KamerkringInloggen
Kamerbrief

Kabinetsreactie op advies Onderwijsraad ‘Leren van onderzoek’

2 jul 2026 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie 789d8c9b751de81b · officiële bron

Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2025–202630 012Leven Lang LerenNr. 169 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN ONDERWIJS, CULTUUREN WETENSCHAP Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 2 juli 2026Nieuwsgierigheid is niet alleen de basis van leren voor leerlingen, maarook voor de onderwijsprofessionals. Goed onderwijs vraagt om leraren,schoolleiders en besturen die voortdurend blijven leren en op zoek gaannaar nieuwe inzichten om hun onderwijs te verbeteren. Inzichten uitonderzoek helpen onderwijsprofessionals om onderbouwde keuzes temaken en continu de kwaliteit van hun onderwijs te versterken. Op19 maart 2026 publiceerde de Onderwijsraad het advies «Leren vanonderzoek».1 Dit advies over de kansen en risico’s van het sturen opevidence-informed werken in de onderwijspraktijk is op verzoek van deTweede Kamer uitgebracht. Met deze brief ontvangt u de kabinetsreactieop dit advies. In het eerste deel van deze brief vindt u een algemenereactie op het advies. In het tweede deel volgt er een specifiekere reactieper aanbeveling.I. Reactie op advies Het gebruik van actuele en relevante kennis uit onderzoek en praktijk isessentieel voor de kwaliteit van het (funderend) onderwijs. Het Ministerievan OCW hanteert hiervoor een definitie die in 2022, samen met dewetenschap en de onderwijspraktijk, is ontwikkeld. Met «evidence-informed werken in het onderwijs» wordt verstaan: het gebruik vanactuele en relevante kennis uit onderzoek en de onderwijspraktijk,rekening houdend met de omstandigheden van de school. Deze definitieen werkwijze wordt gehanteerd in programma’s zoals het NationaalGroeifondsprogramma Ontwikkelkracht en het Masterplan Basisvaardig-heden.1Onderwijsraad. (2026). Advies Leren van onderzoek. Via:https://www.onderwijsraad.nl/documenten/2026/03/19/leren-van-onderzoek kst-30012-169ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2026Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 30 012, nr. 1691 De afgelopen jaren is ingezet op het bevorderen van evidence-informedwerken op scholen om de onderwijskwaliteit te verbeteren. Zeker geziende dalende leerprestaties op met name taal en rekenen is dat essentieel.Evidence-informed werken is een cyclisch, onderzoeksmatig procesgericht op onderwijsverbetering.Bij evidence-informed werken gebruiken onderwijsprofessionals kennisuit de wetenschap, de praktijk en de context van de eigen school om hetonderwijs te verbeteren. Deze beleidsinzet sluit daarmee aan bij de bredeaanpak die de Onderwijsraad adviseert.Het advies «Leren van onderzoek» van de Onderwijsraad draagt bij aan dekennis over het gebruik van onderzoek bij het verbeteren van de kwaliteitvan het onderwijs. De Onderwijsraad wijst op de risico’s, in met name hetmaatschappelijke en politieke debat, van het versmallen van de definitievan evidence-informed werken tot het gebruik van bewezen effectieveaanpakken. Het kabinet onderschrijft dit advies en ziet ook het risico vande smalle definitie. Het is namelijk niet zo dat een bewezen effectieveinterventie of aanpak werkt in elke situatie; de context en ervaring met depraktijk zijn daarbij van groot belang.Het kabinet omarmt de hoofdboodschap van het adviesrapport «Lerenvan Onderzoek» namelijk om in te zetten op een breed palet van onder-zoekskennis en de expertise van onderwijsprofessionals. Dit adviesnemen wij mee als een steun in de rug om evidence-informed werken inbrede zin de gangbare manier van werken in het funderend onderwijs temaken. Door onder meer in te zetten op een breed palet aan kennis,sterkere samenwerking tussen onderzoek en praktijk en