Verslag van een commissiedebat, gehouden op 2 oktober 2025, over dieren buiten de veehouderij en dierproeven
Brontekst
Versie 47f0c9289125a462 · officiële bronTweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2025–202628 286Dierenwelzijn32 336DierproevenNr. 1404 VERSLAG VAN EEN COMMISSIEDEBATVastgesteld 28 oktober 2025 De vaste commissie voor Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuuren de vaste commissie voor Onderwijs, Cultuur en Wetenschap hebbenop 2 oktober 2025 overleg gevoerd met de heer Moes, Minister vanOnderwijs, Cultuur en Wetenschap, en de heer Rummenie, Staatssecre-taris van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur, over:−de brief van de Staatssecretaris van Landbouw, Visserij,Voedselzekerheid en Natuur d.d. 12 november 2024 inzakereactie op verzoek commissie over de brief Animal Rights NLmet betrekking tot houden van gifslangen en andere potenti-eel gevaarlijke reptielen (Kamerstuk 28 286, nr. 1356);−de brief van de Staatssecretaris van Landbouw, Visserij,Voedselzekerheid en Natuur d.d. 16 januari 2025 inzakereactie op aangenomen moties naar aanleiding van hettweeminutendebat Dieren buiten de veehouderij (5 december2024) (Kamerstuk 28 286, nr. 1377);−de brief van de Staatssecretaris van Landbouw, Visserij,Voedselzekerheid en Natuur d.d. 29 januari 2025 inzakereactie op verzoek commissie over de brief van PETA «Huidigeniveau van toezicht op dierproeven bij het verlenen vanvergunningen en overheidssubsidies» (Kamerstuk 32 336,nr. 156);−de brief van de Staatssecretaris van Landbouw, Visserij,Voedselzekerheid en Natuur d.d. 5 februari 2025 inzakeaankondiging ACM-marktonderzoek naar diergeneeskundigezorg (Kamerstuk 28 286, nr. 1378);−de brief van de Minister van Justitie en Veiligheidd.d. 17 februari 2025 inzake appreciatie van de motie van hetlid Graus over een onderzoek naar het verhalen van de kostenvoor veterinaire zorg en opvang op veroordeelde dierenbeulen(Kamerstuk 36 600 XIV, nr. 33) (Kamerstuk 29 279, nr. 925);−de brief van de Staatssecretaris van Landbouw, Visserij,Voedselzekerheid en Natuur d.d. 4 maart 2025 inzake reactieop aangenomen motie van het lid Teunissen over een alge-mene maatregel van bestuur instellen voor een verbod op alledieronvriendelijke hulp- en trainingsmiddelen (Kamerstuk36 163, nr. 13) (Kamerstuk 28 286, nr. 1384); kst-28286-1404ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2025Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 28 286, nr. 14041 −de brief van de Staatssecretaris van Landbouw, Visserij,Voedselzekerheid en Natuur d.d. 3 april 2025 inzake ontwikke-lingen diergeneeskundige zorg (Kamerstuk 28 286, nr. 1388);−de brief van de Staatssecretaris van Landbouw, Visserij,Voedselzekerheid en Natuur d.d. 13 mei 2025 inzake reactieop de brief van de Veterinaire Apotheek Noord BV over hogetarieven van dierenartsen en op de brief van de Sophia-Vereeniging over de sterk gestegen dierenartskosten (Kamer-stuk 28 286, nr. 1391);−de brief van de Minister van Onderwijs, Cultuur en Weten-schap d.d. 25 juni 2025 inzake reactie op verzoek commissieover de actiemail in het kader van Wereldproefdierendag overhet Biomedical Primate Research Centre (BPRC) in Rijswijk(Kamerstuk 32 336, nr. 165);−de brief van de Staatssecretaris van Landbouw, Visserij,Voedselzekerheid en Natuur d.d. 26 mei 2025 inzake stand vanzaken ontwikkeling beleid dierentuinen (Kamerstuk36 600 XIV, nr. 81);−de brief van de Minister van Landbouw, Visserij, Voedselzeker-heid en Natuur d.d. 5 juni 2025 inzake reactie op brandbriefWakker Dier met betrekking tot welzijn van miljardengekweekte insecten en aanbieden sectorplan 2025–2030«Agenda ontwikkeling en innovatie in de Nederlandseinsectenketen» (Kamerstuk 33 043, nr. 116);−de brief van de Staatssecretaris van Landbouw, Visserij,Voedselzekerheid en Natuur d.d. 30 juni 2025 inzake moties entoezeggingen over Transitie Proefdiervrije Innovatie (TPI) endierproeven (Kamerstuk 32 336, nr. 166);−de brief van de Staatssecretaris van Landbouw, Visserij,Voedselzekerheid en Natuur d.d. 2 juli 2025 inzake vrijstel-lingsregeling voor dierenartsassistenten-paraveterinair(Kamerstuk 29 683, nr. 311);−de brief van de Staatssecretaris van Landbouw, Visserij,Voedselzekerheid en Natuur d.d. 3 juli 2025 inzake verzamel-brief welzijn dieren buiten de veehouderij – algemeen (Kamer-stuk 28 286, nr. 1397);−de brief van de Staatssecretaris van Landbouw, Visserij,Voedselzekerheid en Natuur d.d. 3 juli 2025 inzake verzamel-brief welzijn dieren buiten de veehouderij – overig (Kamerstuk28 286, nr. 1398);−de brief van de Staatssecretaris van Landbouw, Visserij,Voedselzekerheid en Natuur d.d. 1 september 2025 inzakereactie op brief Sophia-Vereeniging met verzoek tot verbod opverkoop en bezit van stroomstoothalsband (Kamerstuk 28 286,nr. 1400);−de brief van de Staatssecretaris van Landbouw, Visserij,Voedselzekerheid en Natuur d.d. 29 september 2025 inzakereactie op brief van derde met oproep tot verbod op handel indolfijnen en zeezoogdieren vanuit Koninkrijk der Nederlanden(Kamerstuk 36 800 XIV, nr. 6);−de brief van de Staatssecretaris van Landbouw, Visserij,Voedselzekerheid en Natuur d.d. 29 september 2025 inzakeverzamelbrief welzijn dieren buiten de veehouderij (Kamerstuk28 286, nr. 1401).Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 28 286, nr. 14042 Van dit overleg brengen de commissies bijgaand geredigeerd woordelijkverslag uit.De voorzitter van de vaste commissie voor Landbouw, Visserij, Voedselze-kerheid en Natuur,AardemaDe voorzitter van de vaste commissie voor Onderwijs, Cultuur enWetenschap,BrometDe griffier van de vaste commissie voor Landbouw, Visserij, Voedselze-kerheid en Natuur,Van den Brule-HoltjerTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 28 286, nr. 14043 Voorzitter: AardemaGriffier: De KeijzerAanwezig zijn acht leden der Kamer, te weten: Aardema, Beckerman,Bromet, Graus, Van Groningen, Holman, Kostic´ en Van der Plas,en de heer Moes, Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, en deheer Rummenie, Staatssecretaris van Landbouw, Visserij, Voedselze-kerheid en Natuur.Aanvang 10.02 uur.De voorzitter:Goedemorgen. De eerste foto’s van het dierendagakkoord zijn alweergemaakt, zie ik. Iedereen van harte welkom bij dit commissiedebat van decommissie voor LVVN over dieren buiten de veehouderij en dierproeven.Iedereen op de tribune ook van harte welkom. Natuurlijk ook welkom aande leden van de commissie. Mevrouw Van Groningen, u bent officieelgeen lid van de commissie. Ik moet dus even toestemming vragen aan derest of zij het goedvinden dat u hierbij komt zitten. Ik zie geen bezwaren,dus van harte welkom. Natuurlijk ook van harte welkom aan de aanwezigeleden van het kabinet: de Minister van OCW en de Staatssecretaris vanLVVN. Ook van harte welkom aan hun ambtenaren.Ik denk dat we maar snel moeten beginnen. We hebben vier minutenspreektijd per fractie. We hebben als regel dat we vier interrupties hebben.De bijzonderheid daarbij is dat een interruptie gratis is als die minder langduurt dan 30 seconden. Als de interruptie langer dan 30 seconden duurt,dan telt die dubbel. Je hebt er dus vier. Als je er twee doet die langerduren dan 30 seconden, dan ben je erdoorheen. Dit is dus even een kleinenoot. Laten we snel beginnen bij het lid Kostic´ van de Partij voor deDieren. Gaat uw gang.Kamerlid Kostic´ (PvdD):De iconische Jane Goodall is gisteren overleden; een groot verlies voor dewereld. Ze leerde ons dat echt leiderschap zorg betekent voor alles watleeft en dat dieren geen dingen zijn. We leerden dankzij Jane hun emoties,hun intelligentie en hun sociale band kennen. Haar nalatenschap roeptons op tot compassie en om te stoppen met het laten lijden van dieren.Dit kabinet kan daar nog veel van leren.Jane zei: elk dier is een individu en mag nooit behandeld worden als eenreageerbuis met een hartslag. Ik ben daarom blij dat de Kamer eenamendement heeft aangenomen dat het geven van subsidiegeld aanwrede apenproeven afbouwt. Het negeren van dit amendement is volgensjuridische adviseurs van de Kamer ongekend en tegen de afspraken metde Kamer in. De indieners en een meerderheid van de Kamer staan eropdat dit kabinet stopt met het aantasten van de fundamenten van onzedemocratie en dat dit kabinet het amendement gewoon uitvoert.De Partij voor de Dieren wil vandaag, ter ere van Jane Goodall, eenvijfpuntenpakket voor dieren voorstellen. Deze punten kunnen als hetgoed is rekenen op een meerderheid van de Kamer.Eén. Het beperken van impulsaankopen door de handel in gezelschaps-dieren via onlinemarktplaatsen zoals Marktplaats te verbieden. Want zulkeplekken zijn een paradijs voor malafide broodfokkers en puppysmokke-laars. Er worden veel ongezonde dieren verkocht, die vaak ook nog eensin een impuls worden gekocht. Dat leidt tot veel ellende.Twee. Een afbouwplan met einddatum voor het houden van dolfijnen,naar voorbeeld van heel veel landen, zoals Frankrijk, Canada, Mexico,België, India en Kroatië. Jane Goodall liet zien hoe wreed het is omintelligente en sociale dieren zoals dolfijnen in betonnen bassins op tesluiten. We kunnen nooit voldoen aan de welzijnsbehoefte van die dierenTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 28 286, nr. 14044 in gevangenschap. De Raad voor Dierenaangelegenheden concludeerdedat ook. Nederland zit inmiddels bij de achterhoede. Dat kan niet debedoeling zijn, zeg ik ook tegen de Staatssecretaris. Dolfijnen horen niet inkleine betonnen bakken.Drie. Een verbod op de verkoop en het bezit van stroomstoothalsbandenvoor honden. Dit zijn feitelijk martelinstrumenten. Die moeten zo veelmogelijk worden ingeperkt. We zien dat ze nu te makkelijk beschikbaarzijn. De politie kan nu pas ingrijpen als de halsband daadwerkelijk wordtgebruikt en niet als iemand die in bezit heeft of verkoopt.Vier. Een verbod op weerhaken bij hengelen. Weerhaken scheuren vaak demond en de ingewanden van een vis open. Soms worden vissen metachtergebleven weerhaken opgegeten door vogels of andere dieren.Soms blijven de haken ook rondslingeren en worden ze ingeslikt doorhonden. Dierenartsen en dierenambulancepersoneel gaven vorige weekbij een bezoek aan de Tweede Kamer aan dat ze dit heel veel ziengebeuren en dat dit leidt tot ernstige verwondingen bij dieren. Dat brengtweer hoge kosten met zich mee. Ik citeer Gerrit van de dierenambulance:«We hadden gisteren een meeuw die een dubbele snoekhaak mettwee keer een drietand van zijn ene vleugel naar zijn andere vleugel hadlopen. Hij zat daarmee helemaal vast. Zo heeft hij lang moeten lijdenvoordat hij stief van ellende.»Vijf. Samen met een kopgroep van landen in Europa, zoals België,optrekken om het mogelijk te maken dat de btw op dierenartskostenwordt afgeschaft, zoals ook geldt voor menselijke medische zorg. Het isecht absurd dat er voor medische hulp aan dieren een maximaalbtw-tarief van 21% geldt. Medische hulp voor dieren is geen luxe, maareen noodzaak.Deze Kamer wil al heel lang dat er ingegrepen wordt, maar de Staatsse-cretaris doet weinig. Daarom hebben we, onder andere samen met de SP,een tienpuntenplan gepresenteerd om dit te veranderen, onder anderemet een handels- en importverbod voor dieren met ongezondekenmerken, zoals kortsnuiten.Voorzitter. Graag een reactie van de Staatssecretaris op elk van devijf punten afzonderlijk. Is hij van plan deze op te pakken of heeft hij weeraanmoediging van de Kamer nodig, via een motie?Dank u wel.De voorzitter:Dank u wel, lid Kostic´. Het woord is aan mevrouw Beckerman van de SP.Mevrouw Beckerman (SP):Goedemorgen, voorzitter. Ik vind het een bijzondere dag. We hebben neteen akkoord getekend dat ondersteund wordt door 143 Kamerzetels. Wenoemen het een «dierendagakkoord». Het is een akkoord voor goede,betaalbare en eerlijke dierenzorg. Ik zou dat akkoord heel graag willenaanbieden aan het kabinet. Ik denk dat dit een bijzonder moment is,omdat we met zo veel partijen zijn. Er wordt weleens gezegd dat er zoweinig wordt samengewerkt in de Tweede Kamer, maar hier zie je dat heelveel partijen samenwerken voor dieren. Ik denk dat dit cruciaal is. Ik denkdat het ook iets zegt dat zo veel partijen – u kunt die prachtig zien op deposter die ik omhoog hou; alle logo’s staan erop – zeggen: wij werkensamen om ervoor te zorgen dat de dierenzorg goed, betaalbaar en eerlijkis. Die poster zouden we natuurlijk heel graag via de bode willenoverhandigen aan het kabinet, als u dat toestaat, voorzitter.De voorzitter:Jazeker.Mevrouw Beckerman (SP):Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 28 286, nr. 14045 Laten we dat in de pauze met alle partijen doen, anders doe ik het alleen,terwijl zo veel partijen dit hebben gesteund. Ik zou het mooi vinden als wedat straks met z’n allen even in de pauze doen.De voorzitter:Dat lijkt mij een goed idee.Mevrouw Beckerman (SP):Laten we die gezamenlijkheid behouden!De voorzitter:Ja. Vervolgt u uw betoog.Mevrouw Beckerman (SP):Dank u wel, voorzitter. Wij hebben hier voorstellen gedaan voor debetaalbaarheid. Wij spreken als partijen uit dat wij graag zouden willendat er maximumtarieven in de spoedzorg komen. We hebben deafgelopen jaren namelijk gezien dat de tarieven van dierenartsen hard zijngestegen. In de spoedzorg stegen die zelfs drieënhalf keer sneller dan deinflatie. Daarom zeggen partijen: zorg er nou voor dat die spoedzorgbetaalbaar blijft. We horen natuurlijk graag een reactie van het kabinetdaarop.Ook pleiten we gezamenlijk voor transparantie. Heel veel baasjes wetennamelijk van tevoren niet wat de rekening gaat worden. Ook dierenartsengeven aan dat het goed zou zijn als er meer transparantie zou zijn over detarieven, ook vooraf. Ook hier horen wij graag een reactie op.De ACM doet nu onderzoek, ook op verzoek van de Kamer, naar de vraaghoe het nou eigenlijk zit met die ketens en private equity; ontstaan daarmachtsconcentraties? Wij spreken vandaag als partijen uit dat machtscon-centraties niet goed zijn voor de zorg. Wij vragen het kabinet wanneer datonderzoek van de ACM er komt. Wij zouden graag willen dat de ACM,mocht dat nodig zijn, extra bevoegdheden krijgt. We hebben gezien dat ditin andere landen ook is gebeurd.Dan hebben we een aantal punten voor betere zorg. Vorige week is hier inde Tweede Kamer een rondetafelgesprek georganiseerd. Ik denk dat alleaanwezige Kamerleden onder de indruk waren van de verhalen vandierenartsen, dierenhulpverleners en wetenschappers. Die dierenartsenzeiden dat zij graag een orde van dierenartsen zouden willen vormen. Zezeiden: «We zien dat in Engeland en in Vlaanderen. Dierenartsen krijgendaarmee zelf een betere positie en kunnen onderling meer regelen.» Wewillen graag een reactie daarop van het kabinet. Hoe kan het daarinondersteunen? Wat vindt het van dit idee?Er waren ook dierenhulporganisaties aanwezig. Die zeiden: het is bestingewikkeld om ons werk te doen. Daarom staat in ons akkoord dat diedierenhulporganisaties goed moeten worden ondersteund. Voorts zeggenpartijen dat het gek is dat in de humane zorg alle huisartsen ookspoedzorg moeten leveren, maar dat dit in de dierenzorg niet het geval is.Dat is ook een punt.Het laatste onderwerp in het dierendagakkoord gaat over dierenwelzijn:voorkom erfelijke ziektes. Er waren dierenartsen die vertelden dat 50% vande honden ... Ik ben door mijn tijd heen, zie ik, maar dit is het laatste punt.«50% van de honden die wij zien, hebben erfelijke ziektes», werd ergezegd. Dat kan worden voorkomen. 143 Kamerzetels zijn daarvoor.Mijn allerlaatste zin is dat deze Kamerleden er ook voor pleiten om dewetgeving voor huisdierenzorg op orde te krijgen. Ik zou zeggen: kabinet,u heeft het op een presenteerblaadje, of eigenlijk op een A0-printjegekregen; 143 Kamerzetels die in gezamenlijkheid oproepen tot goede,betaalbare en eerlijke dierenzorg.Dank u wel.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 28 286, nr. 14046 De voorzitter:Dank u wel, mevrouw Beckerman. U heeft een interruptie van mevrouwVan der Plas.Mevrouw Van der Plas (BBB):Ik wil mevrouw Beckerman ten eerste bedanken voor het opzetten van ditinitiatief. Mooi dat daar zo veel belangstelling voor is vanuit de Kamer.143 zetels; dat is niet niks. Ik had nog wel een vraag. Ik heb het zelf ookondertekend; ik sta er honderd procent achter. Maar we moeten wel eenklein beetje oppassen dat we er zelf niet voor gaan zorgen dat er meerregeldruk komt, waardoor dierenartsen gaan afhaken omdat zakenovergereguleerd zijn. Ik wil aan mevrouw Beckerman vragen hoe zijdaarnaar kijkt.Mevrouw Beckerman (SP):Er zitten natuurlijk twee kanten aan. Als men afhaakt vanwege te veelregels, dan is dat natuurlijk heel onwenselijk, maar we zien nu ook hetomgekeerde, namelijk dat dierenartsen afhaken omdat er te weinig regelszijn. Dierenartsen zeiden het volgende in het rondetafelgesprek. Ik moetaltijd opletten met citeren. Behoorlijk veel sprekers gaven aan dat dit inandere landen wel goed geregeld is in de wet. Dan gaat het onder andereover de positie van de dierenarts zelf. Ik vond het mooi om te horen datheel veel dierenartsen zeiden: «We moeten als beroepsgroep zelf onsverenigen, ons sterk maken. Wij willen dat zelf ook.» Zij hebben bijvoor-beeld die orde van dierenartsen voorgesteld. Dat voorstel hebben wij ookovergenomen in dit akkoord, omdat ik denk dat dit een heel goed middelis. In Nederland doen advocaten dat, maar in het buitenland doendierenartsen dat ook, zodat ze samen sterker staan tegenover deproblemen waar ze nu tegenaan lopen.Tot slot: ik denk dat iedereen ook heel erg onder de indruk is van wat er opdit moment allemaal kan in de dierenzorg. Dat is heel snel gegaan. Er kanongelofelijk veel meer. Maar met meer kunnen, komen er ook meervragen. Ik denk dat het goed is als de sector debatteert, maar dat moetenwij als Kamer ook doen. Vandaar het akkoord.De voorzitter:Dank u wel. Uw betoog was gereed, mevrouw Beckerman. Het is vandaageen hele drukke Kamerdag. Sommige commissieleden moeten er eventussenuit. Mevrouw Van der Plas heeft omwille van de tijd gevraagd of zijeerder het woord mag voeren. Ik geef u graag het woord. Mevrouw Vander Plas van BBB.Mevrouw Van der Plas (BBB):Dank u wel, voorzitter. Dank aan de commissie voor het feit dat zij mij wateerder laten spreken omdat ik zo meteen even kort een ander debat moetvoorzitten. Daarna keer ik weer terug naar dit debat.Voorzitter. Wie een dier houdt, draagt een grote verantwoordelijkheid. Datgeldt voor boeren, maar net zo goed voor mensen die gezelschapsdierenhebben – dan heb ik het over honden, katten of welke huisdieren dan ook– of mensen die zich inzetten in wildopvangcentra. In de praktijk zien wedat gemeenten, opvangcentra en burgers vaak tegen muren aanlopen:bureaucratie, onduidelijkheid en hoge kosten. BBB vindt dat dierenwelzijnniet gebaat is bij stapels regels, maar bij praktische oplossingen.Allereerst wil ik de Staatssecretaris complimenteren, want we zien dat eral stappen zijn gezet. De herziening van de Beleidsregel kwaliteit opvangdiersoorten is afgerond en sluit nu beter aan op de praktijk. Ook is er eentraject gestart voor een overzichtelijk protocol voor alle wildopvangcentra.Dat is werkbaar en daar heeft de sector echt iets aan. BBB steunt deze lijnuiteraard.