (regelingen)RI890000000BekostigingRS25.77928.46628.11428.52428.87428.50428.217Artikel 4 Beroepsonderwijs en volwasseneneducatie12.38513.75213.77513.97414.24114.37714.461Subsidies (regelingen)RI4493373370000BekostigingRS10.51613.41513.43813.97414.24114.37714.461Bijdrage aan medeoverhedenES1.420000000Artikel 6 Hoger Beroepsonderwijs501586592589325325325Subsidies (regelingen)RS286328325325325325325Subsidies (regelingen)RI215258267264Artikel 9 Arbeidsmarkt- en personeelsbeleid97000000Subsidies (regelingen)RI97000000Artikel 11 Studiefinanciering1.9591.9592.3322.8673.2013.2013.201InkomensoverdrachtenRS1.9591.9592.3322.8673.2013.2013.201Artikel 14 Cultuur3.4062.4662.6061.7391.7381.7431.743Subsidies (regelingen)RS080331431431560560OpdrachtenRI202201000000Bijdragen aan medeoverhedenRI3.3862.1662.1751.3081.3071.1831.183Artikel 16 Onderzoek en wetenschapsbeleid2.5002.5002.5002.5002.5002.5002.500BekostigingRS2.5002.5002.5002.5002.5002.5002.500Artikel 25 Emancipatie13400000062Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 2 Artikel/ instrumentTaak1Bijdrage2realisatieontwerpbegroting 2026Subsidies (regelingen)RS1340000001R =Rijk, E = eilandelijk2S =Structureel, I = IncidenteelToelichtingArtikel 1 Primair onderwijsBekostigingHet Rijk verstrekt bekostiging aan de schoolbesturen in Caribisch Nederland. Het betreft de schoolbesturen op de eilanden Bonaire, Sint Eustatius en Saba. Het betreft structurele bekostiging ten behoeve van Rijkstaken.Bijdrage aan medeoverhedenDeze middelen worden ingezet voor het verder verbeteren van de kwaliteit van het gehele onderwijs in Caribisch Nederland tot een naar Nederlandse maatstaven aanvaardbaar niveau. Een groot gedeelte van het budget zijn incidentele middelen, bestemd voor de verbetering van de onderwijs­huisvesting. Het overige deel betreft structurele middelen ten behoeve van Rijkstaken.Artikel 3 Voortgezet OnderwijsBekostigingHet Rijk verstrekt bekostiging aan de schoolbesturen in Caribisch Nederland. Het betreft de schoolbesturen op de eilanden Bonaire, Sint Eustatius en Saba. Het betreft structurele bekostiging ten behoeve van Rijkstaken.Artikel 4 Beroepsonderwijs en volwasseneducatieBekostigingDeze middelen zijn bedoeld voor het verzorgen van middelbaar beroeps­onderwijs in Caribisch Nederland. Het betreft structurele bekostiging ten behoeve van Rijkstaken. De onderwijsinstellingen in Caribisch Nederland ontvangen hiervoor lumpsumbekostiging. Ook de Raad Onderwijs Arbeids­markt in Caribisch Nederland wordt vanuit deze middelen bekostigd. Het aandeel voor Caribisch Nederland uit het coalitieakkoord van kabinet-Rutte IV is toegevoegd aan de bekostiging.Artikel 6 Hoger BeroepsonderwijsSubsidiesDeze middelen worden beschikbaar gesteld aan de Universiteit van Curaçao en de Universiteit van Sint-Maarten voor de blended lerarenopleiding funderend onderwijs (LOFO) vanwege het lerarentekort op Bonaire en voor het opleiden van onderwijsassistenten op Sint Eustatius en Saba vanwege het ontbreken van een lerarenopleiding aldaar. Het betreft deels structurele en deels incidentele bekostiging ten behoeve van Rijkstaken.Artikel 11 StudiefinancieringInkomensoverdrachtenDeze middelen zijn bedoeld voor het toekennen van studiefinanciering in CN op grond van de Wet studiefinanciering BES. Deze wet regelt de studie­financiering BES en de opstarttoelage en is van toepassing op studenten die voldoen aan de voorwaarden. Het betreft structurele middelen ten behoeve van Rijkstaken.63Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 2 Artikel 14 CultuurSubsidiesDeze middelen zijn structureel beschikbaar voor losse projecten in verband met cultuur en erfgoed, zoals het ondersteunen van bewustwording en herdenking van het slavernijverleden en de implementatie van archeolo­giewetgeving en -beleid. Het betreft structurele bekostiging ten behoeve van Rijkstaken.OpdrachtenVoor incidente opdrachten voor o.a. monitoring en evaluatie zijn middelen beschikbaar gesteld.Bijdrage aan medeoverhedenVoor het aanstellen van cultuurcoaches is tot en met 2028 € 0,4 mln. per jaar gereserveerd om de toegankelijkheid van cultuur te vergroten. De resterende middelen zijn gereserveerd voor een toekomstgerichte biblio­theekvoorziening.Artikel 16 Onderzoek en wetenschapsbeleidBekostigingDe financiering van artikel 16 aan het Caribisch deel van het Koninkrijk loopt via de Nederlandse organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO). De middelen worden gebruikt voor een impuls aan het onderzoek op (en over) het Caribisch deel van het Koninkrijk en het leveren van een bijdrage aan de structurele versterking van het kennisstelsel op het Caribisch deel van het Koninkrijk. Het