Aanvullende onderzoeksrapporten Betalen naar Gebruik
Brontekst
Versie b1a311ec17d50918 · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2022–2023 31 305Mobiliteitsbeleid 32 813Kabinetsaanpak Klimaatbeleid Nr. 409 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN FINANCIËN EN DE MINISTER VAN INFRASTRUCTUUR EN WATERSTAAT Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal Den Haag, 26 juni 2023 Op 1 juli 2022 is uw Kamer geïnformeerd over het voornemen van het kabinet om per 2030 de huidige motorrijtuigenbelasting voor alle personen- en bestelauto’s om te vormen tot een systeem van Betalen naar Gebruik1. In deze eerste hoofdlijnenbrief zijn vorig jaar diverse uitzoek-punten en openstaande keuzes benoemd en zijn verschillende studies aangekondigd. In november 2022 en januari 2023 is uw Kamer vervolgens geïnformeerd over tussentijdse onderzoeksresultaten ten aanzien van respectievelijk de beleidseffecten bij verschillende varianten voor de tariefstructuur en de wijze van kilometerregistratie2. In het afgelopen half jaar heeft het kabinet vervolgonderzoek laten uitvoeren3. Met deze brief wordt uw Kamer geïnformeerd over de resultaten van het vervolgonderzoek. Daarmee wordt tevens invulling gegeven aan de toezegging om uw Kamer in juni te informeren over de vervolgonderzoeken4. Daarnaast wordt invulling gegeven aan het verzoek van de vaste commissie voor Financiën om uw Kamer binnen een week te informeren wanneer de kabinetsbrief en de onderzoeken over Betalen naar Gebruik aan uw Kamer worden gestuurd. De onderzoeksrapporten zijn als bijlage meegestuurd met deze brief. Het kabinet biedt hierbij aan om, indien gewenst, ambtelijk een technische briefing over de onder-zoeksresultaten te verzorgen. Belangrijke onderdelen van Betalen naar Gebruik, zoals de manier waarop de tarieven worden bepaald (tariefstructuur), liggen op dit moment nog 1Kamerstuk 32 813, nr.10812Dit betreffen het onderzoek «Varianten voor tariefstructuur Betalen naar Gebruik», de literatuur-studie «Verwachte effecten Betalen naar Gebruik», het onderzoek «Kilometerregistratie Betalen naar Gebruik» en de resultaten van een burgerpeiling over Betalen naar Gebruik.3Naast de in deze brief toegelichte studies, publiceert het Kennisinstituut voor Mobiliteitsbeleid (KiM) de notitie «Verkenning van de gevolgen van Betalen naar Gebruik voor autoreizen naar het buitenland». Deze notitie bereikt uw Kamer middels een aparte brief.4Kamerstuk 31 305, nr. 383 kst-31305-409ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2023Tweede Kamer, vergaderjaar 2022–2023, 31 305, nr. 4091 niet vast. Het kabinet is voornemens om op basis van de genoemde onderzoeken te komen tot gedegen besluitvorming over de inrichting van Betalen naar Gebruik en uw Kamer vervolgens over deze besluitvorming te informeren. Op dat moment zal ook de internetconsultatie voor de wetgeving starten, waarbij iedereen zijn of haar mening over het wetsvoorstel kan geven. Toelichting op de vervolgonderzoeken 1. Vervolgonderzoek varianten tariefstructuur en effecten Het kabinet heeft ten eerste door Muconsult et al. een vervolgonderzoek laten uitvoeren naar de tariefstructuur van Betalen naar Gebruik. Deze effectstudie is opgenomen in bijlage 1. Zoals geschetst in de 1e hoofdlij-nenbrief zijn verschillende varianten voor de vormgeving van de tariefstructuur mogelijk. In de eerste effectstudie5 zijn daartoe de effecten van een aantal varianten voor de tariefstructuur onderzocht, zoals een volledig vlak tarief, een tarief gedifferentieerd naar gewicht en brandstof-soort (optioneel met korting voor elektrische auto’s) en een tarief gedifferentieerd naar CO2-uitstoot. In aanvulling hierop heeft Muconsult et al. vervolgonderzoek gedaan naar de effecten van verschillende varianten voor de tariefstructuur. Daarnaast is in het vervolgonderzoek ook gekeken naar de indicatieve beleidseffecten van Betalen naar Gebruik in 2040. Ook zijn verdelingseffecten als gevolg van invoering van Betalen naar Gebruik tussen de provincies en tussen verschillende typen regio’s (naar mate van stedelijkheid) in kaart gebracht. 