professionali-sering en een lerende cultuur op scholen verwacht het kabinet eenstimulans voor de kwaliteitsverbetering van het onderwijs. Zoals we hogeverwachtingen mogen hebben van leerlingen, mogen we dat ook hebbenvan alle leraren, schoolleiders en bestuurders die invloed hebben in deklas. Elke onderwijsprofessional staat aan de lat om evidence-informed tewerken om zo de kwaliteit van het onderwijs te verbeteren en de dalendelijn van leerprestaties te keren.II. Reactie op aanbevelingen Aanbeveling één: zorg voor een breed palet aan onderzoek.De eerste aanbeveling van het Onderwijsraadadvies stelt dat het kabinetmoet investeren in een breed en divers aanbod van onderwijsonderzoeken ervoor moet zorgen dat onderzoeksresultaten toegankelijk zijn voor deonderwijspraktijk.Ik onderschrijf dit advies van de Onderwijsraad en zet me samen metbetrokkenen, zoals het Nationaal Kennisinstituut Onderwijs (NKO), actiefin om een breed palet aan kennis te realiseren voor onderwijsprofessi-onals. Juist om deze reden is het Nationaal Regieorgaan Onderwijson-derzoek dit jaar omgevormd tot het NKO.2 Het onderwijs heeft hiermeeeen volwaardig kennisinstituut gekregen, dat structurele middelenontvangt van het Ministerie van OCW. Met het NKO zorgt het kabinet ervoor dat voor de belangrijkste vraagstukken voor het onderwijs gerichtewetenschappelijke kennis wordt ontwikkeld, door geld toe te kennen aanonderzoekers aan Nederlandse instellingen voor onderwijsonderzoek.Zo kan het NKO een stevige kennispositie innemen en zich daarnaastrichten op het goed laten landen van deze kennis op school en in de klas.2Het NRO wordt Nationaal Kennisinstituut Onderwijs | Nationaal Kennisinstituut OnderwijsTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 30 012, nr. 1692 In een breed palet aan kennis is er plek voor kwantitatief én kwalitatiefonderzoek. Inzicht in wat, waarom en onder welke omstandigheden werktbiedt belangrijke ondersteuning aan scholen. Veel inzichten ontstaan paswanneer je de metingen en bewijzen van kwantitatief onderzoek combi-neert met de diepgang van kwalitatief onderzoek. Dit zijn twee helften diesamen kunnen zorgen voor een compleet beeld. Cijfers vertellen ons water gebeurt, terwijl woorden ons juist vertellen waarom of hoe iets gebeurt.Het NKO maakt de kennis die voortkomt uit onderzoek bruikbaar voor deonderwijspraktijk en beleid. De websites Onderwijskennis.nl en Kennisro-tonde.nl, waar leraren en schoolleiders vragen kunnen stellen overonderzoek, zijn mooie voorbeelden van hoe het NKO kennis uit onderzoektoegankelijk maakt. Door middel van leidraden, filmpjes en toolkitsworden onderzoeksresultaten voor een breed publiek laagdrempeligbeschikbaar gesteld en wordt het gebruik van deze kennis gestimuleerd.Aanbeveling twee: realiseer voorwaarden voor geïnformeerdhandelen in onderwijspraktijkDe Onderwijsraad beveelt schoolleiders en bestuurders aan zelf geïnfor-meerd te handelen en een professionele, lerende cultuur binnen hunscholen(groepen) te stimuleren. Het kabinet onderschrijft ook dezeaanbeveling. Via onder andere het Masterplan Basisvaardigheden,Nationaal Groeifondsprogramma Ontwikkelkracht en het NationaalGroeifondsprogramma Nationale Aanpak Professionalisering Leraren zienwe al langer dat schoolleiders en bestuurders doorslaggevend zijn voorhet creëren van een professionele leer- en verbetercultuur. Er is echter eengroot verschil tussen scholen. Om een professionele, lerende cultuur tekunnen stimuleren moeten schoolleiders en bestuurders ook zelf over dejuiste kennis en vaardigheden te beschikken. In het coalitieakkoordkondigt het kabinet daarom aan om de rol van schoolleider als onderwijs-kundig leider te versterken door het vaststellen van heldere bekwaam-heidseisen.De aanbeveling van de Onderwijsraad om leraren een professionelestandaard te laten