KamerkringInloggen
Kamerbrief

Stand van zaken versterken eerstelijnszorg

3 jul 2025 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie 9dfac5199df27ccf · officiële bron

Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2024–202533 578EerstelijnszorgNr. 162 BRIEF VAN DE MINISTER VAN VOLKSGEZONDHEID, WELZIJN ENSPORT Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 3 juli 2025Op 25 oktober 2024 bent u geïnformeerd over mijn inzet om de samen-werking in de eerstelijnszorg te versterken. Wij werken aan een toeganke-lijke eerstelijnszorg die bijdraagt aan gelijke kansen op goede gezondheidvoor iedereen. Met deze brief wil ik u informeren over de voortgang vande realisatie van de visie eerstelijnszorg 2030 waar ik met partijen aanwerk.Een sterke eerstelijnszorg, met goede samenwerking en afstemmingtussen professionals in de wijk en op regionaal niveau, leidt tot goedezorg voor de patiënt en meer ruimte voor zorgverleners om zich te richtenop directe patiëntenzorg. Met de visie eerstelijnszorg1, die is vastgesteldin januari 2024, zetten partijen in de eerste lijn zich in voor een toeganke-lijke eerstelijnszorg dichtbij huis. Hiervoor wordt gewerkt aan hetversterken van de samenwerking in de wijk en het verbeteren van deregionale samenwerking. Daarbij wordt zoveel mogelijk aangesloten bijde structuren die al bestaan en goed functioneren.Hechte wijkverbandenOm de samenwerking op wijkniveau te ondersteunen is in de visieeerstelijnszorg 2030 afgesproken hechte wijkverbanden in te richten. Ineen hecht wijkverband werken ten minste de huisarts, wijkverpleging,apotheker en sociaal domein professional uit de wijk samen. Dit doen zein goede verbinding met alle andere zorg- en hulpverleners in de wijk. Eenhecht wijkverband is er om de samenwerking in de wijk te verbeterenrondom doelgroepen met meervoudige problematiek en complexezorgvragen. Deze verbanden bespreken ontwikkelingen en knelpunten uitde wijk, zijn aanspreekbaar voor collega professionals en maken samen-werkingsafspraken met elkaar. De samenwerkingsafspraken kunnen1Kamerstuk 33 578, nr. 113 kst-33578-162ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2025Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 33 578, nr. 1621 bijvoorbeeld gaan over het implementeren van regionale afspraken,taakverdelingen in de wijk en doorverwijzingen.Er zijn al goede voorbeelden in het land maar er moet ook nog veelgebeuren voordat er overal een hecht wijkverband is. Om wijken verderop weg te helpen bij de inrichting van een hecht wijkverband wordenmeerdere acties ondernomen. Zo hebben partijen uit de eerstelijnszorg enhet sociaal domein de handreiking voor hechte wijkverbanden opgesteld.Aan uw Kamer is eerder toegezegd1 deze handreiking toe te sturen endaarom is deze ook als bijlage toegevoegd. In de handreiking staansuccesfactoren en tips over waar je moet beginnen in het opzetten vaneen goede wijksamenwerking. De handreiking beschrijft ook bestaandegoede voorbeelden van wijkgerichte samenwerking. Met deze handreikingkunnen zorg- en hulpverleners op lokaal niveau hun onderlinge samen-werking versterken, zodat de zorg beter aansluit bij de behoeften vanburgers en patiënten. Naast de handreiking stimuleren de landelijkepartijen uit de eerste lijn de implementatie van de hechte wijkverbandenbij hun achterban. Dat betekent dat apothekers, huisartsen, fysiothera-peuten en alle andere eerstelijns zorg- en hulpverleners door hunlandelijke branche organisaties worden geïnformeerd over de hechtewijkverbanden, de organisaties bijeenkomsten beleggen en vragenbeantwoorden als die er zijn. Ook worden goede voorbeelden met elkaargedeeld en is er via de regionale verbanden subsidie beschikbaar om detotstandkoming te faciliteren. Over de subsidie die beschikbaar is voor dewijken en de regio ga ik later in deze brief verder in.Samenwerking op regionaal niveauIn de Kamerbrief van oktober 20241 bent u geïnformeerd over de vormingvan regionale eerstelijnssamenwerkingsverbanden (RESV’s). De RESVfaciliteert en ontzorgt de