betreft structurele taken en is een Rijkstaak.Begroting Financiën (IXB)Tabel 30 Overzicht Rijksuitgaven Caribisch Nederland in begrotingshoofdstuk Financiën (IXB) (bedragen x € 1.000)Artikel/ instrumentTaak1Bijdrage2realisatieontwerpbegroting 20262024202520262027202820292030Totaal uitgaven20.98421.27121.27121.27121.27121.27121.271Artikel 1 Belastingen18.38518.30018.30018.30018.30018.30018.300ApparaatsuitgavenRS18.38518.30018.30018.30018.30018.30018.300Artikel 2 Financiële markten2.5992.9712.9712.9712.9712.9712.971Bijdrage aan ZBO’s/RWT’sRS2.5992.9712.9712.9712.9712.9712.9711R =Rijk, E = eilandelijk2S =Structureel, I = IncidenteelToelichtingArtikel 1 BelastingenApparaatsuitgavenBetreft de kosten van uitvoering van fiscale wet- en regelgeving en douanetaken in Caribisch Nederland.Artikel 2 Financiële marktenBijdrage aan ZBO's/ RWT'sDe verantwoordelijkheid van de minister van Financiën ten aanzien van de toezichtstaken is dezelfde voor de BES-eilanden als voor Europees Nederland, omdat de verhouding tussen de minister en de toezichthouders dezelfde is. Het toezicht op de BES-eilanden is net als in Europees Nederland op afstand geplaatst bij De Nederlandsche Bank (DNB) en de Autoriteit Financiële Markten (AFM); de minister van Financiën is systeemverantwoor­64Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 2 delijk. Voor het toezicht op de BES-eilanden ontvangt DNB jaarlijks een overheidsbijdrage en voor het gedragstoezicht op de financiële markten op de BES-eilanden ontvangt de AFM jaarlijks een overheidsbijdrage.Begroting Defensie (X)Tabel 31 Overzicht Rijksuitgaven Caribisch Nederland in begrotingshoofdstuk Defensie (X) (bedragen x € 1.000)Artikel/ instrumentTaak1Bijdrage2realisatieontwerpbegroting 20262024202520262027202820292030Totaal uitgaven0000000Artikel 2 Koninklijke Marine0000000Opdrachten, Personele en Materiële UitgavenRSHet deel dat ten goede komt aan Caribisch Nederland is niet te bepalen.Artikel 3 Koninklijke Landmacht0000000Opdrachten, Personele en Materiële UitgavenRSHet deel dat ten goede komt aan Caribisch Nederland is niet te bepalen.Artikel 5 Koninklijke Marechaussee0000000Opdrachten, Personele en Materiële UitgavenRSHet deel dat ten goede komt aan Caribisch Nederland is niet te bepalen.Artikel 8 Defensie Ondersteuningscommando0000000Opdrachten, Personele en Materiële UitgavenRSHet deel dat ten goede komt aan Caribisch Nederland is niet te bepalen.1R =Rijk, E = eilandelijk2S =Structureel, I = IncidenteelToelichtingHet Ministerie van Defensie voert haar taken structureel in het gehele Koninkrijk uit. Het valt derhalve niet te bepalen welk specifiek deel daarvan wordt besteed in Caribisch Nederland.Begroting Infrastructuur en Waterstaat (XII)Tabel 32 Overzicht Rijksuitgaven Caribisch Nederland in begrotingshoofdstuk Infrastructuur en Waterstaat (XII) (bedragen x € 1.000)Artikel/ instrumentTaak1Bijdrage2realisatieontwerpbegroting 20262024202520262027202820292030Totaal uitgaven25.86224.58315.66710.4098.6038.3688.535Artikel 13 Bodem en ondergrond11.76910.21310.3996.6606.1575.9226.089Subsidies (regelingen)ES9.29510.21310.3996.6606.1575.9226.089Bijdrage aan medeoverhedenEI2.474000000Artikel 14 Wegen en verkeersveiligheid8.3136.00000000Bijdrage aan medeoverhedenEI8.3136.00000000Artikel 17 Luchtvaart2.4222.766443393465465465Subsidies (regelingen)RI1.269860200200000OpdrachtenRS176469243193465465465Bijdrage aan medeoverhedenRI5121.42700000Bijdrage aan agentschappenEI4651000000Artikel 18 Scheepvaart en havens573.100100100100100100OpdrachtenES57100100100100100100Bijdrage aan medeoverhedenEI03.00000000Artikel 21 Duurzaamheid1.6556452.8441.375000Bijdrage aan medeoverhedenEI1.6556452.8441.375000Artikel 22 Omgevingsveiligheid en milieurisico's45588590790790790790765Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 2 Artikel/ instrumentTaak1Bijdrage2realisatieontwerpbegroting 2026OpdrachtenES106507441441441441441Bijdrage aan medeoverhedenES00159159159159159Bijdrage aan agentschappenRS349378307307307307307Artikel 23 Meteorologie, seismologie en aardobservatie1.191974974974974974974Bijdrage aan medeoverhedenRS1.1919749749749749749741R =Rijk, E = eilandelijk2S =Structureel, I = IncidenteelToelichtingArtikel 13 Bodem en ondergrondSubsidiesDeze reeks betreft structurele subsidies voor het verlagen van de tarieven van drinkwater op Saba, Sint Eustatius en Bonaire, alsmede voor afvalwater (rioolwaterzuivering) op Bonaire. Daarnaast gaat het om incidentele subsidies voor investeringen in de drinkwatervoorzieningen, hetgeen bijdraagt aan de toegankelijkheid van drinkwater. De subsidietaakstelling uit het hoofdlijnenakkoord van kabinet-Schoof is verwerkt op «Subsidies Caribisch