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 28 286, nr. 14047 Ook de vrijstellingsregeling voor paraveterinairen verdient onze steun. Ineen tijd waarin de werkdruk in de veterinaire sector hoog is, is hetverstandig dat mensen die in het verleden een volwaardig diplomahadden, alsnog geregistreerd kunnen worden. Dat voorkomt onnodigverlies van arbeidspotentieel en houdt de zorg toegankelijk.Tegelijkertijd blijven er zorgen. De prijzen in de diergeneeskundige zorg,met name in de spoedzorg, stijgen nog altijd harder dan de inflatie.Steeds meer praktijken zijn in handen van internationale ketens methogere tarieven en minder keuzevrijheid voor eigenaren. Dat raaktmensen gewoon in hun portemonnee. Dat kan ertoe leiden dat dierengeen zorg krijgen. BBB wil van de Staatssecretaris dan ook weten welkeconcrete maatregelen hij gaat nemen om de betaalbaarheid van despoedzorg te garanderen. Kan de Staatssecretaris toezeggen dat deKamer op korte termijn de uitkomsten van heet ACM-onderzoek – dat is deAutoriteit Consument & Markt – krijgt?Voorzitter. Dan de dierenambulances en de wildopvang. We zien dat deStaatssecretaris gesprekken voert met gemeenten over hun opvangplicht.Dat is goed, maar in de praktijk horen wij nog steeds verhalen overovervolle opvangcentra die de lasten niet meer aankunnen. Kan deStaatssecretaris toezeggen dat er een structurele oplossing komt, waarbijgemeenten ook echt hun verantwoordelijkheid nemen? Wat BBB betreftmoet de inzet niet alleen maar liggen op meer regels, maar juist opsamenwerking en ondersteuning van vrijwilligers. Ik vraag de Staatssecre-taris of er mogelijkheden zijn om dierenambulances structureel financieelte ondersteunen, bijvoorbeeld via een landelijke basisfinanciering.Voorzitter. Dan de dierproeven. BBB staat pal voor de ambitie om waarmogelijk over te gaan naar proefdiervrije innovaties. We zien datNederland hierin in Europa een voortrekkersrol heeft gekregen. Tegelij-kertijd is eerlijkheid belangrijk. Voor sommige onderzoeken – denk aanpandemische paraatheid – zijn dierproeven voorlopig nog noodzakelijk.BBB wil dat dit zorgvuldig blijft gebeuren, onder strikte toetsing, maar dattegelijkertijd stevig wordt geïnvesteerd in alternatieven. Hoe voorkomt deStaatssecretaris dat Nederland door te snelle uitfasering kennis encapaciteit verliest, waardoor we straks afhankelijk worden van onderzoekin landen met lagere standaarden?Tot slot, voorzitter. BBB kijkt naar de balans. Daarom vragen we deStaatssecretaris om in zijn vervolgstappen steeds de praktijktoets tehanteren. Helpt dit de dieren echt? Is het uitvoerbaar voor de mensen diedagelijks met dieren werken?Tot slot heb ik nog één laatste vraag aan de Staatssecretaris. Er is laatsteen petitie aangeboden over kortsnuiten. Dat zijn hondjes. Wij hebbengevraagd om een reactie op de petitieaanbieding en op het rapport daterbij zat. Die brief hebben we nog niet ontvangen. Wanneer kunnen wijdeze brief verwachten?Dank u wel.De voorzitter:Dank u wel, mevrouw Van der Plas. Dan gaan we nu weer het rijtje af engeef ik het woord aan meneer Graus van de PVV. Gaat uw gang.De heer Graus (PVV):Dank je wel, meneer de voorzitter. Allereerst dank aan de collega’s voorhet samenwerken bij het dierendagakkoord. Dat zijn altijd uniekemomenten waarbij we kunnen laten blijken dat dieren buiten partijpolitiekmoeten blijven. Daar ben ik heel dankbaar voor.De PVV wil graag dat er een dieren-DNA-databank komt. Die is er voor eengedeelte al bij de Universiteit Utrecht. Ik heb daar met de Staatssecretariseen bezoek aan gebracht. Maar die moet natuurlijk breder wordengetrokken, niet alleen naar honden, zodat de dierenpolitie dierenbeulensneller kan opsporen. Dat is ook handig ter voorkoming van innerlijke enTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 28 286, nr. 14048 uiterlijke erfelijke factoren die onnodig dierenleed en torenhoge dieren-artskosten met zich meebrengen. Daar zou ik graag een reactie op willen.En kunnen we ook meteen een einde maken aan de vreselijke invasieveverplichte chiphandelingen? Ik zal mijn dieren never nooit laten chippen.Ik vind die invasieve handelingen vreselijk. Zo zijn we daar ook meteenvanaf. Ik zou daar graag een reactie op willen. Want zelfs een gevoelloosvoertuig heeft nog een fatsoenlijke registratie. Dieren hebben die totaalniet. Dus we willen ook dat zolang die DNA-databank niet op orde is,dieren sowieso geregistreerd worden. Ze worden vaak gechipt, maar diechip wordt dan vervolgens niet geregistreerd, waardoor de dierenpolitieen de dierenambulances nog met de handen in het haar zitten. Daar had ikgraag een oplossing voor gehad.Wat de prijsplafonds betreft verwijs ik kortheidshalve naar ons verkie-zingsprogramma en het dierendagakkoord. Ik ga dit dus niet allemaalopnoemen. Mensen kunnen dit nakijken. Maar wij willen dus buiten deprijsplafonds en transparantie ook dat er meer gebruik wordt gemaakt vangoedkopere – dat bedoel ik niet verkeerd – hbo-geschoolde paraveteri-nairen. Die kunnen namelijk worden ingezet voor eenvoudige noodhulpen spoedeisende handelingen. Het houden van dieren mag geenonbetaalbare, elitaire hobby worden. Ik heb al eerder het volgendegezegd. Zorg nou dat die paraveterinairen, goedopgeleide mensen, ookop de dierenambulances komen, zodat dieren die zijn aangereden ofanderszins gewond zijn geraakt, ter plekke kunnen worden gestabiliseerdmet een snelwerkend corticosteroïde, Solu-Delta-Cortef. Dat wordt zelfsook bij mensen gebruikt, geloof ik. Daar kan je tienduizenden levens meeredden. Want anders sterven ze ter plekke of in de dierenambulance. Datis zonde. Dat moeten we niet doen.Wij pleiten ook voor meer bevoegdheden – dat staat ook voor eengedeelte in het dierendagakkoord – voor de orde van dierenartsen, maarook voor meer wettelijke bevoegdheden voor de ACM om als markt-meester op te treden, dus om de monopolistische, verschrikkelijkeclusters te voorkomen. De vercommercialisering van dierennoodhulp vindik walgelijk.Ik zal er even vlug doorheen gaan. Hoelang heb ik nog, meneer devoorzitter?De voorzitter:U heeft nog ruim een minuut.De heer Graus (PVV):O, nou, dat is wel heel erg kort, hè, voor zo’n belangrijk debat!Hoe staat het met de onderzoeken om dierenambulances, gelijk Rijkswa-terstaat, onder één landelijke ontheffingsvergunning te laten rijden en omze ook als voorrangsvoertuig te laten rijden? Dat zou allemaal uitgezochtworden. Want het is natuurlijk te gek voor woorden dat Rijkswaterstaatwel met toeters en bellen mag rijden en wel één landelijke ontheffingheeft, en een dierenambulance niet. Het gaat om levende wezens dienoodhulp nodig hebben.Ik wil een verbod op het meeslepen van honden aan elektrische fietsen.Als ik met mijn gewone fiets ga, dan vliegen alle bejaarden mij links enrechts voorbij. Die hebben helemaal niet meer in de gaten wat voor krachtdaarvan uitgaat. Dus daar mag je nooit een hond mee voorttrekken. Ik wilactie en reactie op dat gebied.We willen een vereenvoudigde vergunningsaanvraag voor de bouw vanschuilstallen of andere beschutting tegen noodweer of verzengende hittein weides. Dat is ook door voorgaande bewindspersonen toegezegd. Datkan desnoods in overleg met de VNG, de Vereniging van NederlandseGemeenten, opdat dierenhouders kunnen voldoen aan de wettelijkeverplichting, artikel 1.6, lid 3. Dat gaat nu namelijk niet.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 28 286, nr. 14049 De Aziatische hoornaar is een ongelofelijk grote killer, die hele bijenvolkenom zeep helpt. Die moet bestreden worden. Er zijn imkers die€ 6.000 vragen voor ondersteuning om hoornaars te zenderen en op tesporen. Dat wordt allemaal niet vrijgegeven door gemeenten. Deprovincies doen niets. De landelijke overheid doet ook niets. Dat gaat eenhele doffe ellende worden.We willen maatregelen om inteelt en erfelijke ellende bij ons Friese paardte voorkomen. Graag een reactie.We eisen harde opsporing en aanpak van malafide dierenhandelaren enverbetering van de DNA-identificatie en -registratie voor het welzijn vandieren.Ik had ook graag een reactie op de positieflijst gehad.Ben ik door mijn tijd heen, voorzitter? Dan doe ik de rest even ... Want ikheb ook nog iets over de zeehonden. Daar had ik ook nog graag eenreactie op gehad. Maar dat doe ik dan wel even in de tweede termijn.De voorzitter:U bent door uw tijd heen, meneer Graus.De heer Graus (PVV):Dank u wel.De voorzitter:En u heeft een interruptie van mevrouw Bromet en daarna nog een vanmevrouw Beckerman. Maar eerst mag mevrouw Bromet.Mevrouw Bromet (GroenLinks-PvdA):Ik heb een vraag over die bijen waar de heer Graus over begon. Ik hebaltijd heel veel sympathie gehad voor de initiatieven die er zijn ombijenvolken neer te zetten, ook hier op het dak van de Tweede Kamer. Datis een initiatief van de heer Graus zelf geweest. Alleen, je hoort steedsvaker dat de bijenvolken van bijen die gehouden worden, de inheemse enwilde bijen verdringen. Hoe kijkt de heer Graus daarnaar? Mijn gedachteover bijen houden is namelijk wel veranderd.De heer Graus (PVV):Nou, die van mij niet. Het is en-en. Ik heb daar contact over. Ik heb daarzelfs een televisieprogramma over gemaakt. Ik heb daar contact over metde imker des vaderlands, meneer Lemmers, en ook met andere imkers inhet land. Mijn opa was ook imker. Maar het moet en-en zijn; dat is logisch.De wilde bijen waar u op doelt, leven vaak in hopen onder de grond. Hethoeft elkaar niet te bijten. Je moet inderdaad een beetje uitkijken waar jekassen plaatst. Dat doen ze in Oostenrijk ook. Het kan dus allemaal. Datmoeten we echt aan ter zake deskundigen overlaten, aan mensen die hierenkel mee bezig zijn. We hebben de beste imkers ter wereld. Ik laat dit dusgraag aan die mensen over. Ik ben het wel met u eens, hoor. Maar het isdus niet zo dat als je voor de honingbijen bent, je dan tegen de wilde bijenbent. Dat frame wordt graag gebruikt in de politiek, maar dat is natuurlijkniet zo. Voor mij is het en-en. En de Aziatische hoornaar is een gevaarvoor beide.De voorzitter:Dank u wel. Mevrouw Bromet heeft nog een vervolgvraag.Mevrouw Bromet (GroenLinks-PvdA):Ik ga er nog eens in duiken. Maar ik vind het mooi dat de heer Graus ditzegt over bijen. Ik hoop dat de PVV dit ook over mensen zegt.De heer Graus (PVV):Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 28 286, nr. 140410 Ik ben al vanaf 2006, samen met Lutz Jacobi van de PvdA, als eerste en alsenige hiermee bezig. Ik werd door iedereen aangesproken met: je bentknettergek dat je zelfs nog bijen wil gaan beschermen. Naderhand bleekdat we gewoon gelijk hadden. Maar vanaf 2006 zet ik, als kleinzoon vaneen imker, me al heel erg in voor het behoud van de bijen. Want als je kijktnaar de honingbij, dan zie je dat de producten van honingbijen gebruiktworden in brandwondencentra omdat die antibiotisch, prebiotisch enprobiotisch werken. De producten die ze voortbrengen, hebben dus ooknog eens een medicinale werking. Daar moeten we dus echt heelvoorzichtig mee omgaan. Bovendien staan ze in het begin van onzevoedselcyclus. Er is laatst een keer een foto gemaakt van schappen in eensupermarkt met en zonder bijen. Nou, je schrikt je de tering als je zietwelke gevolgen het heeft voor onze voedselproductie als bijen uit zoudensterven.De voorzitter:Dank u wel. Er is nog een interruptie van mevrouw Beckerman.Mevrouw Beckerman (SP):Ik ben heel blij dat we gezamenlijk zo’n akkoord hebben kunnen sluiten.Maar wij zijn natuurlijk als partijen in het verleden nog wel wat verdergegaan. Vorige week hadden we het rondetafelgesprek. Daarin ging hetonder andere over minima en over wat we kunnen doen met een goedeverzekering. Een paar mensen spraken zich namelijk uit tegen hoe het nugeregeld is, maar zij zeiden wel: het is handig om een goed basispakket temaken dat voor elk dier toegankelijk is. Wat vindt de PVV daarvan?De heer Graus (PVV):Het klopt dat de Partij voor de Dieren, de SP en de PVV veel verder zijngegaan dan het dierendagakkoord. Ik vond dat voor een gedeelte ookjammer. Dat heb ik mevrouw Beckerman ook gezegd. Maar ik begrijp welook haar beweging om, zeker ter ere van dierendag, zo Kamerbreedmogelijk te gaan werken. Maar vanaf nu kunnen we gewoon weer viaonze eigen partijen straatvechten. Ik ben er zeker een voorstander van datbijvoorbeeld bepaalde noodhulp ... Wij vragen daarom ook om dieprijsplafonds. Zo willen wij het namelijk doen. Wij willen dat bepaaldedierennoodhulp voor eenieder betaalbaar is. Daarom zei ik ook dat hethouden van dieren geen elitaire hobby mag worden. Een eenzaamvrouwtje met een klein AOW’tje en geen of een heel klein pensioentjemoet ook gewoon dat beste maatje kunnen houden. Ik ervaar mijn levenlang al meer liefde, mevrouw Beckerman, via de voorzitter, van dieren danvan de homo sapiens. Ik ben daar dus zeker een grote voorstander van.Maar laten we daar samen in optrekken en misschien ook zelf metplannen komen hoe we dat kunnen doen. Er moeten prijsplafonds komenop dierennoodhulp. Dat is in de tandheelkunde bijvoorbeeld ook bijsommige tarieven gebeurd.De voorzitter:Dank u wel. Meneer Holman heeft nog een interruptie. Daarna heeft u ooknog een interruptie van mevrouw Van der Plas.De heer Holman (NSC):Even over de zeehonden. Daar is een motie over ingediend. Vindt u datdie goed uitgevoerd is?De heer Graus (PVV):Bedankt, meneer Holman, voor uw collegialiteit, want dat punt kon ik nietmeer benoemen. Dat is inderdaad heel slecht. We hebben daar de laatstejaren diverse verzoeken over ingediend. Ik heb ook weleens al dieopvangcentra hier samengebracht, nog met Lenie ’t Hart erbij. Maar hetTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 28 286, nr. 140411 probleem is dat de uitvoering van mijn eigen aangenomen motiegetraineerd wordt door sommige mensen binnen de overheid en door deopvangcentra. Daar ben ik natuurlijk ontzettend pissig over, want dat kangewoon niet. We hebben ook een zorgplicht naar de zeehonden. Dezeehond is dé ambassadeur van de Wadden en van de Waddenzee. Ik kandat dus echt niet geloven. Zeehonden worden niet goed en niet snelgenoeg opgevangen. Denk aan de 24 uursregeling, waardoor pups vaakverzuipen of om het leven komen. Dat is verschrikkelijk. Dat ondermijntook de overlevingskansen van de pups, dus niet alleen van de grotezeehonden. Daar wil ik ook graag een reactie op hebben, want ik vind dater onvoldoende aan gebeurt. Op dat gebeid moet er dus regie komenvanuit de Staatssecretaris.De voorzitter:Ja, dank u wel. Mevrouw Van der Plas heeft nog een interruptie.Mevrouw Van der Plas (BBB):Allereerst moet ik mezelf even corrigeren. In mijn inbreng sprak ik deStaatssecretaris aan op de dierproeven, maar ik denk dat dat de Ministervan OCW moet zijn. Bij dezen heb ik dat dus even gecorrigeerd.Ik heb een vraag aan de heer Graus. Ik hoorde hem net wat zeggen overde gezondheidsvoordelen van de honing die de honingbij maakt. Die isgoed voor mensen. Die is gezond. Maar we hebben ook te maken metdierproeven die nodig zijn. Niet alle dierproeven zijn nodig. Nogmaals, wehebben ook gezegd dat als het proefdiervrij kan, we dat heel graag zoudenwillen. Maar sommige dierproeven zijn nog wél nodig om bepaaldeaandoeningen en ziektes tegen te gaan. Denk aan alzheimer en aids. Maarhet is ook goed voor de pandemische paraatheid. De covidvaccins zijndaar ook mee ontwikkeld. Hoe kijkt de heer Graus daartegen aan? Moet ditallemaal afgeschaft worden? Of vinden we de volksgezondheid en hetgoed managen daarvan ook belangrijk?De voorzitter:Dank u wel, mevrouw Van der Plas. Deze telt wel dubbel. Geeft niks,mevrouw Van der Plas. Meneer Graus, graag een reactie.De heer Graus (PVV):Ik heb daar bewust weinig of niks over gezegd. Er liggen namelijk tal vanmoties van de Partij voor de Dieren en de PVV en van de PVV en de Partijvoor de Dieren. Ik heb die vaak samen met Frank Wassenberg ingediend.Wij willen dat het aantal dierproeven en het aantal proefdieren wordenafgebouwd. Wij willen een volledige transitie naar proefdiervrijeinnovaties. Het blijkt ook dat dieren totaal niet representatief zijn. Daaromwil ik ook zeggen dat als de volksgezondheid u heilig is, u daar ook eensbij stil zou moeten staan. Aan de andere kant bleken bepaalde penicillines,die ooit mijn leven als pasgeborene gered hebben, voor dieren totaalgiftig te zijn. Maar die hebben mijn leven gered. Dus ook vice versa klopthet niet. Dierproeven blijken totaal onvoldoende en niet representatiefvoor de mens te zijn. Wij willen dus inderdaad simulators, dode enlevende gekweekte of niet-gekweekte weefsels, om het menselijkimmuunsysteem beter te vertegenwoordigen in de strijd tegen kanker enauto-immuunziekten. Wij zijn het daar dus volstrekt niet mee eens. Wijwillen – daar pleit ik ook al vanaf 2006 voor; dat is al bijna twintig jaar –helemaal van die verschrikkelijke dierproeven en die arme proefdieren af.De voorzitter:Dank u wel. Mevrouw Van Groningen van de VVD heeft nog eeninterruptie.Mevrouw Van Groningen (VVD):Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 28 286, nr. 140412 De heer Graus had het erover dat dierenhulp voor iedereen betaalbaarmoet zijn. Dat is iets wat we natuurlijk allemaal graag willen. Tegelijkertijdweten we dat dingen als «gratis» niet bestaan. Ik heb een vraag. Want wezien enerzijds dat de vraag naar dierenzorg in de sector heel erg istoegenomen. Die is ook enorm geprofessionaliseerd. Dat komt ook meteen prijs. Anderzijds zijn er ook gewoon heel veel mensen – dat bleek ookuit de rondetafelgesprekken – met doorgefokte dieren met erfelijkeafwijkingen. U weet dat wij daar als VVD in ieder geval iets aan willendoen. Denk aan een fokverbod bij dieren met erfelijke afwijkingen engevaarlijke kenmerken. Wij zijn heel benieuwd hoe de PVV daarnaar kijkt.De heer Graus (PVV):Ik neem het u niet kwalijk, maar in 2010 heb ik het volgende met Staatsse-cretaris Bleker kunnen aftikken. Die ging toen over dierenwelzijn. Wijwaren toen gedoogpartner. We hebben toen kunnen aftikken dat er eeneinde zou komen aan het fokbeleid van die dieren en de import van diedieren. Ik vraag dat al sinds die tijd. Ik heb daar ook toezeggingen opgehad van de regering. Maar daar is vaak niets mee gedaan, bijvoorbeeldomdat het kabinet ook vaak viel. Ik ben het hier dus helemaal mee eens. Iktrek heel veel op met dokter Hille Fieten van het ExpertisecentrumGenetica Diergeneeskunde. Ik heb daar samen met de Staatssecretaris endokter Fieten een bezoek aan gebracht. We hebben ons daar goed lateninlichten en voorlichten. Uiteraard zijn we daar heel zwaar op tegen.Maar we zijn ook tegen de import van die dieren. Want je kan wel zeggen«we gaan hier met een fokverbod komen», maar dan komt de ellende uithet buitenland. Die komt ook vaak uit het voormalige Oostblok. Daarmoeten we natuurlijk ook vanaf. Daarom pleiten we ook voor grenscon-troles met warmtecamera’s. Ze moeten aan de grenzen al die schimmigebusjes, die gesloten busjes, scannen met een warmtecamera. Zie jedieren? Hop, dan moeten ze langs de kant en bij de veter gepakt worden.De dieren moeten dan in beslag genomen worden en in veiligheidgebracht worden. Je moet ook de busjes in beslag nemen. Je moet allesafsnijden. Ik heb zelfs nog gepleit voor het sturen van observatieteamsnaar het voormalige Oostblok om ze allemaal op te sporen.Ik ben dit dus helemaal met iedereen eens. Ik denk dat we het er Kamer-breed over eens zijn dat daar een einde aan moet komen.De voorzitter:Dank u wel, meneer Graus. Er is nog een vervolgvraag van mevrouwVan Groningen.Mevrouw Van Groningen (VVD):Ja, ik heb dan toch nog een verhelderende vraag. Goed dat we elkaarhierin vinden. Maar het is belangrijker dat we in Nederland misschien ookal stappen kunnen zetten, zonder meteen allerlei grenscontroles en zo tegaan instellen. Denk aan een keurmerk met kwaliteitscriteria voor gezondefok. Denk aan goed ingelichte consumenten. Ik denk dat dat ook enormbelangrijk is. Dit moet al dan niet in combinatie met een DNA-databank.Fairdog heeft het daar ook over gehad. Ik ben benieuwd hoe u daarnaarkijkt. Dat zou in ieder geval iets zijn wat wij als VVD graag zouden willen.De voorzitter:Dank u wel. Meneer Graus, graag een korte reactie.De heer Graus (PVV):Dan ben ik blij dat Thommie van Campen er niet meer is en dat u er nubent, want de VVD heeft mijn verzoeken om een databank altijd tegenge-houden. Ik vind dit dus heel verbazingwekkend. Gisteren bleek dat ookweer. Al die tijd dat ik er zit, vraag ik om de bewapening van boa’s. Datheeft de VVD altijd tegengehouden. Vlak voor de verkiezingen komen zeTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 28 286, nr. 140413 ineens met bewapening van boa’s. Dit verbaast mij dus. Maar ik ben uheel dankbaar dat u om bent. Ik vraag dus al bijna zo lang als ik besta omeen DNA-databank, in samenwerking met de dierenpolitie en de Univer-siteit Utrecht. Ook daarover zijn we voorgelicht door dokter Fieten. Daarwas de Staatssecretaris ook bij. Daar zijn we natuurlijk volledigvoorstander van. Dus bedankt voor uw steun voor onze jarenlangeverzoeken. Dank u wel. Dan kan ik daar mogelijk ook een motie overindienen met steun van de VVD. Dat is fijn.Dank u wel.De voorzitter:Dank u wel, meneer Graus. Het woord is aan meneer Holman van NSC.De heer Holman (NSC):Dank u wel, voorzitter. Vandaag is de laatste dag van deze Kamerperiode.Voor mij is het ook de laatste dag. Ik wil graag constateren dat ik er altijdheel veel plezier aan heb ontleend om hier met mijn zeer gewaardeerdecollega’s te vergaderen.We hebben vaak een stevige discussie en indringende vragen over dierenbuiten de veehouderij. Maar we schuiven bijna niet op. Het schiet niet op.We komen niet zo veel verder. Wij hebben nog maar een paar jaarervaring, maar meneer Graus refereert al aan een periode van tien àvijftien jaar. Correctie: het gaat om bijna twintig jaar.De wolven. Bij hoeveel probleemwolven is het probleem nou opgelost?Het aantal neemt fors toe. Het lijkt erop dat we erbij staan en ernaarkijken.De grutto. Hoe staat het met de ingebrekestelling? Komt het goed? Loopthet goed af? Gaan we werkelijk meer grutto’s krijgen? Wat is de ambitievan de Staatssecretaris? Gaan we werkelijk een verdubbeling van hetaantal grutto’s krijgen?Honden en katten zijn ook al aan de orde geweest. Is er zicht op eenverbod op bijvoorbeeld kortsnuiten? Is er zicht op een handelsverbod? Iser zicht op import? Dit is al heel vaak genoemd. Er is veel handel opMarktplaats, horen wij van betrokkenen. Kunnen wij die handel op de eenof andere manier stoppen? Ook hier lijkt het: we staan erbij en we kijkenernaar.Proefdieren. Het is al eerder gevraagd: Minister, wat gaan we doen methet amendement dat ontraden was, maar aangenomen is? Gaat hetpleidooi dat wij hier hebben gehouden voor bijvoorbeeld apen nuwerkelijk uitgevoerd worden? Het lijkt erop dat dit kabinet het eigenlijk welprima vindt hoe het gaat en niet werkelijk de ambitie heeft om dat teverminderen. Ook hier lijkt het: we staan erbij en we kijken ernaar.Voorzitter. Ik wil het kort houden, dus ik houd het bij deze vier vragen. Ikben benieuwd naar de antwoorden.De voorzitter:U heeft een interruptie van meneer Graus.De heer Graus (PVV):Ik wil mijn collega – «ambtsgenoot», zou meneer Baudet zeggen – hetvolgende vragen. Wij pleiten voor een nationaal coördinator die gaatzorgen voor de versnelde transitie, acceptatie, validatie en toepassing vande proefdiervrije innovaties. Kan uw partij ons daarin steunen? Ik heb ernet geen tijd voor gehad, maar zou u aan de Staatssecretaris kunnenvragen of hij er ook voorstander van is om een nationaal coördinator inhet leven te roepen aangaande de transitie naar proefdiervrije innovaties?De heer Holman (NSC):Ik kan niet precies overzien of een nationaal coördinator de oplossing zouzijn, maar ik ben net als u ook wel benieuwd naar het antwoord van deTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 28 286, nr. 140414 Minister daarop. Maar het is wat ik net