eerstelijnszorgverleners en zorgt voor eenaanspreekbare eerstelijnszorg voor samenwerkingspartners in de regio.Organiseren is geen doel op zich. Vooral niet in de eerstelijnszorg waar dekleinschalige voorkant van zorg zo belangrijk is voor de patiënten.In de visie eerstelijnszorg kennen we 5 hoofdtaken toe aan een RESV:1.Mandatering/vertegenwoordiging van de eerstelijnszorgdisciplines bijafspraken2.Regionaal organiseren van capaciteit en toegankelijkheid eerstelijns-zorgdisciplines3.Zorginhoudelijke afspraken over specifieke patiëntengroepen4.Ondersteuning hechte wijkverbanden5.Faciliteren en ondersteunen van de eerstelijnszorgaanbiedersDe uitgangspunten voor de RESV’s zijn de afgelopen periode met allebetrokken partijen verder uitgewerkt in een notitie. Deze notitie regionaleeerstelijnssamenwerkingsverbanden stuur ik hierbij aan uw Kamer toe.Alle partijen hebben deze notitie in hun achterban geconsulteerd. Hierbijkwam naar voren dat op een aantal punten verduidelijking wenselijk was.De LHV heeft daarbij in samenspraak met InEen, ZN en VWS, eenoplegger geschreven om een aantal punten uit de RESV-notitie in kortebewoording te verduidelijken. Alle partijen hebben gezamenlijk dezeverduidelijking vastgesteld in het bestuurlijk overleg en daarom stuur ik udeze ook toe.In de RESV-notitie leest u dat RESV’s voortbouwen op bestaandesamenwerking of samenwerkingsstructuren. Er is geen landelijkeblauwdruk voor de vorm. In iedere regio kan de bestaande structuurverschillen maar ook de behoeften over waar te beginnen met de opzetvan een RESV kunnen anders zijn. In de notitie hebben we uitgangspuntenTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 33 578, nr. 1622 en randvoorwaarden afgesproken die concreter zijn dan die in de visieeerstelijnszorg zijn opgenomen.Samen met partijen hebben we afspraken gemaakt over hoe deze takenverder worden ingevuld om een slagvaardig RESV te vormen. Belangrijkdaarbij is dat het een groeimodel is met verschillende implementatiefases.Er zijn ook afspraken gemaakt over hoe de bekostiging en financiering vanRESV’s ingericht moet worden. Verzekeraars werken aan een leidraad voorde contractering zodat in 2026 gesprekken gevoerd kunnen worden overde contracten vanaf 2027. Vanuit de overheid wordt gewerkt aan debekostiging. Daarbij is het de bedoeling dat via de RESV’s ook demogelijkheid ontstaat tot financiering van beroepsgroepen die zichzelf(beter) willen organiseren, zodat zij goed vertegenwoordigd en gemanda-teerd deelnemen in de RESV’s. Alle beroepsgroepen in de eerste lijn zijnimmers nodig voor een slagvaardig RESV. Ook de verbinding van eenRESV met het sociaal domein is daarbij essentieel. Specifiek voor deparamedie loopt een proces gericht op passende aanspraak en finan-ciering van de paramedische zorg2.Het structureel financieren van RESV’s is onderdeel van het onderhande-laarsakkoord «Aanvullend Zorg en Welzijnsakkoord» (AZWA), die op 3 julinaar uw Kamer is verzonden (Kamerstuk 31 765, nr. 937).Subsidiefase 2024–2026De hechte wijkverbanden en RESV’s worden op dit moment al gevormd,ondersteund door een subsidieprogramma van ZonMw. Ik ben blij tevermelden dat er inmiddels 52 van de in totaal 54 regio’s een uitvoerings-subsidie hebben aangevraagd. Dit betekent dat op basis van hetinwonersaantal 98% van Nederland is aangesloten. Van deze ingediendesubsidies zijn er ook al 48 gehonoreerd. Dit zijn stevige subsidiesvariërend tussen de € 500.000 en € 2 mln. euro, waarmee elke regio eengoede start kan maken. Dat betekent dat er nagenoeg een landelijkdekkend netwerk van RESV’s aan het ontstaan is. Het geeft aan dat hetleeft, dat regio’s de handschoen oppakken en dit geeft vertrouwen voorwat er aan het eind van deze fase in 2027 zal staan. Vanaf 2027 start defase waarbij de RESV gecontracteerd wordt via de zorgverzekeraar.Om te komen tot goede regionale samenwerking moeten de verschillendeberoepsgroepen zich ook per beroepsgroep regionaal organiseren.Daartoe zijn voor de jaren 2024 – 2026 vouchers door ZonMw beschikbaargesteld per discipline per regio. Inmiddels