Nederland». Voor de jaren 2025 en 2026 is er in samenspraak met SZW middelen opgevraagd (€ 3 mln.) via de Aanvullende Post van Financiën ter dekking van de drinkwaterkosten op Caribisch Nederland in het kader van enveloppe groepen in de knel.Artikel 14 Wegen en verkeersveiligheidBijdrage aan medeoverhedenDit betreft twee overboekingen van het Mobiliteitsfonds naar de begroting van IenW (XII). Het is een bijzondere uitkering naar het Openbaar Lichaam van Bonaire. Totaal betreft de uitkering € 6,0 mln. in 2025 voor de exploitatie van infrastructuur op Caribisch Nederland. Een bijdrage van € 5,0 mln. aan St. Eustatius en € 1,0 mln. aan Saba ten behoeve van de aanleg van een aantal infrastructuurprojecten. Deze middelen zijn beschikbaar gesteld uit de reservering voor Caribisch Nederland voor instandhouding en aanleg van infrastructuur.Artikel 17 LuchtvaartSubsidiesHet is een subsidie voor de Aeronautical Information Service (AIS) en Aeronautical Reporting Office (ARO) kosten aan Dutch Caribbean Air Navigation Service Provider (DC/ANSP). Deze subsidie zorgt voor compliance met International Civil Aviation Organizatione (ICAO) annex 15 en draagt bij aan het vergroten van de connectiviteit en daarmee het verlagen van de kosten voor vliegtickets. Het bedrag van deze subsidie is € 0,2 mln. Het bedrag is afhankelijk van koersverschillen.OpdrachtenHet betreft de financiering van diverse onderwerpen bijvoorbeeld ten behoeve van de ICAO compliancy en de ondersteuning van de luchtvaartau­toriteit. Het budget zal aan verschillende organisaties betaald worden.Bijdrage aan medeoverhedenDe budgetten in 2025 zijn bestemd voor de projecten Connectiviteit Eilanden, Shoulder en Taxiway (€ 1,1 mln.) en voor bijdragen voor personeel Rijksdienst Caribisch Nederland (RCN) op de eilanden Bonaire, Sint Eustatius en Saba. De RCN is de schakel tussen de ministeries en de eilanden.66Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 2 Bijdragen aan agentschappenDit betreft een bijdrage naar RWS Caribisch Nederland voor het risicobudget Aeronautical Ground Lighting (AGL) installatie. De AGL-installatie bestaat uit baanverlichting, aan vliegverlichting, kabels, putten, (nood)stroomvoor­ziening en besturingssystemen.Artikel 18 Scheepvaart en HavensOpdrachtenBetreft een bijdrage voor de structurele dienstverlening van de bereik­baarheid en veiligheid van de havens op de BES-eilanden.  Bijdrage aan medeoverhedenDit betreft een reservering voor de bouw van de haven van Saba (€ 3 mln.). Op Saba wordt momenteel gewerkt aan de bouw van een nieuwe zeehaven die Saba beter bereikbaar moet maken en aantrekkelijker voor toeristen.Artikel 21 DuurzaamheidBijdrage aan medeoverhedenDit betreft de bijdragen aan het Openbaar Lichaam Bonaire voor het realiseren van duurzaam afvalbeheer via onder andere het programma Afvalbeheer op Maat en de uitvoering van het Natuur en milieuplan Caribisch Nederland.Artikel 22 Omgevingsveiligheid en milieurisico’sOpdrachtenDit betreft middelen voor opdrachten die zowel toezien op rijkstaken als eilandelijke taken. Het gaat hierbij onder andere om de lokale onder­steuning en coördinatie van projecten op de eilanden.Bijdrage aan medeoverhedenDit betreft een bijdrage voor de (mogelijke) herontwikkeling van het terrein van de bestaande olieterminal Hato op Bonaire.Bijdrage aan agentschappenDit betreft de bijdrage aan RWS voor de inzet van capaciteit inzake de uitvoering van CN projecten. RWS voert werkzaamheden uit voor onder andere vergunningen categorie 4 voor het Inrichtingen- en activiteitenbe­sluit BES en afvalbeheer.Artikel 23 Meteorologie, seismologie en aardobservatieBijdrage aan agentschappenNaast reguliere taken als het weerbericht en een waarschuwing voor gevaarlijk weer worden er ook specifieke taken door het KNMI op Caribisch Nederland uitgevoerd. Het gaat hierbij onder meer om dienstverlening op de luchthaven Flamingo Airport (Bonaire International Airport).67Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 2 Begroting Economische Zaken (XIII)Tabel 33 Overzicht Rijksuitgaven Caribisch Nederland in begrotingshoofdstuk Economische Zaken (XIII) (bedragen x € 1.000)Artikel/ instrumentTaak1Bijdrage2realisatieontwerpbegroting 20262024202520262027202820292030Totaal uitgaven12.1077.4217.7716.0715.2715.2715.271Artikel 1 Goed functionerende economie en markten11.0125.8516.6514.9514.1514.1514.151Subsidies (regelingen)RS10.3615.2006.0004.3003.5003.5003.500Bijdrage aan ZBO’s/RWT’sRS651651651651651651651Artikel 2 Bedrijvenbeleid: innovatie en ondernemerschap voor duurzame welvaartsgroei1.0951.5701.1201.1201.1201.1201.120Subsidies (regelingen)ES65100100100100100100OpdrachtenRS1.0301.4701.0201.0201.0201.0201.0201R =Rijk, E = eilandelijk2S =Structureel, I = IncidenteelToelichtingArtikel 1 Goed functionerende economie en marktenSubsidiesDe subsidie wordt ingezet voor de Rijkstaak om de Telecom/Internet aansluiting betaalbaar te maken en te behouden. Voor telecommunicatie stelt het kabinet 25 USD per aansluiting per maand beschikbaar op Bonaire en 35 USD per aansluiting per maand voor Saba en Sint Eustatius om de kosten van een vaste internetverbinding te verlagen. Hiervoor is vanaf 2028 in totaal € 3,5 mln. per jaar beschikbaar.Bijdrage aan ZBO/RWT'sDe bijdragen ten behoeve van het statische werkprogramma van CBS voor Caribisch Nederland maken onderdeel uit van de Rijksbijdrage. Er worden statistieken en producten geleverd voor allerlei onderwerpen, zoals bevolking, onderwijs, transport, toerisme, prijzen en nutsvoorzieningen. Dit zijn nominale cijfers, loon- en prijsbijstellingen en taakstellingen op de Rijksbijdrage als geheel zijn hier niet in verwerkt.Artikel 2 Bedrijvenbeleid: innovatie en ondernemerschap voor duurzame welvaartsgroeiSubsidiesHet Rijk verstrekt structureel subsidies voor circa € 0,1 mln. aan KvK op de BES-eilanden.OpdrachtenHet Rijk reserveert structureel circa € 1,0 mln. aan budget voor diverse opdrachten op Caribisch Nederland. Hieronder valt onder andere de Rijkstaak voor aanvullend statistisch onderzoek door het CBS en projecten op het terrein van arbeidsmarkt en ondernemerschap. Hiermee worden verschillende indicatoren gemeten waardoor beleid doeltreffender kan worden opgesteld.68Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 2 Begroting Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur (XIV)Tabel 34 Overzicht Rijksuitgaven Caribisch Nederland in begrotingshoofdstuk Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur (XIV) (bedragen x € 1.000)Artikel/ instrumentTaak1Bijdrage2realisatieontwerpbegroting 20262024202520262027202820292030Totaal uitgaven1.087979899830800899800Artikel 22 Natuur, visserij en gebiedsgericht werken1.087979899830800899800Bijdrage aan medeoverhedenRI1.0879798998308008998001R =Rijk, E = eilandelijk2S =Structureel, I = IncidenteelToelichtingArtikel 22 Natuur, visserij en gebiedsgericht werkenBijdrage aan medeoverhedenVoor Caribisch Nederland is een budget voor 2026 van € 0,9 mln. geraamd. Dit budget wordt ingezet voor een aantal rijkstaken van het ministerie van LVVN. Het betreft onder andere financiële bijdragen aan internationale verdragen, beleidsontwikkeling en monitoring en het beheren van het nationaal park Sababank.Begroting Sociale Zaken en Werkgelegenheid (XV)Tabel 35 Overzicht Rijksuitgaven Caribisch Nederland in begrotingshoofdstuk Sociale Zaken en Werkgelegenheid (XV) (bedragen x € 1.000)Artikel/ instrumentTaak1Bijdrage2realisatieontwerpbegroting 20262024202520262027202820292030Totaal uitgaven130.962153.594163.728163.110161.355164.130169.722Artikel 2 Bijstand, Participatiewet en Toeslagenwet12.45122.79520.77016.40116.47416.03916.089InkomensoverdrachtenRS9.81511.52011.74811.87911.95212.03912.089Bijdrage aan medeoverhedenEI2.63611.2759.0224.5224.5224.0004.000Artikel 3 Arbeidsongeschiktheid1.3601.4421.4421.4601.149863867InkomensoverdrachtenRS1.3601.4421.4421.4601.149863867Artikel 5 Werkloosheid0555555InkomensoverdrachtenRS0555555Artikel 6 Ziekte en Zwangerschap9.4158.4128.1058.1946.4366.4756.503InkomensoverdrachtenRS9.4158.4128.1058.1946.4366.4756.503Artikel 7 Kinderopvang27.04129.07531.68934.11332.55632.15433.484Subsidies (regelingen)ES15.20621.42011.7950000OpdrachtenES1962.2142.3712.5212.2211.6921.692BekostigingRS0011.79525.41926.63628.05029.380Bijdragen medeoverhedenEI11.6395.4415.7286.1733.6992.4122.412Artikel 8 Oudedagsvoorziening54.94062.56866.08469.48373.35577.06081.007InkomensoverdrachtenRS54.94062.56866.08469.48373.35577.06081.007Artikel 9 Nabestaanden2.8293.2303.2803.3153.3343.3573.371InkomensoverdrachtenRS2.8293.2303.2803.3153.3343.3573.371Artikel 10 Tegemoetkoming ouders14.67015.55015.69215.80415.85015.87915.996InkomensoverdrachtenRS14.67015.55015.69215.80415.85015.87915.996Artikel 11 Uitvoeringskosten8.25610.51716.66114.33512.19612.29812.400BekostigingRS8.25610.51716.66114.33512.19612.29812.4001R =Rijk, E = eilandelijk2S =Structureel, I = Incidenteel69Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 2 ToelichtingArtikel 2 Bijstand, Participatiewet en ToeslagenwetInkomensoverdrachtenDit betreft een structurele Rijkstaak: inkomensregeling Onderstand.De Rijksoverheid biedt aan inwoners van Caribisch Nederland inkomenson­dersteuning in de vorm van Onderstand. Het betreft zowel algemene als bijzondere onderstand. Laatstgenoemde component heeft betrekking op uit bijzondere