KamerkringInloggen
Kamerbrief

Beantwoording vragen gesteld in de eerste termijn van het plenair debat over het initiatiefwetsvoorstel van het lid Maatoug houdende wijziging van de Wet inkomstenbelasting 2001 en enige andere fiscale wetten in verband met het doen vervallen van enkele fiscale regelingen (Kamerstuk 36128)

9 apr 2024 · Tweede Kamer

Brontekst

Versie 08617ec8ccdb2be5 · officiële bron

Tweede Kamer der Staten-Generaal2Vergaderjaar 2023–202436 128Voorstel van wet van het lid Maatoug houdendewijziging van de Wet inkomstenbelasting 2001en enige andere fiscale wetten in verband methet doen vervallen van enkele fiscale regelingenNr. 14 BRIEF VAN DE STAATSSECRETARIS VAN FINANCIËN Aan de Voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-GeneraalDen Haag, 9 april 2024Op 11 april 2024 staat de verdere behandeling van het initiatiefwets-voorstel voor het doen vervallen van enkele fiscale regelingen en hetvervangen van het box 2-tarief door een progressief tarief van het lidMaatoug gepland.1 In het kader daarvan zijn in de eerste termijn van deplenaire behandeling op 30 maart 2023 enkele vragen aan mij gesteld,waarop ik in deze brief antwoord zal geven. Tevens zal ik in het algemeenmijn visie geven op het initiatiefwetsvoorstel.De BOR toen en nuDe bedrijfsopvolgingsregeling in de schenk- en erfbelasting (BOR) bestaatal sinds jaar en dag en is ingevoerd om liquiditeitsproblemen bijbedrijfsopvolging als gevolg van te betalen schenk- of erfbelasting tevoorkomen. Het hoofddoel van de BOR is om te voorkomen dat decontinuïteit van een onderneming in gevaar komt door belastingheffing.In de eerste termijn is gevraagd waarom deze regeling er is gekomen. Ophoofdlijnen is dit als volgt gegaan. Oorspronkelijk was sprake van eentegemoetkoming voor bedrijfsopvolgingen in de land- en tuinbouwsectoren binnen de familiesfeer. In 1997 werd de eerste wettelijke regeling voorbedrijfsopvolging ingevoerd. Dit was een vrijstelling van 25% en renteloosbelastinguitstel. In 2002 werd de faciliteit opengesteld voor alle sectorenen werd de vrijstelling verhoogd tot 30% in de schenk- en erfbelasting.Daarnaast werd het uitstel van betaling rentedragend. Daarna is devrijstelling in de schenk- en erfbelasting stapsgewijs verruimd. Vanaf 2003bedroeg de vrijstelling in de bedrijfsopvolgingsregeling 30% van hetondernemingsvermogen, vanaf 2005 60% en vanaf 2007 75%. Vanaf 2010is de vrijstelling 100% over afgerond € 1,2 miljoen en 83% over hetmeerdere.1Kamerstukken II 2022/23, 36 128. kst-36128-14ISSN 0921 - 7371’s-Gravenhage 2024Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 128, nr. 141 In 2022 zijn de fiscale bedrijfsopvolgingsfaciliteiten geëvalueerd.2 Dezeevaluatie heeft zich primair op de BOR en de doorschuifregeling aanmer-kelijk belang (DSR ab) gericht. Uit de uitkomsten van deze evaluatie blijkt –ik beperk me hier tot de BOR – dat de BOR doeltreffend is, maar doelma-tiger kan en dat er mogelijkheden zijn om de BOR te verbeteren. Naaraanleiding van die uitkomsten heeft het kabinet na vervolgonderzoek inzijn brief van 29 juni 2023 acht maatregelen aangekondigd om de BOR ende DSR ab te verbeteren3, zowel vanuit het perspectief van ondernemersals de Belastingdienst.Het doel is om de continuïteit van (familie)bedrijven te ondersteunen doorreële bedrijfsopvolging eenvoudiger en eerlijker te maken, ook door hettegengaan van oneigenlijk gebruik. Het kabinet staat nog steeds achter debedrijfsopvolgingsfaciliteiten en is dan ook geen voorstander vanafschaffing, maar wel van verbetering van de faciliteiten. Met de Wetaanpassing