zei: het lijkt erop dat we erbij staanen ernaar kijken. De discussie of het wel of niet nodig is, herhaalt zichsteeds. Willen wij honderdduizenden proefdieren en meer dan duizendapen, ja of nee? Doen wij wel maximaal moeite om te voorkomen dat diein gebruik blijven? Doen wij wel maximaal moeite om dit daadwerkelijk teverminderen? Als een coördinator daar een rol in zou kunnen spelen ...Maar ik denk dat het ook politiek lef, een politiek besluit zou moeten zijnom dit te realiseren.De voorzitter:Meneer Graus, u heeft nog één korte interruptie, want uw vorigeinterruptie was ver over de tijd. Maar gaat uw gang.De heer Graus (PVV):Dat is goed; dan hou ik het bij één korte. Kijk, wij vragen met diversepartijen om een einde te maken aan het inzetten van apen en datverschrikkelijke apencentrum in Rijswijk. We hebben zelfs allemaal eenamendement daarover gesteund. Maar er gebeurt niks. Daarom wil ik hetvolgende vragen. Ik vind dat er een nationaal coördinator moet komen diedit gaat overnemen en zich gaat bezighouden met de snellere transitie,acceptatie, validatie en toepassing van de proefdiervrije innovaties. Daarkan toch moeilijk iemand tegen zijn? Dit gebeurt gewoon niet. Al tientallenjaren lang worden beloftes niet nagekomen. Voor mijn tijd als Kamerlidwerd er al beloofd dat dit afgebouwd zou worden. Dus dan moet er tochiets gebeuren? Dan moet er toch iemand komen die dit gaat doen?Misschien wilt u dat wel gaan doen in de toekomst, meneer Holman.De heer Holman (NSC):Volgens mij is het probleem eenvoudiger. We hebben een verantwoor-delijk Minister. Het kabinet is verantwoordelijk. Er moet gewoon eenbestuurlijk, een politiek besluit genomen worden dat dit gaat afnemen.Wie bepaalt, betaalt. Qua wetgeving kunnen we ook alles regelen. Het kandus misschien helpen. Maar in eerste instantie is het aan de Minister. Watgaat de Minister doen? Gaat de Minister werkelijk het probleem serieusnemen? Gaat de Minister het amendement uitvoeren? Ik denk dat dat depolitieke vraag is.De voorzitter:Dank u wel. U was gereed met uw betoog, had ik begrepen. Dan is hetwoord aan mevrouw Bromet van de fractie van GroenLinks-Partij van deArbeid.Mevrouw Bromet (GroenLinks-PvdA):Dank u wel, voorzitter. Ik heb in dit debat ook geregeld déjà vu’s overKamermeerderheden die achtereenvolgende kabinetten vragen dingen tedoen die niet gebeuren. Daar zal ik in mijn bijdrage wat over vertellen.Allereerst de dierenartskosten. De stijgende dierenartskosten zijn al jareneen groot probleem. De tarieven zijn sinds 1991 twee tot tweeënhalf keersneller gestegen dan de inflatie. Voor de spoedzorg zijn de tarieven zelfstweeënhalf tot drie keer sneller gestegen dan de inflatie. Doordat eenbezoekje aan de dierenarts zo ontzettend duur is geworden, is het voorveel mensen onbetaalbaar geworden en worden huisdiereigenaren voormoeilijke dilemma’s gesteld. Dat gaat zelfs zo ver dat er een toename is inhet aantal mensen dat zorg mijdt vanwege de kosten. Er zijn zelfs gevallenwaarbij er wordt overgegaan tot het vroegtijdig inslapen van dieren. Erbelanden ook meer dieren in het asiel.Schaalvergroting van de dierenartsenpraktijken is hierbij een grootprobleem, nu steeds meer van deze praktijken worden overgenomen doorgrote ketens, waarmee de prijzen worden opgedreven. Mijn collegaBushoff is gelukkig bezig met een initiatiefwet waarmee de ACM snellerTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 28 286, nr. 140415 kan ingrijpen bij ketenvorming, maar dit zal niet op korte termijn eenoplossing bieden voor de stijgende kosten. Er is gewoon een Kamermeer-derheid om maximumprijzen in te voeren. Dat lijkt me heel noodzakelijk,om problemen tegen te gaan. Toch wil de Staatssecretaris eerst eenonderzoek van de ACM afwachten, omdat het anders lastig zou worden inEuropa. Maar hoe kan het dan dat er in Duitsland wel gewoon maximum-prijzen zijn? Dan moet dat in Nederland toch ook gewoon te regelen zijn,vraag ik de Staatssecretaris.Dan de doorgefokte huisdieren. 50% van de huisdieren die bij dedierenarts worden gebracht, blijkt daar te komen doordat ze zijn gefokt opuiterlijke kenmerken, waardoor ze gezondheidsproblemen hebben. Hetaangekondigde houd-, handels- en tentoonstellingsverbod hierop is nogsteeds niet ingevoerd. Wanneer gaat dat gebeuren?Voorzitter. Wij hebben hier jaren gepleit voor een positieflijst. Voorzoogdieren is die inmiddels eindelijk vastgesteld. Dat is ontzettendbelangrijk, omdat dit duidelijk maakt welke dieren wel en niet geschikt zijnom als huisdier te houden. Maar nu staat deze lijst onder druk, door eenlopende rechtszaak over de gebruikte beoordelingsmethode. Veel landenhebben laten zien dat het een succesvol instrument is. Hoe gaat deStaatssecretaris dit beleid verder ontwikkelen? Hoe zorgt hij voor eengoede uitvoering en handhaving van de positieflijst?In een vorig debat heb ik ook al aangegeven dat we een uitbreiding willenvan de positieflijst naar reptielen en vogels. Veel exotische diersoortenzijn helemaal niet geschikt om als huisdier te houden. Er wordt gewerktaan een lijst voor reptielen, maar nog niet aan een lijst voor vogels. Is hetniet veel eenvoudiger om direct zowel een positieflijst voor vogels als eenpositieflijst voor reptielen te maken, zodat alles nu in één keer goedgeregeld is? Kan de Staatssecretaris in ieder geval alvast beginnen met dittraject en niet pas wachten tot de reptielenlijst vastligt? Dan duurt hetnamelijk weer jaren, terwijl er gewoon een aangenomen motie voor ligt.Tot slot, voorzitter, de snelle invoering van de chipplicht voor katten. Netals de positieflijst is ook de chip- en registratieplicht voor kattentoegezegd in januari 2023. Dat is bijna drie jaar geleden. Van de Staatsse-cretaris heb ik hier sindsdien helemaal niets meer van gehoord. Kan hij decommissie informeren over de vooruitzichten van deze AMvB en hetverdere verloop van dit traject?Dank u wel.De voorzitter:Dank u wel, mevrouw Bromet. Mevrouw Van der Plas heeft haar inbrengal geleverd, dus we gaan verder met mevrouw Van Groningen. Ik hoormevrouw Van der Plas zeggen dat dat niet nodig was geweest, omdat zetoch niet weg moet. Prima. Mevrouw Van Groningen, u heeft het woord.Mevrouw Van Groningen (VVD):Dank u, voorzitter. Als er één ding is waar we als politiek de handen voorineenslaan, dan is het toch wel dierenwelzijn. Dat blijkt ook uit hetdierendagakkoord, dat wij vanochtend gepresenteerd hebben. Dierendagis gewoon een speciale dag, eigenlijk voor iedereen die van dieren houdt.Daarom zetten wij als VVD ook onze handtekening onder dit akkoord vooreerlijke en goede zorg. Dat past ook bij de inzet van onze partij deafgelopen jaren om het dierenwelzijn te verbeteren. Denk aan levenslangehoudverboden voor dierenbeulen, de positieflijst voor bepaaldediersoorten – daar ging het net al even over – het toon- en houdverbodvoor doorgefokte dieren, onderzoek naar tarieven en monopolievormingin de dierenzorg.Voorzitter. Dierenwelzijn is voor de VVD een voorwaarde voor het houdenvan dieren. De meeste Nederlanders zorgen goed voor hun dieren, metliefde en met toewijding. Helaas zijn er ook uitzonderingen. Daar moet deoverheid keihard tegen optreden. De overheid moet optreden tegenTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 28 286, nr. 140416 mishandeling, tegen onverantwoord gedrag en tegen onnodig dierenleed.Er is ook leed aan de mensenkant, want jaarlijks zijn er tienduizendenslachtoffers van bijtincidenten met ernstig letsel. Denk aan afgerukteledematen, verminkte gezichten en ernstige botbreuken, soms zelfs metfatale afloop, vooral bij kleine kinderen. Plastisch chirurgen hebben aleerder de noodklok geluid. Vorige maand heeft zich in mijn stadRotterdam weer een afschuwelijk incident voorgedaan met een dodelijkeafloop. Dit is de zoveelste keer dat de veiligheid van mensen, vaakkinderen, ernstig in het geding komt.Voor de VVD is dit opnieuw bewijs dat dit een probleem is waar urgentmaatregelen tegen getroffen moeten worden. Twee jaar geleden hebbenwe hiervoor een vierpuntenplan ingediend. Dat heb ik niet zelf gedaan; datheeft de heer Van Campen gedaan. De Staatssecretaris heeft wat stappenaangekondigd. Vandaag vragen we hem opnieuw naar de voortgang. Inreactie op het ongeval in Rotterdam vorige maand stelde hij dat hetverbieden van een hondensoort geen zin heeft. De VVD begrijpt dat, maardat lijkt wel af te wijken van de inzet van zijn voorganger, die een verbodwilde op het houden en fokken van honden met bepaalde bijtgevaarlijkekenmerken. Mijn vragen zijn dan ook als volgt. Waar blijft het landelijkemeldpunt, zodat we bijtincidenten kunnen bijhouden? We horen ookgraag of de Staatssecretaris niet meer van plan is om een verbod ophoogrisicohonden met bijtgevaarlijke kenmerken te onderzoeken, zoalszijn voorganger dat had aangekondigd. En wat gaat de Staatssecretarisdoen om vaart te maken met betere voorlichting voor baasjes? Watkunnen we in de tussentijd doen om het aantal incidenten te verlagen?Voorzitter. Voor veel Nederlanders is hun huisdier een onderdeel van hetgezin. De kosten van dierenzorg, zeker in de spoedzorg, zijn fors gestegen.De VVD pleit al jaren voor transparantie in de tarieven en steunt hetACM-onderzoek naar een tariefstelling. Waar nodig grijpen we in. Laat ikwel heel helder zijn: de VVD wil niet iets repareren wat niet kapot is. Westaan achter onze ondernemers. We zien ook de druk op de geprofessio-naliseerde sector. Denk aan personeelstekorten, hoge verwachtingen en teweinig spoedpraktijk. Dat vraagt om verstandige keuzes en tegelijkertijdom terughoudendheid in regels. Daarom zijn we, net als de SP, benieuwdwanneer het rapport van de ACM zal verschijnen.Maar allereerst wil de VVD een stap zetten om de stap naar het tucht-college minder makkelijk te maken. Dierenartsen ervaren grote drukdoordat het voor baasjes eenvoudig is bij een klacht te stappen naar eentuchtcollege. Dat maakt dat dierenartsen defensief handelen, uit angst eenfout te maken. Bij bijna alle vormen van tuchtrecht is er ergens weleenssprake van een drempel, bijvoorbeeld in de vorm van een voorgesprekmet onafhankelijke experts. Daarom willen we graag horen hoe deStaatssecretaris kijkt naar het invoeren van een voorgesprek metonafhankelijke experts en of hij ook samen met de sector op zoek wil gaannaar de beste manier om dit te regelen, zodat er een evenwicht inklachtenafhandeling ontstaat voor dierenbezitters en voor dierenartsen.Voorzitter. Dan toch nog een punt. Veel dierenartsbezoeken komen doorerfelijke ziektes of schadelijke rasgebonden aandoeningen. Dit is goedvoor meer dan de helft van de consulten. De VVD wil baasjes beschermenen fokkers aanpakken, omdat een strenge aanpak van hondenrasproble-matiek zowel de sector ontlast alsook de kosten voor de dierenbezittersverlaagt. Daarom pleiten we voor de invoering van een keurmerk voorgezonde hondenfok, zodat pups gesocialiseerd worden. Eerder heeft deVVD al Fairdog genoemd als voorbeeld. Een keurmerk gaat helpen om tezorgen voor een goede socialisatie en om doorgefokte uiterlijkekenmerken te voorkomen. Dit gaat zowel dierenbezitters alsook dieren-artsen echt helpen. Daarnaast vinden we het zinvol dat dierenartsen zijnuitgerust met een diagnoseregistratiesysteem, de zogenaamde PetScan.Dierenartsen zijn hier al goed mee bezig, bijvoorbeeld door te kijken waarop basis van DNA-onderzoek erfelijke ziektes kunnen worden tegen-Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 28 286, nr. 140417 gegaan. Mijn laatste vragen voor vandaag zijn dan ook de volgende. Hoekijkt de Staatssecretaris naar een keurmerk voor gezonde fok? Zou deStaatssecretaris dat met de markt willen uitrollen? Op welke manierkunnen we nu goed handhaven dat bepaalde dieren niet langer mogenworden gefokt of in bezit mogen zijn? Wat wil de Staatssecretaris daaraandoen?Dank u wel.De voorzitter:Dank u wel, mevrouw Van Groningen. Er is nog een interruptie van het lidKostic´.Kamerlid Kostic´ (PvdD):In principe mogen stroomstoothalsbanden niet worden gebruikt, maar wezien dat de politie ertegenaan loopt dat ze echt iemand op heterdaad opgebruik moeten betrappen. Als iemand gewoon een stroomstoothalsbandbezit of verkoopt, dan kunnen ze niet ingrijpen. Dat leidt tot heel veeldierenleed en onmacht bij de politie. Is de VVD bereid ons te steunen omte zorgen voor een verbod op verkoop en bezit van stroomstoothals-banden?Mevrouw Van Groningen (VVD):Dit is natuurlijk een heel lastig thema. Ik begrijp dat u opkomt voor hetdierenwelzijn. Dat vinden wij ook belangrijk. Tegelijkertijd hebben we inde praktijk ook gezien dat dit heel goed kan werken, mits de dierbezitterdit op een juiste manier hanteert. Ik denk dus dat het belangrijk is omeerst uit te vragen wat nou de voor- en nadelen zijn, voordat ik iets wilgaan verbieden.De voorzitter:Dank u wel. Wilt u nog reageren, lid Kostic´? Ja.Kamerlid Kostic´ (PvdD):Ik houd het er maar op dat mijn collega nieuw is in deze commissie. Maarhet is niet voor niets dat het gebruik van stroomstoothalsbanden zwaaringeperkt is. Dat is eigenlijk gewoon verboden. De politie looptertegenaan dat ze dierenleed nu niet kunnen voorkomen omdat hetverkopen en het bezitten ervan nog niet verboden is. Dus dit stelt me weleen beetje teleur van de VVD.Dan een ander punt. We weten van de Raad voor Dierenaangelegenhedendat je dolfijnen op geen enkele wijze dierwaardig kan houden in betonnenbakken, zoals dat nu gebeurt in het Dolfinarium. Heel veel landen – ik hebnet een aantal landen genoemd, zoals Frankrijk, Canada, Mexico, België,India en Kroatië – hebben het gevangenhouden van dolfijnen verboden engaan dat afbouwen. Is de VVD op z’n minst bereid om te kijken naar eenafbouwplan? Ik zeg dus niet: laten we het morgen doen. Het liefst doe ikdat wel. Maar kunnen we in ieder geval naar een afbouwplan gaan?Kunnen we naar een beschaafd Nederland gaan, waarin we zeggen: wemoeten in ieder geval toewerken naar afbouw, zodat nooit meer eendolfijn in zo’n betonnen bak wordt vastgehouden?De voorzitter:Dit telt wel als een dubbele interruptie. Het woord is aan mevrouwVan Groningen uit Rotterdam.Mevrouw Van Groningen (VVD):Vandaag zit ik wel in Den Haag! Laat ik eerlijk zijn: dit dossier is nieuwvoor mij. Een dolfijn is dan weer niet mijn specialisme. Zou het overandere huisdieren gaan, dan gaat me dat een stuk beter af. Ik vind zekerdat alle dierentuinen in Nederland al aan strenge richtlijnen voldoen. WijTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 28 286, nr. 140418 hebben dierenwelzijn hier hoog in het vaandel. Dus nee, ik kan u niettoezeggen dat wij zomaar een verbod gaan steunen om dolfijnen inNederland niet mogelijk te maken.De voorzitter:Lid Kostic´ heeft nog één interruptie. Gaat uw gang.Kamerlid Kostic´ (PvdD):Mijn collega is misschien wel nieuw, maar wat ik net zei: de Raad voorDierenaangelegenheden heeft gezegd dat dit gewoon niet dierwaardig tedoen is voor dolfijnen. Los daarvan vraag ik haar op menselijk niveau watze er zelf van vindt dat dolfijnen normaal gesproken mijlenver moetenzwemmen, sociale verbanden hebben en op heel intelligent niveaucommuniceren, maar nu in een betonnen bak worden vastgehouden,vooral voor vermaak voor mensen. Wat vindt u daar op menselijk niveauvan, los van uw politieke kleur?Mevrouw Van Groningen (VVD):Ik vind het sowieso ontzettend belangrijk dat we goed voor dieren zorgen,waar dat dan ook ter wereld gebeurt. Ik weet dat wij in Nederland strengtoezien op al onze dierentuinen, dus ook op het Dolfinarium. Dat isinderdaad recentelijk ook in het nieuws geweest. Ik vind het prachtig omdieren in de natuur te zien, maar tegelijkertijd hebben wij met elkaardierentuinen. Mensen vinden het interessant om dieren te zien. Dat vind ikook goed. Ik vind het goed dat mensen kunnen zien hoe ze leven. Ik benhet er persoonlijk mee eens dat het belangrijk is dat mensen ook de kanshebben om dieren in dierentuinen te zien. Als dat op een goede maniergebeurt, zoals wij dat hier in Nederland reguleren, dan kan ik daar alleenmaar trots op zijn. Ik kijk bijvoorbeeld naar onze eigen Diergaarde inRotterdam, die dat op een hele mooie manier doet. Diergaarde heeft ookbelangrijke fokprogramma’s, waardoor we deze diersoorten over de helewereld in stand houden. Ik kan alleen maar trots zijn dat wij in Nederlandop een positieve manier een aandeel hebben in dierenwelzijn.De voorzitter:Dank u wel. Dit was de eerste termijn van de Kamer. Ik kijk even naarrechts, naar de bewindspersonen. Heeft u aan twintig minuten genoeg ofheeft u een halfuur nodig? Zullen we ertussenin gaan zitten, dus op25 minuten? Oké. Dan gaan wij om 11.15 uur verder. Ik schors devergadering. O, het verzoek aan de bewindspersonen is om samen eveneen foto te maken. Dan tel ik er vijf minuten schorsing bij op; dat is prima!De vergadering wordt van 10.52 uur tot 11.21 uur geschorst.De voorzitter:Ik heropen de vergadering. Fijn dat u terug bent. Wie van u gaat het spitsafbijten? De Staatssecretaris. Dan geef ik het woord aan de Staatssecre-taris. Gaat uw gang.Staatssecretaris Rummenie:Dank u wel, voorzitter. We werken hier altijd met blokjes. Ik heb eerst eenblokje diergeneeskundige zorg. Ik denk dat dat vandaag het allerbelang-rijkste onderwerp is. Daarna beantwoord ik de vragen per Kamerlid, wantdie liepen nogal uiteen.De voorzitter:Dank u wel. We hanteren weer vier interrupties, op dezelfde manier.Staatssecretaris Rummenie:Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 28 286, nr. 140419 Voorzitter. Vandaag spreken we over de zorg voor onze dieren, eenonderwerp dat erg belangrijk is. Ik dank de Kamerleden echt voor huninbreng. Dieren spelen een grote rol in het leven van mensen, ook in mijnleven. Wie een dier heeft, draagt de verantwoordelijkheid om daar goedvoor te zorgen. Daarbij is het van belang dat goede diergeneeskundigezorg beschikbaar en toegankelijk is. Hierin heeft de veterinaire beroeps-groep een hele belangrijke verantwoordelijkheid. Ik begrijp dat u vorigeweek met hen en met andere partijen uit het veld het gesprek hebtgevoerd over de ontwikkelingen in de diergeneeskundige zorg en ookover de vraag of het stelsel hiervoor nog voldoende is toegerust. Dat zijnuiteraard relevante vragen. Dit is iets waar ik samen met de beroepsgroepook al geruime tijd aan werk. Ik heb uw Kamer gisteren per brief geïnfor-meerd over de voortgang.Ik dank een groot deel van de Kamer vandaag in het bijzonder voor hunvoorstellen in het zogenaamde dierendagakkoord. Het zijn voor mij stukvoor stuk zeer herkenbare thema’s. Ik deel met u dat we op deze thema’sstappen moeten zetten. Daar werk ik hard aan, samen met de betrokkenorganisaties en sectoren. Daarbij ga ik uw voorstellen goed bezien. Opeen aantal thema’s zal ik straks in mijn beantwoording specifiek ingaan.Voorzitter. Ik wil eerst stellen dat we in Nederland een goede kwaliteit vandiergeneeskundige zorg hebben. Daar kunnen we trots op zijn. We zienechter dat er de laatste jaren grote veranderingen hebben plaatsge-vonden. Die hebben geleid tot een sterke professionaliseringsslag en eenhoger niveau van zorg. Daar hebben zowel het dier en de eigenaar als depraktijk en de professional baat bij gehad. Tegelijkertijd is de markt vandeze zorg zodanig veranderd dat er nieuwe vragen en knelpuntenbinnenkomen; die heeft uw Kamer ook benoemd. We moeten samenwerken aan goede oplossingen daarvoor.De afgelopen jaren heb ik samen met de partijen uit het veld gewerkt aanhet verder toekomstbestendig maken van de diergeneeskundige zorg. Wehebben onze inzet mede bepaald op basis van een drietal onderzoeken datik heb laten uitvoeren: naar de arbeidsmarkt, naar de organisatie van dediergeneeskundige zorg en naar de prijsontwikkeling. Een belangrijkeaanbeveling uit het Berenschot-onderzoek was de ontwikkeling van eennieuwe centrale beroepsorganisatie die de veterinaire professionalondersteunt in zijn vak en helpt om de kwaliteit van de zorg beter teborgen.Twee jaar geleden ben ik daarom samen met de beroepsgroep een procesgestart onder leiding van een onafhankelijke kwartiermaker, waaringewerkt is aan een visie en een ontwerp voor een nieuwe beroepsorgani-satie. Ik ben blij dat de beroepsverenigingen voor dierenartsen, paravete-rinairen en dierfysiotherapeuten recent hebben aangekondigd de krachtente bundelen in een nieuwe federatie, die per 1 juli 2026 wordt opgericht.Dat is een belangrijk en uniek resultaat in een voorheen versnipperd veld,waarmee de beroepsgroep een stevige basis legt voor zelfregulering.Denk aan de ontwikkeling van professionele standaarden die de dierenartsondersteunen bij de uitoefening van zijn vak.Tevens heb ik in samenspraak met het veld het Diergeneeskunderegistervernieuwd, zodat het gebruiksvriendelijker is en aan de wensen van detoekomst kan voldoen. Vertrouwen van diereneigenaren in de diergenees-kundige zorg is essentieel. Diereigenaren moeten erop kunnenvertrouwen dat bijvoorbeeld een dierenarts bevoegd is om zijn vak uit teoefenen. Het Diergeneeskunderegister vormt hiervoor de basis.Daarnaast verken ik op dit moment samen met de beroepsgroep eenherregistratieplicht waarmee diergeneeskundigen ...De voorzitter:We gaan even schorsen in verband met een klein probleempje.De vergadering wordt enkele ogenblikken geschorst.