omstandigheden voortvloeiende noodzakelijke kosten die de belanghebbende zelf niet kan voldoen.Bijdrage aan medeoverhedenDit betreft eilandelijke taken.De bijzondere uitkering is bestemd voor de financiering van initiatieven van de openbare lichamen met betrekking tot eilandelijke taken die raken aan het beleidsterrein van SZW. Voorbeelden zijn: werken met een beperking, arbeidsbemiddeling, (lokale) armoedebestrijding en schuldhulpverlening.Artikel 3 ArbeidsongeschiktheidInkomensoverdrachtenDit betreft een structurele Rijkstaak: inkomensregeling Ongevallenverze­kering.Werknemers in de private sector van Caribisch Nederland die door een bedrijfsongeval geheel of gedeeltelijk arbeidsongeschikt zijn geraakt, krijgen op basis van de Ongevallenverzekering een uitkering (ongeval­lengeld). De uitkering is gekoppeld aan het laatstverdiende loon van de werknemer.Artikel 5 WerkloosheidInkomensoverdrachtenDit betreft een structurele Rijkstaak: inkomensregeling, eenmalige uitkering op basis van de Cessantiawet BES.Werknemers in Caribisch Nederland die werkzaam zijn in de private sector ontvangen bij beëindiging van de dienstbetrekking anders dan door de schuld van de werknemer op grond van de Cessantiawet een eenmalige uitkering, te betalen door de werkgever. Als de werkgever wegens faillis­sement of surseance van betaling niet in staat is om de uitkering (tijdig) te betalen, neemt SZW deze verplichting over.Artikel 6 Ziekte en verlofregelingenInkomensoverdrachtenDit betreft een structurele Rijkstaak: inkomensregeling Ziekteverzekering.Werknemers in de private sector van Caribisch Nederland die door ziekte of zwangerschap arbeidsongeschikt zijn geraakt, ontvangen een uitkering (ziekengeld) op grond van de Ziekteverzekering. De uitkering is gerelateerd aan het laatstverdiende loon van de werknemer.Artikel 7 KinderopvangSubsidies (regelingen)Dit betreft een eilandelijke taak: structurele subsidie voor het bevorderen van de kwaliteit en de financiële toegankelijkheid van de kinderopvang.70Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 2 Op 4 juni is de Wet kinderopvang BES gepubliceerd (Stb. 2024, 140). In de wet zijn eisen opgenomen ten aanzien van kwaliteit, financiering en toezicht van kinderopvang. De wet zal naar verwachting per 1 januari 2026 bij Koninklijk Besluit in werking treden. Tot die tijd wordt de Tijdelijke subsidie­regeling kinderopvang Caribisch Nederland verlengd, daarna zullen kinder­opvangorganisaties via het instrument bekostiging gefinancierd worden en niet langer via de tijdelijke subsidieregeling.OpdrachtenDit betreft een eilandelijke taak: structurele opdrachten ten behoeve van kinderopvang.Het gaat onder andere om middelen voor onderzoek, centrale uitvoerings­kosten en het programmabureau BES(t)4 Kids.BekostigingDit betreft een eilandelijke taak: structurele bekostiging voor het bevorderen van de kwaliteit en de financiële toegankelijkheid van de kinderopvang.Zodra de Wet kinderopvang BES in werking treedt zal de tijdelijke subsidie­regeling beëindigd worden en zal de financiering van kinderopvangorgani­saties lopen via het instrument bekostiging.Bijdragen aan medeoverhedenDit betreft een eilandelijke taak: kinderopvang.Dit betreft middelen voor de bijzondere uitkering aan de eilanden voor de versterking van kinderopvang en voor- en naschoolse opvang in Caribisch Nederland in het kader van het programma BES(t) 4 Kids.Artikel 8 OudedagsvoorzieningInkomensoverdrachtenDit betreft een structurele Rijkstaak: Inkomensregeling algemene oudedags­voorziening.Personen die in Caribisch Nederland verzekerde jaren hebben opgebouwd voor de AOV en die de AOV-gerechtigde leeftijd hebben bereikt, ontvangen een aan de verzekerde jaren gerelateerd ouderdomspensioen op grond van de AOV. Tevens kent de AOV een partnertoeslag.Artikel 9 NabestaandenInkomensoverdrachtenDit betreft een structurele Rijkstaak: Inkomensregeling algemene weduwen en wezenverzekering.Inwoners van Caribisch Nederland die geconfronteerd zijn met het overlijden van hun partner of ouder(s), hebben op grond van de AWW recht op een uitkering. De hoogte van de uitkering is leeftijdgerelateerd.Artikel 10 Tegemoetkoming oudersInkomensoverdrachtenDit betreft een structurele Rijkstaak: algemene kinderbijslagvoorziening.De kinderbijslagvoorziening BES biedt ouders of verzorgers die op Bonaire, Sint Eustatius en Saba wonen een tegemoetkoming voor de kosten van opvoeding en verzorging van kinderen die nog geen 18 jaar zijn.71Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 2 Artikel 11 UitvoeringBekostigingDit betreft een structurele Rijkstaak: kosten voor de unit Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW).De