2. Ambtelijke analyse inkomenseffecten betalen naar gebruik Aanvullend op de effectstudies van Muconsult et al., hebben de minis-teries van Financiën en van Infrastructuur en Waterstaat een ambtelijke analyse uitgevoerd naar de lastenontwikkeling per auto en de inkomens-effecten van Betalen naar Gebruik. Deze analyses zijn mede gebaseerd op de hiervoor genoemde effectstudies van Muconsult et al. en opgenomen in bijlage 2. Deze twee aanvullende onderzoeken zijn uitgevoerd om de beleidseffec-ten van de verschillende varianten voor de tariefstructuur onderling te kunnen vergelijken. Het kabinet zal de resultaten van zowel de eerste effectstudie als beide vervolgonderzoeken betrekken in de keuze voor de tariefstructuur. De vervolgonderzoeken betreffen relatief beknopte tabellenrapport voortbouwend op de studie van MuConsult et al uit 2022. Om die reden is hieronder een leeswijzer opgenomen die laat zien binnen welke context deze onderzoeken gelezen moet worden. Leeswijzer tabellenrapport Muconsult et al 2023 en ambte-lijke analyse naar lastenontwikkeling en inkomenseffecten De doorgerekende varianten beogen primair inzicht te bieden in onderliggende mechanismen, zoals: •In welke mate kan een korting voor elektrische voertuigen zorgen voor additionele CO2-reductie? •Wat is de invloed van het precies te dekken bedrag voor optredende grondslagerosie op de benodigde tarieven?. •Wat is het effect van al of niet toepassen van gewichtsdifferen-tiatie op de tarieven en daarmee op de lastenverdeling? 5Kamerstuk 32 800, nr. 79Tweede Kamer, vergaderjaar 2022–2023, 31 305, nr. 4092 •Wat betekenen verschillende varianten voor de lastenverdeling tussen provincies en tussen stedelijke en landelijke gebieden? •Wat betekenen varianten voor autobezit en -gebruik? Het is van belang om aan te geven dat op basis van dit rapport nog geen uitspraak kan worden gedaan over de vraag: «wat betekent betalen naar gebruik straks financieel voor mij?» Het kabinet heeft immers nog geen besluit genomen over de tariefstructuur en daarbinnen geldende tarieven. Zo is de omvang van een aantal door het kilometertarief te dekken posten nog onzeker, zoals de uitvoe-ringskosten van Betalen naar Gebruik. Daarnaast wordt nog met de provincies gesproken over de toekomst van de provinciale opcenten onder Betalen naar Gebruik. Van belang is verder dat de tabellen in het hoofdrapport gemiddeld gewogen tarieven laten zien. In de subvarianten onder hoofdvariant 2 (met tariefdifferentiatie naar gewicht), betekent dit dat per aandrijfsoort is aangegeven wat de gemiddelde auto van die aandrijfsoort in die variant zou gaan betalen. Gemiddelde zware auto’s zoals plug-in hybrides hebben dus gemiddeld een hoger tarief dan gemiddelde lichtere benzineauto’s. Omdat met gewogen gemiddeldes per soort voertuig (personenauto of bestelauto) en soort brandstof is gewerkt, lenen de tabellen uit het hoofdrapport zich niet voor het vergelijken van tarieven tussen brandstof- en voertuigsoorten. In bijlage 3 van het onderzoeksrapport zijn uitgebreide tarieftabellen opgenomen met tarieven per gewichts-klasse en per aandrijfsoort.3. Onderzoek nalevingsgedrag en keteninrichting Tot slot heeft het kabinet nader onderzoek laten uitvoeren om te komen tot een betrouwbare registratie van het aantal gereden kilometers. Op 19 januari jl. heeft het kabinet het eerste onderzoek naar de kilometerre-gistratie «Vergelijking systemen kilometerregistratie voor Betalen naar Gebruik» met uw Kamer gedeeld6. Op basis van de aandachtspunten uit dit onderzoek is vervolgonderzoek uitgevoerd naar het nalevingsgedrag en mogelijke maatregelen om de bestaande kilometerregistratie te verstevigen. Daarnaast is onderzocht op welke manier de betrokken publieke uitvoeringsorganisaties de taken binnen de uitvoeringsketen kunnen verdelen. Uitgangspunt in dit scenario is dat de kilometerregis-tratie onder Betalen naar Gebruik is gebaseerd op de tellerstand van het voertuig en dat er geen extra boordapparatuur wordt ingebouwd. Dat sluit aan bij het uitgangspunt van eenvoud en biedt voordelen op het gebied van privacy en kosten. Dit vervolgonderzoek is door onderzoekbureaus ARUP en KPMG uitgevoerd en opgenomen in bijlage 3. Het kabinet zal de inzichten van beide onderzoeksrapporten gebruiken in de vormgeving van de kilometerregistratie onder Betalen naar Gebruik. 6Kamerstuk 31 305, nr. 382Tweede Kamer, vergaderjaar 2022–2023, 31 305, nr. 4093 Tot slot Zoals aan het begin van deze brief geschetst, wordt uw Kamer geïnfor-meerd zodra het kabinet een besluit heeft genomen over de inrichting van Betalen naar Gebruik. De Staatssecretaris van Financiën, M.L.A. van Rij De Minister van Infrastructuur en Waterstaat, M.G.J. HarbersTweede Kamer, vergaderjaar 2022–2023, 31 305, nr. 4094
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.