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 28 286, nr. 140420 De voorzitter:We hervatten deze «spannende» bijeenkomst. Even een mededeling vanhuishoudelijke aard: dankzij de snelle hulp van de technische dienst naaraanleiding van de stroomproblemen staat er op de stopcontacten aanmijn linkerzijde geen spanning meer. De microfoons doen het allemaalwel. Het kabinet staat nog wel onder spanning!Ik verzoek de Staatssecretaris om zijn betoog voort te zetten. Gaat uwgang.Staatssecretaris Rummenie:Dank u vriendelijk, voorzitter. Na deze «stroomstootdemonstratie» was ikgebleven bij mijn werkzaamheden, die best goed in het dierendagakkoordpassen. Ik was gebleven bij de herregistratieplicht waarmee diergenees-kundigen hun bekwaamheid periodiek moeten aantonen. Hiermee wordtde kwaliteit beter geborgd en krijgen we een beter beeld van de beroeps-groep, waardoor het arbeidspotentieel beter kan worden benut. Vanwegede hoge werkdruk en het ervaren tekort aan dierenartsen zet ik mij ook invoor het zo goed mogelijk benutten van het overige arbeidspotentieel. Indit verband heb ik deze zomer een vrijstellingsregeling voor paraveteri-nairen gepubliceerd. Deze biedt de mogelijkheid voor paraveterinairen dievoldoen aan de huidige eisen maar hun diploma haalden onder oudewetgeving, om weer bevoegd aan het werk te kunnen. Hier wordt goedgebruik van gemaakt.Ook verken ik met het veld een mogelijke herverdeling van bevoegdhedenbinnen de diergeneeskundige sector. Het delegeren van taken van dedierenarts naar een paraveterinair is een van de mogelijkheden om dewerkdruk te verlagen en mogelijk kosten te besparen. De eerste staphiervoor is gezet. Uit een eerste inventarisatie blijkt dat er binnen degeldende wetgeving meer ruimte lijkt te zijn dan er nu in de praktijk wordtbenut. Dit komt bijvoorbeeld door technologische ontwikkelingen. Ik benhierover met de beroepsgroep in gesprek. Zij bekijken hoe deze ruimtebeter benut kan worden in de praktijk.Als tweede stap kijk ik naar een mogelijke verruiming en de aanpassingvan wettelijke bevoegdheden. Hiervoor start ik dit najaar een onderzoeknaar het bevoegdhedenstelsel. Een concreet onderdeel van dit onderzoekis de verkenning van nut en noodzaak van een hbo-opleiding en eenhbo-functie in het veld. Ook hierbij is er voor de beroepsgroep een groterol weggelegd.Voor het eind van dit jaar zal ook de evaluatie van het tuchtrecht starten.Daarbij onderzoeken we met de beroepsgroep of het tuchtrecht hetgewenste effect heeft, namelijk het waarborgen van de kwaliteit van deveterinaire gezondheidszorg en het bevorderen van een goede enzorgvuldige beroepsuitoefening. Ik verwacht de resultaten eind 2026 metuw Kamer te kunnen delen.Als laatste noem ik het onderzoek naar de prijsontwikkeling in dediergeneeskundige zorg dat ik heb laten uitvoeren. Naar aanleiding van deresultaten heb ik samen met de Minister van Economische Zaken, de ACMen de beroepsgroep een stevige aanpak geformuleerd, gericht op eenconcurrerende markt en een consument die weet voor welke zorg hij kankiezen en tegen welke kosten. Hier kom ik straks in mijn beantwoordingop terug.Voorzitter. Dan begin ik nu aan de vragen. Ik begin met die van mevrouwBeckerman, omdat die het initiatief heeft genomen voor dit mooieakkoord. Ik ben het met u eens dat er goede wetgeving moet zijn en datdie nodig is voor goede huisdierenzorg. Het dierendagakkoord verwijstnaar het idee dat wij als Nederland weinig zouden reguleren wat ditbetreft.Uw Kamer vroeg of er nu wel of niet een orde in de wet is vastgelegd. Ookvroeg uw Kamer naar de wijze waarop de bevoegdheden zijn gereguleerd.Nederland heeft geen orde, maar heeft qua bevoegdheden bijvoorbeeldTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 28 286, nr. 140421 meer gereguleerd dan andere Europese lidstaten. Naast het beroep vandierenarts hebben wij ook andere beroepen gereguleerd, zoals dat vanparaveterinair; die mag diergeneeskundige handelingen uitvoeren. Inandere landen zijn deze bevoegdheden voorbehouden aan een dierenarts.De Nederlandse wetgeving biedt daarmee ruimte om taken te verdelen endierenartsen te ontlasten.Zoals ik al eerder aangaf, werk ik met partijen uit het veld aan het verdertoekomstbestendig maken van de diergeneeskundige zorg. Daarin wegenwe ook goed af of er nieuwe wetgeving nodig is, gezien alle ontwikke-lingen van de veranderende markt en de zorg. Zo verken ik met deberoepsgroep de invoering van een herregistratieplicht voor diergenees-kundigen in de wet. Ook voer ik, zoals ik net al zei, een evaluatie uit vanhet tuchtrechtstelsel om te bezien of de regelgeving nog voldoet. Met hetveld doe ik ook onderzoek naar een mogelijke verruiming en aanpassingvan de wettelijke bevoegdheden. Dit geldt ook voor de dierenambulances.Hiermee werken we dus aan een versterkte regulering van de zorg, waaruw Kamer om vraagt. Tegelijkertijd zeg ik tegen uw Kamer dat niet alleswettelijk gereguleerd hoeft te zijn om goed te werken in de praktijk.Uw Kamer vraagt naar een orde. In het proces om te komen tot eennieuwe gezamenlijke beroepsorganisatie zijn met de beroepsgroepverschillende organisatievormen afgewogen, waaronder ook eenpubliekrechtelijk gereguleerde orde. Een orde is een publiekrechtelijkebedrijfsorganisatie die wordt ingesteld bij wet. Bij wet worden de takenvan de PBO geregeld, die zich primair richten op de publieke belangen.Naast de taken worden ook de inrichting van de beroepsorganisatie en desamenstelling en de bevoegdheid van het bestuur en het toezicht op dePBO in de wet geregeld. De overheid heeft daarbij de regie.Het is nu zeer de vraag of een PBO de organisatievorm is die past bij deveterinaire beroepsgroep. Een PBO heeft als openbaar lichaam namelijkeen overheidstaak, die gericht is op het algemeen belang, en heeft geenandere taken als private belangenbehartiging van de beroepsgroep. Hetontwikkelen van beroepsstandaarden valt hier bijvoorbeeld niet onder,terwijl dat wel een belangrijke opgave is voor de beroepsgroep, die dezetaak ook wil oppakken. De beroepsverenigingen bundelen hun krachtennu in een federatie. Deze biedt een stevige basis voor zelfregulering enpakt de kerntaken op, zoals de toegankelijkheid en organisatie van despoedzorg en de ondersteuning van professionals door het ontwikkelenvan standaarden. Deze organisatievorm past bij het Nederlandseveterinaire veld, waarbij de beroepsgroep zelf zijn verantwoordelijkheidneemt. Ik ondersteun die en bezie welke rol de federatie kan spelen bij deuitvoering van de wettelijke taken, zoals een herregistratieplicht. Kortom,ik zet mij in voor goede diergeneeskundige zorg en kijk daarbij naar watnodig is voor de toekomst en wat werkt in de praktijk, zowel in debestaande als in de nieuwe regelgeving.Mevrouw Van der Plas (BBB):De Staatssecretaris had het ook over dierenambulances. Ik wil dat evenverbreden naar de Landelijke Inspectiedienst Dierenwelzijn. Het toezichten de handhaving op dierenwelzijn zijn verdeeld over heel veel partijen:de NVWA, de politie, het Openbaar Ministerie, Justitie en Veiligheid,LVVN, RVO, IBG, LID. Dat is best inefficiënt. Er is heel veel overleg, heelveel traagheid in de aanpak en uiteindelijk ook overbelasting van deinspecteurs op straat. Mijn vraag aan de Staatssecretaris is hoe ditefficiënter kan worden georganiseerd, om die versnippering te vermin-deren en de werklast van de inspecteurs te verlichten. Al die organisaties,zeg ik er maar even bij, hebben heel veel andere taken, maar bij deLandelijke Inspectiedienst Dierenwelzijn is dierenwelzijn de hoogsteprioriteit. Die andere organisaties hebben dus andere prioriteiten.Staatssecretaris Rummenie:Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 28 286, nr. 140422 Ik meen dat ik die vraag al eerder heb gehoord en ik heb net gezegd dat ikop al uw vragen terugkom, per Kamerlid. Ik denk dus dat ik daar straks opterugkom, als u dat goedvindt.De voorzitter:Dank u wel. Mevrouw Van Groningen, had u een vraag in dezelfdesetting?Staatssecretaris Rummenie:Nou, ik was nog niet klaar. Ik wilde de vraag van mevrouw Van Groningenover diergeneeskundige zorg nu beantwoorden.De voorzitter:Oké.Mevrouw Van Groningen (VVD):Dit is niet een vraag die ik gesteld heb in de eerste termijn, maar deStaatssecretaris had het net over de dierenambulance. Daar is net eenvraag over gesteld. Toen wij de rondetafel hadden, was Gerrit van dedierenambulance hier. Ik vroeg hem welke belemmeringen hij ondervondin zijn werk. Hij gaf aan dat hij wel zeventien vergunningen moetaanvragen om zijn werk te kunnen uitvoeren. Ik ben daar echt vangeschrokken. Ik vind het aan ons als overheid om een faciliterende rol tespelen en dit soort belemmeringen zo veel mogelijk weg te nemen. Devraag is eigenlijk: bent u hiervan op de hoogte en kunnen wij daar niet ietsaan doen, zodat er voor de dierenambulance in ieder geval nietzeventien vergunningen aangevraagd hoeven te worden?Staatssecretaris Rummenie:Ik hoor u, mevrouw Van Groningen. Ik vind dat ook heel erg veel. U weetdat wij als kabinet een project hebben gestart – dat is gestart door uwpartijgenoot – waarmee we 500 regels willen afschaffen. Ik kan mevoorstellen dat dit hiervoor in aanmerking komt.De voorzitter:U vervolgt uw betoog.Staatssecretaris Rummenie:Dan had mevrouw Van Groningen nog een vraag over het tuchtrecht voordierenartsen, het tuchtrecht in de dierenzorg. Hoe kijkt de Staatssecretarisnaar een voorgesprek met onafhankelijke experts? Wil hij samen met desector werken aan een goede klachtenafdeling? Ik laat, zoals ik net al zei,het tuchtrecht evalueren. We bekijken daarbij of het tuchtrecht hetgewenste effect heeft om de kwaliteit van de veterinaire gezondheidszorgte waarborgen en goede, zorgvuldige beroepsuitoefening te bevorderen.Hierin neem ik ook de mening van de experts mee. Daarin wordt ookmeegenomen – daar verwees u naar – of bijvoorbeeld een klachtenpro-cedure, het voorportaal van het tuchtrecht, kan helpen om het doel vanhet tuchtrecht te dienen en zo de drempel te verhogen. Ik verwacht deresultaten van deze evaluatie eind 2026 met uw Kamer te kunnen delen.Dan de spreeklijn prijsregulering. Daar waren verschillende vragen over,van de SP en van GroenLinks-PvdA. Als er iets met je dier is, moet ergoede zorg beschikbaar zijn – dat staat voorop – en moet je een goedekeuze kunnen maken voor een praktijk en een behandeling, waarbij je nietovervallen wordt door hoge kosten. Ik dank dus alle partijen voor hetbreedgedragen dierendagplan. Ik herken de zorgen van de Kamer en ikwerk daar ook aan.SP, PVV, VVD en BBB hebben verschillende vragen gesteld over prijsmaxi-mering, met name in de spoedzorg, en over maatregelen om de betaal-baarheid te garanderen. Voor een goed beeld van de feitelijke prijsontwik-Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 28 286, nr. 140423 keling in de markt heb ik onderzoek laten uitvoeren. Over de resultatenheb ik u op 3 april geïnformeerd. Ik heb inderdaad serieuze zorgen over deprijsontwikkeling in de spoedzorg, de toenemende rol van ketens daarinen de mogelijke gevolgen daarvan voor concurrentie en keuzevrijheid. Ditvraagstuk vergt een stevige inzet van alle betrokken partijen. Daarom hebik overleg gevoerd met de beroepsgroep, de ACM en de collega’s van EZ.Wij voeren de volgende acties uit. De ACM doet onderzoek naar demarktwerking, de concurrentie, de keuzevrijheid en de rol van de ketens.De veterinaire beroepsgroep werkt aan een professionele standaardspoedzorg, met afspraken over een betere organisatie, beschikbaarheid entoegankelijkheid van de spoedzorg, en een professionele standaard voortransparantie over tarieven en behandelingsmogelijkheden. Het isbelangrijk dat de consument weet welke verschillende behandelingen erzijn en wat die kosten, zodat hij zelf een keuze kan maken en op diemanier de kosten kan beperken. Er komt een plan van aanpak voorbehandelingsrichtlijnen, waarmee het onafhankelijk handelen van deveterinair professional wordt versterkt. Ik ondersteun dit financieel. Ikverwacht de resultaten van deze acties van de beroepsgroep in de eerstehelft van 2026.De Kamer heeft verschillende moties aangenomen waarin wordt gevraagdom prijsregulering. Voordat je echter zo’n verregaande interventie doet, iseen stevige onderbouwing nodig. Daarom is het belangrijk een goedbeeld te krijgen van deze specifieke markt en de mogelijke problemen dieer spelen om tot passende nationale oplossingen te komen. Dat is nietafhankelijk van Europa, zoals mevrouw Bromet aangaf. Het onderzoeknaar de prijsontwikkeling was een belangrijke eerste stap. De ACM doetnu onderzoek naar het functioneren van de markt, met name in despoedzorg, en komt voor het einde van dit jaar – daar werd ook verschil-lende keren naar gevraagd – met aanbevelingen. De Minister van EZ en ikhebben dit ACM-onderzoek nodig om tot een zorgvuldig onderbouwdbesluit te komen over de aanvullende maatregelen. Ter voorbereidinghierop heb ik samen met de Minister van Economische Zaken een analysegemaakt van de kaders voor en impact van prijsregulering. Hierover hebik u recent per brief geïnformeerd. Wanneer het ACM-onderzoek gereed is,zal ik samen met mijn collega van EZ uw Kamer over de uitkomsten en devervolgaanpak informeren.Dan had mevrouw ...De voorzitter:Er is een interruptie van mevrouw Beckerman.Staatssecretaris Rummenie:... Beckerman nog een vraag over de bevoegdheden van de ACM.De voorzitter:Gaat uw vraag over het vorige blokje?Mevrouw Beckerman (SP):Mijn vraag gaat echt over de prijzen. Dank aan de Staatssecretaris voor deheldere antwoorden. Er komen nog een aantal dingen aan. Tegelijkertijd isdeze zorg van de Kamer natuurlijk ook al een oude. In 2021 dienden we bijde begroting voor 2022 het voorstel in voor dat onderzoek. Toen datonderzoek uitkwam, bleek eigenlijk dat de zorgen van de Kamer terechtwaren, want die tarieven waren inderdaad harder gestegen dan deinflatie. Voor de spoedzorg waren de tarieven zelfs drieënhalf keer zo hardgestegen, met ook grote uitschieters, waarbij sommige ketens 40%hogere prijzen vragen, waardoor mensen echt knel komen te zitten. Dat isnu al enkele jaren geleden. Ik vind het heel mooi dat de Staatssecretarisalle onderzoeken noemt die eraan komen – dat is allemaal terecht – maaronze vraag is: is de Staatssecretaris het met het dierendagakkoord eens?Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 28 286, nr. 140424 Vindt hij dat het goed is om, vanwege die grote prijsstijgingen, nu echtsnel maximumtarieven te gaan overwegen? Zo ja, hoe snel nadat hetACM-onderzoek is uitgekomen, kunnen die dan ingevoerd worden? Wantwe wachten nu natuurlijk ook al lang op allerlei onderzoeken.Staatssecretaris Rummenie:Mevrouw Beckerman, ik ga één ervaring met u delen. Ik ben iets meer daneen jaar bewindspersoon en ik wil niet zeggen dat ik u deze louterendeervaring toewens, maar een wet vergt tijd. Dat is natuurlijk de volgendestap als de ACM in haar onderzoek met duidelijke aanbevelingen komt,zoals u die wenst. Dat moet dan in een AMvB gegoten worden, dus datgaat nog wel even duren. Daar kan ik ook niks aan doen. Maar ik ga nietvooruitlopen op de uitkomst van dat onderzoek. Het zou mij verbazenals ... Ik ben het namelijk met u eens; ook uit mijn eigen Ecorys-onderzoekwas al gekomen dat er met name in de spoedzorg te weinig keuze was endat, zoals u ook zegt, de prijzen sneller gestegen waren dan de inflatie,met 3,5%.De voorzitter:Een vervolgvraag.Mevrouw Beckerman (SP):Maar juist vanwege dit antwoord van de Staatssecretaris, namelijk dat eenwet tijd vergt, stellen wij deze vragen en sluiten wij dit akkoord. Want alswij elke keer gaan wachten ... Onderzoek kost tijd. Wetgeving kost tijd. Datbetekent dat we nu al heel veel jaren zien dat niet alleen dieren en hunbaasjes in de knel komen, maar dierenartsen zelf ook. Er zijn dierenartsendie zeggen: ik vind dit werk niet meer te doen. Zij stappen eruit enbeginnen een eigen praktijk of haken af. Daarom vragen we de Staatsse-cretaris, omdat we weten dat wetgeving tijd kost, om alvast te zorgen datdie wetgeving wordt voorbereid. Daarom was mijn eerste vraag ook: deeltde Staatssecretaris, nu we dat hele stapeltje onderzoeken hebben, naastalle praktijkervaringen, dat er ingegrepen moet worden? Zo ja, wil hij danvast aan de slag gaan met de voorbereiding, omdat het zo veel tijd kost enwe geen tijd meer te verliezen hebben?Staatssecretaris Rummenie:Ik wil zeker toezeggen dat wij ons op alles voorbereiden, zodat hetallemaal zo snel mogelijk kan verlopen, maar ik hoop dat u ook gehoordheeft waar ik nu al mee bezig ben, even los van het ACM-onderzoek. Ikben erg blij dat ik tot één beroepsgroep ben gekomen. Wij proberen daarduidelijke, transparante standaarden voor te ontwikkelen, waardoor deconsument al weet wat het gaat kosten als hij iets gaat doen. Het hangtdus niet alleen van de ACM en de uitkomsten van dat onderzoek af, zou ikwillen zeggen. We zijn nu al bezig om meer transparantie met deberoepsgroep te creëren, zodat men niet zomaar een prijs kan vragen.De voorzitter:Dank u wel. Als er verder geen interrupties zijn, verzoek ik de Staatssecre-taris zijn betoog te vervolgen.Staatssecretaris Rummenie:Kan de ACM extra bevoegdheden krijgen? Dat was ook een vraag vanmevrouw Beckerman. Dat behoort primair tot de portefeuille van deMinister van EZ, maar u heeft misschien al gezien dat wij ook nadenkenover, zoals dat heet, een in-callmogelijkheid. Ik word gecorrigeerd: het iseen call-inmogelijkheid. Sorry, ik draaide het om. Bij een call-inmoge-lijkheid kan ook gekeken worden naar kleinere overnames, omdat die ookeen verstorend effect op de markt zouden kunnen hebben. We kijken ookTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 28 286, nr. 140425 naar de bevoegdheden van de ACM en kijken of die daarbij ingezetkunnen worden. Het antwoord is ja.De voorzitter:U bent door uw interrupties heen, mevrouw Beckerman. U heefttwee lange interrupties gehad, allebei van een minuut, dus die tellendubbel. U zit dus op vier.Staatssecretaris Rummenie:Dat gaat hard.De voorzitter:Er wordt gevraagd om een tijdpad, Staatssecretaris. Kunt u dat geven?Staatssecretaris Rummenie:Een tijdpad waarvoor?De voorzitter:Voor het onderzoek naar die call-in.Staatssecretaris Rummenie:Zit dat niet in dat onderzoek van de ACM? Ja. Het resultaat wordt eind ditjaar bekend en onze reactie daarop komt natuurlijk spoedig daarna.De voorzitter:Helder. U vervolgt uw betoog.Staatssecretaris Rummenie:Dan ga ik nu naar de vragen van het lid Kostic´. Ik dank haar voor haaraandacht voor de dieren. Dat waardeer ik. Zoals gevraagd ga ik in op devijf punten die zij opnoemt in haar plan. Ik onderschrijf dat ik hetbelangrijke punten vind. Daar zet ik mij ook voor in.U geeft aan impulsaankopen te willen voorkomen door de onlinehandel indieren aan banden te leggen. Het is inderdaad belangrijk dat dieren niet ineen impuls gekocht worden. Een eigenaar moet goed geïnformeerd en opverantwoordelijke wijze een dier aanschaffen. Uit onderzoek blijkt dat hetmerendeel van de mensen nadenkt of informatie inwint voordat zij totaanschaf overgaan. Het beperken van de onlinehandel is een vergaandemaatregel. Ik wil eerst inzetten op andere maatregelen, zoals voorlichting,door middel van een campagne die ik in oktober lanceer over bewustkiezen. Ook wil ik wetgeving inzetten voor het verbieden van bepaaldekenmerken, wat ik per 1 januari ga doen voor naaktkatten en vouwoor-katten.Punt twee. U geeft aan een afbouwplan te willen voor het houden vandolfijnen. Zoals u weet, ben ik een traject begonnen waarin we deregelgeving voor dierentuinen toekomstbestendig willen maken. Hetwelzijn van de gehouden dieren staat hierin centraal. Als bij de beoor-deling van een vergunningaanvraag blijkt dat hier niet aan kan wordenvoldaan, bijvoorbeeld doordat voor dieren de mogelijkheid van het uitenvan natuurlijk gedrag ontbreekt, wordt er geen vergunning verleend. Dewelzijnseisen waaraan dierentuinen gehouden worden, gaan met de tijdmee en worden steeds strenger. Als deze eisen zo hoog worden dat hetvoor een dierentuin niet meer rendabel is om daaraan te voldoen, zullener ook minder dolfijnen gehouden worden.De heer Holman (NSC):Ik heb nog een vraag over het vorige antwoord, over internethandel enhandel. Het is mooi dat u start met een actieprogramma en metvoorlichting, maar dat is erg soft en weer erg half. Iedereen weet zoonderhand dat de illegale handel via internet, Marktplaats voorop, enormTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 28 286, nr. 140426 is en dat daar het grote probleem zit. Kan het niet of wil de Staatssecre-taris het niet doen? Als wij geen andere maatregelen nemen dan we nudoen, gaan we het probleem echt niet oplossen.Staatssecretaris Rummenie:Meneer Holman, ik heb meerdere samenwerkingsafspraken gemaakt metMarktplaats, die ook worden gebruikt bij het toezicht. Een van demaatregelen die Marktplaats heeft genomen, is verkopers laten betalenvoor het plaatsen van een advertentie. Ik was nog niet klaar, meneerHolman. De NVWA vordert bij mogelijke overtredingen de betaalgegevensen de advertentiehistorie van de adverteerder. De NVWA gebruikt dezegegevens om potentiële overtreders te identificeren om handhavend op tekunnen treden. Kopers en verkopers worden voorgelicht over welzijn enwettelijke verplichtingen. Kopers wordt dus verteld waar ze op moetenletten bij de aanschaf van een hond of kat. Daarnaast informeert Markt-plaats verkopers over de wettelijk geldende verplichtingen, zoals chippenen het verkrijgen van een paspoort. Afgesproken is dat de NVWAadvertenties die niet voldoen aan deze wet- en regelgeving kan latenverwijderen en Marktplaats kan verzoeken om bij herhaaldelijke overtre-dingen preventieve maatregelen te nemen. De NVWA, meneer Holman,heeft op regelmatige basis overleg met Marktplaats, waarbij besprokenwordt welke aanvullende preventieve maatregelen nodig zijn.De voorzitter:Eerst de heer Holman, daarna het lid Kostic´.De heer Holman (NSC):Theoretisch gezien klopt het verhaal van de Staatssecretaris helemaal,maar wie je ook hoort, ze zeggen allemaal dat het verbod op handel enfokken niet voldoende is. Uit het buitenland komen nog heel veel dierenhierheen en via Marktplaats worden heel veel beesten verhandeld. Hetkan mooi wat kosten, maar als je € 10 moet betalen voor een advertentievoor een hond die € 600 of € 800 kost, is dat natuurlijk peanuts.Staatssecretaris Rummenie:Er is ook een grens aan mijn bevoegdheden om in te grijpen bij Markt-plaats. We maken hier duidelijke afspraken over en het spijt mij als u dieniet voldoende vindt.De voorzitter:Het lid Kostic´ heeft ook nog een interruptie.Kamerlid Kostic´ (PvdD):De Staatssecretaris hoeft alleen maar even naar Marktplaats te kijken ommeteen allerlei malafide praktijken te zien. Die vinden aan de lopendeband plaats. Het is juridisch mogelijk om de onlineverkoop van dieren opMarktplaats te verbieden. Ik wil de Staatssecretaris toch vragen om datgewoon te doen.Staatssecretaris Rummenie:Ik begrijp dat we juist door die afspraken een steeds betere kijk krijgen opwat er zich daar afspeelt, dus ik zou zeggen: geef dat een kans.De voorzitter:De Staatssecretaris vervolgt zijn betoog.Staatssecretaris Rummenie:Even kijken. Ik was ingegaan op het afbouwen van het houden vandolfijnen. Dan kom ik bij punt drie. U wilt een verbod op het bezit van ende handel in stroomstoothalsbanden.