RCN-unit SZW is een bij de Rijksdienst Caribisch Nederland gepositio­neerd onderdeel van het departement dat namens de minister is belast met uitkeringsverstrekking, vergunningverlening en arbeidsinspectie in Caribisch Nederland.Begroting Volksgezondheid, Welzijn en Sport (XVI)Tabel 36 Overzicht Rijksuitgaven Caribisch Nederland in begrotingshoofdstuk Volksgezondheid, Welzijn en Sport (XVI) (bedragen x € 1.000)Artikel/ instrumentTaak1Bijdrage2realisatieontwerpbegroting 20262024202520262027202820292030Totaal uitgaven222.073262.009257.922249.843243.065245.400235.105Artikel 1 Volksgezondheid4.4573.382382332282282282Subsidies (regelingen)RS252252252252252252252Bijdrage aan agentschappenRS4.2053.13013080303030Artikel 4 Zorgbreed beleid217.606258.617257.530249.511242.783245.118234.823Subsidies (regelingen)RS4.7334.9335.0815.0655.0024.9464.938BekostigingRS199.853241.638235.855233.237227.092231.215221.463OpdrachtenRS38571.0756.4095.3555.0113.7453.745Bijdrage medeoverhedenES9.16310.97110.1855.8545.6785.2124.677Artikel 6 Sport en bewegen1010100000Subsidies (regelingen)RI10101000001R =Rijk, E = eilandelijk2S =Structureel, I = IncidenteelToelichtingArtikel 1 VolksgezondheidSubsidiesTen behoeve van de JOGG-aanpak in Caribisch Nederland is een subsidie­bijdrage van € 0,2 mln. structureel beschikbaar.Bijdragen aan agentschappenVoor uitvoeringskosten van het RIVM is per saldo € 0,13 mln. beschikbaar.Artikel 4 Zorgbreed beleidSubsidies (regelingen)Voor zorgbreed beleid op de BES-eilanden is een subsidiebudget van in totaal € 5,1 mln. beschikbaar. Deze middelen worden onder meer verstrekt aan jeugdorganisaties op Caribisch Nederland. Daarnaast gaat het om enkele meerjarige projectsubsidies in het kader van het sport- en preventie­akkoord.BekostigingEr is een budget van € 235,9 mln. beschikbaar voor de bekostiging van zorg en welzijn op de BES-eilanden. Voor de zorg die voortvloeit uit het Besluit Zorgverzekering BES wordt € 226,5 mln. ingezet. Daarnaast is € 7,7 mln. gereserveerd voor de uitvoering van tweedelijns jeugdzorg (inclusief pleegzorg), maatschappelijk ondersteuning en voor sport en preventie.72Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 2 Verder is een budget van € 1,7 mln. beschikbaar voor de standaardisatie van gegevensuitwisseling in de zorg.OpdrachtenVanaf 2026 wordt er structureel € 3,6 mln. ingezet voor het voortzetten van bevolkingsonderzoeken op de BES-eilanden.Voor het versterken van de Pandemische Paraatheid in de Caribische delen van het koninkrijk is een opdrachtenbudget van € 2,8 mln. beschikbaar. Deze middelen zijn bedoeld voor de International Health Regulations (IHR) en worden ingezet met als doel om de publieke gezondheidszorg en infectie­bestrijding in de Caribische delen van het Koninkrijk te versterken en de expertise en innovatiekracht in de regio te vergroten. De regionale IHR hub is een gezamenlijk project met de Landen van het Koninkrijk.Bijdragen aan medeoverhedenVWS verstrekt jaarlijks bijzondere uitkeringen aan de openbare lichamen op basis van artikel 92 lid 2 sub c Wet financiën openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba. De uitkeringen zijn bedoeld voor de opbouw en uitvoering van verschillende activiteiten op het VWS domein, zoals Huiselijk geweld en Kindermishandeling, Publieke Gezondheid en preventie. In 2026 is hiervoor € 5,4 mln. begroot. Verder is een budget van € 4,1 mln. gereserveerd voor sport en het creëren van naschools activiteitenaanbod in Caribisch Nederland. Daarnaast wordt in 2026 € 0,7 mln. ingezet voor het versterken van de GGD’s in Caribisch Nederland.Begroting Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening (XXII)Tabel 37 Overzicht Rijksuitgaven Caribisch Nederland in begrotingshoofdstuk Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening (XXII) (bedragen x € 1.000)Artikel/ instrumentTaak1Bijdrage2realisatieontwerpbegroting 202620243202520262027202820292030Totaal uitgaven18.72718.20017.20018.55018.30019.30019.550Artikel 1 Woningmarkt18.72718.20017.20018.55018.30019.30019.550Subsidies (regelingen)ES5.7389.00010.10011.20012.20013.20014.200Subsidies (regelingen)EI7.7859.1002.0002.0001.0001.0000OpdrachtenEI59000000Bijdrage aan ZBO's/RWT'sEI3340025000250Bijdrage aan ZBO's/RWT'sES0100100100100100100Bijdrage aan medeoverhedenEI4.81105.0005.0005.0005.0005.0001R =Rijk, E = eilandelijk2S =Structureel, I = Incidenteel3De stand voor 2024 valt formeel niet onder het begrotingshoofdstuk VRO, maar onder het begrotingshoofdstuk BZK en worden hier voor de inzichtelijkheid getoond.ToelichtingArtikel 1 WoningmarktSubsidies (regelingen)Structurele uitkeringen hebben betrekking op het verlagen van