fiscale bedrijfsopvolgingsfaciliteiten 2024 zijn al diversemaatregelen genomen om de BOR en DSR ab te verbeteren:1.Aan derden verhuurde onroerende zaken komen niet in aanmerkingvoor de BOR en DSR ab;2.Aanpassen van de hoogte van de BOR-vrijstelling;3.Afschaffen doelmatigheidsmarge beleggingsvermogen in BOR en DSRab;4.Bedrijfsmiddelen die zowel privé als zakelijk worden gebruikt,kwalificeren slechts voor de BOR en DSR ab voor zover deze in deonderneming worden gebruikt;5.Vervallen dienstbetrekkingseis voor de DSR ab bij schenking; en6.Minimumleeftijd van 21 jaar voor de verkrijger bij schenking voorzowel BOR als DSR ab.Maatregel 1 is ingegaan per 1 januari 2024. De maatregelen 2 tot en met6 treden in werking per 1 januari 2025.4 Daarnaast zullen de volgendemaatregelen in wetsvoorstellen worden opgenomen:7.Beperken toegang BOR en DSR ab tot reguliere aandelen;8.Versoepelen bezits- en voortzettingseis; en9.Tegengaan onbedoeld gebruik BOR via rollatorinvesteringen en dubbelBOR.Deze maatregelen hebben als geplande inwerkingtredingsdatum 1 januari2026 (onder voorbehoud van een uitvoeringstoets). Het kabinet is vanmening dat met dit pakket aan maatregelen de bedrijfsopvolgingsfacili-teiten meer toegespitst worden op reële bedrijfsoverdrachten, doelma-tiger worden en oneigenlijk gebruik beter tegengegaan wordt.Het initiatiefwetsvoorstelHet initiatiefwetsvoorstel bestond oorspronkelijk uit zes maatregelen,waarvan een deel inmiddels door het kabinet is overgenomen. Momenteelbestaat het nog uit een tweetal maatregelen, namelijk het uitzonderen vankleine aanmerkelijkbelangpakketten (minder dan 25%) en het verlagen vande BOR-vrijstelling naar 25% met een maximum van € 1 miljoen. Het doelvan deze maatregelen is volgens de toelichting om de BOR te beperkentot de oorspronkelijke doelgroep en het «cadeaueffect» te verminderen.52Kamerstukken II 2021/22, 35 925 IX, nr. 30 en bijlage. Notitie «Evaluatie fiscale regelingengericht op bedrijfsoverdracht» | CPB.nl.3Kamerstukken II 2022/23, 32 637, nr. 570 en Kamerstukken I 2022/23, 36 202, Z.4Met uitzondering van de afschaffing van de doelmatigheidsmarge DSR ab die later op een bijkoninklijk besluit te bepalen tijdstip in werking treedt.5Kamerstukken II 2022/23, 36 128, nr. 6, p. 12.Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 128, nr. 142 Het kabinet begrijpt de gedachtegang van de initiatiefnemers, maar kanzich niet vinden in de maatvoering van deze maatregelen. Het verlagenvan de vrijstelling naar 25% zou een grote toename van de belastingdrukvoor vele belastingplichtigen betekenen.6 Het kabinet heeft een voorstelgedaan tot het verlagen van de vrijstelling naar een vrijstelling van 100%voor een goingconcernwaarde tot € 1,5 miljoen en 70% van het meerderein plaats van de huidige 83%. Als gevolg van een amendement is deverlaging uitgekomen op 75% van het meerdere boven een goingconcern-waarde van € 1,5 miljoen in de Wet aanpassing fiscale bedrijfsopvolgings-faciliteiten 2024. Het samenstel van de genomen en nog te nemenkabinetsmaatregelen leidt ertoe dat de BOR doelmatiger wordt.Daarnaast is het kabinet voornemens om met ingang van 1 januari 2026de toegang tot de BOR en DSR ab te beperken tot reguliere aandelen meteen minimum van 5% in het geplaatste aandelenkapitaal. Dit kwam ookals aanbeveling uit de evaluatie.7 Hiermee wordt tevens de doelmatigheidvan de BOR en de DSR ab verbeterd zonder dat echte ondernemersworden uitgesloten. Tevens blijft de samenhang met de definitie van eenaanmerkelijk belang in stand. Bij de maatregel zoals die wordt voorgesteldin het