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 28 286, nr. 140427 De voorzitter:Er is nog een interruptie van het lid Kostic´.Kamerlid Kostic´ (PvdD):Op het vorige punt: we geven het al jarenlang een kans en het werkt niet.Over de dolfijnen: de Raad voor Dierenaangelegenheden heeft al gezegddat je zulke dieren niet in gevangenschap kunt houden op eendierwaardige manier. De vergunningen hebben daar nu niets mee temaken. Het is gewoon gebaseerd op wetgeving; het past niet bij de ethiekdie we met z’n allen zouden willen. Zelfs India verbiedt het, omdat zedenken: dolfijnen, intelligente dieren, in betonnen bakken houden, dat kantoch niet? Ze vertonen dan geen natuurlijk gedrag. Dat heeft niks meteducatie te maken; je leert er niets van. Mijn simpele vraag aan deStaatssecretaris is: waarom zegt hij niet dat we dit gewoon gaan regelenin een beschaafd land als Nederland? Laten we in ieder geval een planmaken om het af te bouwen. Is de Staatssecretaris in ieder geval bereidom daarover na te denken, of heeft hij weer een motie nodig?Staatssecretaris Rummenie:Het gaat me te ver om om een motie te vragen, maar ik heb aangegevenwat het beleid is voor de dierentuinen. Daar blijf ik bij. U heeft ook geziendat de NVWA in het afgelopen jaar al twee keer heeft ingegrepen, maardoor de rechter is teruggefloten. Wij vonden dat er iets niet in orde wasmet de dierpresentatie, maar de rechter heeft daar anders over besloten.Het luistert dus vrij nauw.De voorzitter:U heeft al een dubbele te pakken, maar u mag nog een keer, mevrouwKostic´.Kamerlid Kostic´ (PvdD):De rechter houdt zich gewoon aan de wet en de wet klopt nu dus niet.Vindt de Staatssecretaris serieus dat wij kunnen achterblijven bij landenals India, Mexico en Frankrijk? Want er zijn ook Europese landen die hetverbieden. Vindt hij daarbij achterblijven een wenselijke situatie?Staatssecretaris Rummenie:Ik heb er moeite mee als u India en Nederland over één kam scheert alswe het over dierenwelzijn hebben. Ik denk dat wij het toch heel veel beterdoen. U weet dat u praat met een jongen die over de hele wereldgezworven heeft. Ik moet zeggen dat ik wat dat betreft nog steeds trotsben op dit land, op de manier waarop wij hier met dierenwelzijn omgaan,in vergelijking met heel veel andere landen. Maar zoals u weet, ben ikbezig met een toekomstvisie voor dierentuinen. Dat heb ik net in mijnantwoord al gezegd. Dat zal inhouden dat we steeds strenger zullenworden en steeds strenger gaan kijken naar dierenwelzijn. Maar verderkan ik niet gaan.De voorzitter:De Staatssecretaris vervolgt zijn betoog. Mag ik een beetje aandringen opspoed? We hebben namelijk nog drie kwartier.Staatssecretaris Rummenie:U wilt ook een verbod op het bezit van en de handel in stroomstoothals-banden. Voor een dergelijke beperking van het vrije verkeer van goederenmoet worden voldaan aan de eisen van noodzakelijkheid en evenre-digheid. Dat is vooralsnog niet het geval. De evaluatie van het verbod ophet gebruik van stroomhalsbanden bij honden zal deze maand nogstarten. Wanneer de evaluatie er aanleiding toe geeft, zal ik een verbod ophet bezit van stroomhalsbanden opstellen.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 28 286, nr. 140428 Punt vier. U wilt een verbod op weerhaken. Op dit moment is er geenbepaling in de visserij over weerhaken bij hengelen. Wel is het mogelijkdat er lokaal afspraken over het gebruik van weerhaken worden gemaakttussen degenen die het visrecht uitgeven en Sportvisserij Nederland. InAmersfoort is dit bijvoorbeeld al gedaan. Ik ben daarom ook nog niet vanplan een bepaling hierover op te nemen in de wet.Kamerlid Kostic´ (PvdD):Het moet voor de dieren niet uitmaken in welke gemeente ze verblijvenom te worden beschermd tegen dit soort dierenleed. Amersfoort heeft ditinderdaad, onder leiding van de Partij voor de Dieren, geregeld. Dit is eenverantwoordelijkheid van de Staatssecretaris. Ik vraag hem om ditlandelijk te regelen.Staatssecretaris Rummenie:Ik ben dat vooralsnog niet van plan, omdat er andere mogelijkhedenbestaan.De voorzitter:De Staatssecretaris vervolgt zijn betoog.Staatssecretaris Rummenie:U vroeg als laatste om met een kopgroep van landen in de EU, zoalsBelgië, te pleiten voor de afschaffing van btw op dierenzorg. Het verlagenvan btw-tarieven behoort tot de portefeuille van de Staatssecretaris vanFinanciën, zoals u weet. In de Europese richtlijn voor btw-tarieven is eenlijst van goederen en diensten opgenomen waarvoor een verlaagdbtw-tarief kan worden toegepast. Diergeneeskundige zorg staat niet opdeze lijst. De richtlijn is recent aangepast. Een nieuwe aanpassing van deBtw-richtlijn heeft op dit moment politiek zeer weinig kans van slagen.Voor verdere vragen verwijs ik u naar de Staatssecretaris van Financiën.Kamerlid Kostic´ (PvdD):Mijn vraag was of u op z’n minst wilt optrekken met een kopgroep vanlanden zoals België om toch te proberen die btw-verlaging te regelen.Staatssecretaris Rummenie:Ik heb gezegd dat ik denk dat daar in Brussel heel weinig handen voor opelkaar gaan, juist omdat die richtlijn net is aangepast, in 2021. In onder-handelingen moet je soms toch ook wel denken: choose your battles.De voorzitter:U vervolgt uw betoog.Staatssecretaris Rummenie:Dan ga ik over naar de vragen van mevrouw Beckerman over erfelijkeziektes. Die zijn door meerdere Kamerleden gesteld. Er werd gezegd:voorkom erfelijke ziektes. 50% van de honden heeft erfelijke ziektes en diemoeten voorkomen worden. Kan de Staatssecretaris hierop reflecteren? Ikvind het uiteraard belangrijk dat dieren gezond gefokt worden en nietlijden onder schadelijke erfelijke kenmerken en erfelijke ziekten. Een in hetoog springend voorbeeld zijn de kortsnuitigen. Daar is onderzoek naargedaan en een beleidsmaatregel voor gemaakt, waarop wordt gehand-haafd door de NVWA. Vanuit het buitenland is hier heel veel interessevoor.Het is echter niet doenlijk om dit voor alle kenmerken en ziektes op dezemanier te doen. Ik wil dan ook dat er een systeem komt waarin wordtgeborgd dat je met een gezonde hond fokt. Aan het ExpertisecentrumGenetica Diergeneeskunde heb ik gevraagd om een voorstel te makenvoor hoe dit eruit moet komen te zien. Er draait momenteel een pilot,Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 28 286, nr. 140429 waarvan ik de resultaten begin 2026 verwacht. Die zal ik uiteraard delenmet de Kamer. Uiteraard begint het toch, zeg ik er nog even bij, bij dehouder. Die moet goed nadenken voordat hij overgaat tot de aanschaf vaneen dier.Dan ga ik over naar de vragen van ...Mevrouw Van Groningen (VVD):Ik besef dat ik een heel klein beetje vooruitloop op de beantwoording vanmijn vragen, maar toch even deze interruptie. De Staatssecretaris geeftaan dat hij met een systeem bezig is. Ik denk dat dat heel goed is, want wewillen gewoon gezonde dieren hebben. U zegt dat het begint bij dehouder. Als liberaal vind ik inderdaad dat daar een verantwoordelijkheidligt, maar tegelijkertijd denk ik dat heel veel mensen niet weten wat zekopen. Dan ben ik het niet helemaal met u eens dat de verantwoorde-lijkheid alleen bij de houder ligt. Daarom zou ik ook het volgende van uwillen weten; daar zult u dadelijk wel op terugkomen, denk ik. Als u dantoch naar dat systeem kijkt, wilt u dan ook elementen als DNA-onderzoekof een keurmerk als Fairdog meenemen in het systeem? Ik denk namelijkdat dat een hele eerlijke manier is om dat aan te tonen.Staatssecretaris Rummenie:Ik heb niet gezegd dat het alleen bij de houder ligt. Ik ben op zoek naareen systeem waarmee we dat kunnen voorkomen. We doen ook eencampagne, binnenkort. Ik weet niet of u ze al gezien hebt, maar kijk, hierzijn wat plaatjes: zo schattig dat het pijn doet. We werken dus ook aanbewustwording bij consumenten.De voorzitter:Gaat u verder met uw betoog.Staatssecretaris Rummenie:Even kijken. De erfelijke ziektes heb ik gehad.Dan had de heer Graus een vraag over dierenopvang en dierenambu-lances. Mevrouw Van der Plas had daar ook vragen over. Ik ben bekendmet de problematiek waar wildopvangcentra en dierenambulances meekampen. Onlangs is een amendement aangenomen, waardoor ik dekomende vijf jaar elk jaar negen ton beschikbaar stel aan de SpreekbuisWildopvang en Dierenambulances. Partijen die onderdeel uitmaken vande spreekbuis worden zo financieel ondersteund. Gemeenten maken welhun eigen afwegingen over het wel of niet ondersteunen van opvang-centra en dierenambulances. Wel hebben gemeenten een bewaarplicht.Dat betekent dat ze opvang moeten regelen voor gevonden dieren meteen vermoedelijke eigenaar. Gemeenten sluiten hiervoor in de praktijkvaak overeenkomsten met wildopvangcentra. Eerder dit jaar heeft deVereniging van Nederlandse Gemeenten deze bewaarplicht op mijnverzoek opnieuw onder de aandacht gebracht bij gemeenten.Daarnaast vroeg u of er mogelijkheden zijn om dierenambulancesstructureel financieel te ondersteunen, bijvoorbeeld via een landelijkebasisfinanciering. Ik waardeer het werk dat dierenambulancemedewerkersop dagelijkse basis uitvoeren. Daarnaast wil ik de spreekbuis onder-steunen bij het ontwikkelen van een basisopleiding voor dierenambulan-cemedewerkers. Door medewerkers goed op te leiden en werkwijzenuniform te maken worden op termijn ook kosten bespaard.Dan had ik nog een vraag van mevrouw Van der Plas over dierenwelzijn.De heer Graus (PVV):De belangrijkste vraag die ik heb gesteld – dat deed mijn collega van deVVD ook al per interruptie – ging over die ontheffingen. Er is ons gezegddat ze veel ontheffingen nodig hebben. Zolang ik hier zit, vraag ik al oméén landelijke ontheffing. Ook vraag ik al lang om het rijden alsTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 28 286, nr. 140430 voorrangsvoertuig. Daar zou onderzoek naar gedaan worden. Als je vooreen humane ambulance iemand kunt opleiden en iemand een specialerijopleiding kunt geven voor het rijden met een voorrangsvoertuig, moetdat ook kunnen voor een dierenambulance. Rijkswaterstaat doet het ook.Het is allemaal geen rocketscience. Dat wilde ik dus wel vragen. En ik haddie vraag over de ontheffing. Daar gaat het mij met name om. Ik heb ookgevraagd of paraveterinairen, waar de Staatssecretaris het over had, ookgeplaatst kunnen worden op dierenambulances.Staatssecretaris Rummenie:Ik heb in mijn algemene inleiding al gezegd dat ik kijk naar welke takenparaveterinairen nog meer kunnen doen. Ik denk dat die vraag dus albeantwoord is.Ik vind het uiteraard belangrijk – dat heb ik, dacht ik, net ook al gezegd inmijn antwoord – dat we niet gehinderd worden door onnodige regels. Datzijn er nogal wat in dit land; dat schijnt hier zo langzamerhand traditie tezijn geworden. Ik zal daar dus zeker naar kijken. Maar om nu meteen toe tezeggen dat ik dit landelijk ga organiseren, is mij nog een stap te ver, eerlijkgezegd, meneer Graus.De voorzitter:U vervolgt uw betoog.Staatssecretaris Rummenie:Dan was er een vraag van mevrouw Van der Plas: wil de Staatssecretarisbij zijn vervolgstappen steeds de praktijktoets hanteren? Helpt dit het dierecht? Is het uitvoerbaar voor de mensen die dagelijks met dieren werken?Mevrouw Van der Plas, dat gebeurt al. Bij het maken van wet- enregelgeving wordt altijd gekeken met welk instrument het beoogde doelhet beste kan worden gerealiseerd. Ook het toetsen van de gevolgen voorburgers en bedrijven is een vast onderdeel van het wet- en regelgevings-proces. Bij bijvoorbeeld de agropraktijktoets of de mkb-toets wordt metmensen uit de praktijk gesproken.Dan had ik een vraag over de petitie kortsnuiten. Er staat hier«kortsmuiten», maar dat moet natuurlijk «kortsnuiten» zijn. Ik kan u mijnreactie over een maand toesturen.Kamerlid Kostic´ (PvdD):Nou, ...Staatssecretaris Rummenie:Ik begrijp dat het gaat om een reactie op een petitie?De voorzitter:Misschien is het handig dat ...Mevrouw Van der Plas (BBB):Voorzitter, er wordt mij nu een vraag gesteld, dus ik beschouw dit niet alseen interruptie.De voorzitter:Ik denk dat het handig is dat u eerst de vraag stelt.Mevrouw Van der Plas (BBB):Er is enkele weken geleden een petitie aangeboden. Ik heb in de procedu-revergadering gevraagd of er een reactie kan komen op die petitie en ophet standpunt van de organisatie daarin. Die reactie zouden wij graag zosnel mogelijk willen ontvangen.Staatssecretaris Rummenie:Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 28 286, nr. 140431 Dat zeg ik u toe.De voorzitter:Dank u wel.Kamerlid Kostic´ (PvdD):Fijn dat het amendement van onder andere de Partij voor de Dieren, maarook van de PVV, is aangenomen om geld te regelen voor onder andere deopvang van wilde dieren. De vraag is: hoe gaat de Staatssecretaris ervoorzorgen dat dit amendement wordt uitgevoerd met gemeenten enprovincies? Dat was namelijk het verzoek in het amendement. Kan deStaatssecretaris daarop terugkomen?Staatssecretaris Rummenie:Ik ga daarover uiteraard in gesprek met gemeentes.De voorzitter:Heeft u daar ook een tijdspanne voor?Staatssecretaris Rummenie:Voor het eind van het jaar.De voorzitter:Dank u wel. U vervolgt uw betoog.Staatssecretaris Rummenie:Dan nog een vraag van de BBB over efficiënter handhaven op dieren-welzijn. Ik zei al dat ik de inzet van de inspecteurs zeer waardeer. Dehandhaving op gezelschapsdieren is inderdaad verdeeld over meerderehandhavers, zoals u zei. Hierdoor wordt wel gebruikgemaakt van deverschillende expertises van de handhavers, zoals de politie. Omwerkzaamheden beter te stroomlijnen en dubbelingen te voorkomen is ereen document met werkafspraken opgesteld. Ik blijf mij ervoor inzettenom ons te richten op de efficiëntie van de handhaving op dierenwelzijn.Hier is ook een structuur voor ingericht.Mevrouw Van der Plas (BBB):Dat is mij allemaal bekend, maar ik ben een paar weken geleden een heledag mee geweest met de Landelijke Inspectiedienst Dierenwelzijn. Ditonderwerp kwam nadrukkelijk ter sprake, juist omdat de LandelijkeInspectiedienst Dierenwelzijn één prioriteit heeft, namelijk dierenwelzijn.Dat is dus niet te verwarren met een dierenambulance. Zij gaan langs bijmensen thuis als er een melding is gekomen van bijvoorbeeld verwaar-lozing. Hun probleem is dat de handhaving en het toezicht op hetdierenwelzijn zo breed versnipperd zijn en verdeeld zijn over allerleiorganisaties, die allemaal goede bedoelingen hebben, maar waarvoordierenwelzijn niet de hoofdprioriteit is. Zij willen heel graag in gesprekmet de Staatssecretaris, hebben ze mij verteld. Misschien kan deStaatssecretaris toezeggen dat hij met de Landelijke InspectiedienstDierenwelzijn in gesprek gaat om gezamenlijk te kijken hoe je hetefficiënter kunt inrichten, want zij ervaren dat het best moeilijk is omtoegang te krijgen tot het ministerie om dit punt naar voren te brengen.Als de Staatssecretaris dat dus kan toezeggen, zou dat mooi zijn.Staatssecretaris Rummenie:Dat kan ik uiteraard toezeggen. Ik ontmoet hen met alle liefde. Maar ik wiler ook aan toevoegen dat, als er sprake is van dierenwelzijnsproblemen,er ook vaak sprake is van andere, sociale, problemen. Dat maakt het opzich al complex.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 28 286, nr. 140432 De voorzitter:Dank u wel. U vervolgt uw betoog. Mevrouw Van der Plas, u heefteigenlijk geen interrupties meer, maar een korte vraag sta ik toe.Mevrouw Van der Plas (BBB):Ik wil daar iets aan toevoegen. Het is inderdaad zo dat er dan vaak ookandere problemen bij zijn, maar ik heb ook gezien dat mensen zomaar eenmelding doen, omdat ze denken dat een katje te mager is, bijvoorbeeld.Daardoor wordt de werklast ook hoger. Daar hoeft de Staatssecretaris niksmee te doen, maar dat is wel de praktijk.Staatssecretaris Rummenie:Ik heb u gehoord.De voorzitter:U vervolgt uw betoog.Staatssecretaris Rummenie:Dan had de heer Graus een vraag over een DNA-databank. Dat is eeningrijpende maatregel, meneer Graus, die veel geld kost en veel inzetvraagt. Het is niet duidelijk in welke mate een DNA-databank kanbijdragen aan de opsporing van dierenleed. Ik zie nu dan ook geen redenom naast de bestaande databank van het Expertisecentrum GeneticaDiergeneeskunde een databank op te zetten, ook niet voor anderediersoorten.De heer Graus (PVV):Die chips zijn heel vaak niet geregistreerd, waardoor de dierenambulanceen de dierenpolitie niets kunnen als ze een in elkaar getrapt dier vinden.Met een DNA-databank kan dat wel. Elk dier heeft namelijk uniekefactoren. Je kunt dieren zelfs met AI-camera’s laten registreren. Dat werktveel beter dan die chipplicht. Het werkt voor de dierenambulance en voorde dierenpolitie voor het opsporen van dierenbeulen of van de eigenaarvan een gewond dier. Het heeft er dus heel veel mee te maken. Je kuntdan ook achter fokkers aan gaan. Je kunt foklijnen achterhalen.Staatssecretaris Rummenie:Ik heb antwoord gegeven. Er bestaat al een databank, van het Expertise-centrum Genetica Diergeneeskunde. Ik zie geen noodzaak om daar ietsbovenop te gaan doen.De voorzitter:U vervolgt uw betoog.Staatssecretaris Rummenie:Dan kom ik bij de volgende vraag van de heer Graus. Zou uitgezochtkunnen worden waarom dierenambulances niet met sirenes mogenrijden? Waarom ligt Rijkswaterstaat dwars? U geeft het zelf al aan: dit ligtbij het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat. Zij hanteren hiervoorstrenge regels. Wanneer te veel voertuigen optische signalen en geluids-signalen gebruiken, kan dit namelijk leiden tot verwarring en zelfs totgevaarlijke situaties. Om deze reden krijgen zij die status niet. Veeldierenambulanceorganisaties zitten hier bovendien ook niet op tewachten, zo begrijp ik. Rijkswaterstaat ondersteunt dierenambulances welop andere manieren. Zo bieden ze trainingen aan en mogen sommigendierenambulances in specifieke situaties gebruikmaken van de vlucht-strook.Dan had u een vraag over de beschutting van dieren tegen weersomstan-digheden. U zei dat dat steeds wordt toegezegd, maar dat het steeds maarniet gebeurt en u vroeg: wat gaat de Staatssecretaris daaraan doen? ZoalsTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 28 286, nr. 140433 u weet, moeten dieren volgens het Besluit houders van dieren beschermdworden tegen slechte weersomstandigheden. Momenteel loopt hetproject Beschutting voor dieren in de weide binnen het programmaKennis op Maat. Het doel van dit project is om praktische en juridischekennis over beschutting te verspreiden onder dierhouders, gemeentes enandere betrokkenen. Dit project is eind dit jaar afgerond. Ik zal u infor-meren over de voortgang.Dan had u een vraag over de positieflijst. De huis- en hobbydierenlijst is,zoals u weet, op 1 juli in werking getreden voor zoogdieren. Het advies-college heeft het toetsingskader voor de lijst van zoogdieren aangepast,zodat die gebruikt kan worden voor het beoordelen van reptielen. Dittoetsingskader wordt binnenkort voor internetconsultatie aangebodenvoor input vanuit de maatschappij. Daarna wordt het toetsingskadervastgesteld en kunnen de reptielensoorten worden beoordeeld, waaropeen advies zal volgen voor een positieflijst voor reptielen. Het implemen-teren van de lijst voor zoogdieren heeft geleerd dat dit proces veel tijdkost en dat het zorgvuldig moet gebeuren.Dan had u een vraag over dierenwelzijn. Is de Staatssecretaris bereid omeen verbod in te stellen op het meeslepen van dieren naast elektrischefietsen? Het naast de fiets meelopen of -rennen kan voor een hond eengoede vorm van lichaamsbeweging zijn, als de hond in goede conditie is,uiteraard. Als dit niet het geval is en het dier wordt meegesleept, lijkt mijer geen twijfel over mogelijk dat dit dierenmishandeling is. Dierenmishan-deling, meneer Graus, is al verboden. Ik zie dan ook geen reden omspecifiek een verbod op te stellen voor het meeslepen van dieren naastelektrische fietsen.Dan had u een vraag over herziening van het Zeehondenakkoord inverband met de 24 uurstermijn: waarom is er nog geen uitvoeringgegeven aan de motie over deze herziening? In 2024 is een door mijontraden motie aangenomen over de herziening van de termijn vooropvang van zogende zeehondenpups. Zoals ik eerder heb aangegeven inmijn brief van 20 januari en in mijn verzamelbrief Natuur van 16 juni laatik aanvullend onderzoek doen, gericht op de ervaringen met de 24 uurs-termijn. Dit onderzoek bevindt zich in de afrondende fase. Ik heb in mijnlaatste brief aangegeven dat ik eind 2025 met een reactie kom.Dan had u een vraag over het behoud van het Friese paard. Ik heb geenspecifiek beleid voor behoud van het Friese paard. Er zijn verschillendeorganisaties die zich inzetten voor het behoud van dit levend erfgoed.Volgens de Stichting Zeldzame Huisdierrassen is het Friese paard nietbedreigd en is het aantal dieren in de laatste vijftien jaar stabiel gebleven.Ik zie dan ook geen reden om hier beleid voor te maken.De heer Graus (PVV):Toch zeggen ter zake deskundigen – er is zelfs een dierenarts die Friesepaarden fokt – dat er een ontzettende inteelt aan de gang is en dat zichdaardoor, net als bij honden, innerlijk en uiterlijk schadelijke kenmerkengaan voordoen. Zij zeggen dat het echt heel slecht is en dat het uitein-delijk de nekslag voor het Friese paard kan worden. We moeten tochallemaal trots zijn op het Friese paard? We moeten dat dier ook gezondhouden. Mag ik iemand koppelen aan het ministerie, aan iemand die deStaatssecretaris aanwijst? Misschien kan ik een paar ter zake deskundigenkoppelen aan een collega van de Staatssecretaris. Dan zijn we ookgeholpen; dan kunnen we het uitzoeken.Staatssecretaris Rummenie:Uiteraard mag u dat. Expertise van buiten is altijd welkom op mijndepartement, zeker als het praktijkervaring betreft. Ik heb zelf mijn heleleven erg veel ervaring gehad met Friese paarden, omdat die bijvoorbeeldook naar Mexico geëxporteerd werden. Net als u hecht ik eraan dat hetpaard gezond blijft, want het is een prachtig paard.