ontwikkelen, is een belangrijke stap in het versterkenvan het vakmanschap. Deze standaard moet expliciet maken wat goedleraarschap inhoudt en welke eisen de beroepsgroep stelt aan kennis enonderzoeksgeletterdheid, met concrete richting voor doorlopendeprofessionele ontwikkeling binnen en buiten het team gedurende deloopbaan. Ook moet er een duidelijke verbinding zijn met de wettelijkebekwaamheidseisen. De beroepsgroep heeft hierin een belangrijke eerstetaak, waarbij de overheid faciliteert en borgt dat deze standaard breedgedragen en duurzaam verankerd wordt.De Onderwijsraad beveelt aan om een sterke professionele, lerendecultuur te stimuleren. Daar hoort bij dat van leraren en schoolleidersverwacht wordt dat zij zich doorlopend blijven ontwikkelen, zowelindividueel als in teamverband, met passende bekwaamheidseisen voorschoolleiders. Dat vraagt om sterke schoolleiders die vanuit een heldereonderwijskundige visie leidinggeven én om leraren die hun professioneleautonomie verbinden aan collectieve verantwoordelijkheid. Uw Kamer isvia de lerarenbrief van 1 juli j.l. geïnformeerd over de stand van zakenrondom teamleren en professionalisering, na de zomer volgt de verdereuitwerking van deze investering.De Scan Lerende Organisatie3 is mede ontwikkeld door programmaOntwikkelkracht en gefinancierd door het Ministerie van OCW. Dit is eenwaardevol instrument waarmee scholen inzicht krijgen in waar de school3https://www.scanlerendeorganisatie.nl/Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 30 012, nr. 1693 staat ten aanzien van de verschillende dimensies van een lerendeorganisatie. Deze biedt een concrete basis om het gesprek te voerenbinnen het team en richting te geven aan doorontwikkeling.De bestaande instrumenten, zoals de Lerarenbeurs, de lerarenpromotie-beurs en het LerarenOntwikkelFonds, laten zien dat eigenaarschap vaneen eigen ontwikkelproject een sterke succesfactor is voor professionelegroei. De evaluatie van de Lerarenbeurs, die dit najaar plaats zal vinden,bepaalt of voortzetting zinvol is. Of juist ook ruimte te creëren voorteamgerichte aanvragen en collectieve ontwikkelprojecten binnenscholen. Dit sluit beter aan bij de ontwikkeling van scholen als lerendeorganisaties en versterkt de impact op de onderwijspraktijk als geheel.Aanbeveling drie: versterk duurzame partnerschappen tussenpraktijk en onderzoekOnderwijsontwikkeling is gebaat bij een sterke samenwerking tussenpraktijk en onderzoek, met een gelijkwaardige inbreng. Het kabinetonderschrijft de aanbeveling om in te zetten op duurzame partner-schappen tussen praktijk en onderzoek en zet hier onder andere op in viahet NKO en Ontwikkelkracht. Ontwikkelkracht stimuleert aan de hand vanvier pijlers het evidence-informed werken in het funderend onderwijs.Inmiddels doen al bijna 700 scholen mee met het programma inonderzoeks- en verbetercultuurtrajecten, co-creatielabs en met expertise-scholen. Daarmee wordt er gebouwd aan een netwerk van expertise-scholen, zodat scholen elkaar kunnen ondersteunen in onderwijsverbe-tering.Het is van belang dat onderzoek naar onderwijs plaats heeft in en met hetonderwijs. Duurzame partnerschappen tussen praktijk en onderzoek zijndaarom ook terug te vinden in de governance en opzet van het NKO.Hierbij werken onderzoekers samen met onderwijsprofessionals enbeleidsmakers om gezamenlijk te komen tot kennisvragen uit de praktijken die bijdragen aan het verbeteren van de kwaliteit van onderwijs.Het NKO presenteert na de zomer zijn vernieuwde Kennisagenda2026–2030, waarbij op zeven thema’s de belangrijkste vraagstukken staanomschreven. Hier zal het NKO onderzoek naar uitzetten, bestaande ennieuwe kennis synthetiseren en deze toegankelijk en bruikbaar makenvoor onderwijsprofessionals, onderwijsinstellingen en beleid. Om tot dezeKennisagenda te komen is er in alle