initiatiefwetsvoorstel zou deze samenhang verloren gaan, wat decomplexiteit zou doen toenemen. Daarnaast, niet onbelangrijk, zoudenondernemers die met meer dan vier personen een onderneming in eenvennootschap drijven, niet (allemaal) meer in aanmerking kunnen komenvoor de BOR en DSR ab. Het kabinet is daarom geen voorstander van eenbeperking van de toegang tot de BOR tot minimaal 25% van de gewoneaandelen.Voor wat betreft de budgettaire en uitvoeringstechnische gevolgenverwijs ik u naar de raming en uitvoeringstoets van de voorstellen diedoor ambtelijk Financiën zijn uitgevoerd. Overigens merk ik daarbij op datde raming iets veranderd kan zijn, doordat er nieuwe gegevensbeschikbaar zijn gekomen sinds het initiatiefwetsvoorstel ingediend is.Deze nieuwe gegevens zijn wel in de latere raming van de kabinetsvoor-stellen meegenomen.Verminderen complexiteit en internetconsultatieTot slot is mij in de eerste termijn van het debat nog gevraagd naar mijnideeën om de complexiteit van het fiscale stelsel te verminderen. Hetkabinet ziet de noodzaak om het belastingstelsel te vereenvoudigen enheeft met de aanpak fiscale regelingen een route geschetst. De aanpakvan Fiscale regelingen biedt een concreet handelingsperspectief voorvereenvoudiging van het belastingstelsel. Door scherp te kijken naar allebestaande fiscale regelingen en deze continu te beoordelen, komen optiesin beeld voor een eenvoudiger en beter belastingstelsel. Het ambtelijkrapport Aanpak Fiscale Regelingen biedt, in combinatie met het rapportBelastingen in maatschappelijk perspectief, een goede basis voor verderevereenvoudiging. Om verdere stappen te zetten zijn politieke keuzes nodigdie aan het volgende kabinet zijn.Het blijft continu van belang om fiscale regelingen waarvan bijvoorbeeldmet een evaluatie is vastgesteld dat deze regelingen niet of onvoldoende6Uit geïndexeerde aangiftegegevens over het jaar 2018 blijkt dat in 2025 naar verwachting bij62% van de BOR-schenkingen en erfenissen de goingconcernwaarde van de objectieveonderneming minder dan € 1,5 miljoen bedraagt en dus in 38% van de BOR-schenkingen enerfenissen de goingconcernwaarde € 1,5 miljoen of meer bedraagt. Bron: Kamerstukken II2022/23. 36 421, nr. 6, p. 17.7CPB evaluatie 2022 p. 34. p. 73, Bijlage D notitie van de Belastingdienst over knelpunten bij deuitvoering.Tweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 128, nr. 143 doelmatig of doeltreffend zijn in beeld te houden. In de begrotingsregelsvan het kabinet is vastgelegd dat het kabinet in deze gevallen voorstellenvoor verbetering of afschaffing doet of toelicht waarom dat niet aan deorde is. De afgelopen jaren zijn mede door deze regels 22 fiscaleregelingen aangepast of afgeschaft. Ook hanteert het kabinet hettoetsingskader fiscale regelingen om mogelijke nieuwe regelingen tetoetsen.Daarnaast worden ook regelmatig gesprekken gevoerd met stakeholdersen kunnen burgers hun mening geven via internetconsultatie. Ook voor dedrie maatregelen voor de BOR en DSR staat een internetconsultatiegepland. Deze staat gepland voor eind april en ik nodig eenieder vooral uitom daarop te reageren.De Staatssecretaris van Financiën,M.L.A. van RijTweede Kamer, vergaderjaar 2023–2024, 36 128, nr. 144

Eerdere bronversies

17 okt 2026 · 7c8aa0e86dce727e

14 okt 2026 · b7cb04bf3250ea6f

Context en discussie

Jouw reactie

Een contextnotitie voegt feiten of achtergrond toe, onderbouwd met minimaal één bron. Voor een mening of vraag kun je gewoon reageren.

Er zijn hier nog geen bijdragen.

Posts die naar deze bron verwijzen

Er zijn hier nog geen bijdragen.