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 28 286, nr. 140434 De voorzitter:U vervolgt uw betoog. Nee, er is toch nog een interruptie, van het lidKostic´. Sorry, ik zag u even over het hoofd.Kamerlid Kostic´ (PvdD):Ik wil nog even kort terugkomen op Marktplaats. Marktplaats houdt zichaan de wet als het kortsnuiten gewoon in de verkoop zet, omdat de handeldaarin niet verboden is. Dat is het probleem. Is de Staatssecretaris dusbereid om toch een handelsverbod in te stellen?Staatssecretaris Rummenie:Ik werk daaraan. Dat heb ik al eerder in de beantwoording gezegd. Ik werkaan een houdverbod. Ik hoor het lid Kostic´ zeggen dat het haar gaat omeen handelsverbod, maar als je het dier niet kunt houden, kun je er tochook niet in handelen?De voorzitter:De Staatssecretaris vervolgt zijn betoog.Staatssecretaris Rummenie:Dan had de heer Graus ook nog een vraag over hoornaars. Ondanks deforse inspanningen lukt het inderdaad niet om de opmars van deAziatische hoornaar te stuiten. Vooralsnog zetten de provincies ten minstehet komende jaar nog wel in op het vertragen van de opmars van deAziatische hoornaar richting het noorden. Alleen de noordoostelijkeprovincies zetten nu nog in op volledige bestrijding. Mijn ministerie en deprovincies werken aan afspraken over de aanpak van invasieve exoten inhet kader van het landelijke aanvalsplan. Gezien de beperkte beschikbaremiddelen en hoever de soort nu al verspreid is, begrijp ik dat provinciessoms moeten prioriteren.Dan de vragen van de heer Holman. Bij hoeveel probleemwolven is hetprobleem nu opgelost? Zoals u weet, is er sprake van drie probleem-wolven. De provincie Utrecht heeft een vergunning afgegeven voorafschot van één probleemwolf en de provincie Gelderland voor afschotvan twee probleemwolven. Op dit moment heeft dat nog niet plaatsge-vonden, maar ik doe een oproep aan u, meneer Holman. Mijn landelijkewolvenaanpak ligt voor. Des te sneller u die goedkeurt, des te snellergemeenten en provincies kunnen optreden, want ze hebben mij daaromgevraagd. Het hangt dus echt van u af, onder anderen.Dan had u een vraag over een houdverbod voor kortsnuiten. Daar heb iknet al iets over gezegd. Ik deel de wens om een houdverbod te makenvoor kortsnuitige honden. Zoals ik eerder aangaf, is dat op dit momentnog niet mogelijk. Ik heb namelijk wetenschappelijk onderbouwde criterianodig om bij puppy’s vast te stellen en te kunnen voorspellen of een hondvanaf de leeftijd van 1 jaar ongezond kortsnuitig zal zijn. Ik ben hiermeebezig. Een houdverbod zou een verbod op de handel op Marktplaatsoverbodig maken.Dan had u een vraag over de grutto. Hoe staat het met de ingebreke-stelling? Gaan we daadwerkelijk een verdubbeling van het aantal grutto’skrijgen? Zoals u weet, hebben wij op 17 juli van de Commissie een metredenen omkleed advies ontvangen over de inbreukprocedure gericht opde bescherming van de grutto. We hebben nu vijf maanden de tijdgekregen voor een schriftelijke reactie op het met redenen omkledeadvies. Ik ben hiermee aan de slag. Uiteraard houd ik de Kamer op dehoogte van de voortgang van de inbreukprocedure. U kent mijnprogramma: dat is een goed programma. We hebben nog nooit zo goedingezet op agrarisch natuurbeheer, predatie en headstarting. Ik geloof datmevrouw Bromet daar groot fan van is. Ik heb er dus alle vertrouwen indat wij vorderingen gaan maken, maar ik kan uiteraard – dat zult ubegrijpen – niet voorspellen wanneer er sprake is van een verdubbeling.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 28 286, nr. 140435 Mevrouw Bromet (GroenLinks-PvdA):Headstarting is een codewoord voor gruttofokkerijen en daar ben ikhelemaal geen voorstander van, want de groei van de gruttopopulatie kunje alleen stimuleren door hun leefgebied te vergroten en dat doet deStaatssecretaris niet. Maar mijn vraag gaat eigenlijk over de termijn vanvijf maanden, want die is bijna om. Wanneer horen wij daar wat van?Staatssecretaris Rummenie:Die termijn is niet om. We hebben tot 17 december de tijd, maar u hoortdaar natuurlijk zo snel mogelijk wat van.De voorzitter:U vervolgt uw betoog, Staatssecretaris. We hebben nog ongeveertwintig minuten en de Minister moet ook nog.Staatssecretaris Rummenie:Ik doe mijn best. Er is nog een vraag van de heer Holman over proef-dieren. Hij zegt: er is veel onwil en we missen regie op dit onderwerp. Hijvraagt of ik bereid ben om een onafhankelijke coördinator in te stellen. Ikherken het beeld dat hier geschetst wordt niet. Vanuit LVVN voer ik juistregie en coördinatie via het partnerprogramma Transitie ProefdiervrijeInnovatie. Dit zorgt echt voor concrete successen, zoals de 124,5 miljoenvoor het Groeifondsproject Ombion en zoals andere gezamenlijkesubsidierondes voor de validatie van ZonMw en een Duitse financier. Ikzet ook stevig in op de transitie binnen Europa. Ook daar is er bereidheidtot samenwerking en regie, zoals blijkt uit het aangenomen EuropeanResearch Area-voorstel en de roadmap voor uitfasering van dierproevenvoor chemische stoffen. Ik zie dan ook geen toegevoegde waarde in eencoördinator.Dan ga ik naar de vragen van mevrouw Bromet. Zij had ook een vraagover het houdverbod voor kortsnuiten. Ik heb die vraag al beantwoord,denk ik. Voor vouwoorkatten en naaktkatten gaat het verbod in op1 januari. Dan mag je deze katten niet meer houden, verhandelen enimporteren. Ik kijk uiteraard ook of ik dit kan uitbreiden naar anderekenmerken. Daarbij gaat het uiteraard om kenmerken, zoals ik in dekomende campagne ook laat zien, waarvan het zeker is dat iederindividueel dier daaronder lijdt. Maar daar is wel onderzoek voor nodig.Dat zal aan het einde van dit jaar gereed zijn. Ik verwacht het tentoonstel-lingsverbod – daar had u ook nog een vraag over – eind 2026 voor tekunnen leggen voor internetconsultatie. Dat is wetgeving en die kosthelaas tijd.Dan had u ook nog een vraag over de huis- en hobbydierenlijst, omdat ereen rechtszaak loopt over de huis- en hobbydierenlijst voor zoogdieren. Ikzie die uitspraak met vertrouwen tegemoet, mevrouw Bromet. Er wordtgehandhaafd op deze lijst en hiervoor wordt goed samengewerkt tussenverschillende handhavende organisaties.Dan had u ook een vraag over de positieflijst voor reptielen en vogels.Voor zowel reptielen en amfibieën als vogels geldt dat er soorten zijn dieuiteraard niet geschikt zijn om te houden als huisdier. Er zijn welzijnspro-blemen als het houden van een dier zo complex is dat het mensen nietlukt om dit goed vorm te geven. Het is echter niet haalbaar om voormeerdere dierklassen tegelijk lijsten te maken, dus ik moet kiezen. Ik zie degrootste risico’s bij reptielen, omdat daar gevaarlijke situaties kunnenoptreden wanneer ze ontsnappen. Daarom geef ik prioriteit aan reptielen.Dan had u nog gevraagd wat de status van de chip- en registratieplichtvoor katten is. Om die zo goed mogelijk te laten werken is een nauwkeurigen fraudebestendig registratiesysteem belangrijk. De systemen voor deidentificatie en registratie van verschillende diersoorten, waaronderhonden, worden beheerd door de RVO. Hieraan moet de diersoort «kat»worden toegevoegd. Wij zijn hierover in overleg. De wetgeving hiervoor isTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 28 286, nr. 140436 al klaar, maar we zijn nog met de RVO in gesprek over de uitvoering. Ikinformeer u hierover in het voorjaar van 2026.Mevrouw Van Groningen (VVD):Ik kom even terug op het punt van de positieflijst voor reptielen. U geeftaan dat u daar prioriteit aan geeft. Ik denk ook dat dat belangrijk is, omdater risico’s aan zitten. Ik heb nog wel twee vragen daarover. Hoe voorkomtu dat mensen hun reptiel straks gewoon gaan dumpen? Als mensendenken dat hun reptiel niet meer mag, kunnen ze het gewoon ergensloslaten of door de wc spoelen. Heeft u erover nagedacht om eventueeleen inzamelpunt in te stellen, zodat mensen hun reptiel daar veilignaartoe kunnen brengen? Dat zou in ieder geval iets zijn waar wij aanzouden denken.Staatssecretaris Rummenie:We hebben daar ervaring mee. Dat is niet onze ervaring bij het instellenvan de zoogdierenlijst. Ondanks het feit dat bepaalde reptielen verbodenworden, mogen degenen die zo’n reptiel al hebben, het houden; dat weetu. Toen de zoogdierenlijst van kracht werd, hebben wij niet gezien datmensen op grote schaal hun dier de deur uit hebben gedaan. Datverwacht ik in dezen ook niet.De voorzitter:Gaat uw gang, mevrouw Van Groningen.Mevrouw Van Groningen (VVD):Oké, het ligt niet in de lijn der verwachting – dat hoor ik u zeggen – maarmocht het nou zo zijn dat het toch gebeurt, dan hoop ik toch echt dat uwel gaat handelen en dat we zorgen dat er iets komt waar die mensen hunreptiel naartoe kunnen brengen, want we zouden niet willen dat dezereptielen, zoals slangen, in de natuur terechtkomen, met alle conse-quenties van dien.Staatssecretaris Rummenie:Wij gaan daar natuurlijk ook goed over communiceren. Onze ervaring isdat mensen hun huisdier toch heel graag willen houden, omdat zedaaraan gehecht zijn.Dan kom ik bij de vragen van mevrouw Van Groningen. Een van haarvragen ging over bijtincidenten. Zij zei: «Veel plastisch chirurgen luiden denoodklok. Er moeten urgente maatregelen worden getroffen. Twee jaargeleden hadden we een vierpuntenplan. De Staatssecretaris zou daarmeeaan de slag gaan. Hoe staat het met de voortgang?» Zoals u weet, zet ikop volle kracht in op het voorkomen van bijtincidenten. Ik heb dat ookuitgebreid besproken met uw fractiegenoot bij het vragenuur. Maar deuitwerking daarvan vergt ook tijd. Ik probeer, waar mogelijk, het proces teversnellen. Ik verwacht het meldpunt voor bijtincidenten als eerstemaatregel rond de jaarwisseling van kracht te laten zijn. Verder werk ik,zoals u weet, aan een muilkorfplicht en een aanlijnplicht, een landelijkeaanschafcursus en, ook niet onbelangrijk, een afstammingsbewijs.U heeft ook gevraagd naar betere voorlichting voor baasjes. Hoe gaat deStaatssecretaris die inzetten en hoe kunnen we in de tussentijd het aantalincidenten verkleinen? Ik wil vooropstellen dat de verantwoordelijkheidvoor het houden van dieren en de veiligheid van de omgeving bij dediereigenaar ligt. Het is belangrijk dat mensen goed geïnformeerd enbewust een keuze maken, zodat er geen nare situaties ontstaan. Een vande maatregelen om het aantal bijtincidenten te verkleinen is het invoerenvan een preaanschafcursus. Ook start in oktober, zoals ik u net heb latenzien, de campagne om bewust te kiezen, met teksten als: zo schattig dathet pijn doet; kies bewust voor een dier; dat is beter voor jullie allebei. Ikhecht ook veel waarde aan onafhankelijke en betrouwbare informatie overTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 28 286, nr. 140437 het aanschaffen en houden van huisdieren. Daarom ondersteun ik hetLandelijk Informatiecentrum Gezelschapsdieren, waar deze informatie tevinden is.Dan had u nog een vraag over het bijtincidentenmeldpunt. Die heb ik netbeantwoord.Dan had u tot slot nog een vraag over het verbod op hoogrisicohonden.Zoals ik ook in het vragenuur heb gezegd, hebben ze daar in verschillendelanden al ervaring mee. Ze hebben daar rassen verboden. Dat heeft niettot een daling van de incidenten geleid. Ik ben ook op bezoek geweest bijde Koninklijke Hondenbescherming en die zijn het ook met me eens datdat geen goede aanpak is. Ik blijf toch liever inzetten op een afstammings-bewijs. Hiermee zorg je ook voor verantwoord gefokte dieren.Dan had u nog een vraag over het keurmerk voor hondenfok. Ik geef, zoalsu weet, al subsidie aan Fairdog. Dat is een mooi keurmerk voor gezondehondenfok. Dat is een initiatief van de markt. Ik zie geen reden om mij hierverder in te mengen.Dan ben ik wat mij betreft alle vragen door.De voorzitter:Dank u wel, Staatssecretaris. Mevrouw Van der Plas heeft nog eeninterruptie.Mevrouw Van der Plas (BBB):Even een ordepuntje. U gaf aan dat we nog maar drie kwartier hebben.Inmiddels is dat tien minuten. We hebben natuurlijk wel een halfuurtjegeschorst. Zou het wel mogelijk zijn om het debat hier nu af te maken? Eris namelijk wat tijd verloren gegaan.De voorzitter:Wat mij betreft zou dat kunnen, maar ik weet niet of we de zaal uitmoeten. Ik kijk even naar de bode. We hoeven er pas om 14.00 uur uit,hoor ik. Dan zou het wat mij betreft best kunnen, hoor. Ik weet niet of debewindspersonen kunnen. De Kamerleden hebben soms ook andereverplichtingen. Maar wat mij betreft kunnen we nog even door. Ik geef hetwoord graag aan de Minister. We moeten misschien ook vaststellen of wedan al een tweede termijn willen. Wat zegt u, mevrouw Van Groningen?Mevrouw Van Groningen (VVD):Is er ook een veegronde voor vragen die de Staatssecretaris nog niet heeftbeantwoord?De voorzitter:Ja, dat zou u eventueel ook nu kunnen doen, als u vindt dat er vragen nietgoed door de Staatssecretaris zijn beantwoord. Laten we dat dan numeteen doen. Dan kunnen we daarna over naar de Minister.Mevrouw Van Groningen (VVD):Dank, voorzitter. Ik had namelijk nog één vraag gesteld ten aanzien vanhet keurmerk. Op welke manier kunnen we nu goed handhaven op hetfokken en bezitten van dieren waarvan dat niet langer mag? Wat wilt udaaraan doen?Staatssecretaris Rummenie:Dat is natuurlijk dat afstammingsbewijs, want daarmee voorkom je dat erdieren met gebreken gefokt worden.De voorzitter:U heeft nog meer?Mevrouw Van Groningen (VVD):Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 28 286, nr. 140438 Dan heb ik één vervolgvraag daarop. Ik heb het ook gehad over hetdiagnose- en registratiesysteem, dat ook al wordt gebruikt. Ziet u dat danals mooie aanvulling op dit afstammingsbewijs? Ik denk dat het belangrijkis om op zo veel mogelijk manieren te zorgen dat we die honden goed inkaart hebben. Dan voorkomen we onnodige kosten.Staatssecretaris Rummenie:Dat zal ik zeker benutten als het er is.De voorzitter:Dan geef ik nu graag het woord aan de Minister van OCW. Gaat uw gang.Er is nog een interruptie of een punt van orde? Een interruptie.Kamerlid Kostic´ (PvdD):De Staatssecretaris is bezig met de uitvoering van een motie van de Partijvoor de Dieren. Er is ook nog een motie om een houd- en handelsverbodin te stellen voor meer dieren die te maken hebben met ziekmakendekenmerken, dus niet alleen maar de kortsnuiten. Kan de Staatssecretarisaangeven hoe en op welke termijn hij dat gaat regelen?Staatssecretaris Rummenie:Ik heb, dacht ik, in mijn antwoord heel duidelijk gezegd dat het niet alleenover kortsnuiten ging. Het ging gewoon over dieren die kenmerkenhebben waardoor ze bijvoorbeeld pijn lijden. Dat zit ook in de campagne.U weet zelf ook wel dat het objectieve kenmerken moeten zijn en dat vergttijd. Maar het is uiteraard niet zo dat ik alleen maar naar kortsnuiten gakijken. Ik heb ook gezegd dat het onderzoek eind dit jaar beschikbaar is.De voorzitter:Dan geef ik nu het woord aan de Minister.Minister Moes:Dank u wel, voorzitter. Het amendement-Kostic´ over de proeven metniet-humane primaten. Laat ik duidelijk zijn dat ik de wens en de oproepvan uw Kamer hoor en steun. Ook ik wil het aantal proeven metniet-humane primaten zo snel mogelijk en veilig afbouwen naar nul. Ikben ervan overtuigd dat de toekomst proefdiervrij is. Ik snap heel goeddat er vanwege de ethische dilemma’s die eraan verbonden zijn,weerstand is tegen dierproeven, waaronder proeven met niet-humaneprimaten. Tegelijkertijd worden we geconfronteerd met ethischedilemma’s wanneer we sneller dan veilig kan zouden stoppen. Proevenmet niet-humane primaten zijn namelijk in ieder geval de komendevijf jaar simpelweg nog nodig om levensbedreigende ziekten en pande-mieën te kunnen bestrijden. Ze zijn cruciaal voor het bestrijden vanziekten als MS en alzheimer.Helaas zijn er simpelweg nog onvoldoende proefdiervriendelijkealternatieven. Dit geven ook patiëntenverenigingen, bedrijven enwetenschappers aan. Overhaast stoppen met dit soort proefdieronderzoekbetekent onherroepelijk een verplaatsing van proeven met apen naar hetbuitenland. Dat betekent dat we een deel van onze volksgezondheid inhanden zouden leggen van landen als China en de Verenigde Staten, waarhet proefdieronderzoek onverminderd door zal gaan. Met de verplaatsingvan proeven met apen naar het buitenland zal ook het dierenwelzijnafnemen, want dierenwelzijnsstandaarden in Europa zijn hoger dan in derest van de wereld en het BPRC voldoet, daarbovenop nog, aan aanvul-lende richtlijnen.Er ligt een grondig onderzoek van een onafhankelijke commissie waarindeze aspecten ook worden benoemd. Op basis van dat onderzoekconcludeert het kabinet dat het echt onverstandig is om nu te snel enonveilig de subsidie voor het proefdieronderzoek van het BPRC af teTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 28 286, nr. 140439 bouwen. Uw Kamer vraagt namelijk ook, onder andere in de motie-Tielenen de motie-Wassenberg, om ervoor te zorgen dat de afbouw van hetaantal proeven met apen zorgvuldig gebeurt en niet leidt tot het in gevaarkomen van de bestrijding van levensbedreigende ziekten en infectie-ziekten die de volksgezondheid in gevaar brengen.Mevrouw Bromet (GroenLinks-PvdA):Weet de Minister wat een amendement is?Minister Moes:Ja, en ik zal niet flauw doen en het alleen bij «ja» houden. Eenamendement ziet op een wijziging van de wettekst. Daarmee is eenamendement een wijziging van de wet. Aan wetten heb ik mij gewoon tehouden. Dit amendement ziet niet op een wijziging van de wettekst, maarop een wijziging van de memorie van toelichting. Daarmee is het sec niethelemaal een amendement in die zin dat het de wettekst en dus de wetzelf verandert; het verandert alleen de memorie van toelichting. Zoals iknet aangaf, wil ik echt maximaal meegaan in de geest van het amende-ment, maar er zit eigenlijk ook een tegenstrijdige vraag in. Er staatnamelijk dat het veilig moet gebeuren; dat staat ook in de toelichting ophet amendement. Ik probeer nu te duiden dat dat op gespannen voet staatmet elkaar.Mevrouw Bromet (GroenLinks-PvdA):Een amendement dat is aangenomen door de Kamer, kan niet zomaar eenbeetje geïnterpreteerd worden door het kabinet. Het is een wetswijziging.De memorie van toelichting maakt ook onderdeel uit van de wet. Ik zouhier ook nog wel even willen zeggen dat het niet gaat om het verbiedenvan apenproeven, maar om het stoppen van de financiering. Dat is wat deKamer in meerderheid wil en dat heeft het kabinet dus gewoon uit tevoeren. Daar is niets tegenstrijdigs aan. Die apenproeven kunnendoorgaan, maar niet met die financiering, niet met gemeenschapsgeld.Minister Moes:Daar wilde ik eigenlijk aan het einde van mijn betoog op terugkomen,maar het kan ook prima op deze manier. Uiteindelijk heb ik gewoon aande wensen van de Kamer te voldoen. Zo simpel is het. Nogmaals, ditamendement heeft een iets ander karakter, omdat het niet direct ziet opeen wijziging van de wettekst, maar ik wil alsnog – dat herhaal ik –gewoon uitvoeren wat de Kamer mij opdraagt, in beginsel. Ik schets hierwel even het spanningsveld. Het kabinet is van mening dat het op ditmoment niet veilig kan. Ik hoorde mevrouw Bromet heel duidelijk zeggen:dat is ook niet het punt van dit amendement; het gaat er alleen om dat definanciering wordt afgebouwd in de loop van vijf jaar. Omdat hetamendement niet voorziet in een alternatieve dekking voor de financieringvan het BPRC, zou dat betekenen dat ik op zoek moet gaan naar eenalternatieve dekking binnen de begroting. Dan zou ik daar bij deVoorjaarsnota op terugkomen.Kamerlid Kostic´ (PvdD):De Minister zegt allemaal dingen die niet kloppen. Dit is een interpretatievan de Minister. Van de juridisch adviseurs van de Kamer weten we dathet ongekend is dat een Minister zegt dat hij een amendement niet gaatuitvoeren. In welke vorm dan ook, dit moet uitgevoerd worden. Dit isconform de afspraken met de Kamer. Ik vraag de Minister dus nogmaalsom het amendement uit te voeren. We gaan niet opnieuw de inhoudelijkediscussie voeren. We schaffen de subsidie gewoon binnen vijf jaar af enwe investeren in alternatieven. Dat is wat de Kamer, na alle onderzoekenen dergelijke, heeft besloten. Dus nogmaals die oproep, dan hoeven wedeze Minister niet nog een keer onder druk te zetten, met een motie.