huurprijzen in de sociale en particuliere sector voor huurders met een laag inkomen. Daarnaast worden  incidentele uitkeringen verstrekt ten behoeve van de Woondeal op Bonaire, (voorbereidingen voor) de huurcommissie op Bonaire en Sint Eustatius, renovaties op Sint Eustatius en een renteloze lening in verband met de bouw van sociale woningen op Sint Eustatius.73Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 2 Bijdrage aan ZBO's/RTW'sAan het CBS worden bijdrages vertrekt voor het uitvoeren actualiseren van (nul)metingen en voor de woonbehoefte in Caribisch Nederland.Bijdrage aan medeoverhedenVoor de aankomende jaren (2026 tot en met 2030) is er voor bijdrage woningbouw binnen het instrument Realisatiestimulans € 5 mln. per jaar beschikbaar specifiek voor Caribisch Nederland.Begroting Klimaat en Groene Groei (XXIII)Tabel 38 Overzicht Rijksuitgaven Caribisch Nederland in begrotingshoofdstuk Klimaat en Groene Groei(XXIII) (bedragen x € 1.000)Artikel/ instrumentTaakBijdragerealisatieontwerpbegroting 202620241202520262027202820292030Totaal uitgaven15.09917.1548.3425.0204.0954.1054.120Artikel 4 Een doelmatige energievoorziening en beperking van de klimaatverandering15.09917.1548.3425.0204.0954.1054.120Subsidies (regelingen)RS en I15.09917.1548.3425.0204.0954.1054.1201De stand voor 2024 valt formeel niet onder het begrotingshoofdstuk KGG, maar onder het begrotingshoofdstuk EZK en worden hier voor de inzichtelijkheid getoond.ToelichtingArtikel 31 Een doelmatige energievoorziening en beperking van de klimaatveranderingSubsidiesEr worden structurele netbeheersubsidies verleent aan de energiebedrijven op de eilanden Bonaire, Sint-Eustatius en Saba om de netbeheertarieven te verlagen.74Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 2 Bijlage 4: Overzicht belasting- en premieontvangsten Caribisch NederlandDe Miljoenennota 2026 bevat een gedetailleerd overzicht van de raming van de belasting- en premieontvangsten op kasbasis voor 2026. In onder­staande tabel wordt het totale bedrag van de voor 2026 geraamde belasting- en premieontvangsten op kasbasis uit Caribisch Nederland op gedetail­leerdere wijze gepresenteerd door de geraamde kasontvangsten voor 2026 uit te splitsen over alle in Caribisch Nederland geheven rijksbelastingen en premies.Tabel 39 Raming belasting- en premieontvangsten Caribisch Nederland 2026 op basis van Miljoenennota 2026 (bedragen x € 1 mln.)BeschrijvingIndirecte belastingen60,2Algemene bestedingsbelasting43,2Accijnzen5,8Overdrachtsbelasting11,2Directe belastingen160,7Loonbelasting en premies volks- en werknemersverzekeringen139,8Inkomstenbelasting0,4Vastgoedbelasting9,6Opbrengstbelasting9,0Kansspelbelasting2,0Overig40,3Totaal261,275Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 2 Bijlage 5: Overzicht eilandelijke inkomstenNet als bij de begroting van het gemeentefonds, verstrekt het kabinet jaarlijks een overzicht van de ontwikkeling van de opbrengsten uit lokale heffingen als bijlage bij de begroting van het BES-fonds. De in dit overzicht gebruikte gegevens zijn afkomstig van de door de minister van Binnen­landse Zaken en Koninkrijksrelaties goedgekeurde begrotingen en jaarver­slagen van de Openbare Lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba.De lokale heffingen worden vastgesteld door de openbare lichamen. De afweging en de verantwoording over de hoogte van de tarieven vindt plaats in de eilandraden. De doorberekening van de rechten, de rioolheffing en de reinigingsheffing mag maximaal 100% kostendekkend zijn. Het bedrag van de inkomsten voor de openbare lichamen kan fluctueren, zoals dat ook bij Europees-Nederlandse gemeenten het geval is.De tabellen bevatten een overzicht van de opbrengsten van de lokale heffingen van de Openbare Lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba. Dit is op basis van de meest recent ingediende en vastgestelde eilandelijke begrotingen en jaarverslagen. In de tabellen is te zien dat de Openbare Lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba aanmerkelijk van elkaar verschillen voor wat betreft de samenstelling van de eigen belastingen.Tabel 40 Overzicht opbrengsten lokale heffingen Bonaire (bedragen x USD 1.000)Lokale heffingenRealisatieBegroot20212022202320242025Motorrijtuigenbelasting5.1235.2136.0647.4075.900Toeristenbelasting1.89810.95414.96615.19814.467Verhuurautobelasting1.0641.176‒ 2641‒‒Erfpachten en huur2.1483.1583.2792.5113.450Reinigingsrechten1.3861.4402.1302.2031.400Leges en retributies1.036458466639496Vergunningen511654825555Havenbelasting4798739291.1641.000Grondbelasting1.7572.3062.2762.6142.300Opcenten op de