zijn hier bijna 200 vanaangevraagd en gehonoreerd. De vouchers kunnen nog worden aange-vraagd tot en met het eind van het jaar.Hoewel elke wijk en regio zijn eigen uitdagingen kent, zijn er ook veelovereenkomsten. Regio’s en wijken kunnen daardoor goed van elkaarleren en elkaar inspireren. Daarom is het landelijke Leer- en Verbeter-netwerk Eerste Lijn (LeVEL) per 1 maart 2025 van start gegaan. Dit2Kamerstuk 31 765, nr. 916Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 33 578, nr. 1623 LeVEL-project zal de regio’s ondersteunen bij het uitwisselen van kennisen ervaring. Het uiteindelijke doel is het versterken van de eerstelijnszorgop regioniveau door een lerend zorgsysteem te ontwikkelen, waarinlokale, regionale en landelijke initiatieven met elkaar verbonden zijn.LeVEL zal verbindingen leggen tussen wijken en regio’s, onder anderedoor het organiseren van bijeenkomsten, het inrichten van een onlineplatform en beschikbaar stellen van experts die met de regio’s en wijkenkunnen meedenken.Als laatste zal via ZonMw nog een subsidie verleend worden voor hetuitvoeren van onderzoek. De subsidieoproep hiervoor is kort geledengesloten en in september wordt duidelijk wie dit onderzoek zal gaanverrichten. Dit onderzoek zal over enkele jaren inzicht geven in de werkingen effecten van hechte wijkverbanden en RESV’s in praktijk.RealisatieagendaBij de visie eerstelijnszorg is ook afgesproken dat partijen een plan vanaanpak zouden opstellen. Dit plan is de realisatieagenda geworden endeze is ook bij deze brief gevoegd. De realisatieagenda is eind 2024bestuurlijk vastgesteld en vervolgens in de achterbannen van de partijengeconsulteerd. Er wordt al aan veel van de acties gewerkt. Het bestuurlijkoverleg eerstelijnszorg stuurt op de voortgang van de acties en stelt bijwaar nodig.De acties uit de realisatieagenda gaan niet alleen over het inrichten vanhechte wijkverbanden en regionale samenwerkingsverbanden. De visieeerstelijnszorg is breder. In de realisatieagenda staan bijvoorbeeld ookacties die zich richten op samen beslissen in de eerste lijn, zorginhoude-lijke afstemming zoals het multidisciplinair overleg en afspraken omtrenttaakverdeling, coördinatie en regie.De realisatieagenda is een werkdocument dat partijen richting geeft bij hetuitvoeren van acties om de visie eerstelijnszorg in de praktijk te brengen.Als we met elkaar zien dat andere acties nodig zijn om de visie terealiseren passen we de realisatieagenda aan.MotieTijdens het debat eerstelijnszorg in november 2024 heeft lid Tielen via eenmotie3 verzocht om de verbinding met de jeugdgezondheidszorg (JGZ)nadrukkelijker mee te nemen in de uitwerking van de visie eerstelijnszorg2030. We hebben hierover met partijen gesproken. In de aanvragen dieregio’s doen bij ZonMw zien we enkele keren terug dat de JGZ albetrokken wordt. Daarnaast is afgesproken dat via het lerende netwerk bijregio’s aandacht gevraagd wordt voor de JGZ en diens rol. Mijn ambts-voorganger was ook voornemens om in het Aanvullend Zorg en Welzijns-akkoord de verbinding tussen hechte wijkverbanden en lokale teams teverstevigen waarmee de betrokkenheid van de JGZ beter gewaarborgdkan worden in de wijksamenwerking. Het is met de val van het kabinetechter onzeker of en wanneer deze afspraken gemaakt kunnen worden. Ikdoe de motie daarom nog niet af.TenslottePartijen zijn goed op weg met het versterken van de eerstelijnszorg.Tegelijkertijd realiseren we ons heel goed dat er nog een lange weg te3Kamerstuk 33 578, nr. 133Tweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 33 578, nr. 1624 gaan is naar 2030. Ik heb vertrouwen dat de partijen gezamenlijkvoortgang weten te boeken en ondersteun dit ook. Een sterke eerste lijn,dichtbij en toegankelijk is namelijk voor iedereen belangrijk.De Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport,D.E.M.C. JansenTweede Kamer, vergaderjaar 2024–2025, 33 578, nr. 1625

Eerdere bronversies

17 okt 2026 · 6732630c6d15682e

14 okt 2026 · 926bd6ef16a40142

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.