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 28 286, nr. 140440 Minister Moes:Volgens mij heb ik net aangegeven dat ik dat ook heel graag wil doen.Tegelijkertijd heb ik ook aangegeven dat we dit niet veilig kunnen doen,omdat het voor de volksgezondheid simpelweg nog nodig is. Dat betekentdat we financiering moeten hebben om het primatentestcentrum open tehouden voor de komende vijf jaar. Daar is gewoon een minimumbedragvoor nodig. Dan moet ik op zoek naar dat bedrag. In die zin kan ik hetamendement dan gewoon uitvoeren. De subsidieopbouw gaat dan in feitenaar de alternatieven. Maar dan zal ik toch op zoek moeten gaan naarfinanciering voor het openhouden van dit centrum.De heer Holman (NSC):Ik wil mijn collega’s toch even helpen, want dit kan echt niet. In hetamendement wordt de regering ertoe opgeroepen om het geld nietbeschikbaar te stellen en dan zegt de Minister: dan moet ik op zoek naaralternatieve dekking. Zo werkt het natuurlijk niet. Dan zal de Ministerandere maatregelen moeten vinden om minder dieren te houden ofandere financiers te zoeken, maar het kan niet met geld dat de Ministerelders zoekt.Minister Moes:In de toelichting op dit amendement staat ook dat dit veilig moet. Daartoewordt ook in eerdere moties opgeroepen. Nogmaals, ik sta aan dezelfdekant. Ik wil ook de dierproeven zo snel als dat kan afbouwen naar nul. Ikwil niets liever dan dit amendement gewoon uitvoeren. Ik heb net ooktoegezegd dat ik toe wil naar die financieringsombouw, waarbij een groterdeel van de financiering naar het alternatievenonderzoek gaat. Tegelij-kertijd hebben we voor de veiligheid, voor de volksgezondheid, hettestcentrum simpelweg nog nodig. Daar kan ik ook niet omheen.De voorzitter:Is er nog iemand van de commissie die daar iets over wil zeggen?De heer Graus (PVV):Dit kan inderdaad niet. Het amendement moet gewoon uitgevoerdworden. Er wordt ons al twintig jaar beloofd dat dat apencentrumdichtgaat. Prof. dr. Liesbet Geris heeft met de immuunsysteemsimulatoraangetoond dat het totaal overbodig is. Apen zijn ook totaal niet represen-tatief voor de mens. Ik zei het al: gekweekte weefsels, dode weefsels ofimmuunsysteemsimulatoren werken veel beter, ook in de strijd tegenkanker en auto-immuunziekten. Dit is onwil. Daarom vroeg ik ook om eennationaal coördinator. Het valt me namelijk op dat alle wetenschappersdie met dierproeven en met proefdieren werken, niet om willen – wat deboer niet kent, dat vreet hij niet – maar dat iedereen die wel bezig is metdie alternatieven, zegt: het kan allemaal. Er moet dus iemand komen diede regie gaat nemen. De proeven op apen in het apencentrum moetenacuut stoppen. Ik ga dus nog verder dan wat mevrouw Bromet vroeg.Minister Moes:Ik bestrijd dat dit onwil is. Dat is het absoluut niet. Ik wil dit graag en goeduitvoeren. Ik heb geschetst dat er een spanningsveld in zit. Dit gaat ookniet om het gewoon maar subsidiëren van dierproeven. Dit gaat over eenminimale exploitatiesubsidie om het minimale niveau in stand te houden,dus het niveau dat strikt noodzakelijk is voor de volksgezondheid en nietmeer dan dat. Het gaat dus om een absoluut minimumniveau.De voorzitter:Mevrouw Van Groningen, ten slotte.Mevrouw Van Groningen (VVD):Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 28 286, nr. 140441 Ik wil ook nog iets zeggen om het nog even helder te maken. Allereerst:wij hebben tegen het amendement gestemd. Wij begrijpen ook destruggle van het kabinet. We hebben overigens wel de wens om het aantaldierproeven te verminderen, maar dat moet realistisch gaan. We moetenhier nooit ons medisch onderzoek mee belemmeren. Ik denk dat dat heelbelangrijk is. Volgens mij zit dit ook een beetje in een juridische categorie.Het amendement moet op een bepaalde manier gewogen worden. Hetklopt toch ook dat het bij de Eerste Kamer ligt en dat die het nog moetbekijken? Ik zou graag willen horen hoe het nou precies juridisch-inhoudelijk zit, dus waarom er bezwaar tegen is en hoe dit door de EersteKamer gewogen wordt. Ik denk dat dat belangrijk is voor de discussie enhet perspectief en dat we het even niet over financiering moeten hebben.Minister Moes:Het klopt dat dit amendement sowieso niet van kracht kan zijn, omdat deEerste Kamer er nog niet mee heeft ingestemd. Maar dat is een technischdetail. Eigenlijk wil ik helemaal geen juridische discussie gaan voeren,want ik wil gewoon heel graag zo goed mogelijk uitvoeren wat de Kamermij opdraagt te doen. Dat is hoe ik hierin sta. Ik wil dus eigenlijkwegblijven van een technische of een juridische discussie over wat hetwel en niet precies is. Ik heb al even gezegd dat een amendement inprincipe ziet op een wijziging van een wettekst. Daarmee is het dus ookwet. Een wijziging van een memorie van toelichting is iets anders.Maar nogmaals, ik wil eigenlijk uit die hele discussie wegblijven. Ik wilgewoon – dat zei ik al – in de geest van het amendement zo veel mogelijkerop toezien dat het gebeurt. Alleen, ik schetste al dat er intern ook eenspanningsveld in zit, juist vanwege de veiligheid. Daar zijn ook vragenover gesteld vanuit de Eerste Kamer. Die heeft mijn voorganger beant-woord. In de toelichting van het amendement staat gewoon dat het veiligmoet. Het gaat inderdaad over de volksgezondheid. We willen niet verdergaan dan het absolute minimum dat puur noodzakelijk is. Ook dat willenwe zo snel en veilig als het kan afbouwen naar nul. Dat is gewoon wat debeleidslijn is. Dat is hoe we erin staan. Als het eerder kan, omdat we meeralternatieve onderzoeken financieren, dan is dat hartstikke mooi. Maar hetmoet wel veilig kunnen. Anders creëren we andere problemen.De voorzitter:Dank u wel. U vervolgt uw betoog, Minister. O, nee, meneer Holman, heeftu nog een vraag?De heer Holman (NSC):Ja, want ik vind dit ...De voorzitter:U heeft nog een interruptie. Even een korte reactie nog dan.De heer Holman (NSC):Ik vind dit heel onbevredigend. Dit is namelijk een uitleg van de memorievan toelichting die gewoon niet passend is bij een wetsverandering. Magik een concreet voorstel doen? De Minister zegt: het moet veilig. Wehebben veel discussie over de vraag of we werkelijk 1.000, 1.100 of1.200 apen nodig hebben om die proeven te doen. Kennelijk vindt deMinister dat dat moet. Kan de Minister zo snel mogelijk met een briefkomen, bijvoorbeeld over een week of veertien dagen, hoe hij hetafbouwpad ziet, welke begroting daarbij hoort en hoe hij tot een afbouwvan die proeven komt? En geef dan een interpretatie van het beeld dat deMinister schetst.Minister Moes:Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 28 286, nr. 140442 Er is in het verleden al behoorlijk veel afgebouwd; we zijn van 1.500 naar1.000 niet-humane primaten gegaan, zeg ik uit mijn hoofd. Ik wil er zekernog wel een keer naar laten kijken of dat minimumniveau nog verderafgebouwd kan worden. Ik ben ook doorlopend aan het kijken hoe we ditsnel maar ook veilig – ik heb het dan over de harde randvoorwaarden vande veiligheid – kunnen afbouwen naar nul. Uit de informatie die ik heb,blijkt dat het de komende vijf jaar simpelweg nog nodig is om hetminimumniveau in stand te houden, in het kader van de volksgezondheid.Dat is waar we nu staan. Als een aanvullende brief nog helpt, dan wil ikdie zeker toezeggen. Maar ik denk niet dat daar nieuwe informatie uit naarvoren zal komen, zeg ik er heel eerlijk bij.De voorzitter:Mevrouw Bromet wil een interruptie plegen, maar er is eerst een punt vanorde van mevrouw Beckerman.Mevrouw Beckerman (SP):Ja, ik wil toch een punt van orde maken. Dit is de laatste Kamerdag. Dit iseen punt dat heel erg raakt aan de bevoegdheden van de Kamer, namelijkaan het recht op amendement. Dat kan het kabinet niet naast zichneerleggen. Mijn punt van orde is dus het verzoek aan de voorzitter ommensen een extra interruptie toe te staan, want hoewel er gevraagd kanworden om een brief, is dit de laatste Kamerdag. Dat maakt dat het heelurgent is om hier duidelijkheid over te krijgen. Dit raakt namelijk nogalfundamenteel aan de bevoegdheden van de Kamer. Dat is mijn punt vanorde.De voorzitter:Ik wil best extra interrupties toestaan, maar ik zie ook dat er wat herha-lingen zijn, ook in de antwoorden van de Minister. Maar laten webeginnen bij een interruptie van mevrouw Bromet.Mevrouw Bromet (GroenLinks-PvdA):Ik zit eerlijk gezegd niet te wachten op een Kamerbrief. Ik zit te wachten opeen brief die de Minister stuurt aan het proefdiercentrum waarin hij zegtdat de Kamer heeft bepaald dat de subsidie stopt en dat zij op zoekmoeten gaan naar andere financieringsbronnen, als dat niet anders kan.Minister Moes:Ik val eigenlijk in herhaling. Ik wil dit amendement gewoon uitvoeren. Ikheb ook gezegd dat ik dat ga doen, dat ik de financieringsstroom ombuig,zoals in het amendement staat. Dat betekent dat ik op zoek moet naaralternatieve financieringsbronnen. Daar ga ik mee aan de slag.De voorzitter:U bent door uw interrupties heen, lid Kostic´. O ja, we zouden er nogéén interruptie bij doen. Gaat uw gang.Kamerlid Kostic´ (PvdD):Ik wil dit stukje van het debat eigenlijk afronden. De Kamer is namelijkheel duidelijk: het amendement moet worden uitgevoerd. Dat betekent: deafbouw van financiering voor de apenproeven binnen vijf jaar en hetoverhevelen naar alternatieven. Dat is dus niet de interpretatie van deMinister dat er elders nog extra financiering moet worden gezocht. Datklopt gewoon niet. Ik wil dit debat afronden. De Kamer is helder: voer hetuit zoals de Kamer het nu zegt. Zo hoort het namelijk in een democra-tische rechtsstaat.De voorzitter:Dan geef ik het woord weer aan de Minister.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 28 286, nr. 140443 Minister Moes:Volgens mij laat het amendement ook ruimte voor alternatieve financie-ringsbronnen. Dus volgens mij kan ik daarmee gewoon het amendementuitvoeren.Mevrouw Beckerman (SP):Erkent de Minister dat het recht op amendement, in tegenstelling tot hetrecht op motie, hoe vervelend wij dat ook kunnen vinden, betekent datwanneer de Kamers dit aannemen, het kabinet enkel en alleen deopdracht krijgt om het precies zoals het in het amendement verwoordstaat, uit te voeren?Minister Moes:Ja.De voorzitter:Een punt van orde van mevrouw Van Groningen.Mevrouw Van Groningen (VVD):Voorzitter, ik zou toch aan de commissie willen voorstellen om naar detweede termijn te gaan. Volgens mij biedt die ons ook ruimte om nog eenaantal vragen te stellen. We hebben dan ook nog de gelegenheid omandere vragen te stellen die we nog willen stellen. Ik stel dus voor om ditpunt voor nu af te ronden.De voorzitter:Dank u wel. We zitten inderdaad wel met de tijd.Mevrouw Bromet (GroenLinks-PvdA):Ik wil dan toch mijn laatste interruptie hiervoor gebruiken. Het gaat hiernamelijk niet over de inhoud, maar over het functioneren van hetparlement. Het is waar dat als wij het over onze kant laten gaan en hetkabinet een interpretatie kan geven van een amendement, van een wet,we net zo goed naar huis kunnen gaan. Ik vind dus eerlijk gezegd hetantwoord van de Minister niet goed als hij zegt: ik ga op zoek naaralternatieve financiering. Ik heb net al gezegd dat er een brief naar hetapenproefdiercentrum moet waarin staat dat de Kamer bepaald heeft datde financiering stopt. Als de Minister dat niet wenst te doen, dan rest deKamer, wil de Kamer nog tanden hebben, maar één ding ... Ik zit erhelemaal niet op te wachten om de boel op scherp te zetten. Maar dangaat het wel die richting op.De voorzitter:Heeft meneer Graus nog iets in dezelfde richting?De heer Graus (PVV):Ik ben, op Geert Wilders na, het langstzittende Kamerlid. Ik heb dit nooiteerder meegemaakt. Ik wil dit ook niet. We, wij hier met z’n allen, hebbenhet hoogste ambt in Nederland. Wij bepalen. Al twintig jaar wordt er metonze voeten gespeeld met dat apencentrum. Ik ben het spuugzat. DeMinister gaat daar gewoon naartoe en zegt: het is einde oefening! DeKamer beslist. Het is einde oefening. Wij zijn de baas hier in Nederland.Daar wil ik het bij laten. Ik ben nu echt helemaal klaar met datapencentrum!De voorzitter:Dank u wel. Ik geef dan nog een keer het woord aan de Minister.Minister Moes:Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 28 286, nr. 140444 Ik begrijp de boosheid en de zorgen van uw Kamer heel goed. Nogmaals,ik ben het gewoon met uw Kamer eens dat het recht bij de Tweede Kamerligt en dat ik een wet uit te voeren heb. Zodra dit de status van wet heeft,heb ik het amendement gewoon uit te voeren. Daar ben ik het volledigmee eens; laat daar absoluut geen twijfel over bestaan.De voorzitter:Dank u wel. Ik denk ...De heer Holman (NSC):Ik heb nog één interruptie.De voorzitter:Nou, gaat uw gang.De heer Holman (NSC):Ik vraag me af of de Minister het goed begrijpt. De vraag die mevrouwBromet stelt, is: neemt de Minister terug dat hij op zoek moet naar eenandere dekking? Dat is namelijk niet aan de orde. Gaat de Ministerwerkelijk een brief schrijven aan het apencentrum dat dit afgebouwd moetworden en moet stoppen binnen vijf jaar? Als de Minister dat niet doet,dan doet hij iets wat een Minister zich gewoon niet kan permitteren: danvoert hij niet uit wat de Kamer wil. Dan hebben we écht een probleem.Minister Moes:Ik kan met een brief komen over hoe wij dit exact gaan uitvoeren.De voorzitter:Oké. Mag ik de Minister dan nu verzoeken door te gaan met zijn betoog?O, u was klaar met uw betoog. Oké. Is het verstandig dat we evenschorsen of gaan we meteen door met de tweede termijn? We gaanmeteen door met de tweede termijn. Dan geef ik het woord aan het lidKostic´. We hebben 1 minuut en 20 seconden, en vier interrupties.Kamerlid Kostic´ (PvdD):De Partij voor de Dieren werkt al jaren samen met prachtige dierenbe-schermers in Marokko die straatdieren helpen door de lokale bevolkingsamen te leren leven met die dieren. Maar de Marokkaanse overheid isstraathonden en -katten massaal aan het doden voor het FIFA WK voetbalin 2030. Zij denken dat dat een net beeld geeft van Marokko. De hondenworden doodgeknuppeld, verbrand en soms levend gedumpt in massa-graven. We lezen berichten dat de honden bloedend, spartelend enschreeuwend van de pijn worden achtergelaten, waarna ze wegrotten inde brandende zon. De Marokkaanse dierenbeschermers vragen om onzehulp. Het was Jane Goodall die meteen een brief naar FIFA stuurde enschreef om, zoals ze dat zelf noemde, de moordpartijen te stoppen. Is deStaatssecretaris bereid om het goede voorbeeld van Jane te volgen en opkorte termijn met FIFA en Marokko in gesprek te gaan, en daarbij hetdoden van straathonden nadrukkelijk ter discussie te stellen? De Neder-landse invulling van de zorgplicht voor straatdieren is hét voorbeeld datzorg voor dieren leidt tot minder problemen met straatdieren dan hetmassaal doden van honden. Kan hij dit overleveren aan Marokko?Ook hier in Nederland moeten we waakzaam blijven dat we blijven kiezenvoor een beschaafde oplossing voor onze wilde katten. Er mist nulandelijk initiatief. Dierenwelzijnsorganisaties zijn bereid om in samen-werking met gemeenten en dierenartsen via TNRC castratie van zwerf-katten te faciliteren. Zou de Staatssecretaris bereid zijn hiervoor een pilotte starten met bijvoorbeeld tien gemeenten? Gemeenten vragen hieromvia DierVizier. Is de Staatssecretaris bereid om bij toekenning vanweidevogelsubsidies via A- en B-pakketten als aanvullende voorwaarde teTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 28 286, nr. 140445 stellen dat katten die op het erf aanwezig zijn aantoonbaar gecastreerdzijn dan wel door middel van TNRC worden beheerd? Dit natuurlijk inoverleg met agrarische collectieven, want daarmee help je ook deweidevogels.Dank u wel.De voorzitter:Dank u wel. Het woord is aan mevrouw Beckerman.Kamerlid Kostic´ (PvdD):O, en ik vraag een tweeminutendebat aan.Dank je wel.De voorzitter:Dat is bij dezen genoteerd. Mevrouw Beckerman.Mevrouw Beckerman (SP):Voorzitter, dank. Dank aan het kabinet voor de beantwoording. Ik ben heelenthousiast over het dierendagakkoord, maar toch heb ik na dit debat weltwijfel over het tijdspad. Want er zijn ook al heel veel Kamermotiesaangenomen. In die Kamermoties zijn we op een gegeven moment ookgewoon data gaan opnemen met «voor dan en dan», «voor dan en dan».Zo werd er bijvoorbeeld in februari 2024 een motie aangenomen waarinwe zeiden: kom nou halverwege dit jaar met maatregelen en/of wetgevingom de hoge prijzen aan te pakken. Begin 2025 stond in een motie: wewillen geïnformeerd worden over hoe bestaande monopolies kunnenworden aangepakt. Dat maakt dat het wel ingewikkeld is als we hier inoktober 2025 eigenlijk weer horen: wacht maar op dit, wacht maar op dat.Ik moedig het kabinet écht aan, met alle zetels die nu achter zo’n mooidierendagakkoord staan, om onderzoek te doen, maar om ook niet enkelen alleen te wachten totdat dat klaar is en ook zelf met voorstellen tekomen.Voorzitter. Dan mijn laatste zin. Ik hoorde de Minister zeggen: ik schrijf nogeen brief over hoe ik het amendement ga uitvoeren. Dat kan dan gewooneen kopie zijn van de memorie van toelichting van het amendement, wantdaarin staat al hoe we willen dat dit amendement wordt uitgevoerd. Daaris onderzoek aan voorafgegaan. Daar is een amendement uit gekomen.Daar is een meerderheid voor.Dat is het. Dank u wel.De voorzitter:Dank u wel. Het woord is aan meneer Graus.De heer Graus (PVV):Dank je wel, meneer de voorzitter. Dank aan de Staatssecretaris voor alletoezeggingen die hij heeft gedaan. Daar ben ik hem erg dankbaar voor.Ik wil toch nog een keer de DNA-databank onder de aandacht brengen,waarover we voor een gedeelte samen op de hoogte zijn gebracht doordokter Hille Fieten van de faculteit der Diergeneeskunde van de Univer-siteit Utrecht. Dit heeft niet alleen te maken met opsporing voor dieren-artsen en de NVWA. Dit heeft niet alleen te maken met het opsporen vandierenbeulen of eigenaren, maar het kan ook een einde maken aan degenetische defecten en andere innerlijke en uiterlijke schadelijkekenmerken. Die DNA-databank is dus de toekomst. Iets als chippen kostook heel veel geld, dus ik denk dat het uiteindelijk allemaal wel meevaltmet de kosten. Als iedereen daar uiteindelijk op overgaat, dan wordt zo’nDNA-databank zelfs heel goedkoop, ook wat opsporing betreft.Ik wil ten slotte het volgende aan de Minister meegeven. Prof. dr. LiesbetGeris, een autoriteit op dit gebied, heeft met haar team een immuunsys-teemsimulator ontwikkeld. Daaruit blijkt dat apen en dieren totaal nietTweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 28 286, nr. 140446 representatief zijn voor de mens. Ik zou willen dat zo iemand hier meer bijbetrokken wordt. Daarom zou er eigenlijk een nationaal coördinatormoeten komen. Er zijn immers echt heel veel autoriteiten wereldwijd. Wehebben wetenschappers in Nederland die wereldwijde autoriteiten zijn.Daar wordt niet naar geluisterd. Dat zou ik toch graag willen. Zij zeggendat het wél allemaal kan en dat de apenproeven gewoon totaal achter-haald zijn. We moeten dus ook een keer naar die mensen luisteren, inplaats van naar de mensen die al 30 jaar aan een ministerie gekoppeldzijn. Er moet ook eens naar nieuw bloed geluisterd worden.Dank u wel, meneer de voorzitter.De voorzitter:Dank u wel. Het woord is aan meneer Holman.De heer Holman (NSC):Ik heb niet veel meer in te brengen. Ik zou de Minister alleen willenadviseren om nog antwoord te geven op de vraag hoe hij uitvoert wat deKamer wil. Anders roept hij de toorn van de Kamer over zich af.De voorzitter:Dank u wel. Mevrouw Van der Plas.Mevrouw Van der Plas (BBB):Dank u wel, voorzitter. Ik zou willen beginnen met het bedanken van detechnische dienst en degenen die ons hebben gered van een «schokkend»debat. Ik wil hen echt bedanken. Dit was echt best wel een gevaarlijkesituatie. Ik wil ook de bode, die een schok heeft gekregen, heel veel sterktewensen. We kunnen erom lachen, maar dat was echt niet fijn. Dus heelveel sterkte aan de bode, want hij heeft best een flinke tik gehad. Veeldank aan en beterschap voor degenen die het aangaat.Voorzitter. Ik heb nog een vraag over iets compleet anders: de borderinspection points. Hoe kan het dat de Nederlandse border inspectionpoints, de BIP’s, niet langer beschikbaar zijn voor veterinaire keuringenvan zendingen met levende dieren anders dan eendagskuikens, vissen,honden, katten en insecten? Het gaat daarbij onder andere om vogels,zoogdieren, reptielen, amfibieën en weekdieren. Hierdoor wordenNederlandse importeurs feitelijk gedwongen om uit te wijken naar anderelanden. Kan de Staatssecretaris toelichten waarom deze beperking isingevoerd en of er mogelijkheden zijn om veterinaire keuringen aan deNederlandse grens weer mogelijk te maken?Hoelang heb ik nog, voorzitter? Of ben ik er al doorheen?De voorzitter:U bent er nu doorheen.Mevrouw Van der Plas (BBB):Ja? Oké. Dan laat ik het even bij deze vragen. Dank u wel.De voorzitter:Dank u wel, mevrouw Van der Plas, voor uw mooie woorden. Ik hebinmiddels begrepen dat het goed gaat met de bode, dus dat is fijn. Dangeef ik nu het woord aan mevrouw Van Groningen.Mevrouw Van Groningen (VVD):Voorzitter, dank. Ik sluit me natuurlijk aan bij de woorden van mevrouwVan der Plas.Dank ook aan de Staatssecretaris voor de beantwoording in de eerstetermijn. Wij zijn heel tevreden dat u in ieder geval goed naar het tucht-recht gaat kijken. Ik denk dat dat echt verlichting gaat geven in de sector.