ontwikkelingsstappen inputopgehaald vanuit praktijk, beleid en wetenschap.De Onderwijsraad onderschrijft de meerwaarde van kleinschalige lokalenetwerken, zoals de door OCW georganiseerde leernetwerken gericht opverbetering van de basisvaardigheden. Tegelijkertijd beveelt de Onder-wijsraad aan om de leernetwerken inhoudelijk uit te breiden. De onder-wijscoördinatoren leveren vanuit OCW met de begeleide leernetwerkeneen belangrijke bijdrage aan. In zo’n netwerk van zes tot acht scholenleren scholen met en van elkaar door en werken zij aan de hand vanconcrete vraagstukken aan de versterking van hun onderwijs. Dit voorjaarhebben zich meer dan driehonderd scholen aangemeld voor de nieuweronde van begeleide leernetwerken. Voor deze ronde, die mede in hetteken staat van de implementatie van het geactualiseerde curriculum,konden alle scholen zich aanmelden en niet alleen subsidiescholen. Dit isin lijn met de verbreding die de Onderwijsraad adviseert. Met deVersterkingsagenda Taal en andere basisvaardigheden bezien we ofverdere versterking nodig is.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 30 012, nr. 1694 Aanbeveling vier: zie af van wettelijke verplichting evidence-informed werkenIn de laatste aanbeveling raadt de Onderwijsraad het kabinet af om eenwettelijke verplichting in te stellen tot het evidence-informed werken. DeOnderwijsraad is van mening dat het kabinet een smalle definitie vanevidence-informed werken hanteert, waarbij het gebruik van bewezeneffectieve methoden centraal staat. Het wetsvoorstel «Wet concretiseringononderbroken ontwikkelingsproces en stelsel van kwaliteitszorg»verplicht echter juist niet het gebruik van bewezen effectieve methodes,maar verplicht het inrichten van een proces om evidence-informed tewerken, in de brede zin, waarbij oog is voor kennis uit onderzoek, depraktijk en de context van de school.4 Het kabinet vindt het van belang dater meer en beter gebruik wordt gemaakt van kennis uit onderzoek enpraktijk die aansluit bij de context van de school, vanwege de meerwaardevoor de kwaliteit van het onderwijs. Het kabinet beraadt zich op ditmoment op de vraag of een wettelijke verplichting het meest effectieveinstrument is om evidence-informed werken in alle scholen de standaard-werkwijze te maken ter verbetering van het onderwijs. Het advies van deOnderwijsraad wordt in de afweging meegenomen.Tot slotHet kabinet vindt het van cruciaal belang dat alle scholen in Nederland opeen evidence-informed wijze werken aan kwaliteitsverbetering in hetonderwijs. Een sterkere verbinding tussen onderwijsonderzoek en hetvakmanschap van leraren kan immers tot aanzienlijke stijgingen inleerprestaties van leerlingen en het continu professionaliseren van lerarenleiden.5 Om het allerbeste onderwijs te kunnen bieden, moet deonderwijssector zelf ook een lerende sector zijn. Het advies «Leren vanonderzoek» biedt handvatten om leraren, schoolleiders en scholen tehelpen met evidence-informed werken en daarbij met verbetering vanonderwijskwaliteit overal in het land.De Staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap,J.Z.C.M. Tielen4Zie ook een eerdere versie van het wetsvoorstel «Wet concretisering voorschriften inzake hetononderbroken ontwikkelingsproces, de kwaliteit van het onderwijs en het stelsel vankwaliteitszorg» die ter internetconsultatie is gepubliceerd op 11-03-2025.5World Bank. (2020). EU Comparators: learning form experience in the European Context.Washington D.C.Edovald, T & Nevill, C. (2020). Working out what works: the case of the Education EndowmentFoundation in England. ECNU Review of Education, 4(1), 46–64Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 30 012, nr. 1695

Eerdere bronversies

17 okt 2026 · 4e63c26afd750116

14 okt 2026 · ebd752938423e664

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.