Vastgoedbelasting2.0003.4553.5122.2763.200Precariorechten510562567590500Cruisepax1961.066n.v.t.n.v.t.n.v.t.Slachthuizen199225249180Casinorechten1.010682674800Nature fee3.5813.400Diverse opbrengsten294‒ 1.3782‒‒Totaal17.89132.38134.10839.93137.6481Betreft een aframing van de verhuurautobelasting2Betreft een aframing van de logeergastenbelasting76Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 2 Tabel 41 Overzicht opbrengsten lokale heffingen Sint Eustatius (bedragen x USD 1.000)Lokale heffingenRealisatieBegroot2021202212023120242025Motorrijtuigenbelastingen00n.v.t.376‒Afvalstoffenheffingbelasting256282261269285Toeristenbelasting00n.v.t.147‒Motorrijtuigenbelastingen en toeristenbelasting2271434551‒589Onroerend goed exploitatie415124248437300Luchthaven141173455363399Zeehaven1.9672.0282.08421252.661Leges67708012289Vergunningen2279688162146Overige opbrengsten278403211135148Totaal3.6223.6103.9784.1364.6171De lokale heffingen worden in de jaarrekeningen niet uitgesplitst en kunnen als zodanig niet uit de jaarrekeningen worden herleid. De realisatiecijfers voor 2020 afkomstig uit de begroting 2022, de cijfers voor 2021 afkomstig uit de begroting 2023 en de realisatiecijfers over 2022 uit de begroting 2024. De motorrijtuigenbelasting, afvalstoffenheffing en afvalstoffenheffing zijn in de begroting 2020 opgenomen in één post.2De realisatiecijfers voor de motorrijtuigenbelastingen en de toeristenbelasting zijn bij elkaar opgeteld.Tabel 42 Overzicht opbrengsten lokale heffingen Saba (bedragen x USD 1.000)Lokale heffingenRealisatieBegroot20212022202320242025Motorrijtuigbelasting192175170175185Havengelden41107112119110Erfpacht/Verhuur gebouwen838714914Logeerbelasting244173275Kinderopvang83770‒‒Luchthaventoeslag en landingsgelden90122135153165Afvalstoffenheffing141143146138150Burgerzaken3330384933Verklaring omtrent gedrag12212Bouwleges1265510Vervoer Studenten110‒‒Rijbewijzen1719131717Handel en Industrie8085918786Horecavergunningen8289927895Totaal85898783586394277Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 2 Bijlage 6: Overzicht renteloze leningen Caribisch NederlandVolgens lid 4 van artikel 89 van de Wet FinBES stelt de ministerraad jaarlijks vast welk bedrag ieder van de openbare lichamen verschuldigd is aan aflossing van de renteloze leningen. De tot op heden aan Caribisch Nederland verstrekte renteloze leningen zijn in onderstaande tabel weergegeven.Tabel 43 Overzicht reeds aangegane leningen aan Caribisch Nederland (bedragen x USD 1 mln.)Openbaar LichaamLeningver­strekkend departementOnderwerpOorspronkelijke omvang leningLooptijd leningafgelost in 2025Af te lossen in 2026Openstaand ultimo 2025BonaireOCWOnderwijshuisvesting25,02013-20371,01,011,0Sint EustatiusOCWOnderwijshuisvesting4,42013-20340,20,21,8Sint EustatiusBZKSchikking klif Sint Eustatius2,12025-20440,10,12,0SabaI&WInfrastructuur2,52015-20260,30,20,2Totaal Caribisch Nederland341,61,515,0OnderwijshuisvestingMet elk van de eilanden zijn door het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) afspraken gemaakt om er voor te zorgen dat alle scholen in Caribisch Nederland kunnen beschikken over fatsoenlijke onder­wijshuisvesting. Dat is een randvoorwaarde voor het realiseren van de basis onderwijskwaliteit. In 2013 zijn renteloze leningen door het ministerie van OCW aan elk van de drie eilanden verstrekt zodat de openbare lichamen de grote achterstanden in de huisvesting van het onderwijs op de BES-eilanden op termijn weg kunnen werken. Sindsdien is de aan Saba verstrekte lening volledig afgelost. De leningen aan Bonaire en Sint Eustatius zullen resepec­tievelijk in 2037 en 2034 worden afgelost.Schikking klif Sint EustatiusIn 2024 is door de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties een renteloze lening (en bijzondere uitkering) verstrekt aan Sint Eustatius voor de financiering van een schikking tussen het openbaar lichaam en de eigenaar van een aantal percelen op Sint Eustatius. In verband met de eroderende klif aan de havenzijde van Sint Eustatius was er door de eigenaar een gerechtelijke procedure gestart. Onderdeel van de schikking is de overdracht van de percelen aan het openbaar lichaam Sint Eustatius. De lening heeft een looptijd van 20 jaar en zal in 2044 volledig zijn afgelost.Infrastructuur SabaIn 2015 is door het toenmalige ministerie van Infrastructuur & Milieu (I&M) een renteloze lening verstrekt aan Saba voor urgente infrastructurele werkzaamheden. Deze lening heeft een looptijd van 11 jaar. De lening is in 2026 volledig afgelost.78Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 36 800 IV, nr. 2

Eerdere bronversies

17 okt 2026 · 344f970598405118

14 okt 2026 · 34707599996e007b

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.