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 28 286, nr. 140447 We kijken ook uit naar de onderzoeken. We gaan er uiteraard van uit dat ude experts en de sector zelf daar goed bij gaat betrekken.Ik zou de Staatssecretaris in deze termijn willen vragen of hij wiltoezeggen werk te maken van onnodige belemmeringen en complexevergunningsprocessen voor dierenhulpverleners, zoals de dierenambu-lances. Zou u ze eventueel kunnen verbeteren? En als het kan, zou u zezelfs helemaal weg willen nemen?Dan ga ik naar het puntje van de chipplicht. Mede op aandringen van deVVD wordt er per ’26 een chipplicht ingevoerd voor katten. We hebben inNederland 2,9 miljoen huiskatten. Jaarlijks worden er meer dan60.000 katten vermist. We hopen dat we met deze chipplicht onzekwijtgeraakte katten weer sneller en vaker kunnen herenigen met hunbaasjes. Dat juichen we toe. Ik denk ook dat dit wat verlichting gaat geven.We zijn uiteraard benieuwd om te horen wat de status hier nu precies vanis en hoe we de baasjes gaan informeren dat ze moeten gaan chippen.Dan kort nog even terug naar het afstammingsbewijs. Ik zou u willenverzoeken ons op de hoogte te houden van de invoering hiervan,eventueel met een termijn daaraan gekoppeld. Ik zou u ook willenverzoeken ons te informeren als u het diagnoseregistratiesysteem wiltgaan gebruiken.Tot slot, voorzitter. De VVD wil gewoon dat dierenzorg betaalbaar blijft.We willen geen doorgeslagen regulering, maar wel transparantie in detarieven. We vinden dat we als Nederland de erfelijke afwijkingen enrashondenproblematiek serieus moeten nemen. Daarom willen we graagwerken met dat keurmerk, zodat we baasjes kunnen beschermen en hogekosten en dierenleed kunnen voorkomen.Dank u.De voorzitter:Dank u wel, mevrouw Van Groningen. Ik kijk even naar rechts: heeft ubedenktijd nodig? Is vijf minuten oké? Ja? Dan schors ik voor vijf minuten.De vergadering wordt van 13.21 uur tot 13.26 uur geschorst.De voorzitter:Mag ik de Staatssecretaris uitnodigen om zijn betoog te vervolgen metzijn tweede termijn? Als de Minister omwille van de tijd eerst wil, mag datook. We hebben nog twintig minuten. We moeten er om 13.45 uur uit,hoorde ik net van de bode. Wie wil het spits afbijten? De Staatssecretaris.Gaat uw gang.Staatssecretaris Rummenie:Ik kreeg een vraag van het lid Kostic´ over Marokko. Ik ben zeker bereid omdat signaal aan mijn collega van Buitenlandse Zaken te geven. We hebbenzelf een Landbouwraad in Rabat, maar de vraag is wat de meeste indrukmaakt op de Marokkaanse regering. Ik denk dat het handiger is om het viaBuitenlandse Zaken te spelen, omdat we dan de ambassadeur kunneninzetten richting de Marokkaanse regering.Kamerlid Kostic´ (PvdD):Dat is heel fijn. Kan de Staatssecretaris dan ook een brief sturen aan deFIFA namens het kabinet – dat zal ook indruk maken – om hier een eindeaan te maken? FIFA heeft hier heel veel invloed op.Staatssecretaris Rummenie:Dat moet ik dan ook overleggen met de Minister van Buitenlandse Zaken,want die gaat daarover.De voorzitter:Wanneer krijgt de Kamer die terugkoppeling?Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 28 286, nr. 140448 Staatssecretaris Rummenie:Zo snel mogelijk natuurlijk.De voorzitter:Dank u wel. Gaat u verder.Staatssecretaris Rummenie:Lid Kostic´ had ook nog een vraag over neutralisatie of sterilisatie vankatten. We zullen dat aankaarten bij DierVizier, maar het is wel echt aangemeenten om dit samen op te pakken. Een landelijke plicht gaat me echtte ver, juist omdat we nu met de chipplicht aan komen zetten. Ik richt medus eerst op het invoeren van de chipplicht en niet op een nationaleverplichting voor het castreren van zwerfkatten.Dan een vraag van mevrouw Beckerman over het voorstellen van eentijdpad voor de prijsregulering. Ik begrijp uw ergernis over het feit datdingen zo lang duren, mevrouw Beckerman. Ik heb al eerder gezegd dateen bewindspersoon daar soms ook last van heeft. Maar ik doe niet alleenonderzoek. Ik geef ook steeds aan wanneer dingen klaar zijn. Ik wacht welop het ACM-rapport, maar ik zit niet stil. Ik heb de analyse van wat ernodig is voor het invoeren van prijsregulering al gedaan met Econo-mische Zaken. Die heb ik gisteren ook naar uw Kamer toegestuurd. Webereiden dus voor wat nu al kan, maar ik heb ook echt de inhoudelijkebeoordeling van de ACM nodig. Die krijgt u in december. Ik hoop dat udaar begrip voor heeft.Dan een vraag van de VVD over de dierenambulances die verschillendeloketten langs moesten om ontheffingen aan te vragen. Dat gaat vaak omontheffingen van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens,mevrouw Van Groningen. Dat ligt echt bij gemeenten, provincies enRijkswaterstaat als wegbeheerder. De Minister van IenW is in dezenprimair verantwoordelijk. Ik kan het doorsturen naar mijn collega, want ikga hier niet over. Dat zijn denk ik toch wel de belangrijkste problemen indezen.Dan had u ook een vraag over de chipplicht voor katten: hoe gaan wijhuisdiereigenaren daarin meenemen? Ik zei al dat de wetgeving klaarligt,maar we zijn nog met de RVO in gesprek over de uitvoering hiervan. Daarzal ik zeker ook de informatie voor huisdiereigenaren bij meenemen.Dan was er nog de vraag over het ...De voorzitter:Er is nog een vraag voor u.Staatssecretaris Rummenie:... afstammingsbewijs.Mevrouw Van Groningen (VVD):Kunt u dan ook zeggen wanneer u hierop terugkomt? Ik denk wel dat hetbelangrijk is dat we aardig snel op de hoogte zijn, omdat we het in 2026gaan invoeren.Staatssecretaris Rummenie:In het voorjaar van 2026.De voorzitter:Dank u wel. U vervolgt uw betoog.Staatssecretaris Rummenie:Dan had u nog een vraag het afstammingsbewijs: kan ik de Kamer op dehoogte houden? In december komt er een brief over de voortgang van allemaatregelen ten aanzien van bijtincidenten, zoals ook toegezegd bij demondelinge vraag van uw fractiegenoot, mevrouw Dral.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 28 286, nr. 140449 Ik denk dat ik daarmee alle vragen heb beantwoord.De voorzitter:Ik kijk nog even rond. Mevrouw Van Groningen?Staatssecretaris Rummenie:Excuus. De border inspection points. Hoe kan het dat Nederlandse borderinspection points niet langer beschikbaar zijn voor veterinaire keuringen?De benaming BIP is een oude benaming. Tegenwoordig heet het BCP,border control post, of grenscontrolepost in het Nederlands. Er zijn drieNederlandse grenscontroleposten waar veterinaire keuringen van levendedieren plaatsvinden. Bij GCP Amsterdam, Inspectiecentrum Schiphol enGCP Maastricht Aachen Airport zijn geen beperkingen voor de invoer vanlevende dieren. Alle veterinaire keuringen worden daar gedaan. Bij GCPRotterdam, Inspectiecentrum Hoek van Holland zijn de faciliteiten alleengeschikt voor de volgende levende dieren: geregistreerde paardachtigen,eendagskuikens, broedeieren, insecten en ongewervelden. Er is geenverzoek gekomen om voor de GCP Rotterdam andere dieren te gaankeuren.De voorzitter:Lid Kostic´ heeft ook nog een antwoord gemist, begrijp ik.Kamerlid Kostic´ (PvdD):Ik had wat betreft de wilde katten gevraagd of de Minister kon kijken naarde toekenning van weidevogelsubsidie via A- en B-pakketten. Kunnen eraanvullende voorwaarden worden gesteld, bijvoorbeeld dat de katten dieop het erf aanwezig zijn aantoonbaar gecastreerd zijn of in ieder geval viaTNRC worden beheerd? Wil de Staatssecretaris dat overleggen met deagrarische collectieven?Staatssecretaris Rummenie:Het is eigenlijk onderdeel van mijn aanpakplan. Daar staat ook predatie-beheer in. Dat gaat nog wel even wat verder, maar wij zijn ons er heelgoed van bewust dat zwerfkatten voor gruttokuikens heel gevaarlijk zijn. Ikkom zeker terug op hoe we dat gaan aanpakken.Kamerlid Kostic´ (PvdD):Dank. Voor de duidelijkheid: ik hoorde de Staatssecretaris net zeggen dathij in gesprek gaat met DierVizier. Ik hoor graag wanneer dat is enwanneer daarover wordt teruggekoppeld. Ik krijg ook graag een terugkop-peling op mijn vraag of er iets kan worden gedaan aan die weidevogel-subsidies en de voorwaarden.Staatssecretaris Rummenie:Ik stuur over DierVizier begin volgend jaar een stand-van-zakenbrief.De voorzitter:Dank u wel. Ten slotte mevrouw Van Groningen nog.Mevrouw Van Groningen (VVD):Ik had wat betreft het afstammingsbewijs ook nog specifiek gevraagd naarhet diagnoseregistratiesysteem. Mag ik aannemen dat u ook in de briefvermeldt of u dat gaat gebruiken of wat uw wensen daaromtrent zijn? Ikdenk dat het ook goed is voor de sector.Staatssecretaris Rummenie:Ik zal het meenemen.De voorzitter:Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 28 286, nr. 140450 Dank u wel. De heer Graus heeft ook nog een interruptie.De heer Graus (PVV):Ik heb net al prof. dr. Liesbet Geris aangehaald. De Minister zou ook eensmoeten gaan praten met Proefdiervrij. Die hebben ons namelijk een briefgestuurd, maar die heb ik niet meer kunnen lezen vandaag. Daarin halenzij ook de commissie van artsen voor verantwoorde geneeskunde aan, dePCRM, de Physicians Committee for Responsible Medicine. Die schijnenallemaal voor die verschuiving te zijn. Dat zijn allemaal ter zake deskun-dige mensen. Ik heb aan Proefdiervrij gevraagd om de mail die wij hebbenontvangen ook bij de Minister en de Staatssecretaris terecht te latenkomen, zodat die onderdeel worden van de beraadslaging.De voorzitter:Dan geef ik nu het woord aan de Minister.Minister Moes:Dank, voorzitter. Dank aan de heer Graus voor het feit dat hij die mail ookbij mij terecht laat komen. Het is fijn om informatie van externe experts tekunnen ontvangen. Ik heb net in de schorsing nog even het amendementen de toelichting bestudeerd. Ik ga dit amendement gewoon onverkortuitvoeren. Ik betreur dat daar verwarring over is ontstaan. Ik heb het nogeven goed bestudeerd zonet, ook de toelichting, en ik kan het volgens mijgewoon prima uitvoeren. Mevrouw Beckerman schetste net al dat de briefeen kopietje kan zijn van de toelichting op het amendement. Volgens mijis dat inderdaad het geval. Ik stel dus voor dat ik die brief niet stuur, wantanders wordt het inderdaad een kopietje van de toelichting van hetamendement-Kostic´. Als uw Kamer daar verder geen bezwaar tegen heeft,dan ga ik daar geen brief over sturen, want dat zou overbodig zijn.De heer Holman verzocht mij nog om per direct een brief te sturen naarhet BPRC. Nou, dat kan ik natuurlijk sowieso niet doen totdat de wetdefinitief van kracht is. Ook de Eerste Kamer moet daar eerst nog meeinstemmen. Dus dat ga ik niet toezeggen.De voorzitter:Er is toch een interruptie van de heer Holman.De heer Holman (NSC):Verstandig dat u door de bocht bent – laat ik het zo even zeggen – en eeniets ander antwoord hebt dan in de eerste termijn. Even checken of deMinister het goed begrepen heeft. Dit betekent dat de Minister niet opzoek gaat naar een alternatieve dekking. De eenvoudigste vorm vanuitfaseren in vijf jaar is dat er elk jaar 20% minder budget naar hetcentrum gaat. Is dat ongeveer wat de Minister voor ogen heeft?Minister Moes:Ik ga gewoon dit amendement uitvoeren en dit amendement is kraak-helder. Dat betekent een afbouw van het geoormerkte geld en eenopbouw van de financiering voor onderzoek naar alternatieven. Dat iswaar in dit amendement om wordt gevraagd en dat ga ik gewoon doen.Kamerlid Kostic´ (PvdD):Toch nog even voor de duidelijkheid, om er geen misverstand over telaten bestaan: in het amendement wordt gevraagd – dat is het belang-rijkste – om uiterlijk in 2030 alle subsidies voor het BPRC te hebbenafgebouwd. Gaat de Minister dat uitvoeren?Minister Moes:Volgens mij ziet het amendement er niet op dat alle subsidies voor hetBPRC in 2030 zijn afgebouwd naar nul. Dat staat er gewoon niet.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 28 286, nr. 140451 De voorzitter:Ten slotte, lid Kostic´.Kamerlid Kostic´ (PvdD):Ik zal het even duidelijker maken: alle subsidies voor de apenproevenmoeten dan afgebouwd zijn naar nul en overgeheveld zijn naar alterna-tieven. Dat staat er wel.Minister Moes:Nogmaals, het amendement ziet op de afbouw naar nul van het geoor-merkte geld voor het testcentrum, die exploitatiesubsidie, en op deopbouw van datzelfde geoormerkte bedrag voor alternatieven. Ik heb hetnet een aantal keer gezegd en ik herhaal het nog een keer: dat ga ikonverkort uitvoeren, volgens dit amendement. Ik hoor het lid Kostic´vragen: binnen vijf jaar? Volgens mij staat dat ook gewoon zo ... Inder-daad, volgens mij staat er in de toelichting hoe dat verder in de tijd gezetis, maar ik ga het gewoon uitvoeren zoals het in het amendement staat.Mevrouw Beckerman (SP):Is het Ministerie van VWS dezelfde mening toegedaan? We hadden net inde eerste termijn wat ruis, maar ook daar was wat ruis ontstaan. Spreekthet kabinet met één mond en zal VWS dus precies hetzelfde antwoordgeven in deze situatie?Minister Moes:Ik weet niet of de Minister van VWS iets gezegd heeft over specifiek ditamendement. Volgens mij is er wel een oproep geweest van het Minis-terie van VWS om het belang ervan voor de volksgezondheid te onder-strepen. Dat raakt wel aan het onderwerp, maar dat gaat niet over het aldan niet uitvoeren van amendementen en het debat dat we hierover netgehad hebben. Natuurlijk spreekt het kabinet altijd met één mond.Mevrouw Van der Plas (BBB):Hoewel BBB natuurlijk ook voor zo veel mogelijk proefdiervrij onderzoekis, wil ik nog wel opmerken dat wij nu opnieuw worden benaderd – dat isin het recente verleden ook gebeurd – door organisaties van mensen metbijvoorbeeld erfelijke aandoeningen of zeldzame aandoeningen, dieaandacht vragen voor de medische gezondheid van mensen. Ze makenzich er ernstig zorgen over als er wordt gezegd dat er geen dieren mogenworden gebruikt of dat het apencentrum, zoals het BPRC dan wordtgenoemd, dicht moet. Daar wil ik toch echt wel aandacht voor vragen. Datheeft de Minister ook in zijn brief geschreven. Er zijn mensen met MS,aids of alzheimer die zich grote zorgen maken. Duizenden mensen – datstipte mevrouw Van Groningen in de pauze net ook even aan – fietsen deberg op om geld in te zamelen voor onderzoek naar allerlei ziekten. Datzijn fantastische initiatieven. Dat geld gaat naar onderzoek. Ik wil deMinister en de Staatssecretaris, en ook de andere Minister, daar wel echtaandacht voor laten vragen. Zeker, proefdiervrij onderzoek ... Wat zegt u,mevrouw Van Groningen? «Waar kan», ja; proefdiervrij waar dat kan.Maar, jongens, we hebben hier ook gewoon met hele belangrijkemedische onderzoeken te maken waardoor we mensen beter kunnenmaken of ziektes kunnen voorkomen, zodat er straks hopelijk geenalzheimer meer voorkomt. Ik wil dat wel nadrukkelijk meegeven aan debewindspersonen.De voorzitter:U heeft gesproken, mevrouw Van der Plas.De heer Graus (PVV):Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 28 286, nr. 140452 Ik wil daar toch graag op reageren. Ik denk dat geen enkel Kamerlid dathier aanwezig is, het daar niet mee eens is. Die mensen moeten allemaalgeholpen worden. Daarom gaan wij daarvoor betere alternatieven dandierproeven aandragen, waar ook diverse wetenschappers het mee eenszijn – dat is wat ik bedoelde – en ik ga ervoor zorgen dat die alternatievenbij de Minister en de Staatssecretaris terechtkomen. Ik heb als kind, alsbaby, penicilline gekregen. Voor dieren was die giftig, maar mij heeft diehet leven gered. Het kan, vice versa, dus ook totaal verkeerd werken. Gunons nu de kans om die andere ter zake deskundigen, die nu niet gehoordworden, te koppelen aan de Minister en de Staatssecretaris. Wij willennamelijk ook allemaal dat die mensen en kinderen geholpen worden.De voorzitter:Dank u wel, maar we gaan niet het hele debat overdoen. Ten slotte nogeven het woord aan mevrouw Van der Plas.Mevrouw Van der Plas (BBB):Ik wil daar één reactie op geven. Ik denk dat we allemaal naar hetzelfdedoel willen, maar een ander pad daarnaartoe zien. Dat mag; dat is ookgezond in een politiek debat. Maar heel veel mensen die ik hieroverspreek, en dat zijn er nogal wat, zeggen: het is toch zielig dat er voor deshampoos, lippenstiften en dagcrèmes dieren worden gebruikt? Diemensen hebben niet in het vizier dat dat allang verboden is en dat hetalleen nog maar over medisch onderzoek gaat. Er wordt hier gezegd datiedereen dit steunt en dat niemand dit wil, maar als je dit aan mensenvertelt, schrikken ze letterlijk en zeggen ze: dat wist ik helemaal niet. Ikvind dat we de discussie echt zuiver moeten voeren. We moeten onservan bewust zijn dat dit gaat over ziektes als alzheimer en MS – ik ga dieziektes niet meer allemaal noemen – en dat we ook een verantwoorde-lijkheid hebben voor het onderzoek daarnaar.De voorzitter:Dank u wel. Ik wil het debat nu afsluiten. Ik zie dat de Minister nog wilreageren, maar we hebben een tweede termijn gehad. Anders gaan wehet debat overdoen, dus het lijkt me niet nodig dat de Minister nog eenkeer reageert.Ik wil in ieder geval aankondigen dat er een tweeminutendebat aange-vraagd is door het lid Kostic´.De volgende toezeggingen zijn gedaan. U verbetert me maar als ik hetfout zeg.−De Staatssecretaris zal aan het einde van 2026 de resultaten van deevaluatie veterinair tuchtrecht met de Kamer delen.−De Kamer wordt voor het einde van het jaar geïnformeerd over deuitkomsten van het onderzoek van de ACM inzake diergeneeskundigezorg.Mevrouw Beckerman (SP):De Staatssecretaris had ook toegezegd daar direct een brief bij te doenover hoe het kabinet daarmee wil omgaan, toch?Staatssecretaris Rummenie:Nee, dat heb ik niet toegezegd.Mevrouw Beckerman (SP):Jammer!De voorzitter:Dat zit er dus niet bij.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 28 286, nr. 140453 −Punt drie. De Staatssecretaris zal de Kamer begin 2026 informerenover de uitkomsten van een pilot inzake een systeem voor het fokkenvan een gezonde hond.−Punt vier. De Staatssecretaris zal zijn reactie op de petitie en hetrapport inzake «Kortsnuiten blijven bestaan» binnen een maand naarde Kamer sturen.−Punt vijf. De Staatssecretaris van LVVN zegt toe om de Kamer voor heteinde van het jaar te informeren over de gesprekken met gemeentenen provincies over financiering van wildopvang.−Punt zes. De Staatssecretaris van LVVN zal in gesprek gaan met deLandelijke Inspectiedienst Dierenwelzijn over de efficiëntie en dewerklast van inspecteurs.−Punt zeven. De Staatssecretaris van LVVN zal de Kamer in het voorjaarvan 2026 informeren over de registratieplicht van katten.−Punt acht. De Staatssecretaris zal de Kamer informeren over designalen aan de Marokkaanse regering en de FIFA over het doden vanstraathonden in Marokko.Als termijn was erbij gezegd: zo snel mogelijk. Kan dat bijvoorbeeldbinnen een maand?Staatssecretaris Rummenie:Ik hoop dat ik daar niet op vastgebonden word. Maar ik herken toezeggingdrie niet.De voorzitter:Nummer drie was dat u de Kamer gaat informeren over de uitkomstenvan een pilot inzake een systeem voor het fokken van een gezonde hond.Mevrouw Van Groningen, misschien ter verduidelijking.Mevrouw Van Groningen (VVD):Volgens mij was dat in relatie tot het afstammingsbewijs, waarvoor ubezig bent om dat helemaal in kaart te brengen.Staatssecretaris Rummenie:O, oké. Daar ben ik mee bezig. Dat komt. Dan zit het dus in het pakket overde bijtincidenten. Prima.De voorzitter:Ik heb het waarschijnlijk wat onduidelijk geformuleerd, maar ...Staatssecretaris Rummenie:Nee, maar dan herken ik het.De voorzitter:Ik ga verder met de toezeggingen.−Punt negen. De Staatssecretaris zal de Kamer in december 2025informeren over alle maatregelen inzake bijtincidenten met honden.−Ten slotte. De Staatssecretaris zal de Kamer informeren over gesprek-ken met DierVizier in het voorjaar van 2026.Mevrouw Van Groningen, heb ik iets gemist?Mevrouw Van Groningen (VVD):Nou, ik heb niet zozeer iets gemist, maar ik heb nog een aanvulling. Hetging inderdaad over bijtincidenten, maar ik had gevraagd of het diagnose-registratiesysteem daarin kan worden meegenomen. Dat is ooktoegezegd. Ik zie instemmend geknik.De voorzitter:Ik zie instemmend geknik van de Staatssecretaris, dus dat klopt.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 28 286, nr. 140454 Volgens mij zijn we er nu dan doorheen. Mag ik in ieder geval debewindslieden hartelijk dankzeggen voor hun komst en hun duidelijkebeantwoording van onze vragen? Ik dank ook het publiek en in hetbijzonder de commissieleden, op deze laatste dag voor het reces. Ik hebaltijd fijn met jullie kunnen samenwerken. Hartelijk dank daarvoor. Wemoeten maar zien wie er na het reces terugkomen. Dan gaan we vrolijkverder. Dank u wel.Ik sluit hierbij ... Nee, mevrouw Van der Plas wil nog iets zeggen.Mevrouw Van der Plas (BBB):Nou, dan wil ik deze voorzitter bedanken voor de periode waarin hij dezesoms toch wel lastige commissie heeft voorgezeten. Veel dank en veelsucces in de toekomst. Ik heb begrepen dat u wel weer op de lijst staat,dus succes! Ook dank aan de griffier natuurlijk.De voorzitter:Dank u wel. Het was mij een waar genoegen. Hierbij sluit ik devergadering.Sluiting 13.46 uur.Tweede Kamer, vergaderjaar 2025–2026, 28 286, nr. 140455
Gerelateerde bronnen
- Dieren buiten de veehouderij en dierproeven
Verslag van een commissiedebat, gehouden op 2 oktober 2025, over dieren buiten de veehouderij en dierproeven
Context en discussie
Jouw reactie
Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.
Er zijn hier nog geen bijdragen.
Posts die naar deze bron verwijzen
Er zijn hier nog geen bijdragen.